samenvatting + modeloplossing

advertisement
Deel 2 -lichtbreking
1
2
Waarom dragen jullie een zonnebril?
 glazen laten slechts een beperkt deel van de zon door, de rest
absorberen ze, zo beschermen ze onze ogen
Waarom moet je een reflector hebben op je fiets?
 Deze reflecteert het licht, of weerkaatst het
Hieruit kunnen we afleiden dat sommige voorwerpen het
licht weerkaatsen ( = reflecteren) doorlaten of
absorberen
◦
◦
◦
◦
donkere voorwerpen absorberen grote hoeveelheden licht
lichte voorwerpen weerkaatsen grote hoeveelheden licht
blinkende voorwerpen weerkaatsen nagenoeg alle licht
ruwe voorwerpen verstrooien het licht
3
p149
Licht valt op effen spiegelend
oppervlak
Alle lichtstralen in één richting
teruggekaatst
P149-150
Wolk = kleine
druppeltjes
Oneffen
metaaloppervlak
Verfrommelde folie
Elke lichtbundel in andere richting teruggekaatst
P150
Proef:
 a) Een evenwijdige lichtbundel valt in op een spiegel
 b) Een evenwijdige lichtbundel valt in op gekreukt aluminiumfolie
Waarneming:

a) Door de spiegel wordt het licht in één richting
teruggekaatst

b) Door de aluminiumfolie wordt het licht in verschillende
richtingen teruggekaatst.
6
P150
Wetten van de terugkaatsing: toepassing
verklaring van de diffuse terugkaatsing
lichtbundel
oneffen spiegelend oppervlak
P150
Theorie
 Regelmatige terugkaatsing ontstaat als licht invalt op
een effen oppervlak.
 Het licht wordt in dezelfde richting teruggekaatst.
 Diffuse terugkaatsing ontstaat als licht invalt op een
oneffen oppervlak
 Het licht wordt in alle richtingen teruggekaatst
8
P150
Toepassingen
 a) Waarom zien we geen beeld meer als we op een
spiegel uitademen ?
◦ Diffuse terugkaatsing op waterdruppels

b) Verklaar waarom op zolder de binnenvallende
zonnestralen duidelijk te zien zijn.
◦ Diffuse terugkaatsing op stofdeeltjes

c) Een autobestuurder ziet in de mist duidelijk de
lichtbundels van zijn auto. Verklaar.
◦ Diffuse terugkaatsing op waterdruppels
9
P150



Een spiegel is elk voorwerp dat licht op een
regelmatige manier weerkaatst
Vlakke spiegels: het spiegeloppervlak is vlak
Sferische spiegels: het spiegeloppervlak is bolkap
Hol: de binnenzijde van de bolkap is spiegelend
 Vergroten het spiegelbeeld
Bol :de buitenzijde van de bolkap is spiegelend
 Verkleinen het spiegelbeeld-> groot gezichtsveld
10
P151
Zie leerlingenproef
11
normaal
teruggekaatste
straal



invallende straal


Een lichtstraal die invalt op een
voorwerp, valt altijd in op een
bepaald punt van het voorwerp.
Het invalspunt is het punt waar
de invallende straal het voorwerp
raakt.
De lijn die loodrecht op het
voorwerp staat en door het
invalspunt gaat,noemen we de
normaal.
De hoek die de invallende
lichtstraal maakt met de normaal,
noemen we de invalshoek,
en de hoek die de weerkaatste
lichtstraal maakt met de normaal,
noemen we de
weerkaatsingshoek
P151
normaal
teruggekaatste
straal
invalshoek = terugkaatsingshoek
i=t
invallende straal
P152
De stralengang is omkeerbaar
P152
Wetten van de terugkaatsing: « 3 »
lichtbron
Lichtstraal valt in op spiegel
In invalspunt teken je de normaal
vlak scherm
Door de straal en de normaal plaats je
een vlak scherm
De teruggekaatste straal valt ook samen
met het scherm
invalspunt
vlakke spiegel
Invallende straal, normaal en teruggekaatste straal liggen in hetzelfde vlak
P152
N = normaal
Î = invalshoek
T^ =terugkaatsingshoek
i = invallende straal,
t = teruggekaatste straal



de invallende straal, normaal en de teruggekaatste
straal liggen in hetzelfde vlak
De invalshoek van een lichtstraal is altijd gelijk aan de
weerkaatsingshoek
De stralengang is omkeerbaar
16
P152
17
P152
Proef met kaars
Waarneming
 Het beeld bevindt zich evenver achter de spiegel dan
het voorwerp ervoor.
 De lijn die voorwerp en beeld verbindt staat loodrecht
op de spiegel: voorwerp en beeld liggen symmetrisch
t.o.v. de spiegel
 Afstand =….cm ( gelijk )
18
P153
Proef kaars + voorwerp
Waarneming
 Het beeld staat rechtop
 Linker- en rechterzijde zijn omgewisseld
 De grootte van het beeld is gelijk aan de grootte van
het voorwerp.
 Het spiegelbeeld is een virtueel beeld -> Het beeld
kan NIET opgevangen worden op een scherm
19
P153
voorwerp
beeld
Beeld staat
rechtop
links
rechts
rechts
links
Links en rechts zijn verwisseld
P153
reëel voorwerp
Voorwerp en beeld symmetrisch
t.o.v. spiegel
Spiegel =
wateroppervlak
beeld
Voorwerp en beeld even groot
Beeld is virtueel
P153


met de praktische methode
met de methode van de terugkaatsing
22
P153
Constructie van een beeldpunt bij een vlakke spiegel steunend op de
terugkaatsingswetten
B
Het beeldpunt is het snijpunt
van de verlengden van de
teruggekaatste stralen !
Vlakke spiegel
t
2
i
i
1
t
3
1
i=t
i t
V
i=t
i=t
3
2
3
1
2
P153
Opdracht : vervolledig de stralengang
Waarneming
 Het beeld bevindt zich achter de spiegel in het
snijpunt van het snijpunt van het verlengde van de
teruggekaatste stralen
24
P153
a)
b)
c)
d)
e)
Rechtopstaand
Links - rechts – verwisseld
Even groot
Virtueel
Voorwerp en beeld liggen symmetrisch t.o.v. de
spiegel
Een VIRTUEEL BEELD is een beeld dat men NIET kan
opvangen op een scherm
25
P153
Probeer nu de test jezelf vragen over terugkaatsing van
het licht op te lossen
 Je mag je cursus en je handboek gebruiken
 Je mag per tafel “ in stilte “ samen werken
26
Kennis
1
1.
1. spiegelend oppervlak
4
7
2. normaal
6
3
3. Invallende straal
4. invalspunt
5
2
5. teruggekaatste straal
6. invalshoek
7. terugkaatsingshoek
p155
p155
Kennis
1
2.

De invallende straal,
normaal en de
teruggekaatste straal liggen
in hetzelfde vlak

De invalshoek van een
lichtstraal is altijd gelijk aan
de weerkaatsingshoek

De stralengang is
omkeerbaar
4
7
6
3
5
2
p155
p155
Kennis
3.
Als je nu langs de weg van de
teruggekaatste straal een
lichtstraal laat invallen dan wordt
ze teruggekaatst langs dezelfde
weg als de oorspronkelijke
invallende straal: de hoeken
blijven dezelfde want
invalshoek = terugkaatsingshoek!
Je kan de pijltjes dus omkeren op de twee lichtstralen
p155
p155
Kennis
4.
Een reëel beeldpunt kun
je opvangen en
waarnemen op een
scherm, een virtueel
beeldpunt niet. Het
vormt zich in onze
hersenen
p155
p155
5.
De afstand van het beeldpunt tot de spiegel
is gelijk aan
de afstand van het voorwerpspunt tot de spiegel
Kennis
p155
p155
6.
Inzicht
a. fout. De wet geldt voor elke lichtstraal in elk invalspunt
lichtbundel
oneffen spiegelend oppervlak
p155
p155
6.
Inzicht
b. juist
c. fout, er bestaan ook bolle en holle spiegels
p155
p155
6. d. fout
Inzicht
lichtbron
vlak scherm
invalspunt
vlakke spiegel
Invallende straal, normaal en teruggekaatste straal liggen in hetzelfde vlak
p155
p155
7. De lichtstraal kaatst terug op het blad en vermits
Inzicht
Het blad geen glad oppervlak is, is de terugkaatsing
diffuus. De lichtstralen gaan naar alle kanten en komen in
ons oog terecht. Zo zien wij de lichtstraal op het blad in
alle richtingen
p155
p155
8.De spiegel is niet meer glad maar bedekt met kleine
Inzicht
druppeltjes die het licht verstrooit in alle richtingen
p155
p155
9.Dit is regelmatige terugkaatsing op elk spiegeltje.
Inzicht
Maar door het feit dat de spiegeltjes allemaal onder een
Andere hoek staan gaat de terugkaatsing in vele richtingen
p155
p155
c
11. c
Inzicht
10.
12.
B
Op 20 cm
Vlakke spiegel
t
2
i
i
1
t
3
1
i=t
i t
V
i=t
i=t
3
2
3
1
2
p155
p156
14.
b even groot
b 1,0 m
Inzicht
http://vanbreemen.fortunecity.com/Lege%20pagina%206_bestanden/6.3/spiegelen.html
http://www.natuurkunde.nl/artikelen/view.do?supportId=777830
p155
p156
Toepassen
15.
V
B
p155
p156
Toepassen
16.
V
B
p155
p157
17.
Toepassen
Door het feit dat de spiegeltjes niet op 1 rechte lijn staan maar
onder een hoek met elkaar wordt het licht in verschillende
richtingen teruggekaatst. Meervoudige terugkaatsing op de
spiegeltjes verstrooien uiteindelijk het licht in alle richtingen wat de
bedoeling is van een reflector: deze moet gezien worden uit
verschillende richtingen
p155
p157
Toepassen
18.
Piet
An
An
Piet
Els
Els
c. An ziet Piet, Piet ziet zichzelf en An, Els ziet niemand
p155
p157
19.
Toepassen
p155
p157
20.
Toepassen
lengte van de spiegel: de helft van de lengte van Alice
hoogte t.o.v. de grond: op de halve lengte van Alice
p155
p158
21.
Toepassen
1 lezen we in de achteruitkijkspiegel
2 is het opschrift op de ambulance
p155
p158
23.
Toepassen
ze kunnen elkaars spiegelbeeld zien
p155
p159
24.
Het spiegeltje kan je zo draaien
dat je een lichtbundel zo kan
laten terugkaatsen dat hij volop
op het preparaat valt.
Zelftest
p155
p159
25. juist: bewering b en c
Zelftest
+10°
Â
p155
p159
Zelftest
26.
TAM
MAM
TAT
HAM
p155
p159
27.
Zelftest
Schaduw 1 ontstaat wanneer de lichtbundel, uitgestuurd door de kaars op de spiegel valt
en terugkaatst.
Schaduw 2 ontstaat op dezelfde wijze: de bundel uitgestuurd richting spiegel kaatst terug
op de kaars.
Schaduw 3 ontstaat als gevolg van het rechtstreekse licht dat op de kaars valt.
p155
p159
28.
link
Zelftest
p155
p159
http://www.youtube.com/watch?v=xeKoRkC3UI0&feature=related
http://www.youtube.com/watch?v=1kVh4NQ7geg&NR=1
http://www.youtube.com/watch?v=95O-bQo04Ok&NR=1
Een magnesiumbrand kan niet met water
geblust worden omdat het metaal ook met
water reageren kan via:
Mg + 2H2O → Mg2+ + 2 OH- + H2
Het gevormde waterstof is ook brandbaar.

Magnesium is een mineraal dat aanwezig is in iedere
cel van het lichaam. Het is onmisbaar voor de
energieproductie, de werking van spieren en zenuwen
en voor het behoud van de stevigheid van botten.
Magnesium speelt een belangrijke rol bij de werking
van enzymen in het lichaam en is betrokken bij de
aanmaak van hormonen. Ongeveer de helft van de
magnesiumvoorraad in het lichaam bevindt zich (in
combinatie met calcium en fosfaat) in het bot.

Voeding is de bron van magnesium. Het is aanwezig in
vele voedingsstoffen, met name in groene
bladgroenten zoals spinazie. De hoeveelheid
magnesium in bloed, cellen en bot wordt door het
lichaam constant gehouden. De regulatie gebeurt door
aanpassing van opname (via de darmen) en
uitscheiding (met de urine, via de nieren).

Een tekort aan magnesium komt niet snel voor.
Magnesium zit namelijk in diverse voedingsmiddelen.
De symptomen van een tekort zijn algehele
lusteloosheid of vermoeidheid. Bij een langdurig tekort
aan magnesium treden klachten op als irritatie van de
zenuwen in de spieren, hartritmestoornissen en
maagkrampen.

Bij een teveel aan magnesium ontstaat lichte diarree.
Een verhoogde concentratie magnesium is zelden aan
de voeding te wijten. Meestal is een verhoogd
magnesium het resultaat van problemen bij
uitscheiding of van kunstmatige toediening.
Download