Enucleatie/Evisceratie

advertisement
Enucleatie/Evisceratie
operatieve oogverwijdering
Inhoud
Operatieve oogverwijdering: enucleatie/evisceratie
Wat houdt de operatie in?
Wat kunt u na de operatie verwachten?
De oogprothese/het kunstoog
Adressen Vragen
2
3
3
5
6
8
8
Operatieve oogverwijdering
Er zijn diverse redenen om het oog operatief te verwijderen: er kan sprake
zijn van een kwaadaardig tumor in het oog, een pijnlijk blind oog, of een
cosmetisch ontsierend blind oog.
Als het oog in zijn geheel verwijderd wordt, heet de ingreep enucleatie.
Als de inhoud van het oog verwijderd wordt, noemen we de ingreep
evisceratie. De beslissing voor een operatie wordt genomen in overleg
met uw oogartsen die van mening zijn dat er geen andere behandelopties
(meer) zijn.
Het bericht dat bij u een oog verwijderd moet worden, is slecht nieuws.
Het is daarom verstandig als uw partner, familielid of een goede vriend(in)
aanwezig is bij het gesprek met uw oogarts. U kunt dan naderhand thuis
met die persoon de zaken nog eens op een rijtje zetten.
Aarzelt u niet om vragen die u nog heeft aan de arts te stellen. Het is
belangrijk dat u voor de operatie alles heeft kunnen overwegen.
Wat houdt de operatie in?
Operatieve verwijdering van het oog wordt vrijwel altijd onder algehele
narcose gedaan.
Bij een enucleatie wordt het gehele oog verwijderd, maar blijven de oogspieren wel behouden. Om het volumetekort dat in de oogkas ontstaat
aan te vullen, wordt (indien mogelijk) een kunststof bolletje (implant) dat
bedekt is met donorsclera (het oogwit of harde oogrok van een donoroog)
in de oogholte geplaatst en worden de oogspieren hierop vastgehecht.
Vervolgens wordt het slijmvlies (doorzichtige buitenste laag over het
oogwit en binnenzijde oogleden) van de oogholte over de implant gesloten.
Bij een evisceratie wordt de inhoud van het oog verwijderd, maar blijft de
sclera (het oogwit of de harde oogrok) met de daaraan vastzittende
oogspieren behouden. Ook hier wordt (indien mogelijk) een kunststofbolletje
(implant) geplaatst met hier overheen een sluiting van het slijmvlies
(doorzichtige buitenste laag over het oogwit en binnenzijde oogleden).
Waar eerst de oogbol zat, zit nu een kunststof bolletje, ook wel de implant
(zie figuur 2). De oogspieren zitten via de witte oogrok aan het bolletje
vastgehecht op hun normale positie en kunnen op deze manier de implant
laten meebewegen als het andere oog beweegt. Over het bolletje wordt de
3
Figuur 1: doorsnede van de oogkas na de operatie
slijmvlieslaag gesloten (dit om infecties richting de oogkas te voorkomen).
Over het slijmvlies en achter de oogleden kan na een aantal weken een
kunstoog worden geplaatst. Dat wordt een oogprothese of schaalprothese
genoemd (vanwege de vorm). Het kunstoog beweegt mee met de
bewegingen van de implant. Dit geldt vooral voor de kleinere
oogbewegingen. Voor de grotere oogbewegingen zal het kunstoog niet
zo ver mee kunnen draaien als het gezonde oog.
Figuur 2: een kunststof implant
Direct na de operatie wordt nog géén kunstoog geplaatst. Pas na genezing,
na ongeveer 4 tot 6 weken, kan een kunstoog worden aangemeten.
Wel plaatsen wij een tijdelijk plastic schaaltje achter de oogleden, zodat
er een goede ruimte behouden kan worden voor de latere plaatsing van
een kunstoog.
Aan het einde van de ingreep wordt een drukverband aangebracht.
4
Wat kunt u na de operatie verwachten?
Het drukverband wordt een dag na de operatie samen met de arts
verwijderd. Bij het openen van de oogleden is dan een met slijmvlies
bedekte ruimte zichtbaar, die dezelfde kleur heeft als het slijmvlies aan
de binnenkant van uw wang.
Figuur 3:
Het geopereerde oog zit doorgaans dicht als er nog geen oogprothese in zit.
Figuur 4:
Bij het openen van het oog is een met slijmvlies bedekte ruimte zichtbaar.
De eerste dagen na de operatie kan de oogkas pijnlijk zijn. Meestal is de
pijn voldoende met paracetamol te bestrijden. Als u voor de operatie al
veel pijn had, is er een kans van 5% dat deze pijnklachten blijven bestaan.
In dit geval zullen wij u doorverwijzen naar een zogenaamd pijnteam.
Vaak zijn de weefsels de eerste dagen na de operatie erg gezwollen en
soms treedt er na de operatie een nabloeding op. Hierdoor kan het plastic
schaaltje uit de oogholte vallen. In dit geval is het verstandig het schaaltje
door de oogarts te laten terugplaatsen.
5
Figuur 5: het plastic schaaltje.
Doorgaans gaat u de dag na de operatie naar huis. Zolang er nog geen
kunstoog geplaatst is, kunt u (om cosmetische redenen) een oogverband
dragen. Er wordt een ontstekingsremmende zalf met antibiotica voorgeschreven. Deze zalf vermindert de klachten van ontsteking en irritatie
die kunnen ontstaan door de oplosbare hechtingen in het slijmvlies.
De oogprothese (kunstoog)
Doorgaans is de wond na 4 tot 6 weken dusdanig genezen dat een
oogprothese kan worden aangemeten. Dat gebeurt door een ocularist. In
Nederland zijn vier ocularistpraktijken.
Het vervaardigen van een oogprothese is een delicate aangelegenheid die
jarenlange ervaring vereist. De kleur van de prothese moet immers zoveel
mogelijk lijken op het echte oog. Ook de pasvorm is belangrijk. Zowel de
kleur als de vorm is per persoon verschillend.
Als de pasvorm correct is, zal de oogprothese de oogbewegingen van het
gezonde oog volgen, hoewel dat beperkt blijft tot de kleinere oogbewegingen.
Oogprothesen worden van glas of van kunststof gemaakt. Beide vormen
kennen voor- en nadelen. Zo is een glazen oogprothese bijvoorbeeld vrij
snel klaar. De glazen prothese kan echter niet tussendoor worden
aangepast. Een glazen oogprothese is breekbaar en kan koud aanvoelen
in de winter. Op elke oogprothese zal na enige tijd aanslag ontstaan.
De prothese ziet er dan dof uit en kan dan voor irritatie zorgen. De glazen
prothese moet in dit geval worden vervangen. De verzekering vergoedt
doorgaans eens per twee jaar een nieuwe prothese.
De kunststof prothese kan na de eerste passing waar nodig worden
aangepast. Een kunststof prothese is stevig en kan lang mee gaan.
Aanslag op de prothese kan gepolijst worden.
6
Op de volgende pagina treft u de gegevens aan van de vier
ocularistpraktijken in Nederland.
Figuur 6: verschillende oogprothesen
Figuur 7: een oogprothese
7
Adressen
Voor een kunststof oogprothese:
F. Bak
Thomsonplein 19
tel. (070) 449 0810
e-mail: [email protected]
op donderdag aanwezig in de polikliniek van VUmc
E. Groet
Eerste de Riemerstraat 14
2513 CV Den Haag
tel. (070) 363 4121
Haags Kunstogen Laboratorium
Laan van Meerdervoort 150
2517 BE Den Haag
tel. (070) 345 1293
Voor een glazen prothese:
Fa. Müller Söhne Nederland BV
Albrechtlaan 16
1404 AL Bussum
tel. (035) 695 0384
Voor contact met professionele begeleiding:
Tim ’t Hoen – oogheelkundig consulent
Telefoon via Frederique Bak: (070) 449 0810
Patiëntenvereniging:
www.ver-ooginoog.nl
209011
Vragen
Als u nog vragen heeft, neem dan contact op met:
VUmc
polikliniek oogheelkunde
receptie R - 2e verdieping
telefoon (020) 444 1084
VUmc©
december 2014
www.VUmc.nl
8
Download