PAS Budgetbeheer Laatste beslissing BCS: Nieuwe PAS. I. Doel PAS Eenduidigheid in opstart en verloop van dossiers budgetbeheer. Een budgetbeheer houdt in dat het inkomen van een persoon op een rekening uitbetaald wordt die door het OCMW geopend en beheerd wordt. Met dit inkomen worden de rekeningen en het leefgeld van de cliënt betaald. De cliënt blijft eindverantwoordelijke over het financiële plaatje. Hij zorgt ervoor dat er een voldoende budget is om alle kosten te dekken. II. Doelgroep Zowel de reeds lopende budgetbeheren als de nieuwe aanvragen. III. Motivatie PAS Eenduidigheid verkrijgen in de werking en het verloop van een budgetbeheer, ten gevolge van: - De stijging van het aantal hulpvragen budgetbeheer; - Hulpvragen van de sociale dienst van het psychiatrisch ziekenhuis Sint-Alexius; - Hulpvragen van familieleden van iemand met een psychische/mentale problematiek; - Langdurige begeleiding van bestaande cliënten in budgetbeheer met weinig perspectief op afbouw van het budgetbeheer wegens mentale/psychische problematiek; - Vervaging onderscheid tussen budgetbeheer en voorlopige bewindvoering. Bij voorlopige bewindvoering wordt alles geregeld door de bewindvoerder aangezien de pupil hiertoe zelf niet in staat is. Bij budgetbeheer is het noodzakelijk dat de cliënt zelf nog een aantal dingen kan doen. Cfr. E-mail van meester De Munck d.d. 03/07/2013. “De bewindvoering is vnl. het beschermen van mensen tegen zichzelf, zowel op administratief als financieel vlak. De bewindvoerder -zo ondervind ik dat toch- is vaak de enige houvast doorheen het leven van die mensen en een centraal aanspreekpunt voor de instanties vnl. i.g.v. rondzwervingen , herhaalde opnamen, onstabiel werk etc. Ik werk daarvoor ook veel samen met sociale assistenten van de verschillende instellingen. Dus ja, het is veel ingrijpender voor de mensen, maar als je ziet dat die eigenlijk blijvend dienen begeleid te worden in hun administratie en financiën (waaronder ook dikwijls verhinderen van aankopen op krediet, torenhoge gsm-rekeningen etc.) dan valt bewindvoering te overwegen. Enige wat je wel nodig hebt (en niet onbelangrijk) is een attest van een arts die bevestigt dat de betrokkene niet in staat is om dat zelf te doen.” Het is de bedoeling dat de cliënt in budgetbeheer kennis en inzicht kan verwerven in zijn situatie waardoor hij op termijn in staat is zijn budget opnieuw zelfstandig over te nemen. Er zijn perspectieven om het budgetbeheer op termijn af te bouwen. Dit impliceert dat: - er een leerproces mogelijk moet zijn. De cliënt moet in staat zijn tot communicatie en moet logische en redelijke beslissingen kunnen nemen (DENKEN); - de cliënt over bepaalde vaardigheden moet beschikken, moet een aantal dingen kunnen doen (DOEN); - de cliënt gemotiveerd moet zijn (WILLEN): hij wil actief meewerken aan het op orde krijgen van zijn budget, hij wil iets aan zijn situatie doen; - de persoonlijke kenmerken en houding van de cliënt een van medewerking is (ZIJN). Bv. vertrouwen, de cliënt moet zich aan afspraken kunnen houden, moet respectvol zijn, moet open staan voor … Indien bij het formuleren van de hulpvraag of tijdens het budgetbeheer blijkt dat de cliënt niet aan deze criteria voldoet of kan voldoen en daardoor genoodzaakt is om levenslang in budgetbeheer te blijven, opteren wij voor ondersteuning binnen het sociaal netwerk van de cliënt (familie, kennissen, vrienden, bestaande hulpverleners) of indien dit niet mogelijk is voor begeleiding naar voorlopige bewindvoering. Het gaat hier o.m. over psychiatrische patiënten, dementerenden, mentaal gehandicapten, verslaafden, … Dit betekent niet dat deze mensen automatisch uitgesloten zijn voor budgetbeheer. Indien blijkt dat hun gezondheidssituatie kan verbeteren doordat ze zich laten behandelen, kan toch besloten worden tot het opstarten van budgetbeheer. De voorwaarde van behandeling wordt dan opgenomen in een afsprakennota. Gezien het doel van budgetbeheer – er zijn perspectieven voor de cliënt (hij moet weten dat het budgetbeheer slechts tijdelijk is) en het budgetbeheer kan afgebouwd worden – stellen we een termijn van maximaal 3 jaar voor bij budgetbeheer en maximaal 1 jaar voor budgetbegeleiding. Drie jaar budgetbeheer kan gevolgd worden door één jaar budgetbegeleiding (nazorg). IV. Toepassing PAS Budgetbeheer Wanneer een persoon zich aanmeldt voor een eerste gesprek, zal de intaker van dienst enkel de vraag aanhoren. Hij maakt een kort verslagje over het gehoorde, waarna het dossier via het diensthoofd aan een dossierbeheerder wordt doorgegeven. Het is deze dossierbeheerder die de voorwaarden tot hulpverlening, en budgetbeheer/-begeleiding, zal nagaan. In het verleden werd al een intakeformulier (bijlage 1) opgesteld. Dit formulier kan gebruikt worden om alle nodige informatie te verzamelen. Als tijdens het eerste gesprek blijkt dat de aanvrager tot één van volgende groepen behoort, wordt doorverwezen naar dienst schuldhulp: - Er zijn kredieten (lening, kredietkaart, negatief rekeningsaldo, …); - De schulden maken het (bijna) onmogelijk om menswaardig te leven (groot schuldbedrag of groot aantal schuldeisers). De dossierbeheerder gaat na of de voorwaarden voor een budgetbeheer vervuld zijn. Het gaat o.m. over: - Inkomsten i.v.t. uitgaven (alle maandelijkse rekeningen moeten betaald kunnen worden); - Psychiatrische problematiek (kan een leerproces afgelegd worden? Is een gerechtelijke beschermingsmaatregel meer aangewezen?); - Bereidheid van de cliënt tot medewerking; - Welke zijn de verwachtingen van de aanvrager; Randvoorwaarden (zijn er nog andere aspecten die eerder aandacht verdienen, zoals woning, werk, schulden, …). Als de inkomsten en uitgaven niet in evenwicht zijn, wordt het moeilijk het budget te beheren en alle rekeningen te betalen. Een budgetbeheer wordt pas opgestart wanneer het inkomen voldoende is om minstens de maandelijkse rekeningen te betalen en een leefgeld te voorzien. Aangezien het geen steunaanvraag betreft, is de dossierbeheerder niet gebonden aan de wettelijk opgelegde termijn van 30 dagen om een beslissing te nemen. Zowel dossierbeheerder als aanvrager dienen alle nodige informatie te krijgen om een correcte beslissing te nemen. De gemaakte afspraken worden in een nota (bijlage 2) verwerkt die door alle partijen ondertekend wordt. In deze nota worden o.m. opgenomen: - maandelijkse uitgaven, leefgeld (wekelijks/maandelijks, bedrag); - eventuele schulden; - regeling over dokters- en apothekerskosten: dient de cliënt de aankoop te bewijzen en krijgt hij/zij het dan terugbetaald, of wordt een attest van budgetbeheer (bijlage 3) afgegeven. Er wordt de voorkeur gegeven aan de eerste optie. - volmacht t.a.v. mutualiteit m.b.t. terugbetalingen medische kosten (bijlage 2); - werking naar afbouw en regels m.b.t. stopzetting: budgetbeheer is een tijdelijke hulp die door het OCMW aangeboden wordt. Deze kan maximaal 3 jaar duren, met verlenging omwille van uitzonderlijke omstandigheden. Er worden één of meerdere werkpunten/doelen afgesproken. Dit kan o.a. zijn: behandeling, werk zoeken, CSR, opleiding, … Dit is afhankelijk van de noden van de cliënt en kunnen wijzigen doorheen de begeleiding. Deze nota kan aangevuld worden als onbekende/nieuwe elementen aan het licht komen. Ook deze aanvulling dient door alle partijen ondertekend te worden. De overeenkomst wordt minstens om de zes maanden geëvalueerd. Naar aanleiding van deze evaluatie, kan het budgetbeheer verlengd worden via het BCS. De cliënt in budgetbeheer blijft de verantwoordelijkheid dragen over het budget. Hoewel de dossierbeheerder de betalingen doet, is hij/zij niet verantwoordelijk voor de beschikbaarheid van de financiële middelen. De cliënt staat in voor een voldoende hoog inkomen zodat alle rekeningen betaald kunnen worden, maar ook voor het werkbaar houden van de uitgaven (dus geen telefoonrekeningen van bijv. 200 euro). Soms kunnen niet alle rekeningen betaald worden (omwille van te laag inkomen, achterhouden van facturen, …). Als gevolg hiervan stapelen de facturen zich op. Om dit tegen te gaan, kan dit verrekend worden met het leefgeld (vermindering tot zelfs stopzetting voor de betreffende maand). Voordat deze verrekening gebeurd, wordt de cliënt best op de hoogte gebracht. Er wordt de voorkeur gegeven dit via e-mail te doen, of via brief als er geen e-mail bekend is. Op schriftelijke wijze worden zowel de reden, het bedrag als de eventueel te volbrengen taak, meegedeeld. Wanneer de cliënt de gemaakte afspraken niet nakomt, wordt volgende procedure gevolgd: 1) uitnodiging per gewone brief, met vermelding redenen uitnodiging, niet nakomen gemaakte afspraken, …; 2) bij negatieve reactie op stap 1 worden aangetekende en gewone brief verstuurd met vermelding einddatum dat het feit opgelost moet zijn, er wordt verwezen naar mogelijke stopzetting op BCS; 3) BCS stopzetting Betrokkene kan het budgetbeheer zelf stopzetten. Hiervoor dient hij een brief naar zijn dossierbeheerder te sturen met motivering. Als betrokkene na de stopzetting opnieuw in budgetbeheer wilt komen, wordt gevraagd een motivatiebrief te schrijven. Een wachttijd van één jaar wordt ingesteld als: - het budgetbeheer werd stopgezet op voorstel van de MA omwille van bv. agressie, niet meewerken, fraude; - het budgetbeheer werd stopgezet door de cliënt tegen het advies van de MA in. Dit wordt voorgelegd aan het BCS. Personen wiens budgetbeheer werd stopgezet, krijgen in de periode van 6 tot 12 maanden na de stopzetting een brief. Deze mailing zal gebeuren door een administratief medewerker. Deze namen worden uit Logins gehaald (stopzettingsdatum budgetbeheer). In deze brief wordt gepolst naar de huidige situatie (zijn er nieuwe problemen opgedoken, lukt het zelf budgetteren, …). De voormalige dossierbeheerder krijgt een kopie van deze brief. Budgetbeheer en collectieve schuldenregeling Een schuldbemiddelaar kan i.k.v. een collectieve schuldenregeling zijn cliënt een budgetbeheer bij het OCMW opleggen. Indien de aanvrager niet voldoet aan de voorwaarden voor de opstart van een budgetbeheer, zal het budgetbeheer niet opgestart worden. De aanvrager voldoet aan de voorwaarden die door de schuldbemiddelaar gesteld worden, maar dit zijn niet dezelfde als van het budgetbeheer. Wanneer de cliënt kan aantonen een budgetbeheer aangevraagd te hebben, kan de schuldbemiddelaar de collectieve schuldenregeling niet herroepen. Hetzelfde geldt als de Arbeidsrechter een eindvonnis uitspreekt i.k.v. een collectieve schuldenregeling. Hierbij wordt het OCMW immers niet veroordeeld. Een budgetbeheer moet niet zo lang duren als een collectieve schuldenregeling. Deze procedure kan tot 7 jaar duren, wat veel langer is dan de vooropgestelde maximumtermijn van een budgetbeheer. Bewindvoering Wanneer in een lopend dossier blijkt dat de aanstelling van een bewindvoerder noodzakelijk is, kan de dossierbeheerder het verzoekschrift invullen en versturen. Er werd door de rechtbank een modelformulier opgesteld. De dossierbeheerder wordt als contactpersoon opgegeven, maar het formulier wordt ondertekend door voorzitter en diensthoofd sociale dienst. De contactpersoon wordt door de rechtbank opgeroepen te verschijnen. Tijdens de zitting wordt gevraagd de aanvraag toe te lichten. In de meeste gevallen zal een advocaat aangesteld worden als bewindvoerder, de vrederechter stelt liever geen directe familie aan. Deze kunnen wel als vertrouwenspersoon aangesteld worden. De vertrouwenspersoon zal alle vonnissen, rapporten, end. automatisch ontvangen. Wanneer de onbekwaam verklaarde persoon zich zelf niet langer kan uiten, zal aan de vertrouwenspersoon gevraagd worden de mening van de onbekwaam verklaarde persoon te verwoorden. Let wel: als de te beschermen persoon in een instelling verblijft (psychiatrie, rusthuis,…), wordt het verzoekschrift door deze instelling ingediend. Als iemand geen gerechtelijke bescherming wil, kan dit ook aangevraagd worden zonder diens akkoord. Als er geen omstandige geneeskundige verklaring is, zal de vrederechter een medisch expert aanstellen. Deze expertise moet in het verzoekschrift specifiek gevraagd worden, anders verklaart de vrederechter het verzoekschrift onontvankelijk. De kosten van deze expertise kunnen aan verzoeker gevraagd worden op voorhand te betalen. Om een medisch expert te laten aanstellen, dient verwezen te worden naar het eerste lid van artikel 1241 van het Gerechtelijk Wetboek. Ingeval verzoeker wegens dringendheid of in de absolute onmogelijkheid verkeert om een omstandige geneeskundige verklaring bij het verzoekschrift te voegen, worden de redenen hiervan uitdrukkelijk vermeldt, en wordt gemotiveerd waarom een gerechtelijke bescherming aangewezen is. In het verzoekschrift dient eveneens het onderscheid tussen bescherming van goederen en/of persoon gemaakt te worden. Wanneer iemand een budgetbeheer aanvraagt, maar een gerechtelijke bescherming nodig heeft, voldoet deze persoon niet aan de voorwaarden voor opstart van een budgetbeheer. Aangezien deze persoon weinig gekend is bij het OCMW, zal gevraagd worden dat iemand uit diens persoonlijk netwerk (vnl. familie) het verzoekschrift tot aanstelling van een bewindvoerder indient. V. Werkwijze BCS/dossier BUDGETBEHEER BCS: 1e bundel Wanneer er al een procedure collectieve schuldenregeling loopt, wordt voorstel SB/BBCSR gebruikt. In alle andere gevallen, met of zonder schulden, wordt voorstel AD/Budget gebruikt. Elk voorstel kent een begin- en einddatum! Toekenning/weigering In de motivatie van toekenning wordt reeds verwezen naar: - de afsprakennota budgetbeheer die ondertekend zal worden; - de regelmatige evaluatie Evaluatie Is een verlenging van het budgetbeheer en gebeurt na de evaluatie (minstens elke 6 maanden). De verlenging gebeurt via het BCS, waarbij het voorstel ook steeds verlengd wordt voor maximaal 6 maanden. Stopzetting De motivatie van de cliënt of van de dossierbeheerder worden opgenomen. Nieuwe aanvraag Wachttijd wordt op BCSD gemotiveerd. GERECHTELIJKE BESCHERMINGSMAATREGEL Het is belangrijk dat een kennisgeving gebeurd aan het BCSD (voorstel AD/KENNIS + verslag). Deze kennisgeving gebeurt vóór het indienen van het verzoekschrift tot aanstelling van een bewindvoerder, omwille van artikel 15 van het verzoekschrift. Verzoekschrift blz. 9, art. 15: De verzoekende partij erkent lezing te hebben gekregen van het eerste lid van artikel 1242 van het GW. Dat bepaalt dat de griffie op verzoek van de te beschermen persoon, van elke belanghebbende of van de Procureur des Konings, de Stafhouder van de Orde van Advocaten of het Bureau voor Rechtsbijstand van het arrondissement kan vragen ambtshalve een advocaat aan te wijzen die de te beschermen persoon in het nakende geding zal bijstaan. De met diens aanstelling gemoeide rechtsplegingsvergoeding van thans 1.320 euro zal geheel of gedeeltelijk voor rekening komen van de verzoekende partij indien zij wordt afgewezen en van de te beschermen persoon indien de vordering wordt toegewezen, tenzij zij de gehele of gedeeltelijke kosteloze juridische tweedelijnsbijstand genieten. De kosten van de medische expertise kunnen aan verzoeker gevraagd worden op voorhand te betalen. Na de aanstelling van de bewindvoerder, gebeurt opnieuw een kennisgeving aan het BCSD. Bijlagen De bijlagen zijn terug te vinden op S:/externe zaken/sociale dienst/schuldhulp/overleg budgetbeheer/2015/PAS Budgetbeheer Bijlage 1 : Intakeformulier budgetbeheer en –begeleiding Bijlage 2 : Afsprakennota budgetbeheer, evaluatieformulier, verklaring over de terugbetaling van de medische kosten en de maximumfactuur Bijlage 3 : Attest voor dokter/apotheker/ziekenhuis