Vragen en antwoorden over de levensloopregeling Onderstaande vragen en antwoorden geven de HR-medewerker inzicht in een aantal aspecten van de levensloopregeling. Meer gedetailleerde informatie vindt u in de Handleiding Levensloopregeling, die eveneens op de ABN AMRO Levensloop Wegwijzer is opgenomen. 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. Hoe werkt de levensloopregeling? Is sneller sparen voor verlof mogelijk? Wie controleert of de 12%- en 210%-grenzen niet worden overschreden? Hoe werkt het opnemen van verlof? Hoeveel geld mag er tijdens het verlof worden opgenomen? Zit er een minimale/maximale duur aan het verlof? Levert de levensloopregeling belastingvoordeel op? Wat gebeurt er als de deelnemer: van baan verandert? arbeidsongeschikt wordt? in de bijstand belandt? overlijdt? 9. Wat gebeurt er met de spaarloonregeling? 10. Wat is het verschil tussen levensloop en spaarloon? 11. Wat gebeurt er met verlofspaarregeling? 12. Wanneer wordt de rente van de levensloopregeling bijgeschreven? 1. Hoe werkt de levensloopregeling? In het kort: alle werknemers in Nederland hebben het recht om deel te nemen aan de levensloopregeling. Met de levensloopregeling spaart de deelnemer een deel van het brutosalaris. Hiermee kan later onbetaald verlof worden gefinancierd. De levensloopregeling kan worden gebruikt voor elke vorm van onbetaald verlof, zoals, zorgverlof, een sabbatical, (extra lang) ouderschapsverlof, studieverlof, tijdelijk parttime werken, eerder stoppen met werken. Het levenslooptegoed mag niet voor andere doeleinden worden opgenomen dan voor onbetaald verlof. Wel is het mogelijk om tegoed dat bij het bereiken van de pensioenleeftijd nog op de levenslooprekening staat, aan het ouderdomspensioen te laten toevoegen. Van het brutoloon wordt een bedrag ingehouden dat door de werkgever op een speciale levenslooprekening (die op naam staat van de deelnemer) wordt gestort. Per jaar mag maximaal 12% van het brutoloon in dat jaar worden gespaard. Het maximale saldo op de levenslooprekening mag 210% van het bruto jaarloon bedragen. Als er tegoed is opgenomen voor financiering van onbetaald verlof, kan er weer opnieuw worden gespaard tot het maximum. Pagina 1 van 4 2. Is sneller sparen voor verlof mogelijk? Onder bepaalde voorwaarden wel. Werknemers die op 31 december 2005 51 jaar of ouder, maar nog geen 56 jaar waren, mogen per jaar meer sparen dan 12% van hun brutojaarloon. Wel geldt voor hen het maximum saldo van 210% van het brutojaarloon. Werknemers die in het verleden prepensioenrechten hebben opgebouwd en dit kunnen afkopen, mogen de bedragen hieruit belastingvrij laten storten in de levensloopregeling. Het maximum spaarbedrag van 12% per jaar geldt in dat geval niet. 3. Wie controleert of de 12%- en 210%-grenzen niet worden overschreden? De werkgever is verantwoordelijk voor deze controle. Let wel: indien de deelnemer meerdere werkgevers heeft en bij meerdere werknemers deelneemt aan de levensloopregeling, zal hij zelf ook moeten controleren: iedere werkgever is slechts verantwoordelijk voor controle van zijn eigen deel. Let op: als het salaris van de deelnemer daalt, moet de inleg hierop worden aangepast. Het wettelijk maximum spaarbedrag van 12% van het brutoloon per jaar blijft ook dan van kracht. Let op: als een werknemer de maximale opbouw van 210% heeft bereikt, kan het saldo met rente en dividend boven die grens uitkomen. Dit is toegestaan. Maar er mag vanaf dat moment geen geld meer worden ingelegd. 4. Hoe werkt het opnemen van verlof? Verlof opnemen kan zo vaak als de werknemer wil. Maar dit moet altijd gebeuren met toestemming van de werkgever; het opnemen van verlof is geen wettelijk recht, tenzij het gaat om verlof waar hij volgens de wet recht op heeft, zoals ouderschapsverlof en langdurig zorgverlof. De betaling gaat als volgt: de werkgever geeft de bank - in opdracht van de werknemer - opdracht het levenslooptegoed uit te betalen. De bank maakt het geld over aan de werkgever die het, na inhouding van loonheffing, uitbetaalt aan de werknemer. 5. Hoeveel geld mag er tijdens het verlof worden opgenomen? Maximaal het loon dat de werknemer direct voorafgaand aan de verlofperiode per maand ontving. Als de werknemer in juli € 1000,- verdiende, mag in augustus maximaal € 1000,- aan spaartegoed worden opgenomen voor de financiering van 1 maand onbetaald verlof. Krijgt de werknemer tijdens het verlof al een bedrag van zijn werkgever uitgekeerd, dan moet dat bedrag in mindering worden gebracht op het maximaal op te nemen bedrag. Pagina 2 van 4 6. Zit er een minimale/maximale duur aan het verlof? Voor verlofverzoeken met een wettelijke grond, zoals ouderschapsverlof, moet de werkgever de wettelijke bepalingen volgen of de CAO-bepalingen. Bij andere verlofverzoeken is de werkgever vrij het verlof toe te kennen of te weigeren. Voor de duur van het verlof bestaan geen wettelijke regels. 7. Levert de levensloopregeling belastingvoordeel op? Ja. Hoeveel, dat kan per situatie verschillen. De werknemer spaart van het brutoloon en betaalt op dat moment geen belasting. Bij opname tijdens de verlofperiode wordt wel belasting betaald, maar het tarief is dan lager. Bovendien krijgt de deelnemer een korting op de inkomstenbelasting van maximaal € 185,- per jaar (heffingskorting) dat hij aan de levensloopregeling heeft deelgenomen. 8. Wat gebeurt er als de deelnemer: van baan verandert? Hij kan de levenslooprekening gewoon meenemen en bij de nieuwe werkgever verder sparen. Ook is het mogelijk om het saldo op een andere levenslooprekening te laten overboeken of een nieuwe rekening te openen en het opgebouwde saldo op de oude rekening te laten staan. Let wel: het wettelijk spaarmaximum geldt in dat geval dus voor de levenslooprekeningen bij elkaar opgeteld. arbeidsongeschikt wordt? Tijdens het verlof worden geen premies betaald voor sociale werknemersverzekeringen. Bij ziekte of arbeidsongeschiktheid ontvangt de werknemer eerst de afgesproken uitkeringen uit de levensloopregeling. Daarna maakt hij aanspraak op één van de sociale verzekeringen. in de bijstand belandt? Wanneer een beroep wordt gedaan op de bijstand, blijft het tegoed op de levenslooprekening buiten beschouwing. overlijdt? Indien de werknemer heeft gekozen voor een spaarrekening, dan komt het tegoed ineens ter beschikking van de erfgenamen, na inhouding van loonbelasting en de inkomensafhankelijke bijdrage voor de Zorgverzekeringswet. De nabestaanden betalen successierecht over het resterende bedrag. In geval van een verzekering of beleggingsproduct kan het zijn dat het overlijdensrisico voor rekening van de deelnemer komt. Dit kan een hoger rendement opleveren, maar het betekent ook dat het levenslooptegoed na overlijden vervalt aan de aanbieder van de verzekering of het beleggingsproduct. 9. Wat gebeurt er met de spaarloonregeling? Die blijft in de huidige vorm bestaan. Werknemers kunnen jaarlijks kiezen of zij willen deelnemen aan de spaarloon- of de levensloopregeling. Gelijktijdig in beide Pagina 3 van 4 regelingen geld inleggen is fiscaal niet toegestaan. In één kalenderjaar uit beide regelingen geld opnemen mag wel. 10. Wat is het verschil tussen levensloop en spaarloon? Doel Inleg Beschikbaarheid saldo Levensloopregeling Sparen voor het financieren van onbetaald verlof of (t.z.t.) extra pensioen Maximaal 12% van het brutojaarsalaris. Inleg in volgend kalenderjaar alleen toegestaan als op voorafgaande jaarultimo het maximum van 210% van het brutojaarsalaris nog niet bereikt was Alleen voor opname van verlof met toestemming van werkgever Starten deelname Op elk moment mogelijk Deelname Recht voor iedere werknemer Belasting voor werknemer Inleg uit brutoloon. Spaartegoed is niet belast. Uitkeringen zijn belast in box 1. Bij opname per spaarjaar € 185 heffingskorting. Bij ouderschapsverlof extra heffingskorting van 50% van het minimumloon Verlaging uitkeringsgrondslag Gevolgen bij uitkering uit werknemersverzekeringen Spaarloon Sparen met fiscaal voordeel; spaarsaldo aan te wenden voor een specifieke uitgave Maximaal € 613,- per jaar Na 4 jaar belastingvrij. Daarvoor alleen mogelijk indien wordt voldaan aan deblokkeringsvoorwaarden Alleen mogelijk per 1 januari van elk kalenderjaar Alleen mogelijk indien dit in CAO of arbeidscontract is geregeld Inleg uit brutoloon. Tegoed wordt na 4 jaar belast in box 3. Uitkering onbelast. Geen 11. Wat gebeurt er met verlofspaarregeling? De verlofspaarregeling gaat op in de nieuwe levensloopregeling. Tegoeden in de verlofspaarregeling worden omgezet in levenslooptegoeden. Vanaf 1 januari 2006 kan niet meer in de oude verlofspaarregeling worden gespaard, alleen nog in de levensloopregeling. 12. Wanneer wordt de rente van de levensloopregeling bijgeschreven? Jaarlijks op 31 december. De rente wordt gestort op de levenslooprekening. Overigens kan de rente niet contant worden opgenomen; dit kan alleen ten behoeve van verlof. Pagina 4 van 4