Hoofdstuk 1

advertisement
Hoofdstuk 7
Het weer
Toets A
Een zonnige zomermiddag
Natasja en Michael zijn op het strand. Het zand voelt veel warmer aan dan het zeewater.
1
Waardoor is het zand warmer dan het zeewater?
A Zand absorbeert meer straling dan water.
B Zand laat meer straling door dan water.
C Water absorbeert meer straling dan zand.
D Water kaatst minder straling terug dan zand.
Robert en Natasja hebben een zonnebril op. De zonnebril beschermt hun ogen tegen het felle zonlicht.
De zonnebril beschermt ook tegen een onzichtbare soort straling. Van die straling word je ook bruin.
2
Hoe heet de onzichtbare straling waar je bruin van wordt?
3
Aan het eind van de middag gaat het waaien. De wind waait van de zee naar het strand.
Waardoor ontstaat zeewind?
A Zeewind ontstaat, doordat de warme lucht boven het strand opstijgt.
B Zeewind ontstaat, doordat de koude lucht boven zee opstijgt.
C Zeewind ontstaat, doordat de warme lucht boven het strand daalt.
4
's Avonds fietsen Natasja en Michael terug naar huis. Ze verwachten dat ze van de wind af hebben. De
wind is echter gedraaid. De wind waait nu van het land naar de zee.
Leg uit hoe dat kan.
Het weer in de krant
Leontien wil een lange fietstocht gaan maken.
‘s Morgens leest ze eerst het weerbericht in de krant.
5
Met welke getallen op het kaartje is de luchtdruk aangegeven?
6
Wat is de eenheid van luchtdruk?
7
Naast het weerkaartje staat ook hoeveel het de vorige dag geregend heeft in verschillende plaatsen in
Nederland. Er staat bijvoorbeeld: Vlissingen 25 ....
In welke eenheid wordt de hoeveelheid regen aangegeven?
A liter
B mm
C cm3
8
Leg uit hoe wolken ontstaan.
Gevaar op de weg
Souad ging in de zomervakantie met haar ouders op vakantie. Ze moesten een heel eind rijden met de
auto. Daarom besloten ze ‘s ochtends heel vroeg weg te gaan. De wekker ging al om half zes ‘s
ochtends. Maar de vader van Souad besloot om nog niet weg te rijden. Het was namelijk erg mistig.
9
Waaruit bestaat mist?
10
Later in de ochtend verdween de mist. De lucht werd weer helder.
Welke faseovergang hoort bij het verdwijnen van mist?
A condenseren
B verdampen
C rijpen
D sublimeren
11
In heldere lucht zit
A helemaal geen water
B water in de vorm van kleine waterdruppeltjes
C water in de vorm van waterdamp
12
‘s Middags gaat het in de buurt van Parijs hard regenen. Souads vader gaat langzamer rijden. Hard
rijden bij regen is gevaarlijk.
Noem twee redenen waarom regen gevaarlijk is in het verkeer.
13
In een atlas staan in een tabel gegevens over het aantal uren neerslag per maand in Parijs:
maand
mei
juni
juli
augustus
aantal uren neerslag
44
38
36
36
Teken een staafdiagram van deze gegevens.
14
Hieronder lees je een aantal zinnen die gaan over het bevriezen (stollen) van water.
Geef van elke zin aan of de zin juist is of onjuist.
a Tijdens het bevriezen van water blijft de temperatuur gelijk.
b In ijs bewegen de moleculen vrij door elkaar.
c Als ijs water wordt, heet dat verdampen.
Een krantenartikel over het broeikaseffect
In de krant staat een artikel over het broeikaseffect:
Andere energiebronnen nodig
Er is veel geld nodig voor onderzoek naar zonne-energie, windenergie en waterenergie.
Door het verbranden van fossiele brandstoffen ontstaan de gassen waterdamp en ..........(1)..........
Daardoor ..........(2).......... de temperatuur op aarde, zo menen wetenschappers.
15
Welke woorden horen op de stippellijntjes te staan?
16
Noem drie fossiele brandstoffen.
17
Grote bosbranden versterken op twee manieren het broeikaseffect.
Leg uit op welke twee manieren.
Verdieping
Luchtdruk
18
Met welke eenheden kan luchtdruk worden aangegeven?
A hPa, mm, mbar
B hPa, N, mm
C hPa, N/cm2, mbar
D hPa, N/cm2, mm
19
In het weerbericht op tv vertelt de weerman dat er een depressie boven Engeland ligt.
Wat wordt bedoeld met depressie?
A een gebied met hoge luchtdruk
B een gebied met lage luchtdruk
C een mistbank
D zeer droge lucht
20
Op aarde drukt de lucht met een kracht van ongeveer 10 N op 1 cm2.
Bereken met hoeveel kracht de lucht drukt op een tafel van 0,6 m  0,8 m.
21
Leg uit dat er in een depressie een grote kans op bewolking en regen is.
Download
Random flashcards
Create flashcards