Ordening van dieren hv12 | PDF-versie

advertisement
Ordening van dieren hv12
Auteur
VO-content
Laatst gewijzigd
14 juni 2017
Licentie
CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie
Webadres
https://maken.wikiwijs.nl/62521
Dit lesmateriaal is gemaakt met Wikiwijs van Kennisnet. Wikiwijs is
hét onderwijsplatform waar je leermiddelen zoekt, maakt en deelt.
Inhoudsopgave
Ordening van dieren
Intro
Vooraf
Eindproduct-Beoordeling
Leerdoelen
Werkwijze
Aan de slag
Stap1
Stap2
Stap3
Stap4
Begrippenlijst
Ordening - 1
Ordening - 2
Over dit lesmateriaal
Pagina 1
Ordening van dieren hv12
Ordening van dieren
Intro
Bekijk de clip en lees dan onderstaande tekst.
Video: Biodiversiteit heel veel verschillende dieren
Het schip de Stad Amsterdam heeft acht maanden lang een bijzondere reis gemaakt. Dit was
dezelfde reis als Charles Darwin lang geleden maakte met zijn schip de Beagle. In het
onderzoek kwamen de onderzoekers veel mensen tegen, maar vooral planten, dieren en microorganismen.
Op aarde leven dus miljoenen verschillende organismen (= levende wezens).
Om op te kunnen zoeken hoe ze heten is het handig om ze in te delen in groepen.
Die groepen kun je weer verder verdelen in kleinere groepen.
In deze opdracht richt je je op het dierenrijk en daarvan de hoofdafdeling van de gewervelde dieren.
Pagina 2
Ordening van dieren hv12
Vooraf
Eindproduct-Beoordeling
Eindproduct
Je rondt deze opdracht af met de toets 'Ordening van dieren'.
Beoordeling
De toets bestaat uit 9 vragen.
Voor een voldoende, moet je minimaal 7 vragen goed beantwoorden.
Leerdoelen
Je kunt benoemen dat organismen zijn onder te verdelen in een ordeningssysteem: in vier
rijken.
Je kunt door de verschillen tussen cellen van een organisme te bekijken, vaststellen tot welk
rijk een organisme behoort.
Je kunt beschrijven wat bedoeld wordt met een inwendig en uitwendig skelet.
Je kunt het dierenrijk onderverdelen in acht hoofdafdelingen
Je kunt van elke afdeling kenmerken benoemen en aan de hand hiervan met een voorbeeld
toelichten welke dieren tot deze afdeling behoren.
Je kunt de vijf verschillende klassen opnoemen waaruit de hoofdafdeling gewervelden bestaat.
Pagina 3
Ordening van dieren hv12
Werkwijze
Groepsgrootte
Deze opdracht doe je alleen.
Benodigdheden
Geen bijzonderheden.
Tijd
1 lesuur.
Pagina 4
Ordening van dieren hv12
Aan de slag
Stap1
Er zijn miljoenen verschillende organismen.
Om alle organismen een naam te kunnen geven is er een ordeningssysteem bedacht.
Dat ordeningssysteem begint met de indeling in de vier rijken:
planten - schimmels - dieren - bacteriën
Tot welk rijk een organisme behoort, hangt af van de cellen waaruit het organisme is opgebouwd.
In het schema zie je de verschillen tussen de cellen per rijk.
planten schimmels dieren bacteriën
celwand
+
+
-
+
celkern
+
+
+
-
bladgroen +
-
-
- of +
+ = aanwezig
- = afwezig
Bestudeer nu uit de kennisbank biologie het volgende onderdeel:
KB: Cellen van planten en dieren
Stap2
Pagina 5
Ordening van dieren hv12
Dieren behoren tot het dierenrijk.
Door naar de symmetrie en het skelet te kijken kun je het rijk van de dieren verder onderverdelen.
Symmetrie
Sommige dieren zijn niet symmetrisch.
Dieren die wel symmetrisch zijn, zijn tweezijdig symmetrisch (één symmetrieas) of veelzijdig
symmetrisch (meerdere symmetrieassen).
Skelet
Sommige dieren hebben geen skelet.
Dieren die wel een skelet hebben, hebben een inwendig of een uitwendig skelet.
Bij een uitwendig skelet is het skelet één geheel of is het in segmenten opgedeeld.
Het dierenrijk is onderverdeeld in acht hoofdafdelingen.
In het schema zie je de acht hoofdafdelingen en je per hoofdafdeling hoe het zit met de symmetrie en
met het skelet van dieren die behoren tot die hoofdafdeling.
symmetrie
skelet
Eéncellige dieren
niet symmetrisch
geen skelet
Sponzen
niet symmetrisch
inwendig skelet
Holtedieren
veelzijdig symmetrisch
geen skelet
Wormen
tweezijdig symmetrisch
geen skelet
Weekdieren
tweezijdig symmetrisch
uitwendig skelet uit één stuk
Geleedpotigen
tweezijdig symmetrisch
uitwendig skelet segmenten
Pagina 6
Ordening van dieren hv12
Stekelhuidigen
veelzijdig symmetrisch
inwendig skelet
Gewervelden
tweezijdig symmetrisch
inwendig skelet
Hoofdafdelingen
Bekijk de kenmerken per hoofdafdeling en bekijk het voorbeeld van het dier dat behoort tot de
hoofdafdeling.
http://www.studiobiologie.nl/Applets1/Dieren/2_Ordening/frame.html
Stap3
Vijf klassen van gewervelde dieren
Eén van de hoofdafdelingen bestaat uit dieren met een inwendig skelet.
Van het skelet bestaan de rug en de nek uit wervels.
Daaraan dankt deze hoofdafdeling zijn naam. Er zijn duizenden gewervelde dieren.
Daarom is ook deze groep weer onderverdeeld, namelijk in 5 klassen.
Reptielen:
leerachtige huid
lichaamstemperatuur
hetzelfde als de
omgeving
longen
Amfibieën:
leven bijna altijd in
of bij het water
dunne huid
lichaamstemperatuur
hetzelfde als de
omgeving
longen maar als ze
jong zijn ook
kieuwen
Zoogdieren:
Vissen:
constante
lichaamstemperatuur
(ca. 37 graden
Celsius).
haren
geven hun jongen
melk (zogen)
longen
leven in water
geen ledematen
lichaamstemperatuur
hetzelfde als
omgeving
meestal een gladde
huid
kieuwen
Stap4
Eindtoets
Je sluit deze opdracht af met het maken van een toets.
De toets bestaat uit negen vragen.
Je moet minimaal 7 vragen goed beantwoorden om een voldoende voor je toets te halen.
Klik op de volgende link om te beginnen:
Pagina 7
Ordening van dieren hv12
Voge
Ordening van dieren
kn.nu/rvtbf
1
Het ordeningssysteem begint met de vier rijken.
Tot welk rijk een organisme behoort, kun je zien aan de cellen waaruit het organisme is
opgebouwd.
Welk woord moet worden ingevuld?
Voor alle organisme uit het rijk van de ... geldt dat de cellen bladgroen bevatten.
a. dieren
b. planten
c. schimmels
d. bacteriën
2
Het ordeningssysteem begint met de vier rijken.
Tot welk rijk een organisme behoort, kun je zien aan de cellen waaruit het organisme is
opgebouwd.
Welk woord moet worden ingevuld?
Voor alle organisme uit het rijk van de ... geldt dat de cellen wel een celkern, maar geen
celwand hebben.
a. dieren
b. planten
c. schimmels
d. bacteriën
3
Het ordeningssysteem begint met de vier rijken.
Tot welk rijk een organisme behoort, kun je zien aan de cellen waaruit het organisme is
opgebouwd.
Een organisme heeft geen celkern, wel een celwand, maar geen bladgroenkorrels.
Tot welk rijk behoort het organisme?
a. dieren
b. planten
c. schimmels
d. bacteriën
4
Pagina 8
Ordening van dieren hv12
Het dierenrijk is onderverdeeld in acht hoofdafdelingen.
Tot welke hoofdafdeling een dier hoort, kun je zien door te kijken hoe het zit met de symmetrie
en met het skelet.
Je ziet een krab. Een krab behoort tot de geleedpotigen.
Wat klopt?
a. Een krab is veelzijdig symmetrisch en heeft een inwendig skelet.
b. Een krab is veelzijdig symmetrisch en heeft een uitwendig skelet.
c. Een krab is tweezijdig symmetrisch en heeft een inwendig skelet.
d. Een krab is tweezijdig symmetrisch en heeft een uitwendig skelet.
5
Het dierenrijk is onderverdeeld in acht hoofdafdelingen.
Tot welke hoofdafdeling een dier hoort, kun je zien door te kijken hoe het zit met de symmetrie
en met het skelet.
Je ziet een zeester. Een zeester behoort tot de stekelhuidigen.
Wat klopt?
a. Een zeester is veelzijdig symmetrisch en heeft een inwendig skelet.
b. Een zeester is veelzijdig symmetrisch en heeft geen skelet.
c. Een zeester is tweezijdig symmetrisch en heeft een inwendig skelet.
d. Een zeester is tweezijdig symmetrisch en heeft geen skelet.
6
Het dierenrijk is onderverdeeld in acht hoofdafdelingen.
Tot welke hoofdafdeling een dier hoort, kun je zien door te kijken hoe het zit met de symmetrie
en met het skelet.
Je ziet een hond. Een hond is tweezijdig symmetrisch en heeft een inwendig skelet.
Tot welke hoofdafdeling behoort een hond?
Pagina 9
Ordening van dieren hv12
a. geleedpotigen
b. stekelhuidigen
c. gewervelden
d. holtedieren
7
Het dierenrijk is onderverdeeld in acht hoofdafdelingen.
Eén van de hoofdafdelingen is de gewervelden.
Deze hoofdafdeling is onderverdeeld in vijf klassen.
Wat is geen klasse van de gewervelden?
a. slakken
b. reptielen
c. zoogdieren
d. vissen
8
Het dierenrijk is onderverdeeld in acht hoofdafdelingen.
Eén van de hoofdafdelingen is de gewervelden.
Deze hoofdafdeling is onderverdeeld in vijf klassen.
Bij welke klasse horen de volgende kenmerken?
- constante lichaamstemperatuur
- haren
- geven hun jongen melk
- longen
a. vogels
b. amfibieën
c. zoogdieren
d. reptielen
9
Het dierenrijk is onderverdeeld in acht hoofdafdelingen.
Eén van de hoofdafdelingen is de gewervelden.
Deze hoofdafdeling is onderverdeeld in vijf klassen.
Bij welke klasse horen de volgende kenmerken?
- lichaamstemperatuur hetzelfde als de omgeving
- leerachtige huid
- longen
Pagina 10
Ordening van dieren hv12
a. vogels
b. amfibieën
c. zoogdieren
d. reptielen
Pagina 11
Ordening van dieren hv12
Begrippenlijst
Ordening - 1
Cel
Kleinste organisatie-eenheid (bouwsteen) van een
organisme.
Organisme
Een levend wezen: een bacterie, schimmel,
plant of dier. Organismen vertonen
levensverschijnselen, zoals zich
voortplanten, zich voeden en reageren.
Protoplasma
Cytoplasma
De inhoud van een cel, bestaande uit het cytoplasma
Vloeistof waarin alle celonderdelen liggen.
en de kern.
Celkern
Het deel van een cel dat erfelijke informatie
(chromosomen) bevat.
Organel
Onderdeel van een cel met een bepaalde
functie.
Celmembraan
Buitenste deel van een cel dat de cel vorm geeft en
zorgt dat het celplasma in de cel blijft.
Kernmembraan
De buitenste laag van het kernplasma.
Celwand
Stevige structuur rondom een cel; bestaat uit
cellulose. Komt voor bij bacteriën, schimmels en
planten.
Plastiden
Verzamelnaam voor verschillende soorten korrels;
chloroplasten, chromoplasten en leukoplasten.
Komen voor in het cytoplasma van plantencellen.
Sponzen
Groep van ongewervelde dieren die niet
symmetrisch zijn en een inwendig skelet hebben dat
bestaat uit skeletnaalden. Sponzen leven in het
water en zetten zich vast aan de bodem.
Wormen
Groep van ongewervelde dieren die tweezijdig
symmetrisch zijn en geen skelet hebben.
Geleedpotigen
Groep van ongewervelde dieren die tweezijdig
symmetrisch zijn en een uitwendig skelet hebben in
de vorm van een pantser. Ze hebben een geleed
lichaam (segmenten) en gelede poten. Bijvoorbeeld:
duizendpoten, kreeftachtigen, spinachtigen en
insecten.
Pagina 12
Vacuole
Ruimte in een cel gevuld met vocht. Een
plantencel heeft een grote centrale vacuole,
dierlijke cellen hooguit enkele kleine.
Eéncellige dieren
Organisme dat bestaat uit één cel.
Bijvoorbeeld een bacterie, gist (schimmel),
eencellige alg (plant) of amoebe (dier).
Holtedieren
Ook wel neteldieren genoemd; groep
ongewervelde dieren die veelzijdig
symmetrisch zijn en geen skelet hebben.
Bijvoorbeeld: kwal en zeeanemoon.
Weekdieren
Groep van ongewervelde dieren die
tweezijdig symmetrisch zijn en een
uitwendig of geen skelet hebben.
Bijvoorbeeld: inktvis (octopus), mossel en
slak.
Stekelhuidigen
Groep van ongewervelde dieren die
veelzijdig symmetrisch zijn en een inwendig
skelet van kalk hebben. Bijvoorbeeld:
zeester, zee-egel en zeekomkommer.
Ordening van dieren hv12
Gewervelden
Dieren die tweezijdig symmetrisch zijn en een
inwendig skelet hebben. Van het inwendige skelet
bestaan de rug en nek uit wervels, de zogenaamde
wervelkolom of ruggengraat. Groepen: vissen,
amfibieën, reptielen, vogels en zoogdieren.
Amoebe
Dier dat bestaat uit één cel.
Kwal
Voorbeeld van een holtedier.
Zeeanemoon
Voorbeeld van een holtedier.
Schelp
Voorbeeld van een weekdier met een uitwendig
skelet, bij schelpdieren bestaande uit twee kleppen.
Huisjesslak
Voorbeeld van een weekdier, met een
slakkenhuis als uitwendig skelet.
Ordening - 2
Naaktslak
Voorbeeld van een weekdier; omdat ze
geen huisje hebben en snel uitdrogen
kunnen ze alleen leven in een vochtige
omgeving.
Koppotigen
Voorbeeld van een weekdier, met acht of tien
vangarmen en goed ontwikkelde ogen. Bijvoorbeeld:
inktvis (octopus).
Inktvis
Voorbeeld van een weekdier, koppotige,
acht armen bevinden zich in een kring rond
de mond.
Duizendpoten
Groep van geleedpotigen waarbij aan elk segment
poten zitten.
Kreeftachtigen
Groep van geleedpotigen waarbij aan de
segmenten tien tot veertien poten zitten.
Bijvoorbeeld: krabben, kreeften en
garnalen.
Kreeften
Voorbeeld van kreeftachtige met tien poten, waarvan
de voorste zijn omgebouwd tot grijpscharen; wel een
zichtbare staart.
Krabben
Voorbeeld van kreeftachtige met tien
poten, waarvan de voorste zijn
omgebouwd tot grijpscharen; geen
zichtbare staart.
Garnalen
Voorbeeld van kreeftachtige met tien poten.
Spinachtigen
Groep van geleedpotigen met acht poten,
bijvoorbeeld hooiwagens en teken.
Insecten
Groep van geleedpotigen met zes poten, met
duidelijk kop, borst en achterlijf. Bijvoorbeeld: libellen,
wandelende takken en vliegen.
Zeester
Voorbeeld van een stekelhuidige, met een
stervormig lichaam, bestaande uit een
centrale schijf en meestal vijf 'armen'
Amfibie
Gewerveld dier, koudbloedig, met een dunne
slijmerige huid, legt eieren zonder schaal in het
water, haalt als jong adem met kieuwen en huid,
haalt als volwassen dier adem met huid en longen.
Vogel
Gewerveld dier, warmbloedig, huid bedekt
met veren, legt eieren met een kalkschaal,
haalt adem met longen.
Reptiel
Gewerveld dier, koudbloedig, leerachtige huid met
schubben, legt eieren met een leerachtige schaal,
haalt adem met longen.
Kraakbeenvis
Vis waarvan het skelet uit kraakbeen
bestaat, in tegenstelling tot de beenvissen.
Kraakbeenvissen zijn o.a. haaien en
roggen.
Zoogdieren
Gewerveld dier, warmbloedig, huid bedekt met haren,
levendbarend, zoogt de jongen, haalt adem met
longen.
Pagina 13
Ordening van dieren hv12
Ongewervelden
Dieren zonder wervelkolom of ruggengraat,
zoals holtedieren, sponzen, wormen,
weekdieren, stekelhuidigen en
geleedpotigen.
Pagina 14
Ordening van dieren hv12
Over dit lesmateriaal
Colofon
Auteur
VO-content
Laatst gewijzigd
14 juni 2017 om 11:01
Licentie
Dit lesmateriaal is gepubliceerd onder de Creative Commons
Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland licentie. Dit houdt in dat je onder
de voorwaarde van naamsvermelding en publicatie onder dezelfde licentie vrij
bent om:
het werk te delen - te kopiëren, te verspreiden en door te geven via elk
medium of bestandsformaat
het werk te bewerken - te remixen, te veranderen en afgeleide werken
te maken
voor alle doeleinden, inclusief commerciële doeleinden.
Meer informatie over de CC Naamsvermelding-GelijkDelen 3.0 Nederland
licentie
Aanvullende informatie over dit lesmateriaal
Van dit lesmateriaal is de volgende aanvullende informatie beschikbaar:
Leerniveau
HAVO 1; VWO 1;
Leerinhoud en doelen Biologische eenheid; Biologie; Opbouw van leven;
Eindgebruiker
leerling/student
Moeilijkheidsgraad
gemiddeld
Studiebelasting
1 uur en 0 minuten
Trefwoorden
leerlijn, rearrangeerbare, rearrangeerbare leerlijn
Pagina 15
Ordening van dieren hv12
Download