Detacheringsovereenkomst primair onderwijs Partijen, enerzijds …………………….., verder aangeduid als inlener, en anderzijds ……………………., verder aangeduid als uitlener, en de heer/mevrouw….., geboren op ….., wonende ………te…….., verder aangeduid als werknemer, komen overeen als volgt: 1. de werknemer wordt, met inachtneming van onderstaande bepalingen en artikel 3.20 of 4.19 van de CAO PO 2009, gedetacheerd bij de inlener voor de periode van …… tot ….. voor ….. uur per week. Dit komt overeen met de werktijdfactor …. 2. de inlener is gedurende de detachering bevoegd tot het geven van directe opdrachten en aanwijzingen aan de werknemer met betrekking tot diens werkzaamheden als genoemd in punt 3. 3. De werknemer zal bij de inlener werkzaam zijn als ……. aan de ……. school. De te verrichten werkzaamheden zijn opgenomen in bijlage I, welke deel uitmaakt van deze overeenkomst. 4. De concrete invulling van werk- en verloftijden worden door de inlener in overleg met de werknemer vastgelegd. 5. De werknemer verklaart de in punt 3 vermelde werkzaamheden naar beste vermogen te zullen verrichten en zich daarbij te zullen houden aan de aanwijzingen en reglementen van de inlener. 6. De inlener vergoedt aan de uitlener per maand € …….... , alsmede maximaal € …….… aan reiskosten De inlener vergoedt aan de uitlener tevens € …….. per maand voor de overheadkosten. De uitlener betaalt de werknemer gedurende de detacheringsperiode zijn salaris, uitkering en vergoedingen, waarop deze werknemer krachtens de akte van aanstelling recht heeft. Tevens draagt de uitlener zorg voor de afdracht van wettelijke lasten en verplichtingen aan de desbetreffende instanties. 7. Bij afwezigheid in verband met ziekte van de werknemer draagt de uitlener zorg voor een vervanger in verband met de vergoeding door het Vervangingsfonds. De vervanging geschiedt in overleg met de inlener. De persoonlijke gegevens van de vervanger worden uitgewisseld in verband met de declaratie bij het Vervangingsfonds. De uitlener verzorgt hiervoor de administratie. De werknemer is gehouden zich zowel bij de inlener als de uitlener ziek en hersteld te melden. De ziektecontrolevoorschriften van de uitlener zijn van toepassing. 8. Rechtspositionele maatregelen worden alleen door de uitlener genomen. De inlener is gerechtigd aan de uitlener voorstellen te doen voor toepassing van rechtspositionele maatregelen ten aanzien van het functioneren van de werknemer. De uitlener beslist op deze voorstellen. Indien de inlener meent dat er desondanks of dankzij die beslissing een onwerkbare situatie ontstaat, kan hij deze overeenkomst tussentijds en met inachtneming van punt 11 beëindigen. 9. De inlener is aansprakelijk voor alle schade die het gevolg is van het handelen of nalaten van de werknemer, behoudens diens schuld of toedoen, tijdens of in verband met het verrichten van arbeid in het kader van deze detacheringsovereenkomst. De inlener sluit hiervoor een verzekering af. 10. Indien en voorzover enige bepaling in deze overeenkomst niet langer verenigbaar blijkt te zijn met wettelijke bepalingen of bekostigingsvoorwaarden bij of krachtens de Wet op het primair onderwijs/Wet op de expertisecentra (WEC) en de CAO PO 2009 treedt die bepaling buiten werking. Wijzigingen in deze overeenkomst kunnen slechts worden aangebracht met schriftelijke instemming van alle partijen. 11. Deze overeenkomst eindigt behoudens ontbinding: a. met wederzijds goedvinden van inlener en uitlener; b. door opzegging met een opzegtermijn van … maanden door inlener op uitlener wegens zwaarwichtige, onverwijld aan de wederpartij meegedeelde, redenen; Bij tussentijdse beëindiging van deze overeenkomst door uitlener dient de uitlener een evenredig percentage van de waarde van de eventueel overgedragen formatierekeneenheden terug te betalen aan de inlener. 12. In alle gevallen waarin deze overeenkomst niet of onvoldoende voorziet, of in geval van interpretatieverschillen, vindt tussen partijen overleg plaats. 13. De werknemer kan na afloop van de detacheringsperiode aan deze overeenkomst geen rechten ontlenen op een dienstverband bij de inlener. Aldus overeengekomen in drievoud opgemaakt en ondertekend te ………… Namens inlener Namens uitlener Werknemer Toelichting op de detacheringovereenkomst openbaar primair onderwijs Op grond van artikel 3.20 (bijzonder primair onderwijs) of artikel 4.19 (openbaar primair onderwijs) van de CAO PO 2009 kan een werknemer op zijn verzoek of met zijn instemming worden belast met werkzaamheden bij een andere instelling binnen of buiten het onderwijs. Wanneer de inlener en de uitlener tot detachering van een werknemer overgaan is het belangrijk dat een aantal afspraken wordt vastgelegd. Hieronder volgt een korte toelichting op de voorbeeld-detacheringsovereenkomst. Algemeen Bij detachering zijn de volgende partijen betrokken: a. de werknemer die gedetacheerd wordt; b. het bevoegd gezag waarbij de werknemer in dienst is (de uitlener); c. het bevoegd gezag waar de werknemer gedetacheerd wordt (de inlener). Gelet op het vrijwillig karakter van detachering is het vereist dat de werknemer akkoord gaat met de voorwaarden waaronder de detachering plaatsvindt en ondertekent daarom mede de overeenkomst. In de detacheringovereenkomst worden twee categorieën onderwerpen vastgelegd: a. de rechten en plichten van de inlener en de uitlener ten opzichte van elkaar (vergoeding kosten, beëindiging van de detachering etc.) en b. de rechten en plichten van de betrokken werknemer (werktijden, werkzaamheden, reiskosten etc). 1. De duur van de detachering. De duur van de detachering is niet langer beperkt tot 24 maanden maar is wel voor bepaalde tijd die in de overeenkomst wordt vastgelegd. 2. De verhouding van de werknemer tot de inlener en uitlener De aanstelling van de werknemer blijft gehandhaafd. Slechts de gezagsverhouding ten opzichte van de werknemer gaat voor de duur van de detachering over op de inlener. De inlener is gedurende deze periode degene die bevoegd is opdrachten en aanwijzingen aan betrokkene te geven met betrekking tot diens werkzaamheden. 3, 4 en 5. In deze punten zijn de rechten en plichten van de werknemer vastgelegd. 6. Salaris/detacheringskosten Terwijl de werkzaamheden worden verricht bij de inlener blijft de werknemer in dienst van de uitlener. De loonkosten blijven voor rekening van de uitlener. De inlener kan de kosten die hij moet vergoeden aan de uitlener, niet declareren bij het ministerie van OCenW. De middelen voor de vergoeding van de salariskosten aan de uitlener dienen vanaf 1 augustus 2006 in geld betaald te worden. Bij detachering van personeel moet over de uitleenvergoeding 19% BTW in rekening worden gebracht. Wanneer het tijdelijk uitlenen van personeel plaatsvindt op basis van (arbeids)mobiliteitsbevorderende maatregelen dan kan dat onder bepaalde voorwaarden zonder BTW-heffing geschieden. Dit op basis van het besluit van de staatssecretaris van Financiën van 27 november 1998, nr. VB 98/2532. Voor nadere informatie kan contact worden opgenomen met de belastingdienst. Afhankelijk van de afspraken wordt er een kostendekkend bedrag vergoed. De uitlener zal de salarisbetaling aan de werknemer op de gebruikelijke wijze voortzetten. 7. Vervanging Wanneer de werknemer tijdens zijn detachering ziekteverlof geniet, declareert de uitlener de vervangingskosten bij het Vervangingsfonds. Een eventueel daaruit voortvloeiende, door het Vervangingsfond opgelegde, hogere premie komt voor rekening van de uitlener, tenzij in de overeenkomst daarover afspraken worden gemaakt. 8. Rechtspositionele maatregelen De gezagsverhouding met de werknemer gaat voor de duur van detacheringovereenkomst over op de inlener. De inlener kan aan de gedetacheerde, in verband met diens werkzaamheden, aanwijzingen en opdrachten geven. Rechtspositionele maatregelen kunnen ingevolge de CAO PO 2009 alleen door het bevoegd gezag worden genomen. Wanneer de inlener van mening is dat de gedetacheerde niet naar behoren functioneert dan dient hij met de uitlener daarover contact op te nemen. De uitlener kan als werkgever al of niet op voorstel van de inlener de benodigde rechtspositionele maatregelen nemen. 9. Wettelijke aansprakelijkheid Op grond van artikel 6:170 van het Burgerlijk Wetboek is het bevoegd gezag aansprakelijk voor schade die aan derden wordt toegebracht door werknemers in de vervulling van hun taak, tenzij die schade het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van die werknemer. Voorwaarde is dat het bevoegd gezag uit hoofde van de dienstbetrekking zeggenschap heeft over de taken waarmee de schade samenhangt. Omdat de juridische gezagsverhouding en niet het dienstverband bepalend is voor de wettelijke aansprakelijkheid jegens derden, kan een werknemer die op grond van detachering werkzaam is op een school van de inlener in dit verband gelijk worden gesteld met een werknemer die is aangesteld bij de inlener. 10, 11, 12 en 13. Deze bepalingen spreken voor zich.