Begrippenlijst - Uitgeverij Coutinho

advertisement
Personeelsmanagement nader becijferd
Begrippenlijst
Karin Potting
bussum 2011
Deze begrippenlijst hoort bij de derde, herziene druk van Personeelsmanagement nader becijferd van Karin Potting
© 2002 Uitgeverij Coutinho b.v.
Alle rechten voorbehouden.
Het is docenten die werken met Personeelsmanagement nader becijferd toegestaan om deze begrippenlijst voor hun
cursisten te verveelvoudigen.
Eerste druk 2002
Derde, herziene druk 2011
Uitgeverij Coutinho
Postbus 333
1400 AH Bussum
[email protected]
www.coutinho.nl
Noot van de uitgever
Wij hebben alle moeite gedaan om rechthebbenden van copyright te achterhalen. Personen of instanties die aanspraak
maken op bepaalde rechten, wordt vriendelijk verzocht contact op te nemen met de uitgever.
ISBN 978 90 469 0188 5
NUR807
Begrippenlijst
ABC
Afkorting van Activity Based Costing. Dit is
een methode van kostprijscalculatie, waarbij
de kosten van activiteiten worden verzameld
per cost driver (kostenveroorzaker) en
vervolgens worden doorberekend.
Algemene kosten
Begroting
Een schematisch overzicht van de financiële
consequenties van het voorgenomen beleid
Boekwaarde
Bedrag waarvoor een bezitting of schuld in de
boekhouding is opgenomen.
Vage term die soms wordt gebruikt in de betekenis
van niet naar product verbijzonderbare kosten,
soms ook in de betekenis van niet naar de
afdeling verbijzonderbare kosten.
Boekwaardemethode
Balanced Scorecard methode
Break-evenpoint
Methode van informatieverstrekking aan
topmanagement, waarbij over een viertal
gezichtspunten wordt gerapporteerd.
Balans
Een schematisch overzicht waarop de waarde
van de bezittingen van een organisatie en hoe
deze bezittingen zijn gefinancierd (eigen en
vreemd vermogen), per een bepaalde datum
wordt vermeld.
Bedrijfsmissie
Hierin geeft een organisatie een visie weer op
datgene wat de organisatie van plan is; welke
functie de organisatie in de maatschappij wil
vervullen.
Bedrijfsresultaat
Methode van afschrijving op duurzame
productiemiddelen: de jaarafschrijving is een
vast percentage van de boekwaarde.
De afzet waarbij de omzet gelijk is aan de
kosten.
Brutowinst
Verschil tussen opbrengsten en kosten van
inkoop en diensten van derden.
Budget
Een in geld uitgedrukt actieplan.
Buitengewoon resultaat
Resultaat dat voortkomt uit activiteiten die
een incidenteel karakter dragen.
Categorische kostenindeling
Indeling van de kosten naar soort
productiefactor.
Verschil tussen brutowinst en bedrijfslasten
(exclusief rentelasten en andere
financieringskosten).
Cost driver
Beïnvloedbare kosten
Differentiatie
Ook wel aanpasbare kosten genoemd. Kosten
die niet variabel zijn maar ook niet vast,
omdat ze met tijdsverloop kunnen worden
afgebouwd.
De oorzaak van activiteiten en daarmee van
kosten.
Een bedrijf is uniek in de bedrijfstak in een
of meer kenmerken die wijdverbreid door
kopers worden gewaardeerd (M. Porter).
Begrippenlijst
bij Personeelsmanagement
nader
becijferd
3/6
Begrippenlijst
bij Personeelsmanagement
nader
becijferd –– 3/6
Directe kosten
Kosten waarvan zonder meer duidelijk is dat
ze voor het calculatieobject zijn gemaakt.
Discretionary costs
Vrij bepaalbare kosten met kenmerken:
variëren niet met de omvang van de productie;
besteding kan op korte termijn worden
gestopt; nut is moeilijk kwantificeerbaar.
Effectief personeelsbeleid
Het personeelsbeleid draagt bij aan het
verwezenlijken van de doelstellingen van de
organisatie.
Efficiënt personeelsbeleid
Het beleid wordt tegen de laagst mogelijke
kosten ten uitvoer gebracht.
Flexibel budget
Methode waarbij de toegestane variabele
kosten niet worden berekend op basis van de
oorspronkelijke begrote afzet, maar op basis
van de werkelijke afzet.
Functionele kostenindeling
Indeling van de kosten van functies in het
bedrijf.
Gemengde budgettering
De kosten van een afdeling worden
gedeeltelijk als variabele kosten (variërend met
het aantal prestaties) en gedeeltelijk als vaste
kosten gebudgetteerd.
Historische kostprijs
De prijs die in het verleden betaald is.
Hoofdkostenplaats
Kostenplaats waarvan, in het kader van de
kostenplaatsmethode, wordt doorberekend
naar de producten.
Hulpkostenplaats
van de kostenplaatsmethode afzonderlijk
wordt doorberekend.
Indirecte kosten
Kosten waarvan in eerste instantie niet
duidelijk is dat ze voor het calculatieobject
zijn gemaakt.
Informativeness principe
Gaat ervan uit dat zolang een maatstaf of
kengetal op kostenefficiënte wijze extra
informatie geeft over de resultaten en
inspanningen van een organisatie, deze
moet worden opgenomen in het pakket van
doelstellingen waarop het bedrijfsbeleid moet
worden beoordeeld.
Integrale kostprijs
De som van variabele en vaste kosten van een
product. Ook te definiëren als de kostprijs die
alle kosten omvat.
Jaarrekening
Financieel rapport dat bestaat uit een
balans, de winst-en-verliesrekening en de
toelichting op deze twee overzichten. De
onderdelen vormen tezamen de cijfermatige
bedrijfsinformatie aan de hand waarvan het
ondernemingsbeleid kan worden beoordeeld.
Jaarwegingsmethode
Afschrijvingsmethode waarbij de
jaarafschrijving daalt met een vast bedrag, dat
berekend wordt door het totaal over de jaren
af te schrijven bedrag te delen door de som
van de jaren van de levensduur.
Just in time-systeem
Systeem waarbij de leverancier de
grondstoffen aflevert wanneer ze in de
productie nodig zijn; erop gericht de
doorlooptijd van materialen tot en met
eindproducten te verkorten.
Kostenverzameling die niet specifiek tot een
bepaalde afdeling behoort en bij toepassing
Begrippenlijst
bij Personeelsmanagement
nader
becijferd
4/6
Begrippenlijst
bij Personeelsmanagement
nader
becijferd –– 4/6
Kaasschaafmethode
Methode waarbij van alle afdelingen van een
bedrijf een relatief even grote bijdrage aan
kostenbesparing wordt verlangd.
Kengetallen
Getallen die in kort bestek en heel herkenbaar
aangeven hoe een bepaalde zaak ervoor
staat, hoe een organisatie presteert en of de
organisatie bepaalde doelstellingen hanteert.
Een kengetal is een getal waarin men de
omvang van een bepaald verschijnsel heeft
uitgedrukt, zodat die omvang zich uit dat
getal laat kennen. Een kengetal is meestal een
verhoudingsgetal (ratio), maar kan ook een
absoluut getal zijn.
Klantenpartnerschap
Houdt in dat een organisatie een hechte
relatie opbouwt met klanten om zich van de
concurrentie te onderscheiden.
Kosten
De geldwaarde van het gebruik of
verbruik van productiefactoren (arbeid,
vermogen, machines) en andere duurzame
productiemiddelen.
Kostenleiderschap
Kostenverdeelstaat
De staat waarop de doorberekening wordt
aangegeven van servicekostenplaatsen
(zelfstandige kostenplaatsen) en algemene
kostenplaatsen (hulpkostenplaatsen) naar
elkaar en naar de hoofdkostenplaatsen.
Lineaire afschrijving
Afschrijvingsmethode waarbij het jaarbedrag
van afschrijvingen gedurende de begrote
levensduur gelijk blijft.
Liquiditeit
Kengetal waarmee men het vermogen van
de organisatie aangeeft om op korte termijn
aan haar verplichtingen te voldoen. Meestal
vergelijkt men de omvang van de kortlopende
schulden met de omvang van de vlottende
activa.
Marktaandeel
Kengetal dat de relatie aangeeft tussen de
verkopen van een bepaalde leverancier en de
verkopen van alle aanbieders op de markt.
Nettowinst
Verschil tussen omzet en alle kosten inclusief
de verplichte afdracht van belastingen.
Houdt in dat het bedrijf gedurende langere tijd
erin slaagt de goedkoopste producent van de
bedrijfstak te blijven.
Omzet
Kostenplaatsmethode
Opportunity costs
Methode om de indirecte kosten door te
berekenen, waarbij de indirecte kosten per
kostenplaats worden begroot en worden
doorberekend naar andere kostenplaatsen en
in laatste instantie naar het eindproduct.
Kostensoorten
De kosten gespecificeerd naar soort
productiefactor.
Afgezette hoeveelheid producten en/of
diensten, uitgedrukt in een geldbedrag.
Verlies aan opbrengsten die door huidige
plannen (of activiteiten) worden verdrongen.
Out of pocket-costs
Kosten die na verloop van tijd tot uitgaven
leiden
Overhead
Vage term, meestal identiek met indirecte
kosten.
Begrippenlijst
bij Personeelsmanagement
nader
becijferd
5/6
Begrippenlijst
bij Personeelsmanagement
nader
becijferd –– 5/6
Prestatiebeloning
De beloning is (voor een deel) afhankelijk van
iemands productiviteit en/of prestaties.
Solvabiliteit
De eigen kosten van een kostenplaats.
Kengetal dat indicatie geeft van het vermogen
van de organisatie om uit het bezit de
schulden af te lossen. Over het algemeen
drukt men het eigen vermogen uit in een
percentage van het totale vermogen.
Productiviteit
Stakeholdermodel
Primaire kosten
Productie per medewerker.
De organisatie zal behoeften zoveel mogelijk
afstemmen op de wensen van belangenpartijen.
Deze belangen kunnen tegenstrijdig zijn.
Productiecentramethode
Zie kostenplaatsmethode.
Stapsgewijze methode van doorberekening
Restwaarde
Geschatte verkoopwaarde van een duurzaam
productiemiddel aan het eind van de
levensduur.
Resultaat
Het verschil tussen opbrengsten en kosten.
In de gepubliceerde jaarrekening (winsten-verliesrekening) worden verschillende
resultaten weergegeven. Brutowinst,
bedrijfsresultaat en
nettowinst.
Secundaire kosten
De door de andere kostenplaatsen aan een
kostenplaats doorberekende kosten.
Servicekostenplaats
Kostenplaatsen die diensten verrichten voor
andere kostenplaatsen.
Shared services center
Ondersteunende diensten van verschillende
business units worden ondergebracht bij een
service verlenende dienst.
Shareholdermodel
Binnen een organisatie die voldoet aan de
kenmerken van een shareholdermodel zal men
vooral het beleid afstemmen op de behoeften
van aandeelhouders.
Doorberekening bij de kostenplaatsmethode
in een richting zonder terugberekening.
Strategisch plan
Hierin worden de doelstellingen van een
organisatie op de langere termijn uitgewerkt.
Variabele budgettering
De toegestane kosten zijn uitsluitend
afhankelijk van het aantal prestaties.
Variabele kosten
Kosten waarvan de totale omvang
varieert met het aantal prestaties van het
calculatieobject.
Vaste budgettering
Het begrote bedrag varieert niet met het
aantal prestaties.
Vaste kosten
Kosten waarvan in het bedrijf wordt
verwacht dat het totale bedrag ervan
binnen bepaalde prestatiegrenzen, in een
gedefinieerde periode, onafhankelijk van het
calculatieobject blijft.
Winst-en-verliesrekening
Is een schematisch overzicht over een bepaalde
periode van de in geld uitgedrukte opbrengsten
(baten) en kosten (lasten) van een organisatie.
(Ook wel resultatenrekening genoemd.)
Begrippenlijst
bij Personeelsmanagement
nader
becijferd
6/6
Begrippenlijst
bij Personeelsmanagement
nader
becijferd –– 6/6
Download