Voorbeeld Ketensamenwerkingsovereenkomst

advertisement
Voorbeeld Ketensamenwerkingsovereenkomst
Gebaseerd op de samenwerkingsovereenkomst ‘Kwetsbare
mensen met zorgmijdend gedrag in Zuid-Kennemerland’
Onderstaande ketenpartners stemmen in met de volgende afspraken over
ketensamenwerking voor kwetsbare mensen met zorgmijdend gedrag in
[regio/plaats]:
Artikel 1 Doelstelling
Het doel van de ketensamenwerking is de kwaliteit van leven van sociaal
kwetsbare mensen met zorgmijdend gedrag én hun omgeving te verbeteren.
Inzet op het verminderen van de overlast voor de samenleving en de cliënt zelf is
daarmee ook een samenwerkingsdoel.
Deze doelstellingen realiseren de ketenpartners door samenhang te creëren
tussen de verschillende activiteiten voor deze mensen in [regio /plaats]. De
ketenpartners willen in dialoog met de sociaal kwetsbare en zorgmijdende cliënt
de regie voeren over zijn of haar hulp- en dienstverleningstraject.
Deze missie realiseren de ketenpartners door meer dan voorheen op assertieve
wijze te blijven zoeken naar een passend aanbod: durven doen. Door
daadwerkelijk vorm te geven aan het integrale karakter van het aanbod: samen
werken en door alleen afspraken te maken die nagekomen kunnen worden en
deze uitvoeren: doen wat je zegt.
Artikel 2 OGGZ-convenant
In het OGGZ-convenant, dat door de ketenpartners op [datum] ondertekend is,
is afgesproken om een aantal OGGZ-ketens te beschrijven en per keten
verantwoordelijkheden en regie vast te leggen. Deze
ketensamenwerkingsovereenkomst is een uitwerking van het OGGZ-convenant.
Alle afspraken uit het OGGZ-convenant gelden ook voor deze overeenkomst,
tenzij anders is vermeld. De bijgaande werkdocumenten maken onlosmakelijk
onderdeel uit van de ketensamenwerkingsovereenkomst.
Het is mogelijk dat de overeenkomst wordt ondertekend door partners die niet
het OGGZ-convenant hebben ondertekend. In dat geval kan er van uitgegaan
worden dat de partner met het ondertekenen van de
ketensamenwerkingsovereenkomst ook het OGGZ-convenant onderschrijft.
Artikel 3 Ketenbeschrijving
De keten bestaat uit de volgende schakels:
- signaleren
- aanmelden
- screening
- mentor toewijzen
- traject afspreken en uitvoeren
- continue zorg
Door samenwerking in de keten ontstaat meerwaarde in de OGGZ. Deze
meerwaarde komt tot uitdrukking in vier prestaties.
1. Ten eerste wordt er regie en ondersteuning van de hulp- en
dienstverlening voor de cliënt gerealiseerd, waarbij integraliteit en
continuïteit van zorg voorop staan.
2. Ten tweede wordt een centraal meld- en coördinatiepunt voor cliënten en
instellingen ingericht.
3. De derde prestatie is het signaleren en oplossen van ondervonden
knelpunten in de hulp- en dienstverlening.
4. En tot slot krijgen we door het cliëntvolgsysteem inzicht in de
problematiek in [regio/plaats] in aantallen personen en aard van de
problematiek. Deze gegevens vormen de input voor het beleidsproces dat
gericht is op kwaliteitsverbetering van de OGGZ.
Artikel 4 Ketenregie
De ketenpartners spreken af dat [de HDK/GGD] de processturing oftewel de
ketenregie op zich neemt. Dit houdt onder andere in dat [de HDK/GGD] een
centraal meldpunt inricht om gesignaleerde cliënten uit de doelgroep te kunnen
melden. [De HDK/GGD] inventariseert de problematiek en vult deze
inventarisatie aan via een quick-scan. Zonodig lenigt zij de eerste nood. De
bevindingen worden vastgelegd in een elektronisch patiëntendossier. [De
HDK/GGD] organiseert werkoverleg om de cliënt aan een mentor te koppelen en
de problematiek te bespreken. De ketenafspraken worden vastgelegd in een
digitaal cliëntvolgsysteem en [de HDK/GGD] ziet toe op het actueel houden van
dit systeem. Knelpunten in de samenwerking legt [de HDK/GGD] voor aan het
Platform OGGZ [regio/ plaats] en/of het Bestuurlijk Overleg OGGZ
[regio/plaats].
Artikel 5 Aansluiting op andere ketens
Soms vallen sociaal kwetsbare en zorgmijdende cliënten ook onder de definities
van andere (toekomstige) ketens, zoals die voor veelplegers, jeugd of mensen in
crisis. Deze cliënten worden door [de HDK/GGD] wel opgenomen en gevolgd via
het cliëntvolgsysteem, maar de feitelijke zorgcoördinatie komt bij de regisseur
van de andere keten te liggen. Hierdoor blijft er zicht op de gehele OGGZproblematiek in de regio. [De HDK/GGD] draagt zorg voor een goede schakeling
met de andere ketens.
Artikel 6 Inspanningsverplichting alle ketenpartners
De ketenpartners dragen zorg voor een juiste melding van nieuw gesignaleerde
cliënten of problematiek bij [de HDK/GGD]. In overleg met de mentor dragen zij
er zorg voor dat hun hulp- of dienstverleningsaanbod beschikbaar komt voor de
OGGZ-cliënt. De ketenpartners spannen zich er naar vermogen toe in om een
oplossing te vinden voor de knelpunten die uit de ketensamenwerking naar voren
komen.
Artikel 7 Inspanningsverplichting ketenpartners die
mentoren leveren
De mentorfunctie wordt bekleed door de volgende organisaties:
[verslavingszorg, jeugdzorg, maatschappelijke opvang, GGZ,
gemeentelijke dienst werk en inkomen, reclassering, maatschappelijk
werk]
Deze ketenpartners vervullen de mentorfunctie voor die cliënten die in
overeenstemming in het daartoe ingerichte werkoverleg aan hun zorgen worden
toevertrouwd.
Artikel 8 Naleving en wijziging van de overeenkomst




De ketenpartners onderschrijven de doelstelling van deze overeenkomst en
verplichten zich ieder voor zover het zijn verantwoordelijkheid betreft de in
dit convenant vastgelegde afspraken na te komen.
Indien er sprake is van omstandigheden die naar het oordeel van één van de
ketenpartners zouden moeten leiden tot herziening van deze overeenkomst
wordt hierover overleg gevoerd binnen het Bestuurlijk Overleg OGGZ
[regio/plaats].
Wijzigingen van of aanvullingen op deze overeenkomst zijn slechts geldig
voor zover zij schriftelijk tussen alle ketenpartners zijn overeengekomen.
Deze overeenkomst is niet in rechte afdwingbaar.
Artikel 9
Werking
Deze overeenkomst bevat acht bijlagen:
I
Missie en visie
II
Doelgroep
III
Primair proces
IV
Privacyaspecten
V
Protocol Aanmelding
VI
Rollen en overleggen
VII
Handreiking
VIII Startplan
De ketensamenwerkingsovereenkomst treedt in werking te [plaats] op [datum]
en wordt jaarlijks geëvalueerd.
HVD / GGD
Dagelijks bestuur,
Voorzitter
waarin o.a. verenigd de zes gemeenten in
[naam]
Wethouder van de gemeente
Bestuurlijk Overleg OGGZ
Voorzitter
Verslavingszorg
Raad van Bestuur / Directeur
Bureau Jeugdzorg
Raad van Bestuur / Directeur
Centrum voor Wonen, Zorg en Welzijn
Raad van Bestuur / Directeur
GGZ
Raad van Bestuur / Directeur
RIBW
Raad van Bestuur / Directeur
Informatiesteunpunt GGZ
Raad van Bestuur / Directeur
Cliëntenbond
Voorzitter
Thuislozenverbond
Voorzitter
RPCF
Voorzitter
MEE
Raad van Bestuur / Directeur
Penitentiaire Inrichtingen
Raad van Bestuur / Directeur
Reclassering Nederland
Raad van Bestuur / Directeur
Regiopolitie
Stadsbank
Raad van Bestuur / Directeur
Maatschappelijk Werk
Raad van Bestuur / Directeur
Thuiszorg
Raad van Bestuur / Directeur
Welzijnswerk
Raad van Bestuur / Directeur
Zorgkantoor
Raad van Bestuur / Directeur
Bijlage I
Missie en Visie
‘Kwetsbare mensen met zorgmijdend gedrag [regio /
plaats]’
De Missie.
De ketenpartners willen in dialoog met de sociaal kwetsbare en zorgmijdende
cliënt de regie voeren over zijn/haar hulp- en dienstverleningstraject.
De Waarden
Deze missie realiseren de ketenpartners door meer dan voorheen op assertieve
wijze te blijven zoeken naar een passend aanbod: durven doen. Door
daadwerkelijk vorm te geven aan het integrale karakter van het aanbod: samen
werken en door alleen afspraken te maken die nagekomen kunnen worden en
deze uitvoeren: doen wat je zegt.
De Visie.
Wij voelen ons verantwoordelijk voor sociaal kwetsbare mensen
(doelgroepdefinitie OGGZ Trimbos) die voor ondersteuning bij hun problemen
een beroep willen of zouden moeten doen op de reguliere hulp- en
dienstverlening en daar niet in slagen.
Uitgaande van gecombineerde problematiek enerzijds en de altijd aanwezige
wens tot verbetering anderzijds, vereist het van de aanstaande cliënt veel
organisatievermogen om zijn weg te leren vinden. Voor elk deelprobleem is wel
een loket met eigen regels, werkwijze en taal. Een aan het verkeerde adres
gerichte vraag roept onbegrip en afwijzing op, zodat al snel het volgende loket
wordt bezocht. Ten onrechte wordt dit de cliënt als shopgedrag verweten. Op
hoe meer leefgebieden de problemen betrekking hebben des te meer van het
organisatievermogen en doorzettingsvermogen gevergd wordt, terwijl juist die
combinatie van problemen dit vermogen vaak vermindert. Niet zelden geeft de
aanstaande cliënt het op, wordt een zogenaamde zorgmijder en probeert te
leven met de onvervulde zorgbehoefte. Hier zijn de grenzen van de eigen
verantwoordelijkheid en die van de samenleving bereikt.
Zorgmijderschap is echter niet een eigenschap die alleen bij de cliënt ligt. Ook de
instelling en ook de samenleving kennen zorgmijdend gedrag. Zij onthouden
door hun specialisatie, verkokerde opstelling en afwijzing van de vreemde ander
goede zorg aan de burger die er niet in bedreven is er op de juiste manier om te
vragen. Het resultaat is een verwijdering tussen individu en samenleving en
daaruit voortvloeiend veel onbehandelde problematiek, die in de openbare ruimte
of achter de geraniums zeer zichtbaar wordt (overlast) of juist niet
(verkommering).
De ketenpartners willen werken aan de kloof die hier beschreven is en de cliënt
ondersteunen om zijn plaats in de samenleving weer in te leren nemen, waarbij
zowel individu als samenleving beïnvloed worden. We streven naar gelijke
kansen en toegankelijkheid van de zorg voor het individu en het destilleren van
de vraag voor de samenleving.
We doen dit door het organiseren van een integraal aanbod op geleide van
gesignaleerde knelpunten in de basale levensvoorwaarden: onderdak, inkomen,
gezondheid en sociale integratie.
We zorgen ervoor dat de cliënten de plaats in de samenleving hebben waar zij
recht op hebben door een aanbod op het gebied van arbeid, arbeidsintegratie en
sociale activering.
Daar waar onvoldoende regie over het leven door de burger zelf gevoerd kan
worden gaan wij de regie voeren over het aanbod dat de burger gedaan moet
worden.
Bij het bieden van adequate ondersteuning bij de regie van het leven van de
cliënt zoeken we samenwerking met alle hulp- en dienstverleners en sociale
omgeving van de cliënt.
Bij het organiseren van begrip en plaats voor de cliënt bij de instellingen en de
samenleving (en daarmee bij onszelf) zoeken we de samenwerking met de cliënt
om de vraag op tafel te krijgen. We doen dit door cliënt en
cliëntvertegenwoordigende organisaties een plaats te geven in de keten.
Bijlage II
Doelgroep van de Keten Kwetsbare Mensen
De doelgroep van de keten is te omschrijven als sociaal kwetsbare mensen met
zorgmijdend gedrag (Staat van de Volksgezondheid, Trimbosinstituut 2003) in
[regio/plaats]. Het gaat dan om mensen die:
-
-
niet of niet voldoende in staat zijn om in de eigen basale
bestaansvoorwaarden te voorzien (onderdak, voedsel, inkomen,
gezondheidszorg, sociale contacten);
meerdere problemen tegelijkertijd ondervinden, waaronder bijvoorbeeld
tekortschietende zelfverzorging, sociaal isolement, vervuiling van woonruimte
en/of woonomgeving, gebrek aan vaste of stabiele woonruimte, psychische en
verslavingsproblemen;
vanuit de optiek van professionele hulpverleners niet de zorg krijgen die zij
nodig hebben om zich in de samenleving te handhaven;
geen stabiel contact hebben met geestelijke gezondheidszorg en/of de
verslavingszorg.
Geen op de reguliere hulpverlening passende hulpvraag hebben -familie,
buren en omstanders vragen meestal om hulp - waardoor vaak sprake is van
ongevraagde bemoeienis of hulpverlening.
Alle vier aspecten moeten aanwezig zijn wil er sprake zijn van sociale
kwetsbaarheid. Hierop wordt een uitzondering gemaakt voor meldingen van daken thuislozen en meldingen van overlast en vervuiling, ook al wordt niet op alle
vier aspecten van de definitie problemen gesignaleerd. Deze mensen worden op
grond van openbare gezondheidszorg en eigen verantwoordelijkheid van de GGD
geïncludeerd. We willen speciale aandacht en regie bij de contacten met deze
doelgroep.
Wel opname in de Keten, geen mentor.
Opname in de Keten ‘Kwetsbare Mensen’ betekent niet automatisch ook
deelname aan het mentorsysteem en cliëntvolgsysteem.
Veel meldingen zullen aanleiding geven tot een quickscan en een interventie,
wellicht overdracht aan de hulpverlening zonder dat dit leidt tot de behoefte de
continuïteit van zorg te bewaken. Dit zal dan gelegen zijn in de ingeschatte
benodigde zorgzwaarte en chroniciteit van de problemen van de cliënt Die is dan
niet zodanig dat een koppeling aan een mentor nodig is. Een halfjaarlijks bezoek
of een afspraak met een steunsysteem kan toereikend zijn. De geschiedenis zal
hier medebepalend zijn.
Resultaat van de doelgroepformulering.
De criteria voor sociaal kwetsbare mensen te samen met de specifieke
categorieën en de weging van de benodigde zorgzwaarte staan de insluiting van
een heterogene groep toe: mensen in een vervuilde woonsituatie; daklozen met
psychische problemen; chronisch verslaafden met veel justitiële contacten;
overlastgevers in de thuissituatie en in de openbare ruimte.
Het staat ook de gewenste integratie met de Sociale Teams toe; gebruik van het
Cliëntvolgsysteem met behoud van de lokale overleggen, zonodig een
mentortoewijzing, zo mogelijk een lichtere vorm van monitoring.
Bijlage III
Primair Proces: De gang van de cliënt door de keten
[Vanaf juni 2007 kunt u hierbij ook gebruik maken van het HKZ-schema
OGGZ. Dit zal na publicatie op deze site worden bijgeplaatst.]
Signaleren en aanmelden
- Signalering melden bij het meldpunt
- Zorgcoördinator van het meldpunt zoekt dossier in Cliënt Volg Systeem op of
maakt nieuw dossier aan.
Screening
- De zorgcoördinator van het meldpunt voert een quickscan uit om
problematiek in kaart te brengen en te prioriteren.
- Hiertoe in gesprek gaan/komen met cliënt, steun verlenen.
- De zorgcoördinator legt verslag vast in Elektronisch Patiënten Dossier en in
het cliëntvolgsysteem op aantal leefgebieden.
- Zonodig lenigt de zorgcoördinator de eerste nood.
Mentor toewijzen
- In overleg wordt cliënt gekoppeld aan één van de mentoren van de
ketenpartners. Hierbij is de prioritaire problematiek leidend.
- Of bij een bekende cliënt: er wordt contact opgenomen met de mentor.
Traject afspreken en uitvoeren
- Mentor bouwt voort op de quickscan en doet alles om in contact te komen
met de cliënt en het vertrouwen te winnen.
- Mentor stelt behandelbaarheid vast en eventuele noodzaak tot dwang- of
drangmaatregel
- Mentor leidt cliënt naar zorg of begeleiding voor de noodzakelijke
leefgebieden.
- De zorg en begeleiding en de volgorde daarin wordt door de mentor in dialoog
met de cliënt in een begeleidings- of trajectplan vastgelegd.
- Vaak is het nodig dat anderen de zorg/begeleiding op een bepaald terrein
oppakken en afspraken in een deelbehandel/begeleidingsplan neerleggen.
- Mentor houdt vinger aan de pols: voert begeleidings- of trajectplan uit en
checkt of deelbehandel/begeleidingsplannen worden uitgevoerd.
Continue zorg
- Mentor zoekt zonodig verder noodzakelijke zorg en begeleiding en past
begeleidings- of trajectplan aan.
- Evt. lotgenotencontact
Bijlage IV
Privacyaspecten Keten Kwetsbare Mensen
Inleiding
Gegevensuitwisseling over cliënten door hulpverleners is een actueel onderwerp.
Landelijk is hiertoe een handreiking uitgegeven “Handreiking
gegevensuitwisseling in de bemoeizorg” (april 2007).
In het hoofdstuk ‘Uitwerking’ wordt aangegeven welke gedragslijn gevolgd moet
worden om maximaal te trachten aan het gestelde in de Wet Bescherming
Persoonsgegevens te voldoen. Om ons handelen zoveel mogelijk te onderbouwen
is hierna een opsomming gegeven van de meest relevante wet- en regelgeving
en aanzet tot jurisprudentie.
Uitwerking voor de praktijk van de Keten Kwetsbare Mensen
Uitgangspunt is dat bij aanmeldingen bij de Keten een aanmeldformulier gebruikt
wordt. In dit aanmeldformulier wordt ruimte gemaakt om de betrokkene door
middel van een handtekening toestemming te laten verlenen tot het verwerken
van de persoonsgegevens door [organisatie die meldpunt herbergt] en die
gegevens uit te wisselen met de deelnemers aan het OGGZ-convenant. De
aanmelder informeert de betrokkene over de reden hiervan. De aanmelder
informeert de betrokkene over inzage- en correctierecht en verzoekt hem/haar
de aanmelding mede te ondertekenen.
Indien de benodigde toestemming niet van de betrokkene kan worden
verkregen, wordt in het dossier aangetekend door wie, wanneer en hoe hiertoe
een poging is ondernomen en waardoor de poging is gestrand.
Indien het de aanmelder niet lukt de toestemming van de betrokkene te
verkrijgen zal tijdens de quick-scan door de zorgcoördinator nogmaals gepoogd
worden tot het gewenste resultaat te komen. Ook op het quickscanformulier zal
hiertoe ruimte zijn. Bij geen resultaat zal de zorgcoördinator op het formulier
aangeven waardoor de toestemming niet tot stand is gekomen en of er sprake
kan zijn van een van de andere grondslagen voor het verwerken van de
persoonsgegevens.
Indien de betrokkene niet open staat voor contacten met de hulpverlening terwijl
daar wel aanleiding toe is zoals beschreven in de doelgroep Keten Kwetsbare
Mensen en daardoor de toestemming niet gevraagd kan worden of dat het
toestemming vragen of informeren hierin averechts kan werken wordt hiervan
afgezien. Dit wordt geregistreerd in het dossier. De zorgcoördinator of de mentor
zal in elk later stadium beoordelen of er dan wel sprake is van een goede
gelegenheid tot het informeren en toestemming vragen en hiervan verslag doen
in het dossier. Voor het overige wordt dossier gevoerd zoals in de instelling
gebruikelijk is.
Mits zorgvuldig uitgevoerd wordt op deze wijze voldaan aan het gestelde in de
Wet Bescherming Persoonsgegevens (zie toelichting).
Toelichting: wet- en regelgeving
1. Wet Bescherming Persoonsgegevens
Van toepassing is de Wet Bescherming Persoonsgegevens (WBP). De wet schrijft
het aanmelden van persoonsgegevensverwerking bij het College bescherming
persoonsgegevens (CBP) voor.
De aanmelding neemt de plaats in van het vroegere Privacyreglement. De
aanmelding beschrijft uitvoerig de doeleinden van de gegevensverwerking, de
rechtmatigheid ervan en de rechten en plichten van de verantwoordelijke (de
registreerder) en de betrokkene (de geregistreerde).
Onder persoonsgegevensverwerking wordt verstaan onder andere: verzamelen,
opvragen, raadplegen, verstrekken, verspreiden en samenbrengen.
Uitgangspunt is dat de aan de Keten deelnemende instellingen (voor zo ver zij
aan persoonsgegevensverwerking doen) aan deze wettelijke verplichting hebben
voldaan. Er is dan sprake van vele separate persoonsgegevensverwerkingen die
aan de wettelijke eisen (onder andere van rechtmatigheid) voldoen. De
grondslagen voor het verwerken van persoonsgegevens zijn beschreven in de
diverse aanmeldingen.
1.1 Het Reglement voor de bescherming van Persoonsgegevens van [de
organisatie die het meldpunt herbergt].
Het reglement voor de bescherming van persoonsgegevens van [de organisatie
die het meldpunt herbergt] is in werking getreden op [datum].
Als een van de taken is in de aanmelding opgenomen: ‘Hygiënische
woonproblemen en Zorgcoordinatie’. Aangezien de taken van de Keten voor wat
betreft de Zorgcoördinatie met deze werksoort een eenheid vormen zijn de
desbetreffende bepalingen van toepassing.
1.2 De grondslag van het verwerken van persoonsgegevens
Uitgangspunt is de toestemming van de betrokkene tot het opnemen van
zijn/haar gegevens. De toestemming wordt bij voorkeur schriftelijk verkregen.
Andere grondslagen voor het verzamelen van gegevens zijn met betrekking tot
de Keten achtereenvolgens [bijvoorbeeld]:
 ‘Noodzakelijkheid voor de uitvoering of voorbereiding van een overeenkomst
of
 Noodzakelijkheid ter vrijwaring van vitale belangen (zoals een ernstig gevaar
voor de gezondheid) of
 Noodzakelijk in verband met een gerechtvaardigd belang van de
verantwoordelijke.’
1.3 Doelbinding
Het verwerken van persoonsgegevens is gebonden aan het doel waarvoor zij
worden verzameld. Het aanwenden voor andere doelen is niet toegestaan. Het
doel is het Ketendoel: ‘in dialoog met de kwetsbare en zormijdende cliënt de
regie voeren over zijn/haar hulpverleningstraject.’
1.4 De verstrekking van gegevens aan derden.
De wet WBP kent geen onderscheid tussen verstrekking van persoonsgegevens
en verwerking van persoonsgegevens. De algemene regels zijn van toepassing.
Gegevensuitwisseling (verstrekking, verzameling en vastlegging) in het kader
van een Cliëntvolgsysteem of een Meldpuntoverleg wordt beschouwd als een
verwerking van persoonsgegevens.
Verwerking van gegevens zonder toestemming van de betrokkene kan alleen als
een van de andere grondslagen voor de verwerking van toepassing is. (zie
hierboven bij ‘de grondslag van het verwerken van persoonsgegevens’)
Uitgangspunt van het Reglement is: ‘Voor het verstrekken van
persoonsgegevens aan derden is de uitdrukkelijke schriftelijke toestemming van
de betrokkene vereist.’
Aan ‘degene, die rechtstreeks betrokken is bij de actuele zorg of hulpverlening
aan de betrokkene en tijdelijk of permanent de zorg overneemt’ kunnen buiten
[de organisatie die het meldpunt herbergt] persoonsgegevens worden
verstrekt.
2. Verplichtingen en rechten die voortvloeien uit de WBP
2.1 De informatieplicht
Indien de persoonsregistratie naar behoren is aangemeld en de rechtmatigheid is
vastgesteld, dient de verantwoordelijke toe te zien op het voldoen aan de eisen
van kwaliteit en op eisen aan de informatie aan de geregistreerde.
Informeren van de geregistreerde is aan de orde bij het verzamelen van
persoonsgegevens als onderdeel van de verwerking ervan. De wet schrijft voor
dat de betrokkene wordt geïnformeerd over de identiteit van de registreerder en
met welk doel de gegevens worden verwerkt.
De betrokkene dient te worden geïnformeerd voorafgaand aan de verzameling
van de persoonsgegevens of, indien de gegevens van derden afkomstig zijn,
voorafgaand aan de verwerking.
2.2 Het recht van inzage, correctie en verzet.
De geregistreerde heeft recht van inzage in de geregistreerde gegevens. Tevens
heeft de geregistreerde het recht van correctie van de gegevens, indien deze
onjuist zijn of niet ter zake dienend voor het doel waarvoor ze zijn verwerkt. Ook
kan de geregistreerde zich verzetten tegen de registratie.
Om de geregistreerde toe te laten komen aan deze rechten zal het duidelijk zijn
dat hij/zij wel geïnformeerd zal moeten zijn over de registratie. Er wordt daarom
veel gewicht gehecht aan het geïnformeerd zijn van de geregistreerde.
3. Privacy en Bemoeizorg
Door de aard van de doelgroep van de Keten (zorgmijdend gedrag) en de aard
van de werkzaamheden (bemoeizorg) zijn in verband met de verplichtingen uit
de WBP de volgende opmerkingen te maken.
3.1 Registratie (verwerking van persoonsgegevens) zonder
toestemming van de geregistreerde
Indien door de problematiek van de betrokkene de gevraagde toestemming niet
kan worden verkregen kan de verzameling ven de persoonsgegevens toch
plaatsvinden indien een van de overige grondslagen van toepassing is.
De toepasselijkheid van de grondslag van de verwerking zal van geval tot geval
moeten worden beoordeeld.
3.2 Het niet informeren van de geregistreerde over de
gegevensverwerking
Op verzoek van Streekgewest Westelijke Mijnstreek heeft het College
Bescherming Persoonsgegevens zowel een vooronderzoek als een nader
onderzoek gepleegd naar de aanmelding van de gegevensverwerking
persoonsgegevens. In de aanmelding waren alle aspecten van bemoeizorg in het
kader van registratie vangnet openbare geestelijke gezondheidszorg verwerkt.
Uit correspondentie tussen het College Bescherming Persoonsgegevens en
Streekgewest Westelijke Mijnstreek ter zake blijkt dat de informatieplicht niet
geldt bij ‘het voorkomen van strafbare feiten en in casu met name de
bescherming van de betrokkene of van de rechten en vrijheden van anderen,
zoals bedoeld in artikel 43 onder b en e.’ Zodra een beroep op dit artikel niet
langer noodzakelijk is moet de betrokkene alsnog op de hoogte gesteld worden.
De toepasselijkheid van dit artikel zal ook van geval tot geval moeten worden
beoordeeld.
4. Gegevensuitwisseling zonder toestemming van de geregistreerde
Voor een begrip van gegevensuitwisseling bij bemoeizorg, kan worden verwezen
naar de ‘Handreiking gegevensuitwisseling in de bemoeizorg’ die op initiatief van
de Inspectie voor de Gezondheid, in samenspraak met het College Bescherming
Persoonsgegevens door GGD Nederland, GGZ Nederland en de KNMG is
opgesteld.
Het OGGZ-convenant in [regio/plaats] geeft bij de verplichtingen van
ketenpartners (Artikel 8 lid 6): ‘Ketenpartners wisselen persoonsgegevens uit
binnen de hiervoor geldende wettelijke kaders.’
Bijlage V
Protocol Aanmelding Keten Kwetsbare Mensen
Aanmeldingen worden verwacht vanuit vele bronnen. Achtereenvolgens komen
aan bod; samenhang Sociaal Team en Meldpunt, aanmelding en quickscan bij het
Meldpunt, aanmeldingen bij en door Sociale Teams, aanmeldingen door de
politie, aanmeldingen door de burgerij, aanmeldingen door hulpverlenende of
dienstverlenende instellingen plus enkele bijzonder situaties.
Algemeen:
Er zijn twee adressen voor aanmeldingen: het Sociaal Team en het
Schakelstation. Rechtstreekse aanmeldingen bij de organisatie die het
meldpunt herbergt] worden door de zorgcoördinatie naar de juiste
bestemming geleid.
Samenhang Meldpunt en Sociaal Team:
De verbreding van de doelgroep van de keten naar kwetsbare personen zoals in
de doelgroepdefinitie biedt de mogelijkheid tot aanmelding van personen
ongeacht de woonsituatie.
-
Aanmelding van zorg en overlast die buurtbewoners betreffen worden in
eerste instantie gelegd bij de lokale Sociale Teams. Burgers kunnen
meldingen doen via hun verhuurder of de politie.
Aanmeldingen van dak- en thuislozen kunnen rechtstreeks bij het Meldpunt
gedaan worden. Er is hier geen restrictie voor wat betreft aanmelders.
Als de zorg die geboden wordt door of vanuit het Sociaal Team tekort schiet en
dus de koppeling aan een mentor gerechtvaardigd lijkt, kan de cliënt doorgemeld
worden aan het Meldpunt. (zie hieronder)
Administratief worden alle, dus ook nieuwe aanmeldingen die zich bij Sociale
Teams voordoen door de desbetreffende medewerker van [de organisatie die
het meldpunt herbergt] ingevoerd in het elektronisch patiëntendossier (EPD)
van de keten kwetsbare mensen.
Verslaglegging van activiteiten en afspraken met de diverse partijen worden in
het EPD gepleegd ter ondersteuning van de zorgcoördinator.
Aanmelding en quickscan bij het Meldpunt:
Onder aanmelding wordt verstaan een A4-formaat formulier met minimaal
datum, personalia van de aangemelde en vermelding van de aanmelder.
Onder quickscan wordt verstaan een snelle eerste schriftelijke indruk van de
persoon en de omstandigheden van een aangemelde cliënt. Op grond van de
quickscan en de aanmelding moet in het werkoverleg besloten kunnen worden of
een cliënt geïncludeerd moet worden en bij welke instelling het mentorschap het
best kan worden ondergebracht. De volgende informatie wordt verzameld;
-
personalia van de aangemelde persoon
korte verblijfshistorie en verblijfstitel
de omstandigheden waaronder de aanmelding tot stand kwam
bekendheid bij deelnemende instellingen, actueel contact.
-
verslag van gesprek met de aangemelde persoon
mate waarin in de basale levensvoorwaarden is voldaan (sociaal,
benodigde zorg, onderdak)
een akkoordverklaring opname in persoonsregister.
In het Werkoverleg Meldpunt worden de aanmeldingen getoetst aan de
Doelgroep Kwetsbare Mensen. Bij akkoord wordt de cliënt een cliënt van het
meldpunt, krijgt een mentor toegewezen en wordt op leefgebieden gevolgd.
Administratief worden deze aanmeldingen verwerkt in het Cliëntvolgsysteem
(CVS) dat bij het Meldpunt hoort.
Aanmeldingen door SocialeTeams:
Het besluit tot in behandeling nemen van een overlastklacht of zorgmelding
wordt genomen in en door het periodiek overleg van het Sociale Team. Ook
voortgang en afsluiting van behandeling van de meldingen worden afgehandeld
in het overleg dat bij het Sociale Team hoort. Criteria hiervoor zijn beschreven in
de diverse convenanten. Het geldende privacyreglement is van toepassing.
Indien blijkt dat een cliënt langduriger en intensiever zorg nodig heeft dan in het
kader van de sociale teams mogelijk is te bieden en dus in aanmerking zou
kunnen komen voor koppeling aan een mentor dan volgt een aanmelding bij het
Meldpunt (de naam van het zorgcoordinatie/mentorensysteem)
De cliënt zal gevraagd worden schriftelijk akkoord te gaan met opname in het
persoonsregister en toestemming te verlenen tot gegevensuitwisseling met de
deelnemende partijen. Deze aanmelding loopt via de zorgcoördinator.
In het Werkoverleg Meldpunt (zie bijlage VI) dat bij dit systeem hoort, wordt al
dan niet besloten tot aanname van de cliënt in het systeem en de toewijzing aan
een instelling/mentor. Dit besluit is gestoeld op toetsing aan de omschrijving van
de Doelgroep Kwetsbare Mensen. (zie bijlage II)
De cliënt wordt vanaf dit moment een cliënt van het Meldpunt en wordt in het
Cliëntvolgsysteem (CVS) gevolgd op verscheidene leefgebieden op informatie
van de mentor en andere meldingen.
Aanmeldingen door de Politie:
Aanmeldingen door de politie zullen in het algemeen gedaan worden vanuit een
politiebureau. Aan de politie kan gevraagd worden personalia te vermelden en
een omschrijving van het waargenomen probleem. Ook kan de politie de cliënt
vragen schriftelijk akkoord te gaan met opname in het persoonsregister en
toestemming te verlenen tot gegevensuitwisseling met de deelnemende
partijen.
De aanmelding wordt bij voorkeur per fax gedaan.
Aan de politie kan niet gevraagd worden zich langdurig te bekommeren om het
verblijf van de aangemelde cliënt. Het is van belang dat de zorgcoördinatie de
aanmelding snel laat volgen door een quickscan (telefonisch en in eigen
informatiebron), zo nodig ook middels een bezoek ter plaatse of een afspraak op
een andere locatie, afhankelijk van de mogelijkheden van de cliënt. Zo nodig
wordt de eerste nood gelenigd en/of de politie geïnstrueerd hoe te handelen.
Bij voldoende indicatie wordt de aanmelding besproken in het eerstvolgende
Werkoverleg Meldpunt (zie bijlage VI) en volgt al dan niet aanname en toedeling
aan een mentorinstelling.
Is de aangemelde cliënt ingesloten op verdenking van een strafbaar feit dan kan
de quickscan in principe plaatsvinden in de cel of dagverblijf onder
verantwoordelijkheid van de politie.
Aanmeldingen door burgers:
Meldingen van burgers (waaronder wordt begrepen familie, winkeliers, andere
niet-professionals), worden in behandeling genomen door een bezoek ter
plaatse, al dan niet in gezamenlijkheid met de politie of een afspraak op een
andere locatie.
Het vervolg bestaat uit quickscan, toestemming cliënt, indicatie, voordracht
Werkoverleg, aanname en toedeling.
Aanmeldingen door hulp- en dienstverlenende instellingen:
In overleg met de zorgcoördinator kan aan hulp- en dienstverlenende instanties
gevraagd worden zelf voldoende informatie aan te dragen om tot een afweging in
het Werkoverleg te komen. Niet alle instellingen zullen hier in gelijke mate toe in
staat zijn. De zorgcoördinator zal dan zelf de quickscan doen.
Met name zal duidelijk moeten worden dat de cliënt behalve aan de overige
criteria ook voldoet aan het criterium; ’geen op de reguliere hulpverlening
passende hulpvraag hebben’ dan wel ‘geen stabiel contact hebben met
geestelijke gezondheidszorg en/of verslavingszorg.’
Aanmeldingen uit de Penitentiaire Inrichting:
Aanmeldingen vanuit de penitentiaire inrichting worden behandeld als
aanmeldingen door hulp- en dienstverlenende instellingen. (zie aldaar) Een
quickscan op locatie zal in de regel niet nodig zijn, afhankelijk van te maken
afspraken.
Aanmeldingen vanuit andere penitentiaire inrichtingen kunnen voorbereid worden
door de medewerker Maatschappelijke Dienstverlening op locatie. Een quickscan
beperkt zich dan tot de binding aan de regio en bekendheid bij instellingen.
Aanmeldingen bij geen geldige verblijfstitel:
Aanmeldingen van personen die niet beschikken over een geldige verblijfstitel
voor Nederland worden niet in behandeling genomen, omdat aan deze personen
geen hulp- en dienstverlening geboden kan worden. In de quickscan kan wel de
verblijfsgeschiedenis worden betrokken en de mogelijkheid een verblijfstitel te
verkrijgen. Dit onderzoek zal mede door de politie gedaan moeten worden. Bij
een gunstige prognose wordt de aanmelding wel in behandeling genomen. In een
apart werkdocument wordt nog nader aangegeven hoe en waar zich deze en
overige bijzondere gevallen kunnen voordoen.
Aanmeldingen van cliënten buiten de regio:
Deze worden niet in behandeling genomen. In de quickscan wordt wel de
verblijfsgeschiedenis betrokken. Is een binding aan de regio wel aannemelijk te
maken dan wordt de aanmelding in behandeling genomen. Te raadplegen
bronnen zijn de bevolkingsadministratie en de politieadministratie.
Aanmelding zonder toestemming opname in persoonsregister en/of
uitwisseling informatie:
Van iedere aangemelde persoon zal schriftelijk toestemming gevraagd worden
tot opname van zijn/haar gegevens in het persoonsregister en tot het uitwisselen
van informatie met convenantpartners.
In principe worden bij het ontbreken van deze toestemming geen acties
ondernomen. Een uitzondering hierop vormen situaties waar het niet
ondernemen van actie botst met goed hulpverlenerschap. Zie het gestelde in het
Privacyreglement.
Het resultaat van de aanmelding/quickscan:
Na aanmelding/quickscan wordt eventuele eerste nood gelenigd, voorzover in de
macht van de zorgcoördinator gelegen. Te denken valt aan (nood)onderdak,
bezoek aan een arts en andere dringende behoeftes die ook het contact maken
en houden vergemakkelijken. Acute zaken worden overgelaten aan
desbetreffende diensten.
Resultaat van aanmelding en quickscan is bespreking en besluitvorming over
inclusie en mentortoedeling in het werkoverleg van het Meldpunt. Dit wordt
verder beschreven in het protocol Werkoverleg.
Terugkoppeling aanmelders:
Aanmelders worden op de hoogte gehouden van verloop en resultaat van de
aanmelding voor zo ver de aanmelder een medeondertekenaar van het
convenant vertegenwoordigt.
Bij een aanmelding door burgers zijn de mogelijkheden hiertoe beperkt. Toch
kan, met inachtneming van de privacy van de aangemelde, van een en ander
mededeling gedaan worden conform gebruikelijk is bij de Sociale Teams.
Bijlage VI
Rollen en overleggen in de keten kwetsbare mensen
In de keten kwetsbare mensen komen de deelnemers elkaar in verschillende
rollen tegen. In dit werkdocument worden de rollen beschreven van de
aanmelders, de zorgcoördinatoren, de mentoren en de managers. Ook wordt
beschreven in welke overleggen deze deelnemers elkaar treffen en met welke
functie.
Rol Aanmelders
Voor een overzicht van mogelijke aanmelders van kwetsbare personen zie het
werkdocument ‘Aanmelding’. Van institutionele aanmelders (woningverhuurders,
politie) zal gevraagd worden te werken met gestandaardiseerde
aanmeldformulieren. Van burgers zal dit niet gevraagd kunnen worden. Een deel
van de aanmelding zal dan gedaan worden in de vorm van de quickscan door de
zorgcoördinatie
Een afzonderlijk overleg met aanmelders (politie, penitentiaire inrichting,
woningverhuurders, veldwerkers) geeft gelegenheid tot evaluatie van aanmelden
en terugkoppelen.
Rol Zorgcoördinatoren
Zorgcoördinatoren ontvangen en screenen de aanmeldingen, voeren de
quickscan uit op leefgebieden en bekend/onbekend bij instellingen. Zij nemen
hiertoe zonodig contact op met de cliënt, lenigen de eerste nood, zorgen dat de
cliënt bereikbaar blijft, maken hiertoe een afspraak en voeren de cliëntgegevens
in het patiëntendossier in. Is de cliënt reeds bekend met een mentor dan wordt
de mentor van de melding op de hoogte gesteld.
Op de wekelijkse cliëntbespreking in het Schakelstation worden nieuwe cliënten
op basis van de quickscan voorgedragen voor deelname en/of mentorschap bij
een deelnemende instelling.
Ook werkt zorgcoördinatie als helpdesk/vraagbaak voor situaties waar de mentor
geen weg of oplossing ziet.
Zorgcoördinatie produceert periodiek een overzicht van de stand van zaken qua
contact en leefgebieden per groep, per instelling en per mentor naar wens.
Knelpunten in de hulp- en dienstverlening worden door zorgcoördinatie
geïnventariseerd en ter oplossing overgedragen aan het managersoverleg (het
platvorm) dat op dit doel zal worden toegesneden.
Rol Mentoren
De mentor is verantwoordelijk voor het onderhouden van het contact met de
cliënt en stelt de zorgcoördinatie periodiek in kennis van de contactfrequentie.
Tevens zorgt de mentor voor een adequaat aanbod op meerdere leefgebieden
van de cliënt. Voor zo ver daar toe in staat verzorgt de mentor het aanbod zelf;
voor het overige schakelt de mentor extern hulp- en dienstverlening in.
De mentor informeert de zorgcoördinatie periodiek over de stand van zaken,
plannen en vorderingen op de leefgebieden via een ‘stand van zaken’ formulier.
De koppeling cliënt-mentor is in principe vast; deze kan echter in voorkomende
gevallen worden overgedragen aan een nieuwe cliënt-mentor relatie binnen de
instelling.
De rol van mentoren is uitgebreid beschreven in de Handreiking
Casemanagement, onderdeel van deze serie werkdocumenten.
Rol Managers
De managers van de deelnemende partijen overleggen in het Platform OGGZ.
De rol van de managers die aan het Platform deelnemen is als volgt beschreven
in het OGGZ-Convenant:
‘…in het Platform wordt informatie uitgewisseld over de doelgroep, de behoefte
van de cliënt en zijn of haar omgeving en de ervaren knelpunten in de uitvoering
van de activiteiten. Doel van het Platform is samenwerking vorm te geven door
ketens tot ontwikkeling te brengen: het vaststellen van het ketendoel, de
deelprocessen in de keten en de wijze van aansturing; het maken van afspraken
tussen partijen in de keten, het structureel verankeren van deze afspraken in de
eigen organisatie en het signaleren van leemten en knelpunten in de keten.
Tevens stelt het Platform prioriteiten voor het werkplan vast en faciliteert de
samenwerking op uitvoerend niveau; het Platvorm heeft ook als doel de
gesignaleerde leemten en knelpunten in de keten op te lossen.’
Werkoverleg Meldpunt
Deelnemers:
-Vertegenwoordigers van instellingen die met hun cliënten een
mentorverhouding onderhouden. De vertegenwoordigers treden op namens alle
afdelingen van de instelling die zij vertegenwoordigen. Zij zijn in staat gesteld
een nieuwe voordracht voor mentorschap in behandeling te nemen. Er wordt
gewerkt met een vaste vervanger.
-Mentoren kunnen problemen bij de uitoefening van hun mentorschap op het
Werkoverleg bespreken.
-Zorgcoördinatoren brengen nieuwe aanmeldingen ter besluitvorming in.
-Voorzitter.
Doel:
Besluiten tot inclusie van nieuw aangemelde personen; besluiten tot koppeling
aan een mentor; besluiten tot mentorinstelling, bespreken knelpunten in de
hulp- en dienstverlening.
Frequentie: eenmaal per week tot eenmaal per twee weken.
Aanmeldersoverleg (zo mogelijk bilateraal)
Deelnemers:
-Woningverhuurders, politie, penitentiaire inrichting, veldwerk, cliëntorganisaties.
-Voorzitter Werkoverleg Meldpunt.
-Zorgcoördinatoren
Doel:
Evaluatie van aanmeldingen en terugkoppelingen, gebruik cliëntvolgsysteem.
Frequentie: Nader te bepalen.
Platform OGGZ
Deelnemers:
Managers van relevante Convenantpartijen; zie bijgaand overzicht. Uitgangspunt
is dat de partij een rechtstreekse bijdrage kan leveren aan de oplossing van
gesignaleerde leemten en knelpunten in de keten.
Doel:
In het Platform wordt informatie uitgewisseld over de doelgroep, de behoefte van
de cliënt en zijn of haar omgeving en de ervaren knelpunten in de uitvoering van
de activiteiten. Doel van het Platform is samenwerking vorm te geven door
ketens tot ontwikkeling te brengen: het vaststellen van het ketendoel, de
deelprocessen in de keten en de wijze van aansturing; het maken van afspraken
tussen partijen in de keten, het structureel verankeren van deze afspraken in de
eigen organisatie en het signaleren en waar mogelijk oplossen van leemten en
knelpunten in de keten. Tevens stelt het Platform prioriteiten voor het werkplan
vast en faciliteert de samenwerking op uitvoerend niveau.
Frequentie: Eenmaal per twee maanden.
Werkoverleg bij het Meldpunt bestaat uit:



Mentorleverende partijen:
Zorgcoördinatie
Mentoren met casus
Platform bestaat uit dienst- en hulpverlenende instellingen al dan niet
mentorleverend, namelijk [namen deelnemende instellingen]
Meldersoverleg:
Bestaat uit vertegenwoordigers van instellingen die melden, bijvoorbeeld:
regiopolitie, woningbouwverenigingen, veldwerkers, medewerkers justitiële
inrichting.
Bijlage VII
Handreiking voor casemanagers in de sociale
verslavingszorg
Bijlage VIII
Startplan Cliëntvolgsysteem Keten Kwetsbare Mensen
Doel Cliëntvolgsysteem
Het doel is te komen tot een cliëntvolgsysteem waarin opgenomen worden in
eerste instantie alle dak- en thuisloze burgers en tevens alle wonende burgers
die dreigen te verkommeren en verloederen. (zie verder bij het document
Doelgroep) Het cliëntvolgsysteem moet langs elektronische weg een
mogelijkheid bieden tot inzage in (een deel van) het patiëntendossier door
geselecteerde convenantpartijen. Minimaal moet dan te zien zijn of een persoon
reeds bekend is in het systeem en of er een mentorkoppeling heeft
plaatsgevonden. Tevens moet het mogelijk zijn de scores op enkele leefgebieden
te zien.
Het cliëntvolgsysteem van de keten kwetsbare mensen wordt gebouwd op het
nieuwe elektronische patiëntendossier van [organisatie]. In dit
patiëntendossier zijn alle bij de zorgcoördinator bekende persoonsgegevens
opgenomen. Toegang tot deze gegevens is afhankelijk van autorisatiegraad.
Conversie persoonsgegevens
Begonnen wordt met de conversie van reeds bij de GGD [het meldpunt]
bekende cliënten die in behandeling zijn inclusief de complete gegevens. De
werkzaamheden kunnen dan ongehinderd voortgaan.
Ook de NAW-gegevens van cliënten die ooit in behandeling zijn geweest bij
Vangnet en Advies en de Sociale Teams of de Hygiënische Woninginspecteurs
worden direct ingevoerd als verwijsindex naar de oude dossiers. In een later
stadium kunnen ook de bijbehorende gegevens van deze oude gevallen worden
overgezet.
De status voor wat betreft toestemming en informeren van de cliënt is afleesbaar
in het dossier.
Groepsgewijze aanmeldingen
Het is inmiddels door enkele partijen aangekondigd dat reeds verzamelde
cliëntbestanden ineens aan de keten aangeboden zouden kunnen worden. Het
verwerken van deze verzamelingen gegevens zou tegemoetkomen aan de wens
om door middel van het systeem snel inzicht te krijgen in de OGGZ-problematiek
in de regio.
Een belangrijk bezwaar is echter dat bij het verwerken van verzamelingen
persoonsgegevens (bijvoorbeeld een lijst van alle bij de politie bekende dak- en
thuislozen) niet automatisch is voldaan aan de eis dat cliënt geïnformeerd is over
die verwerking en dat gepoogd is hiervoor zijn/haar toestemming te verwerven.
Dit bezwaar wordt ondervangen door eventuele lijsten met persoonsgegevens uit
te splitsen tot individuele aanmeldingen en door het gebruik van
aanmeldformulieren waarin het voor de aanmelder mogelijk is de status voor wat
betreft toestemming en informeren te beschrijven.
We komen zo ook toe aan inhoud en handelen; ‘waar is de persoon nu’ en ‘wat
moet gebeuren’ en we voorkomen het opnemen van mogelijk oude en niet te
verifiëren gegevens.
Individuele aanmeldingen
Zie hiervoor het werkdocument aanmeldingen.
Muteren van persoonsgegevens door mentoren
Niet alle systemen laten toe dat van buitenaf het systeem is te benaderen. Daar
waar dat wel mogelijk is geven niet alle systemen de mogelijkheid aan derden
om te muteren.
Het muteren van persoonsgegevens door derden van buitenaf is soms niet dan
tegen hoge kosten mogelijk.
In eerste instantie kiezen we niet voor de mogelijkheid van muteren van
buitenaf, maar vinden een oplossing in de aanlevering van gegevens per E-mail
of post of fax.
De voorgestelde frequentie van gegevensaanlevering is eenmaal per maand.
Deze frequentie is bedoeld om de contactfrequentie met de cliënt te kunnen
monitoren. (een halfjaarlijkse opgave zou hiervan geen beeld meer geven) Ook
indien er leemten en knelpunten uit de cliëntadministratie komen moeten die op
basis van recente gegevens worden geconstateerd. Indien het Werkoverleg
Meldpunt besluit dat deze overwegingen geen of een mindere rol spelen
(bijvoorbeeld in een stabiele fase) kan de rapportagefrequentie dalen.
Download