H1.1 De agrarische revolutie

advertisement
H13.5/13.6 POSTMODERNE
WERELD
Televisie en
computer
POSTMODERNISME
 Modernisme: tijd van politieke stromingen
(fascisme, communisme: Koude Oorlog)
 Postmodernisme (letterlijk ‘na het modernisme’)
 Geen duidelijke politieke stromingen meer (einde
Koude Oorlog in 1990)
 Volgens Fukuyama (VS) heeft het
kapitalisme/liberalisme gewonnen, de hele wereld
gaat dat systeem overnemen
 Hij heeft geen gelijk gehad
INTERNATIONALE UITDAGINGEN
 Na wegvallen van het communisme: burgeroorlog
Joegoslavië (1991)
 Nieuwe ‘clash of cultures’ (Huntington)
VS wordt de politieagent van de wereld
(Golfoorlog), leidt tot tegenreactie: radicale Islam
Brandhaard wordt Midden-Oosten
Opkomt terrorisme (ook cyberterrorisme)
 Verschuiving economisch zwaartepunt naar
Indische Oceaan (met name China)
NEDERLANDSE UITDAGINGEN
 Economische groei neemt af (zelfs recessie in de
jaren ’80 en jaren 2010)
 Poldermodel (jaren ‘80) staat onder vuur
(polarisatie neemt toe)
 Afbraak sociaal stelsel
 Spanningen in de multiculturele en pluriforme
samenleving (aan de ene kant Mohammed B aan
de andere kant PVV)
GLOBALISERING
(13.6)
 De wereld wordt kleiner
 Culturele uitwisseling gaat sneller
 Alle economieën zijn op elkaar aangesloten
 Internationaal politiek overleg (VN, Europa, G8, etc.)
 Vooral door de revolutie in de
communicatie/informatie is dat makkelijker
geworden
 Aantal vreest dat alleen de rijke landen
profiteren en dat alles achter gesloten deuren
wordt besloten: antiglobalisten
Download