H2 De Cel

advertisement
H2 DE CEL
Cellen

Prokaryoot
 bacteriën

Eukaryoot
 Planten
 dieren
 schimmels
 algen
 Protozoën
(dierlijke eencellige)
Enkele eukaryotische cellen in ons
lichaam
Celorganellen


Overeenkomsten
Verschillen
Planten cel versus Dierlijke cel
voor de PC
Celorganellen - celmembraan
Fosfolipide -
bouwsteen celmembraan
Celorganellen - celkern
Kernenvelop =
dubbel kernmembraan
Chromatine= DNA-Eiwitcomplex
Spiraliseren = oprollen tot een spiraal
Ribosomen
Aanwezig in bijna alle eukaryotische cellen
(enige uitzondering rode bloedcellen in zoogdieren)
DNA – Eiwitcomplex - Chromosoom
DNA – Eiwit complex
Endoplasmatisch reticulum -ER
Ruwe ER (RER)
- Is betrokken bij de aanmaak en transport van
eiwitten
- Ribosomen hechten zich aan het oppervlak
Glad ER (SER)
- betrokken bij aanmaak en transport van
vetten
Ribosomen

Eiwitfabriekjes van de cel
 Celgroei
 Onderhoud
van bestaande celstructuren
Ribosomen
 gebonden
 Vrij
liggende
http://www.bioplek.org/animaties/celtotaal/ribosoom.html
Golgi apparaat
Lysosomen



Blaasjes gevuld met
enzymen
Betrokken bij de
vertering en afbraak
van biomoleculen
Autolyse van
celorganellen
Mitochondriën

Erg “zelfstandig”
Eigen DNA
 Eigen ribosomen
 nieuwe ontstaan door
celdeling van bestaande
(tijdens celdeling)


Toch afhankelijk van de
cel

Opname producten uit
cytoplasma
Energieproducent van de
cel
Plastiden
Chloroplasten
Chromaplasten
Leukoplasten
Chloroplast


Fotosynthese vindt
plaats in de grana
(opgestapelde lamellen)
Fotosynthese= een
proces waarin
lichtenergie wordt
gebruikt om
koolstofdioxide om te
zetten in koolhydraten,
zoals glucose.
Vacuole

Plantaardige cel

Dierlijke cellen


kleiner
Opslag reservoir
 Water,
Zouten, Suikers
 Soms pigmenten
(bloemen)
 Giftige stoffen tegen
vraat
 afvalproducten
Cytoplasma
Alles binnen de cel behalve de
celkern




Biochemische reacties
Opslag reservestoffen, vrije
macromoleculen, mineralen
en opgeloste gassen
Structuur korrelig en
draadachtig (verschilt per
cel)
Netwerk (cytoskelet)
Cytoskelet

Vezels

Ciliën en Flagellen

Centriolen


Alleen in dierlijke cellen
Rol bij de celdeling
Functies
 Steun en vorm
 Organellen op plaats houden
 Cel van vorm veranderen
 Bewegingen tot stand
brengen
Download