A perfect moment for improving the Common Agricultural Policy

advertisement
Een perfect moment om een coherent Europees beleid te ontwikkelen op gebied van
landbouw (GLB), internationale handel, werkgelegenheid, energiezekerheid en
klimaatverandering
Samenvatting
Geschreven voor the European Platform for Food Sovereignty - www.epfs.eu.
Platform Ander Landbouwbeleid is lid van dit Europese platform van nationale platforms
bestaande uit boeren-, ontwikkelings-, milieu- en/of consumentorganisaties.
Deze tekst zal ook in andere Europese landen gebruikt worden. Tot nu toe heeft naast het
Nederlandse platform ook het Nederlands-sprekende Belgische Platform al toegezegd deze tekst te
gebruiken tijdens haar activiteiten. Binnen de platforms in andere landen – Frankrijk, Waals
platform in België, Groot-Brittanië, Frankrijk, Duitsland, Italië, Spanje, Hongarije en Oostenrijk –
wordt momenteel besproken of men de tekst ook kan onderschrijven.
In 2008 worden er belangrijke beslissingen genomen over het Europese Gemeenschappelijke
Landbouwbeleid (GLB), gedurende de zogenaamde Health Check. Eind november 2007 komt de
Europese Commissie met haar voorstellen op dit gebied. Het ziet er naar uit dat de Europese
Commissie haar liberaliseringskoers zal voortzetten, hoewel de negatieve gevolgen van dit beleid
steeds duidelijker worden. Ook bevinden de WTO-onderhandelingen zich momenteel in crisis, wat
er toe zou moeten leiden de EU-onderhandelingspositie drastisch te herzien.
Dus op dit cruciale tijdstip in de historie stelt European Platform for Food Sovereignty een
alternatieve beleidslijn voor, die wél economisch, sociaal en ecologisch duurzaam is.
Het GLB zou volgens ons drastisch hervormd moeten worden in lijn met de oorspronkelijke
doelstellingen van de Europese Gemeenschap, en die van de GATT (de voorloper van de WTO).
Deze doelstellingen waren: stabiele landbouwmarkten, voedselzekerheid (voor de EU- en
wereldburgers), kostendekkende prijzen en een eerlijk inkomen voor de boeren, en een verbod op
handelsverstorende subsidies. Maar ook buiten het GLB zouden EU-beleidsveranderingen moeten
plaatsvinden om tot effectieve coherentie van beleid te komen. Hier wordt al lang naar gestreefd,
maar deze coherentie is blijkens de toenemende milieu- en sociale crisis verder weg dan ooit.
Daarom stellen we voor:
1. Geef prioriteit aan nationale, lokale en regionale (maximaal de EU) markten, die voorzien
worden vanuit lokale en regionale natuurlijke hulpbronnen. Op dit moment ligt de nadruk te
veel op de concurrentie op de wereldmarkt, en exploiteren Europese bedrijven schaarse
natuurlijke hulpbronnen in ontwikkelingslanden.
De afstand tussen boer en consument zou zo kort mogelijk moeten zijn, uit milieu- en
gezondsheidsoogpunt. Zo zal een verlaging van de transportafstand binnen de
voedselvoorziening een veel groter effect hebben op het verlagen van broeikasgassen, dan
de huidige richtlijn op gebied van biobrandstoffen.
2. De EU zou zelfvoorzienend moeten zijn op gebied van voedsel, veevoer, hout en de meeste
energie. Dit geldt met name voor producten die in de EU geteeld kunnen worden. Er zal
effectieve marktregulering – via importheffingen en productiebeheersing – plaats moeten
vinden die een kostendekkende productie mogelijk maakt voor producten die aan hoge
sociale-, milieu- en dierenwelzijnseisen voldoen.
3. Alle exportsubsidies en handelsverstorende inkomenssubsidies kunnen afgeschaft worden als aan voorstel 2 tegemoet wordt gekomen. Daarvoor in de plaats zouden boeren
kostendekkend betaald moeten worden voor extra inspanningen binnen milieuvriendelijke
voedsel- en energieproductie, en landschaps- en natuurbeheer. Ook boeren in gebieden met
handicaps (bijvoorbeeld berggebieden en veenweidegebieden) zouden extra betaald moeten
worden uit dit budget.
4. Ondersteun gezinsbedrijven die op een milieuvriendelijke manier hun lokale markt
voorzien. Voorkom dus dat deze bedrijven – zoals in Oost-Europa – met onnodig strenge
hygiëne-eisen te maken krijgen. Deze eisen – veelal afkomstig van multinationale bedrijven
binnen handel en voedingsindustrie – drijven hen van de lokale markt die men eeuwenlang
duurzaam voorzien heeft. Ook wordt hen een landbouwmodel opgedwongen, die tot meer
gebruik van natuurlijke hulpbronnen zoals fossiele brandstoffen leidt.
5. De EU zou een effectief mededingingsbeleid moeten ontwikkelen, die de steeds verder
toenemende concentratie van transnationale bedrijven in de voedselkolom voorkomt. Het
gaat dan om bedrijven in toevoer van inputs (zaden, bestrijdingsmiddelen, kunstmest,
machines) aan de landbouw, handelsbedrijven en de verwerkende- en
voedingsmiddelenindustrie. Mede door deze concentratie is het voor boeren onmogelijk een
eerlijke prijs voor haar producten te verkrijgen, en gaat een groot deel van de
consumentenbestedingen naar de tussenliggende bedrijven.
6. We zijn tegen het gebruik van Genetisch Gemanipuleerde Organismen in de Europese
landbouw, en binnen geïmporteerd voedsel, veevoer of biomassa.
7. De EU-richtlijn dat in 2020 10% van alle transportbrandstoffen vervangen moet worden
door agrifuels, moet van tafel. De huidige Europese productie van agrifuels is veelal niet
energie-efficiënt. Nog alarmerender is dat de import van biomassa uit ontwikkelingslanden,
zal leiden tot een verlies aan landrechten van kleine boeren en inheemse volkeren,
problemen met voedselzekerheid, grootschalige uitputting van natuurlijke hulpbronnen en
vernietiging van natuurgebieden.
8. We geloven niet vrijwillige criteria op social-, arbeids- en milieugebied die een zogenaamde
‘duurzame import’ van producten als sojabonen, palmolie en hout mogelijk zouden moeten
maken. We wijzen Public Private Partnerships op dit gebied, zoals de zogenaamde
Roundtables dan ook af. De meest effectieve manier om de problemen te voorkomen (zoals
bij 7. genoemd), is het instellen en verhogen van importheffingen op producten als
sojabonen, palmolie, biobrandstoffen en hout (uit tropische regenwouden). Dan kan een
kostendekkende productie van eiwit, plantaardige olie en hout in de EU plaatsvinden.
Tevens krijgen kleine boeren in ontwikkelingslanden dan meer kans om aanwezige
hulpbronnen voor de voedselproductie voor eigen basisbehoeften en markten in te zetten.
De WTO staat dergelijke verhoging van importheffingen toe.
9. Er zou effectief EU-beleid moeten worden ontwikkeld om energie te besparen binnen
landbouw, industrie en huishoudens, en door openbaar vervoer te stimuleren.
Bovendien zouden er geen subsidies of overheidsfinanciën meer moeten worden ingezet
voor grote infrastructurele projecten – snelwegen, havens en vliegvelden – die vooral
multinationale bedrijven bevoordelen die willen handelen op de wereldmarkt. Dit leidt
namelijk tot uitbreiding van transport, en dus een door de overheid betaalde bijdrage aan het
broeikaseffect. Wel zal er extra geld beschikbaar moeten worden gesteld voor de productie
van echt duurzame energie: zoals biomassa op basis van mest, plantaardig afval, groene
algen, en zonne- en windenergie. Er zou ook extra ontwikkelingsgeld moeten worden
ingezet voor dergelijke projecten in ontwikkelingslanden.
Er moeten extra heffingen op fossiele brandstoffen worden geheven binnen de EU, waardoor
de belasting op arbeid kan worden verlaagd.
Al deze maatregelen zouden een lokale duurzame voedsel- en energieproductie binnen de
EU stimuleren, veel banen opleveren, en de energiezekerheid drastisch verbeteren.
10. Er zouden beleidsveranderingen moeten worden doorgevoerd die de bestaanszekerheid van
boeren en inheemse volkeren in ontwikkelingslanden verbeteren:
a. Het stoppen van dumping,
b Het stoppen van import van veevoer, biomassa en (tropisch) hout,
c. Het stimuleren van landrechten voor kleine boeren en inheemse volkeren,
d. Het ondersteunen –via verhoogde ontwikkelingshulp – van duurzame voedsel- en
energieproductie voor nationale en lokale markten en voor eigen verbruik,
e. Het verstrekken en behouden van preferentiële toegang voor tropische producten uit de
Minst Ontwikkelde Landen,
f. Het afschaffen van tariefescalatie op verwerkte tropische producten,
g. Hernieuwde invoering van grondstoffenovereenkomsten en het uitbreiden van fair tradehandelskanalen voor tropische producten,
h. Geef ontwikkelingslanden de kans hun eigen ontwikkelingspad te kiezen. Men moet niet
gedwongen worden te concurreren op een geliberaliseerde wereldmarkt, een
concurrentieslag die de meeste landen niet aankunnen.
Dus wijzen we de huidige Economic Partnership Agreements met ACP-countries af. Ook
zijn we tegen de grote druk die de EU op deze landen uitoefendt om meer markttoegang tot
deze landen te krijgen binnen de WTO (AoA (landbouw), NAMA (industrie, vis, hout) en
GATS (diensten)), en binnen bilaterale en regionale vrijhandelsverdragen.
Dit alternatief zou een radicale trendbreuk betekenen ten opzichte van de huidige EU-agenda, die te
veel tot stand komt onder druk van multinationals. Het zou daarentegen juist de kansen voor
arbeiders, boeren en het Midden en Klein Bedrijf verbeteren. Het zou kunnen leiden tot effectieve
coherentie en samenwerking op beleidsterreinen als landbouw, internationale handel,
ontwikkelingssamenwerking, energiezekerheid, innovatie, werkgelegenheid en het voorkomen van
het broeikaseffect.
Een groot voordeel is ook dat het huidige (landbouw)budget veel effectiever kan worden ingezet,
om zodoende het welzijn van alle Europese burgers, en mensen in ontwikkelingslanden te
bevorderen. Er zouden meer banen worden gecreëerd, boeren zouden niet gedwongen worden hun
land te verlaten voor een onzeker bestaan in de stad of in een ander land, voedselveiligheid en –
zekerheid zouden verbeterd worden, natuur binnen en buiten de EU zou beschermd worden, en de
EU zou een voorbeeld zijn voor andere ontwikkelde landen op het gebied van het voorkomen van
dramatische klimaatverandering.
Last but not least zouden kleine boeren en gezinsbedrijven in Noord en Zuid gestimuleerd worden
om hun eigen markten op een duurzame manier te voorzien van producten, op basis van hun eigen
natuurlijke hulpbronnen en met behoud van hun eigen waardevolle cultuur.
19 november 2007
Deze positie wordt ondersteund door de volgende leden van Platform Ander Landbouwbeleid
www.aardeboerconsument.nl/pal:
* Platform Aarde Boer Consument - www.aardeboerconsument.nl
Leden:
- Nederlandse Akkerbouw Vakbond - www.nav.nl
- Nederlandse Melkveehouders Vakbond - www.nmv.nu
- Werkgroep Landbouw en Inkomen - www.landbouweninkomen.nl
- Steunpunt Landelijke Boerinnenbelangen
- Kritisch Landbouw Beraad
* Arika-Europa Netwerk - www.afrikaeuropanetwerk.nl
* Boerengroep Wageningen - www.boerengroep.nl
* X min Y Solidariteitsfonds - www.x-y.org
Contact: Guus Geurts
020 638 7578
[email protected]
Download