Infofiche Ontwikkelingssamenwerking

advertisement
Infofiche Ontwikkelingssamenwerking
Stand van Zaken
Welvarende landen hebben (binnen het kader van de
Millenniumdoelstellingen van de Verenigde Naties)
afgesproken om 0,7% van de nationale rijkdom (BNI
of Bruto Nationaal Inkomen) te besteden aan
…….............………. In 2005 kwamen de landen
van de Europese Unie overeen om de doelstelling
tegen 2015 te halen. België heeft deze belofte tot
hiertoe nog nooit kunnen realiseren.
Enkel de Scandinavische landen
(Denemarken, Noorwegen en Zweden),
Nederland, Luxemburg en vorig jaar
ook het Verenigd Koninkrijk behaalden
ooit de ……........ norm.
Het Belgisch budget voor ontwikkelingssamenwerking steeg tot voor kort wel en in 2010
haalden we bijna de norm. Maar met de actuele …….............……… haalden we in 2013
slechts 0,45%. Met deze daling gaat België in tegen een stijging bij de meeste
geïndustrialiseerde landen, 17 van de 28 OESO- (Organisatie voor Economische
Samenwerking en Ontwikkeling) landen verhoogden hun bijdragen.
De Verenigde Staten, de grootste ……….......
van geld voor ontwikkelingssamenwerking,
besteden slechts 0,21% van hun nationale
rijkdom aan ontwikkelingssamenwerking.
0.7% van de nationale rijkdom in België aan
ontwikkelingssamenwerking geven komt neer
op een bedrag van 2.6 miljard euro. Dat
betekent dat we er nog € ….........…........ euro
bij moeten doen. Is dat veel geld? Het
Masterplan Mobiliteit Antwerpen (BAM-tracé)
wordt op vijf keer zoveel geraamd. Met 7
miljoen kunnen we 50 Burundese scholen op
punt stellen.
Welk onderstaand woord hoort waar thuis in de gele vakjes?
0,7 % - 860 miljoen - economische crisis - schenker - ontwikkelingssamenwerking
1
Infofiche Ontwikkelingssamenwerking
Politici (1)
We onderschrijven voluit de internationale norm om 0,7% van de nationale
rijkdom te besteden aan ontwikkelingssamenwerking. We willen zelfs
doorgroeien naar 1%. Bovendien moet het een ‘zuiver’ budget zijn, bv.
opvang van asielzoekers in België en kwijtschelding van schulden van
ontwikkelingslanden horen niet thuis onder het budget ontwikkelingssamenwerking.
Wouter Van Besien: “De 0,7 procent laten vallen, dat is erger dan het infuus
afkoppelen, dat is moord.”
We ondersteunen de 0,7 % norm. Bovendien moeten ontwikkelingslanden zich
kunnen beschermen tegen goedkopere (en gesubsidieerde) landbouwproducten
uit bv. Europa, om hun eigen landbouw kansen te geven. Daarom zijn we tegen
wereldwijde vrije handel. Ontwikkelingslanden moeten protectionistische
maatregelen, zoals bv. invoertaksen op producten uit Europa, kunnen nemen om
hun eigen economie en welvaart te beschermen.
Peter Mertens: “70 cent op 100 euro rijkdom is een minimum om iets te doen
tegen de schreeuwende ongelijkheid in de wereld. De ongelijkheid neemt toe, niet
alleen in België, maar in heel de wereld. De 85 rijkste mensen van de wereld
hebben een vermogen dat even groot is als dat van 3,5 miljard mensen.”
Wij vinden deze 0,7% norm niet echt belangrijk: het moet niet gaan over hoeveel
geld er gegeven wordt, maar wel over de kwaliteit van ontwikkelingssamenwerking.
Daarnaast is het volgens ons van belang dat er ingezet wordt op vrije handel
wereldwijd. Als meer mensen wereldwijd economisch actief zijn en daarin niet
beperkt worden, delen zij automatisch mee in de rijkdom (via tewerkstelling).
Daarom moet de vrije handel wereldwijd alle kans krijgen (= liberalisering van de
wereldeconomie) en moeten alle vormen van protectionisme afgebouwd worden.
2
Infofiche Ontwikkelingssamenwerking
Politici (2)
We geven toe dat de norm van 0,7 % nog nooit gehaald is, zelfs toen we
mee in de regering zaten. Maar we beloven verdere inspanningen te
willen doen, want de solidariteit van de christendemocratie met minder
bedeelden stopt niet aan de landsgrenzen.
Sabine de Bethune: “Vrijhandel is goed voor rijke landen maar armere
landen moeten de eigen markt kunnen beschermen, zoals wij doen met
onze Europese boeren. Dus willen we zeker geen wereldwijde
liberalisering van de economische markt.”
Wij onderschrijven doorgaans de norm van 0,7 %, maar er zijn goeie
redenen waarom het niet altijd gelukt is om die te halen.
Bruno Tobback: “Het is nu eenmaal een zware financieel-economische
crisis. We moesten 20 miljard besparen en dan moeten er (besparings-)
keuzes gemaakt worden.”
Wij vinden de norm van 0,7 % absoluut geen
prioriteit. Zolang er bespaard moet worden,
moet de 0,7 %-doelstelling niet gehaald worden.
Als Vlaams-nationalistische partij willen we
ontwikkelingssamenwerking op de politieke
agenda plaatsen, als het er vooral om gaat er een
Vlaamse, in plaats van een federale (of
nationale), bevoegdheid van te maken.
We zetten in op het besteden van 0,7% van ons BNI (Bruto
Binnenlands Product) aan ontwikkelingssamenwerking, maar
we willen dit realiseren op Vlaams Niveau. Vlaanderen en
Wallonië moeten de ontwikkelingssamenwerking apart voor
hun rekening nemen, omdat Vlaanderen en Wallonië daarin
een andere visie hebben.
3
Infofiche Ontwikkelingssamenwerking
Stakeholders
11.11.11. (koepel van de Vlaamse Noord-Zuidbeweging): de de
afspraak om 0,7% van de nationale rijkdom te besteden aan
ontwikkelingssamenwerking moet nagekomen worden. Niet
alleen omdat belofte schuld maakt, maar ook omdat er in heel
wat landen nog enorme ontwikkelingsnoden zijn waarin niet kan
worden tegemoet gekomen zonder internationale solidariteit.
BTC (het uitvoerend agentschap van de officiële Belgische ontwikkelingssamenwerking): we zien positieve ontwikkelingen dankzij investeringen in
ontwikkelingslanden. Zo is bv. het percentage ‘extreme armen’ (dit zijn mensen die
moeten leven met minder dan één dollar per dag) in twintig jaar tijd met de helft
gedaald en levensbedreigende ziektes zoals de pokken en polio werden op een
doeltreffende manier bestreden en overwonnen. Maar een grote uitdaging blijft de
ongelijkheid op wereldschaal uitroeien, want die neemt nog steeds toe. Het zijn de
armste bevolkingsgroepen die de zwaarste prijs betalen want kleine, familiale
boerderijen en ondernemingen kunnen niet concurreren tegen grote
multinationals, die met hun lage prijzen (vaak dankzij subsidies uit rijke landen),
een eerlijke economie in de weg staan.
Amartya Sen (Indiaas econoom en Nobelprijswinnaar 1981): Honger heeft
niets te maken met voedselschaarste (er wordt meer dan genoeg voedsel
geproduceerd om de ganse wereldbevolking te voeden) wel met de
verdeling van het voedsel en de welvaart tussen de mensen. Honger heeft
dus te maken met ongelijke kansen tussen groepen van mensen.
Marcus Leroy (bekleedde leidende posities in de Belgische
ontwikkelingssamenwerking): De 0,7 norm versterkt de illusie dat
ontwikkeling een kwestie is van geld en dat ontwikkelingshulp een
machine is waar je geld in stopt en waar ontwikkeling uitkomt… Maar het
is niet omdat je er meer geld insteekt, dat je automatisch meer
ontwikkeling in arme landen krijgt.
Eurobarometer (reeks onderzoeken van de Europese Commissie): 7 op 10
burgers vinden dat hulp aan ontwikkelingslanden ook henzelf ten goede komt.
2/3e zegt dat de bestrijding van armoede een topprioriteit is. 4 op 5 Belgen
zeggen dat het belangrijk is om mensen in ontwikkelingslanden te helpen.
4
Download