Azië als kampioen van de economische groei

advertisement
Azië als kampioen
van de economische groei
‘t Het is nog nooit, nog nooit zo donker west
Of ’t wer altied wel weer licht
Ede Staal (1984)
Deze schrijver heeft het genoegen gehad om in zijn vroege jaren het klaslokaal te mogen delen met een van de zonen
van de Groningse volkszanger Ede Staal. Bovenstaand fragment komt uit een van zijn mooiste nummers. Voor wie
moeite heeft met het Groninger dialect en het in onze industrie meer gangbare Engels prefereert: it is always darkest
before dawn. Die tekst is uiteraard ook van toepassing op financiële markten. Vaak zijn het juist op momenten als nu
dat de beste mogelijkheden zich aandienen. Onderstaand artikel laat zien dat de fundamentele casus voor Azië nog
steeds staat als een huis, dat de economische macht verder naar die regio zal verschuiven en dat de huidige
waarderingen van aandelen een aantrekkelijk instapmoment biedt voor lange termijn beleggers.
De opkomst van Azië in perspectief
Voordat het tijd is voor de toekomstvisie moet er teruggeblikt worden. Het contrast tussen het Oosten en het Westen
kon de afgelopen jaren niet groter zijn. De Westerse wereld zit op haar blaren na jaren van opbouw van schulden en
worstelt om weer een nieuwe balans te vinden. Met uitzondering van Japan kenmerkt het Oosten zich door
adembenemende economische groei, gezonde balansen en prudent beleid. We moeten die groei echter wel even in
een historisch perspectief plaatsen. Het was namelijk slechts 15 jaar geleden dat Azië een crisis had die zijn weerga
niet kende. Dit jaar is het tevens 22 jaar geleden dat de befaamde vastgoed- en aandelenbubbel in Japan haar piek
kende. In Japan is destijds gekozen voor een doormodderscenario, terwijl in Azië met harde hand van IMF schoon schip
is gemaakt.
Als we nog verder teruggaan in de tijd dan is de opkomst van Azië in de laatste jaren geen toeval. Uit de database van
wijlen economisch historicus Angus Maddisson blijkt dat Azië altijd het centrum van economische activiteit. In de laatste
20 eeuwen was in 18 daarvan het aandeel dat van Aziatische economische groei als deel van de wereld overheersend.
De wereld wordt gewoon weer ‘normaal’ en het zwaartepunt verschuift weer naar het Oosten. De pendulum slingert
terug: mean reversion in haar meest extreme vorm.
Exportgedreven en de opkomende middenklasse
Het model dat Azië de afgelopen decennia heeft gevolgd is er een die gekenmerkt door een hoog niveau van
investeringen en een grote afhankelijkheid van export. Door schade en schande wijs geworden is na de Azië crisis de
financiering van die groei echter veelal intern gefinancierd en met beperkte schulden. In veel landen is de valuta slechts
beperkt geapprecieerd en zijn er grote valutareserves opgebouwd.
1202282 maart 2012
De afhankelijkheid van de export is op korte termijn een zorg met de afzwakkende wereldwijde economische groei en
mate waarin Azië afhankelijk van export naar Europa. Het model zal dus moeten veranderen. Binnenlandse
economische groei zal belangrijker worden en consumptiegroei zal sneller dienen te groeien. Die ruimte is er. In Azië is
consumptie nu 44% van BBP. In de meeste Westerse landen is dat 60-70%. Beleidsmakers in de meeste landen
stimuleren binnenlandse groei actief. Dus de ruimte is er niet alleen. Het zal ook gebeuren.
Er moet geconstateerd worden dat ook als overheden binnenlandse groei niet zouden stimuleren de balans ook
automatisch hersteld zal worden. De belangrijkste drijvende kracht daarachter is de opkomst van de middenklasse. De
middenklasse in Azië zal de komende 5 jaren met 11% gemiddeld per jaar toenemen. We hebben het over een groei
van 600miljoen naar ruim 1 miljard mensen! De opkomende middenklasse heeft geld en zal het spenderen. Het
bestedingspatroon zal aangepast worden, kredietgroei stijgen, consumptiegroei toenemen en economisch groei op een
hoog niveau blijven. Het is niet voor niets dat alle Westerse multinationals naar Azië trekken. De boodschap is dat
economische groei niet alleen fors sneller zal groeien dan in het Westen, maar ook van een betere kwaliteit zal zijn.
Groei vooruitzichten
Uit de economische theorieboeken weten we dat potentiële groei in de economie bepaald wordt door de hoeveelheid
productiefactoren (arbeid en kapitaal) en productiviteitsgroei. Ook hier scoort het Oosten beter dan het Westen. Twee
datapunten zijn van belang. Ten eerste zal de beroepsbevolking de in Azië tot 2010 met 1.5% per jaar toenemen. In
Europa en de Verenigde Staten is dat slechts 0.3% per jaar. Dat is vergrijzing voor u… Productiviteit meten is altijd
lastig, maar we weten dat investeringen in ‘harde’ wetenschap op termijn tot innovatie leiden. Laten er nu in 2007 voor
het eerst in China meer mensen hun doctoraat in natuurwetenschappen kregen dan Amerikanen. En tussen de
Amerikaanse promovendi zijn er zeker een paar met Aziatische wortels. Azië is allang niet meer enkel de fabriek van de
wereld waar goedkoop textiel gefabriceerd worden voor consumptie in het Westen. Het is ook niet met enkel de
assemblage van elektronica. Nee, ook het intellectuele leiderschap verschuift naar het Oosten. Op zich niets nieuws…
Het betekent echter wel dat er nog veel meer potentiële groei te behalen is.
Geld genoeg
De groei moet natuurlijk wel gefinancierd kunnen worden en ook daar scoort het Oosten goed. Zoals eerder gezegd zijn
er valutareserves opgebouwd. China heeft haar valutareserves zien toenemen van 19% van de wereldwijde reserves in
2005 tot 31% nu. Alles bij elkaar heeft Azië 63% van de wereldreserve. Ook banken zijn veel gezonder dan hun
Westerse evenknie. Er zitten geen lijken in de kast en er zijn voldoende deposito’s tegenover de leningen. Kredietgroei
behoort zeker tot de mogelijkheden.
Op macro-economisch niveau is de situatie in het Oosten ook onder controle. De schulden van overheden, bedrijfsleven
en consumenten zijn beperkt. En de handelsoverschotten met de rest van de wereld zijn positief. Ofwel, de regio is
concurrerend. Dit alles staat in schril contrast met de Westerse wereld waar door een teveel aan schulden en dalende
prijzen de economie in een balansrecessie terecht is gekomen. Die economie is zo lamgelegd dat die zelfs met
onconventioneel beleid nauwelijks te stimuleren is. Azië zal niet immuun zijn voor een wereldwijde recessie, maar heeft
de middelen om snel te herstellen.
Aandelen zijn goedkoop
Hoewel economische groei mooi is om te hebben betekent dat nog niet dat je in de aandelenmarkten van de groeiers
moet beleggen. Op lange termijn is er namelijk geen enkele relatie tussen economische groei en rendement op
aandelen. Op lange termijn is er maar een variabele die van belang is en dat is de waardering.
De historie laat zien dat waarderingsmaatstaven (bijvoorbeeld de prijs ten opzichte van de boekwaarde) terugkeren
naar hun lange termijn gemiddelde en daarom voorspellende waarde hebben. Beleggers die ervan uitgaan dat hoge
waarderingen in de toekomst gecompenseerd zullen worden door boven dan gemiddelde groei komen echter bedrogen
uit. Niet groei, maar rendementen zijn de drijvende kracht achter de variatie in waardering. De huidige waardering van
aandelenmarkten in Azië is onder het lange termijn gemiddelde. Daarmee zijn de toekomstige lange termijn
rendementen dus hoger dan gemiddeld.
Conclusie
De donkerste momenten bieden de mogelijkheid om goedkoop contraire posities op te zetten. Een duidelijk geloof in de
fundamentele aantrekkelijkheid helpt dan om de juiste richting te bepalen. Aziatische aandelenmarkten zijn helaas
hoog gecorreleerd met Westerse markten, maar de economie is vele malen gezonder. Op het moment dat de
risicobereidheid weer toeneemt zullen de markten in Azië weer opleven. Om de grote Ede Staal aan te halen: “Het
wordt inderdaad altijd wel weer licht”. En laten we niet vergeten dat de zon in het Oosten op komt.
AEGON Levensverzekering N.V., Postbus 70, 2501 CB Den Haag.
www.aegon.nl
Download