Dieren in verkiezingstijd

advertisement
Extra bij artikel ‘Dieren in verkiezingstijd’
Veterinaire stemwijzer!
Met maar liefst 28 partijen, die allemaal het beste met ons voor hebben,
valt het nog niet mee om bij de verkiezingen op 15 maart een
verantwoorde keuze te maken. Probeer maar eens een partij te vinden
waarmee je het op alle punten eens bent. Natuurlijk zijn er verschillende
stemwijzers die ons daarbij kunnen helpen, maar die dekken vaak niet alle
thema’s die je belangrijk vindt. Zo zullen dierenartsen ook geïnteresseerd
zijn in de plannen die partijen hebben met de dierhouderij. In de meest
geraadpleegde stemhulp van Nederland (Stemwijzer.nl) is echter maar
één stelling opgenomen die direct verbonden is aan de dierhouderij,
namelijk of het BTW-tarief op vleesproducten naar 21% moet. Een
speciale ‘Dierenkieswijzer’ van de Dierencoalitie laat op zich wachten.
Reden voor de KNMvD om de partijprogramma’s van de 10 grootste
partijen eens naast elkaar te leggen op voor de beroepsgroep interessante
thema’s.
Veehouderij
D66, GL en PvdA pleiten voor een ‘natuurinclusieve’ landbouw. Dat wil
zeggen een landbouw die in balans is met natuur en biodiversiteit. GL
geeft aan dat boeren daarbij een deel van hun inkomen kunnen verdienen
met de bescherming en ontwikkeling van natuur, recreatie,
dienstverlening, opwekking van duurzame energie en zorg. Voor D66
houdt dat ook in: minder vlees, betere stallen en minder uitstoot van
methaan en fijnstof. De CU spreekt van een klimaatgericht
landbouwbeleid. De landbouw draagt weliswaar bij aan
klimaatverandering, maar juist de Nederlandse land- en tuinbouw heeft de
kennis en kunde in huis om bij te dragen aan oplossingen. Voor het CDA is
het belangrijk dat Europa zelfvoorzienend wordt en dat er geen
landbouwgronden onteigend worden voor natuurontwikkeling. D66, PvdA,
GL, 50+ en de PvdD willen de import van soja en mais voor veevoer
beperken en het gebruik van kunstmest terugdringen.
Grondgebonden en cyclisch
D66, PvdA en CU pleiten voor een grondgebonden veehouderij. GL wil
daar een stelsel van grondgebonden dierrechten aan verbinden. De CU
denkt aan één helder wettelijk kader voor de melkveehouderij dat
perspectief biedt en ruimte geeft aan grondgebonden bedrijven om
verantwoord te ontwikkelen. Melkveehouders mogen niet meer koeien
hebben dan ze grond hebben om te kunnen beweiden, is de mening van
de PvdD. De SP wil met andere landen in EU een nieuwe vorm van
productiebeheersing voor melk, zodat melkprijzen stabiliseren en
mestoverschotten voorkomen worden. De melkveehouderij wordt wat de
SP betreft volledig grondgebonden.
SP en D66 willen kringlooplandbouw stimuleren om het mestoverschot
terug te dringen, de waterkwaliteit te verbeteren en het natuurherstel te
bevorderen. Wat er aan meststoffen door gewassen aan de bodem
onttrokken wordt moet een veehouder weer aan de bodem terug kunnen
geven in de vorm van meststoffen, vinden CDA en D66. De PvdD vindt dat
de mestproductie van de dieren uit de Nederlandse veehouderij moet
worden afgestemd op wat we verantwoord op onze akkers kunnen
gebruiken. Hierdoor zal de veestapel fors moeten krimpen. Het injecteren
van mest wordt als het aan de PvdD ligt verboden.
Dieraantallen
Voor een deel van de partijen gaat verduurzaming samen met een kleiner
aantal dieren. De SP wil dat via diervergunningen het aantal kippen,
varkens, geiten en andere gangbare staldieren beter gereguleerd en
gereduceerd wordt om overbelasting van mens en milieu tegen te gaan.
De PvdD wil dat het aantal gehouden dieren wordt met 70% verlaagd.
Ook moet er volgens de PvdD een maximum komen aan de hoeveelheid
melk die per hectare geproduceerd mag worden. Ook de PvdA wil de
veestapel terugdringen door middel van dierrechten. Andere partijen zoals
de CU zijn tegen een Wet dieraantallen. Er is geen directe relatie tussen
het aantal dieren in een stal en de volksgezondheid. Wel leidt de hoge
hoeveelheid fijnstof concentraties in de nabijheid van pluimveebedrijven
tot luchtwegaandoeningen. Veehouderij, overheid en kennisinstellingen
moeten volgens de CU gezamenlijk stappen zetten om de luchtkwaliteit
rondom stallen te verbeteren.
Weidegang
Weidegang voor koeien en voldoende buitenruimte voor varkens en
pluimvee worden wettelijk verankerd, zo stelt GL. Koeien moeten kunnen
grazen, kippen scharrelen en varkens wroeten. Ook de PvdD en de SP
willen weidegang voor koeien wettelijk regelen. Volgens de SP horen
varkens horen niet vast te staan tussen stangen en moeten voortaan
strooisel krijgen. De CU vindt verplichten van weidegang niet wenselijk
noch realistisch maar is wel voor stimuleren. Volgens de visie van de PvdD
horen koeien in familiekuddes. Kalfjes worden niet langer meteen na de
geboorte weggehaald, maar mogen opgroeien bij hun moeder in de wei en
de melk drinken die voor hen bedoeld is.
Innovatie en onderwijs
Veel partijen willen duurzame innovatie in de landbouw bevorderen. Alleen
de richting van deze innovatie verschilt enigszins. GL zoekt het in
biologische landbouw en 50+ in duurzame landbouwtechnologie. VDD
staat positief tegenover innovaties in de landbouw die het tevens welzijn
bevorderen. Zo is de leefruimte per koe belangrijker zijn dan het totaal
aantal koeien per stal. De leefruimte is immers ook afhankelijk van de
omvang van een stal. En dankzij innovaties als de melkrobot kan de koe
zelf bepalen wanneer zij gemolken wordt. Dit is niet alleen
diervriendelijker, maar leidt er ook toe dat de melkproductie per koe kan
toenemen. CU en 50+ maken zich sterk voor het landbouwonderwijs.
Wet- en regelgeving
Met name VVD en D66 leggen de nadruk op het wegnemen van
belemmerende regels. CDA en VVD geven aan dat regels vooral de
concurrentiekracht niet moeten beperken. Voor de VVD is belangrijk dat
regels innovatie, hergebruik en verwerking bevorderen: mest als product.
De CU heeft aandacht voor gedwongen verplaatsingen van boerbedrijven
en vindt snel handelen van de overheid, een goede prijs en actieve
ondersteuning in hervestiging het devies. Het CDA wil weer een aparte
minister van landbouw, natuur en voedsel.
Dierziekten
De PvdA en de PvdD stellen bij een toekomstige zoönose-uitbraak
volksgezondheid boven het economisch belang en legt de
verantwoordelijkheid voor de bestrijding direct en volledig bij het
ministerie van volksgezondheid, welzijn en sport. De SP wil niet ruimen
maar prikken en dieren worden daarom preventief ingeënt tegen
gevaarlijke ziekten, waaronder mond-en-klauwzeer. Volgens de PvdD
moeten dieren bij uitbraken van niet-dodelijke dierziekten dieren kunnen
uitzieken en herstellen. Zieke dieren mogen niet om louter economische
redenen worden gedood. PvdA en SP bepleiten een Q-koorts schadefonds.
Antibiotica
Ondanks de forse reductie van de afgelopen jaren willen PvdA, VVD, D66,
SP, CU, PvdD en 50+ het antibiotica in de veehouderij verder afbouwen.
De VVD vult aan dat dit niet alleen voor de Nederlandse landbouw geldt
maar voor heel Europa. De PvdA stelt dat antibiotica alleen mogen worden
gebruikt in uitzonderingsgevallen en op individueel niveau. De NVWA moet
van de PvdA meer inspecteren op antibioticagebruik, ook in geïmporteerd
voedsel zoals kweekvis.
Megastallen
GL, PvdD SP en 50+ willen geen megastallen. Volgens de PvdD moet
tussen stallen en de huizen van omwonenden wordt een afstand van
minimaal 2.000 meter worden aangehouden. Nieuwe stalsystemen worden
eerst getoetst op dierenwelzijns- en milieueffecten voordat ze in de
praktijk mogen worden gebruikt. Bestaande stallen krijgen zo’n toets met
terugwerkende kracht. Verder krijgen stallen en slachterijen permanent
cameratoezicht.
GL, SP en PvdD vinden de brandveiligheid in stallen van groot belang. De
PvdD wil sprinklerinstallaties verplichten en de dieren vluchtwegen bieden.
Veetransport
Veetransporten moeten korter en comfortabeler, zegt D66. De PvdA vindt
slachten in Nederland het uitgangspunt. Er wordt Europees geregeld dat
er een verbod komt op veetransporten van levende dieren die langer dan
8 uur duren. Voor GL is dat 4 uur en de PvdD vindt 2 uur het maximum.
Als het warmer is dan 25 graden mogen dieren volgens de PvdD helemaal
niet meer op transport. Het vervoer van levende dieren naar landen
buiten de Europese Unie, zoals Turkije, is niet langer toegestaan. Aan
import en doorvoer via de EU van dieren vanuit bijvoorbeeld de Verenigde
Staten naar Azië komt ook een einde. Veetransportwagens krijgen een
GPS-volgsysteem, ongeacht de lengte van het transport.
Dodingsmethoden
D66 wil onverdoofd slachten zoveel mogelijk beperken en ook voor het
doden van vissen diervriendelijke oplossingen vinden. PvdD en 50+ willen
een verbod op onverdoofd ritueel slachten. PvdD wil een import- en
handelsverbod op vlees van onverdoofd geslachte dieren en tot die tijd
verplichte etikettering. D66 is tegen het doden van slachtvarkens en
ganzen met CO2 en de inzet van CO2-vergassing bij het ruimen van
pluimvee. PvdD wil de waterbadmethode bij kippen en CO2-verdoving bij
varkens afschaffen.
Dierenwelzijn
In zijn algemeenheid de PvdA dat boeren verplicht moeten worden het
dierenwelzijn te monitoren en met moderne middelen te verbeteren.
Terwijl de CU van mening is dat dierenwelzijnseisen marktgestuurd
moeten zijn, zodat vraag, aanbod en prijs bij elkaar komen en de boer
betaald wordt voor de extra investeringen. GL stelt dat dieren hebben
recht op een respectvolle behandeling en soorteigen gedrag moeten
kunnen vertonen. De PvdD streeft naar een samenleving waarin zo min
mogelijk dieren worden gebruikt door de mens en dierenrechten in de
Grondwet staan. Voor diergeneeskundige zorg wil de PvdD het BTW tarief
verlagen.
Fokkerij
Bij het fokken van dieren moet welzijn voorop staan in plaats van hoge
productie of uiterlijke raskenmerken, zegt D66. De PvdD wil een verbod
op het fokken op extreme groei, - productie of uiterlijke kenmerken.
Embryospoeling, embryotransplantatie en hormonale
vruchtbaarheidsbehandelingen mogen ook niet meer. Voor nieuwe
voortplantingsmethoden die de lichamelijke integriteit en het welzijn van
dieren aantasten komt geen toestemming. Verder wil de PvdD voor
fokkers en handelaren een vergunningplicht invoeren en de import van
buitenlandse puppy’s strenger controleren.
Positieflijst en ingrepen
De PvdA wil de positieflijst uitbreiden met vogels, vissen en reptielen. De
PvdD wil een korte positieflijst van huisdieren op basis van natuurlijke
gedrag en behoeften. Alle andere dieren mogen niet gehouden of
verhandeld worden. Verder wil de PvdD ingrepen als het castreren van
biggen, het couperen van staarten, en het onthoornen van koeien en
geiten verbieden. Verplichte oormerken moeten verdwijnen en tot die tijd
krijgen gewetensbezwaarden een ontheffing. De chipplicht voor honden
wordt daarentegen uitgebreid naar katten, zodat een eigenaar sneller kan
worden herenigd met zijn of haar verloren dier.
Dierenmishandeling
De VVD, SP, PvD en 50+ willen harder optreden tegen
dierenmishandeling. SP zal daarom de kennis en de capaciteit bij
toezichthouders uitbreiden. De PvdD wil meer dierenpolitieagenten en
mogelijkheden om verwaarloosde en mishandelde dieren sneller in beslag
te nemen. Verder moet er een speciale officier van justitie voor
dieraangelegenheden komen. Wat SP en PvdD betreft krijgen
dierenbeulen een (levenslang) houdverbod. De VVD wil bijtincidenten door
honden aanpakken met een goede registratie en verwerking van het
aantal incidenten.
Diergebruik
PvdD is kritisch tegenover alle vormen van diergebruik en wil een verbod
op onder andere dolfinaria, dieren voor publieksvermaak, sportvissen,
veemarkten, dierenbeurzen en traditionele dieronvriendelijke gebruiken
zoals zwientje tikken.
Om impulsaankopen te vermijden wordt verkoop van dieren via internet,
tuincentra en markten verboden. Voor de aanschaf van dieren wordt een
bedenktijd ingevoerd. Dierenwinkels worden aangemoedigd om te stoppen
met de verkoop van dieren. Zij kunnen hun klanten in plaats daarvan
doorverwijzen naar een opvangcentrum of asiel.
Voor kinderboerderijen komen er strengere wettelijke dierwelzijnseisen
met het natuurlijk gedrag als norm. Voor paarden wil de PvdD ook dat de
huisvesting meer ruimte biedt voor natuurlijk en sociaal gedrag.
Schadelijke trainingsmiddelen en -methoden worden verboden en er komt
een minimumleeftijd waarop pony’s en paarden belast mogen worden.
Ook komen er minimumnormen voor dierbenodigdheden als hokken en
kooien. Het afgezonderd houden van sociale dieren, zoals konijnen, wordt
verboden, net als de verkoop van vissenkommen en te kleine hokken of
kooien.
Dierenasielen en dierenambulances moeten door de overheid financieel
ondersteund worden bij professionalisering. Het netwerk van
opvangcentra en dierenambulances wordt landelijk dekkend.
Dierenambulances krijgen een vergunning om over bus- of trambaan te
rijden. Dieren krijgen een vaste plaats in draaiboeken van hulpdiensten en
rampenplannen. De huisdierensector gaat meebetalen aan de opvang en
verzorging van afgestane en gevonden dieren. Per verkocht dier wordt
een bijdrage gestort in een opvangfonds. Voor herplaatsing van dieren
gaat het lage btw-tarief gelden. De overheid regelt de zorg voor in het
wild levende dieren die gewond zijn geraakt.
Dierproeven
Veel partijen, zoals SP, PvdA, D66, PvdD en GL willen het aantal
dierproeven verder terugdringen. GL wil dierproeven uit faseren en
proefdiervrije onderzoeksmethoden stimuleren. Dierproeven worden alleen
nog tijdelijk toegestaan zolang het de enige manier is om substantiële
verbetering van de volksgezondheid te bereiken. Volgens de PvdA moet
Nederland in 2025 wereldleider in proefdiervrije innovatie zijn. De PvdD
wil het gebruik van dieren in het middelbaar en hoger onderwijs, in
snijpractica, bij demonstraties en bij proeven beëindigen. Studenten in
(bio)medische opleidingen kunnen, als het aan de PvdD ligt, het gebruik
van dieren voor onderwijsdoeleinden weigeren en worden standaard
onderwezen in én met gebruik van alternatieven voor dierproeven.
Handhaving
Alle partijen vinden handhaving belangrijk in het kader van dierenwelzijn,
voedselveiligheid en volksgezondheid. Het CDA wil producenten en de
sector zelf te laten zorgen voor veilig, schoon en betrouwbaar voedsel. De
NVWA heeft tot taak om de rotte appels actief op te sporen en hard aan te
pakken. De PvdD wil dat de controle op alle schakels in de veehouderij
wordt opgevoerd en in handen komt van de overheid. PvdA, SP en PvdD
willen de NVWA daarom extra mensen en middelen geven. De VVD wil de
NVWA doorlichten op kosteneffectiviteit zodat de tarieven die zij
doorberekent aan bedrijven kunnen worden verlaagd. Daarnaast willen zij
dat de NVWA exportcertificaten en keuringsdocumenten ook in het
weekend gaat afgeven. De NVWA moet zich aanpassen aan de logistiek
van het bedrijfsleven en niet andersom. CU is ook voor een efficiëntieslag
in plaats van ondernemers steeds hogere kosten door te berekenen. Waar
nodig krijgt de NVWA van de CU wel extra middelen om de controle van
de voedselveiligheid op hoog niveau te houden.
Dierlijke producten
Een aantal partijen, zoals D66, GL en PvdD, pleit voor het verlagen van de
vleesproductie en –consumptie. De SP gaat meer werk maken van de
productie en consumptie van gezond en verantwoord voedsel, in tien jaar
wil men de omzet van biologisch voedsel verviervoudigen. De PvdD wil
subsidie voor promotie van vlees en zuivel stoppen, de ontwikkeling van
plantaardige vlees-, zuivel- en visvervangers ondersteunen en campagnes
voor een plantaardig voedingspatroon opzetten. GL wil voor vlees een
hoger btw-tarief, de PvdD ook voor zuivel en eieren.
Eerlijke prijs
Heel wat partijen maken zich sterk voor een eerlijke prijs voor dierlijke
producten. Wat GL betreft komt er een verbod op stunten met
vleesprijzen. Al het vlees dat in Nederland verkocht wordt, beschikt als
eerste stap over 1 ster van het Beter Leven Keurmerk van de
Dierenbescherming. CU en GL zijn voor een verbod op verkoop onder de
kostprijs. De mededingingswetgeving moet wat betreft het CDA, GL en de
CU aangepast worden om veehouders meer marktmacht te geven en een
eerlijke prijs mogelijk te maken. SP en CDA komen met het idee van een
ombudsman of voedselscheidsrechter voor oneerlijke handelspraktijken.
De PvdD vindt dat in de prijs van voeding ook de kosten moeten zitten om
dieren en milieu te beschermen en om de voedselveiligheid te garanderen.
Men wil daarom een ‘eerlijk-prijs-bewijs’ invoeren.
Etiket
Het etiket moet consumenten meer informatie geven over zaken als
gezondheid, duurzaamheid, productiemethoden, herkomst en
dierenwelzijn, dat vinden PvdA en PvdD. De PvdA wil een transparante
database waarin producenten informatie publiceren over hun producten,
zodat de consument verantwoord kan kiezen. De PvdD wil een verplichte
etikettering voor vlees, zuivel en eieren afkomstig van dieren die zijn
gevoed met genetisch gemanipuleerde gewassen. Op producten waarin
gentechingrediënten zijn verwerkt, wordt dit duidelijk vermeld op de
voorkant van het product of de verpakking. CU wil dat kinderen onderwijs
krijgen over de herkomst van ons eten. SP, PvdD en 50+ maken een
speerpunt van voedselverspilling. proeven en koken en gezonde voeding.
Bont
D66, SP, GL en PvdD spreken zich uit tegen textielproducten waarvoor
dieren zijn mishandeld, zoals bepaalde soorten wol, bont, dons en
exotisch leer.
EU
PvdA en D66 zijn voor een herziening van het EU-landbouwbeleid, het
gelijkmatig afbouwen van subsidies en het stimuleren van innovatie en
duurzame landbouw. VVD wil dat het Europese landbouwbudget niet
langer wordt ingezet om de klassieke landbouw te subsidiëren, maar
plaatsmaakt voor subsidiëring van innovatieve, hoog productieve en
efficiënte landbouw.
VVD wil in de EU een gelijk internationaal speelveld voor de hele land- en
tuinbouw. Europese richtlijnen voor onder andere dierenwelzijn wil de VVD
niet strenger invoeren dan door de Europese Unie wordt voorgeschreven.
De SP wil inkomenssubsidies voor boeren afbouwen en vervangen door
een nationaal fonds voor landschaps- en weidevogelbeheer. PvdD wil het
EU-budget tijdelijk inzetten om boeren te helpen met omschakeling naar
ecologische landbouw, daarna stopt de subsidiëring. Verder geeft de PvdD
aan dat de milieu- en dierenwelzijnseisen waaraan onze boeren moeten
voldoen ook moeten gelden voor producten die geïmporteerd worden van
buiten de Europese Unie.
Verantwoording:
Voor dit artikel is gebruik gemaakt van de partijprogramma’s van de tien
grootste partijen volgens de meest gangbare politieke peilingen. De
opvattingen van andere politieke partijen zijn voor dit artikel buiten
beschouwing gelaten. De partijprogramma’s zijn geraadpleegd via het
internet en gescand op zoektermen: dier, dierenwelzijn, veehouderij,
landbouw en antibiotica. Als partijen niet genoemd staan als voor- of
tegenstander van een bepaald beleid wil dat niet zeggen dat men er geen
opvatting over heeft, alleen kan die uit het verkiezingsprogramma niet
afgeleid worden. Zo besteedt de PVV in haar korte verkiezingsprogramma
geen aandacht aan de dierhouderij.
Download