Werken en leven
1.1
1860-1900  NL is een ander land geworden door industrialisatie.
-
Voedingsmiddelen
-
Textiel
-
Metaalfabrieken
1850  spoorwegen werden aangelegd
1.2
1903  grote spoorweg staking
SDAP  Sociaal Democratische Arbeiders Partij
2.1
1848  liberalen aan de macht
Liberalen (meer voor de rijken)
-
Liberalen wouden vrijheid. Burgers moesten zich zo min mogelijk aan regels houden
en overheid moest zich minder bemoeien met de mensen.
Socialisten (meer voor de armen)
-
Ze wouden gelijkheid, volgens hun moet de overheid zich juist bezig houden met de
bevolking. Er voor zorgen dat de welvaart gelijk blijft.
-
Eerste socialistische leider  Ferdinand Domela Nieuwenhuis.
Confessionelen (rooms-katholieke en protestanten)
-
Zij waren de tegen standers van de Liberalen en Socialisten. Ze waren bang dat het
geloof van de arbeiders weg zou gaan als ze voor de Socialisten zouden kiezen.
1878  Abraham kuijper richt een partij op : Anti-Revolutionaire Partij (ARP)
Verzuiling  ieder geloof, bijv. katholieken hadden eigen kranten, radio’s, tv-programma’s.
Pacificatie  liberalen steunden de confessionelen in de schoolstrijd. Christelijke scholen
werden vanaf nu gesubsidieerd, confessionelen steunden de liberalen met het verkrijgen van
het algemeen kiesrecht.
Rond 1900  Eerste feministische golf van Aletta Jacobs.
1917  vrouwen passief kiesrecht
§ 1.1
Oorzaken 1e wereldoorlog
-
Grote spanning tussen verschillende Europese landen
-
Rond 1900 was er vijandschap tussen Frankrijk en Duitsland. Gevolg  Frans-Duitse
oorlog van 1870 tot 1871
-
Voor 1870 was er geen Duitse rijk, iedereen woonde verspreid over de hele wereld
-
De Duitsers wonnen van Frankrijk en Elzas – Lotharingen  hand veel grondstoffen
met name ijzererts en steenkool
-
Duitsland kreeg ook problemen met Engeland en Rusland
-
Engeland besloeg 1/6e deel van de aarde
-
Frankrijk en kleinere Europese landen bezaten gebieden is Azië en Afrika
-
Kolonies leverden grondstoffen op en plekken voor fabrieken
-
Honderden jaren hoorde Balkan (Zuidoost-Europa) bij het Ottomaanse rijk. Er kwam
nationalisme, Grieken, Roemenen, Bulgaren en Serven wouden zelfstandigheid.
-
Turkije raakte Bosnië en Hercegovina kwijt, die werd in bezit genomen door O-H
§ 1.2
Welke bondgenootschappen stonden tegenover elkaar?
-
1879 Duitsland vormde samen met O-H een bondgenootschap
-
In 1882 kwam Italië daar ook bij
Centralen
-
Duitsland
-
Oostenrijk – Hongarije
-
Italië
-
1894 sloten Rusland en Frankrijk een verdrag om elkaar te helpen tijdens oorlogen
-
1904 werd het verdrag ondertekend door Engeland en Frankrijk later (1907) komt
Rusland hier ook bij
-
1904/5 Rusland was in oorlog met Japan
Triple Entente
-
Rusland
-
Engeland
-
Frankrijk
-
De bondgenootschap was een van de oorzaken van de WO1 want als een met een in
oorlog komt, is de rest verplicht mee te doen
Militarisme  grote bewonderringen voor het leger
Wapenwedloop  als een land bezig is met op bouwen van wapens/leger
§ 1.3
Welke gebeurtenis leidde tot het uitbreken van de WO1
-
Duitsland was bezig met een plan. Eerst Frankrijk aanvallen, daarna Rusland.
-
De Oostenrijkse troonopvolger Frans Ferdinand bracht een bezoekje aan Sarajevo.
Tijdens dat bezoekje werd hij en zijn vrouw dood geschoten. 28-05-1914
-
Carvillo Princip (O-H) verklaarde oorlog aan Servië
1
 Verklaring O-H oorlog aan Servië
2
 Russen steunen Servië, door oorlogsverklaring aan O-H (broederschap met volk
van Servië)
3
 Duitsers steunden O-H, door oorlogsverklaring aan de Russen
4
 Frankrijk steunt Rusland en Servië (wraak voor Duitsland)
5
 Engeland steunt Rusland en Servië
4-08-1914 vielen de Duitsers aan
-
Duitsland trok via België naar Frankrijk. De aanval op België was voor Engeland een
reden om de oorlog te verklaren aan Duitsland. Engeland wilde geen Duitse
heerschappij aan de Noordzee.
-
Alles liep gesmeerd, de Fransen konden ze niet verslaan.
-
Westfront vocht Duitsland tegen Frankrijk en Engeland
-
Oostfront vocht Duitsland tegen  Rusland
§ 2.1
Hoe werd de eerste wereldoorlog gevoerd?
Loopgraven  diepe greppels, die soldaten hadden uit gegraven om een beetje beschut te
zitten.
-
Generaals gaven steeds opnieuw de opdracht om massale aanvallen te voeren en de
loopgraven van de vijand in te nemen, maar dat leidde tot grote verliezen, keer op
keer
1915  Russen hadden een tekort aan alles, geweren, kogels, kanonnen en granaten,
kleding, voedsel, medische zorg en vooral goede legeraanvoerders
1914  Italië is overgestapt naar de triple entente
Verschrikkelijke Duitse uitvindingen  gifgas en de vlammenwerper
1916  de eerste tank verscheen, een Engelse uitvinding
§ 2.2
Welke gevolgen had de eerste wereldoorlog voor soldaten en burgers?
-
Alle mannen van 18 tot 50 werden op geroepen voor ’t leger
-
Voor de oorlog (1914) was er economische vrijheid, maar tussen 1914 – 1918
moesten alle fabrieken overschakelen naar wapenproductie
-
Door de oorlog werden vrouwen gelijkwaardiger aan mannen, mannen vochten en
verouwen namen al hun werk over
Propaganda  beïnvloeden van het publiek opinie, om jou mening voor te leggen. ( posters,
radio, film(bios) en krant.
Censuur  de feiten veranderen of expres weg laten van dingen
§ 2.3
Hoe kwam een einde aan de eerste wereldoorlog?
-
De Engelsen zorgden ervoor dat Duitsland een handelsbelemmering kreeg
1917  Duitse leger had weinig kogels en granaten, de bevolking leed honger
1917  VS besloot mee te doen, Rusland trok zich terug
1918  Lenin sloot aparte vrede uit met Duitsland
11-11-1918  wapenstilstand
§ 3.1
-
Duitsland liet Nederland met rust waardoor Nederland neutraal kon blijven. Toch
mobiliseerde Nederland de soldaten. Door neutraal te blijven heeft Nederland veel
mensen levens bespaard.
§ 3.2
-
De blokkade van de Engelsen had ook invloed op de Nederlanders. Nederland heeft
weinig grondstoffen dus kon die niks omdat de zee geblokkeerd was, ze konden ook
niks kopen van Duitsland want dat zou dan “samenwerken”, vaak hebben de Duitse
onderzeeërs tien tallen Nederlandse schepen tot zinken gebracht. Ook hebben
Engelsen de Nederlandse schepen soms in genomen
-
De hongersnood en te korten werden zo erg dat bedrijven moesten sluiten. Er was
werkloosheid. Mensen hadden geen geld meer, boeren moesten gaan en
peulvruchten gaan verbouwen. De overheid nam deze dan met een de vaste bedrag
in beslag. Ook kregen mensen distributie bonnen.
§ 3.3
-
Veel Belgen waren naar Nederland gevlucht, de Nederlanders gaven de Belgen
onderdak, zo hielpen ze elkaar, tot de Belgen weer rond 1917/18 naar huis konden.
§ 1.1
Wat werd er in de vrede van Versailles geregeld?
-
Engeland, Frankrijk, Italië en VS kwamen bij elkaar in het Franse Versailles. Zij waren
de winnaars van de 1e wereldoorlog. Ze wilden voorkomen dat Duitsland dit nog een
keer zouden doen.
Vrede van Versailles :
-
Duitsland moest een grootbedrag aan goud betalen om de oorlogsschade te
herstellen.
-
Duitsland moest gebieden afstaan
-
Duitsland moest zijn koloniën afgeven
-
Het Duitse leger mocht niet groter zijn dan 100 000 man
-
Duitsland kreeg de schuld van de oorlog
-
Er mogen geen Duitse soldaten dichtbij de grens van Frankrijk en België komen. Het
Rijnland.
§ 1.2
Hoe werd in Duitsland gereageerd op de Vrede van Versailles?
1918  Duitse communisten wouden de macht grijpen, de regering kon dat voorkomen.
1919  volksvertegenwoordiging. Duitsland werd een parlementaire democratie
SPD  Socialistische Partij Duitsland. Uit eindelijk werd ‘t Republiek van Weimar met 2
andere partijen.
-
Duitsland moest herstelbetaling betalen, maar dat lukte niet. Met de ondertekening
van de vrede van Versailles was er officieel een einde gekomen aan de oorlog
§ 1.3
Waarom gingen landen samenwerken in de Volkenbond?
-
De Volkenbond werd opgericht door Woodrow Winson. Volgens hem was dit
belangrijk om de vrede te bewaren. Een groot aantal landen werden lid. De senaat, de
Amerikaanse volksvertegenwoordiging wilde er niks van weten. Omdat de VS er niet
in zat, verzwakte de Volkenbond behoorlijk.
-
De Volkenbond was niet erg succesvol, ze konden de 2e wereldoorlog niet
voorkomen. Ze werden op geheven.
-
De Volkenbond kan als een voorloper van de Verenigde Naties worden gezien
§ 2.1
Waarom brak in 1929 een wereldwijde economische crisis uit?
1919  Duitsland moet herstelbetalingen doen. N.a.v. de Vrede van Versailles.
1923  het lukt Duitsland niet meer om aan de herstelbetaling te vol doen. Ze besluiten
extra geld te gaan drukken  gevolg inflatie. (waarde vermindering van het geld)
1923  de Fransen besluiten om naar het Ruhrgebied te trekken en waardevolle
grondstoffen in beslag te nemen.
1924  VS is bereid om Duitsland geld te lenen voor de opbouw van de economie en
herstelbetaling. (1924 tot 1929 loopt dit goed)
1929  wereld economie stort in, Grote beurscrash op de New Yorkse beurs Wallstreet.
1929  gevolg van Duitsland, doordat ’t geleende geld terug betaald moest worden, stortte
de economie in Duitsland in.  bedrijven moesten sluiten.  extreme werkloosheid.
§ 2.2
Welk gevolg had de economische crisis voor Duitsland?
Opkomst van het nationaal socialisme.
Direct na de WO1 wordt er een partij opgericht die DAP heet. Hitler wordt hier lid van, n.a.v.
een toespraak die hij houd, wordt hij gevraagd actief mee te doen in de partij.
1921  kom de NS voor de DAP  NSDAP  Nationaal Socialistische Duitse Arbeiders Partij
1923  de NSDAP probeert de macht over te nemen in Beieren (deelstaat). De poging
mislukt. En staat bekend onder de naam “Bierkeller Putch”. Dit is op illegale wijze gedaan.
Hitler krijgt 5 jaar celstraf, maar hij zit maar 1 jaar uit. In de cel schrijft hij een boek “Mein
Kampf” (Mijn strijd)
1923/30  NSDAP, Landelijk een kleine part. Na 1930 groeit de partij enorm. Tijdens de
Beurscrash/economische crisis.
1930/33  bij de verkiezingen van 1933 komt de NSDAP aan de macht en Hitler wordt bond
kanselier (premier) 43,9% van de zetels. De 1e wet die ze hadden ingevoerd was : Het
verbond op alle politieke partijen, behalve de NSDAP, alleen de NSDAP regeert. Duitsland
veranderd in een dictatuur.
§ 2.3
-
Nederland was niet voorbereid op de crisis en dacht dat het wel zou mee vallen. Veel
mensen werden werkloos en kregen steunuitkering, maar dat hielp niet echt. Als je
werkloos was moest je elke dag gaan stempelen.
Verschaffingsprojecten  die werden opgericht zodat werklozen toch aan het werk zouden
gaan
Aanpassingspolitiek  de regering hielp alleen als de nood erg hoog was
-
Corlijn dacht dat de crisis wel over zou gaan. Volgens hem was ’t veel belangrijker om
Nederland neutraal te houden in de volgende oorlog. Extreme politieke partijen
hadden niet veel invloed in Nederland. Nederland bleef democartisch.
§ 3.1
Welke ideeën hadden nationaal socialisten?
De belangrijkste ideeen van de NSDAP waren :
-
Een democratie
-
Duitsland wilde een grotere rijk
-
Weg met de Joden (antisemitisme)
Rassenleer  de nazi’s verdeelde de mensheid in hogere en lagere rassen. Duitsers stonden
boven aan, helemaal onderaan stonden de Joden. Vermengingen van rassen zou leiden tot
verzwakking. De hogere rassen hadden het recht om de lagere rassen te verwijderen.
(Homo’s, zigeuners, gehandicapten, Joden)
-
Italië had ongeveer de zelfde ideeën als Duitsland. Ze waren Fascisten (extreem
nationalistisch)
-
In die tijd was Mussolini de baas in Italië
De grootste verschil tussen Italië en Duitsland was
-
Geen Jodenhaat
-
Geen rassenleer
1922  Fascisten kwamen aan de macht in Italië
§ 3.2
Hoe kwamen de nazi’s aan de macht
-
Hitler beloofde allemaal dingen, geen werkloosheid meer etc. de meeste Duitsers
waren het met hem eens.
1933  NSDAP grootste partij in Duitsland. Met 43,9% van de zetels.
-
Hij zorgde er voor dat de Duitse Tweede Kamer een nieuwe wet aan nam. Alleen de
NSDAP mocht blijven bestaan  Duitsland werd een dictatuur
-
Via radio, film, kranten en tijdschriften werden de ideeën van de nazi’s verspreid
SA & SS  speciale afdeling waar je werd opgesloten als je een andere mening had, of Joods
of zigeuner was. Je werd dan door de SS of SA van de straat geplukt.
§ 4.1
Wat zijn kenmerken van een totalitaire staat?
-
Nadat de nazi’s in 1933 aan de macht kwamen begonnen ze gelijk met het opbouwen
van en totalitaire staat.
Kenmerken van een totalitaire staat
-
Er is gelijkschakeling
-
Dictatuur
-
Indoctrinatie
-
Rechten van de mens tellen niet meer
-
Alles moet gaan zoals de bazen (nazi’s) dat willen
§ 4.2
Hoe was het leven in nazi-Duitsland
-
De nazi’s beloofden veel, maar er kwam niks van terecht. Want alles ging naar het
leger. De nazi’s zeiden dat het de schuld van de Joden was dat het niet beter werd.
Vrouwen werden ontslagen om moeder te worden. Ze kregen hier bij leningen
(kinderbijslag). Leraren moesten beloven dat ze de nazi-ideeën aan de kinderen
zouden leren.
Gestapo (Geheime Staatspolitie)  had als taak politieke tegenstanders oppakken. Je kon dat
ook belanden in een concentratiekamp.
Joseph Goebbels  Minister van propaganda
§ 4.3
Wat betekende nazidictatuur voor Joden?
Neurenbergse rassenwet
-
Je mag als een Duitser niet met een Jood trouwen
-
Je mag geen relaties hebben met Joden
-
Je mocht als Jood geen vrouwelijke Duitsers in dienst hebben
1938  Kristallnacht
-
Joodse mensen en hun bezittingen werden die nacht aangevallen. Winkels werden
geplunderd, synagogen in brand gestoken. Joodse mensen mishandeld of vermoord.
-
Na dit gingen veel Joden vluchten, maar dat leverde vaak ook niet veel op. Ze werden
-
botweg weg gestuurd omdat die landen zelf ook in een crisis zaten.
WO2
1938  Sudetenland (deel van Tsjecho-Slowakije, Duitsland eist die plek) en Oostenrijk
kwamen bij Duitsland zonder oorlog.
Maart 1939  Tsjecho-Slowakije komt ook bij Duitsland zonder oorlog.
24 augustus 1939  sluit Duitsland een niet-aanvalsverdrag met Rusland.
Molotov-Ribbentrap verdrag (onstabiel verdrag. Hitler haat communisten).
Nationaal socialisten tegen de communisten.
1 september 1939  inval Polen door de Duitsers.
West voor  Duitsland
Oost voor  Rusland (USSR)
3 september 1939  Frankrijk en Engeland verklaren de oorlog aan Duitsland. (geen militaire
hulp)
Biltzkrieg  snelle opmars van het Duitse leger.
April – juni 1940
April  Denenmarken en Noorwegen (Zweden is neutraal)
Mei  Duitsland valt Nederland, België, Luxemburg aan.
Engeland staat er alleen voor. Duitsers vallen Engeland aan vanuit de lucht.  the Battle of
Britian.
22 juni 1941  Duitsland valt Rusland binnen. Duitsers creëerden hierdoor een 2 fronten.
Later worden het er 3. Oost, West, Zuid – front.
7 december 1914  Japan valt Pearl Harbor (Hawaii) aan.
Japan, Duitsland, Italië zijn bondgenoten daardoor verklaren de Amerikanen oorlog aan alle 3
de landen.
WO2 verloop
Ommekeer  geallieerden winnen stukken land.
1942  slag om Stalingrad (Rusland)
1942  Slag om El-Alamein (Noord-Afrika)
D-day  6 juni 1944
WO2 in Nederland
10 mei 1940  Duitsers vallen aan in Nederland
14 mei 1940  Duitsers bombarderen Rotterdam. Na de bombardement geeft Nederland
zich direct over.
In het najaar 1944 wordt Zuid-Nederland bevrijd (Brabant/Limburg). Door een mislukte
veldslag in Arnhem (operation-Market Gardon)
Noorden  het noorden wordt pas in mei 1945 bevrijd gevolg  hongerwinter.
Einde van de WO2  begin van de koude oorlog. In februari (4-11) in 1945 komen de 3
leiders Churchill, Rosevelt en Stalin om o.a. de toekomst van Europa te bespreken.
Conferentie Jalta
Hier ontstaan voor het eerst de tegenstelingen tussen USA(westen) en USSR(oosten). Welke
landen komen onder welke invloedsfeer te staan.
VS
-
Democratische samenleving
-
Kapitalisme
-
Vrije markt
-
Privé bezit
-
Overheid heeft weinig invloed op de markt
-
België
-
Nederland
-
Luxemburg
-
Frankrijk
-
Italië
-
Groot-Brittannië
-
Griekenland
-
Spanje
-
Portugal
-
West-Duitsland
USSR
-
1 partij stelsel, dictatuur
-
Communisme
-
Planeconomie
-
Alles is in handen van de staat
-
Overheid beslist alles
-
Polen
-
Hongarije
-
Roemenië
-
Bulgarije
-
Oost-Duitsland
Joegoslavië had een status aparte  ze waren communistisch maar ze stonden niet onder de
invloed van de USSR of VS
Wat betekend het begrip : “Koude Oorlog”
Het is een conflict waarin twee partijen bewapend tegen over elkaar staan, maar niet tot een
werkelijke oorlog overgaan.
Paragraaf 2
Internationale organisatie VN  Verenigde Naties (26 juni 1945) VN is op volger van de
Volkenbond die bestond tijdens de interbellum.
Momenteel heeft de VN 193 (leden) landen. Algemene vergadering (soort parlement)
 daar worden besluiten genomen maar die zijn niet bindend.
De veiligheidsraad  heeft 5 parlement leden : China, Rusland, Rusland, VS,
Groot-Brittannië, Frankrijk
10 niet-parlement leden, die voor 2 jaar zitting nemen.
Internationale organisaties. Vervolg  het ontstaan van samenwerkingen in Europa na de
WO2
Europa raakt de leidende positie in de wereld kwijt. Om een rol van betekenis te blijven
spelen moeten ze gaan samen werken.
1952  EGKS is opgericht. Voorloper van uiteindelijke EU( E.E.G.)
De 1e lidstaten  Nederland, België, Luxemburg, Frankrijk, West-Duitsland, Italië (EGKS)
Paragraaf 4
JFK  John Fitzgerald Kennedy
Was de president van VS in 1960.
22-11-1963  werd hij vermoord in de stad Dallas (Texas)
Om de moord van JFK blijven vele onopgeloste vragen, zoals ‘was het een conspiracy
(samenzwering)
Paragraaf 5
Israël en het midden oosten (blz 102/105)
Israël  tijdens de Romeinse tijd hebben de Romeinen de joden verdreven van hun land,
nadat ze in opstand waren gekomen. Deze verdrijving word ook wel ‘Diaspora’ genoemd. (70
na Chr.)
Na de WO1 krijgt Engeland zeggenschap over het gebied dat we Israël noemen. (±1920). In
1915 beloven ze achter een nieuwe Arabische staat zullen hebben in Palestina (Israël).
In die
zelfde tijd beloofd minister Belfaur (Buitenlandse zaken) aan de Zionisten dat in het gebied
Israël(Palestina) een Joodse staat mag worden gesticht.
Zionisten  Joden die alles hadden om een Joodse staat te stichten.
1918  David Ben Goerion sticht de staat Israël, hij word volledig gesteund door WestEuropa en de VS
Direct na de oprichting ontstaat het eerste conflict tussen Israël en de Arabische buren.
1. 1948  oorlog n.a.v. stichting
2. 1948 – 1967  6 daagse oorlog
3. 1967 – 1973  Jom Kippoer oorlog
Camp David akkoorden vrede  Egypte – Israël (bron 28/104)
6.1
Staatskundige veranderingen in EU sinds 1989
-
Een wording van Duitsland (oost en west samen)
-
Uit een vallen van Tsjecho-Slowakije (Tsjechië en Slowakije)
-
Uit een vallen van Sovjet Unie (USSR)
In o.a. Rusland, Oekraïne, Wit Rusland, Estland, Letland, Litouwen, Kazachstan
-
Uit een vallen van Joegoslavië
Kroatië, Slovenië, Servië, Macedonië, Montenegro, Kosovo
Tijdens de periode tussen 1918 en 2001 wordt ook wel gezegd dat de VS de enige
overgebleven wereldmacht is.
Maar na 2001 weten we dat het anders is gelopen, wegens de terreur aanslag op de Twin
Towers in New York.
Deze aanslag worden gepleegd door fundamentalistische moslims, die in het westerse
kapitalisme een groot vijand zien.
Paragraaf 1 : bron 5,6,8,9
Paragraaf 2 : goed droog nemen.
Download