Brochure prostaatkankerscreening voor de patiënt (VLK)

advertisement
De keuze maken
Beslissingshulp voor mannen met vragen over vroegtijdige opsporing van prostaatkanker
Annelies Engelen
dr. Joke Vanderhaegen
prof. dr. Chantal Van Audenhove
Voor wie?
 een goede gezondheid hebben
 een weloverwogen keuze willen maken over vroegtijdige
opsporing van prostaatkanker

Als uw vader of broer(s) ooit de diagnose van prostaatkanker kregen,
zijn de cijfers in deze beslissingshulp niet van toepassing op u.
Raadpleeg uw arts indien u vragen heeft over prostaatkanker.
 Vroegtijdige opsporing van prostaatkanker is niet geschikt voor mannen
die ouder zijn dan 75 jaar en/of een slechte gezondheid hebben
 Deze mannen zullen waarschijnlijk niet sterven aan hun
prostaatkanker of hier ernstige klachten van ondervinden.
De keuze maken
 Neem deze beslissingshulp grondig door.
 U moet al de informatie in deze beslissingshulp niet in één keer
bekijken.
 Het is goed om de informatie te laten bezinken en de tekst later
opnieuw of verder door te nemen, eventueel samen met mensen
die u nauw aan het hart liggen en die u vertrouwt.
 Denk na over de informatie en over wat voor u belangrijk is.
kan ze wel aanvullen en verrijken.
 De verklaring van vetgedrukte woorden vindt u in het woordenboek
Vroegtijdig opsporen of niet ?
 Met de beslissingshulp willen we u voorbereiden op een gesprek met
uw arts over vroegtijdig testen voor prostaatkanker.
 Deze beslissingshulp zal u helpen om te begrijpen wat we wel en
niet weten over vroegtijdige opsporing van prostaatkanker en om
te ontdekken wat voor u belangrijk is bij het maken van een
keuze hierover.
 Dit is belangrijk omdat we niet goed kunnen voorspellen of iemand baat
zal hebben bij vroegtijdige opsporing van prostaatkanker of niet.
 Deze keuze kan een belangrijke impact hebben op uw leven.
 Het is mogelijk dat u langer of gezonder zult leven als u zich laat
testen,
 maar het is ook mogelijk dat een beslissing om zich te laten
testen voor u wel nadelen maar geen voordelen met zich mee zal
brengen.
 Wat de beste keuze is voor u hangt af van hoe belangrijk u die
voor- en nadelen vindt.
2
 50 tot 75 jaar oud zijn
 Deze beslissingshulp vervangt de gesprekken met uw arts niet, maar
Pagina
 Deze beslissingshulp is bedoeld voor mannen die:
Vaak gestelde vragen
 Zijn de tests bij opsporing van prostaatkanker altijd juist?
 Het antwoord op deze vraag vindt u op pagina’s 22 tot 26.
 Wat is de prostaat? Wat doet de prostaat?
 Antwoorden op deze vragen vindt u op pagina 4.
 Wat is prostaatkanker en wat gebeurt er met mij als ik
prostaatkanker heb? Is prostaatkanker altijd gevaarlijk?
 Antwoorden op deze vragen vindt u op pagina’s 5 tot 8.
 Wat is vroegtijdige opsporing en waarom doen we dat?
 Het antwoord op deze vragen vindt u op pagina 8.
 Als ik mij laat testen voor prostaatkanker, wat zijn daar dan de
gevolgen van voor mij?
 Het antwoord op deze vraag vindt u op pagina’s 26 tot 32.
 Een samenvatting vindt u op pagina’s 32 tot 34 en op pagina 35.
 Hoe maak ik hier nu een keuze over? Hoe kan ik hier best met mijn
arts over praten?
 Hulp hierbij vindt u op pagina’s 36 – 41.
 Waarom zou ik mij wel of niet laten testen voor prostaatkanker?
Valt hier wel een keuze over te maken?
 Het antwoord op deze vragen vindt u op pagina’s 9 en 10.
 Wat gebeurt er met mij als ik mij laat testen voor prostaatkanker?
 Het antwoord op deze vragen vindt u op pagina’s 11 tot 14.
 Wat gebeurt er met mij als de resultaten herhaald afwijkend zijn?
Moeten er dan nog tests gebeuren?
 Het antwoord op deze vraag vindt u op pagina’s 14 tot 17.
 Het antwoord op deze vraag vindt u op pagina’s 18 tot 22.
Pagina
behandelen?
3
 Wat gebeurt er met mij als ik prostaatkanker heb en ik laat mij
1. Wat is … ?
In dit deel van de beslissingshulp vindt u informatie over de prostaat,
prostaatkanker, vroegtijdige opsporing en de keuze waar u voor staat.
1.1
De prostaat
 De prostaat is een mannelijke geslachtsklier die bestaat uit
 De prostaat ligt rond de blaasuitgang en net voor de endeldarm,
rondom de urinebuis die de urine en het sperma via de penis naar buiten
leidt. Een jonge volwassen prostaat heeft de vorm en grootte van een
kastanje.
 De prostaat wordt groter als een man ouder wordt.
spierweefsel, bindweefsel en een groot aantal klierbuisjes.
 Deze klierbuisjes maken het prostaatvocht waarin de zaadcellen
kunnen bewegen tijdens een zaadlozing. De prostaat is belangrijk
voor de zaadlozing.
 Tijdens de zaadlozing wordt de prostaat leeggedrukt en gaat het
prostaatvocht via de penis naar buiten. Het prostaatvocht neemt
de zaadcellen die vanuit de teelballen komen mee.
 De prostaat is dus belangrijk voor de vruchtbaarheid en
voortplanting en heeft op zich niets te maken met seksualiteit.
Ook zonder prostaat is een orgasme (= het gevoel van
klaarkomen) mogelijk – dit is dan een orgasme zonder
Pagina
4
zaadlozing.
1.3.1
orgaan zoals de prostaat en een tumor vormen.
 Kankercellen kunnen zich soms losmaken van de tumor en zich
verplaatsen naar andere delen van het lichaam.
 Als dit gebeurt, spreken we van kanker met metastasen of
uitzaaiingen.
 Let op, niet alle prostaatproblemen wijzen op prostaatkanker.
Preventie van prostaatkanker
en
sneller
groeiende
vormen
van
prostaatkanker
 Bij kanker groeien cellen op een abnormale manier.
 Hierdoor kunnen ze zich ongehinderd vermenigvuldigen in een
Trager-
 Wanneer prostaatkanker wordt vastgesteld kan deze trager of sneller
groeien
 Alle vormen van prostaatkanker ontstaan in de prostaat, maar
niet elke vorm zal zich op termijn verspreiden naar andere delen
van het lichaam.
 Prostaatkanker geeft geen klachten zolang de kankercellen zich
niet verspreiden naar andere delen van het lichaam. Een man kan
dan ook prostaatkanker hebben zonder dat hij het merkt.
 We maken hier een opdeling in trager en sneller groeiende
Als er al een manier zou bestaan om met zekerheid te voorkomen dat u
vormen van prostaatkanker, maar eigenlijk is hier geen strikt
prostaatkanker krijgt, is die manier nog niet ontdekt. Toch kunt u het
onderscheid tussen te maken.
risico op kanker verlagen door oog te hebben voor een gezonde
Trager groeiende prostaatkanker
levensstijl. Alles wat goed is voor het hart, is ook goed voor de prostaat.
 Als een man dit soort trager groeiende prostaatkanker heeft, zal de
We denken hierbij aan de volgende tips:

Eet gezond – vermijd vet van dierlijke oorsprong en eet voldoende
groenten en fruit.
kanker waarschijnlijk beperkt blijven tot de prostaat en zal de man er
waarschijnlijk nooit klachten van krijgen of eraan sterven.
 Omdat trager groeiende prostaatkanker meestal ook na lange tijd geen

Vermijd overgewicht.
klachten geeft, kan een man oud worden met deze vorm van

Beweeg voldoende.
prostaatkanker zonder dat hij er iets van merkt.

Drink niet teveel alcohol en rook niet.
 In dat geval zal hij alleen maar ontdekken dat hij prostaatkanker heeft
als hij zich laat testen.
5
Prostaatkanker
Pagina
1.3
Sneller groeiende prostaatkanker
in de urine. Dit is niet altijd het geval bij prostaatkanker en deze
 Omdat deze vorm van prostaatkanker sneller groeit, is het mogelijk dat
klachten komen evengoed voor zonder prostaatkanker.
hij zich tijdens het leven van de man wel zal verspreiden naar andere
 Er zijn verschillende mogelijke urinaire symptomen zoals bijvoorbeeld
delen van het lichaam. Indien we niet ingrijpen zal een dergelijke
moeilijk kunnen beginnen met plassen, heel vaak een beetje moeten
sneller groeiende kanker zich na verloop van tijd buiten de prostaat
plassen of niet helemaal leeg kunnen plassen. Zo’n urinaire symptomen
verspreiden en alzo klachten geven en zelfs dodelijk zijn.
zijn vaker het gevolg van goedaardige prostaataandoeningen (zoals
 Wanneer een man een sneller groeiende vorm van prostaatkanker heeft
en zich hier vroegtijdig voor laat testen, is het mogelijk dat hij ontdekt
benigne prostaathyperplasie) dan van prostaatkanker.
 Wanneer prostaatkanker zich verspreidt naar andere delen van het
dat hij prostaatkanker heeft voordat hij hier klachten van ondervindt.
lichaam, kan dit ernstige klachten geven. Meestal verspreidt
 Op dat moment is de ziekte nog in een vroegtijdig stadium.
prostaatkanker zich naar de beenderen (botmetastasen) en dit kan felle
 Op dat moment lijkt deze sneller groeiende vorm van
botpijnen veroorzaken. Ook mentaal kan leven met gevorderde
prostaatkanker heel sterk op een trager groeiende vorm van
prostaatkanker: in beide gevallen zijn er enkel kankercellen in de
 Het is echter ook mogelijk dat een man met een gevorderde
prostaatkanker nog geen klachten heeft.
klachten.
Slechts
wanneer
sneller
groeiende
prostaattumoren in een meer gevorderd stadium zijn, zullen deze
klachten geven.
 Bij vroegtijdige opsporing kunnen we prostaatkanker vinden die zich
beperkt tot de prostaat, maar ook prostaatkanker die zich verspreid
heeft naar andere delen van het lichaam.
 Omdat ook een sneller groeiende prostaatkanker tijd nodig heeft om
 Wanneer een man een sneller groeiende vorm van prostaatkanker heeft
zich te verspreiden naar andere delen van het lichaam, zal ook deze
en hij laat zich niet testen, dan is het mogelijk dat hij pas ontdekt dat hij
vorm van prostaatkanker niet altijd klachten uitlokken of dodelijk zijn.
prostaatkanker heeft wanneer hij er klachten van ondervindt. Op dat
Of dit wel of niet gebeurt, is afhankelijk van hoeveel tijd de kanker
moment is de ziekte al in een gevorderd stadium.
heeft om te groeien.
 De klachten die men kan ondervinden van groeiende prostaatkanker
zijn onder andere problemen met urineren of het voorkomen van bloed
6
 Ook sneller groeiende prostaatkanker geeft in een vroeg stadium
Pagina
prostaat.
geen
prostaatkanker zwaar zijn.
Mannen met een levensverwachting van minder dan tien jaar zullen waarschijnlijk niet sterven ten gevolge van hun
prostaatkanker omdat deze in die tien jaar niet de tijd heeft om zich levensbedreigend te ontwikkelen. Daarom is het voor
mannen die ouder zijn dan 75 jaar en/of een slechte gezondheid hebben niet zinvol om zich te laten testen voor prostaatkanker
1.3.2
Prostaatkanker in cijfers
 Prostaatkanker is de meest voorkomende vorm van kanker bij
Vlaanderen. Op de eerste plaats staat longkanker, gevolgd door
prostaatkanker – allemaal bij mannen ouder dan 40.
 Dit betekent dat ongeveer één op 450 mannen ouder dan 40 in
2010 de diagnose van prostaatkanker kreeg.
 11 op 100 mannen (11%) worden vóór de leeftijd van 75 jaar
gediagnosticeerd met prostaatkanker.
 Prostaatkanker komt bijna niet voor bij mannen jonger dan 40 jaar,
maar de kans stijgt als mannen ouder worden.
 70 op 100 mannen (70%) bij wie prostaatkanker wordt
vastgesteld zijn ouder dan 64 jaar.
colorectale kanker en door prostaatkanker op de derde plaats.
 In 2010 stierven 2939 mannen aan longkanker en 916 aan
prostaatkanker.
 Er sterven veel meer mannen aan ziekten van het hart en
vaatstelsel dan aan prostaatkanker. In 2010 stierven 8691 mannen
aan ziekten van het hart- en vaatstelsel.
 75 op 100 mannen met prostaatkanker in Vlaanderen zijn 5 jaar na hun
diagnose met prostaatkanker nog in leven. Na 10 jaar zijn gemiddeld 56
mannen nog in leven.

niet enkel sterven aan prostaatkanker, maar ook aan andere
Sterfte door prostaatkanker
 In 2010 stierven in Vlaanderen 9327 mannen aan kanker, wat meteen
de belangrijkste doodsoorzaak bij mannen is, gevolgd door ziekten van
het hart- en vaatstelsel op de tweede plaats en door ziekten van het
ademhalingsstelsel op de derde plaats.
Op die 5 of 10 jaar tijd kunnen deze mannen natuurlijk
oorzaken.

Gemiddeld sterven 16 op 100 mannen met prostaatkanker
aan de aandoening zelf.

Dit betekent dat mannen met prostaatkanker na de
diagnose vaak nog jaren overleven. Prostaatkanker wordt
daarom wel eens een chronische ziekte genoemd.
7
 In 2010 waren er in Vlaanderen 5651 nieuwe diagnoses van
Pagina
mannen.
 Prostaatkanker is niet de meest dodelijke kanker bij mannen in
en voor longkanker 15 jaar.
 De belangrijkste oorzaak van verloren levensjaren bij mannen
jonger dan 75 in Vlaanderen is longkanker, gevolgd door
verkeersongevallen en hartaandoeningen. Prostaatkanker komt in
dit rijtje op de 13e plaats. Prostaatkanker is verantwoordelijk
voor 1% van de mogelijke verloren levensjaren wegens kanker,
voor longkanker is dit 11%, voor borstkanker 12%.
1.4
Vroegtijdige opsporing?
Bij welke ziektes sporen we vroegtijdig op?
 Momenteel zijn er verschillende vormen van kanker die in een vroeg
stadium kunnen opgespoord worden.
 Zo zijn er tests voor vroegtijdige opsporing van darmkanker,
prostaatkanker, borstkanker en longkanker.
1.4.3
Is vroegtijdige opsporing altijd goed?
 Er zijn drie belangrijke zaken die bepalen of iemand die zich
vroegtijdig laat testen voor een ziekte daar baat bij heeft:
 De ernst van de ziekte: hoe gevaarlijk een ziekte is
 De effectiviteit van de tests: hoe goed de tests werken – of ze de
 Wanneer iemand kiest voor vroegtijdige opsporing betekent dit dat die
ziekte altijd en enkel vinden wanneer die gevaarlijk is
persoon zich zal laten testen voor een aandoening zonder dat hij er
 De voor- en nadelen van de behandeling van de ziekte
klachten van ondervindt. Zo kunnen we onderzoeken of die persoon
zonder het te weten een ziekte heeft.
 We spreken van een ideale situatie voor vroegtijdige opsporing wanneer
we een ernstige ziekte vroegtijdig kunnen opsporen met tests die goed
 In het geval van prostaatkanker betekent het dat een man zich
werken en wanneer de behandeling meer voordelen dan nadelen heeft.
laat testen voor prostaatkanker terwijl er geen tekenen zijn dat hij
In realiteit werken de tests meestal niet perfect en heeft de behandeling
prostaatkanker heeft.
naast voordelen vaak ook nadelen.
1.4.1
Waarom sporen we vroegtijdig op?
 Het voordeel van vroegtijdige opsporing is dat de kans op een
succesvolle behandeling groter is omdat de ziekte meestal nog niet veel
tijd heeft gehad om zich te ontwikkelen. Zo is het over het algemeen
moeilijker om kanker te genezen in een gevorderd dan in een vroeg
stadium.
 In dit geval moeten we bij de keuze over vroegtijdige opsporing
de voordelen van vroege opsporing en behandeling afwegen
tegenover de nadelen ervan – zeker wanneer de ziekte niet altijd
ernstig is. Dit is het geval bij vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker.
8
zijn leven gemiddeld met 9 jaar ingekort, voor borstkanker is dit 19 jaar
1.4.2
Pagina
 Wanneer een persoon sterft aan prostaatkanker, heeft de prostaatkanker
1.5
Het dilemma
 Deze beslissingshulp betreft de keuze over vroegtijdige opsporing van prostaatkanker.
 U hebt hierbij twee opties:
 U kunt kiezen om u te laten testen voor prostaatkanker
 U kunt kiezen om u niet te laten testen voor prostaatkanker
 Beide opties hebben voor- en nadelen.
1.5.2
Niet testen
 Wanneer een man zonder het te weten een sneller groeiende
 Wanneer een man zich niet laat testen op prostaatkanker zal hij
vorm van prostaatkanker (0 Trager- en sneller groeiende
geen onnodige tests en behandelingen voor deze ziekte
vormen van prostaatkanker p.15) heeft en hij laat zich testen,
ondergaan en zal hij ook niet moeten nadenken over verdere
kan zijn ziekte in een vroeg stadium ontdekt en behandeld
tests of behandelingen.
worden. Prostaatkanker laat zich beter behandelen in een
vroeger stadium.
 Wanneer een man zonder het te weten een sneller groeiende
vorm van prostaatkanker heeft en hij laat zich niet testen, zal hij
 Wanneer een man zich laat testen op prostaatkanker, kan dit het
pas ontdekken dat hij prostaatkanker heeft als de ziekte in een
begin zijn van een weg vol onzekerheden, onderzoeken,
gevorderd stadium klachten geeft. Zijn ziekte zal dan in een
behandelingen en neveneffecten die voor niets nodig zijn. Dit
minder vroeg stadium kunnen behandeld worden dan wanneer
is zo omdat sommige vormen van prostaatkanker niet ernstig
hij zich wel laat testen. De kans op genezing is dan kleiner en
zijn, geen klachten geven en geen behandeling vereisen.
de kans dat de prostaatkanker evolueert en verdere klachten
geeft groter.
9
Testen
Pagina
1.5.1
1.5.4
De keuze
 Welke keuze het best bij u past hangt af van hoe belangrijk u de
voor- en nadelen van beide opties vindt. Het is dan ook nuttig
om voor uzelf de voor- en nadelen af te wegen.
1.5.5
Hier vindt u wat andere mannen erover
zeggen
 Harry beslist om zich te laten testen voor prostaatkanker. Hij
zegt het volgende:
 De meeste adviserende wetenschappelijke organisaties in
Vlaanderen en België vinden dat mannen voldoende informatie
“Ik wou het weten. Ik wil weten wat er in mijn lichaam gebeurt,
moeten krijgen over vroegtijdige opsporing van prostaatkanker
ook al zijn er nadelen aan verbonden. Als ik de tests niet doe en ik
voordat ze kiezen om zich te laten testen.
heb toch kanker vergeef ik het mezelf nooit.”
 Mannen kunnen om verschillende redenen beslissen om zich
wel of niet te laten testen voor prostaatkanker.
 Sommige mannen kiezen ervoor zich te laten testen
Harry H.: Koos ervoor om zich te laten testen.
Bart beslist om zich niet te laten testen. Hij zegt het volgende:
omdat ze bezorgd zijn over de mogelijkheid dat ze een
sneller groeiende vorm van kanker hebben zonder het te
“ Ik wou er eigenlijk niet mee bezig zijn. Prostaatkanker is niet
weten of omdat ze niet willen leven met prostaatkanker.
altijd zo erg als we denken en als ik kanker heb en ik laat me
Ze nemen het risico op neveneffecten van onnodige
behandelen kan dat ook nadelen hebben.”
onderzoeken en behandelingen erbij.
 Sommige mannen kiezen ervoor zich niet te laten testen
Bart J.: Koos ervoor om zich niet te laten testen.
omdat ze bezorgd zijn over de mogelijke neveneffecten
Pagina
10
van eventueel onnodige tests en behandelingen.
 of de prostaat verhardingen of oneffenheden vertoont.
2. Hoe werkt …?
In dit deel van de beslissingshulp vindt u meer informatie over hoe
vroegtijdige
opsporing,
diagnose
en
behandeling
van
 De grootte van de prostaat en de aanwezigheid van eventuele
verhardingen zeggen iets over de kans op prostaatkanker.
 De PPA duurt een paar seconden.
prostaatkanker verloopt.
 De procedure kan wat onaangenaam aanvoelen, maar is zelden
2.1
Vroegtijdige
opsporing
van
prostaatkanker
 Bij vroegtijdige opsporing gaan we na of een man een
verhoogd risico heeft op de aanwezigheid van prostaatkanker.
pijnlijk.
 Het combineren van de PSA test met de PPA kan helpen meer
selectief sneller groeiende vormen van prostaatkanker op te
sporen.
 Tests die gebruikt worden voor vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker zijn:
 Het rectaal onderzoek, ook rectaal toucher of PPA
(Palpatio per anum) genoemd
 De PSA (Prostaat Specifiek Antigeen) test (een
bloedonderzoek)
 Beide tests worden vaak samen uitgevoerd hoewel sommige
mannen en artsen ervoor kiezen enkel de PSA test te gebruiken.
2.1.1
Het rectaal onderzoek (PPA)
 Bij het rectaal onderzoek voelt de arts met een wijsvinger
 Het is een onderzoek om na te gaan:
 hoe groot de prostaat is en
Pagina
het rectum.
11
(met handschoen) voorzichtig aan de prostaat van de patiënt via
2.1.2
De PSA test
Wat betekenen de resultaten van de PSA test?
Wat betekent PSA?
De PSA test kan twee mogelijke uitslagen hebben:
 PSA staat voor Prostaat Specifiek Antigeen
 PSA is een eiwit dat aangemaakt wordt door de prostaat.
 PSA zorgt ervoor dat het ejaculaat vloeibaar is en dat de
zaadcellen makkelijk kunnen bewegen.
1. Het resultaat van de PSA test is normaal
 Dit wil zeggen dat de hoeveelheid PSA in het bloed van een
man zo laag is dat het heel onwaarschijnlijk is dat hij
 Er zit altijd een klein beetje PSA in het bloed, maar daar
prostaatkanker heeft.
 Op dit moment moet deze man niets meer doen.
heeft het geen functie.
 Hoewel de kans klein is, blijft het mogelijk dat hij toch
Wat is de PSA test?
prostaatkanker heeft.
 De PSA test is een bloedtest
 Artsen meten de hoeveelheid PSA in een bloedstaal dat
2. Het resultaat van de PSA test is verhoogd
wordt afgenomen uit de arm.
 Een verhoogde hoeveelheid PSA in het bloed kan wijzen
 De PSA waarde van een man kan verhoogd zijn omdat hij
op prostaatkanker, maar ook op prostaatontsteking
prostaatkanker heeft. Maar, dit is niet altijd zo. Zijn PSA
(prostatitis)
waarde kan ook verhoogd zijn terwijl er niets mis is of wanneer
(benigne
prostaathyperplasie BPH).
hij een andere aandoening aan zijn prostaat heeft.
 Sommige mannen hebben een verhoogde hoeveelheid
 De huisarts kan in dit geval aanbevelen om de PSA test te
PSA in het bloed zonder dat er een voor de hand
herhalen. Wanneer de PSA waarde verhoogd blijft, kan de man
liggende verklaring aanwezig is
naar
 Met de PSA test kan een prostaattumor aangetoond worden die
te klein is of zich te diep in de prostaat bevindt om op te sporen
bij het rectaal onderzoek.
een
specialist
doorverwezen
worden
voor
vervolgonderzoek.
12
prostaatvergroting
Pagina
of
Hoeveel kost de PSA test?
 De PSA test voor vroegtijdige opsporing van prostaatkanker
wordt in België niet terugbetaald voor mannen bij wie
 Omdat PSA waarden kunnen variëren van labo tot labo is het
belangrijk dat uw arts uw bloedstalen steeds naar hetzelfde labo
opstuurt.
prostaatkanker niet in de familie (bloedverwanten) voorkomt.
 De test kost voor deze mannen ongeveer tien euro.
Welke extra info kan er berekend worden op basis van de PSA
test?
De PSA test herhalen
Soms worden naast de standaard PSA waarde nog andere
 In sommige grote studies, zoals de ERSPC, laten mannen elke
eigenschappen van PSA berekend, maar er is geen duidelijke
vier jaar een PSA test doen voor opsporing van prostaatkanker,
in andere studies laten mannen zich elke twee jaar testen.
 We weten niet precies hoeveel tijd er best tussen twee PSA
tests moet zitten. We weten wel dat het bijna zeker zinloos is
om de test na een normaal testresultaat vaker dan jaarlijks te
herhalen.
wetenschappelijke evidentie over de meerwaarde hiervan.
 Het vrij en gebonden PSA gehalte
 PSA kan zich in het bloed binden aan eiwitten. De
verhouding van de hoeveelheid gebonden PSA tot de
hoeveelheid vrij PSA geeft informatie over hoe
waarschijnlijk de aanwezigheid van prostaatkanker is.
 Ook een goedaardige vergroting van de prostaat
(benigne prostaathyperplasie) en een infectie van de
prostaat (prostatitis) kunnen de PSA waarde fel doen
stijgen. Een goedaardige vergroting van de prostaat komt
vaker voor dan een infectie van de prostaat.
 Als een man ouder wordt zal zijn PSA waarde geleidelijk aan
stijgen.
 Ook de verhouding van de hoeveelheid vrij PSA tot de
totale hoeveelheid PSA in het bloed (PSA-densiteit)
geeft informatie over de waarschijnlijkheid dat een man
prostaatkanker heeft.
 PSA stijgsnelheid
 Als het PSA testresultaat van een man verhoogd is, kan
zijn arts voorstellen om de test na enkele maanden te
herhalen.
13
 De PSA waarde stijgt niet alleen bij prostaatkanker.
 PSA densiteit
Pagina
Welke factoren kunnen een PSA waarde verhogen?
 Vele factoren kunnen immers PSA schommelingen
 De kans op prostaatkanker is hoger bij mannen met een
teweegbrengen. Bovendien kan een extra PSA test ook
hogere PSA waarde.
extra informatie geven, bijvoorbeeld over de snelheid
waarmee de PSA waarde stijgt. Het is waarschijnlijker
Na de PSA test en het rectaal onderzoek
dat een man prostaatkanker heeft wanneer de PSA
waarde gestadig blijft stijgen.
 Als bij deze herhaalde tests de PSA waarde van een man
verhoogd blijft, kan zijn arts hem doorverwijzen naar een
uroloog voor een vervolgonderzoek.
2.2
Vervolgonderzoek
 Het is belangrijk om na te denken over wat u – in samenspraak
met uw arts – zult doen wanneer u beslist zich te laten testen en
uw PSA en/of PPA testresultaat verhoogd blijkt. Uw opties zijn
Wat is een “normale” of “verhoogde” PSA waarde?
 Artsen spreken een “normaalwaarde” af. Als de PSA waarde
dan:
 Niets doen
herhaaldelijk hoger is dan die grenswaarde, is dat een reden om
 De PSA test een tijdje later herhalen.
mannen door te verwijzen voor vervolgonderzoek.
 Vervolgonderzoek ondergaan
 In grote studies naar de effecten van vroegtijdige
 Vervolgonderzoek is nodig om de mogelijke oorzaken van een
opsporing van prostaatkanker wordt een PSA test
– herhaaldelijk – verhoogd PSA testresultaat te onderzoeken.
verhoogd genoemd als de PSA waarde hoger is dan drie
Ook kunnen zo mogelijke oorzaken van verhardingen of
of vier ng/ml.
oneffenheden die aan het licht komen bij het rectaal
 Soms wordt bij het bepalen van een PSA grenswaarde
ook gekeken naar de leeftijd van de man.
 Máár: Niet iedereen is het eens over de grenswaarde van een
onderzoek te onderzoeken.
 Het belangrijkste vervolgonderzoek is een transrectale echo van
de prostaat, eventueel in combinatie met een prostaatbiopsie.
dat er iets aan de hand is, terwijl anderen ondanks een
lage PSA waarde toch kanker hebben.
Pagina
 Sommige mensen hebben een hoge PSA waarde zonder
14
verhoogde PSA test.
2.2.1

Echografie van de prostaat
Deze echo noemen we ook wel een TRUS (=
TransRectale UltraSonografie).

De uroloog brengt hierbij een kleine sonde, niet dikker
dan een proefbuisje, in het rectum.
 De sonde produceert geluidsgolven die weerkaatsen op het
prostaatweefsel. De computer maakt hiervan beelden die de
uroloog via een scherm interpreteert.
 Met de echo kunnen we het volume van de prostaat bepalen en
nadien bekeken onder een microscoop om na te gaan of
er kankercellen aanwezig zijn.
 Wanneer de resultaten van de biopsie normaal zijn, is er
waarschijnlijk geen prostaatkanker aanwezig.
 Helemaal zeker is dit niet want het is mogelijk dat bij de
biopsie kleine kankerhaardjes in de prostaat gemist
worden.
 Met een biopsie kunnen verschillende prostaatproblemen
gevonden worden, dus niet alleen prostaatkanker.
verdachte zones opsporen die in aanmerking komen voor een
gerichte biopsie.
2.2.2
Prostaatbiopsie
 Wanneer de uroloog prostaatkanker vermoedt, kan hij in
overleg met de patiënt tijdens een echo een biopsie nemen van
de prostaat. Dit gebeurt onder plaatselijke verdoving.
 Via een sonde in het rectum brengt hij een lange, dunne
naald in de prostaat waarmee hij stukjes prostaatweefsel
kan afnemen.
 Soms gebruikt hij andere beeldvormingstechnieken, zoals
MRI, voorafgaand aan de biopsie om ervoor te zorgen
gebruikt bij het vervolgonderzoek, maar deze technieken
zijn nog geen courante praktijk. De staaltjes worden
Pagina
 Er worden meer en meer beeldvormingstechnieken
15
dat de biopsies zo gericht mogelijk gebeuren.
heel wat verschillende factoren, zoals onder andere het aantal
consultaties dat u heeft gehad bij de specialist. Het ziekenfonds
komt hierbij tussen. Als een uroloog geen extra kosten in
rekening brengt kost een raadpleging ongeveer 25 euro. U kunt
zich verder hierover informeren bij uw huisarts of specialist.
Neveneffecten
 De biopsie kan neveneffecten hebben:
 Veel mannen vinden de biopsie onaangenaam, akelig of
pijnlijk, maar meestal wel acceptabel.
 Het is mogelijk dat een man na het onderzoek tijdelijk
bloed in de urine, het zaadvocht of de stoelgang aantreft
en een lichte pijn voelt.
 Ook is het mogelijk dat de prostaat opzwelt waardoor de
man in kwestie tijdelijk moeilijker kan urineren (urineretentie).
 Soms treedt als neveneffect een ontsteking met koorts op
(prostatitis). Om dit zoveel mogelijk te vermijden krijgt
een man een kortdurende antibioticakuur vlak voor de
biopsie.
 Deze neveneffecten zijn tijdelijk.
16
 Hoeveel het vervolgonderzoek voor u zal kosten, hangt af van
Pagina
Kosten van het vervolgonderzoek
Pagina
17
Neveneffecten in cijfers
2.3
Behandeling van prostaatkanker
2.3.2
Actief opvolgen
 Wanneer een man prostaatkanker heeft, staat hij voor een
 Bij actief opvolgen wordt de evolutie van de prostaatkanker
nieuwe keuze. In vele gevallen kan hij, samen met zijn de
opgevolgd, maar wordt voorlopig geen actieve behandeling
specialist, kiezen voor actief opvolgen of voor een actieve
gestart.
behandeling. Maar, niet alle opties zijn in alle gevallen
mogelijk, de uroloog informeert de man hierover.
 Ter opvolging worden regelmatig biopsies genomen of
beeldvormingsonderzoeken
gedaan
en
PSA
tests
uitgevoerd.
 Chirurgie, bestraling en hormonale therapie zijn vormen van
actieve behandeling van prostaatkanker
 Een actieve behandeling is bedoeld om prostaatkanker te
bestrijden, maar kan ook ernstige neveneffecten hebben.
Op deze neveneffecten komen we later terug.
 Uiteraard kan men tijdens de actieve opvolging in samenspraak
met de uroloog op elk moment beslissen om de actieve
behandeling alsnog te starten.
 Actief opvolgen is niet geschikt voor alle mannen met
alle vormen en stadia van prostaatkanker.
 Door actief opvolgen kunnen neveneffecten zoals impotentie
 De chirurgische ingreep die uitgevoerd wordt bij
en incontinentie die men kan ondervinden tijdens een
prostaatkanker heet radicale prostatectomie. Hierbij
behandeling wel uitgesteld of vermeden worden, maar leeft een
wordt de volledige prostaat verwijderd onder algemene
man met het besef dat hij prostaatkanker heeft. Dat besef kan
of epidurale (ruggenprik) verdoving.
psychologisch zwaar zijn. Ook het herhaald wachten op de
 Bij bestraling wordt een stralingsbron binnen of buiten
het lichaam gebruikt om de prostaatkanker te bestrijden.
 Met hormonale therapie worden mannelijke hormonen
uitslagen van de tests kan mentaal zwaar doorwegen.
 Ondanks het risico op neveneffecten en hoewel het niet
altijd zo is dat actieve behandeling beter is dan actief
verminderd. Dit gebeurt vaak in combinatie met
opvolgen, worden 90 op 100 mannen (90%) die een
bestraling.
diagnose
behandeld.
van
prostaatkanker
krijgen
toch
actief
18
Actieve behandeling
Pagina
2.3.1
Gevorderde prostaatkanker
3. Feiten en cijfers
kan uit de tests bedoeld voor vroegtijdige opsporing ook
 In dit deel van de beslissingshulp gaan we in op een aantal
blijken dat een man zonder het te weten eigenlijk al gevorderde
feiten over prostaatkanker en vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker heeft.
prostaatkanker. Deze feiten kunnen u helpen bij het maken van
 In dit geval bestaat de kans echter dat actieve
behandeling met oog op genezing niet langer mogelijk is.

Prostaatkanker met metastasen kunnen we niet genezen,
wel tijdelijk onderdrukken met bijvoorbeeld hormonale
behandeling.
een keuze.
3.1
Behandeling en neveneffecten
 Wanneer na vroegtijdige opsporing blijkt dat een man
prostaatkanker heeft die niet verspreid is buiten de prostaat,
kan hij in overleg met de uroloog kiezen voor actief opvolgen
of voor actieve behandeling.
 Wanneer
een
man
zich
actief
laat
behandelen
voor
prostaatkanker is het mogelijk dat hij:
 een aantal neveneffecten ervaart.
 hierdoor voorkomt dat hij de gevolgen van gevorderde
prostaatkanker meemaakt of sterft aan prostaatkanker.
 hierdoor niet voorkomt dat hij de gevolgen van
gevorderde prostaatkanker meemaakt of sterft aan
prostaatkanker.
o In een grote studie naar de effecten van chirurgische
behandeling van prostaatkanker bleek het volgende:
19
 Aangezien zelfs gevorderde prostaatkanker niet klachten geeft,
Pagina
2.3.3
 een veranderd plaspatroon, zoals ongecontroleerd urineverlies
(incontinentie), na chirurgie. Bij ongecontroleerd urineverlies
kan het gaan om een paar druppels tot volledige incontinentie.
 bloed in de stoelgang of een veranderd stoelgangpatroon,
zoals diarree, na bestraling.
 een roestbruine verkleuring van het sperma door bloed in het
zaadvocht,
na
bestraling.
Na
radicale
prostatectomie
(chirurgie) is geen zaadlozing meer mogelijk.
 De neveneffecten van behandeling hangen niet enkel af van de
soort behandeling, maar ook van de uitgebreidheid van de
ziekte.
3.1.2
Neveneffecten van behandeling in cijfers
 Wanneer een man zich laat behandelen voor prostaatkanker,
kunnen we niet met zekerheid voorspellen of en in welke mate
hij last zal hebben van deze neveneffecten.
3.1.1
 Onderzoek geeft informatie over mogelijke neveneffecten en
hoe vaak deze voorkomen:
Mogelijke neveneffecten van behandeling
 moeilijkheden om een erectie te krijgen of om de erectie
voldoende
lang
geslachtsgemeenschap
en
krachtig
mogelijk
te
te
behouden
maken
(=
om
erectiele
Pagina
20
dysfunctie of impotentie).
Pagina
21
prostaat zoveel mogelijk sparen zodat men na de operatie nog
een erectie kan krijgen.
o Indien de zenuwen toch zouden zijn geraakt, is het alsnog
mogelijk om met hulpmiddelen een erectie te krijgen. De
seksuele verlangens en passies van een man verdwijnen niet
door de operatie of bestraling, maar verminderen of verdwijnen
wel door de hormonale behandeling die soms gegeven wordt
bij bestraling of bij gevorderde prostaatkanker.
3.2
De tests zijn niet perfect
 Geen enkele medische test is altijd correct en dit geldt ook voor
zowel het rectaal onderzoek (PPA), als voor de PSA test en
voor de prostaatbiopsie.
3.2.1
Het rectaal onderzoek
 Als u een rectaal onderzoek laat doen, zal u niet altijd zeker
weten of u prostaatkanker heeft.
 Oudere mannen hebben vaak een wat grotere prostaat, maar
dat heeft niets met prostaatkanker te maken. Meestal gaat het
om een goedaardige vergroting van de prostaat (benigne
prostaathyperplasie) die klachten kan geven zoals vaker
moeten plassen of moeilijker plassen.
 Een verharding van de prostaat kán op prostaatkanker wijzen,
maar geeft daarover geen zekerheid.
 Anderzijds: ook als de prostaat normaal en gelijkmatig
aanvoelt, is prostaatkanker niet uitgesloten.
 Sommige artsen zijn voorstanders van het rectaal onderzoek,
anderen menen dat dit onderzoek weinig meerwaarde geeft bij
de PSA test.
 Uit onderzoek blijkt dat het combineren van de PSA test met
het rectaal onderzoek kan helpen om trager van sneller
groeiende vormen van prostaatkanker te onderscheiden.
3.2.2
De PSA test
 Een verhoogd of afwijkend PSA testresultaat wijst niet altijd op
prostaatkanker. Andersom is prostaatkanker ook mogelijk bij
een normaal, niet-verhoogd, PSA testresultaat.
 wanneer de PSA waarde verhoogd is zonder dat een man
prostaatkanker heeft, spreken we van een vals-afwijkend
testresultaat.
 wanneer de PSA waarde niet verhoogd is hoewel een
man toch prostaatkanker heeft spreken we van een valsnormaal testresultaat.
 vals-afwijkende testresultaten komen vaker voor dan
vals-normale testresultaten
 We verduidelijken dit in cijfers in de figuur op de volgende
pagina.
22
De neveneffecten van actieve behandeling:
veranderingen in seksualiteit
o Tijdens de operatie zal de specialist steeds de zenuwen rond de
Pagina
3.1.3
Pagina
23
 De lengte van de streepjes in de tekstvakken geeft u een beeld van de proportie van tests waar het telkens over gaat.
Dit is een groep van 100 mannen die 55-69 jaar oud zijn en één of meerdere PSA tests lieten
doen: 83 mannen hebben een normale PSA waarde, maar één van hen heeft toch prostaatkanker
(vals-normaal). 17 mannen hebben een verhoogde PSA waarde, maar 13 van hen hebben toch
geen prostaatkanker (vals-afwijkend). Naast de figuur: een man die zich niet liet testen voor
prostaatkanker.
 Hier gebruiken we dezelfde cijfers voor schatting in een ander schema:
Geen PSA test
Marcel heeft zich nooit laten testen voor prostaatkanker.
Hij heeft er door de jaren heen een paar keer over
getwijfeld maar besloot telkens op basis van redelijke
motieven dat vroegtijdige opsporing van prostaatkanker
niets voor hem was. Nu blijkt dat hij toch prostaatkanker
heeft. Hij heeft last van pijn in zijn beenderen en zijn
uroloog zegt hem dat hij er laat bij is. Hij maakt zich
zorgen over wat er met hem zal gebeuren. Hij vraagt zich
soms wel eens af of hij zich toch niet beter eerder had
Normale
PSA
waarde
en
toch
prostaatkanker: vals-normaal resultaat
Verhoogde PSA waarde en toch geen prostaatkanker:
vals-afwijkend resultaat
laten testen, maar hij had gewoon nooit verwacht dat dit
hem zou overkomen.
Patrick liet zich testen voor prostaatkanker
onrechte gerustgesteld was, want hij loopt
waarschijnlijk
al
een
hele
tijd
met
prostaatkanker rond. Hij vindt het erg dat
heeft zich
een tijd
geleden
laten testen voor
prostaatkanker met de PSA test. De test was afwijkend en hij
was heel ongerust en bang omdat hij vreesde dat hij
prostaatkanker had. Na vervolgonderzoek blijkt nu dat hij toch
geen prostaatkanker heeft en valt er een pak van zijn hart.
Ook Staf heeft zich nooit laten testen op prostaatkanker.
Hij weet dit zelf niet, maar heeft geen prostaatkanker. Hij
ligt er ook niet wakker van, al hoort hij in gesprekken
met vrienden die zich ook niet lieten testen soms wel dat
enkele van hen er toch mee bezig zijn.
zijn prostaatkanker nu in een laat stadium
Ook Kris liet zich testen, had een verhoogde PSA waarde en
ontdekt is want veel behandelingsopties heeft
bleek toch geen prostaatkanker te hebben. Hij is voornamelijk
hij niet meer.
opgelucht dat hij geen prostaatkanker heeft.
24
was gerustgesteld. Nu blijkt dat hij ten
Guido
Pagina
met de PSA test. De test was normaal en hij
Verhoogde PSA waarde en prostaatkanker
Mark heeft een moeilijke periode achter de rug. Hij liet zich testen voor
prostaatkanker en hoewel hij helemaal geen klachten had, was de test
afwijkend. Het vervolgonderzoek wees uit dat hij prostaatkanker had.
Hij had het al heel moeilijk om die diagnose te verwerken maar moest
nu ook nog kiezen voor een behandelingsstrategie. Hij weet dat er trager
en sneller groeiende vormen van prostaatkanker zijn, dat behandeling
ernstige neveneffecten kan hebben en dat niemand hem met zekerheid
kan vertellen of zijn prostaatkanker snel groeit. Hij denkt dat hij zal
kiezen voor actieve behandeling: hij wil niet leven met kanker in zijn
lichaam, of die nu sluimerend is of niet. Dit neemt niet weg dat hij bang
is voor de neveneffecten. Hij vindt de onzekerheid over wat voor hem de
beste weg is slopend, maar is anderzijds ook blij dat zijn prostaatkanker
in een vroeg stadium ontdekt is.
Normale PSA waarde en geen
prostaatkanker
Een tijdje terug liet Karel zich testen
voor prostaatkanker met de PSA test.
Die test was normaal en hij heeft er
sindsdien eigenlijk niet meer veel over
nagedacht. Hij is op dit moment
voornamelijk gerustgesteld dat hij geen
Ook bij Jan was de PSA test afwijkend en wees het vervolgonderzoek uit
dat hij prostaatkanker had. Hij wou dat hij zich nooit had laten testen,
want hij wil de neveneffecten van de behandeling ten alle kosten
vermijden, zeker wanneer het niet eens zeker is dat de behandeling hem
zal helpen. Hij kiest dus niet voor actieve behandeling. Hij weet nu dat
hij prostaatkanker heeft en is hierdoor ongerust. Hij sluit zich aan bij
een patiëntenvereniging en dit helpt hem om met de last van de diagnose
van prostaatkanker om te gaan.
Pagina
25
prostaatkanker heeft.
3.2.3
Vervolgonderzoek
 De biopsie is een vervolgonderzoek waarbij een klein staaltje van het
prostaatweefsel afgenomen wordt. Het is mogelijk dat hierbij de
3.3
Meer en vroegere diagnose
 Door vroegtijdige opsporing van prostaatkanker kunnen we sneller
en trager groeiende vormen van prostaatkanker vinden.
kankerhaardjes in de prostaat worden gemist.
 In dit geval spreken we van een vals-normaal resultaat van het
Trager groeiende vormen
Sneller groeiende vormen
Als een man een trager groeiende
Het vroeg ontdekken van een sneller
vervolgonderzoek.
vorm van prostaatkanker heeft waar
groeiende
100 personen afwijkende testresultaten hebben bij vroegtijdige
hij tijdens zijn leven nooit iets van zal
betekent dat we de prostaatkanker vroeg
opsporing, maar een normale uitslag bij biopsie, ongeveer 2 van
merken, zal hij dit niet te weten
kunnen behandelen.
hen toch prostaatkanker hebben.
komen tenzij we er naar op zoek gaan.
Een test kan dit dus aan het licht
vorm
van
prostaatkanker
Voor mannen met een sneller groeiende
vorm van prostaatkanker kan vroegtijdige
brengen.
opsporing ervoor zorgen dat ze langer
Door vroege ontdekking van trager
leven. Zo blijkt uit een grote Europese
groeiende prostaatkanker kunnen we
studie dat voor mannen tussen 55 – 59
het
met
jaar oud die zich jaarlijks laten testen en
prostaatkanker echter niet gezonder of
die door de vroegere diagnose en
langer maken, simpelweg omdat zijn
behandeling
prostaatkanker niet gevaarlijk is.
prostaatkanker,
leven
van
de
man
niet
de
sterven
aan
levensverwachting
gemiddeld met ongeveer 9 jaar toeneemt.
mannen
prostaatkanker
prostaatkanker.
sterven
maar
niet
met
aan
vroegtijdig laat testen of behandelen dat
hij sowieso voorkomt te sterven aan
prostaatkanker.
26
Het is echter niet omdat een iemand zich
Veel
Pagina
 Uit de resultaten van een grote Europese studie blijkt dat wanneer
 Op basis van een grootschalige Europese studie (de ERSPC studie)
 Dit betekent dat het bij 630 op de 955 (of 66%) van de gevallen van
kunnen we een schatting maken van het aantal sneller en trager
prostaatkanker die we vinden bij vroegtijdige opsporing gaat om
groeiende vormen van prostaatkanker dat we vinden door vroegtijdige
prostaatkanker waar de man nooit iets van gemerkt zou hebben als hij
opsporing.
zich niet had laten testen.
3.3.1
Door vroegtijdige opsporing krijgen meer mannen
de diagnose van prostaatkanker
 Bij vroegtijdige opsporing worden trager groeiende vormen van
prostaatkanker ontdekt die men zonder vroegtijdige opsporing nooit zou
hebben ontdekt.
Pagina
27
 Daarom worden er sinds het invoeren van tests voor vroegtijdige
opsporing van prostaatkanker meer gevallen van prostaatkanker
gevonden dan voorheen:
3.3.2
Door vroegtijdige opsporing leven mannen langer
mét de diagnose van prostaatkanker
3.4
Overbehandeling
 Het is niet eenvoudig om op basis van vroegtijdige opsporing en het
 Door vroegtijdige opsporing kan men al in een vroege fase van de
vervolgonderzoek het onderscheid te maken tussen een trager groeiende
ziekte – én van het leven – behandeld worden, maar moet men ook
vorm van prostaatkanker en een sneller groeiende vorm in een vroeg
vroeger in het leven en gedurende een langere periode de gevolgen
stadium – al worden we hier wel steeds beter in.
dragen van de mogelijke neveneffecten van behandeling.
 Een man met een sneller groeiende vorm van prostaatkanker kan door
vroegtijdige opsporing en behandeling tijdens een aantal jaren van zijn
leven last hebben van neveneffecten terwijl dit niet het geval zou zijn
geweest zonder vroegtijdige opsporing. Men schat dat het gaat over
zo’n vijf tot twaalf jaar.
 Bij vroegtijdige opsporing kunnen mannen met een trager groeiende
vorm van prostaatkanker last hebben van neveneffecten als ze kiezen
 In beide gevallen zijn de prostaatkankercellen op dat moment
beperkt tot de prostaat.
 Met het oog op behandeling zouden we dit wel graag met
zekerheid kunnen bepalen.
 Mannen met een sneller groeiende vorm van prostaatkanker
hebben immers een grotere kans om voordelen te ondervinden
van behandeling dan mannen met een trager groeiende vorm van
prostaatkanker.
voor actieve behandeling, terwijl ze zonder vroegtijdige opsporing of
 Door vroegtijdige opsporing leven mannen niet enkel langer met de
mogelijke neveneffecten van behandeling, maar ook met het besef
prostaatkanker te hebben.
 Eén procent van de mannen die zich laat testen voor prostaatkanker
leeft hierdoor effectief acht jaar langer. 17% leeft hierdoor niet langer,
maar leeft wel 9 extra jaren met het besef prostaatkanker te hebben.
 Actieve
Wat is overbehandeling?
behandeling
van
een
trager
groeiende
vorm
van
prostaatkanker wordt wel eens overbehandeling genoemd omdat ze
(nog) niet nodig is.
 Het zal er niet voor zorgen dat de man met prostaatkanker langer
of gezonder leeft, maar stelt hem daarentegen wel bloot aan het
risico op neveneffecten van behandeling.
 Overbehandeling komt vaker voor bij prostaatkanker dan bij
bepaalde andere vormen van kanker omdat prostaatkanker vaak
erg traag groeit.
28
zouden ondervinden.
3.4.1
Pagina
behandeling de rest van hun leven geen symptomen van prostaatkanker
 Het feit dat prostaatkanker zich vaak traag ontwikkelt, impliceert dat bij
Moest u weten of u – als u prostaatkanker zou hebben – een sneller of
een deel van de mannen met prostaatkanker de prostaatkanker zich
trager groeiende vorm van prostaatkanker zou hebben, dan zou u uw keuze
tijdens hun leven nooit ver zal ontwikkelen. Deze mannen zullen ook
voor vroegtijdige opsporing daarop kunnen baseren.
opgespoord wordt, gaan ze hier weinig voordeel van ondervinden. De
vroege behandeling die mogelijk wordt door vroegtijdige opsporing
heeft bij hen immers weinig voordelen tegenover latere actieve
behandeling of zelfs geen actieve behandeling.
 Het probleem is dat uw uroloog dit niet altijd met zekerheid kan
zeggen, omdat de tests geen 100% uitsluitsel kunnen geven. Onze
specialisten worden hier wel steeds beter in.
 U zult uw keuze over vroegtijdige opsporing moeten maken met de
gedachte dat u bij het ontdekken van prostaatkanker niet met zekerheid
zult weten of het om een trager of sneller groeiende vorm gaat en of het
vroeg ontdekken en behandelen van prostaatkanker in uw geval
voordelig zal zijn.
3.4.2
Mark, Jan, Karel en Jef
 Beeld u in dat Mark, Jan, Karel en Jef zich vroegtijdig laten testen en
prostaatkanker blijken te hebben. Ze weten niet of de ziekte bij hen
trager of sneller groeit en laten zich actief behandelen.
 Zonder het te weten, hebben Mark en Karel een trager groeiende vorm
van prostaatkanker.
 De prostaatkanker groeit bij hen zo traag dat ze zonder
vroegtijdige opsporing nooit zouden hebben geweten dat ze
prostaatkanker hebben.
 Dat de prostaatkanker bij hen zo traag groeit weten ze niet. Ze
weten dan ook niet dat actieve behandeling bij hen geen
voordeel zal hebben.
29
ernstige klachten van ondervinden. Als hun prostaatkanker vroegtijdig
Pagina
zonder behandeling nooit sterven aan hun prostaatkanker – of hier
van
de
behandeling:
hij
heeft
last
van
incontinentie. Karel ondervindt geen neveneffecten. Hij moet
zich wel op regelmatige basis naar het ziekenhuis verplaatsen
voor behandeling en is telkens bang dat er iets zal misgaan.
 Bij Mark en Karel baat het niet, maar schaadt het – gezien de
neveneffecten en ongerustheid – wel. We spreken in dit geval
over overbehandeling.
 Zonder het te weten, hebben Jan en Jef een sneller groeiende vorm van
prostaatkanker.
 De prostaatkanker groeit bij hen zo snel dat hij nog tijdens hun
leven belangrijke symptomen kan veroorzaken en zelfs dodelijk
kan zijn.

Sterfte
en
ontwikkeling
van
gevorderde
prostaatkanker
 In dit deel van de beslissingshulp vindt u informatie over het effect van
vroegtijdige opsporing op:
 de ontwikkeling van gevorderde prostaatkanker.
 sterven aan prostaatkanker
3.5.1
Minder gevorderde prostaatkanker
 Als prostaatkanker zich verspreidt naar andere delen van het lichaam,
spreekt men van prostaatkanker met metastasen. In het geval van
verspreiding naar de botten (botmetastasen) kan dit veel pijn en
ongemak geven.
 Minder mannen ondervinden deze klachten van prostaatkanker met
Ze weten niet dat de prostaatkanker bij hen snel groeit. Ze weten
metastasen wanneer ze zich vroegtijdig laten testen voor prostaatkanker
dan ook op voorhand niet dat behandeling voor hen voordelig
dan wanneer ze dit niet doen.
kan zijn – dat het mogelijk is dat deze hun leven verlengt of hen
gezonder maakt.
 Jan ondervindt nadelen van de behandeling, want hij heeft last
van impotentie.
 Wanneer 10000 (tienduizend) mannen zich vroegtijdig laten
testen voor prostaatkanker, zien we dat er na 11 jaar
opvolging bij ongeveer 58 van hen (0,58%) prostaatkanker
met metastasen wordt vastgesteld.
 Jef heeft geen last van neveneffecten, hij heeft geen
 Wanneer 10000 mannen zich niet vroegtijdig laten testen
erectieproblemen en is niet incontinent omdat hij op tijd
voor prostaatkanker, stellen we bij ongeveer 101 van hen
behandeld is en er geen uitgebreidere resectie moest gebeuren om
zijn tumor weg te nemen.
 Bij Jan en Jef schaadt behandeling, maar baat het ook.
(1,01%) prostaatkanker met metastasen vast.
30
neveneffecten
3.5
Pagina
 Mark en Karel laten zich behandelen en Mark ondervindt
 Met vroegtijdige opsporing van prostaatkanker kunnen we er
prostaatkanker met metastasen meemaken.
 De daling in het voorkomen van prostaatkanker met metastasen na
vroegtijdige opsporing is een relatieve daling van 42 procent.
 In deze Europese studie moest men 328 mannen uitnodigen voor
vroegtijdige opsporing van prostaatkanker om voor één man te
voorkomen dat hij prostaatkanker met metastasen ontwikkelt.
3.5.2
Minder sterfte aan prostaatkanker
 Op basis van de huidige medische kennis weten we dat prostaatkanker
door vroegtijdige opsporing in een vroegtijdig stadium kan vastgesteld
worden, ook al ondervindt men er nog geen klachten van.
 Maar aangezien prostaatkanker het leven van een man niet altijd in
gevaar brengt, is vroegtijdige diagnose en behandeling niet altijd
levensreddend.
 Er zijn verschillende studies uitgevoerd om na te gaan of vroegtijdige
opsporing van prostaatkanker ervoor zorgt dat minder mannen sterven
aan prostaatkanker.
 Uit een grote Europese studie blijkt dat er minder mannen sterven aan
prostaatkanker wanneer ze zich vroegtijdig laten testen voor
prostaatkanker dan wanneer ze dit niet doen.
 Wanneer 10000 (tienduizend) mannen zich vroegtijdige laten
testen voor prostaatkanker, sterven na elf jaar opvolging
ongeveer 35 van hen aan prostaatkanker (0,35%).
 Wanneer 10000 (tienduizend) mannen zich niet laten testen, voor
prostaatkanker sterven ongeveer 52 van hen (0,52%).
 Met vroegtijdige opsporing van prostaatkanker kunnen we er
volgens deze studie met andere woorden voor zorgen dat er
ongeveer 17 mannen op 10000 (0,17%) minder sterven aan
prostaatkanker.
31
ongeveer 43 mannen op 10000 (0,43%) minder de gevolgen van
Pagina
volgens deze studie met andere woorden voor zorgen dat er
 De daling in sterfte aan prostaatkanker door vroegtijdige opsporing
in de ERSPC studie is een relatieve sterfte-daling van 30 procent.
 1900 van de 10 000 mannen (19%) die het aanbod kregen om zich te
3.6
Wat betekent dit alles voor u?
 Als u zich laat testen voor prostaatkanker in het kader van
vroegtijdige opsporing zijn er twee mogelijkheden:
laten testen voor prostaatkanker in deze studie stierven binnen de elf
jaar aan een andere oorzaak dan prostaatkanker.
 In deze Europese studie moest men 1055 mannen uitnodigen voor
vroegtijdige opsporing van prostaatkanker om voor één man te
Pagina
32
voorkomen dat hij sterft aan prostaatkanker.
 Als het testresultaat afwijkend is, zijn er vier mogelijkheden:
Pagina
kunnen niet altijd met zekerheid zeggen of een man met een verhoogd testresultaat een sneller of trager groeiende vorm van prostaatkanker heeft.
33
 Op basis van het vervolgonderzoek kunnen we het onderscheid tussen mannen zoals Mark en mannen zoals Jan vaak niet met zekerheid maken. We
Pagina
34
 Als het testresultaat normaal is zijn er twee mogelijkheden:
3.7
De voor- en nadelen van wel of niet vroegtijdig testen voor prostaatkanker samengevat
Tests voor vroegtijdige opsporing van prostaatkanker
 U kunt opgelucht zijn als de tests niet wijzen op prostaatkanker
Geen tests voor vroegtijdige opsporing van prostaatkanker
 Door niet te kiezen voor vroegtijdige opsporing van prostaatkanker
 Bij vroege diagnose van sneller groeiende vormen van prostaatkanker:
vermijdt u:
 is de kans op een succesvolle behandeling groter dan wanneer u zich niet
 onnodige behandelingen voor trager groeiende vormen van deze
vroegtijdig laat testen,
+
ziekte
 is de kans dat u sterft aan prostaatkanker kleiner dan wanneer u zich niet
 de mogelijke neveneffecten van behandelingen, zoals erectie-
vroegtijdig laat testen,
stoornissen en incontinentie
 is de kans dat u de gevolgen van gevorderde prostaatkanker meemaakt
 moeilijke keuzes over verdere tests of behandelingen
 de psychologische last van de diagnose van prostaatkanker die
kleiner dan wanneer u zich niet vroegtijdig laat testen,
 hebt u keuze tussen verschillende behandelingsmogelijkheden, waaronder
minstens nog een aantal jaren symptomenvrij kan blijven.
vaak ook actief opvolgen
 De tests zijn niet perfect, u bent niet zeker of u wel of geen sneller groeiende
De kans bestaat dat u zonder het te weten een sneller groeiende vorm
vorm van prostaatkanker heeft. U kunt zich ten onrechte opgelucht of bezorgd
van prostaatkanker heeft die zonder vroegtijdige opsporing pas in
voelen:
een laat stadium gevonden wordt.

Zonder vroegtijdige diagnose en behandeling van sneller groeiende
voor u en uw omgeving, ook als er uiteindelijk geen prostaatkanker wordt
prostaatkanker:
vastgesteld of als het over een trager groeiende vorm van prostaatkanker gaat.
 is de kans op genezing kleiner dan met vroegtijdige opsporing
 Het vervolgonderzoek en de behandeling kunnen onaangenaam zijn en
neveneffecten hebben.
 Vroegtijdige opsporing kan leiden tot onzekerheid in de toekomst
 is de kans dat u sterft aan prostaatkanker groter dan met
vroegtijdige opsporing
35
 Het is niet altijd duidelijk wat u best kunt doen nadat u zich heeft laten testen:
 is de kans dat u geconfronteerd wordt met de gevolgen van
Pagina
 Vroegtijdige opsporing kan een psychologische last met zich meebrengen
-

gevorderde prostaatkanker groter dan met vroegtijdige opsporing
4. De keuze die het best bij u past
 De volgende pagina’s zijn bedoeld om u te helpen bij het nadenken
over de keuze over vroegtijdige opsporing van prostaatkanker. Uw
opties zijn:
 U nu laten testen voor prostaatkanker
Ik heb altijd geloofd dat het beter is om meer te weten over mijn
gezondheid. Daarom heb ik me laten testen voor prostaatkanker. Mijn PSA
waarde was verhoogd, dus de dokter stelde voor een biopsie te laten doen.
De resultaten van die biopsie waren normaal: ik had naar alle
waarschijnlijkheid geen prostaatkanker. Toen wist ik dat ik voor mezelf de
beste keuze gemaakt had. Het heeft me gerustgesteld dat ik geen
prostaatkanker heb.
 Later tests voor opsporing van prostaatkanker laten uitvoeren
Guido twijfelt of het wel zo’n goed idee was om zich te laten testen voor
 Geen tests voor opsporing van prostaatkanker laten uitvoeren.
prostaatkanker. Hij zegt het volgende:
4.1
Weet dat er geen juiste of foute keuze bestaat
 Uw voorkeuren en waarden – wat u belangrijk vindt – spelen een
belangrijke rol bij het maken van de keuze over vroegtijdige opsporing
van prostaatkanker. Probeer een keuze te maken waarin u zich kunt
vinden, een keuze waarmee u kunt leven.
 Aangezien elke man verschillend is en verschillende voorkeuren en
waarden heeft, maken verschillende mannen verschillende keuzes.
Toen ik 50 werd liet ik mijn PSA waarde nakijken. Deze bleek verhoogd en
mijn dokter deed de test nog eens, opnieuw met hetzelfde resultaat, dus liet
ik een biopsie doen. Die wees uit dat ik geen prostaatkanker had en daar
was ik toen blij mee. Maar mijn PSA waarde bleef maar stijgen. Nu ben ik
55 jaar oud. Ik heb in de laatste vijf jaar drie biopsies gehad die allemaal
normaal waren. Mijn PSA waarde stijgt nu niet meer en de dokter zegt dat
dit allemaal gebeurde omdat mijn prostaat vergroot is. Maar ik maak me
soms toch nog zorgen over prostaatkanker. Ik vraag me vaak af of die PSA
test me eigenlijk wel geholpen heeft.
 Hieronder vindt u twee voorbeelden van wat mannen soms zeggen over
vroegtijdige opsporing van prostaatkanker.
 Het is belangrijk om te weten dat, hoewel ze zich anders voelen over
hun beslissing, de gevoelens van beide mannen redelijk zijn. Hun
Kris is overtuigd dat het een goed idee was om zich te laten testen voor
prostaatkanker. Hij zegt het volgende:
Pagina
prostaatkanker.
36
gevoelens weerspiegelen verschillende ervaringen bij het testen op
4.2
Ken de voor- en nadelen
 Om een keuze te kunnen maken over vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker, is het belangrijk dat u de voor- en nadelen van de twee
opties begrijpt en dat u weet wat de gevolgen van uw keuze kunnen
4.4
Wissel informatie uit
 Uw arts beschikt over veel informatie. Vraag hem hiernaar.
 Hij weet bijvoorbeeld wat de verschillende tests voor
vroegtijdige opsporing van prostaatkanker inhouden en welke
zijn. Hierboven vatten we al samen wat de keuze over vroegtijdige
procedures doorlopen worden bij en na vroegtijdige opsporing
opsporing van prostaatkanker voor u kan betekenen.
van prostaatkanker
heeft.
 Praat met uw arts, met andere hulpverleners uit de gezondheidszorg,
 Er zijn een aantal zaken die uw arts niet kan weten tenzij u hem
hierover vertelt.
 U kunt uw arts vertellen over bepaalde lichamelijke klachten die
u ondervindt, over eventuele familieleden met prostaatkanker,
met uw partner, uw familie en andere mensen die u vertrouwt.
over wat voor u belangrijk is en over wat uw overtuigingen en
 Ga niet overhaast te werk. Lees. Stel vragen. Denk. En beslis dan –
angsten over vroegtijdige opsporing van prostaatkanker zijn.
samen met uw arts.
 U moet niet nu beslissen. U hebt steeds de mogelijkheid om de
beslissing nog uit te stellen. Als u nu kiest om u niet te laten testen, kan
u later nog op deze beslissing terugkomen.
 Als nog niet alle medische informatie duidelijk is voor u of als u nog
extra informatie wenst, is het belangrijk dat u uw vragen noteert en ze
stelt aan uw arts.
 Hieronder vindt u een aantal vragen die u zou kunnen stellen aan uw
arts:
 Wat gebeurt er met mij als ik prostaatkanker zou hebben en ik
wel of niet behandeld wil worden?
 Als ik ooit prostaatkanker heb, ga ik dat voelen?
 Hoeveel kost een PSA test?
 Als mijn PSA test afwijkend is, kan ik dan best nog andere tests
ondergaan?
37
Zoek zoveel informatie en steun als u nodig
Pagina
4.3
hebben we plaats gelaten om uw eigen vragen te noteren.
………………………………………………………………………………
Oefening
Welke mogelijke voor- en nadelen van vroegtijdige opsporing
voor prostaatkanker zijn het belangrijkst voor u?
Deze oefening vertelt u niet welke keuze u moet maken, maar kan een
hulpmiddel zijn bij het gesprek met uw arts over vroegtijdige opsporing
………………………………………………………………………………
van prostaatkanker. Vul de oefeing in en neem ze mee naar uw arts – zo is
………………………………………………………………………………
het ook voor hem of haar duidelijk wat belangrijk is voor u.
 Neem deze vragen mee naar uw arts. U kunt ze samen met hem
doornemen.
 Uw arts kan u helpen bij het maken van een keuze over vroegtijdige
Handleiding
 Duid in de tabel hieronder aan hoe belangrijk u elk voor- en nadeel
vindt.
opsporing van prostaatkanker. U kunt bij hem terecht met uw vragen,
 Omcirkel het nummer:
hij kan u voorbereiden op de keuze, u kunt samen met hem tot een
o
5 als u het voor- of nadeel uiterst belangrijk vindt
beslissing komen en hij kan ook een actieve en bepalende rol spelen bij
o
4 als u het voor- of nadeel heel belangrijk vindt
het maken van deze keuze indien u dit wenst.
o
3 als u het voor- of nadeel redelijk belangrijk vindt
o
2 als u het voor- of nadeel niet zo belangrijk vindt
o
1 als u het voor- of nadeel helemaal niet belangrijk vindt.
 De cijfers over de mogelijke voor- en nadelen van vroegtijdige
opsporing van prostaatkanker staan in de beslissingshulp. Aarzel niet
om ze bij het invullen van deze tabel opnieuw te bekijken.
38
 Het kan zijn dat niet al uw vragen in deze lijst staan. Hieronder
4.5
Pagina
 Stel uw eigen vragen
Mogelijke
nadelen
van
vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker
Dit kunnen voor u redenen zijn
om u nu niet te laten testen
1
2
3
4
5
Opgelucht zijn als de tests niet wijzen op prostaatkanker
1
2
3
4
5
Sneller groeiende prostaatkanker in een vroeger stadium vinden, waardoor de kans op een succesvolle
behandeling groter is
1
2
3
4
5
Mijn risico op sterfte aan prostaatkanker verminderen
1
2
3
4
5
Mijn risico op het ontwikkelen van vergevorderde prostaatkanker verminderen
1
2
3
4
5
Mijn opties voor eventuele behandeling zoveel mogelijk open houden
1
2
3
4
5
Bezorgd zijn over het testresultaat
1
2
3
4
5
Weten dat de mensen die mij nauw aan het hart liggen zich zorgen maken over het testresultaat
1
2
3
4
5
Mogelijks neveneffecten ondervinden van een prostaatbiopsie – ook wanneer hieruit blijkt dat ik geen
prostaatkanker heb
1
2
3
4
5
Mogelijks neveneffecten ondervinden van behandeling, ook wanneer ik eigenlijk een trager groeiende
vorm van prostaatkanker heb waar ik ook zonder behandeling nooit klachten van zou krijgen
1
2
3
4
5
Weten dat ik prostaatkanker heb, terwijl niemand mij kan vertellen wat ik er best aan kan doen
1
2
3
4
5
Weten dat ik prostaatkanker heb, maar in onzekerheid blijven over of het een trager groeiende of sneller
groeiende vorm van prostaatkanker is
1
2
3
4
5
Na een afwijkend testresultaat onterecht bezorgd zijn terwijl ik feitelijk geen prostaatkanker heb (valsafwijkend testresultaat)
1
2
3
4
5
Na een normaal testresultaat onterecht opgelucht zijn terwijl ik feitelijk wel prostaatkanker heb (valsnormaal testresultaat)
1
2
3
4
5
39
Dit kunnen voor u redenen zijn
om u nu te laten testen
Weten dat ik prostaatkanker heb als het zo is
Pagina
Mogelijke voordelen van
vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker
Niet moeten leven met een diagnose van een trager groeiende, ongevaarlijke vorm van prostaatkanker
1
2
3
4
5
Vermijden dat ik een behandeling onderga die eigenlijk niet nodig is, omdat ik feitelijk een trager
groeiende vorm van prostaatkanker heb
1
2
3
4
5
De mogelijke neveneffecten van biopsie, zoals ontstekingen, vermijden
1
2
3
4
5
De mogelijke neveneffecten van behandeling, zoals impotentie en incontinentie, vermijden
1
2
3
4
5
Verdere keuzes over vervolgonderzoek en behandeling vermijden
1
2
3
4
5
Mogelijke nadelen van niet
kiezen voor vroegtijdige
opsporing
van
prostaatkanker
Pas te weten komen dat ik een sneller groeiende vorm van prostaatkanker heb wanneer ik klachten
1
2
3
4
5
Zonder het te weten rondlopen met een sneller of trager groeiende vorm van prostaatkanker
1
2
3
4
5
Dit kunnen voor u redenen zijn
om u nu te laten testen
Spijt hebben dat ik me niet liet testen wanneer ik toch een sneller groeiende vorm van prostaatkanker
blijk te hebben
1
2
3
4
5
ontwikkel en de kanker niet meer genezen kan worden
40
Dit kunnen voor u redenen zijn
om u nu niet te laten testen
Pagina
Mogelijke voordelen van
niet kiezen voor vroegtijdige
opsporing
van
prostaatkanker
Welke andere mogelijke positieve aspecten van vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker zijn belangrijk voor u bij deze keuze? (geef alle positieve
aspecten die nog bij u opkomen en zet de belangrijkste eerst)
………………………………………………………………………………
De optie die me het meest aanspreekt is:
o
o
o
tests voor vroegtijdige opsporing laten doen
geen tests voor vroegtijdige opsporing laten doen
ik weet het nog niet
………………………………………………………………………………
Waarom spreekt deze optie u het meest aan of weet u het nog niet?
………………………………………………………………………………
………………………………………………………………………………
………………………………………………………………………………
………………………………………………………………………………
Welke andere mogelijke negatieve aspecten vroegtijdige opsporing van
………………………………………………………………………………
prostaatkanker zijn belangrijk voor u bij deze keuze? (geef alle mogelijke
negatieve aspecten die nog bij u opkomen en zet de belangrijkste eerst)
………………………………………………………………………………
………………………………………………………………………………
Soms is het moeilijk om na het afwegen van voor- en nadelen met
………………………………………………………………………………
aandacht voor wat u zelf belangrijk vindt tot een beslissing te komen en
heeft u het gevoel dat u er niet uit raakt. Praat hierover met uw arts, het is
voldoende tijd om de informatie te laten bezinken en denk aan wat voor u
het belangrijkst is wanneer u beslist.
41
………………………………………………………………………………
mogelijk dat hij u kan helpen om de knoop door te hakken. Neem ook
Pagina
………………………………………………………………………………
De term „systematische opsporing‟ verwijst naar het regelmatig, bijvoorbeeld elke vier
jaar, opsporen van prostaatkanker bij alle mannen die aan bepaalde criteria voldoen,
bijvoorbeeld bij alle mannen die 50 jaar oud zijn. De term verwijst dus niet naar het
doorvoeren van de PSA test bij elke bloedtest die één man ondergaat. De term verwijst
ook niet naar het meermaals uitvoeren van de test bij één man.
5. Aanbevelingen van adviserende organisaties
 Hieronder vindt u aanbevelingen over
vroegtijdige opsporing
van
prostaatkanker die gemaakt zijn door een aantal wetenschappelijke
organisaties. Wij nemen hier voor uw informatie uiteenlopende aanbevelingen
regelmatig een PSA test en eventueel een rectaal onderzoek zouden kunnen
laten doen in het licht van vroegtijdige opsporing. Ook deze vereniging is
tegen het systematisch uitvoeren van tests voor vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker bij iedere man. Deze vereniging stelt hierbij dat vroegtijdige
voordelen en mogelijke risico’s van beide opties zodat ze tot een persoonlijke
keuze kunnen komen over vroegtijdige opsporing van prostaatkanker. Deze
stichting raadt het systematisch opsporen van prostaatkanker af bij mannen
vanaf 50 jaar waarbij prostaatkanker niet familiaal voorkomt. Dat wil zeggen
dat deze stichting niet aanbeveelt aan iedere man ouder dan vijftig en zonder
familiale geschiedenis van prostaatkanker om zich regelmatig te laten testen.
 Domus Medica, de Vlaamse vereniging van huisartsen, raadt een systematische
vroegtijdige opsporing af. Deze vereniging raadt eveneens af om tests voor
opsporing
te
doen
bij
mannen
die
hier
om
vragen
(opportunistische vroegtijdige opsporing).
 Het rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (RIZIV) besluit
eveneens dat er niet systematisch tests voor vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker moeten worden uitgevoerd bij de hele mannelijke bevolking.
Het RIZIV stelt wel dat het laten uitvoeren van tests bij mannen die hier om
vragen aanvaardbaar is als de mannen geïnformeerd worden over de mogelijke
gevolgen van die tests. Het RIZIV stelt ook dat overleg tussen arts en patiënt
hierbij essentieel is.
opsporing belangrijk is omdat de kans op complete genezing in grote mate
afhangt van het zo vroegtijdig mogelijk ontdekken van de ziekte.
 Het federaal kenniscentrum van de gezondheidszorg (KCE) stelt dat het nut
van systematische vroegtijdige opsporing van prostaatkanker bij mannen
zonder symptomen onbekend is en dat het daarom ook niet te verantwoorden
is. Ook het KCE stelt dat het laten uitvoeren van een PSA test bij mannen die
hier om vragen enkel aanvaardbaar is als de arts de implicaties van die keuze
met die mannen bespreekt.
 Ook de Vlaamse Liga tegen Kanker (VLK) pleit voor het informeren van
mannen over de voor- en nadelen van een PSA-test alvorens deze af te nemen.
Door vanaf een bepaalde leeftijd alle mannen systematisch te laten testen voor
prostaatkanker, zouden immers een aantal mensenlevens worden gered, maar
zouden ook zeer veel mannen onnodig een erg belastende kankerdiagnose
krijgen en zeer ingrijpende behandelingen ondergaan, met mogelijk
impotentie en incontinentie tot gevolg. Volgens de VLK is de inzet van
beslissingshulpen
met
evenwichtige
informatie
aangewezen
om
de
communicatie hierover tussen arts en patiënt te bevorderen en tot een gedeelde
besluitvorming te komen.
42
 De stichting tegen kanker geeft het advies mannen goed te informeren over de
Pagina
op.
vroegtijdige
 De Belgische vereniging van urologen stelt dat mannen vanaf 50 jaar
 Gezien de huidige stand van de wetenschap vindt de CM het niet aanvaardbaar
een bevolkingsonderzoek. Voor een aantal kankers is het zinvol om een
om de PSA-test systematisch af te nemen bij mannen zonder klachten. De CM
bevolkingsonderzoek te organiseren. Wetenschappers zijn het erover eens dat
geeft aan dat bij patiënten die zelf een PSA-test vragen, de arts met de patiënt
zo’n opsporingsprogramma's aan zeer strenge kwaliteitseisen moeten voldoen,
de voor- en nadelen moet bespreken.
om te voorkomen dat ze meer kwaad doen dan goed. Voor huidkanker en
 De EAU, de Europese Associatie van Urologie, geeft de aanbeveling dat een
prostaatkanker bijvoorbeeld beveelt de Europese code voor kankerbestrijding
eerste – baseline – PSA meting aangeboden wordt aan alle mannen die 40-45
geen bevolkingsonderzoek aan. Voor borstkanker, dikkedarmkanker en
jaar oud zijn. Deze associatie wijst er ook op dat er heel wat nieuwe technieken
baarmoederhalskanker doet ze dat wel.
in de pipeline zitten die een einde zullen maken aan overbehandeling.
 Als opsporen van een bepaalde ziekte, zoals kanker, systematisch wordt
Pagina
43
aangeboden aan alle personen uit de doelgroep spreekt men over
gerandomiseerde studie van vroegtijdige opsporing van prostaatkanker
(ERSPC).
 Bij deze studie werden 162,388 mannen van 55 tot 69 jaar oud elf jaar
lang opgevolgd door onderzoekers.
 De meeste cijfers in de beslissingshulp zijn dan ook resultaten van
mannen van 55 -69 jaar oud.
 Gedurende die periode, kreeg de helft van hen twee tot drie PSA tests.
De andere helft kreeg geen PSA tests.
 In deze studie ondergingen mannen met een PSA waarde hoger dan 3/4
ng/ml een biopsie.
 Naast de ERSPC zijn er ook nog andere grootschalige studies naar de effecten
van vroegtijdige opsporing van prostaatkanker.
 Zo is er bijvoorbeeld de PLCO studie (The Prostate, Lung, Colorectal
and Ovarian (PLCO) Cancer Screening Trial) in Amerika.
 Studies zoals deze, die de effecten van vroegtijdige opsporing van
prostaatkanker onderzoeken bij een groot aantal mensen over ettelijke jaren
heen, zijn erg moeilijk om uit te voeren. Daardoor is geen enkele van deze
studies perfect en verschillen de resultaten.
 Dit betekent dat we niet helemaal zeker kunnen zijn over hoe goed de
cijfers die we opnemen in de beslissingshulp de werkelijkheid
benaderen.
 Zo zijn de resultaten van de PLCO (Amerika) studie over sterfte aan
prostaatkanker anders dan die van de ERSPC (Europa) studie.
prostaatkanker is kleiner in de Amerikaanse studie dan in de Europese
studie die hier opgenomen is.
 De Amerikaanse studie is kwalitatief evenwel wat minder goed voor de
vergelijking tussen vroegtijdige opsporing en geen vroegtijdige
opsporing dan de Europese studie.
 De ERSPC studie werd in verschillende landen uitgevoerd. Soms werden
verschillende procedures en methoden gevolgd (bijvoorbeeld andere PSA
grenswaarden) over de verschillende landen en op verschillende momenten.
Deze inconsistentie is een beperking van de ERSPC studie.
 In de ERSPC studie wordt een groep van mannen die zich niet laten testen
(controlegroep) vergeleken met een groep van mannen die zich wel laten testen
(studiegroep). Waarschijnlijk zijn er mannen in de controlegroep die zich toch
lieten testen – maar we weten niet juist over hoeveel mannen het gaat. Het gaat
wel over minder mannen dan in de Amerikaanse PLCO studie.
 Mannen in de controlegroep en mannen in de studiegroep zouden zo gelijk
mogelijk moeten behandeld worden. Het is mogelijk dat in de ERSPC studie
mannen van de studiegroep beter behandeld werden dan mannen in de
controlegroep.
 Andere cijfers, bijvoorbeeld over het voorkomen van prostaatkanker in
Vlaanderen of over neveneffecten van behandeling van prostaatkanker, zijn
afkomstig uit wetenschappelijk artikels, rapporteringen van wetenschappelijke
organisaties en uit bevolkingsregister.
44
 De meeste cijfers in de beslissingshulp komen uit één studie: de Europese
 Het effect van vroegtijdige opsporing van prostaatkanker op sterfte aan
Pagina
6. Cijfers in de beslissingshulp
7. Woordenboek
Bij actief of zorgvuldig opvolgen, volgen we de patiënt op door middel van frequente (PSA) tests en stellen we actieve behandeling uit tot wanneer tests
Actief opvolgen
A
Actieve
behandeling
Anus
B
aantonen dat de prostaatkanker verder evolueert en gevaarlijk wordt. Actief opvolgen kan een optie zijn bij prostaatkanker in een vroeg stadium.
Chirurgie, bestraling, hormonale therapie of een combinatie van deze behandelingen. De term “actieve behandeling” wordt vaak gebruikt om deze
behandelingen te onderscheiden van actief opvolgen.
Uitmonding van het rectum. Het rectum is het laatste gedeelte van het darmkanaal.
Vergroting van de prostaat. BPH is geen kanker, maar het kan klachten veroorzaken die lijken op die van kanker – zoals moeite met het op gang brengen en
Benigne
Prostaathyperplasie
blokkeren van de urinestraal.
(BPH)
Behandeling die gebruik maakt van stralen om de kanker te vernietigen.
Bestraling
Biopsie
De dokters nemen een klein stukje weefsel weg en bekijken het nauwkeurig onder de microscoop
Blaas
Een reservoir in uw lichaam waarin de urine opgestapeld wordt. Wanneer de blaas vol is, voelt u dat u moet gaan plassen.
C
Chirurgie
Een procedure om een deel van het lichaam te verwijderen of te herstellen of om na te gaan of iemand ziek is.
D
Diagnose
Medische beslissing van de arts op basis van onderzoeken en het gesprek met de patiënt. Als uw arts u vertelt dat u prostaatkanker heeft nadat de
biopsieresultaten bekend zijn, deelt hij de diagnose van prostaatkanker mee.
Wat naar buiten komt bij de zaadlozing. Ejaculaat bestaat uit twee componenten: zaadcellen en zaadvocht, wat voor een deel wordt afgescheiden door de
E
Ejaculaat
prostaat.
Pagina
reflecteren. Hiermee kunnen dokters organen in beeld brengen.
45
Echografie is een techniek die gebruikmaakt van geluidsgolven die zich door het lichaam verplaatsen en op grensvlakken tussen zachte en hardere structuren
Echografie
Erectie
Wanneer de Penis hard wordt
De Europese gerandomiseerde studie van vroegtijdige opsporing van prostaatkanker. Een grote Europese studie over de effecten van vroegtijdige opsporing
ERSPC
van prostaatkanker.
Prostaatkanker lijkt vaker voor te komen in sommige families dan in andere. Als een man een vader of broer (eerstegraads familieleden) heeft met
H
Geconventioneerd
specialist
Geïnformeerde
keuze
Geconventioneerde geneesheren gaan akkoord met de tarieven die het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV) bepaalt.
Hormonale
behandeling
M
Een beslissing die gemaakt wordt nadat nagedacht is over alle relevante informatie en mogelijke gevolgen.
Het behandelen van kanker door hormonen te verwijderen, te blokkeren of toe te voegen. Bij behandeling van prostaatkanker gaat het over
hormoonverlagende behandeling: een kankerbehandeling waarbij men de mannelijke hormonen verlaagt of blokkeert.
Incontinentie
Ongecontroleerd urineverlies
Impotentie
Het onvermogen een erectie te krijgen die voldoende stevig is voor geslachtsgemeenschap.
Kanker
Een term voor ziektes waarbij abnormale cellen ongecontroleerd groeien. Soms
Klier
Een orgaan dat één of meer stoffen produceert en vrijzet, die gebruikt worden door allerlei delen van het lichaam
I
K
(Madersbacher et al., 2011)
zullen kankercellen zich verspreiden doorheen het lichaam.
Worden ook uitzaaiingen genoemd. Kanker is uitgezaaid of gemetastaseerd wanneer hij zich verspreid heeft naar andere delen van het lichaam. Als de kanker
Metastasen
uitgezaaid is naar de botten spreken we bijvoorbeeld van kanker met botmetastasen.
46
G
prostaatkanker heeft hij meer dan dubbel zoveel kans om prostaatkanker te krijgen dan een man zonder familiale geschiedenis van prostaatkanker.
Pagina
F
Familiale
geschiedenis
De afkorting MRI staat voor magnetic resonance imaging, beeldvorming met magnetische resonantie. Hierbij bekomt de specialist een beeld van het lichaam
MRI
met behulp van een grote sterke magneet en radiogolven. Er wordt geen röntgenstraling gebruikt.
Een ongewenst resultaat van behandeling. Mogelijke neveneffecten van behandeling voor prostaatkanker omvatten incontinentie, impotentie en
Neveneffect
N
O
stoelgangproblemen.
Ng/ml
Nanogram per milliliter. Een nanogram is 0,000 000 001 gram. Een mililiter is een duizendste van een liter.
Overbehandeling
Het behandelen van kanker die, als we er niet naar zouden zoeken tijdens het leven van de patiënt, niet ontdekt zou worden en geen klachten zou veroorzaken.
Opportunistische
vroegtijdige
opsporing
Het uitvoeren van tests voor vroegtijdige opsporing van kanker bij personen die hier om vragen.
Palpatio per anum Het rectaal onderzoek of rectaal toucher. Hierbij brengt de arts een vinger in het rectum en betast hij de prostaat doorheen de wand van het rectum.
(PPA)
De prostaat, long, colorectale en eierstok studie. Een grote Amerikaanse studie naar de effecten van – onder andere – vroegtijdige opsporing van
PLCO
prostaatkanker.
De prostaat is een mannelijke geslachtsklier. Deze klier bestaat uit een groot aantal klierbuisjes die worden omgeven door spier- en bindweefsel. Deze
klierbuisjes produceren het prostaatvocht waarin de zaadcellen kunnen bewegen tijdens een zaadlozing. De prostaat ligt onder de blaas en net voor de
Prostaat
P
endeldarm, rondom de urinebuis die de urine en het sperma via de penis naar buiten leidt. Een gezonde prostaat heeft de vorm van een kastanje. Als een man
veroudert, wordt zijn prostaat vaak groter
Bij prostaatkanker, groeien cellen van de prostaat op een abnormale manier. Soms zullen de kankercellen zich na verloop van tijd verplaatsen naar andere
op prostaatkanker.
Een stof die wordt aangemaakt door de prostaat. De PSA test is een bloedtest waarbij men meet hoe veel PSA er in het bloed zit. Een verhoogd PSA niveau in
Prostaat specifiek
het bloed kan wijzen op een vergroting van de prostaat, op ontsteking, of op kanker. Om na te kijken of het gaat over prostaatkanker is vervolgonderzoek
Antigeen (PSA)
47
delen van het lichaam. Als dit gebeurt bij prostaatkanker, verplaatsen die cellen zich meestal naar de botten. Let op, niet alle prostaatproblemen zijn of wijzen
Pagina
Prostaatkanker
(echo en biopsie) nodig.
Een operatie waarbij de hele prostaat of een deel ervan verwijderd wordt. Bij radicale prostatectomie wordt de hele prostaat verwijderd, soms samen met een
Prostatectomie
R
S
T
deel van het weefsel rond de prostaat.
Prostatitis
Een ontstoken of geïnfecteerd gebied van de prostaat
Rectaal onderzoek
Ook wel Palpatio per anum (PPA) genoemd. Hierbij brengt de arts een vinger in het rectum en betast hij de prostaat doorheen de wand van het rectum.
Rectum
Laatste deel van het darmkanaal
Systematische
Het uitvoeren van tests voor vroegtijdige opsporing van een aandoening bij alle personen in een bevolking die deze aandoening kunnen krijgen.
bevolkingsscreening
TRUS
TransRectale UltraSonografie. Dit is de wetenschappelijke naam voor de echografie van de prostaat.
Tumor
Abnormale weefselmassa, gezwel, niet noodzakelijk kwaadaardig.
Een chirurg die gespecialiseerd is in de heelkundige en andere medische behandelingen van aandoeningen van de nieren, prostaat, blaas, urinewegen en
mannelijke geslachtsorganen.
Urinebuis
De buis waarlangs urine en sperma door de penis en uit het lichaam kunnen gaan.
Urine-retentie
U hebt urine-retentie wanneer u niet meer spontaan kunt urineren of wanneer er na het urineren urine in de blaas achterblijft.
Veranderd
stoelgangpatroon
V
Vroegtijdige
opsporing
Bijvoorbeeld een toename van de stoelgangfrequentie of een plotselinge drang tot het maken van stoelgang. Dit is een mogelijk neveneffect van de
behandeling van prostaatkanker.
Het opsporen van een ziekte bij een persoon die geen ziektesymptomen heeft. Het doel van vroegtijdige opsporing bestaat erin de ziekte in een vroeg stadium
te ontdekken zodat vroegtijdige behandeling mogelijk is. De genezingskansen zijn dan vaak groter.
48
U
Pagina
Uroloog
8. Contactadressen en handige links
Belgische Stichting tegen Kanker
WIJ OOK België vzw
479, Leuvense steenweg
35-37, Lange Gasthuisstraat
1030 Schaarbeek
2018 Antwerpen
Tel.: 02/ 733 68 68
Tel.: 03/ 338 91 51
Tel.:0800/ 15 802 kankerlijn Nederlands
Website: www.wijook.be
Website: www.kanker.be
E-mail: [email protected]
E-mail: [email protected]
Voorzitter: Erik Briers Tel.: 011/ 30 07 10
Directeur: Prof. Louis Denis Tel.: 03/ 338 91 50
Vlaamse Liga tegen Kanker ( VLK )
217, Koningsstraat
1210 Brussel
Secretaris: Brigitte Dourcy Belle-Rose Tel.: 03/ 338 91 54
Contact : Anja van Cauwenberghe Tel.: 03/ 338 91 51
Alle werkdagen van 09.00 tot 15.00.
Tel.: 02/ 227 69 69
Tel.: 078/ 150 701 prostaatkankerlijn;
Elke Ma of Do van 12.00 tot 16.00 uur
www.prostaatwijzer.nl
Voor een inschatting van uw persoonlijk risico op prostaatkanker
Een beslissingshulp bij de keuze over behandeling van gelokaliseerde
prostaatkanker
Pagina
http://www.kuleuven.be/lucas/prostaatkanker/
E-mail: [email protected]
49
Website: www.tegenkanker.be
9. Bronnen van informatie
cijfers
De beslissingshulp is geïnspireerd op volgende bestaande informatiedocumenten
De Vlaamse cijfers over het voorkomen van prostaatkanker en sterfte aan
en beslissingshulpen:
prostaatkanker zijn afkomstig van:
Keuzehulp testen op prostaatkanker, beschikbaar van:
http://www.kiesbeter.nl/medischeinformatie/keuzehulpen/testenopprostaatkanker/

Making the best choice, beschreven in (Dorfman, et al., 2010)

Is a PSA test right for you?, beschikbaar van:
spx?contentGUID=fc326615-5b29-47f1-87c39a3e2d946919
Decision aid tool Prostate Cancer Screening with PSA Testing,
De keuze maken, beslissingshulp voor patiënten met
vroegtijdige, gelokaliseerde prostaatkanker

-
Onderzoek van Larebeke 2004
Onderzoek van den Heuvel en collega’s. uit 2012
Onderzoek Raaijmakers en collega’s uit 2002
Onderzoek van Carlsson en collega’s uit 2011
Onderzoek van Steensels en collega’s uit 2012
Informatie over de kostprijs van de biopsie vindt u op:
-
www.riziv.be
www.riziv.fgov.be
Cijfers over de effecten van behandeling op sterfte aan prostaatkanker en
levensduur en over de neveneffecten van behandeling komen uit
Biopsie van de prostaat: informatiebrochure voor de patiënten,
op initiatief van de belgian association of urology.
www.wiv-isp.be
www.kce.fgov.be
van
http://decisionaid.ohri.ca/Azsumm.php?ID=1512

www.zorg-en-gezondheid.be
-
Onderzoek van Bill-axelson en collega’s uit 2012.
https://kce.fgov.be
Onderzoek van Wever uit 2012
Cijfers over vals- afwijkende en vals- normale testresultaten werden berekend op
basis van:
-
Onderzoek van Schröder en collega’s uit 2012 (b)
Onderzoek van Auvinen en collega’s uit 2009
Onderzoek van Wilt en collega’s uit 2013
Onderzoek van Wolters en collega’s uit 2010 (a en b)
50
beschikbaar
www.kankerregister.be
Cijfers over de neveneffecten van biopsie komen uit:
https://www.healthcrossroads.com/EXAMPLE/crossroad.a

-
Pagina

Cijfers over de toegenomen diagnose van prostaatkanker en langer leven met die
diagnose door vroegtijdige opsporing komen uit:
-
Onderzoek van Draisma en collega’s uit 2009
Onderzoek van Schröder en collega’s uit 2012 (b)
Onderzoek van Wever uit 2012
Geselecteerde referenties voor gebruikte onderzoekscijfers:
Andriole, G. L., Crawford, E. D., Grubb, R. L., Buys, S. S., Chia, D.,
Church, T. R. et al. (2012). Prostate Cancer Screening in the Randomized Prostate,
Lung, Colorectal, and Ovarian Cancer Screening Trial: Mortality Results after 13
Years of Follow-up. Journal of the National Cancer Institute, 104, 125-132.
Cijfers voor overbehandeling van prostaatkanker komen uit:
Cijfers over het effect van vroegtijdige opsporing op sterfte en ontwikkeling van
gevorderde prostaatkanker komen uit:
-
Onderzoek van Schröder en collega’s uit 2012 (a en b)
Onderzoek van Wilt en collega’s uit 2013
Aanbevelingen van adviserende organisaties vindt u op/in:
-
www.kanker.be
publicatie van Spinnewijn uit 2011
publicatie van het RIZIV, 2011
www.bvu.be
www.kce.fgov.be
www.tegenkanker.be
www.cm.be
www.zorg-en-gezondheid.be
Publicatie van Heidenreich en collega’s uit 2013
De informatie over cijfers in de beslissingshulp komt uit:
-
Onderzoek van Wever uit 2012
Onderzoek van Hanley uit 2010
Onderzoek van Andriole en collega’s uit 2012
Onderzoek van Chou en collega uit 2011
Onderzoek van Wolters en collega’s uit 2010
Auvinen, A., Raitanen, J., Moss, S., de Koning, H. J., Hugosson, J.,
Tammela, T. et al. (2009). Test Sensitivity in the European Prostate Cancer
Screening Trial: Results from Finland, Sweden, and the Netherlands. Cancer
Epidemiology Biomarkers & Prevention, 18, 2000-2005.
Bill-Axelson, A., Holmberg, L., Ruutu, M., Garmo, H., Stark, J. R.,
Busch, C. et al. (2011). Radical Prostatectomy versus Watchful Waiting in Early
Prostate Cancer. New England Journal of Medicine, 364, 1708-1717.
Carlsson, S. V., Holmberg, E., Moss, S. M., Roobol, M. J., Schröder, F.
H., Tammela, T. L. J. et al. (2011). No excess mortality after prostate biopsy:
results from the European Randomized Study of Screening for Prostate Cancer.
BJU international, 107, 1912-1917.
Chou, R. & LeFevre, M. L. (2011). Prostate Cancer Screening-The
Evidence, the Recommendations, and the Clinical Implications. JAMA (Chicago,
Ill.), 306, 2721.
Draisma, G., Etzioni, R., Tsodikov, A., Mariotto, A., Wever, E., &
Gulati, R. (2009). Lead time and overdiagnosis in prostate-specific antigen
screening: importance of methods and context. Journal of the National Cancer
Institute, 101, 374.
Gosselaar, C., Roobol, M. J., Roemeling, S., & Schröder, F. H. (2008).
The Role of the Digital Rectal Examination in Subsequent Screening Visits in the
European Randomized Study of Screening for Prostate Cancer (ERSPC),
Rotterdam. European Urology, 54, 581-588.
51
Onderzoek van Schröder en collega’s uit 2012 (b)
Pagina
-
Hanley, J. A. (2010). Mortality reductions produced by sustained prostate
cancer screening have been underestimated. Journal of medical screening, 17,
147.
Heidenreich, A., Abrahamsson, P.A., Artibani, W., Catto, J., Montorsi,
F., Van Poppel, H., Wirth, M., Mottet, N. (2013) Early detection of prostate
cancer: European Association of Urology recommendation. European Urology,
64(3), 347-354.
Loeb, S., van den Heuvel, S., Zhu, X., Bangma, C. H., Schröder, F. H., &
Roobol, M. J. (2012). Infectious Complications and Hospital Admissions After
Prostate Biopsy in a European Randomized Trial. European Urology, 61, 11101114.
Madersbacher, S., Alcaraz, A., Emberton, M., Hammerer, P., Ponholzer,
A., Schröder, F. H. et al. (2011). The influence of family history on prostate
cancer risk: implications for clinical management. BJU international, 107, 716721.
Nadler, R. B., Humphrey, P. A., Smith, D. S., Catalona, W. J., & Ratliff,
T. L. (1995). Effect of Inflammation and Benign Prostatic Hyperplasia on
Elevated Serum Prostate Specific Antigen Levels. The Journal of urology, 154,
407-413.
Raaijmakers, R., Kirkels, W. J., Roobol, M. J., Wildhagen, M. F., &
Schroder, F. H. (2002). Complication rates and risk factors of 5802 transrectal
Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering, c. v. d. e. v. d. m.
p. i. g. (2011). Consensus vergadering: Doelmatige behandelingen van benigne en
maligne prostaatpathologieën bijlage aan de "Folia Pharmacotherapeutica"
Volume 39, nummer 3- maart 2012.
Schröder, F. H., Hugosson, J., Carlsson, S., Tammela, T., Määttänen, L.,
Auvinen, A. et al. (2012a). Screening for Prostate Cancer Decreases the Risk of
Developing Metastatic Disease: Findings from the European Randomized Study of
Screening for Prostate Cancer (ERSPC). European Urology, 62, 745-752.
Schröder, F. H., Hugosson, J., Roobol, M. J., Tammela, T. L. J., Ciatto,
S., Nelen, V. et al. (2012b). Prostate-Cancer Mortality at 11 Years of Follow-up.
New England Journal of Medicine, 366, 981-990.
Spinnewijn, B. (2011). Domus Medica dossier prostaatkanker:
Prostaatkankerscreening zinvol? Stand van zaken 2011.
Steensels, D., Slabbaert, K., De Wever, L., Vermeersch, P., Van Poppel,
H., & Verhaegen, J. (2012). Fluoroquinolone-resistant E.coli in intestinal flora of
patients undergoing transrectal ultrasound-guided prostate biopsy - should we
reassess our practices for antibiotic prophylaxis? Clinical Microbiology and
Infection, 18, 575-581.
van den Heuvel, S., Loeb, S., Zhu, X., Verhagen, P. C. M. S., Schröder,
F. H., Bangma, C. H. et al. (2012). Complications of initial prostate biopsy in a
European randomized screening trial. In the 27th Annual Euopean Association of
Urology Congress.
van Larebeke, N. (2004). Gezondheidseffecten van blootstelling aan
omgevingsconcentraties van mutagene of hormoonverstorende agentia, studie
uitgevoerd in opdracht van de Vlaamse Milieumaatschappij, Mira, MIRA/2004/03,
UGent.
52
Gulati, R., Wever, E. M., Tsodikov, A., Penson, D. F., Inoue, L. Y. T.,
Katcher, J. et al. (2011). What If I Don't Treat My PSA-Detected Prostate Cancer?
Answers from Three Natural History Models. Cancer Epidemiology Biomarkers &
Prevention, 20, 740-750.
ultrasound guided sextant biopsies of the prostate within a population based
screening program. Urology 60[5], 826-830.
Pagina
Greene, K. L., Albertsen, P. C., Babaian, R. J., Carter, H. B., Gann, P. H.,
Han, M. et al. (1-1-2013). Prostate Specific Antigen Best Practice Statement: 2009
Update. The Journal of urology 189[1], S2-S11.
Wever, E. M., Hugosson, J., Heijnsdijk, E. A. M., Bangma, C. H.,
Draisma, G., & De Koning, H. J. (2012). To be screened or not to be screened?
Modeling the consequences of PSA screening for the individual. Br J Cancer, 107,
778-784.
Wever, E. (2012). Effects of prostate cancer screening and treatment.
Erasmus University.
cancer treatment in the large screening trial ERSPC. International Journal of
Cancer, 126, 2387-2393.
Wolters, T., van der Kwast, T. H., Vissers, C. J., Bangma, C. H., Roobol,
M., Schröder, F. H. et al. (2010b). False-negative Prostate Needle Biopsies:
Frequency, Histopathologic Features, and Follow-up. The American Journal of
Surgical Pathology, 34.
Wilt, T. J. & Ahmed, H. U. (2013). Prostate cancer screening and the
management of clinically localized disease. BMJ, 346.
Pagina
53
Wolters, T., Roobol, M. J., Steyerberg, E. W., van den Bergh, R. C. N.,
Bangma, C. H., Hugosson, J. et al. (2010a). The effect of study arm on prostate
12.
Financiering,
belangenconflict
en
kwalificaties
De beslissingshulp werd laatst herzien in: januari 2014.
Indien u opmerkingen heeft in verband met de wetenschappelijke correctheid van
Deze beslissingshulp werd ontwikkeld door LUCAS KU Leuven in opdracht van
de informatie opgenomen in deze beslissingshulp verwijzen wij u graag door naar
de Vlaamse Liga tegen kanker. De ontwikkeling en distributie van de
de Vlaamse Liga tegen kanker: [email protected].
beslissingshulp wordt gefinancierd door de Vlaamse overheid en de Vlaamse Liga
tegen Kanker. Deze partners of hun affiliaties kunnen geen winst of verlies maken
door de keuzes die patiënten maken na het gebruik van de beslissingshulp.
LUCAS KU Leuven is en interdisciplinair centrum voor zorgonderzoek en
consultancy met ervaring in de ontwikkeling van beslissingshulpen. Zo
ontwikkelde LUCAS KU Leuven in samenwerking met het universitaire
ziekenhuis Leuven reeds een beslissingshulp voor behandeling van gelokaliseerde
prostaatkanker.
54
Herzieningen
Pagina
11.
2.1.2
De PSA test ........................................................................ 12
2.2
1.
Wat is … ? .......................................................................................... 4
1.1
De prostaat................................................................................... 4
1.3
Prostaatkanker ............................................................................. 5
2.2.1
Echografie van de prostaat ................................................. 15
2.2.2
Prostaatbiopsie ................................................................... 15
2.3
Behandeling van prostaatkanker ................................................ 18
1.3.1
Trager- en sneller groeiende vormen van prostaatkanker.... 5
2.3.1
Actieve behandeling ........................................................... 18
1.3.2
Prostaatkanker in cijfers ...................................................... 7
2.3.2
Actief opvolgen .................................................................. 18
Vroegtijdige opsporing? .............................................................. 8
2.3.3
Gevorderde prostaatkanker ................................................ 19
1.4
3.
Feiten en cijfers ................................................................................. 19
1.4.1
Waarom sporen we vroegtijdig op? ..................................... 8
1.4.2
Bij welke ziektes sporen we vroegtijdig op? ....................... 8
1.4.3
Is vroegtijdige opsporing altijd goed? ................................. 8
3.1.1
Mogelijke neveneffecten van behandeling ......................... 20
Het dilemma ................................................................................ 9
3.1.2
Neveneffecten van behandeling in cijfers .......................... 20
1.5
2.
Vervolgonderzoek ...................................................................... 14
3.1
3.2
Behandeling en neveneffecten ................................................... 19
De tests zijn niet perfect ............................................................. 22
1.5.1
Testen .................................................................................. 9
1.5.2
Niet testen ............................................................................ 9
3.2.1
Het rectaal onderzoek ......................................................... 22
1.5.4
De keuze ............................................................................ 10
3.2.2
De PSA test ........................................................................ 22
1.5.5
Hier vindt u wat andere mannen erover zeggen ................ 10
3.2.3
Vervolgonderzoek .............................................................. 26
Hoe werkt …? ................................................................................... 11
2.1
Vroegtijdige opsporing van prostaatkanker ............................... 11
3.3
Meer en vroegere diagnose ........................................................ 26
55
Inhoudsopgave
Het rectaal onderzoek (PPA) .............................................. 11
Pagina
13.
2.1.1
Door vroegtijdige opsporing krijgen meer mannen de
6.
Cijfers in de beslissingshulp .............................................................. 44
diagnose van prostaatkanker ............................................................. 27
7.
Woordenboek .................................................................................... 45
3.3.2
8.
Contactadressen en handige links ...................................................... 49
9.
Bronnen van informatie ..................................................................... 50
3.3.1
Door vroegtijdige opsporing leven mannen langer mét de
diagnose van prostaatkanker ............................................................. 28
3.4
Overbehandeling ....................................................................... 28
3.4.1
Wat is overbehandeling? ................................................... 28
3.4.2
Mark, Jan, Karel en Jef ...................................................... 29
3.5
11.
Herzieningen .................................................................................. 54
12.
Financiering, belangenconflict en kwalificaties ............................. 54
13.
Inhoudsopgave ............................................................................... 55
Sterfte en ontwikkeling van gevorderde prostaatkanker ........... 30
3.5.1
Minder gevorderde prostaatkanker .................................... 30
3.5.2
Minder sterfte aan prostaatkanker ..................................... 31
3.6
Wat betekent dit alles voor u? ................................................... 32
3.7
De voor- en nadelen van wel of niet vroegtijdig testen voor
prostaatkanker samengevat ................................................................... 35
4.1
Weet dat er geen juiste of foute keuze bestaat........................... 36
4.2
Ken de voor- en nadelen ............................................................ 37
4.3
Zoek zoveel informatie en steun als u nodig heeft. ................... 37
4.4
Wissel informatie uit ................................................................. 37
56
5.
De keuze die het best bij u past ........................................................ 36
4.5
Oefening .................................................................................... 38
Pagina
4.
Aanbevelingen van adviserende organisaties ................................... 42
Download