Brief - Gemeente Leiden

advertisement
B en W-nummer 15.0392;
Onderwerp
besluit d.d. 28-4-2015
Inspraak Integraal Veiligheidsplan Leiden 2015- 2018
Besluiten:
1. het concept Integraal Veiligheidsplan Leiden 2015 – 2018 voor de inspraak vast te stellen.
Perssamenvatting:
Het college van burgemeester en wethouders heeft besloten het concept Integraal Veiligheidsplan Leiden
2015 – 2018 voor de inspraak vrij te geven. Het huidige Integraal Veiligheidsplan Leiden 2012 - 2015
loopt dit jaar af. Het Integraal Veiligheidsplan Leiden 2015 - 2018 bevat voor de komende jaren de
thema’s van het Leidse veiligheidsbeleid, de doelen die hierop behaald moeten worden en de afspraken
over de inspanningen die de gemeente en andere partijen, waaronder de politie, zullen leveren om de
doelen te bereiken.
- 1 -
Het Integraal Veiligheidsplan Leiden 2015-2018
Samenwerken aan een veilige en leefbare stad
April 2015
- 2 -
Inhoud
Inhoud ............................................................................................................................................................................... 2
1
Inleiding................................................................................................................................................................... 3
1.1
Kader en Context .................................................................................................................................................... 5
1.1.1
Uitgangspunten IVP ....................................................................................................................................... 5
1.1.2
Wettelijke grondslag ..................................................................................................................................... 5
1.1.3
Veiligheidsanalyse ......................................................................................................................................... 5
1.2
Gemeentelijke regierol ........................................................................................................................................... 9
1.3
Rol Burgemeester ................................................................................................................................................. 11
1.4
Partners en samenwerkingsverbanden ................................................................................................................ 12
1.4.1
Inwoners van de stad .................................................................................................................................. 12
1.4.2
Politie .......................................................................................................................................................... 12
1.4.3
Regionaal Informatie en Expertise Centrum Den Haag ............................................................................... 12
1.4.4
Veiligheidshuis Hollands Midden ................................................................................................................ 13
1.4.5
Veiligheidsregio Hollands Midden ............................................................................................................... 13
1.4.6
Overige samenwerkingsverbanden ............................................................................................................. 14
2
Veiligheidsthema’s keuzes 2015-2018 .................................................................................................................... 16
3
Nadere uitwerking veiligheidsthema’s ................................................................................................................... 17
3.1
Geweld .................................................................................................................................................................. 17
3.1.1
Huiselijk geweld .......................................................................................................................................... 17
3.1.2
Veilige publieke taak ................................................................................................................................... 20
3.2
Vermogenscriminaliteit......................................................................................................................................... 22
3.2.1
3.3
Woninginbraken .......................................................................................................................................... 22
Overlast ................................................................................................................................................................. 25
3.3.1
Jeugd- en jongerenoverlast ......................................................................................................................... 25
3.3.3
Overlast op het water- NIEUW .................................................................................................................... 28
3.3.4
Fietsenoverlast – NIEUW ............................................................................................................................. 29
3.3.5
Woonoverlast –Nieuw- ............................................................................................................................... 30
3.3.6
Overlast horeca ........................................................................................................................................... 32
3.4
Ondermijning ........................................................................................................................................................ 34
3.4.1
Criminele samenwerkingsverbanden .......................................................................................................... 34
3.4.2
Radicalisering – NIEUW- .............................................................................................................................. 36
3.5
Rampenbestrijding en crisisbeheersing ................................................................................................................ 37
3.5.1
3.6
Rampenbestrijding en crisisbeheersing....................................................................................................... 37
Leefbaarheid in de wijken – NIEUW...................................................................................................................... 41
Bijlagen............................................................................................................................................................................ 43
Bijlage 1
Veiligheidsanalyse Leiden ....................................................................................................................... 43
Bijlage 2
Overzicht samenwerkingspartners IVP ................................................................................................... 47
Bronnen .............................................................................................................................................................................. 50
- 3 -
1
Inleiding
Leiden is een veilige stad. En dat willen we graag zo houden. De hoofddoelstellingen van het Leidse
veiligheidsbeleid zijn het vergroten van de veiligheid en het vergroten van het veiligheidsgevoel. Het
Integraal Veiligheidsplan 2015–2018 (IVP) sluit merendeels aan bij de college- en raadsperiode en
beschrijft concreet en praktisch de doelstellingen en de aanpak op de actuele veiligheidsthema’s voor de
komende jaren.
Met integraal veiligheidsbeleid wordt bedoeld: ‘het systematisch en samenhangend werken aan behoud
of verbetering van de lokale veiligheid in al haar facetten onder regie van het bestuur’ (Ministerie BZK,
1998). De term ‘integraal’ heeft hierbij verschillende betekenissen. Ten eerste beschrijft het Integraal
Veiligheidsplan een aanpak die verder gaat dan de gemeente. Partijen als de politie, het Openbaar
Ministerie (OM), woningcorporaties en de Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) hebben
bijgedragen aan de totstandkoming van dit plan. Ten tweede gaat het Integraal Veiligheidsplan uit van
een volwaardige integrale aanpak per geprioriteerd thema op alle aspecten van de veiligheidsketen: proactie, preventie, preparatie, repressie en nazorg. Het Integraal Veiligheidsplan Leiden 2015-2018 schetst
geen compleet beeld van alle activiteiten die in Leiden plaatsvinden om de veiligheid en leefbaarheid te
vergroten. Er is bewust gekozen voor het uitwerken van een aantal concrete thema’s. Dit betekent niet
dat op andere veiligheidsthema’s geen activiteiten meer ondernomen (kunnen) worden.
De missie van het Leidse veiligheidsbeleid is: “De gemeente Leiden staat voor een stad die veilig is en
voelt op het gebied van wonen, werken en leven in samenwerking met bewoners en partners.”
Deze missie geeft aan dat wordt geïnvesteerd in zowel de objectieve veiligheid (het aantal gepleegde
delicten) als de subjectieve veiligheid (het veiligheidsgevoel). Ook geeft de missie aan dat veiligheid niet
een zaak is van één partij, bijvoorbeeld de gemeente of de politie. Samenwerking is cruciaal. Het
Integraal Veiligheidsplan is een hulpmiddel om het proces van integrale samenwerking op lokaal niveau
onder de regie van de gemeente verder vorm te geven en focus aan te brengen in het veiligheidsbeleid.
De prioritering van veiligheidsthema’s is een cruciaal onderdeel van het Integraal Veiligheidsplan. De
prioritering heeft plaatsgevonden op basis van de veiligheidsanalyse 2014 van Leiden (zie bijlage 1), de
informatie van de politie en andere partners, de impact van veiligheidsproblemen op de burger en de
mate waarin er behoefte is aan een vernieuwing of bestendiging van de aanpak.
De keuze voor deze thema’s brengt niet per definitie met zich mee dat voor andere veiligheidsthema’s
geen aandacht meer is. Andere veiligheidsthema’s vallen onder de “going concern” van de gemeente en
partners. Dit geldt bijvoorbeeld ook voor de reguliere taken van de Brandweer Hollands Midden. Tevens
is het van belang om flexibel in te kunnen springen op actuele ontwikkelingen. Hier blijft ruimte voor. De
benoeming van de thema’s betekent wel dat als er keuzes gemaakt moeten worden over de inzet van
geld en capaciteit de geprioriteerde thema’s voorrang krijgen.
Een nadere concretisering met resultaten en indicatoren van het IVP zal jaarlijks plaatsvinden in de
gemeentelijke begroting, de team- en/of clusterplannen en indien wenselijk in jaaruitvoeringsplannen
(JUP’s).
- 4 -
Hoofddoelstellingen:
- Objectieve veiligheid:
het vergroten van de veiligheid
- Subjectieve veiligheid: het vergroten van het veiligheidsgevoel
- 5 -
1.1
Kader en Context
De landelijke trend van dalende criminaliteitscijfers zien we ook in Leiden en zet zich volgens de
politiecijfers van 2013 en 2014 voort. De inzet op thema’s voor de komende jaren moet bijdragen aan
het veilig houden van de stad en haar inwoners. In deze paragraaf wordt op hoofdlijnen ingegaan op de
uitgangspunten en ontwikkelingen die de basis hebben gevormd voor het IVP 2015-2018.
1.1.1
Uitgangspunten IVP
Voor de actualisatie van het IVP is met de volgende uitgangspunten gewerkt:
- Het IVP 2015-2018 is een actualisatie van het IVP 2012-2015. Grote wijzigingen in de aanpak op
veiligheid vinden niet plaats.
- Het IVP sluit merendeels aan bij de collegeperiode.
- Het IVP bevat ook de prioriteiten voor het gemeentelijk toezicht en handhaving op het gebied
van leefbaarheid en veiligheid, waarmee het IVP aansluit bij het beleidsakkoord “Samenwerken
en Innoveren”.
- De nadruk de komende jaren komt meer te liggen op preventie in plaats van op repressie, we
zoeken de dialoog op met de partners en inwoners van Leiden in het kader van verbinden.
- Het IVP is kaderstellend voor de praktijk en biedt een praktisch handvat voor de partners.
1.1.2
Wettelijke grondslag
Zowel de gemeentewet als de politiewet verwijzen naar het integraal veiligheidsplan als instrument om
invulling te geven aan de gemeentelijke regierol op veiligheid.
1.1.3
Veiligheidsanalyse
De actualisatie van het IVP 2012 – 2015 is mede gebaseerd op een analyse van de veiligheidscijfers uit de
Veiligheidsmonitor (VM), de Stadsenquête en de cijfers van de politie. De analyse laat in zijn
algemeenheid zien dat het goed gaat met de veiligheid in Leiden. Op bijna alle thema’s uit het IVP 20122015 zijn de cijfers gedaald. Zie voor de uitgebreide Veiligheidsanalyse 2014 bijlage 1.
Mede aan de hand van de veiligheidsanalyse kan bepaald worden op welke thema’s (extra) inzet nodig is
en welke thema’s niet meer geprioriteerd opgenomen hoeven te worden in het IVP 2015 – 2018. Voor
een aantal thema’s is de impact op de slachtoffers een reden om met alle veiligheidspartners
doorlopend extra aandacht te besteden, zoals geweld (waaronder veilige publieke taak) en
woninginbraken, terwijl bijvoorbeeld het proces om overlast van evenementen te verminderen
inmiddels ‘going concern’ is geworden. Hetzelfde geldt ook voor overlast door zwervers en daklozen.
Hieronder worden met het oog op de prioriteiten van het veiligheidsbeleid de belangrijkste conclusies
van de veiligheidsanalyse 2014 weergegeven.
Geweld
Geweld valt samen met woninginbraak, overvallen en straatroof onder de zogenaamde High Impact
Crimes (HIC). Het zijn delicten met een grote impact op het slachtoffer, diens directe omgeving en het
veiligheidsgevoel in de maatschappij. De bestrijding daarvan heeft hoge prioriteit.
- 6 -
De politiecijfers geven weer dat het aantal aangegeven gevallen van geweld in 2014 ten
opzichte van 2013 licht is gedaald tot 798. Het aantal geweldsincidenten in het uitgaansgebied van
Leiden is met ongeveer een kwart gedaald in de vier jaren dat het IVP van kracht is namelijk van 217 naar
157.
Het aantal inwoners van Leiden dat in de Veiligheidsmonitor aangeeft slachtoffer te zijn geweest van
geweld (mishandeling, bedreiging en seksuele delicten) is al drie jaar constant (3%).
Het aantal incidenten huiselijk geweld dat bij de politie bekend wordt schommelt de afgelopen jaren
rond de 650. Voorzichtigheid is altijd een van de geboden bij veiligheidscijfers maar vooral bij huiselijk
geweld. De dubbele doelstelling van het beleid, verhogen van de aangiftebereidheid naast het
terugdringen van het huiselijk geweld, is hier debet aan.
Huiselijk geweld blijft een geprioriteerd thema vanwege de grote impact op het slachtoffer en soms op
een heel gezin en vanwege het zogeheten ‘dark number’ (een klein deel van de slachtoffers doet maar
aangifte).
Een specifieke vorm van geweld is geweld tegen werknemers met een publieke taak. Deze vorm van
geweld is de laatste jaren sterk onder de aandacht gekomen, is erg ingrijpend voor het slachtoffer,
familie en collega’s en ondermijnt het functioneren van de overheid. “Veilige Publiek Taak’ is om die
reden een nieuw thema in het IVP 2015-2018.
Overvallen en straatroof
Het aantal overvallen in Leiden is gedaald van 19 in 2011 naar 8 in 2014. Het aantal gevallen van
straatroof is gehalveerd, van 42 naar 21. De thema’s overvallen en straatroof worden vanwege het
geringe aantal incidenten niet meer als prioriteit opgenomen in het IVP. Omdat ze onder de High Impact
Crimes vallen blijft het wel zaak om een vinger aan de pols te houden en blijft het verder terugdringen
van de aantallen straatroof en overvallen onderdeel van het regulier veiligheidsbeleid maar is het niet
langer een beleidsprioriteit.
Vermogenscriminaliteit - woninginbraken
Het woning-inbraak-risicocijfer (dit wordt berekend door het aantal aangiften van woninginbraken te
delen door het aantal woningen x 1000) is de eerste twee jaar van de looptijd van het IVP gedaald van 12
naar 9,2 en de laatste twee jaar stabiel op 9.1. Het absolute aantal woninginbraken in 2014 was 504.
Hoewel het aantal woninginbraken in Leiden relatief laag is, blijft het een geprioriteerd thema vanwege
de grote impact op de slachtoffers (High Impact Crime).
Overlast
In het IVP 2012-2015 wordt onderscheid gemaakt in overlast door jongeren, overlast gerelateerd aan
zwervers en daklozen en overlast rondom horecagelegenheden.
Het aantal incidenten overlast gevende jeugd geregistreerd ziet er als volgt uit: 871 (2011), 1340 (2012)
1130 (2013) en 1366 (2014). Daar tegenover staan de aantallen bij “percentage inwoners dat zegt dat
overlast door groepen jongeren vaak voor komt” uit de Veiligheidsmonitor: 15% (2011), 8% (2012). 7%
(2013) en 6% (2014). In 2013 had Leiden 5 geregistreerde hinderlijke jeugdgroepen, 3 overlast gevende
jeugdgroepen en 1 criminele jeugdgroep. In 2014 waren dat 2 hinderlijke jeugdgroepen en 3 overlast
- 7 -
gevende jeugdgroepen. Hoewel het beter gaat met de beleving op het gebied van
jongerenoverlast is het aantal incidenten de laatste jaren gestegen en zo hoog dat de aanpak prioriteit
van beleid blijft.
Overlast door zwervers en daklozen wordt niet direct meer gemeten maar het percentage inwoners dat
in de Veiligheidsmonitor aangeeft overlast te ervaren van dronken mensen of drugs in de buurt, is
gehalveerd (respectievelijk van 13% naar 6% en van 6% naar 3% in 2011 en 2014). Informatie vanuit de
politie en betrokken instellingen bevestigt dit beeld waardoor dit soort overlast niet meer als prioriteit
wordt aangemerkt in het IVP 2015-2018.
De horeca is in Leiden geconcentreerd in het centrum. In de Veiligheidsmonitor wordt bij de cijfers
onderscheid gemaakt in de vier Leidse stadsdelen. We kijken daarom specifiek bij dit thema naar
Stadsdeel Midden. Het percentage inwoners uit Stadsdeel Midden dat zegt dat horecaoverlast vaak
voorkomt is sterkt gedaald van 10 % in 2011 tot 3% in 2014 ( 8% in 2012 en 7% in 2013). Hoewel dit
aanleiding geeft om horecaoverlast niet meer als speerpunt te benoemen in het IVP 2015-2018, blijft het
thema toch een geprioriteerd thema in het geactualiseerde IVP omdat in het beleid nog een belangrijke
ontwikkelopgave zit.
Evenementen
Het aantal incidenten evenementen geregistreerd door de politie is de laatste jaren gedaald: 34 (2011),
46 (2012), 28 (2013), 22 (2014). Dit beeld wordt bevestigd in de Veiligheidsmonitor waarin het
percentage inwoners dat aangeeft vaak overlast te hebben van evenementen evenredig daalt:
3% 2011, 4% (2012), 3% (2013), 2% (2014). Met de vaststelling van de evenementennota, de huidige
vergunningenprocedure en eveneens de huidige wijze van inzet op toezicht tijdens de uitvoering van
evenementen is het niet nodig dit thema met geprioriteerde inzet uit te voeren.
Bestuurlijke aanpak georganiseerde misdaad (ondermijning)
Het aantal incidenten georganiseerde criminaliteit (inclusief drugshandel) dat is geregistreerd door de
politie is de laatste jaren licht gedaald maar ook redelijk stabiel: 444 (2011), 409 (2012), 420 (2013), 400
(2014). Duidelijk bij deze cijfers is dat dit thema prioriteit van beleid houdt de komende jaren.
Rampenbestrijding en crisisbeheersing
In de Leidse programmabegroting staan twee indicatoren bij dit thema namelijk het aantal branden
(geen brandstichting) en het aantal brandstichtingen. Beide cijfers zijn de laatste vier jaar sterk gedaald.
Branden van 536 in 2011 naar 252 in 2014 en brandstichtingen van 75 in 2011 naar 34 in 2014. Dit is een
thema dat verder moeilijk te monitoren is. Elke ramp of crises is er één teveel. Het gaat vooral om
preventiebeleid en mocht het toch misgaan om snelle en adequate samenwerking in de aanpak. Een
goede, geoefende, geoliede rampenorganisatie blijft daarom prioriteit houden.
Veiligheidsgevoel
In Leiden gaat het over het algemeen goed met de subjectieve veiligheid. Het percentage Leidenaren dat
in de VM aangeeft zich wel eens onveilig te voelen, zowel in de eigen buurt (18%) als in het algemeen
- 8 -
(40%), is in 2014 licht gedaald. De cijfers zijn moeilijk te beïnvloeden, omdat gevoelens van
onveiligheid ook met externe gebeurtenissen en factoren te maken hebben. Toch wordt de komende
jaren door de gemeente en samenwerkingspartners meer aandacht besteed aan communicatie over
behaalde resultaten op veiligheidsgebied, met als doel het veiligheidsgevoel te verbeteren.
Nieuwe prioriteiten
De nieuwe thema’s waaraan de gemeente Leiden de komende jaren wil werken hebben al in de laatste
jaren van het IVP 2012 – 2015 veel capaciteit en tijd van de inzet van de gemeente gevraagd. Het gaat
daarbij om Veilige Publieke Taak, radicalisering, overlast van fietsen en overlast op het water en
leefbaarheid in de wijken. Bestuurlijke aanpak van georganiseerde criminaliteit valt tegenwoordig onder
de term ‘Ondermijning’ dat grofweg betekent de vermenging van de onderwereld en de bovenwereld.
Veilige Publieke Taak wordt opgenomen vanwege de grote impact op het slachtoffer, de regionale
prioriteit en de ontwikkelopgave voor de gemeente. Overlast op het water is de laatste jaren fors
toegenomen, blijkt uit meldingen van de politie en bij de gemeente. Dit hangt direct samen met de
toegenomen drukte op het water. Met name de meldingen van geluidsoverlast vanaf het water voor de
omgeving vormt een toenemend probleem wat de komende jaren vraagt om handelen vanuit de
gemeente. Wat voor overlast op het water geldt, geldt ook voor overlast van fietsen. Met name
hinderlijk en gevaarlijk gestalde fietsen en de bijkomende verloedering vormen een probleem. Dit thema
dient daarom met prioriteit te worden aangepakt. We zijn ons er daarbij van bewust dat de structurele
oplossing gelegen ligt in de inrichting van de openbare ruimte. Het aantal meldingen van woonoverlast is
de laatste jaren toegenomen. De verwachting is dat dit aantal zal toenemen als gevolg van de
decentralisaties, zorg, jeugd en participatie. Op het thema woonoverlast kent de gemeente een
ontwikkelopgave daar waar het gaat om het inbedden van een ketengerichte aanpak. Omdat
woonoverlast een directe impact heeft op het woongenot van omwonenden heeft dit voor de gemeente
de komende jaren prioriteit.
Het nieuws staat er vol van, bijna elke dag is er een bericht dat gaat over bijvoorbeeld de strijd in Syrië,
uitreizigers, tegenstellingen tussen niet moslims en moslims en angst voor aanslagen van radicale
moslims. Hoewel vooralsnog beperkt hebben ook wij in Leiden hiermee te maken. Het thema vraagt
nadrukkelijk onze aandacht want de impact van de daad van één persoon kan zeer groot zijn. Wij willen
ontwrichting van de samenleving en maatschappelijke onrust voorkomen, samen met de partners en
bewoners van de stad, vandaar dat het als prioriteit wordt opgenomen in het IVP.
Het thema leefbaarheid in de wijken staat nadrukkelijk opgenomen in het collegeprogramma
‘Samenwerken en Innoveren’. De aandacht richt zich grotendeels op de aanpak van de grootste
ergernissen ervaren door Leidenaren. Met als doel voorkomen dat leefbaarheidsproblematiek
veiligheidsproblematiek wordt.
Hieronder is schematisch weergegeven welke veranderingen in het IVP 2015 – 2018 zijn doorgevoerd ten
opzichte van het IVP 2012 – 2015:
- 9 -
IVP 2012-2015
1. Geweld:
- huiselijk geweld
- overvallen
2. Vermogenscriminaliteit:
- woninginbraken
3. Overlast:
- door jongeren
- gerelateerd aan zwervers en daklozen
- rondom horecagelegenheden
4. Evenementen
5. Bestuurlijke aanpak georganiseerde misdaad
6. Rampenbestrijding en crisisbeheersing
1.2
IVP 2015-2018
1. Geweld
- huiselijk geweld
- veilige publieke taak
2. Vermogenscriminaliteit
- woninginbraken
3. Overlast
- door jongeren
- overlast op het water
- fietsenoverlast
- woonoverlast
- rondom horecagelegenheden
4. Ondermijning
- criminele samenwerkingsverbanden
- radicalisering
5. Rampenbestrijding en crisisbeheersing
6. Leefbaarheid in de wijken
Gemeentelijke regierol
De gemeente is regisseur op het gebied van veiligheid. Het Kernbeleid Veiligheid van de VNG beschrijft
de regierol van gemeenten als volgt: het zodanig sturen, interveniëren en in stand houden van allerlei
randvoorwaarden dat de diverse betrokken partijen op het terrein van veiligheid op een effectieve
manier blijven samenwerken en met elkaar een aanvaardbaar niveau van veiligheid en leefbaarheid
weten te consolideren.
Gemeenten nemen een strategische positie in ten opzichte van andere betrokken partijen in het
veiligheidsveld. Gemeenten weten water er speelt op het brede gebied van veiligheid, terwijl andere
partners zich vaak met een (klein) onderdeel van het veiligheidsbeleid bezighouden.
Hoewel de regierol van een gemeente niet wettelijk is vastgelegd, biedt de Gemeentewet wel
aanknopingspunten voor een burgemeester om regie te voeren. Artikel 172.1 Gemeentewet geeft aan
dat de burgemeester belast is met de handhaving van de openbare orde en veiligheid.
Gemeenten zijn dus de spin in het veiligheidsweb en daarmee bij uitstek de geschikte partij om de regie
te voeren op veiligheid. Daarnaast hebben gemeenten op verschillende terreinen eigen taken die
relevant zijn voor de veiligheid. Zo is de gemeente verantwoordelijk voor het onderhoud van de
openbare ruimte, het verlenen van vergunningen voor evenementen en kan de gemeente via een
Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en andere (nood)verordeningen regels stellen over
bijvoorbeeld de sluitingstijden van cafés en het plaatsen van camera’s in de openbare ruimte. De
gemeentelijke regierol heeft in die zin niet alleen betrekking op de samenwerking en afstemming tussen
allerlei organisaties, maar ook op de afstemming bínnen de gemeente tussen verschillende afdelingen.
- 10 -
De gemeente beschikt over een aantal sturingsinstrumenten ten opzichte van haar partners:
- verticale sturing: sommige van de partners vallen direct onder de gemeente. Deze kunnen een
opdracht krijgen van het gemeentebestuur om de verplichting aan te gaan.
- Financiële sturing: sommige van de partners zijn (deels) financieel afhankelijk van gemeentelijke
geldstromen (onder andere subsidies). Hieraan kan de gemeente vooraf voorwaarden
verbinden. dit instrument is zeer bruikbaar als er een afhankelijkheidsrelatie bestaat.
Gemeenten kunnen bij vernieuwen van subsidies en of bij het toekennen van nieuwe subsidies
de voorwaarden mede toespitsen op een effectieve samenwerking met alle partners inzake
integrale veiligheid.
- Vergunningen: in sommige gevallen verstrekt de gemeente vergunningen aan haar partners. In
de voorwaarden van deze vergunningen kunnen vooraf verplichtingen worden opgenomen.
- Wettelijke bevoegdheid: de gemeente heeft in sommige gevallen een wettelijke bevoegdheid
om verplichtingen dwingend op te leggen aan één van de partners.
In dit IVP wordt anders dan in het IVP 2012 – 2015 ook aandacht gegeven aan de rol van de
gemeentelijke Buitengewoon opsporingsambtenaar (BOA). De BOA’s zijn gastheer van de stad en staan
ten dienste van de leefbaarheid van de stad. Zij zien toe op de naleving van de gemeentelijke regelgeving
en dragen daarmee bij aan het behoud van leefbare wijken. In tegenstelling tot politieagenten, die een
algemene opsporingsbevoegdheid hebben, hebben de BOA’s een bijzondere opsporingsbevoegdheid die
zich beperkt tot bepaalde (lokale) wetgeving in het kader van leefbaarheid. Daarnaast zijn zij ook
toezichthouder. In relatie tot veiligheid zijn de BOA’s een bijzondere hulp voor de politie, door
uitwisseling van informatie en door toezicht op straat. De BOA’s worden op strategisch en tactisch
niveau aangestuurd door de gemeente. Het is de wens om op termijn de operationele regie op de BOA’s
onder te brengen bij de politie, waarbij de nadruk zal komen te liggen op het intensivering van de
samenwerking en het versterken van de informatieuitwisseling, conform het landelijk kader hieromtrent.
- 11 -
1.3
Rol Burgemeester
In het veiligheidsveld is een bijzondere rol weggelegd voor de burgemeester. De burgemeester is
verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid in de gemeente en voert het gezag over de politie
en de brandweer. Dit gezag houdt in dat de burgemeester bestuurlijk verantwoordelijk is voor de inzet
van de politie en brandweer in zijn gemeente. Het gezag over de politie deelt de burgemeester met de
Officier van Justitie. De burgemeester is verantwoordelijk voor de aansturing van de politie bij het
handhaven van de openbare orde en hulpverlening; de Officier van Justitie is verantwoordelijk voor de
strafrechtelijke handhaving van de rechtsorde.
Daarnaast heeft de burgemeester een aantal bevoegdheden op veiligheidsgebied die specifiek door de
wetgever en in sommige gevallen door de gemeenteraad aan hem zijn toebedeeld. Voorbeelden zijn:
 het sluiten van drugspanden (Gemeentewet art. 174a);
 het instellen van cameratoezicht (Gemeentewet art. 151c);
 het uit huis plaatsen van daders van huiselijk geweld (Wet tijdelijk huisverbod);
 noodverordening of noodbevel afkondigen (Gemeentewet art. 175, 176, 154 a);
 het aanwijzen van risicogebieden voor preventief fouilleren (Gemeentewet art. 151b);
 het afgeven aan een inbewaringstelling (IBS) waarmee personen die een gevaar voor zichzelf,
anderen of hun omgeving vormen gedwongen opgenomen kunnen worden in een psychiatrische
inrichting (Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen);
 het opleggen van een gebiedsverbod, eventueel gecombineerd met een meldingsplicht, of een
groepsverbod (Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en ernstige overlast);
 bij een ramp of crisis voert de burgemeester het opperbevel, wat betekent dat hij organisaties
die niet onder zijn gezag staan, maar wel deelnemen aan de bestrijding van de ramp, bevelen
kan geven (Wet veiligheidsregio’s);
 Op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) kan de burgemeester onder andere
(onder voorwaarden) vergunningen verstrekken voor evenementen en terrassen, vroegere
sluitingstijden bepalen en de algehele sluiting van horecagelegenheden bevelen. Regelmatig
wordt de APV aangepast aan gewijzigde omstandigheden. In 2015 zal dit wederom gedaan
worden.
- 12 -
1.4
Partners en samenwerkingsverbanden
De gemeente is de regisseur op het gebied van lokale veiligheid en draagt zorg voor de aanpak van lokale
veiligheidsproblematiek. Het aanpakken van veiligheidsproblematiek is meestal echter een zaak van
meer partners. Een integrale aanpak is dan gewenst. Ook gaat veiligheidsproblematiek vaak over
gemeentegrenzen heen, waardoor regionale samenwerking gewenst kan zijn. De paragraaf gaat in op
een aantal samenwerkingsverbanden die ondersteunen in de aanpak van veiligheidsproblemen.
1.4.1
Inwoners van de stad
Voor alle thema’s geldt dat actieve betrokkenheid van burgers (en ondernemers) zoveel mogelijk wordt
gestimuleerd. Ook wordt zoveel mogelijk getracht het beleid in samenspraak met inwoners uit te voeren.
Burgerparticipatie is één van de uitgangspunten van het veiligheidsbeleid. Inwoners nemen zelf hun
verantwoordelijkheid om de veiligheid voor henzelf en in hun buurt te verbeteren. Inwoners denken ook
mee aan het formuleren van concrete oplossingen voor leefbaarheids- en veiligheidsvraagstukken.
1.4.2
Politie
Met de inwerkingtreding van de Politiewet 2012 op 1 januari 2013 bestaat de politie uit één korps met
één korpsleiding, met tien regionale eenheden. Leiden valt binnen de Eenheid Den Haag (voormalige
politiekorpsen Haaglanden en Hollands Midden) onder het district Leiden – Bollenstreek (district F).
Veiligheidsbestrijding overschrijdt de gemeentegrens. Om een waterbedeffect van criminaliteit te
voorkomen en om de politie de juiste informatiepositie te geven wordt binnen de Eenheid Den Haag
samengewerkt in het Regionaal Bestuurlijk Overleg (RBO), waarin 28 burgemeesters, de Hoofdofficier
van Justitie en politie met elkaar samenwerken op het gebied van sociale veiligheid. Voorzitter van het
RBO is de burgemeester van Den Haag.
Het RBO heeft eind 2014 het Regionaal Beleidsplan Eenheid Den Haag 2015-2018 (RBP) vastgesteld.
Voorafgaand aan vaststelling is het RBP ter consultatie voorgelegd aan de gemeenteraden van de
regiogemeenten. Het RBP bevat de gezamenlijke doelstellingen van politie, de 28 gemeenten binnen de
Eenheid Den Haag en het Openbaar Ministerie op het gebied van de sociale veiligheid. De volgende
gezamenlijke prioriteiten op regionaal niveau zijn vastgesteld:
Geweld
Woninginbraken
Jeugdoverlast en –criminaliteit
Ondermijning
Overlast en maatschappelijke onrust
De vijf prioriteiten betreffen veiligheidsvraagstukken die het merendeel van de gemeenten spelen en
waarop een gezamenlijke integrale aanpak gewenst is.
1.4.3
Regionaal Informatie en Expertise Centrum Den Haag
In het Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) Den Haag werken 28 gemeenten, de provincie
Zuid- Holland, politie, Openbaar Ministerie (OM), belastingdienst, Koninklijke Marechaussee, Douane en
- 13 -
de opsporingsdiensten FIOD en SIOD samen aan een bestuurlijke aanpak van de
georganiseerde criminaliteit.
Met de samenwerking binnen het RIEC wordt beoogd criminele organisatiestructuren bloot te leggen en
aan te pakken die vroeger verborgen bleven. Doel is te voorkomen dat criminelen of criminele
organisaties bewust of onbewust door de overheid worden gefaciliteerd. Het RIEC ondersteunt de
gemeenten en de andere convenantpartners:
 als informatieknooppunt;
 als expertisecentrum voor de bestuurlijke aanpak;
 bij de analyse van georganiseerde misdaad en
 met instrumenten om barrières op te werpen en handhavend op te treden.
Het RIEC Den Haag houdt zich in het bijzonder bezit met de bestrijding van mensenhandel,
georganiseerde hennepteelt, vastgoedfraude, witwassen en met handhavingsknelpunten. Het RIECconvenant maakt informatie-uitwisseling mogelijk tussen de gemeenten (waaronder sociale recherche)
en de overige convenantpartners.
1.4.4
Veiligheidshuis Hollands Midden
Het Veiligheidshuis is een samenwerkingsverband waarin partners uit de strafrechtketen,
veiligheidsketen en de zorgketen samenwerken op basis van een persoonsgerichte of groepsgerichte
aanpak, met als doel het terugdringen van ernstige overlast en criminaliteit. Samen zorgen de partners
voor een sluitende keten. Niemand verdwijnt uit beeld. Het beleid is erop gericht dat voor iedereen die
tot de doelgroep behoort, een aanpak ontwikkeld en uitgevoerd wordt. Op deze manier ondersteunt het
Veiligheidshuis in het aanpakken van overlast, onveiligheid en criminaliteit om zo een veiliger en
leefbaarder Leiden te realiseren. De individuen en groepen waar het Veiligheidshuis zich primair op richt
zijn de jeugdige en volwassen overlastgevenden en criminelen, ex- gedetineerden en veelplegers. Het
Veiligheidshuis Hollands Midden werkt sinds 1 januari 2015 voor alle gemeenten in de regio Hollands
Midden. Extra capaciteit is nodig om de hele regio te bedienen. De gemeenten Gouda en Leiden vragen
echter wel de meeste capaciteit.
1.4.5
Veiligheidsregio Hollands Midden
De Veiligheidsregio Hollands Midden (VRHM) bestaat uit 19 gemeenten. De gemeenten werken in de
gemeenschappelijke regeling VRHM samen om zich voor te bereiden op grote ongevallen, rampen en
crisissituaties. De regeling voorziet in een nauwe samenwerking met de politie.
De VRHM behartigt de gemeenschappelijke belangen van de deelnemende gemeenten op de volgende
terreinen: brandweerzorg, geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen, samenwerking bij de
gemeentelijke crisisbeheersing en rampenbestrijding, multidisciplinaire rampenbestrijding en
crisisbeheersing en het inrichten en in stand houden van de gemeenschappelijke meldkamer. Het
beleidsplan van de VRHM heeft betrekking op de multidisciplinaire aanpak van incidenten, rampen en
crises. De burgemeester van Leiden is de voorzitter van het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio
Hollands Midden.
- 14 -
Bevolkingszorg Regio Leiden
Naast samenwerking in regionaal verband in de Veiligheidsregio werken de gemeenten in het district
Leiden e.o. (gemeenten Leiden, Voorschoten, Leiderdorp, Oegstgeest, Zoeterwoude) samen op het
onderwerp gemeentelijke crisisbeheersing, onder de naam Bevolkingszorg Regio Leiden (BRL). Deze
samenwerking heeft concreet gestalte gekregen door een gemeenschappelijke piketdient voor
Medewerkers Openbare Orde en Veiligheid en ook op het gebied van communicatie wordt intensief
samengewerkt. Het streven is om op termijn één gezamenlijke crisisorganisatie te realiseren.
1.4.6



Overige samenwerkingsverbanden
Naast bovenstaande samenwerkingsverbanden die een directe relatie met veiligheid hebben,
participeert Leiden in vele andere regionale verbanden die raakvlakken hebben met veiligheid.
Het Rijk heeft inmiddels kerntaken op het gebied van jeugd, zorg en participatie overgeheveld
naar gemeenten. Centraal staat het uitgangspunt dat inwoners meer eigen verantwoordelijkheid
krijgen en meer hun 'eigen kracht' en sociale netwerk moeten benutten.
Het gaat om de volgende decentralisaties:
Van AWBZ naar Wmo: overheveling van onderdelen uit de Algemene Wet Bijzondere
Ziektekosten (AWBZ) naar de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo).
Jeugdwet: decentralisatie van de jeugdzorg. Het gaat hier om de jeugdzorg, de
jeugdbescherming en -reclassering, de jeugd-ggz en de zorg voor jeugdigen met een beperking.
Participatiewet: invoering van de Wet werken naar vermogen.
Deze veranderingen in het sociale domein hebben ook gevolgen voor de veiligheid in de buurt en
het werk van ambtenaren Openbare Orde en Veiligheid (OOV).Omdat het sociale domein bijna
geheel bij gemeente ligt, en hierdoor professionals meer in de buurten aanwezig zijn, biedt dit
kansen voor bijvoorbeeld vroegsignalering en de afstemming van zorg en straf. De
decentralisatie Jeugdzorg is in het document “Hart voor de jeugd” – regionaal beleidsplan
transitie jeugdzorg door het samenwerkingsverband Holland Rijnland uitgewerkt voor de regio.
Het samenwerkingsverband Holland Rijnland heeft een Sociale Agenda, waarbij wordt
samengewerkt op thema’s rondom jeugd, leerplicht en maatschappelijke ondersteuning.
Bovendien is het Regionaal Bureau Leerplicht ondergebracht bij Holland Rijnland.
Onder de Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg Hollands Midden (RDOG HM) vallen de
Gemeenschappelijke Gezondheidsdienst (GGD) Hollands Midden, de Regionale Ambulance
Dienst Hollands Midden (RAD HM) en de GHOR (Geneeskundige Hulpverlening bij Ongevallen en
Rampen). De GGD houdt zich onder andere bezig met preventie van en voorlichting over alcoholen drugsgebruik. In opdracht van gemeenten is Veilig Thuis, het advies- en meldpunt huiselijk
geweld en kindermishandeling per 1 januari 2015 bij de GGD ondergebracht. De GGD is verder
verantwoordelijk voor het toezicht op de kwaliteit van de kinderopvang.
Tot slot ontvangt Leiden als centrumgemeente nog twee andere decentralisatie- uitkeringen van
het Rijk die raakvlakken hebben met veiligheid. Zo is Leiden centrumgemeente en voert de regie
op het regionale beleid voor de maatschappelijke opvang, de ambulante verslavingszorg en de
Openbare Geestelijke Gezondheidszorg (OGGZ). Leiden is ook centrumgemeente voor
- 15 -
vrouwenopvang. Samen met centrumgemeente Gouda geeft Leiden richting aan
Veilig Thuis en heeft Leiden een coördinerende rol bij de regionale aanpak van huiselijk geweld
en kindermishandeling en bij de uitwerking van de regiovisie. Daarnaast neem Leiden deel aan
het Bestuurlijk Overleg Alcoholmatiging Hollands Midden.
- 16 -
2
Veiligheidsthema’s keuzes 2015-2018
Voor de periode 2015–2018 heeft het college op basis van de uitgangspunten en de ontwikkelingen zoals
beschreven in hoofdstuk 1 de volgende veiligheidsthema’s bepaald.
1. Geweld
- huiselijk geweld
- veilige publieke taak
2. Vermogenscriminaliteit
- woninginbraken
3. Overlast
- door jongeren
- overlast op het water
- fietsenoverlast
- woonoverlast
- rondom horecagelegenheden
4. Ondermijning
- criminele samenwerkingsverbanden
- radicalisering
5. Rampenbestrijding en crisisbeheersing
6. Leefbaarheid in de wijken
De thema’s met doelen, aanpak en acties worden in hoofdstuk 3 verder uitgewerkt aan de hand van de
fasen van de veiligheidsketen proactie, preventie, preparatie, repressie en nazorg. Onder de fasen uit de
veiligheidsketen wordt verstaan:
- Proactie: het wegnemen van structurele oorzaken van onveiligheid. Denk hierbij aan inrichting
van de openbare ruimte.
- Preventie: het nemen van maatregelen om bepaalde vormen van onveiligheid die zich voordoen
te voorkomen of vroegtijdig te stoppen en daarmee de ongewenste gevolgen te beperken;
- Preparatie: dit houdt in dat men zich voorbereidt om effectief op te treden wanneer er ondanks
proactie en preventie toch iets mis gaat. Dat wil zeggen dat bijvoorbeeld planvorming op orde
moet zijn en taken en verantwoordelijkheden helder moeten zijn.
- Repressie: dit is het daadwerkelijk optreden om een einde te maken aan een onveilige situatie.
- Nazorg: hieronder worden verstaan de activiteiten die dienen om terug te keren naar een
normale situatie.
- 17 -
3
Nadere uitwerking veiligheidsthema’s
3.1
Geweld
Geweld is de zwaarste vorm van criminaliteit. Geweld heeft een enorme impact op de slachtoffers ervan.
De komende jaren wordt gewerkt aan het terugdringen van geweld: mishandeling, bedreiging en
openlijke geweldpleging, huiselijk geweld en geweld tegen werknemers met een publieke taak.
3.1.1
Huiselijk geweld
Huiselijk geweld is geweld dat zich afspeelt in het privé- domein door iemand uit de huiselijke of
familiekring van het slachtoffer. Hieronder vallen lichamelijk geweld, psychisch geweld, seksueel
geweld, schending van rechten en financiële uitbuiting. Het betreft tevens eergerelateerd geweld,
kindermishandeling en ouderenmishandeling. Een kenmerk van huiselijk geweld is de omstandigheid
dat dader en slachtoffer vaak desondanks – en soms noodgedwongen- deel blijven uitmaken van
elkaars leefomgeving. Hiermee hangt samen dat huiselijk geweld vaak een stelselmatig karakter en
een hoog recidiverisico heeft. Vaak speelt er andere problematiek, zoals werkloosheid of verslaving.
Slechts 1/5e van de slachtoffers van huiselijk geweld maakt een melding of doet aangifte bij de
politie. Het werkelijke aantal slachtoffers is dus onbekend, het zogeheten Dark Number. De ambitie is
om enerzijds het aantal incidenten te laten afnemen, anderzijds het aantal bekende incidenten te
laten toenemen. Daardoor blijven de streefwaarden per jaar stabiel.
Doel
Afname van het aantal geweldsdelicten en toename van het aantal bekende
geweldsdelicten.
Ambitie
Streefwaarden 2015
2016
2017
2018
Aantal
250
250
250
250
incidenten bij
de politie
bekend
Aanpak
Door middel van vroegsignalering en invoering van meldrecht bij hulporganisaties,
daarnaast door bewustwording van burgers.
Acties
Actie door
Proactie
Voorlichting aan jongeren op scholen.
GGD (Veilig Thuis)
Voorlichting aan professionals, vrijwilligers en scholieren
over huiselijk geweld.
Weerbaarheidstrainingen voor vrouwen.
GGD (Veilig Thuis)
Voorlichting aan professionals rondom kindermishandeling
middels de Kenniskring Kindermishandeling en trainingen
Aanpak Kindermishandeling voor professionals die te maken
(kunnen) hebben met kindermishandeling.
Vrouwenopvang,
Kwadraad, GGZ
GGD (Veilig Thuis),
JSO
- 18 -
Preventief
Inzet van het Aware- systeem, waarbij (bedreigde)
slachtoffers van huiselijk geweld met één druk op de knop
de politie kunnen alarmeren.
24- uurs telefonische bereikbaarheid voor mensen die
informatie, advies of hulp zoeken met betrekking tot
huiselijk geweld.
Informeren van Centra voor Jeugd en Gezin over de rol die
zij kunnen spelen in het signaleren en de aanpak van
kindermishandeling.
Onderzoeken van trends op het gebied van huiselijk geweld
en het voorbereiden van en adviseren over (nieuw) beleid
hierop.
Het preventief inzetten van het huisverbod, dus voordat
daadwerkelijk geweld heeft plaatsgevonden.
Vaker en sneller inzetten van het huisverbod als instrument
Wegen van het huisverbod met behulp van het
Risicotaxatieinstrument Huiselijk Geweld (RiHG), ten
behoeve van advies aan de burgemeester.
Besluitvorming over het al dan niet opleggen van het
huisverbod.
Het verlenen van hulp aan alle leden van het gezin waar
huiselijk geweld heeft plaatsgevonden, zowel regulier als in
het kader van een huisverbod en zoveel mogelijk vanuit de
strategie “1gezin1plan”.
Uitvoering van de werkzaamheden van jeugd- en
gezinsteams, die hulp bieden aan hulpbehoevende gezinnen.
De teams zijn een uitbreiding van het Centrum voor Jeugd
en Gezin en zijn dichtbij de gezinnen te vinden, op school of
elders in de wijk.
Het leveren van een procesregisseur en zorgcoördinator die
contact heeft met alle bij het huisverbod betrokken
organisaties en het proces aanstuurt.
Het leveren van een zorgcoördinator die de hulpverlening
aanstuurt als bij een huisverbod kinderen betrokken zijn( als
slachtoffer of getuige).
Binnen het stelsel van de herziene
kinderbeschermingsmaatregelen kan de burgemeester sinds
1 januari 2015 bij de Raad voor de Kinderbescherming een
verzoek tot ondertoezichtstelling doen. Als de Raad voor de
Kinderbescherming niet tot een verzoek overgaat, kan de
burgemeester verzoeken het oordeel van de kinderrechter
Vrouwenopvang,
Veilig Thuis, politie
GGD (Veilig Thuis)
GGD (Veilig Thuis)
GGD (Veilig Thuis)
Politie,
burgemeester
Gemeente, Politie
Politie
Burgemeester
Hulpverlening,
GGD (Veilig Thuis),
Gemeente, GGD
GGD (Veilig Thuis)
GGD (Veilig Thuis)
Burgemeester
- 19 -
te vragen.
Preparatie
Controle op naleving Meldcode per organisatie
(handelingsprotocol) en Regionale Handreiking Meldcode
Hollands Midden.
Toezicht op Verklaring Omtrent Gedrag medewerkers
kinderdagverblijven.
GGD (Veilig Thuis)
Uitvoering opvang van vrouwen.
Vrouwenopvang
Uitvoeren van de Wet Meldcode huiselijk geweld en
kindermishandeling.
Hulpverlening,
scholen, CJG,
jeugd- en
jongerenwerk et
cetera
GGD (Veilig Thuis)
Aansturen interventieteams Kindspoor.
Repressie
Samenhangend
beleid
Betrokken
partijen
GGD
Strafrechtelijke opsporing en vervolging van verdachten van Politie, OM
huiselijk geweld en executie van de straf of maatregel.
RBP, Nota Gezondheid, Regionale Handreiking Meldcode Hollands Midden
Politie, GGD, Veilig Thuis Hollands Midden, Jeugd- en jongerenwerk, Centra voor
Jeugd en Gezin (CJG), Veiligheidshuis, scholen, Reclassering, huisartsen (39
hulpverlenende instanties), Jeugd, Samenleving & Opvoeding (JSO)
- 20 -
3.1.2
Veilige publieke taak
Publieksagressie schaadt de gezondheid en het welbevinden van de medewerker, de bestuurder en
het integer functioneren van de lokale overheid. Helaas komt dit nog steeds vaak voor.
Publieksagressie verdient daarom een stevige aanpak. Agressief gedrag in welke vorm dan ook tegen
medewerkers in een publieke functie wordt niet geaccepteerd. Agressie wordt hierbij aangemerkt
als:
 een probleem van de organisatie en niet van de medewerker of bestuurder;
 een mogelijk probleem tussen burger en overheid.
Het programma Veilige Publieke Taak (VPT) van het ministerie van Binnenlandse Zaken en
Koninkrijksrelaties (BZK) richt zich op het verminderen van het aantal voorvallen van agressie en
geweld tegen werknemers met een publieke taak. Vanuit het programma VPT zijn regio’s
aangewezen om de regionale en lokale samenwerking tussen werkgevers met een publieke taak, de
politie en het Openbaar Ministerie (ketenpartners) bij hun aanpak van agressie en geweld verder te
verbeteren. De Veiligheidsregio Hollands Midden heeft zich hier in 2014 als VPT-regio bij
aangesloten. Naast het versterken van de (keten)aanpak van agressie en geweld is het voorkómen
ervan een belangrijke doelstelling van dit programma. In dit verband wordt het belang aangegeven
om aan te sluiten bij het veiligheidsbeleid van gemeenten en de (wettelijke) instrumentaria van de
burgemeester te benutten in de preventieve sfeer.
De focus ligt binnen de Veiligheidsregio Hollands Midden, de Politie, Brandweer, Regionale
Ambulance Voorziening, GGD-en, Openbaarvervoer en Woningbouwcorporaties.
Doel
Het aantal geweldsincidenten tegen medewerkers met een publieke taak neemt
af.
Aanpak
Opstellen en uitdragen eenduidige visie op veilige publieke taak.
Ambitie
25% minder voorvallen van agressie en geweld in alle sectoren in 2017, conform
de landelijke doelstelling
Acties
Actie door
Proactie
De gemeente handelt vanuit een duidelijke organisatienorm Gemeente
voor acceptabel gedrag en draagt deze norm zowel intern
als extern uit.
Beleid op aanpak bepalen en vaststellen voor de eigen
Gemeente
organisatie en ervoor zorgen dat deze instructies/
protocollen en procedures op een inzichtelijke en
eenvoudige manier te raadplegen zijn voor de medewerkers.
SP71 gemeenten en SP71 stellen een regionale beleidsnota
SP71
op voor de aanpak van agressie en geweld.
SP71 gemeenten en SP71 delen ‘best- practices’.
SP71
SP71gemeenten en SP71 onderzoeken de mogelijkheden tot SP71
het uitwisselingen van incedentgegevens op basis van de
registratie in GIR.
Verhogen van de bewustwording en daarmee de
Gemeente
- 21 -
Nazorg
Samenhangend
beleid
Betrokken
partijen
vroegsignaleringkans bij medewerkers van de gemeente
Leiden voor situaties die mogelijk agressief gedrag
oproepen, bijvoorbeeld door het organiseren van (opfris-)
trainingen ‘Omgaan met Agressie’ voor medewerkers.
Er is één aanspreekpunt binnen de gemeente die
Gemeente
verantwoordelijk is voor Beveiliging.
Uitvoeren van een ‘Veiligheidscheck’ per gemeentelijk
Gemeente
gebouw en aanbevolen maatregelen, waar mogelijk,
implementeren.
Bijhouden Gemeentelijke Incidenten Registratie (GIR).
Gemeente
Andere organisaties stimuleren dit ook te doen.
Gemeente
Opstellen van waarschuwingsbrieven, contact- en
Gemeente
toegangsverboden (meest geschikte middel ter beoordeling
van team Veiligheid) en up to date houden van deze
informatie op Intranet.
Bij agressief gedrag (fysiek dan wel verbaal, zoals bedreiging, Gemeente
belediging, discriminatie etc.) en/of andere strafbare
gedragingen, altijd aangifte doen bij de politie.
Het serieus nemen van reacties en dreigingen in de sociale
Gemeente
media.
Opvang en nazorg van medewerkers die te maken hebben
Gemeente
gehad met een geweldsincident.
RBP, Handboek Beveiliging Gemeente Leiden (2010), Programma Veilige Publieke
Taak (Ministerie van BZK), Plan van Aanpak Veilige Publieke Taak Veiligheidsregio
Hollands Midden
Politie, CCV, VNG, BOA’s, Servicepunt ’71 (SP71), Veiligheidsregio Hollands
Midden, Ministerie van BZK, Landelijk Expertise Centrum VPT (EVPT)
- 22 -
3.2
Vermogenscriminaliteit
Vermogenscriminaliteit is landelijk de meest voorkomende vorm van criminaliteit. Onder
vermogenscriminaliteit vallen diefstal en fraude. Het doel is om vermogenscriminaliteit te verminderen.
In Leiden ligt het accent binnen vermogenscriminaliteit de komende jaren op het verminderen van
woninginbraken.
3.2.1
Woninginbraken
Het aantal woninginbraken in Leiden blijft de laatste jaren redelijk constant. Omdat inbraak in
woningen behoort tot de misdrijven met een hoge impact op de slachtoffers, blijft de aanpak op
woninginbraken wel noodzakelijk. Het aantal inbraken moet de komende jaren dalen en structureel
lager blijven. Hiervoor is het noodzakelijk dat alle betrokken partijen inspanningen blijven uitvoeren.
Doel
Het nog verder terugdringen van het aantal woninginbraken.
Ambitie
Streefwaarden
2015
2016
2017
2018
Aantal woning- 490
480
470
460
inbraken
inclusief
pogingen tot
woninginbraak
Aanpak
Informatiegestuurd toezicht door BOA’s en politie, verder bevorderen
burgerbetrokkenheid, vergroten regionale samenwerking.
Acties
Actie door
Proactie
Het project Leiden Buitengewoon Veilig continueren; Gemeente,
In de ontwikkelingsfase van nieuwbouw en bij
woningcorporaties,
renovatieprojecten wordt zoveel mogelijk voldaan
projectleider Buitengewoon
aan de eisen van het Politiekeurmerk Veilig Wonen.
Veilig
Extra aandacht voor woninginbraken in het
Gemeente
Regionale Samenwerkingsverband Integrale
Veiligheid (RSIV): uitwisselen van opgedane kennis
en ervaringen voor het bestrijden van mobiel
banditisme (rondtrekkende dadergroepen) en het
opstellen van een (regionale) toolkit
woninginbraken.
Het Operationeel Plan van Aanpak Woninginbraken
Gemeente
uit 2011 en de Aanpak inbraakpreventiePolitiekeurmerk Veilig wonen (PKVW) voortzetten.
Preventie
Bevorderen burgerbetrokkenheid door het verder
Gemeente
ontwikkelen van Buurtpreventie.
Inzichtelijk maken van de hotspots, bijvoorbeeld
Gemeente, politie,
door het organiseren van een wijkschouw, middels
projectleider Buitengewoon
- 23 -
Preparatie
een gebiedsgerichte aanpak.
Verder stimuleren van de communicatie met
bewoners door de inzet van Burgernet.
Onderzoeken van de mogelijkheden om extra ogen
en oren in de wijk in te zetten (bv. vuilnismannen,
krantenbezorgers, postbodes, beveiligers).
Particulieren en corporaties schouwen op verzoek
van de bewoners en/of projectleider n.a.v.
woninginbraken in de buurt, de omgeving. Een
advies op verbeterpunten wordt gegeven en
mogelijk uitgevoerd. Dit gebeurt minimaal drie keer
in het jaar.
Jaarlijks wordt een voorlichtingscampagne gericht op
studenten georganiseerd.
Heling van goederen tegengaan door invoering van
het Digitaal Opkoop Register.
Controle op heling en onderzoek naar verplaatsing
van goederen.
Op basis van de APV worden personen die in het
bezit zijn van inbrekerswerktuig aangehouden.
Promoten 112 bij verdachte situaties .
Voorlichting aan bewoners en slachtoffers
(bijvoorbeeld informatie plaatsen op de
gemeentelijke websites), ‘extra’
voorlichtingscampagnes tijdens specifieke periodes,
bijvoorbeeld Donkere Dagen Offensief in de
wintermaanden.
Bewustzijnsmaatregelen als besmettingsbrieven na
inbraak.
Particulieren en corporaties schouwen op verzoek
van de bewoners en/of projectleider Leiden
Buitengewoon Veilig naar aanleiding van
woninginbraken in een buurt de omgeving.
Verbeterpunten worden waar mogelijk uitgevoerd.
Maken van analyses op daders, slachtoffers, locatie
en tijd, buit en modus operandi.
Toezicht op de hotspots en hottimes door de BOA’s
en daarmee bijdragen aan het versterken van de
informatiepositie van de politie: aantallen inbraken,
tijdstippen, werkwijzen, daders, dadergroepen
Veilig
Gemeente
Gemeente, politie
Projectleider Buitengewoon
Veilig in samenwerking met
gemeente, corporaties,
bewonersverenigingen,
VVE’s.
Politie, gemeente
Gemeente
Politie
Politie
Politie
Gemeente, politie
Gemeente
Gemeente
Politie
Gemeente (BOA’s)
- 24 -
Repressie
Nazorg
Samenhangen
d beleid
Betrokken
partijen
(hotspots, hotshots, hot victims).
Het Districtelijk Coördinatiepunt Woninginbraken
Politie en OM
combineert alle informatie omtrent woninginbraken
ten behoeve van opsporingsonderzoek.
Persoonsgerichte aanpak van veelplegende daders
Veiligheidshuis
van woninginbraken.
Inzet van sociale media en internetsurveillance om
Gemeente, politie
burgers te waarschuwen voor woninginbraken en de
kans op een (snelle) aanhouding te vergroten.
Inzet van Burgernet bij kans op een heterdaadGemeente
aanhouding.
Inzet van (super)snelrecht als de omstandigheden
OM
van de zaak dit toelaten. (lik-op-stuk reactie).
Het verhalen van schade op de dader en het
OM
ontnemen van crimineel verkregen vermogen, waar
mogelijk.
Terugkoppelen resultaat opsporingsonderzoek aan
Politie
slachtoffer(s).
Informeren van Slachtofferhulp en zo nodig
Politie
overdragen van nazorg aan Slachtofferhulp.
Nabezoek door de wijkagent binnen 6 weken.
Politie
Successen vieren in de (sociale) media.
Gemeente, politie, OM
RBP, Jaarplan RBP 2015, Jaarplan Politie District Leiden – Bollenstreek 2015, Leiden
Buitengewoon Veilig, Bouwbesluit, Aanpak inbraakpreventie- Politiekeurmerk veilig
wonen (2010), Operationeel Plan van Aanpak Woninginbraken
Politie, BOA’s, Veiligheidshuis, OM, woningcorporaties, Universiteit van Leiden,
burgers
- 25 -
3.3
Overlast
Leiden heeft een prachtige binnenstad en mooie woonwijken. Veiligheid en leefbaarheid zijn in dit veld
nauw met elkaar verbonden. Doelstelling van het huidige college is de zorg voor de leefbaarheid in de
wijken te intensiveren door fysieke en sociale acties op schaal van de wijk uit te voeren, en daarmee
overlast te voorkomen. Onder de noemer overlast definiëren we de volgende soorten overlast:
- overlast van jeugd;
- overlast op het water;
- fietsenoverlast;
- woonoverlast;
- overlast horeca.
Het aantal meldingen van overlast op het water is in 2013 en 2014 gestegen, evenals het aantal
meldingen van woonoverlast en fietsenoverlast. Daarom, en ook omdat overlast grote invloed heeft op
privésituaties van Leidenaren, wordt aan dit thema een hogere intensiteit toegekend. De gemeente wil
voorkomen dat een overlast- of leefbaarheidsvraagstuk een veiligheidsvraagstuk wordt. Voor de aanpak
van overlast zijn de komende jaren de wijkregisseurs en het team BOA’s van de gemeente belangrijke
medespelers.
3.3.1
Jeugd- en jongerenoverlast
Het gedrag van sommige jongerengroepen in Leiden is niet acceptabel. Daar waar de omgeving last
heeft van de aanwezigheid van jongeren door overlastgevende of grensoverschrijdende uitingen,
neemt de gemeente maatregelen. De decentralisatie van de Jeugdzorg biedt voor de gemeente meer
kansen voor vroegsignalering en het combineren van zorg en straf.
Doel
Het voorkomen, beperken en terugdringen van (ervaren) overlast door jongeren.
Aanpak
Versterken signaleringsfunctie, de achterliggende oorzaak van de problemen
aanpakken, ketenaanpak.
Ambitie
Streefwaarden 2015
2016
2016
2017
Percentage
7%
7%
6%
6%
inwoners dat
zelf veel
overlast in de
buurt ervaart
van
rondhangende
jongeren
Aantal
1100
1050
1000
950
incidenten
overlast door
jeugd
Acties
Actie door
- 26 -
Proactie:
Preventie
Preparatie
Uitvoering van activiteiten van het Jeugd- en Jongerenwerk
als bijvoorbeeld Thuis op Straat in de meest kwetsbare
wijken.
Voortzetten Jeugd Preventie Teams (JPT).
Voortzetten Communities that Care (Veilig Opgroeien).
Sturing op gedrag en gebruik van jongeren via de
inrichtingsplannen openbare ruimte.
Begeleiden en zo nodig doorverwijzen van risicojongeren
onder de 18 jaar door het JPT.
Uitvoering van de werkzaamheden van jeugd- en
gezinsteams, die hulp bieden aan hulpbehoevende gezinnen.
De teams zijn een uitbreiding van het Centrum voor Jeugd
en Gezin en zijn dichtbij de gezinnen te vinden, op school of
elders in de wijk.
Sociale wijkteams verbinden aan het Veiligheidshuis voor
vroegsignalering en goede afstemming zorg- straf.
Actief alcoholpreventiebeleid op scholen en andere
‘vindplaatsen’ van jongeren.
Bewonersbetrokkenheid en participatie vergroten,
gebiedsgerichte aanpak
Uitvoering Preventie- en HandhavingsPlan Alcoholgebruik
Samenwerkingsverband jongerenwerkloosheid, project JA.
Invoering sociale wijkteam voor signalering overlast
Ouderbetrokkenheid Wijkparticipatieprojecten.
Voortzetten Veiligheidshuis en groepsaanpak om alle
jeugdgroepen (criminele, overlastgevende en hinderlijke) in
beeld te hebben en te voorzien van een advies aan de lokale
driehoek met betrekking tot de prioritering en de aanpak.
Van alle jeugdgroepen in Leiden bestaat een actueel en
compleet beeld. De jeugdgroepen worden vier keer per jaar
in kaart gebracht met behulp van de shortlist- methodiek
van Beke.
Het Districtscollege prioriteert in de aanpak van
jeugdgroepen. Criminele jeugdgroepen hebben altijd
prioriteit.
Voortzetten identificatie jeugdgroepen door politie en
jongerenwerk via de Beke- vragenlijst.
Inzet BOA’s op de hotspots in samenwerking met politie.
Over alle jeugdige veelplegers is direct actuele informatie
beschikbaar voor de partners in het Veiligheidshuis.
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente
JPT
Gemeente, GGD
Gemeente
(Veiligheidshuis)
Gemeente (regie):
GGD, Brijder
Gemeente
Gemeente, BOA’s
Gemeente
Gemeente
Gemeente, jeugden jongerenwerk
Veiligheidshuis
Gemeente, politie,
jeugd- en
jongerenwerk,
Veiligheidshuis
Districtscollege:
politie, OM,
gemeente
Politie, jeugd- en
jongerenwerk
BOA’s
Veiligheidshuis
- 27 -
Repressie
Nazorg
Samenhangend
beleid
Betrokken
partijen
Alle in het Jeugd Veiligheidsoverleg (JVO) besproken
Veiligheidshuis
jeugdigen hebben een persoonsgebonden plan van aanpak
en een casemanager.
Het Veiligheidshuis voert de regie op de aanpak van
Veiligheidshuis
jeugdgroepen in Leiden.
Sinds 1 april 2014 is het adolescentenstrafrecht ingevoerd.
OM
De kern van het adolescentenstrafrecht is dat de rechter aan
jongeren en jongvolwassenen die een strafbaar feit plegen
op het moment dat ze tussen de 16 en 23 jaar oud zijn, meer
dan voorheen een passende sanctie (straf of maatregel) kan
opleggen.
Alle criminele jeugdgroepen worden aangepakt. Het OM
OM
voert de regie op de aanpak van criminele jeugdgroepen.
Bij ernstige overlast kan de burgemeester op basis van de
Burgemeester
Gemeentewet bestuurlijke maatregelen nemen.
Bijvoorbeeld: een gebiedsverbod of groepsverbod op grond
van de Wet maatregelen bestrijding voetbalvandalisme en
ernstige overlast of een preventieve dwangsom. Een ander
mogelijk instrument is het sturen van brieven aan ouders
van overlastgevende jongeren.
Persoonsgerichte aanpak nazorg ex- gedetineerden.
Veiligheidshuis
RBP, Preventie- en handhavingsplan Alcoholmatiging, Gezondheidsnota, “hart voor
de jeugd”- regionaal beleidsplan transitie jeugdzorg Hollands Midden
Gemeente, OM, politie, BOA’s, Sociaal wijkteam, Veiligheidshuis, Welzijns- en
jongerenwerk, verslavingszorg, GGD, Centra voor Jeugd- en Gezin, scholen,
Bestuurlijk Overleg Alcoholmatiging Hollands Midden, Jeugdpreventie team (JPT)
- 28 -
3.3.3
Overlast op het water- NIEUW
De gemeente wil dat watergebruik voor iedereen ontspannen en veilig is. Het water in Leiden wordt
intensiever ge goed gebruikt. De spanning tussen wonen aan het water, werken en recreëren op het water is de
pen jaren groter laatste jaren groter geworden.
Doel
Het voorkomen, beperken en terugdringen van (ervaren) overlast op het water.
Aanpak
Het tegengaan van vervuiling op, het voorkomen van overlast en schade, het
tegengaan van illegaal gebruik en het verbeteren van het gebruik van water.
Ambitie
Een vermindering van de ervaren overlast op het water ten opzichte van de 0meting.
Acties
Actie door
Proactie
Verbetering van de veiligheid van vaarroutes, bijvoorbeeld Gemeente
het instellen van een vaarcirculatieplan.
Preventie
Samenhangend
beleid
Betrokken
partijen
In 2015 wordt een enquête over overlast op het water
onder bewoners uitgevoerd, als 0- meting.
Gemeente
De APV wordt op aangepast op dusdanige wijze dat de
term openbare ruimte ook het water omvat. Dit komt ten
goede aan het toezicht op de veiligheid van het water.
Stimuleren van beter nautisch gedrag door voorlichting oa
via de verhuurders van sloepen, waaronder ook het
terugdringen van alcoholgebruik op het water.
Toepassen sancties uit het Watersanctiebesluit 2015
Gemeente
Inzet van de BOA’s op het water in de zomermaanden.
Gemeente (BOA’s)
Frequente controle op geluidsoverlast.
Registratie bijhouden van incidenten op het water.
Gemeente (BOA’s)
Politie, gemeente
(BOA’s)
Politie, gemeente
(BOA’s)
Politie,
belastingdienst, ILT,
Gemeente (BOA’s)
Gemeente
Gemeente, politie
Gemeente (BOA’s)
Informatiepositie politie en handhaving verbeteren,
hotspots overlast water in kaart brengen.
Integrale controles op de bedrijfsvaart met politie,
belastingdienst, Inspectie Leefbaarheid en Transport,
BOA’s.
Attentieborden aan de grens van Leiden en
waarschuwingsborden met pictogrammen bij het centrum
aanbrengen met de drie meest overlastgevende
overtredingen en de sancties.
Bewonersbetrokkenheid en participatie vergroten,
Gemeente
gebiedsgerichte aanpak.
Kadernota Water, Kadernota toerisme, Evenementennota, Watersanctiebesluit
2015
Politie, BOA’s, Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT), Belastingdienst
- 29 -
3.3.4
Fietsenoverlast – NIEUW
Zowel de gemeente als de politie willen meer aandacht geven aan het bestrijden van
fietsenoverlast. De gemeente vindt de fiets een belangrijk vervoersmiddel, en wil dan ook graag
dat fietsers hun fiets goed kunnen stallen, zonder overlast van geparkeerde fietsen voor overige
weggebruikers. Het afgelopen jaar is de vraag om beter toezicht op hinderlijk gestalde fietsen en
voorkomen van verloedering door fietswrakken toegenomen. Met meer aandacht voor toezicht
op en beheer van fietsen en fietswrakken verwachten we ook een slag te kunnen slaan in het
(blijvend) reduceren van fietsendiefstal. Leiden scoort gemiddeld in vergelijking met andere
studentensteden als Groningen, Enschede en Delft, als het gaat om aantal aangiften van
fietsendiefstal.
Doel
Reductie van de overlast van fietsen.
Aanpak
Hotspotsgerichte aanpak, extra toezicht in de openbare ruimte, beter beheer op
wrakken, hinderlijk en onveilig gestalde fietsen.
Ambitie
Streefwaarden 2015
2016
2017
2018
Aantal
1600
1550
1500
1450
(brom)fietsdief
stallen
Aantal
300
280
260
240
overlastmeldingen
Acties
Actie door
Preventie
Extra toezicht en handhaving op de diefstalhotspots en
Gemeente (BOA’s)
overlasthotspots, door onder andere de inzet van een
gemeentelijk Fiets Toezicht Team.
Het organiseren van extra beheer en toezicht op veilig
Gemeente, DZB
stallen in de openbare ruimte.
Bewonersbetrokkenheid en participatie vergroten,
Gemeente
gebiedsgerichte aanpak
Organiseren van voorlichtingscampagnes, bijvoorbeeld
Gemeente
het uitdelen van flyers bij het CS, het plaatsen van
informatie op de gemeentelijke website.
Pro-actie
Meer bewaakte stallingen en het plaatsen van andere
Gemeente
stallingsmogelijkheden/ objecten in de openbare ruimte,
zoals fietstrommels, rekken, tulpen, nietjes en stangen,
daar waar mogelijk.
Extra inzet van de lokfiets.
Politie
Graveeracties door inzet van het Promotie- en
Gemeente, politie
graveerteam Centrum Fietsdiefstal van de politie.
Repressie
Het structureel en sneller verwijderen van fietswrakken
Gemeente
en hinderlijk geparkeerde fietsen.
Het matchen van verwijderde fietsen door FF=FW met
Gemeente, politie
aangiftes van gestolen fietsen.
Tegengaan van heling door invoer van het Digitaal
Gemeente
Opkoop Register voor registratie bij handelaren van
gebruikte artikelen.
Samenhangend RBP, RBP Jaarplan 2015, Woonbeleid, Masterplan Stationsgebied, Kadernota
beleid
Bereikbaarheid, Masterplan fietsparkeren, FF=FW- beleid,
- 30 -
Betrokken
partijen
3.3.5
Politie, DZB, OM, Veiligheidshuis, NS, ondernemers, BOA’s, woningcorporaties,
studentenhuisvesting, universiteit
Woonoverlast –Nieuw-
Van woonoverlast is sprake als een bewoner zich regelmatig zodanig gedraagt, dat hij of zij daarmee
buren en andere omwonenden in hun woongenot stoort of in hun vrijheid belemmert. Het aantal
meldingen van woonoverlast door bijvoorbeeld kamergewijze verhuur of zorgmijders is de laatste
jaren gestegen. De aanpak van deze overlast is door de aard van de overlast belegd bij diverse
veiligheidspartners.
Doel
Waar mogelijk woonoverlast voorkomen en waar nodig bestrijden.
Aanpak
Door het opstellen en uitvoeren van een generieke gebiedsgerichte aanpak, met
buurtgericht samenwerken en gebiedsgerichte sturing van toezicht en handhaving.
Voor individuele gevallen: het beschrijven van een aanpak woonoverlast met
diverse betrokken organisaties.
Ambitie
Streefwaarden 2015
2016
2017
2018
Overlast
3300
3200
3100
3000
meldingen
(drugs,
burenruzie,
geluid,
gestoorde en
verwarde
personen)
Acties
Actie door
Preventie
Vergunningscriteria voor verkamering opnemen voor de
Gemeente
Onttrekkingsvergunning.
Dialoogsessies met bewoners over thema’s die spelen.
Vaststellen van gemeentelijk sanctiebeleid voor de openbare
ruimte.
Gebiedsgerichte preventieve aanpak van gemeentelijk
toezicht en handhaving.
Analyse van de gesignaleerde problematiek, met afspraken
over verbeteren van de situatie voor de omwonenden.
Het betrekken van bewoners bij de prioriteitenstelling van
gemeente, BOA’s en politie.
Preparatie
Met de veiligheidspartners een effectieve aanpak
ontwikkelen om bij melding van woonoverlast deze via het
juiste kanaal snel te kunnen beëindigen.
Gemeente
(wijkregisseur),
woningcorporaties
Gemeente
Gemeente (BOA’s)
Gemeente,
wijkpartners,
Gemeente (BOA’s),
politie
Gemeente
Gemeente (regie),
veiligheidspartners
- 31 -
Nazorg
Samenhangend
beleid
Betrokken
partijen
Aanpak BOA’s door analyse (hotspots, hottimes, hotpersons)
buurtonderzoek en monitoring.
Daar waar mogelijk het Veiligheidshuis inschakelen.
Gemeente (BOA’s)
Extra toezicht BOA’s voor de openbare ruimte op gemelde
overlastgevende woonlocaties.
Informatiepositie van de BOA’s versterken door beter
benutten van buurtcontacten, bijdragen aan de
informatiepositie van de politie en andere
veiligheidspartners.
Controles door bouwinspectie om woonoverlast en
verloedering van panden te voorkomen.
Verbeteren van het proces meldingen en klachten/ Verbeter
de buurt om leefbaarheidsproblemen sneller aan te pakken.
Aanpak ontwikkelen voor hardnekkige overtreders van
wetgeving in de openbare ruimte.
Instrumenten woonoverlast in kaart brengen: van
bestuurlijke maatregelen als een toegangsverbod voor een
woning of huisuitzetting tot privaatrechtelijk.
Inzet buurtbemiddeling.
Gemeente (BOA’s)
Gemeente
Gemeente (BOA’s)
Gemeente
Gemeente
Gemeente, OM
Gemeente, GGD,
Politie, OM
Gemeente
Door het RSIV wordt onderzoek gedaan naar de mogelijkheid RSIV ism
tot het aansluiten bij de Opvang Verwarde Personen (OVP)
gemeenten
Den Haag. Ook wordt onderzoek gedaan naar een integrale
aanpak voor de overlast van verwarde personen, waarvoor
een OVP één van de mogelijke oplossingsrichtingen is.
Wijkagent controleert of de overlast blijvend gestopt is.
Politie
Handreiking woonoverlast en verloedering – Ministerie BZK, WMO plan Leiden,
Regionaal Kompas
Wijkverenigingen, VVE’s, burgers, wijkregisseur, GGD (Meldpunt Zorg & Overlast),
Politie, BOA’s, Veiligheidshuis, Woningcorporaties, Bouwtoezicht, WMO, Sociale
wijkteams,
- 32 -
3.3.6
Overlast horeca
Doel
Aanpak
Ambitie
Acties
Proactie
Preventie
Horecagerelateerde overlast in Leiden verminderen
Aanpak gericht op geluid door geschreeuw of muziek, vernielingen,
foutparkeerders, rommel op straat, uitgaansgeweld en minder alcoholgebruik
samen met de horecabranche.
Streefwaarden 2015
2016
2017
2018
Aantal
280
270
260
250
incidenten
overlast door
horeca
Actie door
De bestemmingsplannen voor de Leidse binnenstad worden Gemeente, politie,
momenteel herzien. Veiligheidspartners denken mee over
milieudienst,
de (her)inrichting van het uitgaansgebied om overlast zoveel brandweer
mogelijk aan de voorkant te voorkomen of te beperken.
Toepassing van de Kwaliteitsmeter Veilig Uitgaan (KVU) van Gemeente
het CCV.
Op grond van de Drank- en Horecawet dienen bezoekers die Gemeente (BOA’s)
in kennelijke staat verkeren de toegang ontzegd te worden.
Bezoekers in kennelijke staat die al binnen zijn, dient geen
alcohol meer geschonken te worden. BOA’s controleren
hierop.
Binnen de singels geldt een alcoholverbod in de openbare
Gemeente (BOA’s),
ruimte, hotspots en hottimes worden gecontroleerd door
politie
BOA’s en politie.
Het Preventie- en Handhavingplan Alcohol wordt
Gemeente (BOA’s)
vastgesteld en geïmplementeerd. De BOA’s voeren toezicht
en controle uit.
Evaluatie en uitvoering van het horecasanctiebesluit, de
Gemeente
beleidslijn voor overtredingen van horecaondernemers.
Actief alcoholpreventiebeleid op scholen en andere
Gemeente (regie);
‘vindplaatsen’ van jongeren is vastgelegd in het Regionale
GGD, Brijder
Beleidsvisie Verslavingspreventie Zuid-Holland.
(uitvoering)
De politie houdt preventief toezicht op de openbare orde en Politie
veiligheid in het algemeen en specifiek tijdens de
uitgaansavonden en in uitgaansgebieden.
De gemeenteraad kan de burgemeester de bevoegdheid
geven om veiligheidsrisicogebieden in te stellen,
waarbinnen de officier van justitie aan de politie de last tot
preventief fouilleren kan geven. Het gaat hier om gebieden
met een hoog risico op geweldsdelicten, zoals gebieden met
veel uitgaansgelegenheden.
Periodiek wordt met bewoners gesproken, onder andere
over dit thema en de al dan niet bestaande overlast en
maatregelen van de gemeente.
Gemeente,
burgemeester
Gemeente
(wijkregisseur)
- 33 -
Preparatie
Repressie
Nazorg
Samenhangend
beleid
Betrokken
partijen
Gemeente, politie, BOA’s, ODWH en brandweer overleggen
wekelijks over de bij de horecaklachtenlijn gemelde
klachten en bepalen gezamenlijk de aanpak in het Klein
Horeca Overleg. Daarnaast vindt maandelijks het Groot
Horeca Overleg plaats, waarbij ook andere gemeentelijke
afdelingen en partners aansluiten.
Gemeente, politie,
ODWH, brandweer,
BOA’s
De gemeente overlegt met de besturen van studentenverenigingen en met ondernemers over het voorkomen van
overlast.
Vergunningverlening aan portiers o.b.v. de Wet particuliere
beveiligingsorganisaties en recherchebureaus en het zo
nodig voeren van overleg met portiers.
Vaststelling regionaal plan om uitgaansgeweld nog verder
terug te dringen (waterbedeffect te voorkomen).
Inzet ODWH voor geluidsmetingen na klachten.
Gemeente
Politie
RSIV ism
gemeenten
ODWH
Bij ernstige overtredingen of misdrijven gepleegd door de
Politie
uitbater van een horecagelegenheid wordt de burgemeester
door de districtschef in kennis gesteld middels een
bestuurlijk dossier.
De gemeente waarschuwt ondernemers voor overtredingen Gemeente
en neemt bestuurlijke sancties op basis van het
horecasantiebesluit.
Bij structurele overlast kan de burgemeester een gebied
Burgemeester,
benoemen tot “aangewezen gebied” (speerpuntgebied). In
politie,
het aangewezen gebied voert de politie zero tolerance
horecaondernemers
beleid (strikte handhaving van de openbare orde en
veiligheid). De horecaondernemer(s) in het gebied dienen
maatregelen te nemen om de overlast te verminderen;
Burgers die herhaaldelijk een klacht melden via de
Gemeente
horecaklachtenlijn worden teruggebeld om hen te vertellen
wat er met de klacht gebeurd is.
Als horecaondernemers een sanctie hebben gekregen (PV,
Politie
waarschuwing) wordt contact opgenomen en geadviseerd
wat de ondernemer in de bedrijfsvoering kan veranderen
om overlast en sancties in de toekomst te voorkomen.
Evenementenbeleid VRHM, Evenementennota 2013 – 2018, nota Lokaal
Gezondheidsbeleid
VRHM, GHOR, Politie, Brandweer, evenementenorganisatoren (3 Oktober
Vereeniging), ODWH, KHN- Leiden, BOA’s, ondernemers en studentenverenigingen
- 34 -
3.4
Ondermijning
Ondermijning is een containerbegrip waar diverse vormen van georganiseerde misdaad onder geschaard
worden, zoals drugscriminaliteit, witwassen/vastgoed, mensenhandel- en smokkel, fraude en
milieucriminaliteit. De verwevenheid tussen bovenwereld en onderwereld is hierbij aanwezig, hierin
schuilt het ondermijnende karakter van de georganiseerde criminaliteit. Achter veel georganiseerde
criminaliteit zitten criminele samenwerkingsverbanden, al dan niet als gelegenheidsstructuur, dus vinden
we het belangrijk dat de onderste steen bovenkomt. Dit doen we in samenwerking met het RIEC.
Onder ondermijning scharen we ook radicalisering en jihadisme.
De focus van de gemeente is de komende jaren gericht op radicalisering én het voorkomen van
facilitering aan criminele samenwerkingsverbanden als Outlaw Motorcycle Gangs (OMG’s).
3.4.1
Criminele samenwerkingsverbanden
Doel
Aanpak
Ambitie
Acties
Proactie
Preparatie
Doel: het voorkomen van facilitering van criminele samenwerkingsverbanden CVS
Samenwerking met de veiligheidspartners en het RIEC, door strafrechtelijk,
bestuurlijke en fiscale aanpak, het afpakken van illegaal verkregen vermogen,
vroegsignalering
Streefwaarden 2015
2016
2017
2018
Aantal
410
400
390
380
incidenten
illegale handel
(drugshandel,
mensenhandel,
wapenhandel,
fraude)
Actie door
Inzet bouwtoezicht voor bestemmingsplan controles
Gemeente
Aanpak onrechtmatige bewoning.
Gemeente
Toezicht uitkeringsfraude door Sociale Recherche op basis van
Gemeente
risico’s en verwachte resultaten.
Informatiepositie versterken door alle ogen en oren van de
Gemeente
veiligheidspartners in te zetten. Dit betekent awareness creëren (regie)
bij zoveel mogelijk spelers in het publieke domein, dus ook
wijkagenten, BOA's, bouw- en woningtoezicht, burgers, etc.
Deze ‘buitendienstmedewerkers’ trainen om meervoudig te
kijken en signalen van ondermijning op te pakken;
Door het RSIV worden (regionale) handhavingsarrangementen
Gemeente
Mensenhandel en Hennep opgesteld, deze zullen door middel
van het opstellen van lokale beleidsregels in de gemeente
Leiden worden verankerd.
In de bestuurlijke aanpak samen te werken met het RIEC.
Gemeente
- 35 -
Repressie
Samenhangend
beleid
Betrokken
partijen
Regionaal jaarlijkse bestuurlijke criminaliteitbeeldanalyses op te
stellen.
Ketenaanpak door de uitvoering van integrale controles: politie,
bouwinspectie, BOA’s, belastingsdienst et cetera.
Uitkeringsfraude- aanpak Sociale Recherche: Doel is om bij
vermoedens van uitkeringsfraude nader onderzoek te doen en
via dossieropbouw onterecht verstrekte uitkeringen te
beëindigen. De verstrekte som geld wordt teruggevorderd.
Bestuurlijke aanpak door de inzet van de Wet Bibob.
Indien nodig toepassen mix van bestuursrechtelijke, fiscale en
strafrechtelijke aanpak.
Politie
Gemeente
(regie)
Gemeente
Gemeente
Gemeente,
politie,
Belastingdienst
RBP, Jaarplan RBP 2015, Jaarplan Sociale Recherche,
Politie, CCV, VNG, RIEC, Sociale Recherche, OM, BOA’s, Bouwinspectie,
Belastingdienst
- 36 -
3.4.2
Radicalisering – NIEUW-
Het thema radicalisering en jihadisme is ernstig, maar we moeten ons er ook van bewust zijn dat dat
het probleem betrekking heeft op een relatief kleine groep mensen. Echter, de impact van de daad
van één persoon kan immens zijn. Incidenten willen wij dan ook, samen met de partners en bewoners
van de stad, voorkomen. De gemeente wil bovendien voorkomen dat bevolkingsgroepen tegen elkaar
opgezet worden. Belangrijk is om, juist in dit soort tijden, met elkaar in gesprek te blijven. Vrijheid
van meningsuiting en godsdienst, wederzijds respect zijn belangrijpe waarden waar wij voor staan en
die wij in onze stad willen behouden.
Doel
Het bestrijden van radicalisering en jihadisme.
Aanpak
Door vroegsignalering, vergroten van weerbaarheid, vergroten van het
gemeentelijk netwerk rondom risicogroepen en casusgerichte aanpak in het
Veiligheidshuis.
Acties
Actie door
Proactie/
De instrumenten die in de aanpak ingezet worden zijn
Gemeente
preparatie
conform het ‘Actieprogramma Integrale Aanpak Jihadisme’
van het Ministerie van Veiligheid & Justitie en Sociale Zaken
en Werkgelegenheid.
Trainingen aanbieden aan een breed op te bouwen netwerk Maatschappelijke
van eerstelijnswerkers: jongerenwerkers en maatschappelijk instellingen i.s.m.
werkers, wijkagenten, zorgcoördinatoren van scholen en
gemeenten
anderen die een belangrijke vroegsignaleringsfunctie
hebben.
Weerbaarheidsvergroting van ouders van mogelijke
Maatschappelijke
kwetsbare jongeren of geradicaliseerde jongeren.
instellingen
Preparatie
Na signalering een verdere aanpak in het Veiligheidshuis
Veiligheidshuis
Hollands- Midden waar per individu een plan van aanpak
wordt opgesteld dat moet leiden tot de versterking van zijn
of haar positie op meerdere leefgebieden zodat zij geen
gevaar (meer) vormen voor de samenleving of zichzelf.
Samenhangend RBP, RBP Jaarplan 2015, Actieprogramma Integrale Aanpak Jihadisme van
beleid
Ministeries van V&J en SZW, Actieplan Polarisatie en Radicalisering 2007 – 2011
van het Ministerie van Buitenlandse Zaken
Betrokken
Inwoners, maatschappelijke instellingen, RSIV, Openbaar Ministerie, Politie,
partijen
Jeugdzorg, NCTV, Ministeries van V&J en SZW, andere gemeenten als Den Haag en
Delft
- 37 -
3.5
Rampenbestrijding en crisisbeheersing
Leiden is voorbereid op een ramp of een crisis. Voorbereid zijn en oefenen is essentieel om goed te
kunnen handelen als daadwerkelijk een ramp of crisis optreedt. De gemeente is in het kader van
crisisbeheersing verantwoordelijk voor de Bevolkingszorg. Bevolkingszorg is één van de vier
hoofdprocessen in de hulpverlening naast Brandweerzorg, Politiezorg en Geneeskundige Zorg.
Bevolkingszorg Op Orde (BZOO) is een nieuwe visie over de manier waarop bevolkingszorg ingericht
wordt. Bevolkingszorg op Orde richt zich op het stimuleren van de zelfredzaamheid van de maatschappij
en verleent actieve zorg aan mensen die dat nodig hebben.
Deze nieuwe manier van denken zorgt voor een andere manier van voorbereiding op rampen en crisis.
Onder rampen en crises scharen we eveneens maatschappelijke onrust. Maatschappelijke onrust is het
ontstaan van hevige reacties bij groepen mensen binnen een sociaal systeem als gevolg van een
schokkende gebeurtenis, waardoor het functioneren van het sociaal systeem (tijdelijk) wordt bedreigd
en waarbij het risico bestaat op verstoring van de openbare orde en/of verstorende effecten op het
gemeenschapsleven. Onder maatschappelijke onrust valt bijvoorbeeld de terugkeer van delinquenten en
polarisatie. Maatschappelijke onrust werkt ontwrichtend voor sociale systemen in een stad.
3.5.1
Rampenbestrijding en crisisbeheersing
Doel
Aanpak
Ambitie
Het voorkomen van en beheersen van crises.
Bij een ramp of crisis adequaat op te treden en de bevolking van de noodzakelijke
zorg te voorzien door een goed opgeleide, getrainde en geoefende gemeentelijke
crisisorganisatie. In gezamenlijkheid met de buurgemeenten zal Leiden de
crisisorganisatie inrichten op basis van de nieuwe BZOO- visie. Waarbij het de
intentie is om toe te werken naar één gezamenlijke crisisorganisatie.
Streefwaarden
2015
2016
2017
2018
Aantal
430
brandmeldingen
(geen
brandstichting)
Aantal
50
brandstichtingen
Acties
Pro- actie/
Preventie
420
410
400
49
48
47
Het versterken van de generieke crisisorganisatie door de
versterking van de gemeentelijke kolom, de samenwerking
met partners, het informatiemanagement en de
crisiscommunicatie.
Door eisen te stellen in vergunningen voor onder andere
evenementen en vervoer van gevaarlijke stoffen wordt het
Actie door
BRL
Gemeente
- 38 -
risico op ongevallen, rampen en crises beperkt.
De uitvoering van toezicht en handhaving op milieu,
brandveiligheid, en bouw. In 2015 wordt door het team
Toezicht en Handhaving Bouw gewerkt aan een Wabo beleidsplan waarin de VTH- keten (Vergunningen, Toezicht
en Handhaving) en de handhavingsstrategie voor de
komende jaren wordt beschreven.
Leiden heeft een volledig en actueel overzicht van de
risico’s en objecten in ons verzorgingsgebied. Hiervoor
wordt de Provinciale risicokaart aangepast/ geactualiseerd.
Op gemeentelijk niveau is een Sociaal Calamiteitenplan
uitgewerkt. De komende jaren wordt volgens dit plan
gewerkt, als zich een sociale calamiteit aandient.
Tijdens bepaalde bouwwerkzaamheden en
baggerwerkzaamheden vindt explosievenonderzoek plaats
Advisering op grootschalige infrastructurele projecten.
Preparatie
Uitwerken efficiëntere en effectievere organisatievorm van
de gemeentelijke Bevolkingszorg (BZOO 2.0).
Wettelijke mogelijkheden worden uitzoeken: wat kan de
Wijziging van de Wet bijzondere maatregelen
grootstedelijke problematiek (Wbmgp) in verband met de
selectieve woningtoewijzing op grond van overlastgevend,
crimineel, extremistisch of radicaal gedrag voor de
gemeente betekenen.
Evenals de Wet Maatregelen Bestrijding
Voetbalvandalisme en Ernstige Overlast.
Door het RSIV wordt gewerkt aan een (regionaal) kader
met betrekking tot de toepassing van het cameratoezicht.
Het bestuur van de veiligheidsregio stelt eens in de vier
jaar het Regionaal Risicoprofiel, het Regionaal Beleidsplan
en het Regionaal Crisisplan vast.
Er wordt jaarlijks een opleidingsplan gemaakt en
uitgevoerd voor de gemeentelijke crisisorganisatie.
De gemeente stelt op basis van het Regionaal Crisisplan
actuele gemeente specifieke uitwerkingen vast.
De gemeente beschikt ten alle tijden over actuele
rampenbestrijdingsplannen.
Voor de gemeentelijke crisisorganisatie wordt minimaal
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente,
Hoogheemraadschap
van Rijnland
Veiligheidsregio
Gemeente ism BRL
Gemeente, OM
Gemeente, OM
Gemeente
Veiligheidsregio
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente
- 39 -
één keer per kwartaal alarmeringsoefeningen en minimaal
één keer per jaar een opkomstoefening gehouden.
Afdelingshoofden en hoofden actiecentra worden
aangesproken als de resultaten van deze oefeningen
onvoldoende zijn.
Medewerkers van de crisisorganisatie volgen training of
oefening om de kennis en vaardigheden te onderhouden.
De gemeentelijke crisisorganisatie is opgeleid en geoefend
om netcentrisch te werken en daarbij het systeem van
informatievoorziening zoals gebruikt in Hollands Midden te
hanteren (LCMS)
De gemeentelijke crisisorganisatie is in staat om tenminste
72 uur continu te kunnen functioneren met de juiste
middelen.
De gemeente voldoet aan het regionaal normenkader dat
zorgt voor een kwaliteitsimpuls ten aanzien van
crisisbeheersing bij de gemeenten.
Tijdens een ramp of crisis zorgt de gemeente voor een
adequate respons op het gebied van de Bevolkingszorg.
De gemeente beschikt over een voorbereide crisisruimte
voor het Gemeentelijk Beleidsteam en het team
Bevolkingszorg, die binnen 55 minuten na alarmering van
de leden van het team is ingericht.
De faciliteiten in de crisisruimte worden minimaal elk
kwartaal getest.
De gemeente heeft voor de locatie van het gemeentelijk
crisiscentrum binnen 45 minuten de beschikking over een
noodstroomvoorziening. De noodstroomvoorziening wordt
minimaal halfjaarlijks getest.
De gemeente is aangesloten op de Nood Communicatie
Voorziening (NCV) en voert minimaal tweemaandelijks een
test uit.
De gemeentelijke medewerkers in de rampenbestrijding en
crisisbeheersing beschikken over een identificatiepas.
De gemeente heeft in de voorbereiding één of meer
opvanglocaties aangewezen die zijn voorzien van
noodstroom. Deze opvanglocaties zijn binnen 45 minuten
beschikbaar.
De gemeente is als hulpdienst vertegenwoordigd in zowel
het Commando Plaats Incident. overleg hulpdiensten en
Gemeente
Gemeente en
Veiligheidsregio
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente
Gemeente
- 40 -
Repressie
Nazorg
Samenhangend
beleid
Betrokken
partijen
gemeente op operationeel niveau (CoPi) als Regionaal
Operationeel Team, overleg hulpdiensten en gemeente op
tactisch niveau (ROT).
Door het RSIV wordt onderzoek gedaan naar de
RSIV ism gemeenten
mogelijkheid tot het aansluiten bij de Opvang Verwarde
Personen (OVP) Den Haag. Ook wordt onderzoek gedaan
naar een integrale aanpak voor de overlast van verwarde
personen, waarvoor een OVP één van de mogelijke
oplossingsrichtingen is.
Tijdens een ramp of crisis zorgt de gemeente voor een
Gemeente
adequate respons op het gebied van de bevolkingszorg.
Tijdens een ramp of crisis zorgen de hulpdiensten,
Hulpdiensten en
verenigd in de veiligheidsregio, voor een adequate
veiligheidsregio
respons.
Evaluaties van oefeningen en incidenten worden verwerkt Gemeente,
in de verschillende planvormen.
Veiligheidsregio
RBP, Evenementennota, VRHM Beleidsplan, Kader Evenementenveiligheid,
Regionaal Normenkader, Sociaal calamiteitenplan gemeente Leiden
Hulpdiensten (brandweer, politie, GHOR) binnen Veiligheidsregio Hollands
Midden, Omgevingsdienst West- Holland, Provincie, Hoogheemraadschap Rijnland,
BOA’s, Samenwerkingsverband Bevolkingszorg regio Leiden en
Omstreken (BRL), RSIV, burgers, maatschappelijke instellingen, Slachtofferhulp
Nederland, OM
- 41 -
3.6
Leefbaarheid in de wijken – NIEUW
Leiden heeft een prachtige binnenstad en mooie woonwijken. Veiligheid en leefbaarheid zijn in dit veld
nauw met elkaar verbonden. De gemeente wil voorkomen dat een leefbaarheidsvraagstuk een
veiligheidsvraagstuk wordt. Dit doet zij door in te zetten op de leefbaarheid in de wijken, onder andere
door gericht toezicht en handhaving in de openbare ruimte.
Leefbaarheid van de wijken
Leefbaarheid is de kwaliteit van de woon- en leefomgeving. De gemeente verstaat onder 'woon- en
leefomgeving' onder meer:
openbare ruimte (zoals groenvoorziening, woon- en winkelstraten, pleinen en
straatmeubilair, water);
verkeer (bijvoorbeeld voorzieningen voor voetgangers en fietsers);
welzijn (bijvoorbeeld het bevorderen contacten in de buurt; cultuur, sport en jeugd);
communicatie en participatie (bijvoorbeeld het betrekken van bewoners en bedrijven bij
projecten en beleidsontwikkeling in hun wijk, buurt of straat);
veiligheid (bijvoorbeeld sociale veiligheid, buurtpreventie, omgaan met overlast).
De toezichthouders en BOA’s van de gemeente dragen bij aan het behouden of vergroten van de
leefbaarheid in de wijken. De thema’s voor de komende jaren zijn:
- zwerfafval, huishoudelijk restafval, grof- bouw en sloopafval, bedrijfsafval en vuil op het
water;
- parkeeroverlast in relatie tot de uitbreiding van het parkeerregime en invoering van het
digitaal parkeren;
- hondenoverlast, loslopende honden en hondenpoep in relatie tot het nieuwe hondenbeleid).
Doel
De leefbaarheid in de wijken vergroten
Aanpak
Door het opstellen en uitvoeren van een generieke wijkaanpak, buurtgericht
samenwerken en gebiedsgerichte sturing van toezicht en handhaving.
Ambitie
Gedaalde percentages in de Stadsenquête 2017 en 2019 op de grootste
ergernissen in de eigen buurt: zwerfvuil/ rommel op straat (46 % in 2013),
hondenpoep (21% in 2013), fout parkeren (12% in 2013).
Acties
Actie door
Proactie/ preventie
Relatie inrichting openbare ruimte – veiligheid
Gemeente
versterken: meer betrokkenheid van de
veiligheidspartners bij (her)inrichtingsplannen.
Ontwikkelen van een gebiedsgerichte aanpak, die in
Gemeente
eerste instantie over drie wijken wordt uitgerold. In
(wijkregisseur)
deze gebiedsgerichte aanpak heeft de wijkregisseur een
belangrijk regierol.
Overzicht opstellen per wijk op basis van analyse en
Gemeente
gesignaleerde problematiek, met afspraken over
verbeteren van de leefbaarheid in de wijk.
Het betrekken van bewoners bij de prioriteitenstelling
Gemeente
van de gemeentelijke handhaving.
Consistente aanpak BOA’s door analyse (hotspots,
Gemeente
hottimes, hotpersons) en monitoring.
- 42 -
Preparatie/
Repressie
Samenhangend
beleid
Betrokken partijen
Informatiepositie van de BOA’s versterken door
Gemeente,
buurtcontacten en bijdragen aan de informatiepositie
politie
van de politie en andere veiligheidspartners.
Uitwerken van een probleemgestuurde systematiek van Gemeente
planning en monitoring met een duidelijke positie voor
de wijkregisseur.
Realisatie van de operationele regie vanuit de politie op Politie,
de gemeentelijke Buitengewoon
Gemeente
opsporingsambtenaren. Deze directe aansturing door de (BOA’s)
politie versterkt de informatiepositie van de politie bij
het bestrijden van criminaliteit en verbetert de
probleemgestuurde aanpak en effectiviteit van de BOA’s
op het gebied van leefbaarheid.
In de zomer van 2015 hebben de BOA’s als speerpunt de Gemeente
aanpak van de afvalproblematiek, hiervoor wordt samen (BOA’s)
met Stedelijk Beheer een integraal plan opgesteld.
Uitgezocht wordt of de bestuurlijke boete kan worden
Gemeente
geïntroduceerd voor verkeerd aangeboden afval.
(BOA’s)
BOA’s controleren, in samenwerking met Stedelijk
Gemeente
Beheer, de naleving van de opruimplicht bij
(BOA’s)
evenementen door de evenementenorganisatoren.
Verbeteren van proces meldingen en klachten/ ARIS/
Gemeente
Verbeter de buurt voor leefbaarheidsproblemen.
Contact OM aanscherpen voor hardnekkige overtreders Gemeente, OM
van wetgeving in de openbare ruimte.
Jaarlijks gebundelde integrale handhavingsacties:
Gemeente
aanpak jeugdoverlast, voorlichting afval aanbieden,
inbraakpreventie et cetera.
Verschillende beheerplannen gemeente Leiden, wijkvisies (nog op te stellen)
Woningcorporaties, wijkverenigingen, BOA’s, VVE’s, burgers, wijkregisseur
Politie, Bouwtoezicht, Sociale wijkteams, Jeugd- en jongerenwerk, Thuis op
Straat, scholen, overige wijkorganisaties
- 43 -
Bijlagen
Bijlage 1
Veiligheidsanalyse Leiden
Voor het in kaart brengen van de veiligheidssituatie in Leiden is gebruik gemaakt van verschillende
bronnen. Allereerst worden de politiecijfers gebruikt om de ‘objectieve veiligheid’ (geregistreerde
criminaliteit) in kaart te brengen. Nadeel hiervan is dat niet alle criminaliteit en overlast bij de politie
bekend is, omdat niet van alle incidenten aangifte of melding gedaan wordt. Zo doet maar een klein deel
van de slachtoffers aangifte van fietsendiefstal of huiselijk geweld. Ten tweede is gebruik gemaakt van
de gegevens van de Veiligheidsmonitor (VM). De VM is een jaarlijks terugkerend landelijk onderzoek,
waarbij door middel van vragenlijsten de gevoelens van (on)veiligheid bij de bevolking in kaart worden
gebracht (subjectieve veiligheid). Een derde bron voor de veiligheidsanalyse van Leiden is de
Stadsenquête 2013. Hierin worden Leidenaren gevraagd naar hun mening over onderwerpen als de
kwaliteit van de woonomgeving, dienstverlening van de gemeente en zorg. Voor de veiligheidsanalyse
van Leiden is zoveel mogelijk gebruik gemaakt van een combinatie van bovengenoemde bronnen. De
meest gegevens zijn ontleend aan de Veiligheidsmonitor.
Op sommige onderwerpen zijn de veiligheidscijfers vergeleken met de G32- gemeenten en vijf
vergelijkbare steden Groningen, Delft, Haarlem, Utrecht en Enschede.
Hieronder wordt per thema - de indeling is gebaseerd op het Kernbeleid Veiligheid van de VNG –
aangegeven wat de belangrijkste conclusies van de veiligheidsanalyse zijn.
1.
Veilige woon- en leefomgeving
Onder de categorie veilige woon- en leefomgeving vallen de sociale en de fysieke kwaliteit van de
woonomgeving en de objectieve (geregistreerde) en subjectieve (gevoelde) veiligheid. Deze factoren zijn
gemeten aan de hand van de thema’s ergernissen in de buurt, drugsoverlast, overlast door zwervers en
daklozen, slachtofferschap van verschillende delicten en het (on)veiligheidsgevoel.

Ergernissen in de buurt:
in de Stadsenquête Leiden 2013 vormen de volgende ergernissen in eigen buurt de top 5:

-
zwerfvuil/ rommel op straat (46 %)
-
hondenpoep (21%)
-
onderhoud straten en wegen (17%)
-
fout parkeren (12%)
-
verkeersveiligheid (11%)
Drugsoverlast:
- 44 -
volgens de gegevens van de VM is drugsoverlast in Leiden heel stabiel. Op de stelling
“Drugsoverlast komt vaak voor in Leiden” antwoord circa 25% dat het wel voorkomt. 3 tot 5 %
heeft zelf veel overlast van drugs.

Overlast door zwervers en daklozen:
In de doorontwikkeling van de Veiligheidsmonitor van 2012 is dit onderwerp uit de vragenselectie
gehaald. Hier zijn dus geen kwantitatieve gegevens over.

Vandalisme/ vernieling:
De VM laat een daling zien van het aantal vandalismedelicten in Leiden. In 2012 was het aantal
slachtoffers van vernielingen 11 %, in 2014 9%. Ook de politiecijfers laten een daling zien van het
aantal incidenten van vernieling in Leiden.

Slachtofferschap geweld:
het aantal inwoners van Leiden dat in de VM aangeeft slachtoffer te zijn geweest van geweld
(mishandeling, bedreiging en seksuele delicten) is al drie jaar constant (3%).
De politiecijfers geven weer dat het aantal aangegeven gevallen van geweld in 2014 ten opzichte
van 2013 licht is gedaald tot 798.
Het aantal gevallen van straatroof is in 2014 meer dan gehalveerd van 46 naar 21.

Slachtofferschap fietsendiefstal:
het aantal inwoners van Leiden dat in de VM aangeeft slachtoffer te zijn geweest van
fietsendiefstal is de laatste jaren constant (8%). Dit is vergelijkbaar met andere studentensteden
als Delft, Enschede en Utrecht. In 2014 laten de politiecijfers een daling zien van 1477 naar 1356.

Slachtofferschap (woning) inbraak:
het aantal inwoners van Leiden dat in de VM aangeeft slachtoffer te zijn geweest van
woninginbraak is de afgelopen jaren constant gebleven (3%). De politiecijfers geven aan dat het
aantal woninginbraken in 2014 ten opzichte van 2012 met bijna 13 % is gedaald. Het aantal
inbraken is ten opzichte van 2013 ongeveer gelijk gebleven en staat nu op 504.

Onveiligheidsgevoelens:
het percentage Leidenaren dat in de VM aangeeft zich wel eens onveilig te voelen, zowel in de
eigen buurt (18%) als in het algemeen (40%), is in 2014 licht gedaald.
2.
Bedrijvigheid en veiligheid
Binnen dit veiligheidsveld vallen aantastingen van de veiligheid rond recreatieve en economische
voorzieningen zoals winkelcentra, bedrijventerreinen en uitgaansmogelijkheden. De categorie
bedrijvigheid en veiligheid is geanalyseerd aan de hand van de delicten bedrijfsinbraak, winkeldiefstal,
zakkenrollen, overvallen, uitgaansgeweld, overlast door horecagelegenheden en evenementen.

Overvallen:
het aantal overvallen in Leiden is in Leiden van 19 in 2011 naar 8 in 2014 (Politiecijfers).

Winkeldiefstallen:
- 45 -
het aantal winkeldiefstallen is gedaald met 8% naar 501 in 2014.

Bedrijfsinbraken:
het aantal bedrijfsinbraken en diefstal (bedrijven, scholen, sportcomplexen) is gedaald met 16%
van 317 naar 266 in 2014.

Slachtofferschap zakkenrollerij:
het aantal inwoners van Leiden dat in de VM aangeeft slachtoffer te zijn geweest van
zakkenrollerij is al drie jaar constant op 3%.

Uitgaansgeweld:
Het aantal geweldsincidenten was in Leiden in 2014 157 (BlueSpotMonitor Politie). Dit aantal is
ten opzichte van 2013 gelijk gebleven.

Overlast door horecagelegenheden:
Op de stelling “overlast door horecagelegenheden komt wel eens voor in Leiden” beantwoordde
in 2014 15% bevestigend. Dit is vergelijkbaar met voorgaande jaren. In Stadsdeel Midden is dit
29%, hier is een lichte daling sinds 2012. In Leiden heeft circa 1% zelf veel overlast van
horecagelegenheden. In Stadsdeel Midden is dit 3%. Dit laatste cijfer is eveneens gedaald.

Evenementen:
in Leiden vinden veel evenementen plaats. Het % Leidenaren dat aangaf vaak overlast te hebben
van evenementen is 10% (Stadsdeel Midden 17%). 69% van de Leidenaren staat positief tegenover
evenementen. Dit is de afgelopen jaren constant gebleven, net als het aantal Leidenaren dat
negatief tegenover evenementen staat (3%). De belangrijkste vorm van overlast is geluidsoverlast
van het evenement zelf en van (dronken) mensen.
3
Jeugd en Veiligheid
Binnen dit veiligheidsveld vallen thema’s als overlastgevende en criminele jeugd, jeugdgroepen en
alcohol en drugsgebruik door jongeren.

Overlast van rondhangende jongeren:
volgens de gegevens van de VM geeft 45% van de inwoners van Leiden aan dat rondhangende
jongeren in Leiden voorkomen. Dit percentage is de afgelopen jaren gelijk gebleven Op de stelling
“ik heb zelf veel overlast van rondhangende jongeren” antwoordde in 2014 6% ja.

Jeugdgroepen:
Voor het politiedistrict Leiden - Bollenstreek wordt jaarlijks een inventarisatie gemaakt van
problematische jeugdgroepen aan de hand van de Beke- methodiek. Op basis van een door de
wijkagent en jongerenwerk ingevulde vragenlijst worden jeugdgroepen ingedeeld binnen één van
de drie onderscheiden typen: hinderlijk, overlastgevend of crimineel.

Alcohol en drugsgebruik door jongeren: er is een duidelijke afname van alcoholgebruik; over
drugsgebruik zijn helaas geen trends beschikbaar.
- 46 -
4
Fysieke veiligheid
Binnen dit veiligheidsveld vallen de fysieke veiligheidsthema’s: Rampenbestrijding en crisisbeheersing,
externe veiligheid, en verkeersveiligheid.

Geluidsoverlast door verkeer:
In de doorontwikkeling van de Veiligheidsmonitor van 2012 is dit onderwerp uit de vragenselectie
gehaald. Hier zijn dus geen kwantitatieve gegevens over.

Agressief verkeersgedrag:
Op de stelling “Agressief verkeersgedrag komt wel voor” antwoordde in 2014 29% ja; En 5% heeft
er zelf veel overlast van. Hier is geen significante verschil met voorgaande jaren.

Rampen en crises:
Het Algemeen Bestuur van de Veiligheidsregio Hollands Midden heeft het huidige Regionaal
Risicoprofiel, samen met het Regionaal Beleidsplan en het Regionaal Crisisplan, vastgesteld. Deze
planvormen dienen iedere vier jaar opnieuw te worden geactualiseerd en vastgesteld. Het
Regionaal Risicoprofiel Veiligheidsregio Hollands Midden wordt in 2015 herzien voor de periode
2016 - 2019. De risico’s die bepalend zijn voor het risicobeeld van de Veiligheidsregio Hollands
Midden zijn uitgewerkt in de risicoanalyse:
5

Bedreiging volksgezondheid (dierziekten overdraagbaar op mens)

Evenementen

Incidenten in tunnels

Incidenten met brandbare / explosieve stof in open lucht

Incidenten met giftige stof in open lucht

Natuurbranden

Overstromingen

Verkeersincidenten op land

Verstoring drinkwatervoorziening

Verstoring energievoorziening

Verstoring openbare orde

Verstoring telecommunicatie en ICT

Ziektegolf
Integriteit en veiligheid
Het thema “Integriteit en veiligheid” is lastig in cijfers uit te drukken. Het gaat hier om thema’s die vallen
onder ondermijning, zoals georganiseerde criminaliteit, radicalisering en bestuurlijke integriteit. Hoe
groot dit probleem precies is, is moeilijk te achterhalen, maar dát het een probleem is, is helder.
Georganiseerde misdaad ondermijnt de Nederlandse rechtsstraat en kan voor maatschappelijke
ontwrichting zorgen.
- 47 -
Bijlage 2
Overzicht samenwerkingspartners IVP
Gemeentelijke samenwerkingspartners
De taakvelden van het begrotingsprogramma Veiligheid zijn belegd bij de gemeentelijke
clusters:
-
Algemeen directeur/gemeentesecretaris: staat voor integraal bestuur en
veiligheid
-
Concernstaf: team Bestuur en Communicatie: adviseur burgemeester,
woordvoerder burgemeester + algemeen
-
Team Strategie Middelen en Control: account VRHM (incl. brandweer), Leidse
veiligheidscijfers
-
Cluster Participatie en Maatschappelijke Ontwikkeling (PMO): wijkveiligheid
(wijkregisseurs), huiselijk geweld (steunpunt Veilig Thuis), dak- en thuislozen,
account verslavingszorg, beleid alcohol en jeugd, sociale recherche, account
kinderopvang
-
Cluster
Stedelijk
Ontwikkeling(SO):
veilige
bedrijventerreinen,
aanpak
winkelcriminaliteit kernwinkelgebied, Veilige school, Jeugdoverlast
(bureau
Halt)
-
Cluster Publiekszaken, Handhaving en Veiligheid: vergunningverlening rondom
horeca en evenementen (incl. coördinatie van evenementen), opleggen
bestuurlijke
maatregelen
horeca,
prostitutie
(incl.
seksinrichtingen),
coffeeshops, toezicht en handhaving in openbare ruimte en bebouwde ruimte,
toezicht en handhaving op Drank- en Horecawet, toezicht en handhaving
evenementen
-
Cluster Beheer: schone en hele leefomgeving
-
Servicepunt71:
Juridische
zaken
o.a.
wet
Bibob,
gebieds-
en
samenscholingsverboden, huisverboden
-
Servicepunt71: HRM Beleid Veilige Publieke taak
-
DZB: uitvoeren graffitibeleid
Externe samenwerkingspartners (inclusief partners Veiligheidshuis Hollands Midden)
Sociale Veiligheid
-
Bewoners
-
Openbaar Ministerie Den Haag
-
Politie (lokaal en regionaal, eenheid Den Haag)
-
Belastingdienst
- 48 -
-
Regionaal Inlichtingen en Expertise Centrum (RIEC)
-
Landelijk Inlichtingen en Expertise Centrum
-
Algemene Inlichtingen en Veiligheidsdienst (AIVD)
-
Bureau Bibob
-
Veiligheidshuis Hollands Midden
-
Veiligheidshuis Haaglanden
-
Gemeente Den Haag
-
Omgevingsdienst West Holland
-
Reclassering Nederland
-
Palier
-
Bureau Halt Hollands Midden Haaglanden
-
Dienst Justitiële Inrichtingen (Penitentiaire Inrichtingen Zoetermeer en
Alphen a/d Rijn)
-
Bureau Jeugdzorg Haaglanden, Zuid Holland
-
Raad voor de Kinderbescherming regio Haaglanden, Zuid-Holland Noord
-
Regionale Dienst Openbare Gezondheidszorg Hollands Midden (GGD)
-
Regionaal Bureau Leerplicht Holland Rijnland
-
Gemeenten in de regio Hollands Midden (o.a. Gouda, Alphen, Katwijk)
-
Stichting Jeugd & Jongerenwerk Holland Rijnland
-
Stichting Thuis op Straat
-
Libertas Leiden
-
Brijder
-
Leger des Heils jeugdzorg en reclassering;
-
Stichting de Binnenvest
-
Geestelijke Gezondsheids Zorg (GGZ) Rivierduinen
-
Woningcorporatie(s) (waaronder coördinator project Leiden BuitenGewoon
Veilig);
-
Bureau Slachtofferhulp;
Fysieke Veiligheid
-
Openbaar Ministerie Den Haag;
-
Politie (lokaal en regionaal, eenheid Den Haag)
-
Brandweer
-
GHOR
-
Gemeenten Veiligheidsregio Hollands Midden
-
Gemeenten Bevolkingszorg Leidse regio (SP71 + Voorschoten)
- 49 -
-
NCTV
-
Provincie Zuid- Holland
-
Hoogheemraadschap van Rijnland
-
Omgevingsdienst West- Holland
-
Rijkswaterstaat
-
Ministerie van Defensie
-
Liander
-
Dunea
- 50 -
Bronnen
De bronnen die hebben bijgedragen aan de afwegingen voor dit IVP zijn:
- Regionaal BeleidsPlan Eenheid Den Haag 2015–2018
-
Veiligheidsanalyse 2014
-
Veiligheidsmonitor 2013 en 2014
-
IVP 2012-2015
-
Handhavingsnota 2011-2014
-
Gebiedsscan politie Leiden – Bollenstreek
-
Begroting Leiden 2015–2018
-
Bestuursrapportage najaar 2014
-
Politiecijfers 2014
Download