Vragenlijsten

advertisement
Vragenlijsten
De antwoorden verwerk je later thuis in een word document.
Geef de antwoorden in hele zinnen. Voorbeeld:
Vraag: Is een hond een zoogdier?
Antwoord: Ja een hond is een zoogdier. (dus niet alleen antwoorden met ja.)
Geef aan waar je het antwoord gevonden hebt. In welk boek en op welke blz.?
Dit noemen we bronvermelding.
Gewervelde dieren
1. Hebben gewervelde dieren een inwendig of een uitwendig skelet?
2. Wat betekent het als een dier warmbloedig is?
3. Wat betekent het als een dier koudbloedig is?
4. Waar moet je rekening mee houden als je een koudbloedig dier in de
dierentuin wilt gaan houden?
5. Wat is de reden voor de naamgeving van gewervelde dieren?
Zoogdieren
1. Noem de 2 belangrijkste kenmerken die zoogdieren onderscheiden van de
andere gewervelde dieren.
2. Hoe halen zoogdieren adem?
3. Zoogdieren leven zowel op het land als in het water als in de lucht.
a) Noem een voorbeeld van een landzoogdier
b) Noem een voorbeeld van een waterzoogdier
c) Noem een voorbeeld van een zoogdier die ook in de lucht voor komt.
4. Hoe planten zoogdieren zich voort?
5. Waarmee is de huid van zoogdieren bedekt?
6. Zijn zoogdieren warm- of koudbloedig?
7. Hoe noemen we een (zoog)dier dat alleen andere dieren eet?
8. Hoe noemen we een (zoog)dier dat alleen planten eet?
9. Hoe noemen we een dier wat zowel planten als dieren eet?
2
Vogels
1. De meeste vogels kunnen vliegen, maar er zijn twee soorten vogels die dit
niet kunnen. Noem deze twee soorten.
2. Verschillende soorten vogels hebben verschillende soorten snavels.
a) Beschrijf of teken de verschillende snavels.
b) Waarom verschillen de snavels zoveel van elkaar?
3. Hoe halen vogels adem?
4. Hoe planten vogels zich voort?
5. Waarmee is de huid van vogels bedekt?
6. Zijn vogels warm of koudbloedig?
7. De botten van zoogdieren en vogels zijn verschillend.
Wat is het verschil tussen de botten?
3
Vissen
1. Waar leven de vissen?
2. Wat eten vissen?
3. Hoe kunnen vissen zich voortbewegen?
4. Alle gewervelde dieren hebben zintuigen. Zintuigen zijn bijvoorbeeld de
ogen en oren.
Vissen hebben een extra zintuig, die de andere gewervelde dieren niet
hebben.
a) Welk zintuig is dit?
b) Wat is de functie van dit zintuig? (vb. functie van een oog is zien)
5. Waarmee is de huid van vissen bedekt?
6. Hoe halen vissen adem?
7. Hoe planten vissen zich voort?
8. Zijn vissen koudbloedig of warmbloedig?
4
Reptielen
1. Waar leven de meeste soorten reptielen?
2. Hoe planten reptielen zich voort?
3. Vertel iets over de lichaamstemperatuur van reptielen.
4. Waarmee is de huid van reptielen bedekt?
5. Noem 3 verschillende reptielen.
6. Hoe halen reptielen adem?
7. Zijn reptielen warm- of koudbloedig?
8. Je kunt aan het gedrag van de reptielen zien of ze warm- of koudbloedig
zijn.
Hoe kun je dit aan het gedrag van reptielen zien?
9. Als je een hok voor reptielen gaat maken, waar moet je dan op letten?
5
Amfibieën
1. Hoe halen amfibieën adem? (let op er zijn 2 manieren)
2. Hoe planten amfibieën zich voort?
3. Waarmee is de huid van amfibieën bedekt?
4. Een axolotl is een amfibie.
Wat is er zo bijzonder aan een axolotl?
5. Waar leven de meeste soorten amfibieën?
6. Zijn amfibieën koudbloedig of warmbloedig?
7. Waar moet je rekening mee houden als je een amfibie in een dierentuin
wilt houden?
6
Download
Random flashcards
fff

2 Cards Rick Jimenez

mij droom land

4 Cards Lisandro Kurasaki DLuffy

Create flashcards