agenda internationalisering

advertisement
AGENDA INTERNATIONALISERING
PROVINCIE GRONINGEN 2016-2019
Mogelijkheden zien, kansen pakken en acties uitvoeren.
Internationale samenwerking is van groot belang voor de provincie Groningen. Wij hanteren bij onze
acties op dit gebied de volgende uitgangspunten










'Geen grenzen, maar verbindingen'
'Europa en internationalisering hoort bij ieders werk'
'Europese Unie is voor ons net zo belangrijk als Den Haag: beïnvloeding via netwerken en
lobby'
'Samenwerking met partners bij realiseren van de internationaliserings-opgaven' Uitgangspunt
is de noordelijke schaal, regio Noord Nederland
'Schwerpunkt Deutschland'
'Naar een Noordelijke Ontwikkelingsas 2.0'
Overige netwerken (China, Rusland): reactief
Waar nodig vooraf investeren in nieuwe (strategische) netwerken, zelfs als op dat moment de
toegevoegde waarde nog niet precies bekend
Benutting van Europese fondsen en netwerken voor provinciale doelstellingen en
stakeholders
Versterken inzet eigen organisatie gericht op verbinding Brussel/ Europa - Provinciehuis
De EU 2020 ambitie gericht op slimme groei (vergroten van concurrentiekracht en
innovatievermogen), duurzame groei (milieu, gevolgen klimaatverandering, duurzame
energievoorziening) en inclusieve groei (sociale samenhang, gevolgen van demografische
ontwikkelingen) sluit heel goed aan bij de Groningse provinciale ambities. Hier liggen kansen om
Groningse ambities te verwezenlijken. Tegelijkertijd heeft de provincie in regionaal verband
Europa ook veel te bieden.
1
1. Inleiding
'Geen grenzen, maar verbindingen'
Met deze Agenda Internationalisering geven wij uitwerking aan onze internationaliseringsambities
zoals in het Collegeakkoord 2015-2019 beschreven. De agenda geeft onze visie weer en maakt
inzichtelijk op welke manier wij invulling willen geven aan Internationalisering in het licht van de
provinciale opgaven 2015-2019. Ons motto is 'Geen grenzen, maar verbindingen'. Deze
verbindingen kunnen variëren van beleidsafstemming met de buren over ruimtelijke plannen tot
het realiseren van grensoverschrijdende spoorverbindingen, samenwerking tussen kenniscentra
of exportbevordering naar Noord Europa
Goede verbindingen van de Groningse samenleving met haar omgeving , in het bijzonder NoordDuitsland, zijn voor de toekomst van Groningen van essentieel belang. Vanwege het strategische
belang voor Groningen als geheel, willen wij dit proces actief bevorderen en partners helpen bij
het leggen van verbindingen. Onze inzet richt zich hierbij op thematische samenwerking met
buitenlandse partners, lobby naar EU, rijksoverheid en buurlanden, en het optimaal gebruik
maken van Europese instrumenten en programma’s. Onze rol is daarbij in hoofdzaak faciliterend,
maar kan ook investerend zijn afhankelijk van de opgave. Deze agenda is er ook op gericht om
Europa als facetbeleid in de eigen organisatie verder te brengen.
Collegeakkoord 2015-2019
De samenwerking met onze buren over de Duitse grens versterken we om werken over en weer
te vergemakkelijken en te bevorderen. We denken hierbij onder meer aan een proef met een
regelluwe zone in het grensgebied en een grenseffect toets.
Internationaal richten we ons met name op Noord-Duitsland, de Baltische staten en Scandinavië.
Hiervoor stellen we een samenhangende agenda op, gericht op economische speerpunten.
We willen onze concurrentie positie verbeteren, de acquisitie versterken en inzetten op het
binnenhalen van nationale en internationale bedrijven.
Onze inzet is samengevat gericht op:
 Benutten kansen Grensgebied
 Benutten EU fondsen en instrumenten in samenwerking met onze strategische partners,
in het bijzonder met Noord Duitsland, voor de provinciale opgaven
 Actieve rol in Europese netwerken, samen met onze partners (investeren)
 Beïnvloeding beleid en regelgeving op basis van onze beleidsdoelen. We kijken hoe
Europa optimaal kan bijdragen aan onze eigen doelen (EU toets)
 We positioneren Groningen op basis van de prioriteiten in het collegeprogramma en de
inhoud van de Noordelijke Innovatie Agenda/ RIS3
 We voldoen aan de wettelijke taken die vanuit Europa op ons afkomen en zorgen dat we
ook in de toekomst aan die wettelijke taken kunnen voldoen (Europaproof).
Wij geven invulling aan onze Agenda Internationalisering via de volgende lijnen:



Groningen en de Europese Unie (intern en extern)
Versterking samenwerking met Duitsland
Noordelijke Ontwikkelingsas en overige netwerken
2. Groningen en de Europese Unie
'Europa en internationalisering hoort bij ieders werk'
Europa en internationalisering wordt college breed opgepakt. Iedere gedeputeerde en beleidsveld
is zelf verantwoordelijk voor de inzet van internationalisering als instrument binnen zijn of jaar
portefeuille. De rol van de gedeputeerde Europa en internationale contacten is coördinerend.
2
Die benadering betekent voor de komende jaren een verdere integratie van het facetbeleid
Europa binnen onze provinciale organisatie waarbij betrokkenen voortvarend en actief inspelen op
Europese verplichtingen en kansen. Met andere woorden: Europa/ internationalisering hoort bij
ieders werk. Het gaat daarbij om uitvoeren en handhaven van EU wet- en regelgeving èn om het
realiseren van onze eigen beleidsagenda via verwerving Europese subsidies en beïnvloeding van
het Europese beleidsvormingsproces. Sleutelwoorden daarbij zijn vergroting Europa-bewustzijn,
werken aan onze Europese netwerken èn alert en pro-actief inspelen op Europese
ontwikkelingen.
Wij zien voor de komende jaren een blijvend belang van participatie in Europese projecten met
name rond grensoverschrijdende vraagstukken. Vanuit de living lab Noord-Nederland bieden we
ruimte om projecten in onze regio te doen landen. De EU 2020-doelen (slim, groen en inclusieve
groei) zijn voor ons een belangrijk richtsnoer en zijn goed toepasbaar op de kansen en
ontwikkelingen in onze provincie.
De erkenning van het belang van de Europese bestuurslaag en de wettelijke kaders en ambities
op EU niveau betekent het volgende.
Acties
 Optimaal gebruik maken van de mogelijkheden van het Europese instrumentarium en
benutten internationale samenwerking voor het realiseren van onze doelen (zie bijlage).
 Europa verder integreren in de beleidsvelden, afstemming en informatie-uitwisseling
tussen de EU-betrokkenen bij de diverse beleidsvelden, verantwoordelijkheden en taken
(waaronder de coördinerende taken) ten aanzien van het facet Europa duidelijk beleggen
 Netwerken: duurzame contacten met externe partijen, waarmee naar wens gezamenlijk
ingespeeld kan worden op Europese verplichtingen en kansen
 EU-opleidingstraject voor in- en externe inhoudelijke beleidsmedewerkers: borgen
Europabewustzijn in de organisatie en op voor de provincie belangrijke thema’s de diepte
in. Zo mogelijk i.s.m. de andere Noordelijke provincies
'Europese Unie is voor ons net zo belangrijk als Den Haag: beïnvloeding via lobby'
De Europese Unie is in Nederland en andere Europese lidstaten een niet meer weg te denken
vierde bestuurslaag, waar we direct en indirect mee te maken hebben via regelgeving, beleid en
subsidies. De Europese Unie is voor ons net zo belangrijk als Den Haag. Om daar enige invloed
op uit te kunnen oefenen voert de provincie in SNN verband en HNP/IPO verband een sterke
lobby gericht op:
Beïnvloeding van EU beleid en regelgeving
Benutten EU fondsen
Profilering van Noord Nederland
Kennis en kunde delen door internationale samenwerking
Belangrijke focuspunten voor de lobby zijn het Nederlands EU voorzitterschap (2016), Midterm
Review EU-programma's (2017), Leeuwarden Culturele Hoofdstad (2018) en de nieuwe EUbegrotingsperiode (2020 e.v.).
Prioritaire Noordelijke EU dossiers zijn:
1. Nieuwe EU programmaperiode 2021-2027: Monitoren en NNL optimaal positioneren
(branding).
2. Regionaal beleid/ Kennis en Innovatie: uitvoering lopende programma's via optimale en
toekomstgerichte benutting van structuurfondsen ondersteunend aan RIS3/ NIA;
verminderen controledruk. Accent op doorontwikkeling en uitvoering van de Noordelijk
Innovatie Agenda via gecoördineerde inzet EU-middelen op NIA doelen en samenwerking
met andere Europese Regio's
3. Energietransitie: positionering van Noord-Nederland als "Mini-energy union" en European
Region of Excellence on energy, zorgen voor Europese (co)financiering van
energieprojecten
3
4. Natuur , Landbouw en biodiversiteit: natuurdoelen combineren met andere beleidsdoelen
(economie, water, toerisme etc.), integrale benadering van plattelandsbeleid en regionaal
beleid, toekomst Plattelandsbeleid na 2020.
5. Circulaire economie en bio-economie: Nieuw Europees beleid circulaire economie.
Circulaire economie vraagt om een andere organisatie van de keten van productie,
gebruik en recycling. Deze ketens zijn vaak internationaal. Optimalisering vraagt
samenwerking in Europees verband. Positionering regio, internationale netwerken en
Europese financiering en uitwisseling van Biobased initiatieven. In 2016 is NoordNederland (Groningen/Drenthe) benoemd tot Europese voorbeeldregio op het gebied van
vergroening van de chemie.
6. Transport en mobiliteit: versterken internationale verbindingen, o.m. TEN-T: Groningen Bremen
College prioriteiten met een belangrijke Europese dimensie:
Economie: in internationaal verband werken aan een sterke regionale economie met
focus op ICT, duurzame chemie/ biobased economy, healthy ageing, schone energie,
agribusiness en zorg.
Waddengebied/Eems-Dollard estuarium: in samenwerking met het Rijk en de Duitse
overheden een herstelplan voor de Eems-Dollard op stellen. Het Waddengebied als
werelderfgoed.
Kwaliteitsverbetering spoorlijn Groningen – Bremen('Wunderline'): op een Europese
schaal economische belangrijke gebieden verbinden en kansen bieden voor duurzaam en
innovatief transport.
Energietransitie: elektriciteitsnetwerken Nederland en Duitsland via de zee met elkaar
verbinden als bouwsteen voor een internationaal geïntegreerd elektriciteitsnetwerk in de
Noordzee('North Sea grid')
Grensoverschrijdende arbeidsmarkt: samenwerking met onze buren over de Duitse grens
versterken om werken over en weer te vergemakkelijken en te bevorderen.
Lobby in Brussel: drie sporen
Spoor 1. IPO/Huis Nederlandse Provincies:
De twaalf Nederlandse provincies en het Interprovinciaal Overleg (IPO) stichtten in 2000
het Huis van de Nederlandse Provincies (HNP) in Brussel. Het HNP vervult als
vooruitgeschoven post een signalerende functie en is een platform voor de gezamenlijke
belangenbehartiging van de provincies en het IPO in Brussel. De vertegenwoordigers van
de 12 provincies (waaronder 2 SNN lobbyisten) zijn belast met de lobby voor 7 prioritaire
dossiers die van belang zijn voor alle provincies (bijv. energietransitie&klimaat, regionale
economie, luchtkwaliteit)
Spoor 2. Samenwerkingsverband Noord-Nederland (SNN):
SNN heeft twee lobbyisten in Brussel, die ons informeren over wat er speelt in Brussel. Zij
zijn primair belast met de lobby op SNN-onderwerpen. In de SNN regiegroep Lobby vindt
de afstemming met de drie Noordelijke provincies, o.l.v. directeur SNN, plaats. Een SNNlobbydossier is bijvoorbeeld het Noordelijk aandeel in de EU-structuurfondsen.
Spoor 3. Groninger lobby.
We voeren lobby in Brussel op eigen bestuurlijke kracht via de verantwoordelijke
gedeputeerde. Een specifiek Gronings lobbydossier is de Wunderline
We zien een ontwikkeling waarbij bij in de lobby steeds meer met andere coalities wordt gewerkt
dan de IPO- en SNN-kaders. Ook andere organisaties vanuit Noord Nederland zijn actief in
Brussel. Het is zaak om waar mogelijk zoveel mogelijk samen op te trekken om de belangen van
de regio te behartigen. Het gaat daarbij om samenwerking met clusterorganisaties, steden,
kennisinstellingen, bedrijven en andere Europese regio's (met name uit Noord-Duitsland).
Ook wordt er steeds meer in functionele coalities samengewerkt met andere regio's. Wij willen
daarom actief in het HNP bestuur vormgeven aan een toekomstgericht HNP. Gedacht kan
4
worden om via het HNP ruimte en ondersteuning te bieden aan tijdelijke lobby verbanden en
partijen met overlappende lobby prioriteiten.
Wij willen onze lobby in Brussel versterken en daartoe de informatiestromen tussen "Brussel" en
het provinciehuis verbeteren door 1) een actieve en zichtbare inzet vanuit onze organisatie
(ambtelijk èn bestuurlijk) in Den Haag/ Brussel rond onze eigen prioritaire lobbydossiers en 2)
versterking van de samenwerking met onze vaste SNN-lobbyisten in Brussel.
Op dit moment zijn er twee lobbyisten Brussel vanuit het SNN die samen alle drie de provincies
bedienen. Die lobbyisten werken voor gedeelde landsdelige dossiers met elkaar samen in het
HNP (Huis van de 12 provincies/ 4 landsdelen). Het SNN kent een primaire economische agenda.
Aangezien wij over de hele linie van de provinciale taken onze rol willen vervullen, zullen wij
vanuit de provinciehuizen menskracht moeten vrijmaken om provinciale dossiers te
behartigen. Wij willen in Noordelijk verband de mogelijkheid verkennen om bijvoorbeeld te gaan
werken volgens het Randstad model: iedere provincie zijn eigen lobbyist en medewerkers op
specifieke dossiers "uit te zenden" naar het HNP. Op Noordelijk niveau zou dat dan drie i.p.v.
twee lobbyisten betekenen en een directe relatie tussen lobbyist en provincie.
Acties:
 Wij willen samen met de provincies Drenthe en Fryslân de bestaande lobbystructuur
tegen het licht houden als aanzet voor een vernieuwde Noord-Nederlandse EUlobbystructuur. Daarbij betrekken we uiteraard ook andere partijen in Noord-Nederland
(G4, kennisinstellingen, e.d.)
 Actieve aanwezigheid van bestuurders en ambtenaren in Europese trajecten en
samenwerking met de andere organisaties vanuit Noord Nederland t.b.v. beïnvloeding en
aanwezigheid Europa/Brussel
 In samenwerking met de andere twee Noordelijke provincies het voortouw bij de
organisatie van Noord-Nederlandse presentaties op de Open Days 2016 (Brussel) en bij
de organisatie van de het seminar Europa Dichterbij 2016 (Groningen)
'Samenwerking met partners bij realiseren van de internationaliserings-opgaven'
Wij zien het als een college-brede verantwoordelijkheid om aan de internationalisering van onze
provincie een actieve bijdrage te leveren. Het realiseren van de internationaliserings-opgaven in
deze nota kunnen wij echter niet alleen. Internationalisering is een proces waar de hele Groninger
samenleving, gemeenten, bedrijven, instellingen en burgers, achter moeten staan. Het zijn de
bedrijven die exporteren en de kennis- en onderzoeksinstellingen die gezamenlijk met andere
Europese centra onderzoek en innovatie op een hoger plan tillen.
Wat betreft de gemeenten verwachten wij dat de in gang gezette versterking van de
bestuurskracht ook leidt tot een actievere inzet van gemeenten op het gebied van Europa en
grensoverschrijdende samenwerking. Wij willen actiever optrekken met gemeenten als partner
optrekken in Brussel en zullen gemeenten daarbij waar nodig faciliteren. Met Vereniging
Groninger Gemeenten willen wij Europa als terugkerend thema bij ons periodiek overleg
agenderen.
Bedrijfsleven, gemeenten en instellingen zijn primair zelf verantwoordelijk voor het leggen van
verbindingen met het buitenland, het benutten van EU fondsen en voor de lobby naar Europese
overheden. Waar wij manco’s of juist kansen zien zullen we hen uitdagen die verbindingen te
leggen. Wij zetten daartoe onze netwerken in of kunnen ondersteunen met lobby, daar waar dit
past in onze internationale agenda, en waar onze betrokkenheid meerwaarde heeft.
Met de partners in Noord-Nederland (triple helix) is de afgelopen jaren hard gewerkt aan het
opstellen van een Noordelijk Innovatie Agenda (NIA). Daarin zijn ideeën en adviezen uitgewerkt in
een samenspel van provincies, gemeenten, kennisinstellingen, ondernemers en maatschappelijke
organisaties. Op basis hiervan willen wij komen tot een eenduidige internationale positionering
van Noord Nederland, tot een gezamenlijk optrekken (triple helix) en een afgestemde inzet van
activiteiten en middelen die de noordelijke strategie ondersteunen. Daarbij gaat het om een
samenhangende EU-aanpak, het realiseren van een goed vestigingsklimaat, export en
5
arbeidsmarkt (kenniswerkers). De verantwoordelijkheid van de overheden ligt met name bij de
EU-strategie.
Noordelijke Innovatie Agenda
In de Noordelijke Innovatie Agenda staan de vier maatschappelijke opgaven centraal. Noord
Nederland presenteert zich als een proeftuin regio (oplossingen voor Europese maatschappelijke
uitdagingen) op Europese schaal. De vier uitdagingen zijn: Voedsel, Gezondheid, Water en
Duurzame Energie.
Als het gaat om vestigingsklimaat, export en arbeidsmarkt, ligt de verantwoordelijkheid primair bij
bedrijfsleven, organisaties als de KvK en de NOM en gemeenten. Indien nodig zal extra inzet van
onze kant gepleegd worden ten behoeve van onze prioritaire sectoren zoals energie en Healthy
Ageing. Door verbetering van dienstverlening en het (cultureel) voorzieningenniveau willen we de
bijdragen aan de aantrekkelijkheid van Groningen voor kennismigranten uit Europa of daarbuiten.
Wij ondersteunen de inzet van gemeenten gericht op huisvesting en integratie. Aansprekend
voorbeeld is het International Welcome Center Northern Netherlands (IWCNN). Het “nieuwe”
IWCNN" heeft als doel bedrijven en (kennis)instellingen te faciliteren bij het aanstellen van nieuwe
buitenlandse werknemers.
Acties:
 In SNN verband samen met stakeholders invulling te geven aan de
Internationaliseringsparagraaf van de Noordelijke Innovatie Agenda.
 Lobby in Brussel beter verbinden aan de stakeholders; waar nodig extra inzet plegen,
bijvoorbeeld om een brug te slaan tussen EU en bedrijfsleven/kennisinstellingen
 Stakeholders (bedrijven, kennisinstellingen, gemeenten) informeren en betrekken bij EUprogramma's (Interreg, Life, CEF-T, Horizon 2020) via opzet en onderhoud noordelijk
netwerk
 Wij stellen onze netwerken actief open voor onze stakeholders vanuit de gezamenlijke
Noordelijke agenda.
3. Versterking samenwerking met Duitsland
'Schwerpunkt Deutschland'
Wij willen de contacten met Noord-Duitsland intensiveren met als zwaartepunt de
grensoverschrijdende samenwerking met Niedersachsen. Noord-Duitsland is een zeer belangrijke
partner is voor Groningen. In het bijzonder vanwege de nabije ligging, bestaande verbindingen,
culturele relaties en overeenkomstige economische structuren en belangen in Europees verband.
Niet alleen wat betreft de provincie maar ook bij Groninger gemeenten, bedrijven en
kennisinstellingen is sprake van een steeds intensievere samenwerking met Noord-Duitsland (zie
kader)
De gemeente Groningen onderhoudt nauwe banden met het Oldenburg, Bremen en Hamburg.
Wat betreft onze kennisinstellingen is de Carl van Ossietzky Universitat (Oldenburg) een
belangrijke partner van de Rijksuniversiteit Groningen. Samen hebben beide universiteiten de
'European Medical School' opgericht: de eerste grensoverschrijdende geneeskunde opleiding in
Europa.
Samen met Niedersachsen is door Energy Valley en de provincies een succesvol verlopen
bezoek van EU Energiecommissaris Sefkovic (mei 2015) voorbereid.
VNO-NCW Noord organiseerde de afgelopen twee jaar handelsmissies naar Noord-Duitsland
(i.s.m. de provincie).
Buurland Duitsland is ook voor Noord-Nederland als geheel een uitermate belangrijke handels- en
samenwerkingspartner. Daarom is in 2013 door het Samenwerkingsverband Noord Nederland de
Duitsland Agenda is opgezet als een instrument om de bestuurlijke activiteiten van de noordelijke
provincies ten aanzien van Noord Duitsland onderling af te stemmen en te communiceren. De
Agenda heeft zo de afgelopen jaren bijgedragen aan de verbetering van de verstandhouding met
6
Niedersachsen en de andere noordelijke deelstaten en legde een basis voor
grensoverschrijdende projecten en activiteiten.
Het is van belang dat de betekenis van de samenwerking ook aan de andere zijde van de grens
wordt erkend. De beëindiging van de Nieuwe Hanze Interregio per 1 januari 2011 heeft geleid tot
een nieuwe start in de samenwerking tussen Niedersachsen en de Noordelijke provincies waarbij
een bestuurlijke agenda wordt voorbereid en besproken via een jaarlijks bestuurlijk overleg van
de minister-president van Niedersachsen met de Noordelijke CdK's.
Naast Niedersachsen wordt er ook met andere Noord-Duitse deelstaten samengewerkt: met
Bremen en Hamburg in het kader van o.a. cultuur, energietransitie en Interreg
Noordzeeprogramma èn met Mecklenburg Vorpommern op het gebied van Healthy Ageing en
gezondheidstoerisme. Met al deze Noord-Duitse deelstaten incl. Sleeswijk Holstein zijn de
afgelopen jaren de contacten geïntensiveerd. Ook voor de lange termijn (tot 2020) zien wij ook
goede perspectieven voor grensoverschrijdend partnerschap waarbij de samenwerking geborgd
is door meerjarenafspraken in het kader van Interreg (2014-2020)
.
Voor de regionale grensoverschrijdende samenwerking is ook belangrijk dat van Rijkszijde
betekenis van de relatie met Duitsland wordtgezien. Het kabinet kiest nadrukkelijk voor een
intensievere samenwerking met de buurlanden waarbij ingezet wordt op een lange termijn
strategische samenwerking met Duitsland. In het kader van die intensievere grensoverschrijdende
samenwerking hebben het ministerie van Binnenlandse Zaken, Niedersachsen en de provincies
gezamenlijk een 'Arbeitsliste' opgesteld met knelpunten in de grensoverschrijdende
samenwerking onder andere op het gebied van arbeidsmarkt, gezondheidszorg en infrastructuur.
Acties:
 Wij willen de bestuurlijke contacten met Noord-Duitsland intensiveren met als zwaartepunt
de grensoverschrijdende samenwerking met Niedersachsen.
 Wij bevorderen en ondersteunen initiatieven voor versterking van de samenwerking op
het gebied van economie, kennis en cultuur met accent op onze economische
speerpunten, daartoe inzet INTERREG A
 Wij stellen in Noordelijk verband een Duitslandagenda 2.0 op met concrete acties als
inhoudelijke invulling van de agenda
'Onze thema's met Duitsland: grensoverschrijdende economie/ arbeidsmarkt, mobiliteit,
energietransitie, eems-dollard'
Grensoverschrijdende arbeidsmarkt: met het groeien van de aandacht voor de sterke Duitse
economie zien wij echter ook de belemmeringen die de grens opwerpt voor werken, ondernemen
en onderwijs sterker aan het daglicht getreden, niet alleen in het noorden maar ook op nationaal
niveau. Zo vragen een aantal verschillen tussen Nederland en Duitsland, bijvoorbeeld op het
gebied van diploma-erkenning, beroepskwalificaties, administratieve lasten en in het sociale en
fiscale domein, om extra inzet. Ook de relatief hoge werkloosheid in onze in vergelijking met het
aanliggende buurland is voor ons aanleiding voor een extra impuls, die er op gericht is om de
arbeidsmarkten aan weerzijden van de grens beter op elkaar aan te laten sluiten.
Wij willen het werken over en weer te vergemakkelijken en bevorderen in de eerste plaats via het
nieuwe INTERREG A programma dat veel mogelijkheden biedt om onze noordelijke ambities te
ondersteunen met name op het gebied van de arbeidsmarkt. Wij zijn actief betrokken bij Interreg A
' Koepelproject Arbeidsmarkt'. Door de krachten te bundelen gaan we met alle relevante
organisaties uit de grensregio op het gebied van werk aan de slag voor concrete oplossingen.
Wij zullen bestuurlijk zitting nemen in het Actieteam Grensoverschrijdende Economie en Arbeid
dat door het Kabinet is ingesteld als reactie op een aantal Kamermoties. De opdracht van het
Actieteam is om te zorgen voor een significante impuls ten aanzien van grensoverschrijdende
samenwerking op het gebied van economie en arbeid door de informatievoorziening voor
werknemers en ondernemers te stroomlijnen en lopende initiatieven mogelijk te maken en te
versnellen. Het team krijgt een looptijd van ca. 1 jaar. Het Actieteam is samengesteld uit de
Ministeries van BZK, EZ, OCW en SZW en een aantal vertegenwoordigers van grensgemeenten,
-provincies, de VNG en Euregio’s op bestuurlijk en hoog ambtelijk niveau.
7
Op basis van de aanbevelingen van het Actieteam Grensoverschrijdende Economie en Arbeid en
de uitkomsten van het Koepelproject Arbeidsmarkt' zullen we bezien of het experimenteren met
een regelluwe zone in het grensgebied en een grenseffecttoets een begaanbare weg is.
Mobiliteit: Het project ‘kwaliteitsverbetering van de spoorlijn Groningen – Bremen’ (Wunderline) is
ontstaan vanuit een ambitie om een goede verbinding te realiseren tussen Amsterdam,
Groningen, Bremen en Hamburg. Het project wil belangrijke economische- en sociale gebieden op
een Europese schaal verbinden en kansen bieden voor duurzaam en innovatief transport. Het
project vergemakkelijkt kennis- en cultuuruitwisseling in het Noorden en kan een katalysator zijn
voor de groei van de economie en werkgelegenheid. Met het huidige project willen wij verder het
comfort verhogen en de reistijd terug brengen naar rond de 2 uur, zodat meer mensen met deze
trein gaan reizen.
Energietransitie:
Wij werken samen met Noordwest Duitsland aan een grensoverschrijdende mini Energie Unie.
Daarbij staan de volgende projecten centraal: Off shore wind; Lokale duurzame initiatieven en
Doorontwikkeling Energiesysteem 2.0. Om deze projecten met Brusselse steun te realiseren
participeren wij onder meer actief in de INTERREG programma's. Samen met de Duitsers maken
wij ons sterk in Brussel voor het realiseren van de Energie Unie op regionale schaal waarbij ons
doel is om knelpunten in wet - en regelgeving weg te nemen, om als Energy Valley regio, samen
met de aangrenzende weser-emsregio grensoverschrijdende voorbeeldregio te zijn voor andere
Europese regio's zoals tijdens het bezoek van Eurocommissaris Sefcociv aan onze regio mei
2015: “Impressive how the Mini Energy Union is happening here. Very good example for other
European regions”.
Eems-Dollard
Onze inzet is erop gericht een goede balans te vinden tussen de ecologische en economische
ontwikkeling van het Eems-Dollard gebied/ estuarium. Dit kan alleen samen met Duitsland en is
een opgave voor de lange termijn die veel inzet vraagt in een grensoverschrijdend samenspel met
nationale en regionale overheden, natuur- en milieuorganisatie, bedrijfsleven, e.d..
Economie/ MKB
Onze inzet is erop gericht om economische ontwikkeling aan beide zijden van de grens te
bevorderen. Daartoe zullen we onze inzet zowel ambtelijk als bestuurlijk richten op het versterken
en bouwen van netwerken. Het door de EemsDollard Regio (EDR) opgezette Interregproject
“Cooperatie Innitiatief Noord” faciliteert netwerkvorming, zowel met het leggen van
grensoverschrijdende contacten als met het bieden van financiële ondersteuning van
grensoverschrijdende initiatieven van maatschappelijke organisaties, verenigingen, en
bedrijvenclubs. Het ondersteunen van initiatief door ondernemers doen wij ook op andere
manieren. Zo ondersteunen wij, bij voorkeur in Noordelijk verband handelsmissies naar NoordDuitsland èn N-D Handelsdagen en netwerkbijeenkomsten zoals het jaarlijks Prins Claus
Mastergala en het daaraan gekoppelde Nederlands-Duits Business-to-Business event
"Grenzeloos".
Acties:



We willen werken over en weer te vergemakkelijken via inzet in Interreg A
'Koepelproject Arbeidsmarkt' en Actieteam Grensoverschrijdende Economie en Arbeid
Op basis van de aanbevelingen van het Actieteam Grensoverschrijdende Economie
en Arbeid en de uitkomsten van het Koepelproject Arbeidsmarkt' invulling geven aan
ons voornemen voor een proef met een regelluwe zone in het grensgebied en een
grenseffecttoets.
We zetten ons in voor een Europese Transport strategie voor NNL met onder meer
als doel de financiering en realisatie van Groningen - Bremen

Wij werken samen met Noordwest Duitsland aan een mini EU Energieregio en
promoten deze, o.a. via het aanjagen aan projecten die in aanmerking komen voor
Europese financiering. Ook wordt er effort gezet op het wegnemen van knelpunten en
belemmeringen op het gebied van wet- en regelgeving.
8

We investeren in netwerkontwikkeling met behulp van INTERREG t.b.v. kansrijke
economische/ arbeidsmarkt ontwikkeling in het grensgebied
4. Noordelijke Ontwikkelingsas en overige netwerken
'Naar een Noordelijke Ontwikkelingsas 2.0'
Samenwerking in (Europese) netwerken en samenwerkingsverbanden is een de
mogelijkheden om internationalisering vorm te geven en zo beleidsdoelen van de provincie te
bereiken.
Naast Noord-Duitsland is onze focus gericht op Scandinavië en de Baltische staten.
De economische ontwikkelingen in de Baltische bieden mogelijkheden voor samenwerking,
investeringen en marktuitbreiding. Scandinavische landen bieden door de hoge welvaart en
kennisintensieve economie veel kansen voor samenwerking op het gebied van innovatie
ontwikkelingen. Relatief veel Scandinavische bedrijven zijn gevestigd in onze provincie en
onze kennisinstellingen werken nauw samen met Scandinavische partners. Denk aan de
nauwe banden tussen de RUG en de Universiteit van Uppsala en de samenwerking van ons
Healthy Ageing cluster in het ScanBalt netwerk.
Ook in historisch en cultureel opzicht bestaan er veel relaties tussen Groningen en NoordEuropa. De banden worden ondersteund door een actief netwerk van honorair consuls die
handelsmissies over en weer ondersteunen en diplomatieke vertegenwoordigers naar NoordNederland halen.
Wij zien onze provincie als een aantrekkelijke en vanzelfsprekende schakel tussen de
Randstad en Noord-Europa. Samen met het bedrijfsleven, kennis- en culturele instellingen
bouwen wij aan de uitbreiding van handelsrelaties en kennisnetwerken. Dat is van groot
belang nu de dynamiek op Europese schaal één van de sturende principes is geworden voor
het economisch perspectief van Noord-Nederland. Onze inzet rond de spoorverbinding
(Randstad-)Groningen-Bremen(-Hamburg) past ook in dit kader. Wij onderstrepen ook het
belang van samenwerking rond kunst en cultuur
voor de versterking van de netwerken tussen onze provincie en Noord-Europa en het
faciliteren van zakelijke en bestuurlijke contacten ('Van contacten naar contracten!').
Wij gaan na of het zinvol is om lid te worden van een van de Noord-Europese
Netwerkorganisaties (bijv. Baltic Sea States Subregional Co-operation (BSSSC), een
samenwerkingsverband van regio's in Noord-Europa).
Wij nodigen ons Noordelijk netwerk van honorair consuls uit om met ons mee te denken en te
werken aan de versterking van de handels en bestuurlijke contacten met Noord-Europa.
Samenwerking Noordzee en Waddenzee, INTERREG B en Europe
Groningen is vanuit Europees perspectief onderdeel van het Noordzeegebied. Wij zijn samen
met de andere Nederlandse kustprovincies lid van de Noordzee Commissie, een
internationaal samenwerkingsverband van regio's rond de Noordzee, dat opereert onder de
vlag van de CPMR. Het CPMR (Conference of Peripheral Maritime Regions of Europe) is een
internationale koepelorganisatie van perifere en maritieme regio’s gericht op het behartigen
van regionale belangen.. In het verleden is bestuurlijk de keus gemaakt om lid te zijn van dit
netwerk juist vanwege de rol van deze organisaties bij regionale belangenbehartiging binnen
de EU. Groningen werkt hier op de voor Groningen belangrijke thema's , met speerpunt
Energietransitie, samen met landen rond de Noordzee. We exporteren onze ideeën en leren
van andere regio's. Voorbeelden zijn een gezamenlijke energiestrategie, afstemming van
windenergie-initiatieven en het werken aan offshore infrastructuur op de schaal van dit gebied.
Dankzij die samenwerking kunnen we ons sterker profileren in Brussel en kunnen we
projecten door ontwikkelen voor Europese fondsen, met name het Interreg B
Noordzeeprogramma.
Groningen is ook een Waddenprovincie. Wij vinden het wenselijk dat Groningen als
waddenprovincie mede inhoud geeft aan de internationale samenwerking op nationaal niveau
om het werelderfgoed Waddenzee als een ecologische eenheid duurzaam te beschermen en
te beheren. Dit mede vanuit het besef dat dit alleen kan worden bereikt door samenwerking
9
met de mensen die in het gebied wonen, werken en recreëren en bereid zijn een bijdrage te
leveren aan de bescherming van het gebied. Het Wadden Sea Forum (WSF) biedt een goed
platform om ervaringen met elkaar te delen, elkaar te ontmoeten, gezamenlijk projecten te
initiëren en invloed uit te oefenen op de agenda en besluitvorming van de Wadden Sea Board.
Overige netwerken (China, Rusland): reactief
Onderstaande tabel geeft een overzicht van de netwerken waar wij nu in participeren.
Wij willen in samenwerkingsverbanden waar onze betrokkenheid evident is, zoveel mogelijk
een actieve partner zijn. Dus niet alleen 'halen' maar ook 'brengen' wat betreft kennis,
ambtelijke en bestuurlijke inzet en financiële ondersteuning.
Wij willen ook selectief zijn als het gaat om internationale samenwerking, lidmaatschappen en
netwerken. Wanneer dit instrument wordt ingezet moeten baten en de lasten tegen elkaar
opwegen. Wij willen daarom nog eens scherp nagaan of we lid zijn van de goede netwerken.
Dat kan betekenen dat wij van sommige verbanden afscheid nemen en dat wij wellicht nieuwe
verbanden moeten aangaan. Wij werken bij die analyse samen met de provincies Drenthe en
Fryslân voor zover sprake is van een gezamenlijk lidmaatschap.
Daarbij willen we zeker kritisch kijken naar de samenwerkingsverbanden met provincies en
regio's in Rusland en China. Vooralsnog is onze inzet vooral 'reactief': alleen op verzoek van
partners uit bedrijfsleven en kennisinstellingen ondersteunen we handelsmissies e.d. met
bestuurlijke inzet, zelf nemen we geen initiatieven. In SNN verband wordt de overeenkomst
met de Leningrad Oblast (tot 2016) (Rusland) bezien.
Europese regionale bestuurlijke en thematische netwerken












Overzicht Internationale Netwerken en Samenwerkingsverbanden Provincie
Groningen
Trilateral Waddensea Cooperation (TWSC)
Wadden Sea Forum(WSF)
Niedersachen/4(!) Noordelijke provincies
N-D Cie Ruimtelijke Ordening
Interreg A,B
CPMR/Noordzee Commissie
Comité van de Regio's
ERRIN
ENCORE
Rusland: Leningrad Oblast
China: Shaanxi, Hunan
Acties:
 We profileren ons samen met bedrijfsleven en kennisinstellingen in Scandinavië en de
Baltische staten rond onze economische speerpunten. Wij zoeken samen met onze
partners actief partners binnen deze Europese regio om de kansen verder te
benutten. Wij gaan na of het zinvol is om lid te worden van een van de NoordEuropese Netwerkorganisaties (bijv. Baltic Sea States Subregional Co-operation
(BSSSC), een samenwerkingsverband van regio's in Noord-Europa).
 Wij zetten in op onze vertegenwoordiging in voor ons relevante bestuurlijke netwerken
waaronder de netwerken rond de Waddenzee en het Noordzee gebied.
 Waar nodig zullen we vooraf investeren in nieuwe strategische netwerken, zelfs als op
dat moment de toegevoegde waarde nog niet precies bekend
5. Instrumenten/ Financiën/ Organisatie
Europese Programma's
10
Voor het realiseren van internationaliseringsopgaven kan een beroep worden gedaan op
Europese Programma's (2014-2020). Relevant voor de provincie Groningen zijn EFRO (OP
Noord), INTERREG A,B, Europe, ESF en POP3. Andere relevante fondsen voor Groningen
zijn CEF, LIFE, Creative Europe en Horizon 2020. Wij willen optimaal gebruik maken van
deze fondsen niet alleen door onze eigen doelstellingen te verbinden met Europese middelen
maar ook door onze partners hierbij te helpen. Het is daarbij van belang om tijdig goede
projecten te faciliteren of voor financiering voor te dragen. Voor de regionale programma's
hebben we dat in eigen hand (EFRO, INTERREG en POP), waarbij voor INTERREG A geldt
dat optimaal profiteren ook bestuurlijke inzet en aandacht vraagt (Duitslandagenda). Voor
INTERREG geldt dat onze organisatie in de rol van partner of leadpartner waardevolle
expertise heeft opgebouwd (bijv. 4Power, NEND, Power to Gas) . Het is van belang deze
expertise te behouden en hiervan gebruik te maken voor de eigen organisatie maar ook voor
de provincie als geheel. Om optimaal gebruik te maken van de EU fondsen zullen wij in
noordelijk verband (ondersteunend aan de MA functie SNN) inzetten op samenwerking,
informatienetwerk/loket en kennisuitwisseling.
Provinciaal budget
Posten op de begroting voor Europese en Internationale samenwerking zijn:
Waarderingssubsidie EDR: €6800 (post 616104)
Internationale Samenwerking BRIC: € 18.300 (post 616109)
Noordelijke samenwerking/public affairs" € 125.000 (post 616111) (o.m. Duitslandagenda,
Europa netwerk; Opleiding en scholing; Open Days; lidmaatschappen EU netwerken).
De uitvoering van deze Internationaliseringsagenda betreft een intensivering van beleid. Voor
de uitvoering van dit programma is extra formatie voorzien in de vorm van een
beleidsmedewerker Europa en een Lobby coördinator.
Organisatie en rollen
Om tot een goede doorwerking van deze Agenda te komen worden tussen bestuur en
ambtelijke organisatie afspraken gemaakt m.b.t. de interne en de externe organisatie van de
werkzaamheden. De programma's volgend uit het collegeprogramma staan centraal bij de
doorwerking van deze Agenda. Internationalisering is een intrinsiek onderdeel bij de
uitvoering van deze programma's. Dit betekent dat de vak gedeputeerden primair
verantwoordelijk zijn om met de ambtelijke organisatie de internationaliseringsopgaven in de
programma's te realiseren door het organiseren van verbindingen, projecten, middelen en
lobby. In deze agenda is een aanzet gedaan om deze opgaven aan te geven, dit vraagt echter
nog een verdere uitwerking. Nog niet voor ieder onderwerp is het al even ver ingevuld. De
monitoring verloopt ook per inhoudelijk programma. Deze agenda is bedoeld als coördinatie
middel. De gedeputeerde Internationaal/EU heeft vanuit die coördinerende portefeuille de
verantwoordelijkheid voor overzicht en samenhang en voor programma overstijgende
aspecten, daarnaast onderhoudt zij - in samenspel met de CdK - de algemeen bestuurlijke
contacten met het buitenland en vertegenwoordigd de provincie in het HNP en IPO bestuur
t.a.v. EU aangelegenheden.
11
Overzicht EU dimensies per thema en portefeuille
Thema
Economie/ Regionaal
beleid / Toerisme
EU dimensie
EU fondsen (EFRO,
INTERREG, HORIZON
2020)
MKB-beleid/
staatssteun
Juncker/ EU
investeringen
Digitale Agenda
Urban Agenda
Portefeuillehouder
Brouns
Netwerk
Noordzeecommissie
Economische
ontwikkeling
INTERREG A/ EDR
IPO BAC
Fondsen: Creative
Europe, INTERREG A
Erfgoed
Fondsen: INTERREG/
POP/ LIFE
PAS
Eems Dollard
Gräper
IPO
Staghouwer
EU fondsen (EFRO.
INTERREG, CEF-T,
HORIZON 2020)
Energie Unie
Klimaat
EU fondsen: LIFE
Biodiversiteit
EU fondsen: POP3
GLB
Veenkoloniën
Homan
Trilateral Waddensea
Cooperation (TWSC)
Wadden Sea
Forum(WSF)
Commissie NAT CvdR
Noordzeecommissie :
Nationaal
gedelegeerde
IPO
RO
Urban Agenda
Leefbaarheid
Mobiliteit/
Infrastructuur/
Groningen - Bremen
Arbeidsmarkt/
Onderwijs
Leven Lang Leren/
Bio economie
Healthy Ageing
MKB/
ondernemerschap
Big Data/ ICT
Cultuur
Natuur/ Water
Energietransitie/
Klimaat
Milieu
Landbouw
Algemeen/
overstijgend
Homan
ENCORE
Staghouwer
Graeper
Comité van de Regio's/
commissie NAT
IPO, bestuurlijk overleg
POP
N-D Cie RO
Digitale Agenda
TEN-T
CEF-T
Eikenaar
Graeper
IPO
Europees Sociaal
Fonds/
Sociale innovatie
EFRO/ INTERREG/
ERASMUS+
Toekomst EU fondsen
Actieteam
Grensoverschrijdende
economie en
arbeidsmarkt (GEA)
GROS
Eikenaar
Staghouwer
12
IPO bestuur
HNP bestuur
Begrippenlijst
CvdR
CEF
CPMR
Creative Europe
EFRO
ESF
ENCORE Network
NAT
Erasmus+
ERRIN
GEA
GLB
GROS
HNP
Horizon2020
Interreg
IPO
LIFE
POP
quadruple helix
NSC
SNN
TEN-T
Comité van de Regio’s
Connecting Europe Facility, Europees programma voor Energie, Telecommunicatie en Transport
Conference of peripheral and maritime regions
Europees programma voor stimulering cultuursector
Europees Fonds voor Regionale Ontwikkeling
Europees Sociaal Fonds, Europees fonds voor werkgelegenheid
Environmental Conference of the Regions of Europe
Commissie binnen Comité van de Regio’s voor Natuur, Landbouw en Water
Europees programma voor onderwijs, jeugd en sport
European Regions Research and Innovation Network
Grensoverschrijdend Actieteam Economie en Arbeidsmarkt
Gemeenschappelijk Landbouwbeleid
Het project Grensoverschrijdende samenwerking (GROS) wordt door de
ministeries van BZK en BZ geleid en heeft tot doel om specifieke knelpunten
in de grensgebieden van Nederland met België/ Duitsland op te lossen.
Huis van de Nederlandse Provincies
Het voornaamste Europese onderzoeks- en innovatieprogramma
Initiatief van de Europese Unie om steden en regio’s over de grens te laten
samenwerken, interregionaal en transnationaal.
Interprovinciaal Overleg
Europees programma voor milieu en klimaatactie
Plattelandsontwikkelingsprogramma
samenwerking tussen overheden, bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties (zonder deze laatste bekend als triple helix)
Noordsea Commission
Samenwerkingsverband Noord Nederland
Transnationaal Europees Netwerk - Transport
13
Download