Verplichte inschrijving bij VDAB van RMI-gerechtigden

advertisement
Heeft u vragen? Nood aan bijkomende info?
Mail naar onze frontdesk via [email protected]
Of bel naar 02 508 85 85
Aan de dames en heren Voorzitters van de
Openbare centra voor maatschappelijk
welzijn
Datum : 7 februari 2014
Omzendbrief betreffende de verplichting voor de OCMW's om hun gerechtigden in te schrijven
bij de gewestelijke arbeidsbemiddelingsdienst
Geachte voorzitter,
Geachte voorzitster,
In haar algemene beleidsverklaring van 1 december 2011 besliste de federale regering om een prioriteit
te maken van de bestrijding van sociale uitsluiting.
Om de burgers te beschermen tegen armoede en sociale uitsluiting, besliste de regering om
maatregelen te nemen, in het bijzonder om de integratie in de maatschappij via werk en sociale
activering te ondersteunen.
Zo kan men in de algemene beleidsverklaring het volgende lezen: "Arbeid is in algemene zin de beste
remedie om armoede te bestrijden. In dat verband zal de regering voorrang geven aan activering via
overleg met de Gewesten, de Gemeenschappen en in samenwerking met de lokale besturen. Onder
voorbehoud van overleg met de Gewesten zullen de OCMW’s, ingeval van toekenning van het
leefloon, verplicht zijn de begunstigde te activeren door hem in te schrijven bij de gewestelijke
dienst voor arbeidsvoorziening."1
Deze omzendbrief heeft tot doel het kader vast te leggen waarbinnen de OCMW's deze beslissing
moeten uitvoeren.
De wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie geeft de OMCW's de
opdracht het recht op maatschappelijke integratie te verzekeren. Dat recht kan bestaan uit een
tewerkstelling en/of een leefloon, die al dan niet gepaard gaan met een geïndividualiseerd project voor
maatschappelijke integratie.2
De wet van 26 mei 2002 stelt ook de bijzondere voorwaarden vast waaraan een persoon tegelijkertijd
moet voldoen om het recht op maatschappelijke integratie te kunnen genieten.
Een van die voorwaarden is "werkbereid zijn, tenzij dit om gezondheids- of billijkheidsredenen niet
mogelijk is."3 De inschrijving als werkzoekende bij de gewestelijke arbeidsbemiddelingsdienst is een
eerste element in het aantonen van deze werkbereidheid.
1
2
3
Ontwerp van algemene beleidsverklaring van 1 december 2011, p. 158.
Artikel 2 van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie
Artikel 3, 5°, van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie
POD Maatschappelijke Integratie, Armoedebestrijding, Sociale Economie en Grootstedenbeleid
Koning Albert II – laan 30 - B1000 Brussel – http://www.mi-is.be
tel +32 2 508 85 85 – fax +32 2 508 86 10 – [email protected]
Daarom vraag ik u om erop toe te zien dat alle gerechtigden (leefloon en equivalente maatschappelijke
hulp) zich inschrijven als werkzoekende bij de gewestelijke arbeidsbemiddelingsdienst, met uitzondering
van de gerechtigden die niet arbeidsgeschikt zijn wegens gezondheids- of billijkheidsredenen. Als het
nodig blijkt, vraag ik u om de gerechtigden te begeleiden bij hun inschrijving.
De wetgeving geeft geen verdere verduidelijking van "gezondheids- of billijkheidsredenen". Het zijn de
maatschappelijk assistenten die deze redenen moeten onderzoeken tijdens het sociaal onderzoek dat
wordt gevoerd met het oog op de toekenning van het recht op maatschappelijke integratie of
maatschappelijke dienstverlening.
De wetgever verwijst echter wel naar billijkheidsredenen wanneer een gerechtigde, met het oog op een
verhoging van zijn inschakelingskansen in het beroepsleven, een studie met voltijds leerplan aanvat,
hervat of voortzet in een door de gemeenschappen erkende, georganiseerde of gesubsidieerde
onderwijsinstelling.4
Met betrekking tot de gezondheidsredenen die kunnen worden ingeroepen, dient eraan te worden
herinnerd dat het koninklijk besluit van 11 juli 2002 houdende het algemeen reglement betreffende het
recht op maatschappelijke integratie het volgende bepaalt: "Indien het centrum het nodig acht, kan het
de aanvrager die gezondheidsredenen inroept, al dan niet gestaafd door een medisch attest van de
behandelende geneesheer, onderwerpen aan een medisch onderzoek door een door het centrum
gemachtigde en betaalde geneesheer.
In dit geval biedt de persoon zich desgevraagd bij de door het centrum aangeduide geneesheer aan,
behoudens wanneer zijn gezondheidstoestand dit niet toelaat. De eventuele reiskosten van de persoon
zijn ten laste van het centrum, die de modaliteiten bepaalt.
De geneesheer gaat na of gezondheidsredenen door de betrokkene kunnen worden ingeroepen. Alle
andere vaststellingen vallen onder het beroepsgeheim."5
De inschrijving als werkzoekende brengt voor de persoon in kwestie een aantal verplichtingen met zich
mee, zo moet hij gevolg geven aan de werkaanbiedingen die de gewestelijke arbeidsbemiddelingsdienst
hem bezorgt, moet hij het bewijs leveren dat hij actief naar werk zoekt, moet hij reageren als hij wordt
opgeroepen door de gewestelijke arbeidsbemiddelingsdienst, …
Het wordt de OCMW’s dan ook sterk aangeraden gebruik te maken van een systeem om de regionale
dienst arbeidsbemiddeling aan te tonen dat de opvolging wordt uitgevoerd en dat de begeleiding van
een begunstigde in zijn zoektocht naar werk is gegarandeerd. Zo kan het OCMW, bijvoorbeeld, deze
opvolging systematiseren in het geïndividualiseerd project voor maatschappelijke integratie.
Ter herinnering, een geïndividualiseerd project voor maatschappelijke integratie is verplicht voor
personen jonger dan 25 jaar en in de volgende gevallen6:
a) wanneer het centrum op grond van billijkheidsredenen aanvaardt dat de betrokken persoon met het
oog op een verhoging van zijn inschakelingskansen in het beroepsleven, een studie met voltijds leerplan
aanvat, hervat of voortzet in een door de gemeenschappen erkende, georganiseerde of gesubsidieerde
onderwijsinstelling;
b) wanneer het een geïndividualiseerd project voor maatschappelijke integratie dat binnen een bepaalde
periode leidt tot een arbeidsovereenkomst betreft.
Voor meer informatie over de geïndividualiseerde projecten voor maatschappelijke integratie, verwijs ik
u naar hoofdstuk IV van het koninklijk besluit van 11 juli 2002 dat bepaalt aan welke algemene
voorwaarden de projecten moeten voldoen (artikelen 10 tot 18), aan welke specifieke voorwaarden een
geïndividualiseerd project voor maatschappelijke integratie dat binnen een bepaalde periode leidt tot
een arbeidsovereenkomst moet voldoen (artikel 19) en aan welke specifieke voorwaarden een
geïndividualiseerd project voor maatschappelijke integratie gericht op vorming moet voldoen (artikel 20).
De inspectiedienst van de POD Maatschappelijke Integratie zal toekijken op de toepassing van deze
omzendbrief.
4
5
6
Artikel 11, §2, a), van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie
Artikel 6, §4, van het koninklijk besluit van 11 juli 2002 houdende het algemeen reglement betreffende het recht op maatschappelijke integratie
Artikel 11, §2, van de wet van 26 mei 2002 betreffende het recht op maatschappelijke integratie
Deze omzendbrief treedt in werking vanaf 15 februari 2014.
Hoogachtend,
Staatssecretaris voor Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding
(Getekend)
Maggie De Block
Download