DUIFF.com - HU - Hogeschool Utrecht

advertisement
DUIFF.com
// Differentiatie luistervaardigheid Duits \\
Maikel Rensen
|
1649356
|
Master Duits
Master Praktijkonderzoek ‘Differentiatie luistervaardigheid Duits’
Hogeschool Utrecht (HU) - Instituut Archimedes
Datum: 25-08-2016 - Dhr. J. Kleemans
1
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
DUIFF.com
// Differentiatie luistervaardigheid Duits \\
Maikel Rensen
2
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Voorwoord
Dit onderzoek was nooit tot stand gekomen zonder de hulp van mijn collega’s binnen de Dunamarevakgroep ‘die Mannschaft’ en mijn medestudenten aan Hogeschool Utrecht. Zij hebben een
doorslaggevende rol gespeeld bij het vaststellen van het praktijkprobleem en het vormen van de
hoofd- en deelvragen voor zowel het voor- als het interventieonderzoek. Daarnaast hebben de
Dunamare-collega’s een zeer belangrijke rol gespeeld bij het beantwoorden van de vragen van het
interventieonderzoek. Zij hebben de tijd genomen om, ondanks hun drukke docentenbestaan,
onderdelen van de DUIFF.com-database te beoordelen en uit te testen, enquêtes in te vullen en vragen
tijdens interviews te beantwoorden. Ik wil al deze collega’s en medestudenten hierbij dan ook van
harte bedanken voor hun inzet en steun.
Maikel Rensen
Juli 2016
3
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Samenvatting
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. De leraren van ‘die Mannschaft’, bestaande uit
docenten Duits van 5 Dunamare-scholen (Hartenlust Mavo, Haarlem College, Daaf Gelukschool,
Tender College, Montessori Aerdenhout) ervaren problemen bij het vinden van voldoende
luistervaardigheidsopdrachten om te kunnen differentiëren in niveau. Zij geven aan te verdwalen in
het ‘ICT-oerwoud’ van mogelijkheden. Zo vreemd is dat niet, want zowel differentiatie als
luistervaardigheid blijkt een complex geheel te zijn, waar een wondere wereld achter schuil gaat.
Reeds uit het vooronderzoek is naar voren gekomen dat een gestructureerde database onontbeerlijk
is voor het differentiëren in niveau. Er is dan ook gekozen voor het opzetten van een online en
openbaar toegankelijke database voor het aanbieden, uitwisselen en structureren van
luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat het van
belang is dat de website wordt gestructureerd volgens een vaste opbouw, in dit geval volgens het ERKprincipe, dat de database actueel moet zijn, van een flexibele leerroute moet zijn voorzien en moet
beschikken over zowel interactieve als printbare leermaterialen. Daarnaast moet het docenten
mogelijk worden gemaakt materiaal voor de website aan te leveren en moeten er tips voor de
verschillende vaardigheden voorhanden zijn. Het uiteindelijke doel van deze nieuwe database is dat
de docenten van de betrokken scholen meer kunnen gaan differentiëren in niveau bij de
luistervaardigheid.
Tijdens dit gehele onderzoek staat de vraag centraal in hoeverre uitbreiding van het beschikbare aantal
luisteroefeningen via DUIFF.com kan bijdragen aan verbreding van differentiatie in niveau. Binnen dit
ontwerponderzoek zal eerst terug worden gekeken naar de belangrijkste uitkomsten uit het
theoretisch kader in de vooronderzoekfase. Daarna wordt er gekeken naar de binnen dit onderzoek
gebruikte onderzoeksmethoden, waaronder theoretisch onderzoek en het gebruik van interviews en
enquêtes. In het laatste deel wordt er gekeken naar de belangrijkste uitkomsten wat betreft de
deelvragen, worden er conclusies getrokken omtrent de hoofdvraag en worden er aanbevelingen
gedaan voor vervolgonderzoek.
Dit is een interessant onderzoek voor alle docenten Duits aan het Vmbo, Havo, Vwo, MBO, HBO en
WO!
Maikel Rensen
Docent Duits - Hartenlust Mavo
Student - Hogeschool Utrecht ‘Master Duits’
4
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Inhoudsopgave
Voorwoord
Samenvatting
Inhoudsopgave
3
4
5
Hoofdstuk 1 - Inleiding
1.1. Praktijksituatie, probleem en doel
1.2. Onderzoeksvraag en deelvragen
6
7
8
Hoofdstuk 2 - Theoretisch kader
2.1. Het vooronderzoek in beeld
2.2. Interventie
2.3. Conclusie
9
10
12
14
Hoofdstuk 3 - Methoden
3.1. Dataverzameling
3.2. Data-analyse
15
16
18
Hoofdstuk 4 - Resultaten
4.1. Op welke manier dient de online database DUIFF.com te
worden opgebouwd?
4.2. In hoeverre zorgt DUIFF.com voor een verbetering in het
differentiëren in niveau binnen de betrokken scholen?
4.3. Welke mogelijkheden biedt DUIFF.com voor het differentiëren
in niveau bij de vaardigheden spreken, schrijven en lezen?
19
20
Hoofdstuk 5 - Conclusie & Discussie
5.1. Conclusie
5.2. Aanbevelingen
25
26
28
Hoofdstuk 6 - Literatuur
6.1. Literatuuroverzicht
29
30
Bijlagen
1: Diepte-interview B. de Jong
2: Diepte-interview Y. van Kooperen
3: Afgenomen enquêtes
4: OWPO-vooronderzoek ‘DUIFF.hören’
32
33
35
37
53
24
5
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
22
6
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Inleiding
1.1. Praktijksituatie, probleem en doel
‘Differentiatie’; het lijkt zo simpel en tegelijkertijd lijkt
het voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het
grootst mogelijke onderwijsobstakel van de afgelopen
jaren te zijn. Dat terwijl het kabinet en de VO-raad in
2014 hebben besloten dat er voor leerlingen in 2020
ruimte moet zijn “om te differentiëren in niveau en
tempo” (Rijksoverheid, 2014). Ook voor de docenten
Duits van de Hartenlust Mavo, het Haarlem College, de
Daaf Gelukschool, het Tender College en het
Montessori Aerdenhout, allemaal onderdeel van de
Vaksectiebijeenkomst ‘Die Mannschaft’ (2015)
Dunamare Onderwijsgroep, geldt dat er al enkele jaren
problemen worden ervaren bij het aanbieden van
gedifferentieerd onderwijs binnen het vak Duits. Met name de grote hoeveelheid mogelijkheden
binnen het ICT-kader, in het vervolg ‘ICT-oerwoud’ genoemd, wordt door veel docenten niet meer
overzien. Hierdoor worden lang niet alle mogelijkheden van differentiatie benut en klagen de docenten
Duits dat zij over te weinig gedifferentieerd materiaal beschikken. Daarnaast is er een duidelijke
behoefte aan het uitwisselen van materiaal voor differentiatie. Differentiatie is echter een woord waar
een immense wereld achter schuil gaat. Er is niet één manier van differentiëren. In dit geval zal dan
ook de vraag moeten worden gesteld welke kant de docenten Duits van de hierboven reeds genoemde
scholen op willen gaan wat betreft differentiatie. Na een eerste inventariserende rondvraag binnen
een vaksectiebijeenkomst voor docenten Duits van het Vmbo (Dunamare Expertacademie), ook wel
‘die Mannschaft’ genoemd, waaraan de docenten van de bovenstaande scholen deelnemen, is
gebleken dat er met name behoefte is aan meer mogelijkheden om te differentiëren in niveau in de
reguliere les. Het vooronderzoek is te vinden in de OWPO-probleemverkenning ‘DUIFF.hören’ (Rensen,
2016). Hiermede kan het onderzoek dus worden afgebakend, daar het onderdeel “differentiëren in
tempo”, ook genoemd in het hierboven aangehaalde besluit van het kabinet en de VO-raad in 2014
(Rijksoverheid, 2014), niet zal worden behandeld. Dit biedt direct perspectief voor vervolgonderzoek.
Differentiatie in niveau is, ondanks het feit dat de helft van het op de website van de Rijksoverheid
genoemde besluit reeds is afgevallen voor het onderzoek, echter nog altijd een begrip waar een
immense wereld achter schuil gaat. Het is uiteraard niet mogelijk binnen de door Hogeschool Utrecht
gestelde termijnen onderzoek te doen naar zo een groot thema. Aangezien verdere afbakening nodig
is, is het noodzakelijk gebleken bij de vaksectiebijeenkomst van de Dunamare Expertacademie
nogmaals navraag te doen naar de behoeften van de docenten als het gaat om het differentiëren in
niveau in de reguliere les. Waar ligt exact het praktijkprobleem van differentiatie in niveau wat veel
collega’s blijken te ervaren, maar wat tot nu toe nog niet onder woorden is gebracht? Het bleek zeer
zinvol te zijn navraag te doen naar de vier taalvaardigheden binnen het vak Duits, ofwel lees-, luister-,
spreek- en schrijfvaardigheid. Uit deze navraag is gebleken, dat de docenten met name problemen
ervaren bij de luistervaardigheid. De meest gebruikte lesmethode binnen de aan de
vaksectiebijeenkomsten deelnemende Vmbo-scholen is Neue Kontakte. Binnen deze methode
worden, aldus de docenten, relatief weinig luisteropgaven aangeboden, zeker niet genoeg om te
kunnen differentiëren in niveau. Het is daarom ook zeer interessant het onderzoek specifiek te richten
op de mogelijkheden van differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid. Uiteindelijk moet het de
leerkracht mogelijk worden gemaakt op een eenvoudige wijze online aan een toereikende hoeveelheid
luistervaardigheidsopgaven te komen om te differentiëren in niveau. Uit het vooronderzoek (Rensen,
2016), bestaande uit een praktijkverkenning en een theoretisch onderzoek, is daarnaast naar voren
gekomen dat het hebben van een database voor lesmateriaal onontbeerlijk is voor het aanbieden en
uitwisselen van luistervaardigheidsmateriaal. Uitwisseling vindt tot nu toe vaak op kleine schaal plaats.
7
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Hiermee gaat een hoop materiaal en kennis voor de overige leraren Duits verloren. Eén overzichtelijke
website voor het aanbieden en uitwisselen van gedifferentieerd lesmateriaal voor het vak Duits
ontbreekt momenteel. Tijdens dit interventieonderzoek heb ik daarom een website als database
opgebouwd (DUIFF.com), waarop docenten hun luistervaardigheidsmateriaal voor Duits kunnen
aanbieden. Het uiteindelijke doel van de nieuwe database is dat de docenten van ‘die Mannschaft’
meer kunnen gaan differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid. Ondanks de duidelijke afbakening,
is het onderzoek toch uitermate interessant voor zowel het tweedegraads gebied, alsmede voor het
eerstegraads gebied. Juist die differentiatie in niveau zorgt er namelijk voor dat dit onderzoek niet
alleen voor het Vmbo-onderwijs, maar ook voor Havo-, Vwo-, MBO-, HBO- en WO-scholen van
toepassing is. Dit brengt ons bij de hoofdvraag en deelvragen van dit interventieonderzoek.
1.2. Onderzoeksvraag en deelvragen
Bij dit onderzoek zal ik mij bezig houden met de beantwoording van de volgende hoofdvraag:
 In hoeverre kan uitbreiding van het beschikbare aantal luisteroefeningen via DUIFF.com
bijdragen aan verbreding van differentiatie in niveau?
Om de hoofdvraag te kunnen beantwoorden, dienen eerst de volgende deelvragen beantwoord te
worden. Achter elke deelvraag staat vermeld op welke wijze de vraag zal worden beantwoord:
Op welke manier dient de online database DUIFF.com te worden
opgebouwd?
In hoeverre zorgt DUIFF.com voor een verbetering in het
differentiëren in niveau binnen de betrokken scholen?
Welke mogelijkheden biedt DUIFF.com voor het differentiëren in
niveau bij de vaardigheden spreken, schrijven en lezen?
8
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
- Literatuuronderzoek
- Interview 2 collega’s
- Enquête
- Diepte-interview
- Enquête
- Diepte-interview
- Einde van onderzoek:
voorstel vervolgonderzoek
9
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Theoretisch kader
“Iedereen heeft de mond vol over differentiatie. Huiswerk mooie illustratie van het vaak totale gebrek
aan differentiatie” twitterde Carl van Keirsbilck (2015). Het is een tekenend beeld voor het
Nederlandse onderwijs in de 21ste eeuw. Docenten krijgen van schoolleidingen de opdracht te
differentiëren in de les, maar velen weten niet hoe zij dit aan moeten pakken of kunnen geen geschikt
materiaal vinden. Nu de overheid in 2014, samen met de VO-raad, heeft besloten dat er in 2020 ruimte
moet zijn voor leerlingen “om te differentiëren in niveau en tempo” (Rijksoverheid, 2014), is het bijna
wonderbaarlijk te noemen dat er nog geen ‘totale ontreddering’ waarneembaar is in het
onderwijsveld. Toch zijn er wel degelijk problemen wat betreft het differentiëren in de klas. De
docenten Duits die hebben deelgenomen aan de vaksectiebijeenkomsten van de Dunamare
Onderwijsgroep hebben, zoals reeds in de inleiding beschreven, aangegeven met name problemen te
ervaren bij het vinden van voldoende online luistervaardigheidsmateriaal om te kunnen differentiëren
in niveau. Uit een uitgebreid theoretisch onderzoek binnen het OWPO-vooronderzoek (Rensen, 2016)
is naar voren gekomen dat het hebben van een database voor lesmateriaal onontbeerlijk is voor het
aanbieden en uitwisselen van luistervaardigheidsmateriaal. Om te zien hoe deze conclusie tot stand is
gekomen zal in dit hoofdstuk eerst worden stilgestaan bij de belangrijkste uitkomsten uit het
vooronderzoek. Daarna zal er worden gekeken naar de gekozen interventierichting met bijbehorende
ontwerpeisen, kenmerken en mechanismen en de gewenste uitkomst van het interventieonderzoek.
2.1. Het vooronderzoek in beeld
Om een beeld te krijgen van de mogelijkheden voor het uitvoeren van een onderzoek in mijn eigen
praktijksituatie is, tijdens de praktijkverkenning in het beginstadium van het OWPO-vooronderzoek,
een inventarisatie gemaakt van de praktijkproblemen binnen de Dunamare Onderwijsgroep-vaksectie
voor docenten Duits van het Vmbo. Uit een inventariserende rondvraag, de eerste fase van de
praktijkverkenning, is gebleken dat de docenten met name problemen ervoeren bij het vinden van
voldoende materiaal om te kunnen differentiëren in niveau in de reguliere les. Een vervolgvraag heeft
duidelijk gemaakt dat de problemen zich met name afspelen op het gebied van de luistervaardigheid.
De vraag was dan ook op welke wijze extra (online) luistervaardigheidsmateriaal voor Duits het beste
kan worden aangeboden, uitgewisseld en gestructureerd, zodat de desbetreffende docenten meer
kunnen gaan differentiëren in niveau. Om deze vraag te kunnen beantwoorden, bleek het noodzakelijk
te zijn een uitgebreid theoretisch onderzoek (Rensen, 2016) uit te voeren.
Differentiatie
In het eerste deel van het theoretisch kader van het vooronderzoek (Rensen, 2016) is ingegaan op de
vraag wat differentiatie nu eigenlijk inhoudt. Differentiatie, aldus het VVKSO het “didactisch principe
van verscheidenheid in oefenvormen, werkvormen en opdrachten waarbij diverse groepen en/of
individuen een leertraject op maat kunnen volgen” (2014), bestaat uit vele deelgebieden. In eerste
instantie dient men een onderscheid te maken tussen convergente (minimumdoel voor gehele groep
+ verdiepingsstof voor de betere leerlingen) en divergente differentiatie (individu staat centraal).
Daarnaast bestaat er een verschil tussen interne (één groep waarbinnen wordt gedifferentieerd) en
externe differentiatie (leerlingen over verschillende groepen of klassen verdeeld naar niveau). Het
VVKSO (2014) onderscheidt daarnaast zes differentiatievormen (meer informatie: Rensen, 2016, §2.1).
Binnen de bij dit onderzoek betrokken scholen is sprake van interne differentiatie. Een convergente
aanpak met de differentiatievormen ‘verdiepingsdifferentiatie’ en ‘niveaudifferentiatie’ is aan te
raden, om uitval van de zwakkere leerlingen te voorkomen.
10
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Differentiatie in niveau
De Rijksoverheid (2015) heeft, zoals eerder aangegeven, besloten dat er voor leerlingen in 2020 ruimte
moet zijn “om te differentiëren in niveau en tempo”. In een tweede deel van het OWPOvooronderzoek (Rensen, 2016) is gekeken naar wat differentiatie in niveau inhoudt. Het VVKSO (2014)
vermeldt dat de klas hierbij op grond van de begaafdheid van de leerlingen wordt opgedeeld in kleinere
groepen. Er is hierbij zowel een homogene (leerlingen met hetzelfde niveau in één groep), als een
heterogene (leerlingen met verschillende niveaus in één groep) aanpak mogelijk. Voor het voortgezet
onderwijs is, gezien de exameneisen, de heterogene aanpak de best mogelijk oplossing. Door hierbij
te kiezen voor verdiepingsdifferentiatie, zouden in principe alle leerlingen een minimumniveau
moeten kunnen halen. Voor de betere leerlingen is verdiepingsstof beschikbaar. De ruimte voor
differentiatie kan met name worden bereikt door te “compacten” (Rijksoverheid, 2015). De betere
leerlingen maken hierbij de voor hen overbodige stof niet. In plaats daarvan kunnen zij zich bezig
houden met het zogeheten “hogere orde denken” uit de taxonomie van Bloom (SLO, z.d.). Het betreft
hier de vaardigheden ‘analyseren, evalueren en creëren’.
Luistervaardigheidsprogramma
In het derde deel van het theoretisch kader in het vooronderzoek (Rensen, 2016) is gekeken naar de
wondere wereld van de luistervaardigheid. Het is een wereld gebleken waarin zelfs de kleinste
elementen van een taal, een klank of een letter, een belangrijke rol spelen. Voordat er überhaupt een
luistervaardigheidsprogramma kan worden opgebouwd, is het belangrijk te beseffen dat er meerdere
manieren van luisteren zijn. Staatsen (2009) heeft een overzicht gemaakt van zes belangrijke
deelvaardigheden binnen de luistervaardigheid (meer informatie: Rensen, 2016, §2.3). Daarmee
samenhangend is het ook belangrijk verschillende soorten teksten te onderscheiden (meer informatie:
Rensen, 2016, §2.3). Tekstsoort en de manier van luisteren zijn namelijk nauw met elkaar verbonden.
Bij het kiezen van luisterteksten voor onderwijsdoeleinden is het van groot belang dat de teksten
‘levensecht en realistisch’ zijn (VVKSO, 2014). Het belangrijkste doel voor de bijbehorende opdrachten
moet zijn dat de leerlingen “iets leren wat hen helpt bij het luisteren en kijken naar een volgende,
nieuwe tekst” (Staatsen, 2009). Naast het geven van tips is hierbij ook de opbouw of structuur van de
opgaven van groot belang. Logischerwijze dient men de opdrachten van makkelijk naar moeilijk te
structureren. Voor een goede opbouw kan de aanpak van Staatsen (2009) of het OVUR-model (VVKSO,
2014) worden gebruikt.
Niveaudifferentiatie luistervaardigheid Duits
‘Écht luisteren is een kunst!’ Toch blijken de lesmethodes
van ‘die Mannschaft’ niet voldoende materiaal voor
verdiepings- en niveaudifferentiatie te bevatten (meer
informatie: Rensen, 2016, §2.4). Hoe kan men dan het
beste differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid van
Duits? Zeker bij het gebruik van een divergente aanpak
bieden de verschillende ERK-niveaus bij uitstek
mogelijkheden om te differentiëren in niveau. Zo noemt
het VVKSO (2014) als één van de mogelijkheden het
individueel laten oefenen van de luistervaardigheid, naast
de klassikale opdrachten. Zwakkere leerlingen kunnen op
Écht luisteren is een kunst (Hanszomer.nl, z.d.)
deze wijze in een veilige omgeving op hun niveau en in hun
tempo aan luistervaardigheid werken, terwijl de sterke leerlingen met opgaven of fragmenten van een
hoger niveau aan de slag gaan. In het kader van een convergente aanpak kan er ook voor worden
gekozen de sterke leerlingen extra opdrachten bij het zelfde luisterfragment te geven. Een andere
mogelijkheid voor de sterkere luisteraars is bijvoorbeeld het vragen naar ‘bepaalde talige aspecten’,
wat voor de zwakkere leerlingen vaak onmogelijk is. Naast de reeds opgesomde mogelijkheden blijken
ook het “reflecteren over de manier van luisteren” (VVKSO, 2014), het gebruik van de doeltaal in de
les en de reeds eerder genoemde heldere structuur in de opbouw van de opgaven van groot belang te
11
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
zijn bij het luistervaardigheidsproces. De zwakkere leerlingen weten bijvoorbeeld meestal niet op
welke wijze zij naar een fragment moeten luisteren, richten zich teveel op details aan het begin van
het fragment en haken af. De tips van de betere luisteraars kunnen hier van grote waarde zijn, evenals
gestructureerde opgaven die het fragment goed inleiden.
Rol van ICT
In de vijfde en tevens laatste paragraaf van het theoretisch kader in het vooronderzoek (Rensen, 2016)
is gekeken naar de rol van ICT bij het aanbieden, uitwisselen en structureren van voldoende
luistervaardigheidsmateriaal voor Duits. In deze paragraaf is gebleken dat er op internet voldoende
materiaal te vinden is om te kunnen differentiëren in niveau. Dit materiaal blijkt echter over het
algemeen zeer verspreid over het internet te staan. Docenten lijken dan ook regelmatig te verdwalen
in het ‘ICT-oerwoud’. Naast de grote Nederlandse uitgevers bieden ook Duits.de, het Goethe Institut,
de NTR en vele particulieren hun oefenmaterialen online aan. Vaak wordt de rol van YouTube en de
Duitse televisie- en radiostations onderschat. Juist de op deze websites ter beschikking staande
materialen zijn vaak zeer realistisch en levensecht te noemen. Het nadeel is echter dat op deze
websites vaak geen didactische materialen ter beschikking staan. Waar zijn echter de waardevolle
materialen van de docenten zelf te vinden. Uit het theoretisch onderzoek is gebleken dat er in
Nederland te weinig materiaal tussen collega’s wordt uitgewisseld. Als het gebeurt, dan vindt de
uitwisseling vaak plaats met bekende collega’s. Hiermee gaat een hoop materiaal en kennis voor de
overige leraren Duits verloren. Aldus Hommel is het “om uitwisseling van materiaal te ondersteunen
belangrijk een overzichtelijke database te hebben en dat het uitwisselen positief aangemoedigd wordt
door bijvoorbeeld een schoolleiding” (Hommel, 2013). Het is hiermede gebleken dat het opzetten van
een gestructureerde database van belang is, om extra (online) luistervaardigheidsmateriaal voor Duits
aan te bieden, uit te wisselen en te structureren. Pas hierna kan een vervolgstap worden gezet naar
het meer differentiëren in niveau. Voor het structureren van de te ontwikkelen database kan het ERKsysteem, een opbouw in verschillende luistertaken of het OVUR-model worden gebruikt. Verder dient
de keuze gemaakt te worden om de database binnen een school of onderwijsgroep ter beschikking te
stellen, of openbaar toegankelijk te maken.
2.2. Interventie
Reeds in de inleiding van dit onderzoek is duidelijk geworden waar dit hele onderzoek om zal draaien;
de docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van de Hartenlust Mavo, het Haarlem
College, de Daaf Gelukschool, het Tender College en het Montessori Aerdenhout, hebben in een
gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te ervaren bij het vinden van voldoende
materiaal om te kunnen differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid. Om een oplossing te vinden
voor dit heldere praktijkprobleem werd in het vooronderzoek de volgende hoofdvraag opgesteld:

Op welke wijze kan extra (online) luistervaardigheidsmateriaal voor Duits worden aangeboden,
uitgewisseld en gestructureerd, zodat de desbetreffende docenten meer kunnen gaan differentiëren in
niveau?
Om deze hoofdvraag te kunnen beantwoorden bleek het noodzakelijk te zijn een gedegen theoretisch
onderzoek uit te voeren. In dit theoretische onderzoek zouden de inzichten van diverse binnen het
onderwijsveld gerenommeerde auteurs of instanties worden gebruikt. Met de verkenning in de theorie
konden, zoals reeds in paragraaf 2.1 beschreven, de volgende deelvragen worden beantwoord:





Wat houdt differentiatie in?
Wat wordt er verstaan onder differentiatie in niveau?
Op welke manier dient een luistervaardigheidsprogramma voor Duits te zijn opgebouwd?
Op welke wijze kan er worden gedifferentieerd in niveau bij de luistervaardigheid van Duits?
Welke rol kan ICT spelen bij het aanbieden, uitwisselen en structureren van voldoende
luistervaardigheidsmateriaal voor Duits?
12
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Uit het vooronderzoek (Rensen, 2016) is naar voren gekomen dat het hebben van een database voor
lesmateriaal onontbeerlijk is voor het aanbieden en uitwisselen van luistervaardigheidsmateriaal.
Uitwisseling vindt tot nu toe vaak op kleine schaal plaats. Hiermee gaat, zoals eerder aangegeven, een
hoop materiaal en kennis voor de overige leraren Duits verloren. Eén overzichtelijke website voor het
aanbieden en uitwisselen van gedifferentieerd lesmateriaal voor het vak Duits ontbreekt momenteel.
Tijdens dit interventieonderzoek wil ik daarom een website als database gaan opbouwen (DUIFF.com),
waarop docenten hun luistervaardigheidsmateriaal voor Duits kunnen aanbieden. In het
vooronderzoek werd aangegeven dat de keuze gemaakt moest worden om deze database binnen een
school of onderwijsgroep op te bouwen, of openbaar ter beschikking te stellen. Juist omdat de
uitwisseling op kleine schaal reeds op veel scholen plaatsvindt, wat getuige het onderzoek voor de
betrokken scholen nog onvoldoende blijkt te zijn, is besloten de website openbaar toegankelijk te
maken. Eén van de belangrijkste voorwaarden was echter ook het structureren van het materiaal,
aangezien de docenten van
de betrokken scholen nu juist
vaak het gevoel hadden in
een ‘ICT-oerwoud’ terecht te
komen. In paragraaf 2.1 is
aangegeven dat voor het
structureren
het
ERKsysteem, een opbouw in
verschillende luistertaken of
het OVUR-model kan worden
gebruikt.
Hoewel
een
opbouw in luistertaken van
groot belang is binnen een
luisteropdracht, zal het de
overzichtelijkheid van een
website
niet
vergroten.
Datzelfde geldt voor het
Vlaamse
OVUR-model.
Daarom is gekozen voor een
in Nederland gebruikelijke
Schematische weergave ERK-niveaus (Deutscholympiade.nl, z.d.)
ERK-opbouw, dat aansluit bij
de opbouw van veel moderne
lesmethodes.
Doel en gewenste uitkomst
Het uiteindelijke doel van dit interventieonderzoek is het ontwikkelen van een database voor het
aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Dit moet
uiteindelijk het differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid van Duits bevorderen. In eerste
instantie zal dit worden getest binnen de reeds beschreven scholen van de Dunamare Onderwijsgroep.
In een later stadium zal de website landelijk worden gepubliceerd, om zo meer docenten Duits te
kunnen ondersteunen. Dit laatste zal echter pas na afronding van het onderzoek plaatsvinden.
Vanwege het gedegen theoretische vooronderzoek in de OWPO-fase, is de verwachting ontstaan dat
DUIFF.com binnen de Dunamare ‘Mannschaft’ ook daadwerkelijk zal leiden tot meer differentiatie in
niveau bij de luistervaardigheid. Dit zal aan de hand van enquêtes en enkele diepte-interviews worden
gemeten. De resultaten hiervan zullen worden verwerkt en geanalyseerd in het hoofdstuk ‘Resultaten’.
Het ontwerp in beeld
Uit het theoretisch kader van het vooronderzoek (Rensen, 2016), waarvan in paragraaf 2.1 een
samenvatting is gegeven, komen belangrijke ontwerpeisen voor de database naar voren. Hieronder
13
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
wordt een kort overzicht van de belangrijkste ontwerpeisen vanuit de CIMO-logica gegeven. Deze lijst
dient als leidraad voor de opbouw van de nieuwe database:






Gestructureerde opbouw volgens het ERK-principe.
Luistervaardigheidsmateriaal om te differentiëren in niveau, aangeleverd door de docenten
Duits van de Dunamare ‘Mannschaft’ en/of andere docenten.
Extra links naar extern differentiatiemateriaal.
Tips voor differentiatie in niveau bij de luistervaardigheid (vanuit probleemverkenning).
Online toegankelijk.
Docenten moeten materiaal kunnen aanleveren voor de database.
2.3. Conclusie
Het uitgebreide theoretisch kader in het vooronderzoek (Rensen, 2016) heeft gezorgd voor een stevig
fundament om te gaan bouwen aan een database voor het aanbieden, uitwisselen en structureren van
luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Zoals eerder beschreven, bestaat de verwachting dat
dit zal leiden tot meer differentiatie in niveau bij de luistervaardigheid binnen de bij dit onderzoek
betrokken scholen. Om te kunnen starten met de opbouw van de website is het echter noodzakelijk
nog meer informatie te verschaffen over de opbouw van een online database en de wensen van de
betrokken docenten. Hiervoor zal niet alleen navraag worden gedaan bij de binnen dit onderzoek
betrokken docenten, maar zal ook verder theoretisch onderzoek worden verricht. In het hoofdstuk
‘Resultaten’ zal een objectieve weergave worden gegeven van de verzamelde gegevens vanuit het
verdere theoretische onderzoek en de andere, reeds in de inleiding beschreven,
onderzoeksmethoden. Hierbij zullen de volgende nieuw geformuleerde deelvragen worden
beantwoord:
 Op welke manier dient de online database DUIFF.com te worden opgebouwd?
 In hoeverre zorgt DUIFF.com voor een verbetering in het differentiëren in niveau binnen de
betrokken scholen?
 Welke mogelijkheden biedt DUIFF.com voor het differentiëren in niveau bij de vaardigheden
spreken, schrijven en lezen?
Uiteindelijk moet dit leiden tot de beantwoording van de volgende hoofdvraag in het hoofdstuk
‘Conclusie & Discussie’:
 In hoeverre kan uitbreiding van het beschikbare aantal luisteroefeningen via DUIFF.com
bijdragen aan verbreding van differentiatie in niveau?
In het volgende hoofdstuk zal eerst worden stilgestaan bij de binnen dit onderzoek gebruikte
onderzoeksmethoden.
14
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
15
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Methoden
3.1. Dataverzameling
Het OWPO-vooronderzoek lijkt alweer een eeuwigheid achter ons te liggen en ook het eerste deel van
dit interventieonderzoek is bijna afgerond. Het theoretisch kader, samengesteld uit data van het
vooronderzoek en het interventieonderzoek, vormt, samen met de nog te analyseren verzamelde data
vanuit de praktijk en extra literatuuronderzoek, de basis voor dit onderzoek. We zijn nu in een stadium
aanbeland, waarin kan worden gesteld dat het onderzoek een ‘ontwerpend karakter’ krijgt. Uit
hoofdstuk 2 is gebleken dat een goede en gestructureerde database voor lesmaterialen noodzakelijk
is om te kunnen differentiëren in niveau. Deze website zal in dit stadium worden vormgegeven, waarna
na enkele weken een evaluatie aan de hand van enquêtes en diepte-interviews kan plaatsvinden. In
dit hoofdstuk zal worden gekeken naar de wijze waarop de data is en wordt verzameld en hoe al deze
data worden geanalyseerd, te beginnen met de data vanuit het vooronderzoek. In hoofdstuk 4 zal
vervolgens worden gekeken naar de resultaten uit het verdere literatuuronderzoek, de interviews en
de diepte-interviews, waarna in hoofdstuk 5 definitieve conclusies kunnen worden getrokken met
betrekking tot de onderzoeksvraag.
Validiteit, Betrouwbaarheid & Onderzoeksmethodiek
Aldus De Lange (Lange, Schuman, Montesano Montessori, 2012) is validiteit de “mate waarin het
instrument werkelijk meet wat de onderzoeker zegt of denkt te meten”. In de startfase van het
vooronderzoek, kort na de praktijkverkenning binnen de Dunamare-vakgroep voor Vmbo-docenten
Duits, is, zowel analoog als digitaal, een inventarisering gemaakt welke literatuur bij het
praktijkprobleem past. De onder meer via Google Scholar gevonden bronnen zijn verwerkt in een
thematische bronnenlijst, onderverdeeld in de thema’s luistervaardigheid, ICT (bij luistervaardigheid),
differentiatie en onderzoek. Deze bronnenlijst is in het laatste stadium van het vooronderzoek
overgezet naar een meer gebruikelijke alfabetische bronnenlijst volgens de APA-normering. Om de
validiteit van het vooronderzoek te vergroten is tijdens de onderzoeksfase per deelvraag gekeken
welke van de gevonden bronnen specifiek antwoord geven op de desbetreffende vraag. De andere
bronnen zijn hierbij niet gebruikt. Dit is mogelijk gebleken door de duidelijke afbakening van het
onderzoek in de startfase. De betrouwbaarheid van het vooronderzoek is gewaarborgd door bij iedere
deelvraag gebruik te maken van de inzichten van diverse binnen het onderwijsveld gerenommeerde
auteurs of instanties. Het gaat hierbij onder meer om Kwakernaak, Staatsen, het SLO, de Rijksoverheid
en het ERK. Om de betrouwbaarheid verder te vergroten zijn ook buitenlandse bronnen in het
vooronderzoek verwerkt, waaronder de Taxonomie van Bloom en informatie van het Vlaamse VVKSO.
Daarnaast zijn enkele universitaire bronnen gebruikt van onder meer de Universiteit Utrecht en de TU
Delft. De diverse bronnen zijn telkens met elkaar vergeleken om tot gedegen conclusies te kunnen
komen.
Uiteindelijk heeft het theoretisch onderzoek in de vooronderzoekfase er, samen met de praktijk- en
internetverkenning, toe geleid dat duidelijk is geworden waar de betrokken docenten werkelijk
behoefte aan hebben. In het algemeen geldt dat een goede database met materialen onontbeerlijk is
voor het differentiatieproces. Er is een bewuste keuze gemaakt om de desbetreffende docenten tot
nu toe alleen in te schakelen voor het vaststellen van het praktijkprobleem, ofwel de
praktijkverkenning. Om in de tweede onderzoeksfase, het interventieonderzoek, met een
ontwerponderzoek aan de slag te kunnen gaan, is het noodzakelijk gebleken eerst duidelijk in beeld te
brengen wat differentiatie in niveau is, welke mogelijkheden er zijn voor luistervaardigheid en hoe
men ICT in dit geheel kan gebruiken. Dit vraagt om een gedegen theoretisch onderzoek.
Na het beantwoorden van de deelvragen en hoofdvraag vanuit het vooronderzoek, zijn nieuwe vragen
samengesteld voor het interventieonderzoek ( Inleiding). Het doel van deze nieuwe vragen is
16
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
verdere verdieping van het onderzoek, het controleren van de conclusies vanuit het vooronderzoek en
het omvormen van het onderzoek van een op theorie en praktijkverkenning gebaseerd project naar
een onderzoek met een ontwerpend karakter. De nieuwe vragen zijn voorafgaand aan de start van het
interventieonderzoek voorgelegd aan enkele medestudenten en de onderzoeksbegeleider vanuit
Hogeschool Utrecht. Hierdoor is de formulering van de vragen concreter geworden en kon het
onderzoeksthema correct worden afgebakend.
Voor het theoretisch kader van het interventieonderzoek is grotendeels gebruikgemaakt van de
theorie vanuit het vooronderzoek. Dit was alleen mogelijk doordat er reeds in de vooronderzoekfase
een gedegen theoretisch kader was opgebouwd dat vanwege het grote aantal, zoals hierboven
beschreven zorgvuldig geselecteerde, bronnen hoog scoort op het gebied van betrouwbaarheid en
validiteit. Direct in de eerste fase van het interventieonderzoek is verder onderzoek verricht in de
literatuur naar de wijze waarop een online database vormgegeven dient te worden. Voor het
theoretisch onderzoek in het hoofdstuk ‘Resultaten’ zijn twee nieuwe bronnen gebruikt. Voor een
hoge mate van betrouwbaarheid is hierbij gebruikgemaakt van een universitair essay van Groothengel
(2014) en een op het gerenommeerde Kennisnet gepubliceerd artikel van Reints en Wilkens (2012).
Daarnaast is de vraag “Op welke manier dient de online database DUIFF.com te worden opgebouwd?”
in een kort interview voorgelegd aan twee collega’s binnen de Dunamare Onderwijsgroep. Hieruit zijn
aanbevelingen naar voren gekomen, die zijn geanalyseerd en verwerkt in het hoofdstuk ‘Resultaten’.
“Het interview als onderzoeksinstrument scoort relatief laag op betrouwbaarheid. Door de grote
afhankelijkheid van de situatie, het moment en de interactie tussen de betrokken personen, is exacte
herhaling uitgesloten” (Lange et al., 2012). De gebruikte triangulatie, ofwel het combineren van
“onderzoeksstrategieën en -methoden” (Lange et al., 2012), heeft ertoe geleid dat de betrouwbaarheid
kan worden gewaarborgd. Triangulatie van onderzoeksmethoden heeft bovendien een tweede
positief effect; het zorgt ervoor dat de validiteit van het onderzoek wordt vergroot, aangezien de kans
groter is dat men ook daadwerkelijk datgene meet wat men wil meten. Het gebruik van interviews
heeft aldus De Lange (2012) ook duidelijke voordelen. Zo geeft het “diepgang aan het onderzoek” en
scoort een goed uitgevoerd en uitgewerkt interview “hoog op validiteit”. Na het uitvoeren en
uitwerken van het theoretisch onderzoek en de in de interviews gegeven reacties, is een volledig
overzicht samengesteld als antwoord op deelvraag 1. Dit overzicht bevat zowel inzichten vanuit het
voor- als het interventieonderzoek. Hierna is, aan de hand van dit overzicht, gestart met de opbouw
van de site volgens het ERK-principe.
Na de eerste start met de DUIFF.com-website,
waarbij reeds enkele delen van de website
volledig werden ingericht, zijn er enquêtes
afgenomen binnen de vakgroep Duits van de
Dunamare Onderwijsgroep. In totaal hebben
6 collega’s van ‘die Mannschaft’ hieraan
deelgenomen. Een zoektocht op internet
heeft weinig geschikte vragen opgeleverd
voor het hier onderzochte thema. Het is dan
ook noodzakelijk gebleken zelf een enquête
Homepage van DUIFF.com (Rensen, 2016)
samen te stellen. In totaal werden 6 open
vragen en 1 gesloten vraag met uitlegmogelijkheid in de enquête opgenomen. Alleen deze gesloten vraag is achteraf in een diagram
verwerkt. De vragen in de enquête kunnen worden beschouwd als een verdere uitsplitsing van de
deelvragen ( Inleiding) binnen dit interventieonderzoek. Op deze wijze is extra informatie verschaft
over deelvraag 1, om zo tussentijds bijstellingen aan de site te kunnen doen, en konden de deelvragen
2 en 3 grotendeels worden beantwoord. Er is specifiek gekozen voor veel open vragen, om
uitgebreidere informatie van de vakdocenten te ontvangen. Dit maakt de vergelijking niet
eenvoudiger, maar zorgt wel voor gerichte antwoorden op de deelvragen. Ook hebben diverse
17
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
collega’s, na het versturen van een verzoek per mail, links en materialen voor de database aangeleverd.
Om het onderzoek te verbreden en de betrouwbaarheid van de enquêtes te vergroten, is ervoor
gekozen de enquête ook voor te leggen aan één oud lid van deze vakgroep, inmiddels docent binnen
de Iris Onderwijsgroep, en één Dunamare-docent aan een Havo-/Vwo-school. Hoewel deze docenten
uit het oogpunt van validiteit niets met de deelvragen ( Inleiding) te maken lijken te hebben, geven
de 2 extra enquêtes wel meer inzicht en ideeën voor het vormgeven van DUIFF.com. “In termen van
betrouwbaarheid en validiteit geldt in het algemeen dat vragenlijsten doorgaans beter scoren op
betrouwbaarheid en zwakker op validiteit” (Lange et al., 2012). Om de validiteit te vergroten is
wederom triangulatie noodzakelijk gebleken. Er is daarom gekozen voor het afnemen van diepteinterviews bij twee verschillende collega’s uit de Dunamare-vakgroep. Voordat de interviews konden
worden afgenomen, is er eerst gekeken naar de antwoorden die de desbetreffende docenten hadden
gegeven in de enquête. Er is hierbij gericht gekeken naar welke informatie nog niet geheel duidelijk
was en waar nog enige verdieping in het antwoord noodzakelijk bleek te zijn. Het voordeel van een
diepte-interview is dat het “een flexibel onderzoeksinstrument is” (Lange et al., 2012). Tijdens het
interview is het nuttig gebleken direct door te vragen, ofwel extra vragen te stellen, op het moment
dat de geïnterviewde een interessante of zelfs verrassende reactie gaf. Om mij geheel op het gesprek
te kunnen focussen, is er voor gekozen beide diepte-interviews met een mobiele telefoon op te
nemen. Uiteraard is het wel van belang dat de geïnterviewde hiervoor vooraf toestemming heeft
gegeven. De interviews zijn achteraf schriftelijk uitgewerkt om vergelijking met de enquêtes mogelijk
te maken. Ook zorgt dit ervoor dat de informatie eenvoudig kan worden verwerkt bij het
beantwoorden van de deelvragen. De door de betrokken docenten gegeven informatie heeft, evenals
de theoretische verkenning voor deelvraag 1, als basis gediend voor het beantwoorden van de
deelvragen. De deelvragen hebben uiteindelijk geleid tot enkele aanbevelingen voor vervolgonderzoek
en een voorzichtige eindconclusie.
3.2. Data-analyse
In het volgende hoofdstuk is de volledige uitwerking van de drie deelvragen te vinden. Voor het
beantwoorden van deze deelvragen is, zoals hierboven aangegeven, informatie vanuit het theoretisch
kader, extra theoretisch onderzoek en informatie vanuit de enquêtes, interviews en diepte-interviews
gebruikt. Alleen bij de gesloten vraag vanuit de enquête is het mogelijk gebleken een diagram te
ontwikkelen. Hoe de data exact zijn verzameld en geanalyseerd is te lezen in paragraaf 3.1.
18
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
19
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Resultaten
‘Écht luisteren is een kunst!’, schreef ik in hoofdstuk 2. Des te opmerkelijker dat de binnen de
Dunamare-vakgroep voor docenten Duits gebruikte lesmethodes te weinig luistervaardigheidsmateriaal aanbieden, waardoor differentiatie in niveau onvoldoende mogelijk blijkt te zijn. Om te
onderzoeken of DUIFF.com voor dit praktijkprobleem een oplossing kan bieden, zullen in dit hoofdstuk
de deelvragen stapsgewijs worden beantwoord. Naast het theoretisch kader en een verdere
verkenning in de literatuur, spelen in dit hoofdstuk ook de afgenomen enquêtes en diepte-interviews
een belangrijke rol. Uiteindelijk moet de beantwoording van de deelvragen leiden tot de
beantwoording van de hoofdvraag van dit interventieonderzoek in hoofdstuk 5.
4.1. Op welke manier dient de online database DUIFF.com te worden opgebouwd?
“Al het leermateriaal, zowel folio als digitaal, is ontworpen om leerlingen doelgericht te laten leren:
kennis, vaardigheden, attitudes, competenties. Dat is de primaire functie ervan. Natuurlijk heeft het
materiaal ook secundaire functies, bijvoorbeeld dat het de neerslag is van het examenprogramma of
de leraar helpt zijn lessen voor te bereiden. Deze functies zijn medebepalend voor de kwaliteit”, zo
schrijven Reints en Wilkens (2012) in hun publicatie op Kennisnet. Hoewel binnen dit onderzoek de
docenten centraal staan, mag men in de ontwikkelingsfase van een onderwijskundige database nooit
het ‘doelgericht leren’ van de leerlingen uit het oog verliezen. In dit onderzoek is in eerste instantie
met name stil gestaan bij de luistervaardigheid. Deze vaardigheid kan worden omschreven als een zeer
complexe vaardigheid. Ongemerkt spelen zelfs de kleinste elementen in een taal, de losse letters en
klanken, een grote rol bij het begrijpen van een tekst. Van klank, via woord, zin en tekst, naar betekenis
en anderzijds van jouw kennis van de wereld en de situatieve en talige context naar betekenis; het is
het zogeheten “bottom-up- en top-downproces” bij het begrijpen van een taal waar Kwakernaak het
in zijn Didactiek van het vreemdetalenonderwijs (2015) over heeft. De vraag is dan ook hoe men deze
complexe vaardigheid het beste kan vormgeven in een nieuwe online database.
Terugkijkende naar de primaire functie van analoog en digitaal leermateriaal, kan worden gesteld dat
de leerzaamheid van het materiaal afhangt van “zowel de intrinsieke eigenschappen van het materiaal,
zoals de herkenbaarheid en de ordening, als van de extrinsieke eigenschappen, zoals de manier waarop
de leraar het materiaal inzet in de klas”
(Reints, Wilkens, 2012). Uiteraard is het
lastig om vanuit een online database de
wijze waarop een docent in de klas het
materiaal inzet volledig te sturen. Men
kan tips aandragen voor de opbouw van
een luistervaardigheidsprogramma (meer
informatie: Rensen, 2016, §2.3), maar
uiteindelijk is het de docent die bepaalt
hoe de lessen worden ingedeeld. De
herkenbaarheid en ordening zijn wel van
belang voor de online database. “In veel
gevallen zullen voor folio en digitaal
leermateriaal dezelfde kwaliteitscriteria
gelden. Maar digitaal leermateriaal heeft
twee eigenschappen die folio materiaal
niet heeft: multimodaliteit en adaptiviteit.
Onder multimodaliteit verstaan we dat
het materiaal verschillende zintuigen
Lesmateriaal in DUIFF.com (Rensen, 2016)
tegelijkertijd aanspreekt. Adaptiviteit
20
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
houdt in dat een programma zich automatisch aanpast aan het niveau van de leerling, waardoor
flexibele leerroutes ontstaan. Folio materiaal kan dat niet.” (Reints et al., 2012). De Jong, collega binnen
de Dunamare-vakgroep, heeft het hier ook over in zowel het korte interview aan het begin van het
interventieonderzoek als het diepte-interview. Op de vraag hoe de database vormgegeven dient te
worden, antwoordt zij: “een soort game-idee, dus als ze iets gehaald hebben, dat ze automatisch
doorgaan naar het volgende level en dat zij dus precies kunnen aankijken op welk niveau zij zitten en
ik ook” (2016). Hoewel het creëren van een automatisch levelsysteem in een database lastig, zo niet
onmogelijk is, zijn er zeker goede mogelijkheden om de database van een vaste structuur met
verschillende niveaus te voorzien, zodat er voor zowel docent als leerling een flexibele leerweg kan
ontstaan. Leerlingen die een bepaalde vaardigheid lastig vinden, blijven nog in hetzelfde niveau
oefenen. Betere leerlingen beginnen alvast aan een hoger niveau, of starten zelfs met het zogeheten
“hogere orde denken” uit de taxonomie van Bloom (SLO, z.d.). Uit het vooronderzoek (Rensen, 2016)
is reeds het advies naar voren gekomen om gebruik te maken van het binnen het Nederlandse
onderwijssysteem veel gehanteerde ERK-principe. Ook Eekhof-Wolf heeft het hier over in de door haar
ingevulde enquête: “De indeling moet overzichtelijk zijn om materiaal snel te kunnen vinden. Naar mijn
idee zou een sortering naar klas en niveau handig zijn met daarbij ook weer per niveau onderscheid
tussen makkelijker en moeilijker. (…) Het materiaal zelf moet aansluiten bij de beleveniswereld van de
leerling en het ERK” (2016). Het gebruik maken van verschillende niveaus binnen de DUIFF.comdatabase is sowieso een wens die uit veel afgenomen enquêtes naar voren komt. Zo verwoordt Van
Kooperen: “Het moet voor verschillende niveaus werkbaar zijn” (2016). Er is dan ook voor gekozen de
website in vaardigheden en ERK-niveaus in te delen:
Onderverdeling DUIFF.com in vaardigheden en ERK-niveaus (Rensen, 2016)
De Jong (2016) zegt daarnaast: “Ik vind het belangrijk dat het makkelijk toegankelijk is, actueel blijft
(dus regelmatig opgeschoond en aangevuld)”. De eenvoudige wijze van het actualiseren van materiaal
in een online database benadrukt zij daarnaast ook nogmaals in het diepte-interview (De Jong, 2016).
Terugkomend op de kwaliteitscriteria voor een online database kan worden gemeld dat Elen drie
belangrijke aspecten voor het beoordelen van leermateriaal heeft omschreven: “leerstof, didactiek en
presentatie. (…) In de eerste plaats is leren zonder leerstof onmogelijk: het is als kijken zonder beeld of
horen zonder geluid. Maar leerstof is op zichzelf nog ruw materiaal: het moet didactisch vorm krijgen.
En tenslotte moet het geheel nog in een aantrekkelijke en functionele vorm worden gegoten, met
teksten, beeld en geluid. Pas als aan al die eisen is voldaan, voldoet het leermateriaal maximaal aan de
kwaliteitscriteria” (Reints et al., 2012). Vanuit didactisch oogpunt is het hierbij van belang dat het in
de database aangeboden lesmateriaal ook op enigerlei wijze aansluit bij datgene wat er in de les wordt
aangeboden. DUIFF.com kan deze contextgerichtheid alleen aanbieden in de vorm van een verdeling
in verschillende vaardigheden, vaardigheidstraining is ten slotte ook een doel met een context binnen
het vak Duits, en in de vorm van verschillende ERK-niveaus, die gekoppeld zijn aan de lesmethodes.
Om de opdrachten in de database echter echt zinvol te maken, is het van belang dat de docent de
21
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
opdrachten in een heldere context plaatst die past bij de les. Groothengel zegt hierover:
“Contextgericht wil onder andere zeggen dat opdrachten opgezet zijn als een case in de context van
het thema, dat op dat moment in de klas wordt behandeld” (2014). De docent is hierbij dan ook de
belangrijkste factor als het gaat om het kwaliteitscriterium ‘didactiek’. De grootste taak voor mij als
webmaster ligt dan ook bij het selecteren van de juiste leerstof en het creëren van een goede en
gestructureerde ‘presentatieomgeving’ voor de lesmaterialen. Hiervoor wil ik graag teruggrijpen op de
onderstaande lijst met de belangrijkste ontwerpeisen voor de database vanuit de CIMO-logica (
§2.2), die is aangevuld met de belangrijkste uitkomsten vanuit het extra theoretisch onderzoek, de
interviews en de enquêtes in deze paragraaf. Deze ontwerpeisen worden gebruikt bij de opbouw van
de nieuwe site:








Online toegankelijk.
Gestructureerde opbouw volgens het ERK-principe.
Het creëren van een flexibele leerroute.
Het creëren van een actuele leeromgeving.
Zowel interactief als printbaar materiaal ter beschikking stellen.
Luistervaardigheidsmateriaal om te differentiëren in niveau, aangeleverd door de docenten
Duits van de Dunamare-vakgroep, aangevuld met links naar extern differentiatiemateriaal.
Docenten moeten online materiaal kunnen aanleveren voor de database.
Tips voor differentiatie in niveau bij de luistervaardigheid (vanuit probleemverkenning).
4.2. In hoeverre zorgt DUIFF.com voor een verbetering in het differentiëren in niveau binnen de
betrokken scholen?
Na het opzetten van de eerste delen van de DUIFF.com-database, is er door middel van twee diepteinterviews met collega’s van de Dunamare-vakgroep en in totaal acht interviews van vakgroepcollega’s, een Havo-docent en een Vmbo-docent van een andere onderwijsgroep geëvalueerd of de
opbouw van de database naar wens is, wat het effect voor de dagelijkse lespraktijk is en welke
uitbreidingsmogelijkheden zij zien voor de database naar de andere vaardigheden. Op de
mogelijkheden voor de andere vaardigheden wordt in paragraaf 4.3 ingegaan.
Hoewel nog niet alle docenten wegens tijdgebrek praktijkervaring hebben kunnen opdoen met de
DUIFF.com-database, geven vrijwel alle docenten op de vraag of de nieuwe database ervoor zorgt dat
zij meer kunnen differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid aan dat er inderdaad meer
mogelijkheden voor differentiatie in niveau zijn ontstaan. Eén docent heeft de vraag wegens een
gebrek aan praktijkervaring niet kunnen invullen, wat ook blijkt uit het onderstaande diagram. Het feit
dat nog niet alle collega’s praktijkervaring hebben kunnen opdoen, zorgt ervoor dat enigszins
voorzichtig met de conclusie dat DUIFF.com voor een verbetering in het differentiëren in niveau heeft
gezorgd, dient te worden omgesprongen:
Meer differentiatie?
1
Zorgt DUIFF.com ervoor dat jij meer kunt
differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid in
jouw dagelijkse lespraktijk?
0
7
0
Niet beantwoord
Nee
2
3
4
5
6
7
Ja
22
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
1
Gezien de eerdere theoretische verkenning in de vooronderzoekfase, waaruit reeds naar voren is
gekomen dat een database voor lesmateriaal van groot belang is voor het differentiatieproces, kan,
met enige terughoudendheid, worden gesteld dat het centraliseren van diverse
differentiatieopdrachten op het DUIFF-platform inderdaad voor meer mogelijkheden voor het
differentiëren in niveau binnen de betrokken scholen moet hebben gezorgd en dat de conclusie vanuit
de enquêtes daarmede naar alle waarschijnlijkheid juist is. Zo stelt Hommel, zoals te lezen valt in het
vooronderzoek, dat het “om uitwisseling van materiaal te ondersteunen belangrijk is een
overzichtelijke database te hebben (online of binnenschool)” (2013). Ook De Vries gaat in op het
differentiëren in tempo en niveau: “Hier zou door het gebruik van opdrachtendatabases een grote slag
geslagen kunnen worden” (Vries, 2013).
Op welke wijze heeft deze verbetering echter
plaatsgevonden? Hiervoor dient te worden
gekeken naar de antwoorden vanuit de enquêtes
en diepte-interviews. Op de vraag voor welke
leerlingen de database het meest geschikt is,
stelt De Jong: “Ik denk voor leerlingen die op een
hoog niveau, dus Havo-niveau in ons geval,
verder kunnen, of juist leerlingen die extra hulp
nodig hebben, omdat ze het bijvoorbeeld moeilijk
hebben” (2016). Dit valt samen met het reeds
eerder genoemde differentiëren in niveau,
Ondanks het feit dat DUIFF.com in eerste instantie is
waarvoor de site ook in eerste instantie is
opgezet voor docenten, kunnen ook leerlingen er
opgezet. Ook V.d. Kraan wil graag van deze
individueel en op hun eigen niveau mee aan de slag
(Rensen, 2016)
mogelijkheid gebruikmaken, “want zodra ik
leerlingen heb die zelf aan de slag kunnen, zou ik
ze achter dit materiaal zetten en zelf de zwakkere leerlingen gaan helpen” (2016). Bohne stelt
daarnaast dat de nieuwe site ervoor heeft gezorgd dat hij zijn ‘lessen verder kan uitbreiden of ook
tussendoor iets anders kan doen naast de standaard toepassingen’ (2016). Vooral het aanbod aan
luistervaardigheidsmateriaal is voor hem van belang: “Luistervaardigheid blijft toch een vaardigheid
met minder toepassingen in de leergangen, dus het is zeer welkom wanneer dit meer keuzemogelijkheden biedt per niveau” (Bohne, 2016). Van Kooperen benadrukt dat zij blij is met het feit dat
de database niet alleen op de laptop te gebruiken is. Zij zegt dat de database “variatie geeft in de les.
De leerlingen zijn niet alleen met een boek of lesopdracht bezig”, maar zij geeft ook aan dat het alleen
met een laptop werken niet wenselijk is: “Op een laptop werken is ter afwisseling van de opdracht die
de docent in de klas uitdeelt. Dus ik zou zeggen 1/3 op een laptop en 2/3 in de klassen uitdelen”
(Kooperen, 2016). Hier is reeds in een vroegtijdig stadium rekening mee gehouden door in de site
opdrachten te verwerken die met behulp van een digibord of projectiescherm kunnen worden
gemaakt, opdrachten toe te voegen die kunnen worden uitgeprint en interactieve opdrachten aan de
site te koppelen. Eekhof-Wolf heeft het in de door haar ingevulde enquête met name over de
mogelijkheden die door de database zijn ontstaan voor het nieuwe lesconcept dat zij volgend jaar gaat
hanteren. Zij gaat met behulp van een Taalportfolio de 4 vaardigheden toetsen. De lesmethode krijgt
hierbij een beduidend kleinere rol. Zij ziet als grootste voordeel van de database dan ook de aanvulling
op het reeds bestaande lesmateriaal. Voor het Taalportfolio is namelijk “aanvullend en kwalitatief
hoogwaardig materiaal nodig. Dikwijls ontbreekt het in de methode aan voldoende en geschikt
luistermateriaal. Aanvulling is wenselijk, mits het luistermateriaal aansluit aan de kerndoelen en ‘ERKproof’ is” (Eekhof-Wolf, 2016). Wel durft zij een kritische kanttekening bij de huidige opzet van de
database te plaatsen: “Elke inzending zou op kwaliteitseisen gecontroleerd moeten worden. Dit is een
gezamenlijke inspanning, niet een enkeling zou dat moeten doen. De vraag is of en hoe je mensen vindt,
die over voldoende kennis van zaken beschikken en tegelijk de tijd vrij willen maken om deze controle
uit te voeren” (Eekhof-Wolf, 2016). Om een oplossing te vinden voor deze kwestie zou er kunnen
worden gedacht aan samenwerking met collega’s of grotere organisaties. Reeds in de CIMO-logica van
23
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
het vooronderzoek werd gesteld dat er kan worden gekeken naar samenwerkingsmogelijkheden met
het Goethe Institut. Hoewel het hier tijdens de relatief korte onderzoeksperiode nog niet van is
gekomen, kan er zeker over worden nagedacht om de samenwerkingsmogelijkheden met het Goethe
Institut te Amsterdam te bekijken na afloop van dit interventieonderzoek. De database is namelijk niet
alleen voor dit interventieonderzoek opgezet, maar moet een blijvende oplossing gaan vormen voor
het gestelde praktijkprobleem. Bovendien zijn er plannen om de database verder uit te breiden naar
de andere vaardigheden, waarvoor binnen de website al eerste stappen zijn gezet, de site landelijke
bekendheid te geven binnen het vak Duits en de site uit te breiden met een mobiele versie. Dit kan op
den duur uiteraard niet afhankelijk zijn van slechts één persoon, zeker ook omdat de site niet op
zichzelf staat. Het nieuwe platform is direct gekoppeld aan de moderne sociale media Facebook,
YouTube en Google+. Het actueel houden van de site en bijbehorende webpagina’s en het zorgen voor
een hoogstaand niveau kan op den duur een dusdanig grote inspanning worden, dat samenwerking
noodzakelijk is.
4.3. Welke mogelijkheden biedt DUIFF.com voor het differentiëren in niveau bij de vaardigheden
spreken, schrijven en lezen?
De nieuw opgezette database DUIFF.com heeft, hoewel men enigszins voorzichtig met die conclusie
moet omgaan, ervoor gezorgd dat de docenten van de betrokken Dunamare-vakgroep meer kunnen
differentiëren in niveau in hun dagelijkse lespraktijk bij de luistervaardigheid. Zowel voor leerlingen
die op een hoger niveau willen werken, als voor leerlingen die extra ondersteuning nodig hebben, is er
nu op één centrale plek voldoende materiaal beschikbaar om de lessen effectief in te kunnen delen.
Bovendien zal de database voortdurend verder worden uitgebreid met nieuw en actueel materiaal.
Bohne stelde al in paragraaf 4.2 dat de database met name voor de luistervaardigheid uitkomst biedt:
“Luistervaardigheid blijft toch een vaardigheid met minder toepassingen in de leergangen, dus het is
zeer welkom wanneer dit meer keuzemogelijkheden biedt per niveau” (Bohne, 2016). Reeds tijdens het
ontwerpproces van de database is er rekening mee gehouden dat er in een later stadium materiaal
voor de andere vaardigheden toegevoegd moest kunnen worden. In de enquêtes en diepte-interviews
is aan de betreffende vakcollega’s gevraagd welke mogelijkheden zij zien voor het toevoegen van
materiaal voor de drie andere vaardigheden: spreken, schrijven en lezen. V.d. Kraan ziet in dit opzicht
graag een koppeling tussen de reeds bestaande luisteropdrachten en de spreek- en schrijfvaardigheid:
“Er zouden oefeningen kunnen komen naar aanleiding van de luisteropdrachten gericht op de
spreekvaardigheid en de schrijfvaardigheid” (Kraan, 2016). De Jong ziet graag voldoende materiaal
voor de leesvaardigheid in de onder- en middenbouw, maar noemt ook opdrachten voor het schrijven
van de persoonlijke of zakelijke brief in de bovenbouw als mogelijkheid. Voor de leesvaardigheid geeft
zij als advies mee vooral te kijken naar ‘korte verhalen, verhalen uit tijdschriften, verhalen over actuele
sterren en bijvoorbeeld interviews’ (De Jong, 2016). Van Kooperen (2016) sluit zich hier bij aan door te
stellen dat de leerlingen niet altijd geïnteresseerd blijken te zijn in het Duitse journaal. Volgens haar
kan hierbij dan ook beter worden gedacht aan het aanbieden van ‘interviews met leeftijdsgenoten en
sportfiguren, songteksten en Lückenteksten’. Zij prijst daarnaast het online Taaldorp van StudioVO dat
reeds in een vroegtijdig stadium in de site was geïntegreerd om de gespreksvaardigheid, waarbij zowel
het spreken als het luisteren en lezen een rol speelt, te trainen: “Ik zag dat de vraagstelling in het Duits
was. De antwoorden werden in het Nederlands aangegeven en daardoor moesten de leerlingen dat om
gaan zetten in het Duits, dus Duits leren antwoord te geven. En dat vind ik een leuke, maar ook zeer
zeker een functionele opdracht” (Kooperen, 2016). Sneekes, Vmbo-docent en voormalig lid van de
Dunamare-vakgroep, heeft het met name over het feit dat het aanleren van de verschillende
vaardigheden altijd weer lastig blijkt te zijn. Volgens hem kan er dan ook “nooit genoeg materiaal
aangeboden worden” (Sneekes, 2016). Van Kooperen (2016) kijkt nog verder dan alleen naar de
vaardigheden. Zij noemt bijvoorbeeld ook het toevoegen van een onderdeel ‘Landeskunde’ als optie,
waarbij bijvoorbeeld kan worden gedacht aan een ‘landkaart, de hoofdsteden, belangrijke gebouwen,
gebruiken van het land, het eten en de festiviteiten’. Dit biedt interessante perspectieven voor verdere
uitbreiding, ook naar bijvoorbeeld de grammatica. De database is dan ook nog niet uitontwikkeld.
24
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
25
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Conclusie & Discussie
5.1. Conclusie
Uit het vooronderzoek is reeds gebleken dat het differentiëren in niveau bij het trainen van de
luistervaardigheid een lastige taak was voor de docenten Duits van de Dunamare-vakgroep ‘die
Mannschaft’. Vooral het ontbreken of niet kunnen vinden van voldoende luistervaardigheidsmateriaal
zorgde voor grote problemen. Uit het vooronderzoek is naar voren gekomen dat het creëren van een
openbaar toegankelijke en goed gestructureerde database voor lesmateriaal onontbeerlijk is voor het
differentiatieproces. Reeds in de vooronderzoekfase is de keuze gemaakt de database volgens het ERKprincipe op te bouwen en zijn er ontwerpeisen samengesteld. Om de bruikbaarheid van de database
te kunnen testen, is reeds in een vroegtijdig stadium de volgende hoofdvraag samengesteld:
 In hoeverre kan uitbreiding van het beschikbare aantal luisteroefeningen via DUIFF.com
bijdragen aan verbreding van differentiatie in niveau?
In het onderzoek dat hierop volgde is gebruik gemaakt van de resultaten uit het vooronderzoek,
resultaten van nieuw theoretisch onderzoek en gegevens uit afgenomen enquêtes en interviews.
Uiteindelijk heeft dit ertoe geleid dat de volgende deelvragen konden worden beantwoord:
 Op welke manier dient de online database DUIFF.com te worden opgebouwd?
 In hoeverre zorgt DUIFF.com voor een verbetering in het differentiëren in niveau binnen de
betrokken scholen?
 Welke mogelijkheden biedt DUIFF.com voor het differentiëren in niveau bij de vaardigheden
spreken, schrijven en lezen?
Aangezien reeds in hoofdstuk 4 uitgebreid is stilgestaan bij de beantwoording van de deelvragen,
zullen in deze paragraaf alleen nog conclusies worden getrokken met betrekking tot de hoofdvraag.
Conclusies hoofdvraag
Het onderzoek heeft uitgewezen dat de database DUIFF.com heeft geleid tot meer mogelijkheden om
te differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid binnen de betrokken scholen. Zeven van de acht
docenten die hebben deelgenomen aan de enquête hebben namelijk aangegeven dat zij door de
nieuwe database daadwerkelijk meer kunnen differentiëren in niveau. Toch dient er met enige
terughoudendheid met deze conclusie te worden omgesprongen, gezien het feit dat niet alle collega’s
tijd hebben gehad de website in een praktijksituatie uit te proberen. Toch komt de conclusie wel
overeen met datgene wat reeds in een eerder stadium uit het theoretisch onderzoek naar voren is
gekomen. Zo stelt Hommel, zoals ook aangegeven in hoofdstuk 4, dat het “om uitwisseling van
materiaal te ondersteunen belangrijk is een overzichtelijke database te hebben (online of
binnenschool)” (2013). De Vries is ook ingegaan op het inzetten van een online database voor het
differentiëren in tempo en niveau: “Hier zou door het gebruik van opdrachtendatabases een grote slag
geslagen kunnen worden” (Vries, 2013). Praktijk en theorie komen hier dan ook duidelijk met elkaar
overeen. In dit opzicht kan worden gesteld dat de juiste interventiemethode is gekozen voor dit
onderzoek. Uit het onderzoek is verder naar voren gekomen dat de betrokken docenten de database
met name kunnen gebruiken voor differentiatie in niveau; exact datgene waarvoor de website in
eerste instantie ook is opgezet. Zo stelt De Jong op de vraag voor wie zij de site wil inzetten: “Ik denk
voor leerlingen die op een hoog niveau, dus Havo-niveau in ons geval, verder kunnen, of juist leerlingen
die extra hulp nodig hebben, omdat ze het bijvoorbeeld moeilijk hebben” (2016). Bohne benadrukt
daarnaast dat de database zorgt voor een welkome aanvulling wat betreft het luistervaardigheidsmateriaal: “Luistervaardigheid blijft toch een vaardigheid met minder toepassingen in de leergangen,
dus het is zeer welkom wanneer dit meer keuzemogelijkheden biedt per niveau” (Bohne, 2016). Hoewel
Eekhof-Wolf het project in haar enquête een “top initiatief” (Eekhof-Wolf, 2016) noemt, durft zij ook
26
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
een kritische kanttekening bij de huidige opzet van de database te plaatsen: “Elke inzending zou op
kwaliteitseisen gecontroleerd moeten worden. Dit is een gezamenlijke inspanning, niet een enkeling
zou dat moeten doen. De vraag is of en hoe je mensen vindt, die over voldoende kennis van zaken
beschikken en tegelijk de tijd vrij willen maken om deze controle uit te voeren” (Eekhof-Wolf, 2016).
Om hiervoor een oplossing te vinden, is het onder andere mogelijk na afronding van het onderzoek de
samenwerkingsmogelijkheden met het Goethe Institut te Amsterdam te onderzoeken. Uit de
afgenomen enquêtes en interviews is ook naar voren gekomen dat de docenten van de betrokken
vakgroep graag zien dat de website verder wordt uitgebreid naar de andere vaardigheden. Hier is reeds
bij de eerste opzet van de site rekening mee gehouden. V.d. Kraan zou in dit opzicht het liefst
opdrachten waarbij verschillende vaardigheden worden gecombineerd willen zien: “Er zouden
oefeningen kunnen komen naar aanleiding van de luisteropdrachten gericht op de spreekvaardigheid
en de schrijfvaardigheid” (Kraan, 2016). De Jong ziet met name mogelijkheden voor de lees- en
schrijfvaardigheid en geeft hierbij als tip mee ‘korte verhalen, verhalen uit tijdschriften, verhalen over
actuele sterren en bijvoorbeeld interviews’ (De Jong, 2016) toe te voegen aan de database. Van
Kooperen (2016) sluit zich hier bij aan. Volgens haar kan voor onze doelgroep het beste worden
gedacht aan ‘interviews met leeftijdsgenoten en sportfiguren, songteksten en Lückenteksten’.
Daarnaast prijst zij het reeds binnen de database aanwezige online Taaldorp van StudioVO, waarin
leerlingen online gesprekssituaties kunnen oefenen. Als laatste advies geeft zij mee om een compleet
Landeskunde-aanbod op de site te plaatsen. Te denken valt hierbij aan een ‘landkaart, de hoofdsteden,
belangrijke gebouwen, gebruiken van het land, het eten en de festiviteiten’ (Kooperen, 2016). Dit
biedt, zoals eerder aangegeven, interessante perspectieven voor verdere uitbreiding van de database.
Hierbij valt bijvoorbeeld ook te denken aan een grammatica-onderdeel. De DUIFF.com-database is niet
alleen voor dit interventieonderzoek opgezet. Het is een database met vele uitbreidingsmogelijkheden
en toekomstperspectief.
Extra uitbreiding op DUIFF.com: een online Taaldorp van StudioVO (Rensen, 2016)
27
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
5.2. Aanbevelingen
In deze laatste paragraaf van dit onderzoek worden nog enkele aanbevelingen gedaan voor
vervolgonderzoek. Deze aanbevelingen zijn tot stand gekomen door reacties in de afgenomen
enquêtes en interviews en door afbakening van dit onderzoek, waardoor bepaalde onderdelen niet
zijn onderzocht binnen dit interventieonderzoek.
In zowel hoofdstuk 4 als paragraaf 5.1 is aangegeven dat de website DUIFF.com toekomstig verder zal
worden uitgebreid naar de andere vaardigheden. Hoewel voor deze vaardigheden dezelfde
kwaliteitscriteria voor lesmateriaal gelden als bij de luistervaardigheid, is er tot nu toe binnen dit
onderzoek geen aandacht besteed aan de beste opbouw voor een spreek-, schrijf- of
leesvaardigheidsprogramma. Dit biedt duidelijke perspectieven voor vervolgonderzoek. Hoewel ervan
kan worden uitgegaan dat ook hierbij het beste kan worden gekozen voor een opbouw in ERK-niveaus,
is vervolgonderzoek naar de didactische aanpak van deze vaardigheden noodzakelijk.
Daarnaast is er, vanwege de duidelijke afbakening in de vooronderzoekfase, binnen dit onderzoek
alleen aandacht besteed aan differentiatie in niveau. Het onderdeel “differentiëren in tempo”, ook
genoemd in het besluit van het kabinet en de VO-raad in 2014 (Rijksoverheid, 2014) is niet opgenomen
in dit onderzoek. Ook dit biedt perspectief voor vervolgonderzoek, waarbij met name kan worden
gekeken naar wat differentiatie in tempo exact inhoudt en welke rol de DUIFF.com-database hierin
kan spelen.
Ter afsluiting kan hier nog het advies worden gegeven bij herhaling van dit onderzoek meerdere
personen verantwoordelijk te maken voor de website. Het opzetten van een website kan weliswaar
probleemloos worden gedaan door één persoon, maar voor kwaliteitsbewaking is samenwerking met
andere personen of organisaties noodzakelijk. Eekhof-Wolf verwoordt dit als volgt: “Elke inzending zou
op kwaliteitseisen gecontroleerd moeten worden. Dit is een gezamenlijke inspanning, niet een enkeling
zou dat moeten doen. De vraag is of en hoe je mensen vindt, die over voldoende kennis van zaken
beschikken en tegelijk de tijd vrij willen maken om deze controle uit te voeren” (2016). Voor de
DUIFF.com-database zal na afloop van dit onderzoek contact worden gezocht met onder andere het
Goethe Institut te Amsterdam, om te kijken of er mogelijkheden zijn voor samenwerking, en zullen er
kwaliteitseisen worden opgesteld voor het materiaal dat wordt aangeleverd door docenten. Mogelijk
wordt hierbij wederom de Dunamare-vakgroep ingeschakeld.
28
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
29
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Literatuur
6.1. Literatuuroverzicht
Gebruikte bronnen (voor-)onderzoek
































Bloom, B.S. (1956). Taxonomy of Educational Objectives. Vol. 1: Cognitive Domain. New York: McKay.
Bohne, M. (2016). Enquête DUIFF.com. Bloemendaal: Maikel Rensen.
Duits.de. (z.d.). Duits.de. Geraadpleegd op 12-07-2015, van http://duits.de/
Eekhof-Wolf, M. (2016). Enquête DUIFF.com. Bloemendaal: Maikel Rensen.
Europees Referentie Kader. (z.d.). Eindtermen Havo/Vwo. Geraadpleegd op 12-07-2015, van:
http://www.erk.nl/docent/streefniveaus/havo/
Europees Referentie Kader. (z.d.). Eindtermen VMBO. Geraadpleegd op 12-07-2015, van:
http://www.erk.nl/docent/streefniveaus/vmbo/
Groothengel, M. (2014). Ontwerprichtlijnen voor een digitale leeromgeving. Geraadpleegd op 12-07-2015, van
http://essay.utwente.nl/66723/
Hommel, M., Schönherr, L., Duijf, A. (2013). Motivaties van docenten MVT om zelfgemaakt lesmateriaal uit te
wisselen. Geraadpleegd op 13-07-2015 van http://dspace.library.uu.nl/handle/1874/279535
Jong, B. de. (2016). Diepte-interview. Bloemendaal: Maikel Rensen.
Jong, B. de. (2016). Enquête DUIFF.com. Bloemendaal: Maikel Rensen.
Keirsbilck, C. van. (2015). Twitter-bericht. Geraadpleegd op 13-07-2015, van
https://twitter.com/carlvkeirsbilck/status/603825858260967424
Kooperen, Y. van. (2016). Diepte-interview. Bloemendaal: Maikel Rensen.
Kooperen, Y. van. (2016). Enquête DUIFF.com. Bloemendaal: Maikel Rensen.
Kraan, A. v.d. (2016). Enquête DUIFF.com. Bloemendaal: Maikel Rensen.
Kwakernaak, E. (2015). Didactiek van het vreemtalenonderwijs. Bussum: Coutinho.
Lange, R. de, Schuman, H., Montesano Montessori, N. (2012). Praktijkgericht onderzoek voor reflectieve
professionals. Apeldoorn: Garant.
Miedema, S. (1997). Pedagogiek in meervoud. Geraadpleegd op 19-10-2015 van
https://books.google.nl/books?id=HZleV4iQHuMC&printsec=frontcover&hl=nl&source=gbs_ge_summary_r&cad=
0#v=onepage&q&f=false
NTR. (2007). Thuisacademie Duits. Geraadpleegd op 12-07-2015 van http://educatie.ntr.nl/duits/
Onderwijsraad. (2006). Naar meer evidence based onderwijs - Advies. Geraadpleegd op 19-10-2015 van
https://www.onderwijsraad.nl/upload/documents/publicaties/volledig/naar_meer_evidence_based_onderwijs.p
df
Reints, A., Wilkens, H. (2012). Wat bepaalt de kwaliteit van digitaal leermateriaal?. Geraadpleegd op 18-07-2016
van http://4w.kennisnet.nl/media/uploads/documenten/2012-1/4w_2012-1_reints_kwaliteit-digitaalleermateriaal.pdf
Rensen, M. (2016). DUIFF.hören. Gedifferentieerd Duits - Probleemverkenning. Utrecht: Hogeschool Utrecht.
Rijksoverheid. (2014). Akkoord kabinet en voorgezet onderwijs: 369 miljoen beschikbaar voor nog beter onderwijs.
Geraadpleegd op 13-07-2015 van http://www.rijksoverheid.nl/nieuws/2014/04/17/akkoord-kabinet-envoorgezet-onderwijs-369-miljoen-beschikbaar-voor-nog-beter-onderwijs.html
Rijksoverheid. (2015). Hoe gaan we om met onze best presterende leerlingen. Geraadpleegd op 13-07-2015 van
http://www.rijksoverheid.nl/bestanden/documenten-en-publicaties/rapporten/2015/04/09/hoe-gaan-we-ommet-onze-best-presterende-leerlingen/hoe-gaan-we-om-met-onze-best-presterende-leerlingen.pdf
SLO. (z.d.). Differentiëren. Geraadpleegd op 13-07-2015 van http://talentstimuleren.nl/onderwijs/primaironderwijs/differentieren
SLO. (z.d.). Taxonomie van Bloom. Geraadpleegd op 13-07-2015, van
http://talentstimuleren.nl/thema/stimulerend-signaleren/rijke-leeractiviteiten/bloom
Sneekes, K. (2016). Enquête DUIFF.com. Bloemendaal: Maikel Rensen.
Staatsen, F., Heebing, S., Renselaar, E. van. (2009). Moderne vreemde talen in de onderbouw. Bussum: Coutinho.
Veddeler, R. (2016). Enquête DUIFF.com. Bloemendaal: Maikel Rensen.
Vries, G. de, Beckwith, N., Smit, E. (2013). 1:1-onderwijs. Nieuwe mogelijkheden voor differentiatie?.
Geraadpleegd op 13-07-2015, van http://dspace.library.uu.nl/handle/1874/278871
VVKSO. (2014). Frans - Pedagogisch didactische wenken - Derde graad KSO/TSO. Geraadpleegd op 12-07-2015,
van http://ond.vvkso-ict.com/leerplannen/doc/bijlage/servicedocument%20Frans%203de%20graad%20tsokso.pdf
Wij-Leren.nl. (z.d.). Differentiatie. Geraadpleegd op 13-07-2015 van http://wij-leren.nl/differentiatie-uitleg.php
Wolfs, A. (2016). Enquête DUIFF.com. Bloemendaal: Maikel Rensen.
30
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Overige literatuurtips









Dammers, T., Blom, P., Kamphuis, J., Keene, J. (2013). Motiveren door differentiëren: Een onderzoek of
differentiatie effect heeft op de leerervaring van brugklasleerlingen met een voorsprong binnen de vakken Muziek
en Engels. Geraadpleegd op 13-07-2015 van http://dspace.library.uu.nl/handle/1874/279886
Deutschict.nl. (z.d.). Luistervaardigheid. Geraadpleegd op 12-07-2015, van
http://deutschict.nl/luistervaardigheid.htm
Eggink, M. (2015). Vreemde talen leren in een virtuele wereld. Geraadpleegd op 18-07-2016, van
https://www.kennisnet.nl/artikel/vreemde-talen-leren-in-een-virtuele-wereld/
Heemskerk, I., Eck, E. van, Volman, M., Dam, G. ten. (2013). ICT inzetten met aandacht voor verschillen tussen
leerlingen. Geraadpleegd op 12-07-2015, van
https://onderwijsdatabank.s3.amazonaws.com/downloads/Ict_inzetten_met_aandacht_voor_verschillen_tussen
_leerlingen.pdf
Ivanovska, B., Daskalovska, N. (2010). Das verstehende Hören als Zusammenspiel verschiedener Faktoren im
Fremdsprachenunterricht. Geraadpleegd op 12-07-2015, van http://eprints.ugd.edu.mk/4277/
Moonen, M., Stoutjesdijk, E., Graaff, R. de, Corda, A. (2010). Het ERK in het voortgezet onderwijs: ervaringen van
docenten moderne vreemde talen. Geraadpleegd op 12-07-2015, van http://lttijdschriften.nl/ojs/index.php/ltt/article/view/89
Ringenaldus, M. (z.d.). Bijles Duits. Geraadpleegd op 12-07-2015, van http://www.bijlesduits.org/
Ringenaldus, M. (z.d.). Bijles Duits - YouTube. Geraadpleegd op 12-07-2015, van
https://www.youtube.com/channel/UC4GBH1qEl-Mo1zlrQOVt35A
Zanden, P. van der. (2007). Hoe leren we?. Geraadpleegd op 09-07-2015, van:
http://learningcentre.weblog.tudelft.nl/2007/01/02/hoe_leren_we/
31
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
32
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Bijlage 1
Diepte-interview B. de Jong






Je had o.a. gezegd bij de voordelen van DUIFF.com dat je er straks ook individuele leerlingen
mee aan de slag kunt zetten. Aan wat voor leerlingen zit jij dan het meest te denken?
Nou, ik denk voor leerlingen die op een hoog niveau, dus Havo-niveau in ons geval, verder
kunnen, of juist leerlingen die extra hulp nodig hebben, omdat ze het bijvoorbeeld moeilijk
hebben. Ik zag jouw Taaldorp-idee dat ze zelf kunnen oefenen. Nou, dat helpt leerlingen die
verlegen zijn bijvoorbeeld.
Dat kan ik mij zeker voorstellen. En hoe zou jij DUIFF.com in de klassensituatie willen gaan
inzetten?
Na, ik denk óf dat ik het op het bord laat zien en dat ze mee kunnen doen, maar nog beter
zou natuurlijk zijn als ze zelf met de laptop aan de slag kunnen gaan. Dat zou ik helemaal het
leukst… En dat ik opdrachten klaar zet, dat kan natuurlijk ook… in hun… in de ELO.
Dat is zeker mogelijk. Ik pak even een andere vraag erbij, want jij had het er ook nog over; op
het gebied van differentiëren zou jij graag willen zien dat er voor de leerlingen ook levels
beschikbaar zijn. Wat bedoel je daarmee?
Ja, nou een soort game-idee, dus als ze iets gehaald hebben, dat ze automatisch doorgaan
naar het volgende level en dat zij dus precies kunnen aankijken op welk niveau zij zitten en ik
ook.


Oké, want je denkt dat het ERK-principe wat minder toegankelijk voor de leerlingen is?
Ja, of… dan ben je echt jaren bezig zal ik maar zeggen om van het één naar het ander te
komen en met levels, zijn ze natuurlijk ook gewend, vinden ze dat misschien al na twee
weken of drie weken leuk. Bij rekenen doen ze dat ook en dat maakt het wel… het geeft ze
wel een extra drive, denk ik, om door te scoren.

Oké, interessant. Ik ga kijken hoe we dat kunnen vormgeven. Eigenlijk het laatste onderdeel
waar ik nog wat vragen over had; de database wordt nu in eerste instantie met name
opgezet voor de luistervaardigheid en ik had ook nog een vraag gesteld: ‘Hoe zie je dat voor
de andere vaardigheden voor je?’ Daarbij had jij verwoord; ‘Voor leesvaardigheid
(leesdossiers) met name in de onderbouw en middenbouw is dit ook een prima middel’. Zou
je dat nog kunnen uitleggen hoe jij dat voor je ziet?
Nou, omdat ik daar denk dat je allerlei dingen toe kan voegen… als je een leuk artikel ziet,
leuke tips… daar moeten natuurlijk wel weer vragen bij. Terwijl in de bovenbouw zit je al
vaak in de examenteksten. Die zijn er wel. Dus het gaat juist om het extra materiaal wat je
kan vinden.



Oké. En wat voor extra materiaal zou jij het liefst in deze database willen zien voor de
leesvaardigheid?
Nou, ik denk korte verhalen, verhalen uit tijdschriften… die ze aanspreekt, dus actuele… nou
ja filmsters… of sterren of zo, dat soort dingen… interviews, dat soort dingen.
33
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits


Helder. Eigenlijk nog even dan een laatste. Dat is dan met betrekking tot de opdrachten. Zou
jij het liefste materiaal willen hebben dat je ook eventueel kunt uitprinten voor in de
klassensituatie, of wil je het liefste interactief materiaal zien, wat de leerlingen online kunnen
invullen en nakijken?
Ik denk online… dat dat ook de toekomst heeft.


En welke voordelen zie je daar in?
Nou, minder papier zal ik maar zeggen… raakt weer kwijt. En het is veel makkelijker te
actualiseren. Terwijl anders zit je met je prints en dat ga je volgend jaar weer uit de kast
halen en dan is er al niks meer aan, dus vandaar.


Helder. Goed, ik ga hem afsluiten. Dankjewel in ieder geval Bernadette.
Nou, graag gedaan.
34
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Bijlage 2
Diepte-interview Y. van Kooperen


Yvonne, jij hebt inmiddels ook de enquête ingevuld voor DUIFF.com en ik ben met name nog
nieuwsgierig; wat voor type opdrachten zou jij het liefste in de database van DUIFF.com
willen tegenkomen?
Ik heb dat al eerder ook gemaild… niet in antwoord, maar ik… ik vond Taaldorp… vind ik heel
interessant. Ik heb daar een stukje van mogen zien en ik denk dat dat heel functioneel is om
te gebruiken in de klas.


Kun je dat misschien uitleggen, in welk opzicht jij dat functioneel vindt?
Ja, ik zag dat de vraagstelling in het Duits was. De antwoorden werden in het Nederlands
aangegeven en daardoor moesten de leerlingen dat om gaan zetten in het Duits, dus Duits
leren antwoord te geven. En dat vind ik een leuke, maar ook zeer zeker een functionele
opdracht.

Oké. En wat betreft de luistervaardigheid; wat voor opdrachten zou jij daar het liefste willen
tegenkomen in DUIFF.com?
Ik heb iets meer moeite met het nieuws. Ik heb het idee dat de jongeren daar niet altijd even
in geïnteresseerd zijn, maar wat meer interviews met leeftijdsgenoten en sportfiguren… dat
soort dingen. Daar luistervaardigheden in. Eventueel met songteksten, Lückenteksten… en
dat soort dingen.





En wat voor type opdrachten zou je daar het beste bij vinden passen? Vind je het dan
belangrijk dat de docent zelf nog materiaal erbij kan ontwikkelen, of wil je graag ook dat die
opdrachten al ter beschikking staan op DUIFF.com en zo ja; wat voor type opdrachten zou je
dan het liefste willen?
Voor de docent is het het handigst natuurlijk dat de opdrachten al klaar staan… je laat een
film zien en daarna gaan we naar de opdrachten, dus… voor eigen gemak liever niet… hoe
zeggen we dat… zelf de opdrachten erbij gaan bedenken. Je kan wel een discussie aangaan
na een luistertekst. Dat is ook altijd wel heel interessant. En de opdrachten; nou het kan
bestaan uit vragen… vragen met meer… A-B-C-vragen, ook open vragen, maar ook de
Lückenteksten vind ik altijd wel interessant: haal de woorden eruit, welk woord mis je? Maar
dan zal je het een paar keer geluisterd moeten hebben en dan zo’n tekst aanbieden. En dat
kan bij een songtekst heel goed.
En wil jij in dit geval het liefste dat het opdrachten zijn die de docent dan kan gaan uitdelen
in de klas, dus bijvoorbeeld als document beschikbaar stellen, of zou jij het liefste
interactieve opdrachten willen zien die de leerlingen op een computer of laptop kunnen
invullen?
Beide. Alleen op een laptop werkt niet. Op een laptop werken is ter afwisseling van de
opdracht die de docent in de klas uitdeelt. Dus ik zou zeggen 1/3 op een laptop en 2/3 in de
klassen uitdelen. Ja.
35
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits






Helder. Eigenlijk nog een laatste thema, want je had hem open gelaten in de enquête. Dus,
dat maakt mij helemaal nieuwsgierig. Ik denk dat het een lastige vraag is geweest. Welke
verwachtingen heb jij van de database DUIFF.com voor lessen die jij gaat geven?
Het is mij ietsje helderder geworden, naar aanleiding van een collega die antwoord heeft
gegeven. Ik heb… ik zou het inderdaad voor luisteren kunnen gebruiken. En ook met name
zo’n Taaldorp-situatie, een gesprekken-situatie, dus voor gesprekken zou dit ook heel leuk
kunnen functioneren. En ter afwisseling een stukje Landeskunde alvast… is het ook heel goed
bruikbaar. En ter afwisseling ook als een stukje leestekst… zou ik kunnen gebruiken. Maar,
luisteren en Landeskunde en gesprekken daar… zie ik het meest in.
Oké, jij noemt ook Landeskunde dus als thema. Het is op dit moment natuurlijk nog niet
verwerkt in de database. Hoe zou jij dat het liefste willen zien in DUIFF.com?
Ja, we beginnen met de landkaart, de hoofdsteden, eventueel de belangrijke… gebouwen
daarin, gebruiken van het land, het eten, de festiviteiten… Weihnachtsmarkt und so weiter…
dat soort dingen.
Ik vind het helemaal helder. Ook weer een mooi nieuw thema natuurlijk om DUIFF.com in de
toekomst mee uit te breiden, dus ik dank je wel in ieder geval voor het korte diepteinterview dat we nu even hebben gedaan aan de hand van jouw enquête. Dus dankjewel
Yvonne.
Gern geschehen!
36
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Bijlage 3
DUIFF.com | Een online database van leraren Duits voor leraren Duits!
M. Bohne
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. Met name het vinden van voldoende materiaal blijkt
in veel gevallen lastig te zijn. De docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van diverse
Dunamare-scholen, hebben in een gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te
ervaren bij het vinden van voldoende materiaal in het ‘ICT-oerwoud’ om goed te kunnen differentiëren
in niveau bij de luistervaardigheid. Uit een theoretisch kader in de eerste fase van het onderzoek is
gebleken dat een gestructureerde database onontbeerlijk is voor het differentiëren in niveau. Er is dan
ook gekozen voor het opzetten van een online en openbaar toegankelijke database voor het
aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Jouw
input is echter noodzakelijk om van DUIFF.com een succes te maken. Hierbij wil ik je dan ook verzoeken
ca. 10 minuten de tijd te nemen om de onderstaande 7 vragen te beantwoorden. Alvast bedankt.
1. Aan welke eisen moet een online database voor lesmateriaal volgens jou voldoen?
Overzichtelijk (duidelijke opbouw)
Gesorteerd qua niveau s
Database is aan te passen en uit te breiden
2. Welke voordelen heeft de online database DUIFF.com voor jouw dagelijkse lespraktijk?
Ik kan daardoor mijn lessen verder uit te breiden of ook tussendoor iets anders doen behalve
standaard toepassingen.
3. Welk effect heeft DUIFF.com specifiek op het trainen van de luistervaardigheid binnen jouw
dagelijkse lespraktijk?
Luistervaardigheid blijft toch een vaardigheid met minder toepassingen in de leergangen,
dus zeer welkom wanneer dit meer keuzemogelijkheden geeft per leerjaar/niveau
37
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
4. Zorgt DUIFF.com ervoor dat jij meer kunt differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid in
jouw dagelijkse lespraktijk?
󠆾 JA, want ___
󠆾 NEE, want ___
5. Welke nadelen heeft de online database DUIFF.com volgens jou? Ofwel: wat moet er nog
worden verbeterd?
Zou ik nu nog niet kunnen zeggen, heb nog geen praktijkveraring opgedaan.
6. In eerste instantie is er voor de online database DUIFF.com met name gefocust op de
luistervaardigheid. Welke mogelijkheden zie jij voor uitbreiding van DUIFF.com naar de andere
taalvaardigheden?
Ik zie zeer zeker een mogelijkheid om dit uit te breiden naar bv. Leesvaardigheid.
7. Welke verwachtingen heb je van DUIFF.com?
In eerste instantie niet te hoge, blijft toch afwachten hoe de individuele lln ermee omgaat.
Bedankt voor het invullen!
De resultaten van deze enquête zullen zoveel mogelijk worden verwerkt in de DUIFF.com
database. Stap-voor-stap ontstaat er zo een complete online database van leraren Duits voor
leraren Duits. Via het Facebook-kanaal van DUIFF.com blijf je continu op de hoogte van de
belangrijkste updates: klik.
38
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
DUIFF.com | Een online database van leraren Duits voor leraren Duits!
A. v.d. Kraan
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. Met name het vinden van voldoende materiaal blijkt
in veel gevallen lastig te zijn. De docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van diverse
Dunamare-scholen, hebben in een gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te
ervaren bij het vinden van voldoende materiaal in het ‘ICT-oerwoud’ om goed te kunnen differentiëren
in niveau bij de luistervaardigheid. Uit een theoretisch kader in de eerste fase van het onderzoek is
gebleken dat een gestructureerde database onontbeerlijk is voor het differentiëren in niveau. Er is dan
ook gekozen voor het opzetten van een online en openbaar toegankelijke database voor het
aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Jouw
input is echter noodzakelijk om van DUIFF.com een succes te maken. Hierbij wil ik je dan ook verzoeken
ca. 10 minuten de tijd te nemen om de onderstaande 7 vragen te beantwoorden. Alvast bedankt.
1. Aan welke eisen moet een online database voor lesmateriaal volgens jou voldoen?
Een online database voor lesmateriaal moet zo zijn ingericht dat er ook een deel bij zit
waarmee de leerlingen zelf aan de slag kunnen.
2. Welke voordelen heeft de online database DUIFF.com voor jouw dagelijkse lespraktijk?
Heel veel voordelen! Wat ik net heb bekeken ziet er prima en zeer bruikbaar uit!!
3. Welk effect heeft DUIFF.com specifiek op het trainen van de luistervaardigheid binnen jouw
dagelijkse lespraktijk?
Een extra dimensie naast de saaie Cito luisteroefeningen.
39
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
4. Zorgt DUIFF.com ervoor dat jij meer kunt differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid in
jouw dagelijkse lespraktijk?
󠆾 JA, want zodra ik leerlingen heb die zelf aan de slag kunnen, zou ik ze achter dit materiaal
zetten en zelf de zwakkere leerlingen gaan helpen!
󠆾 NEE, want ___
5. Welke nadelen heeft de online database DUIFF.com volgens jou? Ofwel: wat moet er nog
worden verbeterd?
Op dit moment kan ik geen nadeel bedenken, sterker nog, ik ben er erg blij mee! Vooral het
A1 niveau!
6. In eerste instantie is er voor de online database DUIFF.com met name gefocust op de
luistervaardigheid. Welke mogelijkheden zie jij voor uitbreiding van DUIFF.com naar de andere
taalvaardigheden?
Spreekvaardigheid en schrijfvaardigheid! Er zouden oefeningen kunnen komen n.a.v de
luisteropdrachten gericht op de spreekvaardigheid en de schrijfvaardigheid.
7. Welke verwachtingen heb je van DUIFF.com?
Heel veel !!! Jong dynamisch lesmateriaal!
Bedankt voor het invullen!
De resultaten van deze enquête zullen zoveel mogelijk worden verwerkt in de DUIFF.com
database. Stap-voor-stap ontstaat er zo een complete online database van leraren Duits voor
leraren Duits. Via het Facebook-kanaal van DUIFF.com blijf je continu op de hoogte van de
belangrijkste updates: klik.
40
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
DUIFF.com | Een online database van leraren Duits voor leraren Duits!
B. de Jong
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. Met name het vinden van voldoende materiaal blijkt
in veel gevallen lastig te zijn. De docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van diverse
Dunamare-scholen, hebben in een gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te
ervaren bij het vinden van voldoende materiaal in het ‘ICT-oerwoud’ om goed te kunnen differentiëren
in niveau bij de luistervaardigheid. Uit een theoretisch kader in de eerste fase van het onderzoek is
gebleken dat een gestructureerde database onontbeerlijk is voor het differentiëren in niveau. Er is dan
ook gekozen voor het opzetten van een online en openbaar toegankelijke database voor het
aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Jouw
input is echter noodzakelijk om van DUIFF.com een succes te maken. Hierbij wil ik je dan ook verzoeken
ca. 10 minuten de tijd te nemen om de onderstaande 7 vragen te beantwoorden. Alvast bedankt.
1. Aan welke eisen moet een online database voor lesmateriaal volgens jou voldoen?
Ik vind het belangrijk dat het makkelijk toegankelijk is, actueel blijft (dus regelmatig
opgeschoond en aangevuld.
2. Welke voordelen heeft de online database DUIFF.com voor jouw dagelijkse lespraktijk?
Zoals ik het nu zie, is het van een aantrekkelijke lay-out, is het ook toegankelijk en kunnen
leerlingen er (straks) ook individueel mee aan de slag.
3. Welk effect heeft DUIFF.com specifiek op het trainen van de luistervaardigheid binnen jouw
dagelijkse lespraktijk?
Je traint (hopelijk) op niveau en met afwisselende werkvormen.
41
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
4. Zorgt DUIFF.com ervoor dat jij meer kunt differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid in
jouw dagelijkse lespraktijk?
󠆾 JA, want het materiaal kan op alle niveau’s ingebracht worden. Wellicht is het gaan naar
“levels” voor leerlingen nog een tip?
󠆾 NEE, want ___
5. Welke nadelen heeft de online database DUIFF.com volgens jou? Ofwel: wat moet er nog
worden verbeterd?
Het zou mooi zijn als bij elke kijk-luisterfragment ook de vragen (en antwoorden)
gepubliceerd worden.
Mochten mensen zelf materiaal publiceren is het voor de “host” een vrij forse taak om die
net zo overzichtelijk en toegankelijk te houden als eigen werk.
6. In eerste instantie is er voor de online database DUIFF.com met name gefocust op de
luistervaardigheid. Welke mogelijkheden zie jij voor uitbreiding van DUIFF.com naar de andere
taalvaardigheden?
Zeker! Voor leesvaardigheid (leesdossiers) met name in de onderbouw/ middenbouw) is dit
ook een prima middel.
Maar ook voor extra oefeningen mbt brief in de bovenbouw.
7. Welke verwachtingen heb je van DUIFF.com?
Ik hoop dat aan de genoemde “eisen” voldaan kan worden en dan zal er veel gebruik van
gemaakt worden. Als ik het vergelijk met het materiaal van digischool ziet het er veel
aantrekkelijker uit!
Bedankt voor het invullen!
De resultaten van deze enquête zullen zoveel mogelijk worden verwerkt in de DUIFF.com
database. Stap-voor-stap ontstaat er zo een complete online database van leraren Duits voor
leraren Duits. Via het Facebook-kanaal van DUIFF.com blijf je continu op de hoogte van de
belangrijkste updates: klik.
42
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
DUIFF.com | Een online database van leraren Duits voor leraren Duits!
Y. van Kooperen
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. Met name het vinden van voldoende materiaal blijkt
in veel gevallen lastig te zijn. De docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van diverse
Dunamare-scholen, hebben in een gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te
ervaren bij het vinden van voldoende materiaal in het ‘ICT-oerwoud’ om goed te kunnen differentiëren
in niveau bij de luistervaardigheid. Uit een theoretisch kader in de eerste fase van het onderzoek is
gebleken dat een gestructureerde database onontbeerlijk is voor het differentiëren in niveau. Er is dan
ook gekozen voor het opzetten van een online en openbaar toegankelijke database voor het
aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Jouw
input is echter noodzakelijk om van DUIFF.com een succes te maken. Hierbij wil ik je dan ook verzoeken
ca. 10 minuten de tijd te nemen om de onderstaande 7vragen te beantwoorden. Alvast bedankt.
1. Aan welke eisen moet een online database voor lesmateriaal volgens jou voldoen?
De instructies moeten kort en duidelijk zijn. Geen lange uitleg. Het moet voor verschillende
niveaus werkbaar zijn.
2. Welke voordelen heeft de online database DUIFF.com voor jouw dagelijkse lespraktijk?
Het geeft variatie in de les. De leerlingen zijn niet alleen met een boek of lesopdracht bezig.
3. Welk effect heeft DUIFF.com specifiek op het trainen van de luistervaardigheid binnen jouw
dagelijkse lespraktijk?
Dit heb ik nog niet kunnen toepassen.
43
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
4. Zorgt DUIFF.com ervoor dat jij meer kunt differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid in
jouw dagelijkse lespraktijk?
󠆾 JA, want… Ik denk van wel, echter dit heb ik nog niet in de praktijk kunnen toetsen. Ik zou
het wel willen toepassen. De leerlingen kunnen hiermee ook thuis oefenen.
󠆾 NEE, want ___
5. Welke nadelen heeft de online database DUIFF.com volgens jou? Ofwel: wat moet er nog
worden verbeterd?
6. In eerste instantie is er voor de online database DUIFF.com met name gefocust op de
luistervaardigheid. Welke mogelijkheden zie jij voor uitbreiding van DUIFF.com naar de andere
taalvaardigheden?
Leesopdrachten maken, gesprekken voeren,: er wordt in het Duits een vraag gesteld waarop
de leerling in het Duits antwoord moet geven.
Schrijven en lezen kunnen de leerlingen ook thuis extra oefenen, daarna krijgen ze het juiste
antwoord van de docent.
7. Welke verwachtingen heb je van DUIFF.com? Ik hoop dat hier gevarieerd en voor de leerling
aantrekkelijk lesmateriaal uit voortkomt .
Bedankt voor het invullen!
De resultaten van deze enquête zullen zoveel mogelijk worden verwerkt in de DUIFF.com
database. Stap-voor-stap ontstaat er zo een complete online database van leraren Duits voor
leraren Duits. Via het Facebook-kanaal van DUIFF.com blijf je continu op de hoogte van de
belangrijkste updates: klik.
44
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
DUIFF.com | Een online database van leraren Duits voor leraren Duits!
M. Eekhof-Wolf
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. Met name het vinden van voldoende materiaal blijkt
in veel gevallen lastig te zijn. De docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van diverse
Dunamare-scholen, hebben in een gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te
ervaren bij het vinden van voldoende materiaal in het ‘ICT-oerwoud’ om goed te kunnen differentiëren
in niveau bij de luistervaardigheid. Uit een theoretisch kader in de eerste fase van het onderzoek is
gebleken dat een gestructureerde database onontbeerlijk is voor het differentiëren in niveau. Er is dan
ook gekozen voor het opzetten van een online en openbaar toegankelijke database voor het
aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Jouw
input is echter noodzakelijk om van DUIFF.com een succes te maken. Hierbij wil ik je dan ook verzoeken
ca. 10 minuten de tijd te nemen om de onderstaande 7 vragen te beantwoorden. Alvast bedankt.
1. Aan welke eisen moet een online database voor lesmateriaal volgens jou voldoen?
De indeling moet overzichtelijk zijn om materiaal snel te kunnen vinden. N.m.i. zou een
sortering naar klas en niveau handig zijn met daarbij ook weer per niveau onderscheid tussen
makkelijker en moeilijker. Er zou materiaal voor alle vaardigheden moeten zijn en de
indelingsstructuur moet herkenbaar zijn. Het materiaal zelf moet aansluiten bij de
beleveniswereld van de leerling en het ERK. Het laatste is vooral van belang bij het maken
van een PTD.
2. Welke voordelen heeft de online database DUIFF.com voor jouw dagelijkse lespraktijk?
Het grote voordeel is aanvulling op bestaand lesmateriaal. Wij zullen volgend schooljaar met
een Taalportfolio werken en b.v. geen hoofdstuktoetsen meer geven. In plaats daarvan
toetsen wij de 4 vaardigheden, lesmateriaal uit het boek overhoren wij in vorm van s.o’s. Bij
het maken van een Taalportfolio is aanvullend en kwalitatief hoogwaardig materiaal nodig.
3. Welk effect heeft DUIFF.com specifiek op het trainen van de luistervaardigheid binnen jouw
dagelijkse lespraktijk?
Dikwijls ontbreekt het in de methode aan voldoende en geschikt luistermateriaal. Annvulling
is wenselijk, mits het luistermateriaal aansluit aan de kerndoelen en “ERK proef” zijn.
45
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
4. Zorgt DUIFF.com ervoor dat jij meer kunt differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid in
jouw dagelijkse lespraktijk?
󠆾 JA, want er is nu meer materiaal.
󠆾 NEE, want ___
5. Welke nadelen heeft de online database DUIFF.com volgens jou? Ofwel: wat moet er nog
worden verbeterd?
De database moet onderhouden worden, anders veroudert het materiaal. Elke inzending zou
op kwaliteitseisen gecontroleerd moeten worden. Dit is een gezamenlijke inspanning, niet
een enkeling zou dat moeten doen. De vraag is of en hoe je mensen vind, die over voldoende
kennis van zaken beschikken en tegelijk de tijd vrij willen maken om deze controle uit te
voeren en liefst daarbij met elkaar overleggen.
6. In eerste instantie is er voor de online database DUIFF.com met name gefocust op de
luistervaardigheid. Welke mogelijkheden zie jij voor uitbreiding van DUIFF.com naar de andere
taalvaardigheden?
Leesvaardigheid en spreekvaardigheid.
7. Welke verwachtingen heb je van DUIFF.com?
Het is een top initiatief; ik hoop dat het materiaal aan bovengenoemde eisen ‘blijft’ voldoen.
Er zou op zich vooraf een programma van eisen opgesteld moeten worden waaraan het
materiaal moet voldoen. Alle inzendingen moeten aan deze eisen getoetst worden.
Bedankt voor het invullen!
De resultaten van deze enquête zullen zoveel mogelijk worden verwerkt in de DUIFF.com
database. Stap-voor-stap ontstaat er zo een complete online database van leraren Duits voor
leraren Duits. Via het Facebook-kanaal van DUIFF.com blijf je continu op de hoogte van de
belangrijkste updates: klik.
46
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
DUIFF.com | Een online database van leraren Duits voor leraren Duits!
R. Veddeler
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. Met name het vinden van voldoende materiaal blijkt
in veel gevallen lastig te zijn. De docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van diverse
Dunamare-scholen, hebben in een gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te
ervaren bij het vinden van voldoende materiaal in het ‘ICT-oerwoud’ om goed te kunnen differentiëren
in niveau bij de luistervaardigheid. Uit een theoretisch kader in de eerste fase van het onderzoek is
gebleken dat een gestructureerde database onontbeerlijk is voor het differentiëren in niveau. Er is dan
ook gekozen voor het opzetten van een online en openbaar toegankelijke database voor het
aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Jouw
input is echter noodzakelijk om van DUIFF.com een succes te maken. Hierbij wil ik je dan ook verzoeken
ca. 10 minuten de tijd te nemen om de onderstaande 7 vragen te beantwoorden. Alvast bedankt.
1. Aan welke eisen moet een online database voor lesmateriaal volgens jou voldoen?
Het lesmateriaal moet makkelijk te vinden zijn, ook voor docenten die wat minder ervaring
hebben met een digitale omgeving.
2. Welke voordelen heeft de online database DUIFF.com voor jouw dagelijkse lespraktijk?
Geen cd-rom of usb stick die meenemen. Bovendien is er extra materiaal beschikbaar.
3. Welk effect heeft DUIFF.com specifiek op het trainen van de luistervaardigheid binnen jouw
dagelijkse lespraktijk?
Er worden verschillende niveaus aangeboden. Door veel te oefenen met de leerlingen wordt
hun luistervaardigheid verbeterd.
47
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
4. Zorgt DUIFF.com ervoor dat jij meer kunt differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid in
jouw dagelijkse lespraktijk?
󠆾 JA, want er worden verschillende niveaus aangeboden.
󠆾 NEE,
5. Welke nadelen heeft de online database DUIFF.com volgens jou? Ofwel: wat moet er nog
worden verbeterd?
Het heeft volgens mij geen nadelen.
6. In eerste instantie is er voor de online database DUIFF.com met name gefocust op de
luistervaardigheid. Welke mogelijkheden zie jij voor uitbreiding van DUIFF.com naar de andere
taalvaardigheden?
Ik denk dat Duiff.com voor alle vier taalvaardigheden geschikt is.
7. Welke verwachtingen heb je van DUIFF.com?
Veel oefenen met niet alleen de van het Cito gemaakte luistertoetsen. Meer variatie
Bedankt voor het invullen!
De resultaten van deze enquête zullen zoveel mogelijk worden verwerkt in de DUIFF.com
database. Stap-voor-stap ontstaat er zo een complete online database van leraren Duits voor
leraren Duits. Via het Facebook-kanaal van DUIFF.com blijf je continu op de hoogte van de
belangrijkste updates: klik.
48
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Havo-docent
DUIFF.com | Een online database van leraren Duits voor leraren Duits!
A. Wolfs
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. Met name het vinden van voldoende materiaal blijkt
in veel gevallen lastig te zijn. De docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van diverse
Dunamare-scholen, hebben in een gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te
ervaren bij het vinden van voldoende materiaal in het ‘ICT-oerwoud’ om goed te kunnen differentiëren
in niveau bij de luistervaardigheid. Uit een theoretisch kader in de eerste fase van het onderzoek is
gebleken dat een gestructureerde database onontbeerlijk is voor het differentiëren in niveau. Er is dan
ook gekozen voor het opzetten van een online en openbaar toegankelijke database voor het
aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Jouw
input is echter noodzakelijk om van DUIFF.com een succes te maken. Hierbij wil ik je dan ook verzoeken
ca. 10 minuten de tijd te nemen om de onderstaande 7 vragen te beantwoorden. Alvast bedankt.
1. Aan welke eisen moet een online database voor lesmateriaal volgens jou voldoen?
Gebruikersvriendelijk zijn
Overzichtelijk m.b.t. de verschillende vaardigheden
2. Welke voordelen heeft de online database DUIFF.com voor jouw dagelijkse lespraktijk?
Snel, veel materiaal en fijn
3. Welk effect heeft DUIFF.com specifiek op het trainen van de luistervaardigheid binnen jouw
dagelijkse lespraktijk?
Je kunt het elke dag doen, zonder veel extra werk
49
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
4. Zorgt DUIFF.com ervoor dat jij meer kunt differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid in
jouw dagelijkse lespraktijk?
󠆾 JA, want je kunt in een pc-lokaal elke leerling die toets laten maken, waar hij/zij aan toe is.
󠆾 NEE, want ___
5. Welke nadelen heeft de online database DUIFF.com volgens jou? Ofwel: wat moet er nog
worden verbeterd?
Geen idee
6. In eerste instantie is er voor de online database DUIFF.com met name gefocust op de
luistervaardigheid. Welke mogelijkheden zie jij voor uitbreiding van DUIFF.com naar de andere
taalvaardigheden?
Alles is mogelijk. Voor elke vaardigheid
7. Welke verwachtingen heb je van DUIFF.com?
Grote!
Bedankt voor het invullen!
De resultaten van deze enquête zullen zoveel mogelijk worden verwerkt in de DUIFF.com
database. Stap-voor-stap ontstaat er zo een complete online database van leraren Duits voor
leraren Duits. Via het Facebook-kanaal van DUIFF.com blijf je continu op de hoogte van de
belangrijkste updates: klik.
50
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Vmbo-docent (Iris Onderwijsgroep)
DUIFF.com | Een online database van leraren Duits voor leraren Duits!
K. Sneekes
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. Met name het vinden van voldoende materiaal blijkt
in veel gevallen lastig te zijn. De docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van diverse
Dunamare-scholen, hebben in een gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te
ervaren bij het vinden van voldoende materiaal in het ‘ICT-oerwoud’ om goed te kunnen differentiëren
in niveau bij de luistervaardigheid. Uit een theoretisch kader in de eerste fase van het onderzoek is
gebleken dat een gestructureerde database onontbeerlijk is voor het differentiëren in niveau. Er is dan
ook gekozen voor het opzetten van een online en openbaar toegankelijke database voor het
aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Jouw
input is echter noodzakelijk om van DUIFF.com een succes te maken. Hierbij wil ik je dan ook verzoeken
ca. 10 minuten de tijd te nemen om de onderstaande 7 vragen te beantwoorden. Alvast bedankt.
1. Aan welke eisen moet een online database voor lesmateriaal volgens jou voldoen?
Moet er uitdagend, overzichtelijk uitzien. Er moet voldoende materiaal worden aangeboden.
Heel belangrijk dat er zowel makkelijkere als moeilijkere thema’s worden aangeboden. Ik
moet zeggen dat de vormgeving er perfect uitziet.
2. Welke voordelen heeft de online database DUIFF.com voor jouw dagelijkse lespraktijk?
Wat ik nu zie is nieuw voor mij, maar er leuk filmmateriaal in te vinden is, ben ik ervan
overtuigd dat leerlingen dit leuk gaan vinden en er dan ook om zullen gaan vragen.
3. Welk effect heeft DUIFF.com specifiek op het trainen van de luistervaardigheid binnen jouw
dagelijkse lespraktijk?
Nog nooit mee gewerkt, wordt er überhaupt al door iemand mee gewerkt en hoe zijn de
ervaringen? Ben benieuwd naar de ervaringen als die er zijn.
51
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
4. Zorgt DUIFF.com ervoor dat jij meer kunt differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid in
jouw dagelijkse lespraktijk?
󠆾 JA, want zoals ik gezien heb is er (al) materiaal aanwezig op de verschillende niveau’s,
voorwaarde is natuurlijk wel dat de ll. de beschikking moeten hebben over pc/laptop.
󠆾 NEE, want ___
5. Welke nadelen heeft de online database DUIFF.com volgens jou? Ofwel: wat moet er nog
worden verbeterd?
Kan ik op dit moment niet zeggen. Jullie hebben het er met elkaar over gehad. Ik zie het nu.
De praktijk zal het moeten uitwijzen. Wat ik wel heel goed vind is dat er straks voldoende
materiaal op komt te staan
6. In eerste instantie is er voor de online database DUIFF.com met name gefocust op de
luistervaardigheid. Welke mogelijkheden zie jij voor uitbreiding van DUIFF.com naar de andere
taalvaardigheden?
Ook voor de andere 3 vaardigheden kan er mijns inziens nooit genoeg materiaal aangeboden
worden. We weten allemaal hoe moeilijk het is dat ze iets in het Duits kunnen zeggen,
schrijven en lezen.
7. Welke verwachtingen heb je van DUIFF.com?
Als ik de lay-out zie denk ik dat het absolute meerwaarde voor het vak Duits gaat worden.
Knap stukje werk. Mijn complimenten!
Bedankt voor het invullen!
De resultaten van deze enquête zullen zoveel mogelijk worden verwerkt in de DUIFF.com
database. Stap-voor-stap ontstaat er zo een complete online database van leraren Duits voor
leraren Duits. Via het Facebook-kanaal van DUIFF.com blijf je continu op de hoogte van de
belangrijkste updates: klik.
52
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Bijlage 4
DUIFF.hören
Gedifferentieerd Duits - OWPO-vooronderzoek
Maikel Rensen
|
Student 1649356
|
Master Duits
OWPO - Probleemverkenning - Differentiatie luistervaardigheid Duits
Hogeschool Utrecht - Instituut Archimedes - O. Greiner
Studiejaar 2014-2015 (Blok 3 en 4)
53
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Inhoudsopgave
Inhoudsopgave
Samenvatting
Hoofdstuk 1 - Inleiding
1.1. Inleiding thema
1.2. Hoofdvraag
1.3. Deelvragen
Hoofdstuk 2 - Theoretisch kader
2.1. Wat houdt differentiatie in?
2.2. Wat wordt er verstaan onder differentiatie in niveau?
2.3. Op welke manier dient een luistervaardigheidsprogramma
voor Duits te zijn opgebouwd?
2.4. Op welke wijze kan er worden gedifferentieerd in niveau bij
de luistervaardigheid van Duits?
2.5. Welke rol kan ICT spelen bij het aanbieden, uitwisselen en
structureren van voldoende luistervaardigheidsmateriaal
voor Duits?
Hoofdstuk 3 - Methoden
3.1. Methoden
Hoofdstuk 4 - Resultaten
4.1. Resultaten theoretisch onderzoek
Hoofdstuk 5 - Conclusie
5.1. Conclusie
5.2. CIMO-routekaart & Planning
Hoofdstuk 6 - Reflectie
6.1. Reflectieverslag
54
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Samenvatting
‘Differentiatie’; het lijkt voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het grootst mogelijke
onderwijsobstakel van de afgelopen jaren te zijn. De leraren van ‘die Mannschaft’, bestaande uit
docenten Duits van 5 Dunamare-scholen (Hartenlust Mavo, Haarlem College, Daaf Gelukschool,
Tender College, Montessori Aerdenhout) ervaren problemen bij het vinden van voldoende
luistervaardigheidsopdrachten om te kunnen differentiëren in niveau. Zij geven aan te verdwalen in
het ‘ICT-oerwoud’ van mogelijkheden. Zo vreemd is dat niet, want zowel differentiatie als
luistervaardigheid blijkt een complex geheel te zijn, waar een wondere wereld achter schuil gaat.
Dit onderzoek richt zich op de vraag op welke wijze extra (online) luistervaardigheidsmateriaal voor
Duits kan worden aangeboden, uitgewisseld en gestructureerd, zodat de desbetreffende docenten
meer kunnen gaan differentiëren in niveau. In eerste instantie wordt er in dit onderzoek gekeken naar
de wereld achter differentiatie en differentiatie in niveau. Vervolgens wordt de sprong gemaakt naar
de opbouw van een luistervaardigheidsprogramma van Duits en de wijze waarop men binnen de
luistervaardigheid kan differentiëren in niveau. Daarna wordt stilgestaan bij de rol van ICT bij het
aanbieden, uitwisselen en structureren van voldoende luistervaardigheidsmateriaal voor Duits. Dit
resulteert uiteindelijk in een plan voor het interventieonderzoek om een online database op te zetten
voor gedifferentieerd luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits: DUIFF.com.
Een interessant onderzoek voor alle docenten Duits uit het voortgezet onderwijs!
Maikel Rensen
Docent Duits - Hartenlust Mavo
Student - Hogeschool Utrecht ‘Master Duits’
55
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
56
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Inleiding
1.1. Inleiding thema
‘Differentiatie’; het lijkt zo simpel en tegelijkertijd lijkt
het voor veel docenten in het voortgezet onderwijs het
grootst mogelijke onderwijsobstakel van de afgelopen
jaren te zijn. Dat terwijl het kabinet en de VO-raad in
2014 hebben besloten dat er voor leerlingen in 2020
ruimte moet zijn “om te differentiëren in niveau en
tempo” (Rijksoverheid, 2014). Ook voor de docenten
Duits van de Hartenlust Mavo, het Haarlem College, de
Daaf Gelukschool, het Tender College en het
Vaksectiebijeenkomst ‘Die Mannschaft’ (2015)
Montessori Aerdenhout, allemaal onderdeel van de
Dunamare Onderwijsgroep, geldt dat er al enkele jaren
problemen worden ervaren bij het aanbieden van gedifferentieerd onderwijs binnen het vak Duits.
Met name de grote hoeveelheid mogelijkheden binnen het ICT-kader, in het vervolg ‘ICT-oerwoud’
genoemd, wordt door veel docenten niet meer overzien. Hierdoor worden lang niet alle mogelijkheden
van differentiatie benut en klagen de docenten Duits dat zij over te weinig gedifferentieerd materiaal
beschikken. Daarnaast is er een duidelijke behoefte aan het uitwisselen van materiaal voor
differentiatie. Differentiatie is echter een woord waar een immense wereld achter schuil gaat. Er is
namelijk niet één manier van differentiëren. In dit geval zal dan ook de vraag moeten worden gesteld
welke kant de Dunamare Onderwijsgroep op wil, of specifieker welke kant de docenten Duits van de
hierboven reeds genoemde scholen op willen gaan wat betreft differentiatie. Na een eerste
inventariserende rondvraag binnen een vaksectiebijeenkomst voor docenten Duits van het Vmbo
(Dunamare Expertacademie) eerder dit jaar, ook wel ‘die Mannschaft’ genoemd, waaraan de docenten
van de bovenstaande scholen deelnemen, is gebleken dat er met name behoefte is aan meer
mogelijkheden om te differentiëren in niveau in de reguliere les. Hiermede kan het onderzoek dus
worden afgebakend, daar het onderdeel “differentiëren in tempo”, ook genoemd in het hierboven
aangehaalde besluit van het kabinet en de VO-raad in 2014 (Rijksoverheid, 2014), niet zal worden
behandeld. Dit biedt direct perspectief voor vervolgonderzoek. Differentiatie in niveau is, ondanks het
feit dat de helft van het op de website van de Rijksoverheid genoemde besluit reeds is afgevallen voor
dit onderzoek, echter nog altijd een begrip waar een immense wereld achter schuil gaat. Het is
uiteraard niet mogelijk binnen de door Hogeschool Utrecht gestelde termijnen (minder dan een jaar)
onderzoek te doen naar zo een groot thema, hoe interessant het ook zal zijn. Aangezien verdere
afbakening nodig is, is het noodzakelijk gebleken bij de vaksectiebijeenkomst van de Dunamare
Expertacademie nogmaals navraag te doen naar de behoeften van de docenten als het gaat om het
differentiëren in niveau in de reguliere les. Waar ligt exact het praktijkprobleem van differentiatie in
niveau wat veel collega’s blijken te ervaren, maar wat tot nu toe nog niet onder woorden is gebracht?
Het bleek zeer zinvol te zijn navraag te doen naar de vier taalvaardigheden binnen het vak Duits, ofwel
lees-, luister-, spreek- en schrijfvaardigheid. Uit deze navraag is gebleken, dat de docenten met name
problemen ervaren bij de luistervaardigheid. De meest gebruikte lesmethode binnen de aan de
vaksectiebijeenkomsten deelnemende Vmbo-scholen is Neue Kontakte. Binnen deze methode
worden, aldus de docenten, relatief weinig luisteropgaven aangeboden, zeker niet genoeg om te
kunnen differentiëren in niveau. Het is daarom ook zeer interessant het onderzoek specifiek te richten
op de mogelijkheden van differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid. Uiteindelijk moet het de
leerkracht mogelijk worden gemaakt op een eenvoudige wijze online aan een toereikende hoeveelheid
luistervaardigheidsopgaven te komen om te differentiëren in niveau. Hiermede is het onderzoek
verder afgebakend. In een later stadium zou onderzoek kunnen worden verricht naar de
mogelijkheden voor differentiëren in niveau binnen de andere drie taalvaardigheden en het
differentiëren in tempo. Ondanks de afbakening, is het onderzoek toch uitermate interessant voor
57
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
zowel het tweedegraads gebied, alsmede voor het eerstegraads gebied. Juist die differentiatie in
niveau zorgt er namelijk voor dat dit onderzoek niet alleen voor het Vmbo-onderwijs, maar ook voor
Havo- en Vwo-scholen van toepassing is.
Verdere analyse van het probleem
Uit een verdere analyse van mijn praktijkprobleem volgens de ‘kaartjesmethodiek’, waarbij collega’s
en/of medestudenten aan de ene zijde van een kaartje de vermoedelijke oorzaak van het probleem
beschrijven en aan de andere zijde de vermoedelijke oplossing, zijn meerdere interessante punten
naar voren gekomen. Veel medestudenten van Hogeschool Utrecht blijken zich tijdens de OWPOsessie op 18 februari 2015 met name toe te hebben gespitst op de reden waarom er behoefte is aan
differentiatie in de klas. Hieruit is gebleken dat sterkere leerlingen zich vaak vervelen, omdat de
gemiddelde en zwakkere leerlingen de meeste aandacht krijgen. Als mogelijke oplossingen noemt men
hierbij het creëren van verdiepende en verbredende opdrachten voor de sterkere leerlingen en het
verdelen van de klas in niveaugroepen. Opvallend zijn hierbij de grote verschillen die worden genoemd
omtrent de niveaugroepen: homogene, ofwel groepen met leerlingen met hetzelfde niveau, en
heterogene groepen, ofwel groepen waarbij leerlingen met verschillende niveaus bij elkaar worden
gezet, zodat de sterkere leerlingen de zwakkere leerlingen kunnen helpen. De betrokken Vmbodocenten noemen niet zozeer het differentiëren in activiteiten in de klas (bv. werken in groepjes,
verlengde instructie, klassikale les, etc.) als grootste probleem. Wel worden er, zoals reeds vermeld,
problemen ervaren bij het aanbieden van gedifferentieerd lesmateriaal in niveau wat betreft
luistervaardigheid. De gebruikte lesmethodes bieden hierin geen toereikende hoeveelheid
opdrachten. Het grootste probleem is het vinden van geschikt materiaal op internet. Een medestudent
van de HU wist op één van de kaartjes precies te verwoorden wat het gevoel bij de collega’s van de
Dunamare Onderwijsgroep is: het zoekwerk naar geschikte opdrachten om te kunnen differentiëren
in niveau (met name voor de sterkere leerlingen) is “intensief en tijdrovend”. De vraag is dan ook op
welke wijze het differentiëren in niveau voor de luistervaardigheid met behulp van ICT kan worden
vergemakkelijkt voor de docenten. Hoe kan er worden gezorgd voor overzicht in het ‘ICT-oerwoud’ van
mogelijkheden voor differentiatie en hoe kan de uitwisseling van materiaal op dit gebied worden
verbeterd? Dit brengt ons bij de hoofdvraag en deelvragen van deze probleemverkenning.
1.2. Hoofdvraag
Tijdens de eerste fase van dit onderzoek, de probleemverkenning genaamd, zal ik mij bezig houden
met het beantwoorden van de volgende hoofdvraag:
 Op welke wijze kan extra (online) luistervaardigheidsmateriaal voor Duits worden aangeboden,
uitgewisseld en gestructureerd, zodat de desbetreffende docenten meer kunnen gaan
differentiëren in niveau?
1.3. Deelvragen
Om de hoofdvraag te kunnen beantwoorden, dienen eerst de volgende deelvragen beantwoord te
worden. Achter elke deelvraag staat vermeld op welke wijze de vraag zal worden beantwoord:
Wat houdt differentiatie in?
Wat wordt er verstaan onder differentiatie in niveau?
Op welke manier dient een luistervaardigheidsprogramma voor Duits
te zijn opgebouwd?
Op welke wijze kan er worden gedifferentieerd in niveau bij de
luistervaardigheid van Duits?
Welke rol kan ICT spelen bij het aanbieden, uitwisselen en
structureren van voldoende luistervaardigheidsmateriaal voor Duits?
Theorieonderzoek
Theorieonderzoek
58
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Theorieonderzoek
Theorieonderzoek
Theorieonderzoek
59
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Theoretisch kader
2.1. Wat houdt differentiatie in?
“Iedereen heeft de mond vol over differentiatie.
Huiswerk mooie illustratie van het vaak totale gebrek
aan differentiatie” (Keirsbilck, 2015) twitterde Carl van
Keirsbilck eerder dit jaar. Het is een tekenend beeld
voor het Nederlandse onderwijs in de 21 ste eeuw.
Docenten krijgen van schoolleidingen de opdracht te
Twitter-bericht Carl van Keirsbilck (2015)
differentiëren in de les, maar velen weten niet hoe zij
dit aan moeten pakken of kunnen geen geschikt
materiaal vinden. Nu de overheid in 2014, samen met de VO-raad, heeft besloten dat er in 2020 ruimte
moet zijn voor leerlingen “om te differentiëren in niveau en tempo” (Rijksoverheid, 2014), is het bijna
wonderbaarlijk te noemen dat er nog geen ‘totale ontreddering’ waarneembaar is in het
onderwijsveld. Wat is toch dat ‘grote onderwijsobstakel’ dat differentiatie heet? Wat houdt het in en
welke vormen zijn er? We maken een kleine tour door de wondere wereld van differentiëren in de
reguliere les om een globaal beeld te krijgen van wat differentiatie in het onderwijs nu eigenlijk inhoudt
en welke hoofdvormen er zijn. Uiteindelijk zal er worden toegewerkt naar het deelaspect
‘differentiatie in niveau’, dat in de tweede paragraaf van dit hoofdstuk naar voren zal komen. In de
derde paragraaf zal specifiek worden gekeken naar de mogelijkheden om te differentiëren in niveau
bij de luistervaardigheidsopdrachten van Duits.
Differentiatie
Aldus de Rijksoverheid houdt differentiatie
in dat de docent de lesstof afstemt op de
“individuele niveaus en behoeftes van de
leerlingen” (2015). Het Vlaams Verbond van
het Katholiek Secundair Onderwijs
omschrijft
het
iets
nauwkeuriger:
“Didactisch principe van verscheidenheid in
oefenvormen, werkvormen en opdrachten
waarbij diverse groepen en/of individuen
een leertraject op maat kunnen volgen”
(VVKSO, 2014). Differentiatie gaat dus om
het op maat aanbieden van lesstof. Hierbij
dient de leerkracht rekening te houden met
Differentiatie?: ‘Voor een eerlijke selectie moet iedereen
ondermeer
verschillende
interesses,
dezelfde test doen: klim nu in die boom.’
behoeftes, leerstijlen* en niveaus van
leerlingen. Differentiatie heeft tot doel op
een didactisch en pedagogisch verantwoorde wijze tegemoet te komen aan het onderscheid tussen
scholieren. Aldus het VVKSO (2014) moet dit er binnen het moderne vreemde talenonderwijs, kortweg
MVT-onderwijs, toe leiden dat zowel taalsterke als taalzwakkere leerlingen ‘voldoende hun voordeel
kunnen halen uit de les’. Uiteindelijk moet dit er, aldus Arja Kerpel van Wij-Leren.nl, weer toe leiden
dat ‘alle leerlingen een bepaald niveau halen’ (Wij-Leren, z.d.). Differentiëren kan echter ook
betekenen dat men goede leerlingen laat excelleren door hen moeilijker leerstof, of de leerstof op een
andere wijze aan te bieden. Aldus Kerpel kan er een onderscheid worden gemaakt tussen convergente
en divergente differentiatie.
* EXTRA INFORMATIE BIJ DIT THEMA:
Leertheorieën: Zanden, 2007.
60
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Convergent
Maakt een docent gebruik van “convergente differentiatie” (Wij-Leren, z.d.), dan heeft hij of zij (in het
vervolg aangesproken met hij) een minimumdoel gesteld voor de gehele groep. De leerkracht staat in
dit geheel centraal. Hij zorgt ervoor dat alle leerlingen een algemene, klassikale instructie krijgen en
zet de leerlingen daarna aan het werk. Er blijft hiermede ruimte over om de minder sterke leerlingen
verlengde instructie te geven en samen met de duidelijk zwakkere leerlingen enkele voorbeeldopgaven
te maken. Voor de sterke leerlingen dient in dit geval verdiepingsstof ter beschikking te staan.
Divergent
“Divergente differentiatie” (Wij-Leren, z.d.) gaat, in tegenstelling tot convergente differentiatie, geheel
in op het individu. De leerkracht houdt rekening met de individuele behoeften en niveaus van de
leerlingen. Een groot voordeel van deze manier van differentiëren is dat de leerlingen in hun eigen
tempo door kunnen werken. Er zijn echter ook negatieve aspecten te noemen. Zo kunnen, aldus
Kerpel, zwakkere leerlingen zich niet optrekken aan de sterkere leerlingen, aangezien het klassikale
aspect wegvalt. Hierdoor wordt het niveauverschil in de groep verder vergroot.
Intern vs. Extern
Naast het onderscheid tussen convergente en divergente differentiatie, kan er ook nog een duidelijke
scheiding worden gemaakt tussen “interne en externe differentiatie” (Wij-Leren, z.d.). Bij interne
differentiatie is er sprake van één groep leerlingen. Binnen deze groep zijn verschillende niveaus en
onderwijskundige behoeften waarneembaar. Het is de situatie die iedere dag weer naar voren komt
binnen de bij dit onderzoek betrokken scholen. Met name het gebruik van heterogene groepen, ofwel
groepen waarin de sterke en zwakke leerlingen bij elkaar zitten, lijkt, in tegenstelling tot homogene
groepen, positieve effecten te hebben; de zwakke leerlingen hebben er baat bij en de sterke leerlingen
lijden er niet onder. Bij externe differentiatie worden de leerlingen op grond van hun begaafdheid in
een groep of klas ondergebracht (bv. Vmbo-Havo-Vwo, of een Plusklas).
Differentiatievormen
Het Vlaams Verbond van het Katholiek Secundair Onderwijs (VVKSO, 2014) heeft een begrippenkader
samengesteld van een aantal differentiatievormen. Het betreft geen volledig overzicht, maar het geeft
wel een helder beeld van de vele mogelijkheden die een leerkracht heeft als het gaat om differentiatie:
1. Tempodifferentiatie
2. Verdiepingsdifferentiatie
3. Niveaudifferentiatie
4. Interessedifferentiatie
5. Leeftijdsdifferentiatie
6. Methodische differentiatie
De leerling heeft de mogelijkheid om zich in zijn tempo door de leerstof heen te
werken. Wanneer de leerling de stof af heeft, gaat hij verder met een volgend
onderwerp.
De leerling heeft de mogelijkheid om zich in zijn tempo door de leerstof heen te
werken. Wanneer de leerling de stof af heeft, kan hij zich verder verdiepen in de stof.
Alle leerlingen moeten een minimumstof beheersen.
Binnen de klas of de school worden groepen van leerlingen gevormd op grond van hun
begaafdheid of hun vorderingsniveau.
Binnen de klas of de school worden groepen van leerlingen gevormd op grond van hun
interesses of de keuze van een bepaald onderwerp.
Binnen de school worden leerlingen van dezelfde leeftijd bij elkaar in één klas geplaatst.
Hierbij wordt rekening gehouden met de verschillende manieren waarop kinderen iets
kunnen leren (doener, bezinner, denker, beslisser volgens de leerstijlen van Kolb).
Differentiatievormen (VVKSO, 2014)
Binnen ‘die Mannschaft’ is, zoals eerder vermeld, sprake van interne differentiatie. Om ervoor te
zorgen dat de zwakkere leerlingen niet uitvallen, is een convergente aanpak noodzakelijk. Hierop
sluiten de eerste drie differentiatievormen van het VVKSO (2014) het beste aan. In de vervolgparagraaf
zal met name worden ingegaan op differentiatie in niveau. Hier kan echter de door het VVKSO
vermelde verdiepingsdifferentiatie bij worden betrokken.
61
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
2.2. Wat wordt er verstaan onder differentiatie
in niveau?
‘Differentiatie in niveau’; wat verstaat men daar
nu eigenlijk onder? Vreemd genoeg lijkt alleen de
Rijksoverheid (2014) gebruik te maken van exact
deze term. Het VVKSO (2014) maakt, zoals in de
vorige paragraaf reeds ter sprake is gekomen,
van een kleine variant op deze term gebruik:
‘niveaudifferentiatie’. Aldus het VVKSO wordt de
klas hierbij op grond van de begaafdheid van de
leerlingen opgedeeld in kleinere groepen. Er kan
hierbij sprake zijn van zowel homogene
(leerlingen met hetzelfde niveau), als heterogene
(leerlingen met verschillende niveaus) groepen.
Differentiatie in de klas
In de vorige paragraaf hebben we gezien dat met
(http://content.heutinkvo.nl/Foto/500px/678228.jpg)
name heterogene groepen een positieve
uitwerking hebben op de leerprestaties. De
zwakkere leerlingen worden bewust bij de sterkere leerlingen gezet en profiteren hier van, terwijl de
sterke leerlingen er zelf qua niveau niet onder lijden. Het opdelen van een klas in homogene groepen
is niet altijd wenselijk, aangezien dit kan leiden tot het afvallen van de zwakkere leerlingen. De sterke
leerlingen hebben hier echter wel baat bij, daar zij zich in een groep met (qua niveau) gelijkwaardige
leerlingen verder kunnen ontwikkelen en hier meer uitdagingen zullen vinden. De heterogene groep
lijkt hiermede de beste oplossing te zijn voor het grootste deel van de klas, terwijl de homogene groep
juist voor meer uitdagingen bij de sterke leerlingen zorgt. Er zal in het voortgezet onderwijs dan ook
een gulden middenweg gekozen moeten worden. In het basisonderwijs, waar leerlingen met zeer
uiteenlopende niveaus (van Vmbo tot Gymnasium) bij elkaar in één groep zitten, kan de homogene
groep daarentegen wel een belangrijke rol in het differentiatieproces spelen.
‘Verdiepingsdifferentiatie’ (VVKSO, 2014) ligt qua uitgangspunt dicht bij differentiatie in niveau, het
zorgt er echter voor dat alle leerlingen een bepaald minimumniveau behalen. Dat is gezien de
eindexameneisen in het voortgezet onderwijs zeer wenselijk te noemen. Nadat leerlingen klaar zijn
met de minimumstof, kunnen zij zich gaan verdiepen of verbreden. Voor de zwakkere leerlingen blijft
er zo voldoende tijd over om extra oefenmateriaal te maken of om extra uitleg van de docent te krijgen;
de zogeheten verlengde instructie. Met name voor de sterke leerlingen is het van belang dat er ruimte
vrij wordt gemaakt voor verdieping en verbreding. Hoe zorgt men er echter voor dat men op deze wijze
kan gaan differentiëren in het onderwijsniveau?
Compacten & Bloom
Zowel Kerpel (Wij-Leren, z.d.) als de
Rijksoverheid (2015) spreekt over het
“compacten” van leerstof. Aldus de
Rijksoverheid is dit het ‘overslaan van
overbodige oefenstof’. Het compacten is,
aldus Kerpel, met name zinvol voor de
sterke leerlingen. Zij kunnen namelijk snel
door de lesstof heen, omdat zij de stof
sneller beheersen. Op deze manier kan
men de beschikbare tijd effectiever
gebruiken, daar men de sterke leerlingen
gedifferentieerde lesstof op een hoger
niveau of andere lesstof kan aanbieden.
Kortweg: er komt ruimte vrij voor
verdieping of verbreding.
62
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Taxonomie van Bloom (Kennisnet, z.d.)
Men kan de sterke leerlingen vooral uitdagen en motiveren door lesstof met een hogere cognitieve
belasting aan te bieden; het zogeheten “hogere orde denken” (SLO, z.d.). Bloom* onderscheid in zijn
taxonomie zes niveaus van denken, zoals aangegeven in het schema van Kennisnet op de vorige pagina.
Het hogere orde denken bestaat uit de niveaus ‘analyseren, evalueren en creëren’. Uit de
onderstaande grafiek van het SLO kunnen wij opmaken dat circa 20 tot 30 procent van de leerlingen
in het Nederlandse onderwijs in aanmerking zou moeten kunnen komen voor compacten en verrijken.
Bij deze grafiek dient echter de kanttekening te worden gemaakt dat dit beeld per klas zal verschillen
en dat de grafiek ook toepasbaar is op het primair onderwijs. Toch laat de grafiek zien dat de noodzaak
van differentiëren in niveau wel degelijk bestaat. Niet alleen binnen het Vwo en Gymnasium, maar ook
binnen het Vmbo en Havo is er sprake van ‘bovengemiddeld presterende leerlingen’ die meer
uitdaging op bepaalde gebieden nodig hebben. Niveau- en verdiepingsdifferentiatie bieden hier
uitkomst.
Differentiëren: compacten en verrijken
(SLO, z.d.)
* EXTRA INFORMATIE BIJ DIT THEMA:
Taxonomie van Bloom:
http://talentstimuleren.nl/thema/stimulerend-signaleren/rijke-leeractiviteiten/bloom
Bloom, 1956.
63
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
2.3. Op welke manier dient een
luistervaardigheidsprogramma voor
Duits te zijn opgebouwd?
Van klank, via woord, zin en tekst, naar
betekenis en anderzijds van jouw kennis
van de wereld en de situatieve en talige
context naar betekenis; het is het
zogeheten
“bottom-upen
topdownproces” bij het begrijpen van een taal
waar Kwakernaak het in zijn Didactiek van
het vreemdetalenonderwijs (2015) over
heeft. Ongemerkt spelen dus zelfs de
kleinste elementen in een taal, de losse
letters en klanken, een grote rol bij het
begrijpen van een tekst. Dat geldt niet
alleen voor de geschreven taal, maar ook
Écht luisteren is een kunst (Hanszomer.nl, z.d.)
zeker voor de gesproken taal. Daar komt
van ‘bovenaf’ nog eens de persoonlijke
kennis van de wereld en van de situatie waarin het gesprek zich afspeelt bij. Zonder deze kennis van
de wereld en context zou een zin als “Geef me even dat ding daar” (Kwakernaak, 2015) volledig
onduidelijk en nietszeggend zijn. Het toont aan dat er meer bij een luistervaardigheidsprogramma
komt kijken dan het starten van de CD en het maken van de opgaven. De bovenstaande afbeelding is
daarom veelzeggend: ‘écht luisteren is een kunst’!
Deelvaardigheden
Dat zelfs de kleinste elementen van een tekst een belangrijke rol spelen bij de luistervaardigheid, toont
maar weer eens aan dat we ons eerst moeten verdiepen in de luistervaardigheid zelf, alvorens wij ons
kunnen richten op de gewenste opbouw van een luistervaardigheidsprogramma. Er is namelijk niet
één manier van luisteren. Staatsen (2009), verbonden aan het Instituut Archimedes van Hogeschool
Utrecht, onderscheidt een aantal belangrijke deelvaardigheden, die een belangrijke rol spelen bij de
lagere niveaus van het ERK, ofwel het Europees Referentiekader:
 “Informatie selecteren uit luisterteksten (selectief luisteren en kijken).
 Informatie binnen een tekst of tussen meerdere teksten vergelijken.
 Conclusies trekken op basis van informatie in een tekst.
 Het begrijpen van teksten (intensief luisteren en kijken).
 Het inzetten van de compenserende interpretatiestrategieën bij het luisteren en kijken.
 Het begrijpen van de gesprekspartner bij gespreksvaardigheid.”
Met name bij de op een na laatste deelvaardigheid komt de ‘kennis van de wereld en context’
(Kwakernaak, 2015) weer duidelijk naar voren. Juist door gebruik te maken van de reeds aanwezige
voorkennis, kan een tekst eenvoudiger worden begrepen. De laatste deelvaardigheid valt tevens onder
spreek- en gespreksvaardigheid en zal hier daarom niet verder ter sprake komen.
Nu zullen veel mensen zich begrijpelijkerwijze afvragen of het wel zinvol is te kijken naar
deelvaardigheden die van belang zijn bij de lagere ERK-niveaus. Hoewel het aantal deelvaardigheden
zal toenemen naar mate men een hoger ERK-niveau bereikt, men wordt ten slotte geacht meer soorten
teksten te kunnen begrijpen, vormt de opsomming van Staatsen (2009) toch altijd weer de basis van
luistervaardigheid. Zonder deze deelvaardigheden komt men geen stap hoger binnen het Europees
Referentie Kader. Daar komt nog eens bij dat de eindtermen van luistervaardigheid voor het vak Duits
zich bij het Vmbo (Basis, Kader, Gemengd en Theoretisch) en Havo, zoals blijkt uit de tabel van het ERK
(z.d.) op de volgende pagina, allemaal in de onderste regionen van het ERK-systeem bevinden (eerste
64
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
helft: A1 t/m B1, tweede helft: B2 t/m C2). Pas in het examenjaar van het Vwo wordt men geacht
Duitse luisterteksten op B2-niveau te kunnen begrijpen.
Vmbo BB
Vmbo KB
Vmbo GL
Vmbo TL
Havo
Vwo
Eindtermen Luistervaardigheid naar onderwijsniveau (ERK, z.d.)
Tekstsoorten
Niet alleen het onderscheiden van de verschillende deelvaardigheden is van belang. Bij
luistervaardigheidsopdrachten krijgt men ook met talrijke tekstsoorten te maken. Om de leerlingen
een gedegen programma op het gebied van luister- (en kijk)vaardigheid aan te kunnen bieden, is het
van belang zoveel mogelijk verschillende soorten teksten aan te bieden. Een overzicht van Staatsen
(2009) van een aantal hoofdtypen:
 “Functionele tekstsoorten, zoals aankondigingen in het verkeer en op reis, weerberichten,
programma-aankondigingen via televisie en telefoon, reclameboodschappen.
 Informatieve televisieprogramma’s.
 Interviews.
 Monologen.
 Literaire of cultureel getinte teksten.”
Tekstsoort en de manier van luisteren zijn nauw met elkaar verbonden. Kwakernaak (2015)
onderscheidt twee manieren van luisteren: “zoekend (selectief) en structurerend luisteren”. Het is van
belang ook de opgaven bij het luisterfragment hieraan aan te passen. Bij een functionele tekst als het
weerbericht is men in het echte leven vaak maar in één ding geïnteresseerd; de weersvoorspellingen
voor het gebied waarin je je bevindt. Je luistert dan ook selectief. Het is in deze situatie niet realistisch
de leerlingen te vragen het weerbericht voor het gehele land, bijvoorbeeld Duitsland, samen te vatten.
Goede luisterteksten?
Hoewel er veel overeenkomsten zijn tussen lees- en luisteropgaven, het zijn tenslotte beide receptieve
vaardigheden, zijn er ook duidelijke verschillen waarneembaar. Toch gebeurt het in het onderwijsveld
nog maar al te vaak dat een geschreven tekst wordt ingesproken en vervolgens wordt gebruikt als
luisteropgave. Ongemerkt gebeurt dit ook vaak bij de door de uitgeverijen van lesmethodes
aangereikte didactische luisteropgaven. Waar maakt men dit echter in het echte leven mee? Ja, bij het
journaal wordt een tekst voorgelezen door de nieuwslezer. Maar hoe zit dat met een gesprek met je
buurman, het afrekenen bij de bakker en het kopen van een vervoersbewijs bij de buschauffeur?
Kwakernaak (2015) heeft voor het kiezen van goede luisterteksten een simpele vuistregel bedacht:
“leesteksten zijn teksten die je in het normale leven meestal leest, luisterteksten zijn teksten die je in
het normale leven meestal hoort”. Het is uiteraard een open deur, maar toch is het van groot belang
hier rekening mee te houden bij de keuze voor een luistertekst voor zowel de reguliere les als de
niveau- en verdiepingsdifferentiatie. Het VVKSO (2014) geeft daarom ook aan dat het bij het kiezen
van zowel lees- als luisterteksten zeer belangrijk is, dat men ‘levensechte en realistische’ teksten kiest.
Enkele kenmerken die eigen zijn aan de gesproken taal zijn: “aarzelingen, herformuleringen, redundant
taalgebruik en expressiviteit”.
Luister- en kijktaken
Bij het aanbieden van luistervaardigheidsopgaven is het van belang dat men als docent er vooraf over
nadenkt wat men de leerlingen precies wil leren. Het is uiteraard, net als de vuistregel van Kwakernaak
hierboven, een open deur, maar toch wordt hier vaak te simpel over gedacht. Het belangrijkste doel
van een luistervaardigheidsopgave zou moeten zijn dat de leerlingen bij de uitvoering van de opgaven
65
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
“iets leren wat hen helpt bij het luisteren en kijken naar een volgende, nieuwe tekst” (Staatsen, 2009).
Dit doet men niet alleen door de leerlingen tips te geven. Ook de opbouw van de opgaven kan de
leerlingen hierin helpen. In de eerste plaats geldt dat de opdrachten moeten worden gestructureerd
van makkelijk naar moeilijk. Eerst zal er een bepaalde context moeten worden gecreëerd, waarna,
afhankelijk van het onderwijs- en ERK-niveau, steeds dieper op de tekst kan worden ingegaan. Naast
de opbouw van makkelijk naar moeilijk is het ook van groot belang te beseffen dat elke tekstsoort om
een specifieke ‘luistertaak’ vraagt. Eerder in deze paragraaf lazen wij al dat Kwakernaak (2015) twee
manieren van luisteren onderscheidt. Staatsen (2009) gaat dieper op dit thema in door een opsomming
te maken van vijf specifieke ‘luister- en kijktaken*’ met een oplopende moeilijkheidsgraad. Reeds vanaf
de onderbouw is het van belang met al deze taken aan de slag te gaan:
 “Voorbereidend luisteren.
 Selectief luisteren.
 Geleid luisteren.
 Reagerend luisteren.
 Vergelijkend en evaluatief luisteren.”
Aanpak
Van bottom-up tot deelvaardigheid en van
Oriënteren
context tot een luistertaak; het is duidelijk
geworden dat er een hoop schuil gaat achter
die
ogenschijnlijk
simpele
term
‘luistervaardigheid’. Dat houdt ook in dat een
specifieke aanpak noodzakelijk is. Het VVKSO
OVURVoorReflecteren
(2014) maakt gebruik van het zogeheten
methode bereiden
OVUR-model*, dat voorziet in opdrachten
voor, tijdens en na het luisteren. Men begint
in de fase van het ‘oriënteren en
voorbereiden’. Hierbij kan worden gedacht
Uitvoeren
aan activiteiten zoals het voorspellen van de
inhoud, het geven van enkele kernwoorden
en het bekendmaken van het luisterdoel.
De OVUR-methode (op basis van informatie VVKSO (2014))
Daarna komt men in de uitvoeringsfase
terecht, waarbij men bijvoorbeeld de door de
leerlingen geformuleerde luisterhypothese kan evalueren en opdrachten geeft voor de verschillende
luistertaken, zoals hierboven opgesomd. Tot slot komt men in de fase van het reflecteren. Hierbij is
het de bedoeling dat de leerlingen verantwoorden hoe zij tot hun antwoorden zijn gekomen. Een
soortgelijke aanpak in fasen laat Staatsen (2009) zien: “activiteiten voorafgaand aan het luisteren,
activiteiten tijdens het luisteren, activiteiten na het luisteren”. In de eerste fase moet men, aldus
Staatsen, ondermeer de leerlingen laten weten wat voor luistertekst zij voorgeschoteld krijgen,
eventuele achtergrondinformatie geven, de voorkennis over het thema activeren, eventueel vooraf
een tekst laten lezen over hetzelfde thema en eventueel visuele ondersteuning bieden (bv. een foto).
Daarna komt men in de fase van ‘activiteiten tijdens het luisteren’ terecht. Staatsen geeft hierbij
wederom aan dat er een duidelijk opbouw in moeilijkheidsgraad waarneembaar moet zijn. Men begint
dan ook met opdrachten die slechts gericht zijn op ‘globaal begrip’. Het is belangrijk niet teveel
opdrachten tegelijk aan te bieden: “het is beter eenzelfde luistertekst meermalen te laten horen en
daar steeds andere opdrachten bij te geven” (Staatsen, 2009). In de laatste fase evalueert men de
gemaakte opdrachten en kan men nog stilstaan bij het taalgebruik. Daarnaast kan men hier inspelen
op een overgang naar opdrachten omtrent de andere drie vaardigheden: lees-, spreek- en
schrijfvaardigheid. Voor extra voorbeelden verwijs ik u graag naar onderstaande bronnen:
* EXTRA INFORMATIE BIJ DIT THEMA:
Staatsen, Heebing & Renselaar, 2009, blz. 69-99.
VVKSO, 2014, blz. 23-30.
66
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
|
2.4. Op welke wijze kan er worden gedifferentieerd in niveau bij de luistervaardigheid van Duits?
‘Écht luisteren is een kunst!’ Ondanks het feit dat luistervaardigheid een complex geheel is, bieden de
lesmethodes van de bij dit onderzoek betrokken scholen (met name Neue Kontakte) toch niet
voldoende materiaal voor verdiepings- en niveaudifferentiatie. Met name voor de sterkere leerlingen
zoeken de docenten, zoals reeds in de inleiding gemeld, extra didactisch materiaal. Voordat kan
worden ingegaan op de vraag welke rol ICT kan spelen bij het aanbieden, uitwisselen en structureren
van voldoende luistervaardigheidsmateriaal voor Duits, moeten wij eerst nog een blik werpen op de
mogelijkheden van differentiatie in niveau wat betreft de luistervaardigheid van Duits.
ERK
In de vorige paragraaf is reeds
gesproken over de niveaus van het
Europees
Referentie
Kader*,
kortweg ERK. De verschillende
niveaus
bieden
bij
uitstek
mogelijkheden om te differentiëren
in niveau, zeker als een divergente
aanpak
wordt
gehanteerd
(paragraaf 2.1). Het VVKSO (2014)
noemt
als
één
van
de
mogelijkheden voor differentiatie in
niveau het individueel laten
oefenen van de luistervaardigheid,
naast de klassikale opgaven. Voor de
zwakkere leerlingen biedt dit de
mogelijkheid
in
een
veilige
omgeving (zonder groepsdruk) de
Schematische weergave ERK-niveaus (Deutscholympiade.nl, z.d.)
luisterfragmenten nogmaals te
beluisteren. Het kan hierbij gaan om
fragmenten op het gewenste ERK-niveau of om fragmenten op een iets lager niveau, om de leerling zo
meer succeservaringen te geven, wat de motivatie ten goede komt. Eventueel kan de docent, zeker in
de beginfase, deze leerlingen ook transcripties geven om vooruitgang te kunnen boeken op het gebied
van luistervaardigheid. Voor de sterkere leerlingen kan de docent opdrachten op een hoger ERK-niveau
klaarzetten. Te denken valt aan luister- en kijkopdrachten van de methode, maar ook het internet biedt
talrijke mogelijkheden. Hierop zal nader worden ingegaan in paragraaf 2.5.
Andere mogelijkheden
Naast het aanbieden van opdrachten op een hoger ERK-niveau, kan er ook, in het kader van
verdiepingsdifferentiatie, worden gedacht aan bijkomende opdrachten voor de sterke leerlingen. Bij
deze convergente aanpak (paragraaf 2.1) behalen alle leerlingen een minimumdoel. Voor de sterke
leerlingen staan hierbij extra opdrachten bij hetzelfde luisterfragment ter beschikking. Het VVKSO
(2014) geeft hierbij als voorbeelden het alvast maken van opdrachten die eigenlijk bij de tweede
luisterbeurt aan bod zouden komen, het geven van gedetailleerdere antwoorden en het focussen op
‘bepaalde talige aspecten’ in het luisterfragment. Uiteraard is het ook mogelijk dat de docent zelf extra
opdrachten bij het fragment bedenkt. Voor de minder vaardige luisteraars is extra ondersteuning
onontbeerlijk om een luistertaak te leren beheersen. Voor deze leerlingen kan het noodzakelijk zijn
een beknopt schema (bv. een ‘mindmap’) aan te bieden met de inhoud van het fragment, waarbij de
leerlingen zelf het schema tijdens of na het luisteren moeten aanvullen. Ook het aantal luisterbeurten
kan, evenals het gebruik van ondersteunend beeldmateriaal, aldus het VVKSO (2014) “een middel zijn
* EXTRA INFORMATIE BIJ DIT THEMA:
Moonen, 2011 (Levende Talen Tijdschrift).
67
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
om te differentiëren”. In een klassensituatie is dit echter niet altijd haalbaar, zeker niet wanneer de
docent het fragment klassikaal afspeelt.
Naast de hierboven reeds genoemde mogelijkheden van differentiëren in niveau, blijkt ook het
“reflecteren over de manier van luisteren” (VVKSO, 2014) zeer zinvol te zijn. In de vorige paragraaf valt
te lezen hoe Kwakernaak (2015) en Staatsen (2009) de verschillende manieren van luisteren
onderscheiden. Staatsen had het in dit geheel over vijf specifieke ‘luister- en kijktaken’. Toch is het
voor leerlingen, en zeker voor de zwakkere luisteraars, lang niet altijd duidelijk op welke wijze zij naar
een fragment moeten luisteren. Zij denken ieder woord te moeten begrijpen. Dat kan een totale
ontmoediging teweeg brengen: “leerlingen focussen vaak te gedetailleerd op het begin van de tekst,
haken af en kunnen niet meer volgen bij de rest van de tekst” (VVKSO, 2014). Juist door achteraf te
evalueren hoe men naar het fragment dient te luisteren, kan dit ertoe leiden dat de leerlingen “iets
leren wat hen helpt bij het luisteren en kijken naar een volgende, nieuwe tekst” (Staatsen, 2009). In het
kader van differentiatie kan men hier de betere luisteraars bij betrekken. Zij kunnen het beste
omschrijven hoe zij tot hun goede antwoorden zijn gekomen. De docent kan ten slotte niet in de
hoofden van de leerlingen kijken. Of zoals Kwakernaak (2015) het omschrijft: “typisch voor de
receptieve vaardigheden lezen en luisteren is dat de activiteit waar het eigenlijk om gaat, namelijk het
begrijpen van de tekst, onzichtbaar en ongrijpbaar in het hoofd van de leerling plaatsvindt, tijdens de
tekstpresentatie”. Hoewel een docent goede tips kan aandragen, is er niet één manier van luisteren.
Juist de tips uit hele verschillende hoeken kunnen hier van grote waarde zijn. Aangezien niet alle
leerlingen wegens (het gevoel van) groepsdruk vrijuit kunnen praten in een klas, kan er ook over
worden nagedacht de reflectie schriftelijk te laten plaatsvinden. Nadat alle leerlingen hebben
genoteerd hoe zij aan hun antwoorden zijn gekomen, kunnen de leerlingen hun antwoorden in
tweetallen of kleine groepjes uitwisselen. Hierbij zijn diverse werkvormen denkbaar, waaronder de
placemat-methode.
Doeltaal
Nog altijd vaak onderschat is de grote rol van
spreekvaardigheid in de luistervaardigheid. Met
name de docent speelt hierin een cruciale rol.
Juist door constant, of toch in ieder geval zeer
regelmatig Duits te spreken in de lessen, raken de
leerlingen vertrouwd met de vreemde taal.
Ofwel: het gebruik van de doeltaal in de les is ook
van groot belang voor de luistervaardigheid.
Reeds in paragraaf 2.3 werd “het begrijpen van
de gesprekspartner bij gespreksvaardigheid”
(Staatsen, 2009) aangehaald. Het gebruik van de
doeltaal in de les heeft echter niet alleen invloed
Spreken en luisteren zijn nauw met elkaar verbonden
op deze ene deelvaardigheid. Voor de gehele
(Zwijsenouders.nl, z.d.)
ontwikkeling van de luistervaardigheid is het van
groot belang: “Luisteren betekent dat een leerling
uit de klankenstroom betekenisvolle woorden en woordcombinaties moet distilleren. Dat is minder
eenvoudig dan het lijkt. Het vraagt op de eerste plaats frequente blootstelling aan de taal” (VVKSO,
2014). Het veelvuldig gebruiken van de Duitse taal in de les kan worden beschouwd als een vrij
intensieve luistervaardigheidstraining voor de leerlingen. Het voordeel is dat men de leerlingen met
compenserende strategieën (zoals gebaren en mimiek) zeer gericht kan ondersteunen.
Duidelijke opbouw
Ter afsluiting van deze paragraaf dient nogmaals gemeld te worden dat een duidelijke opbouw in
niveaus noodzakelijk is om überhaupt te kunnen differentiëren in niveau, zoals ook reeds behandeld
in paragraaf 2.3.
68
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
2.5. Welke rol kan ICT spelen bij
het aanbieden, uitwisselen en
structureren van voldoende
luistervaardigheidsmateriaal voor
Duits?
Veel
scholen
voorzien
hun
leerlingen tegenwoordig van tablets
of laptops. Dit biedt vele nieuwe
mogelijkheden als het gaat om
differentiatie
in
niveau
en
verdieping. De Vries van de
Universiteit Utrecht meldt in zijn
praktijkgerichte onderzoek: “Het
beeld dat leerlingen hebben van het
differentiëren met de laptop komt
overeen met het beeld dat docenten
Het onderwijs kan nog een flinke groei doormaken als het gaat om het
schetsen.
Zij
waarderen
de
differentiëren in niveau m.b.v. ICT (Michelvanast.nl, 2005)
mogelijkheid om te werken op hun
eigen manier, in hun eigen tempo,
en de mogelijkheid om leerstof te verwerken met behulp van verschillende applicaties. Evenals de
leraren zien de leerlingen dat de laptops meer potentieel hebben dan momenteel wordt geëxploiteerd"
(Vries, Beckwith, Smit, 2013). Niet alleen voor de scholen met laptops liggen er nog kansen wat betreft
differentiatie. Ook binnen ‘die Mannschaft’, waar de leerlingen nog met boeken werken, zijn er nog
vele mogelijkheden voor verdiepings- en niveaudifferentiatie. Zeker wat betreft het gebruik van ICT.
Aanbieden & Uitwisselen
Grote Nederlandse uitgevers als Noordhoff en Malmberg bieden tegenwoordig veel materialen ook
digitaal aan. Veelal gaat het hierbij om dezelfde opgaven die ook in de methoden aanwezig zijn, samen
met enkele extra opgaven voor meer ondersteuning. Reeds in de inleiding is gebleken dat dit voor de
bij dit onderzoek betrokken docenten niet voldoende blijkt te zijn om goed te kunnen differentiëren
in niveau en verdieping. Daar komt nog eens bij dat de websites die door de grote uitgevers ter
beschikking zijn gesteld, vrijwel in alle gevallen alleen tegen betaling ter beschikking staan. Uitwisseling
van materialen wordt hiermee, zeker voor digibeten, vrijwel onmogelijk gemaakt. Als men op internet
gaat zoeken naar extra oefenmateriaal voor de luistervaardigheid van Duits, dan komt men al snel in
het digitale vaklokaal van Duits terecht, ook wel bekend onder de internetlink duits.de. Dit is, aldus de
makers van deze website, “sinds 1997 de grootste website over de Duitse taal en cultuur van
Nederland” (Duits.de, z.d.). Op taalkundig vlak biedt de website ondermeer opdrachten en tips voor
de vier vaardigheden, grammatica en woordenschat. Hoewel zeer zinvol, geeft de website zeker geen
compleet beeld van wat er beschikbaar is in het ‘ICT-oerwoud’, waar vele docenten in lijken te
verdwalen. Onder de zoekterm Duits komt men in de bekende zoekmachine van Google ook al snel uit
bij Thuisacademie Duits van de NTR (NTR, 2007). Op het gebied van luistervaardigheid vindt men hier
relatief veel oefenmateriaal. Hierbij dient wel vermeld te worden dat het hierbij in vrijwel alle gevallen
gaat om geschreven teksten die later zijn ingesproken. Dit zorgt ervoor dat de fragmenten niet als
‘levensecht’ kunnen worden bestempeld. “Aarzelingen, herformuleringen, redundant taalgebruik en
expressiviteit” (VVKSO, 2014) ontbreken in de beschikbare luisteropgaven, evenals
achtergrondgeluiden. Ook het Goethe Institut biedt online, evenals vele particulieren, extra
oefenmateriaal aan op het gebied van luistervaardigheid. Daar komen de vele mogelijkheden die
websites als YouTube, Ard.de, Zdf.de en Deutsche Welle tegenwoordig bieden nog eens bij. Zeker bij
de door radio- en televisiezenders ter beschikking gestelde fragmenten kan worden gesteld dat dit
“even waardevol is als dat van de rechtstreekse tv” (VVKSO, 2014). De fragmenten zijn daarnaast
levensecht en kunnen meestal gedurende een langere tijd beluisterd en bekeken worden. De video’s
van YouTube kan men daarnaast met behulp van freeware vrij makkelijk opslaan op een harde schijf
69
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
of server. Bijkomend voordeel is dat men door gebruik te maken van dit soort websites, veel beter kan
inspelen op de belevingswereld van de leerlingen in jouw specifieke klas. Als nadeel kan worden
genoemd dat op deze websites lang niet altijd didactische oefeningen ter beschikking staan.
Het moge duidelijk zijn dat er op het internet vele
kansen
liggen
voor
verdiepingsen
niveaudifferentiatie
wat
betreft
luistervaardigheid. Waar is echter het
waardevolle oefenmateriaal te vinden dat de
docenten zelf hebben gemaakt? Hommel (2013)
van de Universiteit Utrecht heeft onderzocht
welke motivaties docenten van de moderne
vreemde talen (MVT) hebben om materiaal uit te
wisselen. Hoewel op de vraag waarom docenten
“Sinds 1997 de grootste website over de Duitse taal en
materiaal uitwisselen geen eenduidig antwoord
cultuur van Nederland” (Duits.de, z.d.)
te geven is, is wel gebleken dat zijn eigen
opleiding stelt dat er te weinig materiaal wordt
uitgewisseld. Opmerkelijk of niet, het is wel duidelijk geworden dat “er meer gedeeld wordt met
bekende dan met onbekende collega's” (Hommel, Schönherr, Duijf, 2013). Op deze wijze gaat voor het
grootste deel van de docenten reeds gemaakt materiaal verloren. Aldus Hommel is het “om
uitwisseling van materiaal te ondersteunen belangrijk een overzichtelijke database te hebben (online
of binnenschool) en dat het uitwisselen positief aangemoedigd wordt door bijvoorbeeld een
schoolleiding” (Hommel, 2013). Ook De Vries gaat in op het differentiëren in tempo en niveau: “Hier
zou door het gebruik van opdrachtendatabases een grote slag geslagen kunnen worden” (Vries, 2013).
Het is opmerkelijk te noemen dat in twee verschillende onderzoeken het gebruik van een
opdrachtendatabase wordt aangehaald. Kennelijk ontbreekt het momenteel nog aan een openbaar
toegankelijke website waar docenten Duits hun gedifferentieerde luistermateriaal kunnen plaatsen,
ofwel één duidelijke database waar docenten geschikt materiaal kunnen vinden om te differentiëren
in niveau en verdieping. Niet alleen de studenten van de Universiteit Utrecht halen de database aan,
ook het reeds vaker geciteerde VVKSO uit Vlaanderen meldt: “Je kan ook materiaal op het leerplatform
zetten of in het leerplatform links naar geschikte websites aanmaken” (VVKSO, 2014). Zo een
leerplatform of database voor docenten kan dus aldus Hommel (2013) binnen de school worden
gemaakt of online ter beschikking worden gesteld. In het geval van ‘die Mannschaft’ zou daar ook nog
de optie van een database voor de gehele onderwijsgroep aan kunnen worden toegevoegd. Het moge
echter duidelijk zijn dat het hebben van een goede database voor het aanbieden en de uitwisseling
van gedifferentieerd luistermateriaal onontbeerlijk is.
Structureren
In de vorige paragraaf is reeds ingegaan op de mogelijkheden van verdiepings- en niveaudifferentiatie
bij de luistervaardigheid van Duits. In paragraaf 2.3 is daarnaast ingegaan op de opbouw van een
luistervaardigheidsprogramma voor het vak Duits. In die paragrafen is het in ieder geval duidelijk
geworden dat er meer komt kijken bij luistervaardigheid dan simpelweg het fragment afspelen en de
vragen maken. Een duidelijke en gestructureerde aanpak is noodzakelijk om überhaupt in niveau te
kunnen differentiëren. Mogelijkheden voor een structurering in een online database (school,
onderwijsgroep of vrij toegankelijke website) zijn bijvoorbeeld de opbouw naar ERK-niveaus, een
opbouw in verschillende luistertaken (van makkelijk naar moeilijk), of een opbouw volgens het door
het VVKSO gebruikte OVUR-model.
70
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
71
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Methoden
3.1. Methoden
Het eerste deel van het onderzoek is bijna afgerond. De theoretische verkenning vormt, samen met de
praktijkverkenning en verkenning op internet (paragraaf 2.5), de basis voor deze probleemverkenning
omtrent de differentiatie bij de luistervaardigheid van Duits. Pas in de vervolgfase, het zogeheten
interventieonderzoek dat in het volgende studiejaar zal worden uitgevoerd, krijgt het onderzoek een
‘ontwerpend karakter’. Uit hoofdstuk 2 is gebleken dat een goede en gestructureerde database voor
lesmaterialen noodzakelijk is om te kunnen differentiëren in niveau en verdieping. In hoofdstuk 5 zal
worden ingegaan op de best mogelijke oplossing voor het praktijkprobleem binnen ‘die Mannschaft’.
Validiteit, Betrouwbaarheid & Onderzoeksmethodiek
Aldus De Lange (Lange, Schuman, Montesano Montessori, 2012) is validiteit de “mate waarin het
instrument werkelijk meet wat de onderzoeker zegt of denkt te meten”. In de startfase van het
onderzoek, kort na de praktijkverkenning, is, zowel analoog als digitaal, een inventarisering gemaakt
welke literatuur bij het praktijkprobleem past. De ondermeer via Google Scholar gevonden bronnen
zijn verwerkt in een thematische bronnenlijst, onderverdeeld in de thema’s luistervaardigheid, ICT (bij
luistervaardigheid), differentiatie en onderzoek. Deze bronnenlijst is in het laatste stadium van het
onderzoek overgezet naar een meer gebruikelijke alfabetische bronnenlijst volgens de APA-normering.
Om de validiteit te vergroten is tijdens de onderzoeksfase per deelvraag gekeken welke van de
gevonden bronnen specifiek antwoord geven op de desbetreffende vraag. De andere bronnen zijn
hierbij niet gebruikt. Dit is mogelijk gebleken door de duidelijke afbakening van het onderzoek in de
startfase (inleiding). De betrouwbaarheid van het onderzoek is gewaarborgd door bij iedere deelvraag
gebruik te maken van de inzichten van diverse binnen het onderwijsveld gerenommeerde auteurs of
instanties. Het gaat hierbij ondermeer om Kwakernaak, Staatsen, het SLO, de Rijksoverheid en het ERK.
Om de betrouwbaarheid verder te vergroten zijn ook buitenlandse bronnen in het onderzoek
verwerkt, waaronder de Taxonomie van Bloom en informatie van het Vlaamse VVKSO. Daarnaast zijn
enkele universitaire bronnen gebruikt van ondermeer de Universiteit Utrecht en de TU Delft. De
diverse bronnen zijn telkens met elkaar vergeleken om tot gedegen conclusies te kunnen komen. Op
één plek in het onderzoek kan men slechts voorzichtige conclusies trekken; de in paragraaf 2.2
getoonde grafiek van het SLO is ook van toepassing op het primair onderwijs en geeft daarmede slechts
een globaal beeld voor het voortgezet onderwijs. Uiteindelijk heeft het theoretisch onderzoek er,
samen met de praktijk- en internetverkenning, toe geleid dat duidelijk is geworden waar de betrokken
docenten werkelijk behoefte aan hebben. In het algemeen geldt, zoals blijkt uit drie bronnen in
paragraaf 2.5, dat een goede database met materialen onontbeerlijk is voor het differentiatieproces.
Verschillende betrokkenen?
Nu zullen er mensen zijn die denken: waar zijn toch die docenten van ‘die Mannschaft’ in dit onderzoek
gebleven? Er is een bewuste keuze gemaakt om de desbetreffende docenten tot nu toe alleen in te
schakelen voor het vaststellen van het praktijkprobleem, ofwel de praktijkverkenning. Om in het
volgende studiejaar met een ontwerponderzoek aan de slag te kunnen gaan, is het noodzakelijk
gebleken eerst heel duidelijk in beeld te brengen wat differentiatie in niveau nu eigenlijk is, welke
mogelijkheden er zijn voor luistervaardigheid en hoe men ICT in dit geheel kan gebruiken. Dit vraagt
om een gedegen theoretisch onderzoek. Bij het ontwikkelen van het eindproduct in de fase van het
interventieonderzoek, zullen de docenten wederom aan bod komen door materialen aan te leveren
voor de database en het gehele proces te evalueren. Uiteindelijk zullen zij de basis gaan vormen voor
het beantwoorden van de nieuw te formuleren onderzoeksvraag voor het interventieonderzoek. In
deze eerste fase van het onderzoek, de probleemverkenning, is, zoals reeds aangegeven, gebruik
gemaakt van de inzichten van diverse deskundigen. Zowel zij als de in de praktijkverkenning betrokken
docenten kunnen worden beschouwd als de ‘betrokkenen’ binnen het theoretische onderzoek.
72
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
73
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Resultaten
4.1. Resultaten theoretisch onderzoek
Om een beeld te krijgen van de mogelijkheden voor het uitvoeren van een onderzoek in mijn eigen
praktijksituatie is, tijdens de praktijkverkenning in het beginstadium van dit onderzoek, een
inventarisatie gemaakt van de praktijkproblemen binnen ‘die Mannschaft’; een Dunamare-brede
vaksectie voor docenten Duits van het Vmbo. Uit een inventariserende rondvraag, de eerste fase van
de praktijkverkenning, is gebleken dat de docenten met name problemen ervoeren bij het vinden van
voldoende materiaal om te kunnen differentiëren in niveau in de reguliere les. Een vervolgvraag heeft
duidelijk gemaakt dat de problemen zich met name afspelen op het gebied van de luistervaardigheid.
De vraag was dan ook op welke wijze extra (online) luistervaardigheidsmateriaal voor Duits het beste
kan worden aangeboden, uitgewisseld en gestructureerd, zodat de desbetreffende docenten meer
kunnen gaan differentiëren in niveau. Om deze vraag te kunnen beantwoorden is een uitgebreid
theoretisch onderzoek noodzakelijk gebleken. In deze paragraaf zal nogmaals worden stilgestaan bij
de belangrijkste resultaten van het theoretisch onderzoek en de internetverkenning.
Differentiatie
In de eerste paragraaf van het theoretisch onderzoek is ingegaan op de vraag wat differentiatie nu
eigenlijk inhoudt. Differentiatie, aldus het VVKSO het “didactisch principe van verscheidenheid in
oefenvormen, werkvormen en opdrachten waarbij diverse groepen en/of individuen een leertraject op
maat kunnen volgen” (2014), bestaat uit vele deelgebieden. In eerste instantie dient men een
onderscheid te maken tussen convergente (minimumdoel voor gehele groep + verdiepingsstof voor de
betere leerlingen) en divergente differentiatie (individu staat centraal). Daarnaast bestaat er een
verschil tussen interne (één groep waarbinnen wordt gedifferentieerd) en externe differentiatie
(leerlingen over verschillende groepen of klassen verdeeld naar niveau). Het VVKSO (2014)
onderscheidt daarnaast zes differentiatievormen ( paragraaf 2.1). Binnen de bij dit onderzoek
betrokken scholen is sprake van interne differentiatie. Een convergente aanpak met de
differentiatievormen ‘verdiepingsdifferentiatie’ en ‘niveaudifferentiatie’ is aan te raden, om uitval van
de zwakkere leerlingen te voorkomen.
Differentiatie in niveau
De Rijksoverheid (2015) heeft besloten dat er voor leerlingen in 2020 ruimte moet zijn “om te
differentiëren in niveau en tempo”. In de tweede paragraaf is gekeken naar wat differentiatie in niveau
inhoudt. Het VVKSO (2014) vermeldt dat de klas hierbij op grond van de begaafdheid van de leerlingen
wordt opgedeeld in kleinere groepen. Er is hierbij zowel een homogene (leerlingen met hetzelfde
niveau in één groep), als een heterogene (leerlingen met verschillende niveaus in één groep) aanpak
mogelijk. Voor het voortgezet onderwijs is, gezien de exameneisen, de heterogene aanpak de best
mogelijk oplossing. Door hierbij te kiezen voor verdiepingsdifferentiatie, zouden in principe alle
leerlingen een minimumniveau moeten kunnen halen. Voor de betere leerlingen is verdiepingsstof
beschikbaar. De ruimte voor differentiatie kan met name worden bereikt door te “compacten”
(Rijksoverheid, 2015). De betere leerlingen maken hierbij de voor hen overbodige stof niet. In plaats
daarvan kunnen zij zich bezig houden met het zogeheten “hogere orde denken” uit de taxonomie van
Bloom (SLO, z.d.). Het betreft hier de vaardigheden ‘analyseren, evalueren en creëren’.
Luistervaardigheidsprogramma
In de derde paragraaf van het theoretisch kader is gekeken naar de wondere wereld van de
luistervaardigheid. Het is een wereld gebleken waarin zelfs de kleinste elementen van een taal, een
klank of een letter, een belangrijke rol spelen. Voordat er überhaupt een
luistervaardigheidsprogramma kan worden opgebouwd, is het belangrijk te beseffen dat er meerdere
manieren van luisteren zijn. Staatsen (2009) heeft een overzicht gemaakt van zes belangrijke
74
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
deelvaardigheden binnen de luistervaardigheid ( paragraaf 2.3). Daarmee samenhangend is het ook
belangrijk verschillende soorten teksten te onderscheiden ( paragraaf 2.3). Tekstsoort en de manier
van luisteren zijn namelijk nauw met elkaar verbonden. Bij het kiezen van luisterteksten voor
onderwijsdoeleinden is het van groot belang dat de teksten ‘levensecht en realistisch’ zijn (VVKSO,
2014). Het belangrijkste doel voor de bijbehorende opdrachten moet zijn dat de leerlingen “iets leren
wat hen helpt bij het luisteren en kijken naar een volgende, nieuwe tekst” (Staatsen, 2009). Naast het
geven van tips is hierbij ook de opbouw of structuur van de opgaven van groot belang. Logischerwijze
dient men de opdrachten van makkelijk naar moeilijk te structureren. Voor een goede opbouw kan de
aanpak van Staatsen (2009) of het OVUR-model (VVKSO, 2014) worden gebruikt.
Niveaudifferentiatie luistervaardigheid Duits
‘Écht luisteren is een kunst!’ Toch blijken de lesmethodes van ‘die Mannschaft’, zoals vermeld staat in
paragraaf 4, niet voldoende materiaal voor verdiepings- en niveaudifferentiatie te bevatten. Hoe kan
men dan het beste differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid van Duits? Zeker bij het gebruik
van een divergente aanpak bieden de verschillende ERK-niveaus bij uitstek mogelijkheden om te
differentiëren in niveau. Zo noemt het VVKSO (2014) als één van de mogelijkheden het individueel
laten oefenen van de luistervaardigheid, naast de klassikale opdrachten. Zwakkere leerlingen kunnen
op deze wijze in een veilige omgeving op hun niveau en in hun tempo aan luistervaardigheid werken,
terwijl de sterke leerlingen met opgaven of fragmenten van een hoger niveau aan de slag gaan. In het
kader van een convergente aanpak kan er ook voor worden gekozen de sterke leerlingen extra
opdrachten bij het zelfde luisterfragment te geven. Een andere mogelijkheid voor de sterkere
luisteraars is bijvoorbeeld het vragen naar ‘bepaalde talige aspecten’, wat voor de zwakkere leerlingen
vaak onmogelijk is. Naast de reeds opgesomde mogelijkheden blijken ook het “reflecteren over de
manier van luisteren” (VVKSO, 2014), het gebruik van de doeltaal in de les en de reeds eerder
genoemde heldere structuur in de opbouw van de opgaven van groot belang te zijn bij het
luistervaardigheidsproces. De zwakkere leerlingen weten bijvoorbeeld meestal niet op welke wijze zij
naar een fragment moeten luisteren, richten zich teveel op details aan het begin van het fragment en
haken af. De tips van de betere luisteraars kunnen hier van grote waarde zijn, evenals gestructureerde
opgaven die het fragment goed inleiden.
Rol van ICT
In de vijfde en tevens laatste paragraaf van het theoretisch kader is gekeken naar de rol van ICT bij het
aanbieden, uitwisselen en structureren van voldoende luistervaardigheidsmateriaal voor Duits. In deze
paragraaf is gebleken dat er op internet voldoende materiaal te vinden is om te kunnen differentiëren
in niveau. Dit materiaal blijkt echter over het algemeen zeer verspreid over het internet te staan.
Docenten lijken dan ook regelmatig te verdwalen in het ‘ICT-oerwoud’. Naast de grote Nederlandse
uitgevers bieden ook Duits.de, het Goethe Institut, de NTR en vele particulieren hun oefenmaterialen
online aan. Vaak wordt de rol van YouTube en de Duitse televisie- en radiostations onderschat. Juist
de op deze websites ter beschikking staande materialen zijn vaak zeer realistisch en levensecht te
noemen. Het nadeel is echter dat op deze websites vaak geen didactische materialen ter beschikking
staan. Waar zijn echter de waardevolle materialen van de docenten zelf te vinden. Uit het theoretisch
onderzoek is gebleken dat er in Nederland te weinig materiaal tussen collega’s wordt uitgewisseld. Als
het gebeurt, dan vindt de uitwisseling vaak plaats met bekende collega’s. Hiermee gaat een hoop
materiaal en kennis voor de overige leraren Duits verloren. Aldus Hommel is het “om uitwisseling van
materiaal te ondersteunen belangrijk een overzichtelijke database te hebben en dat het uitwisselen
positief aangemoedigd wordt door bijvoorbeeld een schoolleiding” (Hommel, 2013). Het is hiermede
gebleken dat het opzetten van een gestructureerde database van belang is, om extra (online)
luistervaardigheidsmateriaal voor Duits aan te bieden, uit te wisselen en te structureren. Pas hierna
kan een vervolgstap worden gezet naar het meer differentiëren in niveau. Voor het structureren van
de te ontwikkelen database kan het ERK-systeem, een opbouw in verschillende luistertaken of het
OVUR-model worden gebruikt. Verder dient de keuze gemaakt te worden om de database binnen een
school of onderwijsgroep ter beschikking te stellen, of openbaar toegankelijk te maken.
75
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
76
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Conclusie
5.1. Conclusie
Reeds in de inleiding van deze probleemverkenning is duidelijk geworden waar dit hele onderzoek om
zal draaien; de docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van de Hartenlust Mavo,
het Haarlem College, de Daaf Gelukschool, het Tender College en het Montessori Aerdenhout, hebben
in een gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te ervaren bij het vinden van
voldoende materiaal om te kunnen differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid. Om een oplossing
te vinden voor dit heldere praktijkprobleem werd de volgende hoofdvraag opgesteld:
 Op welke wijze kan extra (online) luistervaardigheidsmateriaal voor Duits worden aangeboden,
uitgewisseld en gestructureerd, zodat de desbetreffende docenten meer kunnen gaan
differentiëren in niveau?
Om deze hoofdvraag te kunnen beantwoorden bleek het noodzakelijk te zijn een gedegen theoretisch
onderzoek uit te voeren. In dit theoretische onderzoek zouden de inzichten van diverse binnen het
onderwijsveld gerenommeerde auteurs of instanties worden gebruikt. Met de verkenning in de theorie
konden de volgende deelvragen worden beantwoord:
 Wat houdt differentiatie in?
 Wat wordt er verstaan onder differentiatie in niveau?
 Op welke manier dient een luistervaardigheidsprogramma voor Duits te zijn opgebouwd?
 Op welke wijze kan er worden gedifferentieerd in niveau bij de luistervaardigheid van Duits?
 Welke rol kan ICT spelen bij het aanbieden, uitwisselen en structureren van voldoende
luistervaardigheidsmateriaal voor Duits?
Beantwoording hoofdvraag
Aangezien in de voorgaande drie hoofdstukken reeds beschreven staat hoe dit theoretische onderzoek
is uitgevoerd en wat de belangrijkste uitkomsten hiervan zijn, kan hier in het kort de conclusie van dit
eerste deel van het onderzoek, de zogeheten probleemverkenning, worden vermeld. Dit dient als basis
voor het interventieonderzoek dat volgend jaar zal worden uitgevoerd.
Uit het onderzoek is naar voren gekomen dat het hebben van een database voor lesmateriaal
onontbeerlijk is voor het aanbieden en uitwisselen van luistervaardigheidsmateriaal. Uitwisseling vindt
tot nu toe vaak op kleine schaal plaats. Hiermee gaat, zoals eerder aangegeven, een hoop materiaal
en kennis voor de overige leraren Duits verloren. Eén overzichtelijke website voor het aanbieden en
uitwisselen van gedifferentieerd lesmateriaal voor het vak Duits ontbreekt momenteel. Tijdens mijn
interventieonderzoek wil ik daarom een website als database gaan opbouwen (DUIFF.com), waarop
docenten hun luistervaardigheidsmateriaal voor Duits kunnen aanbieden. Eerder in dit onderzoek
werd aangegeven dat de keuze gemaakt moest worden om deze database binnen een school of
onderwijsgroep op te bouwen, of openbaar ter beschikking te stellen. Juist omdat de uitwisseling op
kleine schaal reeds op veel scholen plaatsvindt, wat getuige het onderzoek voor de betrokken scholen
nog onvoldoende blijkt te zijn, is besloten de website openbaar toegankelijk te maken. Eén van de
belangrijkste voorwaarden was echter ook het structureren van het materiaal, aangezien de docenten
van de betrokken scholen nu juist vaak het gevoel hadden in een ‘ICT-oerwoud’ terecht te komen. In
het vorige hoofdstuk is aangegeven dat voor het structureren het ERK-systeem, een opbouw in
verschillende luistertaken of het OVUR-model kan worden gebruikt. Hoewel een opbouw in
luistertaken van groot belang is binnen een luisteropdracht, zal het de overzichtelijkheid van een
website niet vergroten. Datzelfde geldt voor het Vlaamse OVUR-model. Daarom is gekozen voor een
in Nederland gebruikelijke ERK-opbouw, dat aansluit bij de opbouw van veel moderne lesmethodes.
Het uiteindelijke doel van de nieuw te ontwikkelen database is dat de docenten van ‘die Mannschaft’
meer kunnen gaan differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid. In de onderstaande CIMOroutekaart is aangegeven op welke wijze het onderzoek volgend jaar zal worden vormgegeven.
77
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
5.2. CIMO-routekaart & Planning
Om een goed beeld te krijgen van hoe het vervolgonderzoek, ofwel interventieonderzoek, volgend
studiejaar zal worden ingevuld en uitgevoerd, wordt hieronder de binnen Hogeschool Utrecht voor
onderzoeken gebruikelijke CIMO-routekaart ingevuld. In deze routekaart is tevens een planning voor
het interventieonderzoek opgenomen.
Algemeen
Formuleer je hoofdvraag:

In hoeverre kan uitbreiding van het beschikbare aantal luisteroefeningen via DUIFF.com
bijdragen aan verbreding van differentiatie op niveau?
Wat zijn je deelvragen?



Op welke manier dient de online database DUIFF.com te worden opgebouwd?
In hoeverre zorgt DUIFF.com voor een verbetering in het differentiëren in niveau binnen de
betrokken scholen?
Welke mogelijkheden biedt DUIFF.com voor het differentiëren in niveau bij de vaardigheden
spreken, schrijven en lezen?
CIMO-logica
C
Op welke situatie richt je onderzoek zich? Welk probleem is het startpunt?
De docenten Duits van ‘die Mannschaft’, bestaande uit leraren van de Hartenlust Mavo, het Haarlem
College, de Daaf Gelukschool, het Tender College en het Montessori Aerdenhout, hebben in een
gezamenlijke vaksectiebijeenkomst aangegeven problemen te ervaren bij het vinden van voldoende
materiaal om te kunnen differentiëren in niveau bij de luistervaardigheid.
C
Beschrijf de beginsituatie met behulp van de 5W + H.
Wie?
Wat?
Waar?
Waarom?
Wanneer?
Hoe?
Leraren Duits van de Dunamare ‘Mannschaft’.
Meer differentiatie in niveau bij de luistervaardigheid van Duits.
Dunamare Onderwijsgroep: die Mannschaft.
Docenten vinden (online) onvoldoende luistervaardigheidsmateriaal om te kunnen
differentiëren in niveau en verdieping (ze verdwalen in het ‘ICT-oerwoud’).
Periode 1 en 2 van het schooljaar 2015-2016.
Ontwikkeling van een database voor het aanbieden, uitwisselen en structureren
van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits. Het materiaal zal in eerste
instantie worden aangeleverd door de collega’s Duits van ‘die Mannschaft’. In een
later stadium kunnen ook andere docenten hun bijdrage leveren.
78
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
O
Welke uitkomst wil je bereiken in je onderzoek?
1. Het ontwikkelen van een database voor het aanbieden, uitwisselen en structureren van
luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits.
2. Het bevorderen van differentiatie in niveau bij de luistervaardigheid van Duits.
I
Welke kansrijke interventies zijn er? Welke kies jij en waarom? Is je interventie een handeling of een
ontwerp?
1. Het ontwikkelen van een gestructureerde database (ELO) voor het aanbieden, uitwisselen en
structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits binnen de Hartenlust Mavo.
2. Het ontwikkelen van een gestructureerde database voor het aanbieden, uitwisselen en
structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak Duits binnen de Dunamare
Onderwijsgroep.
3. Het ontwikkelen van een gestructureerde en openbaar toegankelijke online database voor
het aanbieden, uitwisselen en structureren van luistervaardigheidsmateriaal voor het vak
Duits.
Gekozen:
 Interventie 3 (ontwerp). Uitleg: zie paragraaf 5.1.
I
Welke kenmerken heeft je kansrijke interventie? Wat zijn de ontwerpcriteria?






Gestructureerde opbouw volgens het ERK-principe.
Luistervaardigheidsmateriaal om te differentiëren in niveau, aangeleverd door de docenten
Duits van de Dunamare ‘Mannschaft’ en/of andere docenten.
Extra links naar extern differentiatiemateriaal.
Tips voor differentiatie in niveau bij de luistervaardigheid (vanuit probleemverkenning).
Online toegankelijk.
Docenten moeten materiaal kunnen aanleveren voor de database.
M
Op welke manier kun je verklaren dat je met jouw interventie(s) je beoogde uitkomst gaat bereiken?
Voorafgaand aan het maken van de interventie is een gedegen theoretisch onderzoek gedaan,
waaruit is gebleken dat een gestructureerde database onontbeerlijk is voor het differentiëren in
niveau.
79
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Methode van onderzoek
Methode
Wie zijn de respondenten in je onderzoek?



Auteurs binnen het theoretisch kader.
De docenten Duits van de Dunamare ‘Mannschaft’.
Eventueel: Goethe Institut Amsterdam (ter aanvulling en promotie van de database).
Methode
Hoe wil je de door jou beoogde uitkomst gaan meten (hoe ga je operationaliseren?)
De verwachting bestaat dat DUIFF.com binnen de Dunamare ‘Mannschaft’ zal leiden tot meer
differentiatie in niveau bij de luistervaardigheid. Dit zal aan de hand van enquêtes en enkele diepteinterviews worden gemeten (zie hieronder). De resultaten hiervan zullen worden verwerkt en
geanalyseerd in een onderzoeksverslag en (waar mogelijk) in grafieken worden verduidelijkt.
Methode
Welke dataverzamelingsmethoden wil je gebruiken om te meten wat je wilt meten? Hoe zet je hier
triangulatie in?
Deelvraag 1:
 In periode 1 wordt literatuuronderzoek verricht naar de criteria voor een online database op
didactisch gebied.
 In periode 1 wordt tevens een interview met 2 collega’s van de Dunamare ‘Mannschaft’
afgenomen, om navraag te doen naar de wensen/eisen wat betreft het vullen en vormgeven
van de online database.
Deelvraag 2:
 In periode 2 wordt een enquête afgenomen onder de docenten van de Dunamare
‘Mannschaft’ waarin wordt gevraagd naar het effect wat DUIFF.com op hun dagelijkse
lesgeven bij de luistervaardigheid heeft. Ook wordt hierin gevraagd welke
verbeteringsmogelijkheden zij nog zien voor de database.
 In periode 2 wordt, voor een betere triangulatie, tevens een diepte-interview omtrent
hetzelfde thema afgenomen onder 2 collega’s van de Dunamare ‘Mannschaft’.
Deelvraag 3:
 In periode 2 wordt een enquête afgenomen onder de docenten van de Dunamare
‘Mannschaft’ waarin wordt gevraagd welke mogelijkheden zij zien voor het uitbreiden van de
database met de overige 3 vaardigheden.
 In periode 2 wordt, voor een betere triangulatie, tevens een diepte-interview omtrent
hetzelfde thema afgenomen onder 2 collega’s van de Dunamare ‘Mannschaft’.
 Daarnaast worden voorstellen gedaan voor vervolgonderzoek omtrent ditzelfde thema.
80
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Methode
Welke meetinstrumenten ga je hierbij inzetten? Wat weet je al over de betrouwbaarheid en validiteit
van deze instrumenten?




Literatuuronderzoek
Interview
Enquête
Diepte-interview
Betrouwbaarheid / Validiteit: Bij het literatuuronderzoek zullen meerdere bronnen worden
geraadpleegd, zoals dat ook in de probleemverkenning is gedaan. Bij de interviews en enquêtes
worden 2 resp. meerdere docenten van de Dunamare ‘Mannschaft’ betrokken. De interviews en
enquêtes zullen zo worden opgesteld, dat antwoorden kunnen worden verwacht die volledig ingaan
op de gestelde deelvragen. Uiteindelijk moet dit tot beantwoording van de hoofdvraag leiden.
Methode
Hoe wil je de data gaan analyseren?



Literatuuronderzoek: meerdere bronnen worden met elkaar vergeleken, om uiteindelijk tot
conclusies te komen. Verwerking in onderzoeksverslag.
(Diepte-)Interview: van tevoren zal een vragenlijst zijn samengesteld voor de interviews. De
interviews zullen worden opgenomen, om de gegevens later te kunnen analyseren voor
verwerking in het onderzoeksverslag.
Enquête: de enquête zal worden afgenomen m.b.v. Google Docs. Hierdoor worden de
uitkomsten direct in kaart gebracht en waar mogelijk verwerkt in tabellen/grafieken.
81
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
82
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Reflectie
6.1. Reflectieverslag
‘Nieuwe methoden en aanpakken worden in het onderwijsveld vaak geïntroduceerd, zonder dat er een
duidelijke wetenschappelijke fundering onder ligt. Het is van tevoren vaak niet duidelijk of het nieuwe
beter is dan het voorgaande’ (Onderwijsraad, 2006). Op verzoek van het Ministerie van Onderwijs,
Cultuur en Wetenschap heeft de Onderwijsraad dan ook een advies uitgebracht voor meer “evidence
based onderwijs”, ofwel onderwijs dat meer op bewijzen is gebaseerd. Het onderwijsveld kan in dit
opzicht een voorbeeld nemen aan de gezondheidszorg, waar onderzoek reeds een lange traditie heeft.
Deze traditie heeft slechts één belangrijk doel voor ogen: continue kwaliteitsverbetering.
Evidence Based & Pragmatisme
Dit onderzoek naar de mogelijkheden voor het aanbieden, uitwisselen en structureren van extra
luistervaardigheidsmateriaal voor Duits is gebouwd op een stevig theoretisch fundament. De op een
praktijkverkenning en uitgebreid theoretisch onderzoek gebaseerde conclusie dat het opbouwen van
een openbaar toegankelijke en gestructureerde database voor het uitwisselen van
luistervaardigheidsmateriaal onontbeerlijk is voor het differentiatieproces, kan daarmede worden
beschouwd als een eerste aanzet tot “evidence based onderwijs” binnen de bij dit onderzoek
betrokken scholen en de scholen die gebruik gaan maken van het DUIFF.com platform. Het “evidence
based onderwijs” past, evenals het uitvoeren van een onderzoek, uitstekend binnen de pragmatische
wetenschapsfilosofie. Alleen door te handelen en te onderzoeken zal men tot nieuwe
onderwijskundige inzichten komen. Of zoals Miedema (1997) het omschrijft: er is een “verbondenheid
van handelen en kennen”. Dit sluit weer aan op de achtste mastercompetentie, ofwel het ‘competent
zijn in onderzoekend handelen’.
8ste competentie
Het vertonen van een innovatieve houding, waarbij men aansluit bij vernieuwingen in het
onderwijsveld, is één van de hoofdonderdelen van de achtste mastercompetentie. Eén van de
toverwoorden binnen het onderwijsveld anno 2015 is ‘differentiatie’. Binnen de bij dit onderzoek
betrokken scholen bestaat er de wil om aan te sluiten bij de behoefte om meer te gaan differentiëren.
Om dit bij de luistervaardigheid van Duits te kunnen bewerkstelligen, is het noodzakelijk gebleken een
compleet nieuw, innovatief online platform op te gaan bouwen, waar docenten hun materiaal op
kunnen publiceren. Hiervoor was het echter wel van groot belang een praktijkgericht en theoretisch
onderzoek ter verbetering van de onderwijskwaliteit uit te voeren. Interessant was met name het feit
dat er wel degelijk uitwisseling binnen kleine kringen (school of scholengemeenschap) plaatsvond,
maar dat het door docenten ontwikkelde materiaal zelden op grotere schaal werd verspreid. Uit
diverse onderzoeken is vervolgens gebleken dat een database noodzakelijk is voor een betere
uitwisseling. In de volgende fase van dit onderzoek, het interventieonderzoek, zal, getuige de CIMOroutekaart (paragraaf 5.2) wederom onderzoek worden gedaan in de praktijk en literatuur.
Het proces
Op welke wijze het onderzoek tot stand is gekomen, welke personen betrokken zijn bij het onderzoek
en op welke wijze er tijdens het onderzoek rekening is gehouden met het vergroten van de validiteit
en betrouwbaarheid, wordt reeds omschreven in paragraaf 3.1.
Ter aanvulling op het hoofdstuk ‘Methoden’ (H3) kan worden vermeld dat met name de start van dit
onderzoek moeizaam is verlopen. Het probleem was door de praktijkverkenning al snel duidelijk, maar
toch bleek het lastig te zijn het onderzoek dusdanig af te bakenen dat het binnen de gestelde termijnen
kon worden uitgevoerd. Het werken met de kaartjesmethodiek, feedback van de betrokken HU-docent
en het wederom in gesprek gaan met de collega’s van ‘Die Mannschaft’ bleek de sleutel tot succes te
zijn. Het heeft geleid tot een gedegen onderzoek en een eerste aanzet tot “evidence based onderwijs”.
83
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
© M. Rensen 2016
84
DUIFF.com | Differentiatie luistervaardigheid Duits
Download