Economische Crisis Opgave 6.1 (CE 2009) Hoe reëel wordt de crisis

advertisement
Economische Crisis
Opgave 6.1 (CE 2009) Hoe reëel wordt de crisis?
De kredietcrisis ontstond in de Verenigde Staten op de huizenmarkt.
Huizenbezitters en hypotheekbanken raakten vanaf 2006 in de problemen door stijging van de rente.
Het vertrouwen tussen banken onderling en het vertrouwen in het monetaire systeem namen sterk
af. Een aantal banken kwam in financiële nood. Sommige konden met staatsgaranties overeind
gehouden worden. Andere gingen failliet. Een crisis in de monetaire economie kan leiden tot een
crisis in de reële economie.
De Federal Reserve (Fed), het Amerikaanse stelsel van centrale banken, verlaagde vanaf september
2007 herhaaldelijk de rente: uiteindelijk tot een historisch laag tarief van 0,25% in december 2008.
De Fed probeerde daarmee een crisis in de reële economie te voorkomen en de economische groei
te stimuleren.
a. Leg uit hoe een renteverlaging de economische groei kan stimuleren.
Economen waren het niet met elkaar eens over de ernst van de kredietcrisis en de gevolgen voor de
economie. Er ontstond een economendebat, zoals te zien is in bron 1.
Gebruik bronnen 1 en 2.
b. Leg uit hoe de kredietcrisis, ook bij een constante maatschappelijke geldhoeveelheid, kan leiden
tot méér werkloosheid. Gebruik in de uitleg de verkeersvergelijking van Fisher.
Gebruik bronnen 1 en 3.
c. Maak van de volgende zinnen een juiste economische redenering die aansluit bij de visie van
Kroegman.
Particuliere beleggers hebben ook in Nederland de schrik te pakken van de kredietcrisis. Beleggingen
met een hoger risico, zoals .......(1)......, werden in 2007 verkocht. Volgens DNB is het totale saldo op
spaartegoeden daardoor in 2007 gestegen met ....(2)..... In 2008 hebben veel banken de spaarrente
.....(3)......, omdat zij moeite hebben met het aantrekken van nieuw spaargeld.
Kies uit:
bij (1) aandelen / obligaties.
bij (2) 4,77% / 5,04% / 5,22%.
bij (3) verlaagd / verhoogd.
Bron 1
Een economendebat
Drie economen hebben een verschillende kijk op de crisis:
Econoom Proest: "De crisis wordt versterkt door het gedrag van mensen. Een gerucht dat een bank
ziek zou zijn, lokt gedrag uit waardoor die bank juist ziek wordt."
Econoom Bootje: "De kredietcrisis zal op korte termijn leiden tot een daling van de maatschappelijke
geldhoeveelheid en dat zorgt uiteindelijk voor onvrijwillige werkloosheid. Op langere termijn zal door
dalende prijzen de economie zich vanzelf weer herstellen."
Econoom Kroegman: "Op korte termijn is deze kredietcrisis vooral nadelig voor bezitters van
risicodragende beleggingen. Voor spaarders zitten er positieve en negatieve kanten aan de
kredietcrisis."
Bron 2
Verkeersvergelijking van Fischer
M×V=P×Y
M = maatschappelijke geldhoeveelheid
V = omloopsnelheid van het geld
P = prijsniveau
Y = reëel nationaal product
Economische Crisis
Bron 3
Uit een kwartaalbericht van De Nederlandsche Bank (DNB)
Saldo inleg/aankopen door Nederlandse huishoudens per soort vermogen
(2007 / miljarden euro’s)
1e
2e
3e
4e
Totale hoeveelheid belegd
kwartaal kwartaal kwartaal kwartaal vermogen per 31-12-2007
Spaartegoeden + 2,7
+ 7,8
+ 1,1
+ 0,2
246
Aandelen
− 1,7
− 2,2
− 0,3
− 0,6
31
Obligaties
+ 0,8
+ 0,8
+ 0,8
+ 0,9
28
Opgave 6.2 Vermogensmarkt op zijn kop?
In een land brengt de centrale bank (CB) het chartale geld in omloop. Van de algemene banken in dit
land is een gedeelte van de gezamenlijke balans vereenvoudigd weergegeven.
activa
Kas
Tegoed bij de CB
Bankcertificaten CB (*)
Vreemde valuta
Debiteuren
balans algemene banken
per 1-1-2002 (× miljard geldeenheden)
28
Rekening-couranttegoeden
12
Voorschotten van de CB
70
Kortlopende termijndeposito’s
80
Kortlopende spaargelden
450
Langlopende spaargelden
passiva
126
10
40
62
104
(*) = door de CB uitgeschreven schuldbewijzen met een korte looptijd
Verder is gegeven:
• De CB eist bij de algemene banken een minimaal liquiditeitspercentage van 25%.
• De totale maatschappelijke geldhoeveelheid bestaat voor 10% uit chartaal geld.
a.
b.
Hoe groot was in dit land op 1-1-2002 de totale waarde van het in omloop gebrachte chartale
geld?
Bereken met welk bedrag de girale kredietverlening in dit land maximaal uitgebreid kan worden.
In dit land is er sprake van een omgekeerde rentestructuur: de geldmarktrente ligt op een hoger
niveau dan de kapitaalmarktrente. De CB vindt dit in het kader van haar monetair beleid niet
wenselijk en probeert met behulp van openmarktpolitiek de geldmarktrente te verlagen.
c. Verklaar waarom normaal de kapitaalmarktrente op een hoger niveau ligt dan de
geldmarktrente.
d. Noem een post op de bovenstaande balans die kan veranderen indien de CB via
openmarktpolitiek probeert de geldmarktrente te verlagen. Verklaar het antwoord en vermeld
daarbij of het bedrag van deze balanspost zal toenemen of afnemen.
Economische Crisis
Uitwerking opgave 6.1
a. Voorbeelden van een juist antwoord zijn:
− Een antwoord waaruit blijkt dat lagere rente het financieren van investeringen goedkoper
maakt en zal leiden tot meer investeringen, hetgeen leidt tot stijging van de productie.
− Een antwoord waaruit blijkt dat lagere rente lenen aantrekkelijker en sparen minder
aantrekkelijk maakt, waardoor de particuliere consumptie zal toenemen, hetgeen leidt tot
stijging van de productie.
b. Uit het antwoord moet blijken dat
• als bij een gelijke omvang van M de omloopsnelheid van het geld (V) daalt doordat
consumenten / producenten minder besteden.
• bij een gelijkblijvend prijsniveau (P) de productie (Y) zal dalen, waardoor de werkgelegenheid zal
dalen en de werkloosheid zal stijgen.
c. Bij (1) aandelen.
Bij (2) 5,04%.
Bij (3) verhoogd.
(berekening voor (2):
246 − 2,7 − 7,8 − 1,1 − 0,2 = 234,2 →
246 − 234,2
× 100% = 5,04%)
234,2
Uitwerking opgave 6.2 (CE 2003)
a. 42 (miljard geldeenheden)
Een voorbeeld van een juiste berekening is:
• chartaal geld bij publiek =
chartaal geld bij banken
•totaal
126
0,9
-126
14 (miljard)
(1p)
28 (miljard) +
42 (miljard)
(1p)
b.
Een voorbeeld van een juiste berekening is:
28 + 12
= 160 
rekening-couranttegoeden kunnen toenemen met 160 – 126 = 34
0,25
(miljard geldeenheden)
c.
Voorbeelden van een juist antwoord zijn:
• Een verklaring waaruit blijkt dat met het uitzetten van vermogen op de kapitaalmarkt voor
langere tijd koopkracht wordt uitgesteld en dat daar doorgaans een hogere rentevergoeding
tegenover staat.
• Een verklaring waaruit blijkt dat het uitzetten van vermogen op de kapitaalmarkt grotere
risico’s / meer onzekerheden met zich meebrengt en dat daar doorgaans een hogere
rentevergoeding tegenover staat.
d.
Voorbeelden van een juist antwoord zijn:
• de post bankcertificaten CB
Uit de verklaring moet blijken dat het bedrag op deze post zal afnemen als de CB
bankcertificaten (terug)koopt van de algemene banken, hetgeen de liquiditeitspositie van deze
banken verbetert en de geldmarkt (in ruime zin) zal verruimen.
• de post vreemde valuta
Uit de verklaring moet blijken dat het bedrag op deze post zal afnemen als de CB vreemde
valuta koopt van de algemene banken, hetgeen de liquiditeitspositie van deze banken verbetert
en de geldmarkt (in ruime zin) zal verruimen.
Download