Toets Koude Oorlog en dekolonisatie in Azië en in Vietnam in het

advertisement
Toets Koude Oorlog en dekolonisatie in Azië
en in Vietnam in het bijzonder.
1. Welke angsten en toekomstverwachtingen hadden de SU en de USA
in 1946/1947?
2. In
a)
b)
c)
1954 vond de conferentie van Genève plaats
Hoe werd Indochina verdeeld?
Welk compromis werd gesloten en waarom?
Hi Chi Minh was optimistisch over het resultaat van Genève.
Waarop was dit optimisme gebaseerd?
d) Kon Ho rekenen op eventuele steun van China en de SovjetUnie?
3. Ho werd communist. ‘Het was patriottisme en niet communisme’, zei
Ho. Leg deze zin uit in je eigen woorden. Voor welke
bevolkingsgroep was deze zin bedoeld?
4. a) Tussen 1944 en 1950 veranderde de Amerikaanse politiek ten
opzichte van Indo-China. Waar lag het keerpunt in deze politiek?
b) Wat is het verschil in politiek voor en na dit keerpunt?
5. Welke politiek bracht de VS in Vietnam? Leg kort uit.
6. Lees onderstaande bron 1 en 2
a) Beschrijf kort wat het buitenlands beleid inzake Vietnam was van
de USA, SU en China.
b) De beide bronnen beschrijven de internationale verhoudingen elk
op een eigen manier. Waarin verschillen de visies van de schrijvers?
c) Formuleer twee onderzoeksvragen die je helpen de
betrouwbaarheid van de beide interpretaties vast te stellen.
Bron 1 De ZOAVO
Naarmate het Franse streven om zich in Indochina te handhaven
uitzichtloos werd, begonnen president Eisenhower en zijn minister van
Buitenlandse Zaken Dulles steeds vaker de theorie van de ‘vallende
dominostenen’ te verkondigen. Het verlies van Indo-China zou leiden tot
het verlies van Thailand, Birma en Indonesië. Het was duidelijk dat de VS
zich niet langer lieten vragen om aan regionale defensieregelingen mee te
werken. Ze namen zelf het initiatief. De Zuidoostaziatische
Verdragsorganisatie (ZOAVO) die op 8 september 1954 te Manilla werd
opgericht droeg het duidelijke teken van Dulles’ invloed.
Acht landen maakten er deel van uit: de VS, Australië, Nieuw-Zeeland,
Frankrijk, Groot-Brittannië, Pakistan, Thailand en de Filipijnen. Het
verdrag omschreef de omstandigheid waaronder het bondgenootschap in
actie zou komen. Onder Amerikaanse druk werd dit gevaar omschreven
als ‘communistische agressie’.
Uit: H.J. Neuman, Onze jaren 45-70, deel 5
Bron 2
China en de Sovjet-Unie
In de Sovjet-Unie en in China volgde men de gebeurtenissen nauwlettend,
maar een speciaal manipulatie-object was Zuidoost-Azië in hun politiek
niet. China vreesde dat een conflict zou leiden tot een grote militaire
confrontatie, die, hoewel niet door de Amerikanen te winnen, toch door
het overwicht van de Amerikaanse luchtmacht enorme schade zou kunnen
toebrengen aan de Chinese wederopbouw.
Uit: J.M. Pluvier, Onze jaren 45-70, deel 5
7. ‘De VS voelden zich in grote mate bedreigd door het
communistische machtsblok SU en China’. Geef een argument voor
en een argument tegen deze stelling.
8. Zet de gebeurtenissen in de juiste volgorde:
A Slag bij Dien Bien Phoe
B oprichting DRV
C China wordt communistisch
D oprichting van de VietMinh
9. Leg de volgende begrippen kort uit:
a) Guerilla-oorlog
b) Marionettenregering
c) Mekong-Delta
d) Boa Dai
e) Machtsvacuüm
f) Vo Nguyen Giap
g) Wapenwedloop
10.
Bekijk figuur 1
Figuur 1: Op de stenen: Cambodja, Thailand, Laos, Zuid-Vietnam en
Noord-Vietnam
Wat zie je op deze prent en waar gaat deze over, leg zo nauwkeurig
mogelijk uit.
11.
Bekijk figuur 2, deze spotprent gaat over dekolonisatie.
a) Welke figuren herken je?
b) Hoe heeft deze prent te maken met de Koude Oorlog?
12.
Gebruik bron 3
Bij de toespraak van Truman speelde het vijandbeeld een rol.
Leg met behulp van een tekstelement uit welk vijandbeeld Truman
voor ogen had.
Bron 3
In 1947 zei de Amerikaanse president Truman in een toespraak tot het
Congres:
‘Op dit moment in de geschiedenis moet bijna elke natie kiezen tussen
twee verschillende soorten samenlevingen. Vaak is die keuze niet vrij. De
eerste manier van leven is gebaseerd op de wil van de meerderheid en
onderscheidt zich door vrije instellingen, vrije verkiezingen, waarborgen
voor individuele vrijheid, vrijheid van meningsuiting, van godsdienst en
het ontbreken van politieke onderdrukking. De tweede manier van leven is
gebaseerd op terreur en onderdrukking, censuur van pers en radio,
geleide verkiezingen en onderdrukking van persoonlijke vrijheden. Ik
geloof dat het de politiek van de VS dient te zijn om vrije volken te
steunen die zich verzetten tegen pogingen tot onder-drukking door
gewapende minderheden of door druk van buiten’.
Figuur 2
Download