Opmaak 1 - Longkanker Nederland

advertisement
Behandelingen
bij longkanker
inclusief klinische
studie immuuntherapie
1
Longkanker
Longkanker is niet één ziekte: er bestaan
meerdere vormen van longkanker. In deze
brochure bespreken we de twee meest
voorkomende vormen. Dit zijn: niet-kleincellige longkanker en kleincellige longkanker.
Niet-kleincellige longkanker
Niet-kleincellige longkanker kenmerkt zich door vrij
grote cellen. Deze cellen groeien relatief langzaam en
zaaien niet zo snel uit. De tumor is meestal al langere
tijd in het lichaam aanwezig voordat deze wordt ontdekt. Tussen het ontstaan van de tumor en het tijdstip
van ontdekking, liggen soms vele jaren. In die periode
kan de tumor zich uitzaaien door het lichaam. De nietkleincellige longkanker is de meest voorkomende vorm
van longkanker; ongeveer 80% van de patiënten heeft
deze vorm.
Kleincellige longkanker
Kleincellige longkanker kenmerkt zich door hele kleine,
kwetsbare cellen die zich bijzonder snel delen. Doordat
ze zich zo snel kunnen delen kunnen ze zich razendsnel
door het lichaam verspreiden. Vaak is kleincellige longkanker dan ook al uitgezaaid op het moment dat de
klachten ontstaan. Ongeveer 15% van alle patiënten
met longkanker heeft deze vorm.
2
Stadia van longkanker
Naast de soort longkanker is ook het stadium waarin
de longkanker zich bevindt van groot belang voor het
bepalen van de juiste behandeling. Het stadium geeft
aan hoever de ziekte zich in uw lichaam heeft uitgebreid. Bij longkanker zijn er 4 stadia te onderscheiden:
Stadium I: Kanker is aanwezig in één gedeelte van
de long.
Stadium II: Kanker is uitgezaaid naar de lymfevaten
of naar dichtbij gelegen weefsel zoals de borstwand.
Stadium III: Kanker is uitgezaaid binnen de
borstholte en naar de grote lymfevaten.
Stadium IV: Kanker is uitgezaaid naar andere
lichaamsdelen, zoals de lever of de botten.
Behandeling van longkanker
Welke behandeling uw arts voorstelt, hangt af van
een aantal factoren. De belangrijkste daarvan is de
vorm van longkanker die u heeft en het stadium
waarin deze zich bevindt. Daarnaast hangt de keuze
voor een behandeling af van uw algehele conditie, uw
hart/longfunctie en eventuele aanwezige ziektes en/of
afwijkingen. De behandelend arts zal in overleg met
u een passende behandeling voorschrijven. Die kan
bestaan uit:
• longoperatie
• chemotherapie
• doelgerichte therapie
• radiotherapie
Vaak wordt er ook een combinatie van deze
behandelingen voorgeschreven.
Longoperatie
Een longoperatie wordt alleen uitgevoerd bij patiënten
met longkanker die geen uitzaaiingen hebben. Afhankelijk van de positie van de tumor verwijdert de chirurg
een hele long of een gedeelte ervan. Soms worden ook
lymfeklieren verwijderd. Het kan zijn dat de tumor
op een plek zit waar de chirurg deze niet veilig kan
verwijderen, bijvoorbeeld als de tumor aan het hart
zit vergroeid. Dan kan geen operatie plaatsvinden.
3
Chemotherapie
Chemotherapie is een behandeling met geneesmiddelen
(ook wel cytostatica genoemd) die de celdeling stoppen
en de kankercellen vernietigen. Meestal grijpt het geneesmiddel in op het delingsmechanisme van de cel.
Hierdoor kan de cel niet meer delen en sterft af. Er
bestaan veel verschillende cytostatica die vaak met
elkaar gecombineerd worden om het resultaat van de
behandeling te verbeteren.
Doelgerichte therapie
Doelgerichte therapie is ook een behandeling die als
doel heeft de kankercellen te doden. Deze behandeling
geeft echter minder beschadiging aan gezonde cellen
dan chemotherapie. In het laboratorium wordt onderzocht of het weefsel van uw longtumor bepaalde kenmerken heeft. Worden deze kenmerken gevonden dan
zal uw behandelend arts speciale medicijnen voorschrijven voor dit type tumor. Dit heet doelgerichte therapie.
Radiotherapie
Radiotherapie maakt gebruik van straling. De straling
vernietigt de cellen. Naast directe celdood brengt straling ook schade toe aan het erfelijk materiaal van de
cel. Door deze genetische schade kan de cel niet meer
delen en kan deze zich niet meer herstellen na de opgelopen
schade. Kankercellen zijn gevoeliger voor deze straling
dan gezonde cellen. Longkanker wordt in toenemende
mate behandeld door zogenaamde stereotactische
bestraling. Dit is een vorm van bestraling waarbij de
tumor met smalle stralenbundels vanuit vele, verschillende kanten zeer nauwkeurig wordt bestraald.
4
Immuuntherapie
Een behandeling voor longkanker die momenteel sterk
in ontwikkeling is, betreft de immuuntherapie (ook
wel immunotherapie genoemd). In verschillende ziekenhuizen lopen er klinische studies naar de behandeling
van uitgezaaide longkanker met immuuntherapie.
Hoe werkt immuuntherapie?
Immuuntherapie is de behandeling met medicijnen die
uw eigen afweersysteem versterken. Hierdoor kan uw
eigen afweersysteem de kankercellen beter doden.
Dit is een groot verschil met chemotherapie waarbij
u medicijnen krijgt die de kankercellen direct doden.
Het lichaam beschikt over een afweersysteem tegen
indringers, zoals virussen en bacteriën. Het afweersysteem kan ook kankercellen herkennen, maar vaak
ziet het afweersysteem ze niet als gevaarlijk. Ze lijken
bijvoorbeeld teveel op gewone cellen of ze kunnen zich
als het ware onzichtbaar maken. Het afweersysteem
komt dan niet in actie. Soms reageert het afweersysteem wel, maar slaagt het er niet in om de kankercellen
goed of volledig op te ruimen. Bijvoorbeeld omdat de
kankercellen stoffen afgeven die het afweersysteem
verzwakken.
In de immuuntherapie voor kanker zijn op dit moment
met name de volgende categorieën van belang:
1. Immunologische checkpointremmers zorgen dat het
eigen afweersysteem niet langer geremd wordt.
Checkpointremmers halen als het ware de rem van
het afweersysteem af waardoor kankercellen actief
kunnen worden aangevallen.
2. Kanker vaccins zijn ontworpen om een specifieke
afweer op te wekken tegen de kwaadaardige ziekte.
Door het stimuleren van het afweersysteem worden
kankercellen herkend en aangevallen.
3. Afweercel transfer: Speciale afweercellen zoals
T-cellen worden weggehaald van de patiënt en
buiten het lichaam veranderd. Vervolgens worden
zij teruggeplaatst zodat ze in het lichaam beter in
staat zijn de kwaadaardige ziekte te bestrijden.
5
Op dit moment is immuuntherapie voor longkanker
uitsluitend beschikbaar in klinische studies. Deze
studies vinden plaats om te onderzoeken voor welke
indicaties immuuntherapie zinvol is. Het kan dus helaas
gebeuren dat u er niet voor in aanmerking komt.
Vraag uw behandelend longarts om informatie.
Behandeling longkanker stadium 4
Bij longkanker stadium 4 is de kanker uitgezaaid naar
andere delen van het lichaam. Bij dit stadium is er geen
behandeling beschikbaar die gericht is op genezing. U
heeft dan twee mogelijkheden. U kunt kiezen voor een
behandeling die gericht is op een zo goed
mogelijke kwaliteit van leven. U krijgt dan bijvoorbeeld
chemotherapie om uw symptomen te verminderen.
Hierbij is het belangrijk om een afweging te maken
tussen de mogelijke bijwerkingen van de behandeling
en wat de behandeling u (mogelijk) oplevert. Als u
samen met uw arts besluit te stoppen met chemo –
en/of radiotherapie, dan heeft de arts nog veel mogelijkheden op het gebied van pijnbestrijding of andere
verzachtende behandelingen. De andere mogelijkheid
is om mee te doen aan een klinische studie. Wellicht
komt u daarvoor in aanmerking. Bespreek dit met uw
arts. Er lopen verschillende studies op het gebied van
uitgezaaide longkanker.
U kunt ook zelf op www.kanker.nl/onderzoek kijken
welke studies er plaatsvinden. Maak een afdruk van
de informatie die u heeft gevonden en laat deze aan
uw arts zien en vraag om een toelichting.
6
Achtergrondinformatie over klinische studies
Voordat een geneesmiddel goedgekeurd/geregistreerd
wordt, is veel onderzoek nodig. Eerst in het laboratorium, daarna bij proefdieren en vervolgens bij mensen.
Het medisch onderzoek bij mensen bestaat uit drie
fasen.
Fase 1
Onderzoek naar een nieuw geneesmiddel bij patiënten
bij wie een standaardbehandeling niet meer mogelijk is.
Doel is om vast te stellen hoe veilig een geneesmiddel
is, welke dosering het beste is en of er bijwerkingen
zijn. Er wordt ook onderzoek gedaan naar de wijze
waarop het geneesmiddel wordt opgenomen, omgezet
en uitgescheiden. Aan een fase 1-onderzoek nemen
twintig tot honderd patiënten deel.
Fase 2
Onderzoek naar het effect van het nieuwe geneesmiddel bij patiënten die een bepaalde vorm van kanker
hebben waarvoor het geneesmiddel bedoeld is. Of
onderzoek van een bestaand middel dat bij nieuwe
vormen van kanker toegepast wordt. Het belangrijkste
doel is de dosis, veiligheid en de effectiviteit van het
geneesmiddel vast te stellen. Aan dit onderzoek doen
meestal vele honderden patiënten mee. De studies zijn
meestal ‘dubbelblind’, dat wil zeggen dat het geneesmiddel willekeurig over de groep verdeeld en gecontroleerd wordt. Gecontroleerd wil zeggen dat het effect
van het actieve geneesmiddel vergeleken wordt met het
effect van een placebo, een pil die geen enkele werkzame stof bevat. Bij een dubbelblind onderzoek weten
de onderzoekers en de patientent niet wie het geneesmiddel krijgt en wie de placebo.
Fase 3
Een fase 3-studie vergelijkt de nieuwe behandeling die
uit de fase 2 komt met de therapie die op dat moment
als standaard wordt gezien. Dit zijn grote studies met
soms honderden patiënten. Dergelijke studies worden
vaak in meerdere ziekenhuizen en in meerdere landen
uitgevoerd.
7
Neem waar mogelijk de regie
Zorg dat u goed geïnformeerd wordt over uw behandelmogelijkheden. Stel vragen aan uw behandelaar en
vraag door als u iets niet begrijpt of meer wilt weten.
Neem uw partner of iemand anders mee; twee horen
immers meer dan één. Vraag eventueel toestemming
om het gesprek met uw behandelend arts op te nemen
op uw mobiele telefoon.
Zorg ook dat u weet wie uw contactpersoon is in het
ziekenhuis en hoe u deze kunt bereiken. Heeft u een
vraag, of maakt u zich zorgen, aarzel dan niet om
deze persoon te bellen of te mailen.
Meer informatie
Hebt u vragen over de inhoud van deze folder
of andere vragen? Neem dan contact op met
het Longkanker Informatiecentrum via de site
www.longkanker.info
Deze folder is een uitgave van het Longkanker
Informatiecentrum en Longkanker Nederland
en is geschreven door Monique van Orden.
De inhoud van deze folder is tot stand gekomen
met medewerking van prof. dr. Joachim Aerts
(longarts in het Erasmus ziekenhuis Rotterdam en
Amphia ziekenhuis Breda) en dr. Michel van den
Heuvel (longarts in het Antoni van Leeuwenhoek
ziekenhuis Amsterdam).
Eindredactie: Lynette Wijgergangs
Voor de realisatie van de folder is een financiële bijdrage ontvangen van Bristol-Myers Squibb. Dit bedrijf
is op geen enkele wijze verantwoordelijk voor de inhoud
van deze folder.
Vormgeving: DUS bv
Druk: (E&J)
8
Download