Trots vertelt Karel aan zijn vriend

advertisement
Moppen 2012.
Klikken… dus…
Lezen op eigen tempo.
Veel plezier.
Want lachen is gezond !!!
Trots vertelt Karel aan zijn
vriend:”Moet je horen, ik ben
vader geworden !”
Zegt de vriend enthousiast:
“Gefeliciteerd !
En gaat het goed met je vrouw ?”
Zegt Karel: “Nu nog wel, ik
heb het haar nog niet verteld.”
Een man gaat naar de dokter en zegt:”Ik kan ‘s
avonds niet goed slapen. Ik heb steeds van die
vreemde dromen.” “Wat droomt u dan
allemaal?”, vraagt de dokter. “Ik zie een hoop
schapen die aan het voetballen zijn.” “Oke”,
zegt de dokter, “ik geef u pillen en die moet u
vanaf vandaag slikken.” “Kan ik die pillen ook
niet vanaf morgen gebruiken ?”, vraagt de man.
“Waarom ?”, reageert de dokter verbaasd. “Het
zit namelijk zo”, antwoordt de man, “vanavond
spelen ze de finale.”
Een man zegt tegen zijn vriend:
“Ik heb al 18 maanden niet met mijn
vrouw gesproken.”
De vriend vraagt:
“Waarom niet ?”
De man zegt:
“Ze houdt er niet van om
onderbroken te worden.”
Er zitten twee zwervers op
een bank in het park.
De ene legt een euro op de
bank.
Waarop de andere vraagt:
“Waarom doe je dat ?”
Waarop de eerste antwoordt:
“Ik wil eens voelen hoe het is
om geld op de bank te
hebben.”
De spierkracht van vrouwen
wisselt in de loop van de dag !
Overdag kunnen ze nog geen
pot appelmoes openkrijgen,
maar ‘s nachts is het
onmogelijk om een stuk
dekbed van ze los te trekken !
Een man stapt een kroeg binnen en bestelt
een pintje. Na wat rondgekeken te hebben,
neemt hij plots zijn oog uit zijn oogkas en
gooit het via de vloer en het plafond tegen
het raam waarna zijn oog weer in zijn hand
botst. De kerel naast hem kijkt ervan op
maar zegt niets. Vijf minuten later pakt die
man weer zijn oog en gooit het al weer
tegen het raam waarna het weer in zijn hand
botst. Weer wordt er niks gezegd. Na de
derde keer vraagt de kerel naast hem:
“Waarom gooi je zo met je oog tegen het
raam?” Zegt de man: “Ik kijk of m’n fiets
nog buiten staat.”
Een gek is ontslagen uit het
gekkenhuis en gaat bij zijn broer op
bezoek. De gek is nog geen kwartier
bij zijn broer of hij staat al op de tafel
te roepen: “Ik ben een lamp ! Ik ben
een lamp !” Zijn broer belt naar het
gekkenhuis en klaagt: “Mooi is dat !
Mijn broer is nog geen kwartier
binnen en hij staat al op de tafel te
roepen dat hij een lamp is.” “Stuur
hem maar weer terug”, zegt de
telefoniste van het gekkenhuis.
Waarop de broer reageert: “Geen
denken aan ! Dan heb ik geen licht
meer !”
Jefke komt thuis van school en
vraagt aan zijn ouders:
“Wat voor een spel is overspel ?”
Zegt zijn moeder: “Overspel is
geen spel, want bij overspel zijn
er geen winnaars, alleen
verliezers !”
Waarop zijn vader zegt:
“Maar… meedoen is belangrijker
dan winnen !”
Een parkwachter gaf instructies aan een groep
wandelaars. Hij waarschuwde: “Het is niet
uitgesloten dat u een grizzlybeer tegenkomt.
Maar grizzly’s gaan mensen meestal uit de
weg. Daarom is het goed dat u een aantal
belletjes aan uw rugzak bevestigt. Dan horen
ze u aankomen en krijgen ze de kans om te
vluchten. In deze winkel kunt u belletjes kopen
voor twee euro per stuk. En als u uitwerpselen
van een grizzly op uw pad vindt, kunt u maar
beter maken dat u wegkomt !” “ Maar hoe
weten we of het de uitwerpselen van een
grizzly zijn ?” vroeg één van de wandelaars.
“Oh, geen probleem. Dat ziet u meteen.
Uitwerpselen van grizzly’s zitten namelijk vol
met belletjes.”
Jantje komt te laat op school en zegt:
“Ik moest de stier wegbrengen om
een koe te dekken.”
De onderwijzer reageert geirriteerd:
“Kan je vader dat niet doen ?”
Jantje:
“Zeker, maar de stier kan het beter.”
Een man komt een politiekantoor
binnen en zegt tegen de
dienstdoende agent: “Ik heb
begrepen dat de inbreker die in ons
huis heeft ingebroken gearresteerd
is. Ik wil graag even een woordje
met hem spreken.” De agent: “Ik
begrijp dat u kwaad bent meneer,
maar dit kan ik natuurlijk niet
toestaan.” “Nee, u begrijpt me
verkeerd”, zegt de man, “ik wil
alleen maar van hem weten hoe hij
binnen is gekomen, zonder mijn
vrouw wakker te maken.”
Op een avond loopt Patrick zijn
stamcafé binnen en zegt: “Wim, geef
me snel een groot glas bier. Ik heb
net ruzie gehad met het vrouwtje.”
“Oh ja”, zegt Wim. “En hoe verliep
het deze keer?” “Toen het voorbij
was”, antwoordt Patrick, “kwam ze
op handen en voeten bij me
gekropen.” “Echt waar ?”, zegt Wim,
“dat is verrassend ! En wat zei ze ?”
“Ze zei: “Kom onder dat bed
vandaan, schijtluis !”
Twee domme blondjes lopen in
een groot bos te zoeken naar een
kerstboom. Ze zijn al twee uur aan
het zoeken wanneer het langzaam
donker begint te worden.
Inmiddels vriest het dat het kraakt
en in de verte horen ze de wolven
huilen. Dan zegt het ene blondje,
bang, koud en moe: “Nu ben ik het
beu ! De eerste de beste spar die ik
zie, hak ik om, of hij nu versierd is
of niet !”
Een man wil als docent op een meisjesschool gaan
werken. De eerste gesprekken met de directie waren
goed. De man heeft echter één probleempje: hij heeft een
zenuwtrek en knippert voortdurend met één oog. De
direkteur heeft hier wel problemen mee. Een klas vol
meisjes waar je steeds naar zit te knipogen, dat kan
natuurlijk niet. De man antwoordt dat de tic weggaat op
het moment dat hij aspirine inneemt. “Wel”, zegt de
direkteur, “laat dat dan maar eens zien.” De man grabbelt
in zijn zak en haalt er de eerste paar keer handenvol
condooms uit. Vervolgens heeft hij het pilletje te pakken
en slikt het in. De tic verdwijnt meteen. Maar nu zit het er
natuurlijk bovenarms op. De direkteur wil zijn uitleg over
die condooms wel eens horen: “Een meisjesschool ? En
dan zo’n vent die met die dingen op zak rondloopt ? Dat
kan echt niet !” “Oh nee ?” antwoordt de man. “Heb jij
wel al eens knipogend om aspirine gevraagd bij de
apotheker ?”
Dirk krijgt vliegles in een
helikopter.
Dirk: “Waarvoor zijn die wieken
hierboven ?”
Instructeur : “Voor de ventilatie.”
Dirk: “Komaan, dat geloof ik
niet.”
Instructeur: “Ik zal ze zo eens
stilzetten.
Moet je zien hoe snel je het
benauwd krijgt !”
Een aantrekkelijke vrouw heeft een mooie
kledingkast gekocht bij Ikea. Na een paar
dagen belt ze de meubelzaak en klaagt dat de
kast een paar keer per dag spontaan in elkaar
stort. Een mannetje van Ikea komt eens
kijken en constateert dat iedere keer er een
trein passeert de kast inderdaad
instort.Omdat hij niet kan zien wat precies
begeeft, gaat hij in de kast staan om met een
zaklamp, alle boutjes, moertjes en schroefjes
in de gaten te houden. Plots hoort hij
gestommel. De kast word opengetrokken en
de Ikeaman staat oog in oog met een
gespierde kerel. Het blijkt de vriend van de
vrouw te zijn en deze wil weten wat de man
in de kledingkast van zijn vriendin uitspookt.
“Tja”, zegt de Ikeaman, “u gelooft het vast
niet, maar ik sta hier op de trein te wachten.”
Tijdens de introductie van het nieuwe
schooljaar voor nieuwe studenten legt
de decaan de regels uit. “Het is voor de
mannelijke studenten streng verboden
om de huisvesting van de dames te
betreden. Als je toch wordt betrapt,
betaal je een boete van 40 euro.
Overtreed je de regel nog een keer
wordt dat 80 euro. Snappen we je voor
de derde keer dan betaal je maar liefst
120 euro.” Op dat moment roept een
student: “En wat kost eigenlijk een
seizoenskaart ?”
Er zijn twee mannen, de ene met een dobermann en de
andere met een chihuahua. De eerste zegt: “Laten we iets
gaan eten in dat restaurant daar.” Zegt de ander: “Daar
mogen we toch niet binnen met onze honden?” Zegt de
man met de dobermann: “Let maar eens op hoe ik dat
aanpak !” Hij zet een zonnebril op zijn hoofd en loopt
naar het restaurant. De portier zegt: “Sorry, geen
huisdieren toegelaten.” Zegt de man: “Nee, maar dit is
mijn blindengeleidehond !” “Excuseer ? Een dobermann.”
“Ja, die gebruiken ze ook tegenwoordig. Fantastische
dieren !” “Oke, loop maar door.” De man met de
chihuahua wil dit ook eens proberen. Hij zet een
zonnebril op en loopt naar het restaurant. Zegt de portier:
“Sorry, geen huisdieren in het restaurant !” Zegt de man:
“Ja, maar dit is mijn blindengeleidehond !” “Een
chihuahua ?, vraagt de portier verbaasd. Antwoordt de
man: “Wat ? Hebben ze me een chihuahua gegeven ?”
De direkteur van een lagere
school belt naar de moeder van
Tim om haar op de hoogte te
brengen dat Tim moet
nablijven. Wanneer de moeder
naar de reden vraagt, zegt de
direkteur: “Jeroen, de jongen
die naast Tim zit, zat te roken in
de klas.” “Wat ?”, roept Tims
moeder. “Die Jeroen zit te
roken en onze Tim moet
nablijven ?” “Uiteraard”, zegt
de direkteur, “Tim heeft hem
tenslotte in brand gestoken.”
Een apotheker komt ‘s middags naar zijn
apotheek, waar Jan al de ganse middag aan
het werken is. Buiten staat een man met een
pijnlijke grimas op zijn gezicht,
bewegingloos te staren naar het
voorbijrijdende verkeer. “Wat is er mis met
die man ?”, vraagt de apotheker aan Jan.
“Wel die kwam daarstraks langs voor
hoestsiroop, maar aangezien we dat niet in
voorraad hebben, heb ik hem een
laxeermiddel gegeven.” “Maar Jan toch !”,
roept de apotheker, “een verkoudheid los je
toch niet op met een laxeermiddel !” “Toch
wel”, antwoordt Jan, “of denk je misschien
dat hij nog durft te hoesten ?”
Download