Bodemkunde h4 t/m 6 Hoofdstuk 4

advertisement
BODEMKUNDE H4 T/M H6
Hoofdstuk 4 bodems beoordelen
h4
• Bodemanalyse, belangrijk hulpmiddel voor ……
• Hoe vaak?
• Bemonstering van 0 - ? Cm
h4
• Beoordelen analyse
• Adviesbasis voor bemesting
• NLV
• Bodemanalyse grasland
h4
• Profielkuil
• Hoe en waar
h4
• Beoordeling van een kluit
• Structuurelementen
• - losse kruimels
• - afgerond blokkige elementen
• - scherpblokkige elementen
h4
• Beoordelen van structuur
• Wat is een goede structuur?
• Hoe is de structuur
• hiernaast?
h4
• Beoordelen beworteling
h4
• Beoordelen bodemleven
zichtbaar en niet direct
zichtbaar
H5 bodembewerking
• Hoofdgrondbewerking welke?
H5 bodembewerking
• Hoofdgrondbewerking welke?
• Ploegen
• Spitten
• Woelen (let op effect)
h5
• Bandendruk
• Draagkracht grond
• Voordeel lage druk
h5
• Voorjaarsbewerking, welke?
• Verschil zandgrond en kleigrond
• Wat is de werkelijke bodemstructuur?
h5
• Ontwatering
h5
• Nat?
h5
• Zeeniveau en beneden zeeniveau
h5
• Diepe grondbewerkingen, welke?
h5
• Diepe grondbewerkingen, welke?
• Diepploegen
• Diepspitten
• Diepwoelen
H6 bemesting
• Bekalken (pH)
• Calcium en magnesium
• Calcium zorgt er voor dat de gronddeeltjes meer uit elkaar
gedrukt worden
• Magnesium het tegenovergestelde, dus……………
h6
• Opbouw organische stof
Via………….
h6
• Opbouw organische stof
Via………….
• Gewasresten
• Organische meststoffen
• Compost
• Bijdrage aan opbouw org. Stof:
nagaan van (e.o.s.) effectieve organische stof
kenmerk: na 1 jaar nog aanwezig in bodem
h6
• E.o.s. (effectieve organische stof) zie tabel blz. 69
• Wat zijn van de 3 categorieën steeds de beste 3 ?
1. gewasresten
2. dierlijke mest
3. groenbemesters
h6
• E.o.s. (effectieve organische stof) zie tabel blz. 69
• Wat zijn van de 3 categorieën steeds de beste 3 ?
1. gewasresten: Wintertarwe, kunstweide 2e jaar,
zomergerst
2. dierlijke mest: GFT compost, vaste meest vleeskuikens,
kippenmest
3. groenbemesters: onder dekvrucht: Italiaans raaigras,
rode klaver, Engels raaigras
h6
• Minerale mest
Welke functie hebben deze
meststoffen?
Voeden zij de plant of de bodem?????????????????????
Enkelvoudig of samengesteld
h6
• Drijfmest
• Eigenschappen: stikstofrijk,
• T.o.v. vaste mest weinig org. Stof
• Gemiddeld 8,5 % droge stof
• Wat is goed moment van
uitrijden in het voorjaar?
h6
• Drijfmest, waarom géén najaarstoediening?
• Vaste mest: draagt bij aan: ??????
• Werkt langzamer dan: ????????
h6
• Compost
• Heeft positieve invloed op: ????????? en ???????????
• In de bodem verteert compost: snel/langzaam ???????
• Heeft compost direct een positieve invloed op de
bodemstructuur?
Stellingen h4 – h6
• Waar of niet waar:
1. Bij de bodemanalyse door bijv. BLGG wordt grasland tot
25 cm diep onderzocht.
2. Het NLV stuurt het advies voor de stikstofbemesting.
3. Een profielkuil maak je om te weten wat de gehaltes in
de bodem zijn.
Stellingen h4 – h6
4. Grond met een goede structuur heeft scherpblokkige
elementen.
5. Bij een betere beworteling kan de plan minder
voedingsstoffen opnemen.
6. Het bodemleven zegt iets over de hoeveelheid klei in de
bodem.
Stellingen h4 – h6
7. Een hoofdgrondbewerking is rotorkopeggen.
8. Een diepe grondbewerking zoals woelen voer je uit om
een storende laag op te heffen.
9. Een goede ontwatering van grasland geeft een langer
groeiseizoen en een hogere opbrengst.
10. Een goede verhouding tussen calcium, kalium en
magnesium zegt niets over de structuur van de grond.
Stellingen h4 –h6
11. Bekalken verhoogt de pH.
12. Bij bekalken voeg je magnesium toe aan de bodem.
13. Grasland geeft de meeste effectieve organische stof.
14. Minerale mest voedt alleen de plant.
Stellingen h4 – h6
15. Minerale meststoffen kunnen voor altijd in een fabriek
gemaakt worden.
16. Drijfmest kun je het beste in het najaar uitrijden.
17. Drijfmest is stikstofrijk.
18. Vaste mest bevat meer fosfaat dan drijfmest.
19. Compost is op termijn positief voor de bodemstructuur.
H7 Vruchtopvolging
Wat is vruchtopvolging?
Wat is het verschil tussen een
Bouwplan van 1:3 en 1:6
(zie blz. 79)
Groenbemesters
- Wat is het belang voor de bodem?
H7 vruchtopvolging
Groenbemesters
- Werken mee aan opbouw organische stof
- Bevordering van bodemleven
- Bevordering bodemstructuur
- Vastleggen van voedingsstoffen
- Effect op waterhuishouding
H7
• Onderwerken groenbemester
• Wat vertelt de afbeelding op blz. 81 rechts bovenaan??
Gras-klaver
Klaver is een pioniersgewas
Wat betekent dat?
Voor of na snijmaïs?
H7
• Graslandvernieuwing
Waarom?
Nadelen?
Welke criteria nodig om te bepalen of graslandvernieuwing
zinvol is?
H7
• Criteria:
- % slechte grassen
- Hoeveelheid onkruid
- Open plekken
- Beoordeling bodemstructuur
H7
H7
• Maïsteelt
Maïs houdt bodemkundig gezien
van:
?
?
Wat kun je afleiden uit de bodemanalyses
Onderaan blz. 86 ?????
Bemestingseffect, wat zie je op blz. 87
Linksonder in de 2 foto’s ??
H7
• Maïs in grasstoppel
• Heeft dit toekomst ????
• Mogelijke voordelen??
• http://www.maisteeltinstroken.nl/filmpjes-0
h7
• Gewasbeschermingsmiddelen
• Nodig in melkveehouderij???
H7
• Stellingen, geef aan: waar of niet waar
1. Vruchtopvolging doe je om de bodem gezond te houden.
2. Een bouwplan van 1 : 4 betekent dat je bijvoorbeeld 1x
in de 3 jaar aardappels verbouwd.
3. Groenbemesters zijn niet belangrijk voor de bodem.
4. Groenbemesters moet je diep onderploegen.
H7
5. Onder een klaver gewas vind je weinig wormen.
6. Klaver kun je het beste na mais inzaaien.
7. Klaver is gevoeliger voor bodemverdichting.
8. Graslandvernieuwing voer je uit bij een slechte
botanische samenstelling.
H7
9. Bij graslandvernieuwing verhoog je de organische stof.
10. Als de bodemstructuur in orde is, dan is doorzaaien een
betere optie.
11. Maïs wortelt ondiep in een bodem met goede structuur.
12. Maïs is structuurgevoelig.
H7
13. Maïs reageert positief op vruchtwisseling door een
hogere opbrengst.
14. Gewasbeschermingsmiddelen kunnen de natuurlijke
regulatiefuncties in de bodem verstoren.
15. Bij duurzame gewasbescherming gebruik je een ruime
dosering.
Download