Fascisme en nationaalsocialisme

advertisement
20‐2‐2015
Fascisme en nationaalsocialisme
(9.4)
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
Onderzoeksvraag:
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Door welke interne en externe omstandigheden ontstonden in Italië en Duitsland het fascisme en het nationaalsocialisme, en hoe veranderden deze landen in totalitaire staten?.
Kenmerkende aspecten:
* Het in praktijk brengen van totalitaire ideologieën communisme en fascisme/nationaalsocialisme.
* De rol van moderne propaganda‐ en communicatiemiddelen en vormen van massaorganisatie.
* Racisme en discriminatie leiden tot genocide, in het bijzonder op joden
Italië na de 1e Wereldoorlog:
• gekrenkte nationale trots omdat men bij de vrede van Versailles weinig voordeel had behaald
• slecht lopende economie, veel sociale onrust en stakingen
• slecht functionerende parlementaire‐democratie (zwakke regering, corruptie)
behoefte aan een
‘sterke man’
Benito Mussolini maakte hiervan dankbaar gebruik.
Via paramilitaire organisaties (fasci di Combattimento = fascistische knokploeg) werden de tegenstanders geterroriseerd. Uit deze knokploeg kwam een politieke beweging voort, het fascisme.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Fascisme is een moeilijk begrip, toch heeft het fascisme een aantal basiskenmerken:
in het begin was het vooral een anti‐beweging, men was o.a. tegen:
• democratie (hierdoor te veel verdeeldheid)
• socialisme en communisme (hierdoor klassenstrijd en verdeeldheid)
• pacifisme (hierdoor toont men zwakheid)
• internationalisme (niet in het belang van je eigen volk)
• individualisme en liberalisme (een land van individuen vormt geen sterke eenheid)
Wat willen fascisten niet?
Wat willen fascisten wel?
• nationalisme, een sterke staat, belangen eigen staat gaan boven die van een andere staat
• verheerlijking van geweld, militarisme, alleen dan kan eigen natie overleven
• niet denken maar doen
• eenheid van de natie, de groep, collectief of natie gaat altijd boven het belang van het individu (‘Du bist nichts dein Volk ist alles’)
• voor één sterke leider een totalitaire staat (Führerprizip)
Opmerking: het fascisme in Duitsland noemen we het nationaalsocialisme, hierover later meer.
1
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
‚Wir alle bekennen uns damit nur zu unserem
alten Grundsatz: Es ist gänzlich unwichtig, ob
wir leben, aber notwendig ist es, dass unser Volk
lebt, dass Deutschland lebt.‘
Adolf Hitler: Rede vor dem Reichstag am 1. September 1939
2
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
3
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
4
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welk kenmerk van het fascisme herken je?
De leider van alle overwinningen
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
Onderzoeksvraag:
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Door welke interne en externe omstandigheden ontstonden in Italië en Duitsland het fascisme en het nationaalsocialisme, en hoe veranderden deze landen in totalitaire staten?.
Ook in Duitsland kwam na de 1e wereldoorlog een fascistische ideologie op, deze kreeg vanwege het unieke karakter een eigen naam, het nationaalsocialisme.
Net als in Italië had dit ook in Duitsland te maken met frustraties na de 1e Wereldoorlog
(verdrag van Versailles), de slechte economie en de zwakke democratische traditie. Situatie Duitsland/ Republiek van Weimar :
• vanaf het begin politieke onrust van groepen die de macht willen grijpen (b.v. de communisten, Spartacusopstand)
• Duitsland werd als verliezer van de oorlog geconfronteerd met de zware bepalingen van het verdrag van Versailles.
5
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Hoe zien de tekenaars de situatie in Duitsland na de vrede van Versailles?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Hoe zien de tekenaars de situatie in Duitsland na de vrede van Versailles?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Situatie Duitsland/ Republiek van Weimar: • de Republiek van Weimar kan herstelbetalingen niet meer voldoen.
• Frankrijk en België bezetten daarop het Ruhrgebied
• Duitse arbeiders gaan daarom staken
• De Duitse regering laat geld bijdrukken om de lonen te betalen
• er ontstaat hyperinflatie en een economische crisis.
•
En weer is er politieke onrust, nu probeert de leider
van de NSDAP (Nationaalsocialistische Duitse Arbeiders Partij) Adolf Hitler via een staatsgreep aan de macht te komen (Bierkellerputsch).
•
De staatsgreep mislukt en Hitler komt in de gevangenis, hier schrijft hij Mein Kamf.
6
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
7
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Door het niet meer betalen van de
herstelbetalingen door Duitsland kwamen
ook Engeland en Frankrijk in de
problemen.
Zij
konden
nu
hun
oorlogsschulden (leningen) aan de USA
niet meer terugbetalen.
Ik betaal jou .. ik betaal jou ik betaal jou
‘Betaal me ... betaal me .. sorry ik ben blut’
8
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Daarom kwamen de Verenigde Staten in 1924 met het Dawesplan (KAHC!) :
1. de geallieerde troepen zouden het Ruhrgebied verlaten
2. de jaarlijkse herstelbetalingen zouden worden verminderd
3. Duitsland zou leningen krijgen uit de Verenigde Staten.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Daarna gaat het een aantal jaren goed met de Republiek van Weimar
• dankzij het dawesplan trekt de economie weer aan
• er vindt toenadering met Frankrijk plaats en in 1926 wordt Duitsland lid van de Volkenbond
• In 1929 sluit men zelfs een verdrag waarbij een aanvalsoorlog strafbaar wordt gesteld. Duitsland wordt weer als een fatsoenlijk land geaccepteerd.
Maar na de beurskrach van 1929 gaat het helemaal fout. Duitsland wordt extra zwaar getroffen (herstelbetalingen + banken USA eisen leningen terug) en de werkloosheid loopt sterk op.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
Sociale ontwikkelingen:
•
•
er was grote ontevredenheid door de opgelegde vredesbepalingen, mensen voelen zich
vernederd door de Geallieerden en verraden
door de eigen leiders (Republiek van Weimar) die het verdrag van Versailles hadden ondertekend.
Net als in Italië was er bij de mensen behoefte aan een sterke leider
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Economische ontwikkelingen:
•
•
•
•
•
•
opgelegde herstelbetalingen
bezetting van het Ruhrgebied door Frankrijk en België
stakingen in het Ruhrgebied
overheid drukt geld om lonen van stakers te kunnen blijven betalen
hyperinflatie (1923).
Beurskrach in de USA met een wereldwijde crisis , als gevolg. Hierdoor grote werkloosheid
ook in Duitsland(na 1929) dat extra zwaar werd getroffen
(Amerikaanse leningen vielen weg, herstelbetalingen).
Politieke ontwikkelingen:
•
•
•
er was een voortdurende machtsstrijd tussen democraten en groepen die een einde wilde maken aan de parlementaire democratie, zoals extreemrechtse groepen en communisten (Spartacusopstand,
Bierkellerputsch ).
er waren voortdurend nieuwe verkiezingen en regeringswisselingen.
hierdoor opkomst van politieke stromingen met extreme ideeën, zoals nationaalsocialisme.
9
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Van de economische en politiek situatie die ontstond na de economische crisis profiteerde met name de NSDAP, onder leiding van Adolf Hitler. Net als in het Italië werden de tegenstanders via knokploegen (SA = Strumabteilung) geïntimideerd.
Daarnaast beloofde Hitler’s NSDAP het Duitse volk:
1. dat de economie zou worden hersteld
2. dat het Verdrag van Versailles zou worden verworpen
3. een einde te maken aan de chaos en verdeeldheid
in de Republiek van Weimar (21 regeringen in 14 jaar)
4. sterk leiderschap
5. alle gebieden waar Duitsers woonden zouden één rijk moeten worden, voor de Duitsers moest ook voldoende lebensraum
beschikbaar komen. Kortom Duitsland moest op het wereldtoneel weer een belangrijke rol zou gaan spelen.
Zijn partij groeide uit tot een massabeweging, dit werd versterkt door:
1. het redenaarstalent en charisma van Hitler
2. propaganda o.a. via nieuwe communicatiemiddelen zoals film en radio
3. militair machtsvertoon
4. nationalisme (Deutschland über alles)
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welke verkiezingsbeloftes van Hitler herken je?
1933 Duitsland verlaat de Volkenbond van Versailles.
1934 Begin wederopbouw Duitse leger, marine en luchtmacht begonnen.
1936 Rijnland volledig ‘bevrijd’.
1938 Oostenrijk aangesloten bij het Rijk.
10
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welke verkiezingsbelofte van Hitler herken je?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welke verkiezingsbelofte van Hitler herken je?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welke verkiezingsbelofte van Hitler herken je?
11
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Welke verkiezingsbeloftes van Hitler herken je?
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Na de verkiezingen van november 1932 werd Hitler met steun van de conservatieve elite benoemd tot rijkskanselier (jan. 1933). Meteen na zijn aantreden schreef hij nieuwe verkiezingen uit. Tijdens de verkiezingen van 5‐3‐1933 werd de uitslag van de NSDAP gunstig beïnvloed door de Rijksdagbrand (27‐2‐1933 =KAHC!). De communisten kregen hiervan de schuld en Hitler kon beginnen met de opbouw van een totalitair regime. Met de machtigingswet (23‐maart‐1933) zette het parlement zich buiten spel en kwam de Republiek van Weimar te einde.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Hoe wordt Duitsland een totalitaire staat?
Rijksdagbrand (27 feb. 1933) (KAHC!)
De nazi’s beweren dat de brand is aangestoken door de communisten , ze creëren daarmee een crisissfeer en winnen de verkiezingen van 5 maart 1933.
Hitler kondigt de noodtoestand af en de communistische partij (KPD) wordt verboden. Hierdoor krijgt de NSDAP de absolute
meerderheid in de Rijksdag.
Op 23 maart neemt de Rijksdag een machtigingswet aan. Door deze wet kan Hitler buiten het parlement om wetten uitvaardigen.
Duitsland is vanaf dat moment
een dictatuur.
Hierna begint de nazificatie van Duitsland
Na het tellen van de
stemmen had de NSDAP
288 van de 647 zetels (=
43,9%). Na het verbieden
van de KPD vervielen de 81
zetels van de KPD. De
zetelverdeling was toen:
288 van de 566 zetels (=
50,9%).
12
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Nazificatie of Gleichschaltung (gelijkschakeling) was de term waarmee men de maatregelen aanduidde waarmee de naziʹs van Duitsland een totalitaire staat (= het gehele maatschappelijke leven komt onder controle van de nazi’s) maakten. Enkele voorbeelden:
de vakbonden en alle politieke partijen behalve de NSDAP (de aanhangers
heten nazi’s (NAtionalsoZIalisten)) worden verboden.
via organisaties zoals de Hitlerjugend wordt de jeugd geïndoctrineerd en
geschikt gemaakt om de zaak van de nazi’s te dienen
via het ministerie van Volksvoorlichting en Propaganda (o.l.v. Joseph
Goebbels) worden pers, film, radio, literatuur en kunsten gecontroleerd
(censuur). Iedereen die actief was op het terrein van de cultuur moest lid
worden van de Rijkscultuurkamer (1933, KAHC!).
een geheime staatspolitie (Gestapo) arresteerde iedereen die het oneens was
met de nazi’s. Door intimidatie, geweld, of opsluiting in
gevangenis/concentratiekamp werd hen het zwijgen opgelegd (terreur).
Refrein lied van de Hitler‐Jugend
Het in praktijk brengen van totalitaire ideologieën.
Blad van de nationaalsocialistische lerarenbond
13
20‐2‐2015
Het in praktijk brengen van totalitaire ideologieën.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Iedereen die actief was op het terrein van de cultuur moest lid worden van de Rijkscultuurkamer (1933, KAHC!). Bij elke kunstvorm werd gecontroleerd of het paste in het plaatje van de esthetisch en moreel juist geachte ‘Arische kunst’, deed het dit niet dan was het ontaarde kunst. Het in praktijk brengen van totalitaire ideologieën.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
Arische kunst
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
vs. Entartete Kunst (ontaarde kunst). 14
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
De belangrijkste taak van de Rijkscultuurkamer (1933, KAHC!) was de controle op alle
cultuuruitingen. Zo moesten bijvoorbeeld de boeken die niet aan de eisen van de Rijkscultuurkamer voldeden verbrand worden. Boekverbrandingen in Berlijn 1933
Beroemde uitspraak van de Duitse dichter Heinrich Heine (1797‐1856)
Het in praktijk brengen van totalitaire ideologieën.
ʺwo man Bücher verbrennt, verbrennt man auch am Ende Menschenʺ.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
•
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Het concentratiekamp Dachau (KAHC!) was in 1933 het eerste grootschalig opgezette
concentratiekamp van de SS in nazi‐Duitsland. Het was het enige kamp dat tijdens de
twaalfjarige heerschappij van de nazi’s voortdurend in gebruik was. Het ontwikkelde zich
als prototype voor nieuwe concentratiekampen.
In eerste instantie werden in Dachau politieke
tegenstanders
van
Hitler
gevangengezet,
zoals
communisten en sociaaldemocraten. In de loop der tijd
werd de bevolking van het kamp meer divers; er zaten
mensen die vanwege ras, fysieke eigenschappen, seksuele
geaardheid of om andere redenen niet pasten in de Duitse
‘Volksgemeinschaft’ (b.v. Roma, homoseksuelen, Joden).
In totaal stierven in Dachau meer dan 25.000 mensen.
Het in praktijk brengen van totalitaire ideologieën.
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
15
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Nationaalsocialisme was de bijzondere Duitse vorm van het fascisme. Het onderscheidde zich vooral door het streven naar Lebensraum voor het Duitse volk en het racisme / antisemitisme. Direct na de machtsovername werden de discriminerende acties stapsgewijs uitgevoerd:
1933 boycot joodse winkels en ontslag van joodse ambtenaren
1935 Neurenberger rassenwetten; bepaalden dat joden geen burgerrechten bezaten en niet
mochten trouwen met ariërs (‘rassenschande’) (KAHC!)
1938 Reichskristallnacht; was een door de naziʹs georganiseerde actie gericht tegen de joodse bevolking in Duitsland (9‐10 nov.) .
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Nationaalsocialisme was de bijzondere Duitse vorm van het fascisme. Het onderscheidde zich vooral door het streven naar Lebensraum voor het Duitse volk en het racisme / antisemitisme. Rassenleer nazi´s (zie o.a. fragment Rassenlehre in der Schule 4,3 min):
• er was één hoogwaardig ras, het ‘Arische’ ras (blanke, niet‐slavische volken van Europa)
• daarnaast waren er minderwaardige rassen: Slavische volken in Europa en niet‐blanken in niet‐westerse landen • verderfelijke rassen: vooral Joden (en ook zigeuners). Zij probeerden volgens de nazi’s de hoogwaardige volken voor zich te laten werken en zouden hen uiteindelijk vernietigen.
Het antisemitische was geen Duitse uitvinding, maar bestond al eeuwen in Europa, vooral in moeilijke tijden waarin men een zondebok zocht. 16
20‐2‐2015
Nationaalsocialisme was de bijzondere Duitse vorm van het fascisme. Het onderscheidde
zich vooral door racisme en antisemitisme. Nationaalsocialisme was de bijzondere Duitse vorm van het fascisme. Het onderscheidde
zich vooral door racisme en antisemitisme. Nationaalsocialisme was de bijzondere Duitse vorm van het fascisme. Het onderscheidde
zich vooral door racisme en antisemitisme. 17
20‐2‐2015
Tijd van wereldoorlogen.
1900‐1950
9.4 Fascisme en nationaalsocialisme.
Nationaalsocialisme was de bijzondere Duitse vorm van het fascisme. Het onderscheidde zich vooral door het streven naar Lebensraum voor het Duitse volk en het racisme / antisemitisme. Lebensraum (leefruimte):
Alle Duitsers moesten (na de Vrede van Versailles) terug in het Duitse rijk (Heim ins Reich).
Daarnaast moest er Lebensraum voor het Germaanse ras komen. Het grondgebied voor de
Duitsers en hun nakomelingen was te klein om hun een goed bestaan te kunnen bieden.
Daarom moest er uitbreiding gezocht worden in Oost‐Europa en Rusland. De daar wonende
mensen moesten ruimte bieden aan de Duitsers en werken in dienst van het Germaanse ras,
anders zouden ze uitgeroeid worden.
18
20‐2‐2015
19
20‐2‐2015
20
Download