Verslag presentatie Ambulancezorg Nederland 12 juni 2014 Maartje

advertisement
Verslag presentatie Ambulancezorg Nederland 12 juni 2014
Maartje Rutten en Gerdin Boelens van Capra Advocaten in respectievelijk Den Bosch en Zwolle,
hebben een presentatie gegeven over de wetswijzingen in het arbeidsrecht. Daarbij kwamen aan
bod:
(1) het wetsvoorstel Normalisering rechtspositie ambtenaren en
(2) de Wet werk en zekerheid.
Over het wetsvoorstel Normalisering kwam naar voren dat dit voorstel aanhangig is bij de Eerste
Kamer. De wet beoogt met een “big bang” de ambtelijke aanstelling van rechtswege om te zetten in
een arbeidsovereenkomst in de zin van titel 10 boek 7 BW. Daarmee zal deze wet het
ambtenarenrecht onder de werking van het civiele arbeidsrecht brengen. Dit zal naar de huidige
verwachting gebeuren met ingang van 1 juli 2017. Deze wet heeft als gevolg dat de ambtenaren
binnen de ambulancesector zich bij een geschil met de werkgever moeten wenden tot de
kantonrechter (i.p.v. de bestuursrechter). Na de “normalisering” zal binnen de sector daadwerkelijk
gesproken kunnen worden van uniformiteit van de rechtspositie. Er werd door ondergetekende een
parallel getrokken met de “millennium bug”. Daar was vooraf veel over te doen, maar uiteindelijk
heeft niemand er iets van gemerkt. Mogelijkerwijs zal hetzelfde gebeuren met het omzetten van
aanstelling naar arbeidsovereenkomst. Daarvoor is dan wel – net als bij de millennium bug – vereist
dat een en ander goed wordt voorbereid. Dat betekent onder meer dat vooraf geïnventariseerd
moet worden welke aanspraken en toezeggingen gelden per individuele ambtenaar (deze maken
onderdeel uit van de van rechtswege ontstane arbeidsovereenkomst) en geprobeerd moet worden
op de datum van omzetting een nieuwe CAO te hebben (die gaat gelden in plaats van de
rechtspositieregeling).
In verband met de wet Normalisering hebben wij gesproken over de CAO AZN. De huidige CAO is
inhoudelijk en tekstueel toegespitst op de private werkgevers en werknemers. Beoogt is de CAO één
op één van toepassing te verklaren op de ambtelijke aanstelling. In de praktijk is dat echter met
name wat betreft de ontslagbepalingen niet gelukt. Het advies vanuit Capra is de nieuwe CAO – met
beoogde ingangsdatum 1 januari 2015 – recht te laten doen aan beide type dienstverbanden (privaat
en ambtelijk). Van de zijde van het AZN is dit advies omarmd. Daarbij kan inspiratie geput worden uit
bijvoorbeeld de CAO UMC.
Verder hebben we de kwestie over doorbetalen van ORT tijdens vakantie aan de orde gesteld. Op
grond van een Europese Richtlijn en een uitspraak van het Hof van Justitie van de EU kan een
werknemer of ambtenaar ook tijdens de door de richtlijn beschermde vier weken vakantie aanspraak
maken op doorbetalen van ORT. Momenteel worden hieromtrent vele verzoeken ingediend. Vanuit
Capra is advies gegeven over de manier waarop hiermee door de publieke werkgevers kan worden
omgegaan. Daarbij hebben we stilgestaan bij de verschillen tussen ambtenaren en civiele
werknemers. Dit advies kan via AZN verkregen worden.
Als het wetsvoorstel Normalisering wet wordt, zal hierdoor de Wet werk en zekerheid ook op de
publieke werkgevers van toepassing zijn. Zolang dat niet gebeurd is, zal de WWZ enkel van
toepassing zijn op de private werkgevers. Dit tenzij bepalingen uit de WWZ via de nieuwe CAO door
de publieke werkgevers van toepassing worden verklaard. Naar voren kwam dat de WWZ wijzingen
aanbrengt in de rechtspositie van de werknemer met een tijdelijk contract, in het ontslagrecht en de
Werkloosheidswet.
Ten aanzien van de “tijdelijke werknemers” hebben we erop gewezen dat het aflopen van een
tijdelijk contract van langer dan 6 maanden een maand voor het verstrijken van dit contract moet
worden aangezegd. Doet de werkgever dat niet of niet tijdig dan moet de werkgever de werknemer
(naar rato) een boete betalen van een maandloon. Verder geldt dat de proeftijd niet langer mogelijk
is bij contracten van 6 maanden en korter. Daarnaast wordt de “ketenregeling” ingeperkt: het is
slechts toegestaan tijdelijke contracten te verlenen voor een maximale periode van 2 jaar en de
periode van onderbreking – waarna de keten opnieuw begint te lopen – wordt 6 maanden. In dit
verband heeft Maartje gewezen op de zogeheten 7-8-8-regel.
Het ontslagrecht wijzigt doordat voortaan dwingend is voorgeschreven voor welke gronden UWV dan
wel de kantonrechter moet worden benaderd, dat ook hoger beroep (in cassatie) mogelijk is bij
ontbinding, dat de kennelijk onredelijk ontslagprocedure en de kantonrechtersformule plaats
moeten maken voor de transitievergoeding en dat een systeem van semi-gesloten ontslaggronden
gaat gelden. Daarbij werd gewezen op gelijkenissen met het huidige ambtenarenrecht. We hebben
gewezen op de mogelijkheid bij CAO sectorale regels over reorganisatie af te spreken en een
ontslagcommissie in het leven te roepen (zodat men niet naar UWV hoeft). Overwogen kan worden
iets dergelijks binnen de ambulancesector overeen te komen.
Verder hebben wij gesproken over de Werkloosheidswet en gemeld dat de WW-aanspraken met
ingang van 1 januari 2016 worden beknot.
Tot slot kwam een vraag aan de orde over nul-urencontracten (in de zorg). Daarop moesten wij het
antwoord schuldig blijven. Dit is inmiddels uitgezocht. De nieuwe wet beperkt de mogelijkheid af te
wijken van de wettelijke loondoorbetalingsverplichting van artikel 7:628 BW. Verder schept de wet
een bevoegdheid om deze mogelijkheden niet van toepassing te verklaren op bepaalde sectoren.
Daarbij is al duidelijk dat de zorg van toepassing wordt uitgezonderd, waarmee nul-urencontracten in
de zorg sterk aan banden worden gelegd. Welke werkgevers onder de definitie zorg vallen is op dit
moment nog niet duidelijk. Hierover zal binnenkort een artikel verschijnen in de Capra Concreet.
Hiervoor kunt u zich aanmelden via onze website www.capra.nl.
Tot slot: Maartje en ondergetekende kijken met plezier terug op de bijeenkomst en willen via deze
weg nogmaals danken voor de aandacht en de actieve deelname.
Gerdin Boelens, Zwolle, 17 juni 2014
Download