1 Veelgestelde vragen over de bankenunie Wat is de bankenunie? De bankenunie kent drie pijlers: 1) Europees bankentoezicht onder leiding van de Europese Centrale bank (ECB) in Frankfurt, in nauwe samenwerking met nationale toezichthouders, waaronder DNB; 2) Europese ‘resolutie’ (de afwikkeling) van banken die in de problemen, wat altijd kan gebeuren ondanks goed toezicht; en 3) een Europees depositogarantiestelsel. Waarom een bankenunie? Met het tot stand komen van de bankenunie worden toezicht en crisisbeheersing op Europees niveau belegd. Daarmee draagt de bankenunie bij aan de veiligheid en soliditeit van het Europese bankenstelsel alsook de financiële integratie en stabiliteit in Europa. Dit is dan ook een belangrijke stap naar herstel van vertrouwen in het Europees bankenstelsel. Wanneer gaat het van start? 4 november 2014 begint de ECB met haar nieuwe toezichthoudende taken, precies een jaar nadat de verordening waarmee de toezichthouder is opgericht, van kracht is geworden. Hoe werkt het? In het nieuwe toezichtstelsel houdt de ECB samen met de nationale toezichthouders toezicht. De samenwerkingsvorm verschilt per bank, en wordt bepaald door de ‘significantie’ van een bank. Voor de zogenaamde significante banken geldt dat de ECB de directe leiding heeft over het toezicht. De ECB stelt jaarlijkse toezichtplannen op, in overleg met betrokken nationale toezichthouder. Bij de uitvoering van die plannen vervullen de nationale toezichthouders een cruciale rol, maar de leiding ligt bij de ECB. Het toezicht op alle andere banken, de zogenaamde minder significante banken, blijft in principe de eerste verantwoordelijkheid van de nationale toezichthouders; de ECB kijkt mee: zogenaamde indirect toezicht. Maar mocht de ECB van mening zijn dat het toezicht beter door haar direct kan worden uitgeoefend, dan kan de ECB ook het toezicht op minder significante banken naar haarzelf toetrekken. 2 Wat maakt een bank significant? Of een bank of bankengroep wel of niet als significant wordt aangemerkt, hangt af van: ■ de totale waarde van haar activa: een bank of bankengroep wordt als significant aangemerkt als de totale activa ≥ EUR 30 miljard is; ■ het belang voor de economie van het land waarin zij gevestigd is of voor de gehele EU: een bank of bankengroep wordt als significant aangemerkt als de totale activa ≥ EUR 5 miljard en > 20% van het BBP is van het land waarin zij gevestigd is; ■ het belang van de grensoverschrijdende activiteiten: de ECB beoordeelt of een bank of bankengroep als significant wordt aangemerkt op basis van de grensoverschrijdende activiteiten; ■ of de instelling steun heeft aangevraagd of ontvangen van het Europees Stabiliteitsmechanisme (ESM) of de Europese Faciliteit voor Financiële Stabiliteit (EFSF): een bank of bankengroep wordt als significant aangemerkt als het steun heeft aangevraagd of ontvangen van het EFSF of ESM. Verder is bepaald dat voor deelnemende lidstaten in ieder geval de grootste drie banken(groepen) significant zijn. De criteria voor significantie zijn in artikel 6(4) van de SSM Regulation uiteengezet en zullen in de Framework Regulation nader worden uitgewerkt. De lijst met significante banken wordt in 2014 definitief vastgesteld. Welke landen nemen deel? De eurolanden nemen automatisch deel aan de bankenunie. EU-landen die niet de euro gebruiken, kunnen ook deelnemen door hun nationale bevoegde autoriteiten een "nauwe samenwerking" te laten aangaan met de ECB. Als de ECB daarmee instemt, wordt het besluit in het Publicatieblad van de EU bekendgemaakt. Hieronder volgt een overzicht van de nationale toezichthouders van de eurolanden die dus in ieder geval in SSM deelnemen. LIDSTAAT NATIONALE BEVOEGDE AUTORITEIT Oostenrijk Finanzmarktaufsicht (FMA) België Nationale Bank van België/Banque Nationale de Belgique Cyprus Central Bank of Cyprus Estland Finantsinspektsioon Finland Finanssivalvonta (Fiva) Frankrijk Autorité de contrôle prudentiel Duitsland Bundesanstalt für Finanzdienstleistungsaufsicht (BaFin) Griekenland Bank of Greece Ierland Central Bank of Ireland/Banc Ceannais na hÉireann Italië Banca d´Italia Letland1 Finanšu un kapitāla tirgus komisija 3 LIDSTAAT NATIONALE BEVOEGDE AUTORITEIT Luxemburg Commission de Surveillance du Secteur Financier (CSSF) Malta Malta Financial Services Authority (MFSA) Nederland De Nederlandsche Bank Portugal Banco de Portugal Slowakije Národná banka Slovenska Slovenië Banka Slovenije Spanje Banco de España 1 Letland treedt op 1 januari 2014 toe tot de eurozone Op hoeveel banken wordt toezicht gehouden? In totaal gaat het om ca. 4000 banken. Hoewel de lijst met significante banken nog niet definitief is, zal deze lijst ca. 130 banken bevatten, die collectief bijna 85% van het totale vermogen van de banken in het eurogebied vertegenwoordigen. Het toezicht op alle andere banken in de deelnemende landen, en dat zijn er alleen al in het eurogebied dus ongeveer 4000, blijft in handen van de nationale bevoegde autoriteiten. Hoe wordt het toezicht georganiseerd? Er wordt een Raad van Toezicht (Supervisory Board) ingesteld die de toezichthoudende taken van de ECB plant en uitvoert, voorbereidende werkzaamheden verricht en volledige conceptbesluiten opstelt ter goedkeuring door de Raad van Bestuur van de ECB, de Governing Council. De Raad van Toezicht bestaat uit: ■ een Voorzitter (benoemd voor een eenmalige termijn van vijf jaar); ■ een Vice-voorzitter (gekozen uit de leden van de Directie van de ECB, de Executive Board); ■ vier vertegenwoordigers van de ECB; en ■ vertegenwoordigers van de nationale bevoegde autoriteiten, één per deelnemende EU-lidstaat. Wat gebeurt er tussen nu en de invoering in november 2014? In de aanloop naar de bankenunie – en dan in het bijzonder tot het gezamenlijk toezicht op de Europese banken onder leiding van de Europese Centrale Bank (ECB) in Frankfurt – is een grondig balansonderzoek van de significante Europese banken noodzakelijk. In 2014 wordt dan ook de zogenoemde Comprehensive Assessment gehouden, waarin de kwaliteit van de balansen van de significante banken wordt doorgelicht aan de hand van een risicoanalyse, een Asset Quality Review en een stresstest; de stresstest wordt in samenwerking met de Europese Bankenautoriteit EBA uitgevoerd. Het balansonderzoek is in november 2013 gestart en zal twaalf maanden duren. Zij wordt uitgevoerd in samenwerking met de nationale bevoegde autoriteiten van de lidstaten die deelnemen aan de bankenunie, en zal worden ondersteund door onafhankelijke derden op alle niveaus bij zowel de ECB als de nationale bevoegde autoriteiten. 4 Waarom een uitgebreid balansonderzoek? Het is van belang dat de Comprehensive Assessment streng en geloofwaardig zal zijn omdat alleen daarmee het vertrouwen van de markten in het Europese bankwezen kan verbeteren. De drie hoofddoelstellingen van het balansonderzoek zijn: ■ transparantie: het verbeteren van de beschikbare informatie over hoe een bank ervoor staat; ■ herstel: het vaststellen en doorvoeren van noodzakelijke corrigerende maatregelen, indien en waar nodig; ■ het bevorderen van vertrouwen: alle belanghebbenden ervan verzekeren dat de banken fundamenteel gezond en betrouwbaar zijn. Uit welke pijlers bestaat balansonderzoek? Het balansonderzoek, de Comprehensive Assessment, zal bestaan uit drie elementen: (1) een beoordeling van kernrisico’s, waaronder liquiditeits-, schuld- en financieringsrisico’s; (2) een beoordeling van de kwaliteit van de activa van banken (zogenaamde Asset Quality Review), waaronder de adequaatheid van de waarderingen van activa en onderpand, en de daarmee verband houdende voorzieningen; (3) een stresstest ter controle van de schokbestendigheid van de balansen van banken in stressscenario’s. Deze drie elementen zijn onderling nauw verbonden. Bij de AQR (onderdeel 2) wordt uitgegaan van een kapitaalratio van 8% tier 1 kapitaal, gebruik makend van de definitie van CRDIV/CRR, inclusief overgangsregelingen. De kapitaalgrenswaarde voor de stress test moet nog worden vastgesteld. Nadere gegevens over de stresstest worden in een later stadium bekendgemaakt, in coördinatie met de Europese Bankenautoriteit EBA. Wanneer zijn de resultaten van het balansonderzoek bekend? De Comprehensive Assessment wordt afgesloten met de geaggregeerde openbaarmaking van de uitkomsten op land- en bankniveau, vergezeld van eventuele aanbevelingen voor toezicht maatregelen. Deze uitgebreide uitkomsten zullen worden gepubliceerd voordat de ECB in november 2014 haar toezichtstaak op haar neemt, en omvatten de bevindingen uit de drie pijlers van de Comprehensive Assessment.