Adviezen voor communicatie bij afasie

advertisement
Logopedie
Patiënteninformatie
Adviezen voor communicatie bij afasie
Afasie is een taalstoornis die is ontstaan door hersenletsel, zoals een beroerte. Door de afasie kan
het vermogen tot begrijpen, spreken, lezen en schrijven zijn aangedaan. De ernst hiervan verschilt
per persoon. Problemen hebben om op woorden te komen en moeite hebben om te begrijpen wat
anderen zeggen, bemoeilijken het contact met andere mensen. Dit betekent een grote verandering
voor mensen met afasie, maar ook voor hun familie, vrienden en bekenden.
Advies voor communicatie bij afasie
Hieronder vindt u algemene adviezen voor communicatie bij afasie. Hierna geven wij specifieke
adviezen met betrekking tot het begrijpen en spreken. Natuurlijk zijn niet alle adviezen voor
iedereen van toepassing. Gebruik dan ook de adviezen waarvan u denkt dat u er baat bij heeft.
•
Zoek een zo rustig mogelijke omgeving op.
•
Vermijd spreken met veel mensen tegelijk.
•
Maak en onderhoud oogcontact.
•
Neem de tijd voor een gesprek.
•
Houd pen en papier bij de hand.
•
Spreek niet luider dan normaal.
•
Benader iemand niet kinderlijk.
•
Praat niet 'over het hoofd' van de persoon heen.
•
Let op vermoeidheid en/of emoties.
•
Spreken is niet altijd nodig; de krant, televisie of een spelletje biedt de nodige ontspanning.
Begrijpen
Vaak is het begrijpen van gesproken taal (zoals in een gesprek) en van geschreven taal (lezen)
aangedaan. Mensen met een ernstige afasie begrijpen meestal alleen kernwoorden. Op de vraag
‘Wilt u suiker in uw koffie?’ zou iemand ‘ja’ antwoorden, omdat hij suiker met koffie combineert. Dit
had hij echter ook gedaan als u had gevraagd ‘Dus hij suiker van de koffie?’.
De communicatie kan problemen geven, doordat het begrip gestoord is. Zo kan iemand met afasie
iets verkeerd begrijpen. Op de vraag ‘Komt uw vrouw nog op bezoek?’ antwoordt iemand met
afasie met ‘ja’. Deze persoon heeft echter alleen vrouw en bezoek begrepen en bedoelde te
zeggen dat zijn vrouw al op bezoek was geweest. Om misverstanden te voorkomen, is het daarom
belangrijk om te checken of u elkaar goed heeft begrepen.
Pagina 1/3
Adviezen
•
Spreek in korte zinnen.
•
Vraag of bespreek één ding tegelijk, want het is vaak moeilijk voor iemand met
afasie om snel van onderwerp te veranderen.
•
Benadruk kernwoorden door in het gesprek meer nadruk erop te leggen.
•
Schrijf kernwoorden op.
•
Om duidelijk te maken wat u wilt, kunt u aanwijzen wat u bedoelt of een gebaar
maken bij wat u zegt.
•
Als het lezen goed gaat, kunt u hier gebruik van maken. Als u bijvoorbeeld zegt ‘wij
moeten om vier uur naar de dokter’, schrijf dan ‘wij, 4 uur, dokter’ op.
•
Het is goed om afspraken op te schrijven. In de praktijk blijkt dat mensen vaak
denken dat iemand iets begrepen heeft, maar dat dit toch niet zo is. Opschrijven
voorkomt misverstanden.
•
Stel, afhankelijk van de ernst van de afasie, vragen waarbij de persoon alleen 'ja' of
'nee' kan antwoorden.
•
Herhaal vragen of mededelingen, controleer of de persoon het heeft begrepen.
Spreken
Iemand met afasie kan bij het spreken verschillende problemen hebben. Zo kunnen woorden niet te
binnen schieten. Degene met afasie kan ook niets zeggen of ‘ik weet het niet’ of ‘dinges’. Het kan
ook zijn dat iemand met afasie blijft hangen op eenzelfde woord, zoals ‘goed’. Al snel merkt u dat
dit woord geen inhoud heeft. Ook is het mogelijk dat iemand ‘ja’ zegt, maar ‘nee’ bedoelt. Het is
dan belangrijk om goed te checken of hij/zij met ‘ja’ ook echt ‘ja’ bedoelt. Ook kan iemand met
afasie begrippen door elkaar halen en zegt de persoon iets wat hij eigenlijk niet bedoelt. Een
voorbeeld is: ‘Mijn moeder komt straks’, in plaats van ‘Mijn vrouw komt straks’. Hierbij lijkt het
woord qua betekenis op het woord dat bedoeld werd. Het is ook mogelijk dat iemand klanken door
elkaar haalt bij het spreken. Bijvoorbeeld: ‘Ik heb suiker in mijn soffie” in plaats van ‘Ik heb suiker in
mijn koffie’.
Adviezen
•
Geef iemand de tijd om de woorden te vinden.
•
Vul niet te snel een woord of een zin aan.
•
Laat iemand niet aanvullen of nazeggen.
•
Probeer de persoon niet te verbeteren; de uiting hoeft niet correct te zijn.
•
Stel korte ja/nee-vragen.
•
Rem iemand af wanneer de woordenstroom onbegrijpelijk is.
•
Durf openlijk aan te geven als u iets niet begrijpt en vraag om verduidelijking.
•
Wanneer iemand er echt niet uitkomt, laat het onderwerp dan even rusten.
Pagina 2/3
Alternatieve manieren van communicatie
Gebaren kunnen een goede steun zijn bij de communicatie, maar is voor een afasiepatiënt niet
altijd makkelijk te begrijpen. Om duidelijk te maken wat u wilt zeggen, moet u de begrippen kennen.
Voor een afasiepatiënt is het niet altijd mogelijk datgene wat hij wil zeggen met begrippen duidelijk
te maken. Hij weet bijvoorbeeld wel dat hij dorst heeft, maar hij weet niet hoe hij het begrip dorst
duidelijk kan maken. Dit zou bijvoorbeeld kunnen door een gebaar te maken alsof u drinkt.
Adviezen
•
Stimuleer tot aanwijzen. U wijst bij het gesprek zelf ook voorwerpen in de omgeving aan.
•
Stimuleer tot gebaren. U geeft bijvoorbeeld bij de vraag ‘is het zo groot?’ met uw hand een
grootte aan in de hoop dat degene zelf de juiste grootte kan aangeven.
•
Stimuleer tot tekenen.
•
Stimuleer tot schrijven.
•
Zoek - indien aanwezig - in het Taalzakboek of Gespreksboek het woord op.
•
Schrijf bij een vraag die u stelt de antwoorden op. Schrijf de kernwoorden ‘zitten’ en ‘liggen’
op als u vraagt: “Wilt u zitten of liggen?”, zodat deze woorden aangewezen kunnen worden.
Mensen met afasie kunnen dus moeite hebben in de verschillende gebieden van communicatie,
zowel met het spreken en begrijpen als met het lezen en schrijven. Iedereen is verschillend en
reageert anders op situaties. Probeer als familie en vrienden aan te voelen wanneer u het beste
een zin kunt aanvullen en wanneer niet.
Heeft u nog vragen?
Heeft u nog vragen over afasie? Dan kunt u onze afdeling logopedie bellen. De contactgegevens
vindt u op onze website www.reinierdegraaf.nl. U kunt ook kijken op de website www.afasie.nl.
Versie: augustus 2015
Pagina 3/3
Download