Onderwijs- en Examenregeling Masteropleiding Tandheelkunde

advertisement
Onderwijs- en Examenregeling
Masteropleiding Tandheelkunde
2016 – 2017
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
2
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Inhoudsopgave
Onderwijs- en Examenregeling ............................................................................................................... 1
Deel A: facultair deel ............................................................................................................................... 6
1. Algemene bepalingen ......................................................................................................................... 6
Artikel 1.1
Toepasselijkheid regeling
6
2. Vooropleiding en toelating .................................................................................................................. 7
Artikel 2.1
Vooropleiding
7
Artikel 2.2
Aanmelding en inschrijving
7
Artikel 2.3
Facultaire toelatingscommissie
7
Artikel 2.4
Toelatingsprocedure
8
Artikel 2.5
Weigering of beëindiging inschrijving (iudicium abeundi)
8
3. Inrichting opleiding ............................................................................................................................. 8
Artikel 3.1
Indeling studiejaar
8
Artikel 3.2
Inrichting van de opleiding
8
4. Tentaminering en examinering ........................................................................................................... 8
Artikel 4.1
Intekening voor tentamens
8
Artikel 4.2
Vorm van tentaminering
9
Artikel 4.3
Mondelinge tentamens
9
Artikel 4.4
Vaststelling en bekendmaking van de uitslag
9
Artikel 4.5
Herkansing en extra gelegenheid
9
Artikel 4.6
Cijfers
10
Artikel 4.7
Vrijstelling
10
Artikel 4.8
Geldigheidsduur resultaten
10
Artikel 4.9
Inzagerecht
10
Artikel 4.10 Nabespreking
11
Artikel 4.12 Getuigschrift en verklaring
11
Artikel 4.13 Fraude en plagiaat
11
5. Studiebegeleiding en studievoortgang ............................................................................................. 11
Artikel 5.1
Studievoortgangadministratie en studiebegeleiding
11
Artikel 5.2
Aanpassingen ten behoeve van een student met een functiebeperking
12
6. Hardheidsclausule ............................................................................................................................ 12
7. Overgangs- en slotbepalingen ......................................................................................................... 12
Artikel 7.1
Wijziging en periodieke beoordeling deel A
12
Artikel 7.2
Overgangsbepalingen
12
Artikel 7.3
Bekendmaking
13
Artikel 7.4
Inwerkingtreding
13
Deel B: opleidingsspecifiek deel ............................................................................................................ 14
1. Algemeen ......................................................................................................................................... 14
Artikel 1.1
Gegevens opleiding
14
Artikel 1.2
Instroommoment
14
3
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
2. Doelstellingen en eindtermen van de opleiding. .............................................................................. 14
Artikel 2.1
Doelstelling opleiding
14
Artikel 2.2
Eindtermen
14
3. Nadere toelatingseisen ..................................................................................................................... 22
Artikel 3.1
Toelatingseisen
22
Artikel 3.2
Beperkte opleidingscapaciteit
22
Artikel 3.3
Uiterste termijn aanmelding
22
Artikel 3.4
Taaleisen Nederlands bij Nederlandstalige masteropleidingen
22
4. Opbouw van het curriculum .............................................................................................................. 23
Artikel 4.1
Samenstelling opleiding
23
Artikel 4.2
Verplichte onderwijseenheden zijn:
23
Artikel 4.3
Volgordelijkheid tentamens en ingangseisen
24
Artikel 4.4
Deelname aan praktische oefening en werkgroepbijeenkomsten
24
Artikel 4.4a Toegang tot het onderwijs en voorrangsregels
25
Artikel 4.5
Maximale vrijstelling
25
Artikel 4.6
Graad
25
5. Overgangs- en slotbepalingen ......................................................................................................... 25
Artikel 5.1
Wijziging en periodieke beoordeling deel B
25
Artikel 5.2
Overgangsbepalingen
25
Artikel 5.3
Bekendmaking
26
Artikel 5.4
Inwerkingtreding
26
Onderwijs- en Examenprogramma........................................................................................................ 27
4
Ma1 Blok Afwijkingen van het kaakgewricht en speekselklieren
29
Ma1 Blok Diagnostiek en rehabilitatie
30
Ma1 Blok Functieherstel met uitneembare voorzieningen
32
Ma1 Blok Groei en ontwikkeling
33
Ma1 Blok Medische tandheelkundige interactie II
35
Ma1 Blok Pijn en trauma
39
Ma1 Blok Professionaliteit en portfolio
41
Ma1 Blok Specifieke patiëntengroepen
43
Ma1 Lijn Evidence based tandheelkunde in de kliniek, KV MA1
45
Ma1 Lijn Evidence based tandheelkunde in de kliniek, MA1
47
Ma1 Lijn Functieherstel met uitneembare voorzieningen
50
Ma2 Blok Voorbereiding wetenschappelijke scholing, MA2
52
Ma2 Lijn Diagnostiek en casuïstiek
53
Ma2 Lijn Evidence based tandheelkunde in de kliniek, KV MA2
55
Ma2 Lijn Evidence Based tandheelkunde in de Kliniek, OWP MA2
57
Ma2 Lijn Functieherstel met behulp van implantologie en chirurgische parodontologie
60
Ma2 Lijn Functieherstel met behulp van orthodontische behandeling
63
Ma2 Lijn Pedodontologie
65
Ma2 Lijn Praktijkmanagement
67
Ma2 Lijn Stages
68
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Ma3 Blok Klinische profielen
71
Ma3 Blok Ziekenhuisstage
73
Ma3 Lijn Academische groepspraktijk
75
Ma3 Lijn Professionaliteit en portfolio
78
Ma3 Lijn Stralingsbescherming
80
Ma3 Lijn Wetenschappelijke verdieping
81
5
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Deel A: facultair deel
1. Algemene bepalingen
Artikel 1.1 Toepasselijkheid regeling
1. Deze regeling is van toepassing op het onderwijs en de examens van de masteropleiding
Tandheelkunde (hierna ook te noemen: de opleiding) die worden verzorgd aan de Faculteit der
Tandheelkunde van de Universiteit van Amsterdam en de Faculteit der Tandheelkunde van de
Vrije Universiteit Amsterdam, hierna te noemen ACTA.
2. Deze regeling bestaat uit een facultair (A) deel en een opleidingsspecifiek deel (B). Deel A
bevat algemene bepalingen en is van toepassing op het onderwijs en de examens van de
masteropleiding van de Faculteit der Tandheelkunde. Deel B bevat opleidingsspecifieke
bepalingen. Deel A en deel B samen vormen de onderwijs- en examenregeling van de
opleiding.
3. Deze regeling kan van overeenkomstige toepassing worden verklaard op de gezamenlijke
opleidingen en onderwijseenheden, bedoeld in artikel 7.3c WHW, die mede door de faculteit
worden verzorgd.
4. Deze regeling is van toepassing op een ieder die voor de opleiding is ingeschreven, ongeacht
het studiejaar, waarin de student voor het eerst voor de opleiding werd ingeschreven.
5. Deel B van deze onderwijs- en examenregeling kan voor de desbetreffende opleiding
aanvullende algemene bepalingen omvatten.
Artikel 1.2 Begripsbepalingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. EC (European Credit)
: een studiepunt met een studielast van 28 uren studie;
b. examen
: het masterexamen van de opleiding;
c. semester
: de eerste (september – januari) of de tweede helft (februari –
augustus) van het studiejaar;
d. joint degree
: een graad die een instelling verleent, samen met een of meer
instellingen in binnen- of buitenland, nadat de student een
studieprogramma (een opleiding, afstudeerrichting of specifiek
programma binnen een opleiding) heeft doorlopen waarvoor
de samenwerkende instellingen samen verantwoordelijk zijn;
e. onderdeel
: een onderwijseenheid van de opleiding in de zin van de wet;
f. periode
: een deel van een semester;
g. praktische oefening
: het deelnemen aan een practicum of andere onderwijs
leeractiviteit, die gericht is op het bereiken van bepaalde
(academische) vaardigheden. Voorbeelden van een
praktische oefening:
o het maken van een scriptie of thesis
o het uitvoeren van een onderzoekopdracht
o het behandelen van patiënten
o het deelnemen aan veldwerk of een excursie
o het deelnemen aan een andere onderwijsleeractiviteit die
gericht is op het verwerven van bepaalde vaardigheden of
o het doorlopen van een stage;
h. programma
: het totaal en de samenhang van de onderdelen, de
onderwijsvormen, de contacturen, de toets- en
tentamenvormen, de voorgeschreven literatuur;
i. scriptie
: een onderdeel dat bestaat uit literatuuronderzoek en/of een
bijdrage aan wetenschappelijk onderzoek, in alle gevallen
leidend tot een schriftelijk verslag daarover;
j. SAP/SLcM
: het Studenten Informatie Systeem;
6
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
k. studiegids
l. studielast
m. studiejaar
n. tentamen
o. toelatingscommissie
p. universiteit
q. wet
r. opleidingsstatuut
: de gids van de opleiding die een nadere uitwerking van de
opleiding specifieke bepalingen en overige opleiding
specifieke informatie bevat. De studiegids is elektronisch
beschikbaar via www.acta.nl>studieweb>studiegids;
: de studielast van de onderwijseenheid waarop een tentamen
betrekking heeft, uitgedrukt in studiepunten = EC.
(De studielast van 1 jaar (1680 uur) is 60 studiepunten/EC;
: het tijdvak dat aanvangt op 1 september en eindigt op
31 augustus van het daarop volgende kalenderjaar;
: onderzoek naar de kennis, het inzicht en de vaardigheden van
de student betreffende een onderdeel. De beoordeling wordt
uitgedrukt in een eindcijfer. Een tentamen kan in gedeeltes
worden afgenomen met behulp van één of meer
deeltentamens. Een hertentamen bestrijkt altijd dezelfde
materie als het tentamen;
: de commissie die namens de decaan beoordeelt of een
gegadigde aan de eisen voldoet om toegelaten te worden tot
de masteropleiding van zijn keuze.
: de Universiteit van Amsterdam/Vrije Universiteit van
Amsterdam;
: de Wet op het Hoger Onderwijs en Wetenschappelijk
Onderzoek (WHW);
: het opleiding specifieke deel van het studentenstatuut
conform artikel 7.59 van de wet.
De overige begrippen hebben de betekenis die de wet daaraan toekent.
2. Vooropleiding en toelating
Artikel 2.1 Vooropleiding
1. Voor de inschrijving voor een masteropleiding is een bachelor graad vereist, behaald in het
wetenschappelijk onderwijs. Aan welke eisen de bachelorgraad moet voldoen, is bepaald in
Deel B.
2. Ingeval een gegadigde niet beschikt over een bachelorgraad, zoals bedoeld in het eerste lid,
beoordeelt de toelatingscommissie van de opleiding de geschiktheid om tot de opleiding
toegelaten te worden aan de hand van de vereisten, bepaald in Deel B.
Artikel 2.2 Aanmelding en inschrijving
1. De uiterste datum voor aanmelding voor de masteropleiding staat vermeld in artikel 3.4
(deel B).
2. Na een tijdige aanmelding schrijft de student zich vóór 1 september of vóór 1 februari in.
Artikel 2.3 Facultaire toelatingscommissie
De decaan stelt een toelatingscommissie in. De decaan wijst de leden daarvan aan na overleg met
de opleidingsdirecteuren en examencommissie van de desbetreffende opleiding.
7
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Artikel 2.4 Toelatingsprocedure
1. De toelating tot de opleiding is opgedragen aan de toelatingscommissie.
2. Met het oog op de toelating tot de opleiding stelt de toelatingscommissie een onderzoek in naar
de kennis, het inzicht en de vaardigheden van de kandidaat. In aanvulling op schriftelijke
bewijzen van de gevolgde opleiding(en) kan de commissie bepaalde kennis, inzicht en
vaardigheden laten toetsen door deskundigen in of buiten de universiteit. De commissie betrekt
bij haar onderzoek de kennis van de taal waarin het onderwijs wordt verzorgd.
3. De kandidaat ontvangt een toelatingsbewijs dan wel een afwijzende beslissing. Hiertegen is
binnen zes weken beroep mogelijk bij het College van Beroep voor de Examens.
Artikel 2.5 Weigering of beëindiging inschrijving (iudicium abeundi)
1. Op grond van het bepaalde in artikel 7.42a van de wet kan de decaan of de examencommissie
in uitzonderlijke gevallen het college van bestuur verzoeken de inschrijving van een student
voor een opleiding te beëindigen dan wel te weigeren, als die student door zijn gedragingen of
uitlatingen blijk heeft gegeven van ongeschiktheid voor de uitoefening van een of meer
beroepen waartoe de door hem gevolgde opleiding hem opleidt, dan wel voor de praktische
voorbereiding op de beroepsuitoefening.
2. Indien jegens een student vermoedens van ongeschiktheid bestaan zoals omschreven in het
eerste lid, stelt de examencommissie of de decaan een onderzoek in, waarvan de student
onverwijld op de hoogte wordt gesteld. De examencommissie of de decaan brengt geen advies
uit dan na zorgvuldige afweging van de betrokken belangen en nadat de betrokken student in
de gelegenheid is gesteld te worden gehoord.
3. Inrichting opleiding
Artikel 3.1 Indeling studiejaar
Elke opleiding wordt verzorgd in een jaarindeling met twee semesters.
Artikel 3.2 Inrichting van de opleiding
1. De opleiding omvat de onderwijseenheden die in deel B zijn opgenomen.
2. De opleiding heeft een omvang van 180 EC.
3. Een onderwijseenheid omvat een aantal EC vermeld in deel B.
4. De opleiding bestaat uit een verplicht deel en een individuele masterscriptie/-thesis of
wetenschappelijke stage en, indien van toepassing, een vakspecifiek facultatief deel, zoals
nader bepaald in het opleidingsspecifieke deel.
5. Voorafgaande toestemming van de examencommissie is vereist, indien de student zijn
keuzeruimte in wenst te vullen met een andere onderwijseenheid dan is bepaald in deel B.
4. Tentaminering en examinering
Artikel 4.1 Intekening voor tentamens
1. Elke student dient zich voor elke tentamengelegenheid in te tekenen. Zie voor nadere informatie
Regels en Richtlijnen 2016-2017.
8
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Artikel 4.2 Vorm van tentaminering
1. De wijze waarop en de vorm waarin een onderwijseenheid wordt afgesloten, zijn bepaald in
Deel B/studiegids.
2. Op verzoek van de student kan de examencommissie toestaan dat een tentamen op een
andere wijze dan in de studiegids is bepaald, wordt afgenomen. Nadere regels hieromtrent zijn,
indien van toepassing, opgenomen in de Regels en Richtlijnen van de examencommissie.
3. Van een onderwijseenheid die niet meer wordt verzorgd, wordt in het studiejaar na beëindiging
van dat onderwijs, ten minste eenmaal de gelegenheid gegeven de (deel)tentamen(s) af te
leggen en wordt voor de navolgende tijd een overgangsregeling in het opleiding specifieke deel
opgenomen.
Artikel 4.3 Mondelinge tentamens
1. Mondeling wordt niet meer dan één student tegelijk getentamineerd, tenzij in deel B voor de
desbetreffende onderwijseenheid anders is bepaald.
2. Het mondeling afnemen van een tentamen is openbaar, tenzij de examencommissie of de
examinator in een bijzonder geval anders heeft bepaald. Een student kan een gemotiveerd
verzoek indienen bij de examencommissie om af te wijken van het openbare karakter van de
zitting. De examencommissie weegt het belang van de student tegen het belang van de
openbare zitting af.
3. Bij het afnemen van een mondeling tentamen is een tweede examinator aanwezig, tenzij de
examencommissie anders heeft bepaald.
Artikel 4.4 Vaststelling en bekendmaking van de uitslag
1. De examinator stelt de uitslag van een schriftelijk tentamen zo spoedig mogelijk vast, doch
uiterlijk binnen tien werkdagen voor tentamens met uitsluitend meerkeuzevragen en uiterlijk
binnen 15 werkdagen voor tentamens met (ook) open vragen. In afwijking van het bepaalde in
de eerste volzin is de beoordelingstermijn voor scripties en eindopdrachten niet langer dan
twintig werkdagen. De examinator draagt direct hierna zorg voor registratie van de beoordeling
en draagt tevens zorg voor onverwijlde bekendmaking van de beoordeling aan de student, met
in achtneming van de geldende normen van vertrouwelijkheid.
2. De examinator stelt terstond na het afnemen van een mondeling tentamen de uitslag vast en
maakt deze bekend aan de student. De derde volzin van het eerste lid is van toepassing.
3. Ten aanzien van een op andere wijze dan mondeling of schriftelijk af te leggen tentamen
bepaalt de examencommissie vooraf op welke wijze en binnen welke termijn de student in
kennis wordt gesteld van de uitslag.
4. Bij de uitslag van een tentamen wordt de student gewezen op het inzage- en nabesprekingrecht
als bedoeld in de artikelen 4.9 en 4.10, alsmede op zijn beroepsmogelijkheid bij het College van
Beroep voor de Examens.
5. Een student kan beroep aantekenen tegen de wijze waarop de uitslag tot stand is gekomen bij
het College van Beroep voor de Examens binnen een termijn van zes weken na bekendmaking
van de uitslag.
Artikel 4.5 Herkansing en extra gelegenheid
1. Tot het afleggen van tentamens van de opleiding wordt twee maal per studiejaar de
gelegenheid gegeven.
2. Het eerste lid is niet van toepassing op het herkansen van een stage of een scriptie. In de
desbetreffende stagehandleiding of afstudeerregeling zijn de herkansingsmogelijkheden
vermeld.
3. Ingeval van een herkansing geldt de laatste beoordeling.
4. De herkansing voor een tentamen vindt niet plaats binnen 10 werkdagen na de bekendmaking
van de uitslag van het te herkansen tentamen. De uitslag van een (pre)klinische toets moet
minstens 5 werkdagen voor een mogelijke herkansing bekend worden gemaakt.
9
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
5. Als een student op één onderdeel na alle onderdelen van het masterprogramma met goed
gevolg heeft afgelegd, en de periode tussen het bekendmaken van de uitslag van het
voorlaatste onderdeel en de eerstvolgende reguliere tentamengelegenheid van het nog
openstaande onderdeel een termijn van 45 werkdagen overschrijdt, komt de student eenmalig
in aanmerking voor een extra tentamenkans voor dat laatste onderdeel. Daarvoor gelden de
volgende voorwaarden.
1. Alle overige onderdelen zijn aantoonbaar met een voldoende afgerond.
2. Het nog niet behaalde onderdeel betreft geen eerstejaars onderdeel.
3. De student kan door het behalen van de extra tentamenkans de opleiding afronden binnen
vier jaar na aanvang van de opleiding (nominaal plus één jaar).
4. De student heeft minstens één keer gebruik gemaakt van een tentamenkans voor dit
onderdeel.
5. Deze regeling is van toepassing op alle vormen van toetsen van de opleiding.
Artikel 4.6 Cijfers
1. Deelcijfers van tentamens en toetsen kunnen worden uitgedrukt in cijfers met een decimaal. Het
eindcijfer van een examenonderdeel wordt uitgedrukt in hele cijfers op een schaal van 1 tot en
met 10.
2. Een beoordeling tussen 5 en 6 wordt als volgt afgerond: 0,1 tot en met 0,4 naar beneden en 0,5
tot en met 0,9 naar boven.
3. In plaats van een cijfer kan gebruik gemaakt worden van een symbool (v, g etc.).
Artikel 4.7 Vrijstelling
1. De examencommissie kan op schriftelijk verzoek van een student vrijstelling verlenen
voor het afleggen van een of meer tentamens, indien de student een qua inhoud, niveau en
studielast overeenkomstig onderdeel van een universitaire of hogere beroepsopleiding heeft
voltooid dat niet langer dan 5 jaar geleden is behaald, gerekend vanaf de datum van de eerste
inschrijving voor de opleiding.
2. De examencommissie beslist binnen twintig werkdagen na ontvangst van het verzoek.
Artikel 4.8 Geldigheidsduur resultaten
1. De geldigheidsduur van behaalde tentamens is beperkt tot vier jaar volgend op het studiejaar
waarin het desbetreffende onderdeel met goed gevolg is afgelegd. De geldigheidsduur van een
vrijstelling bedraagt vier jaar volgend op het studiejaar waarin de desbetreffende vrijstelling door
de examencommissie is verleend.
2. De geldigheidsduur van een deeltentamen is beperkt tot het studiejaar waarin het is afgelegd, of
tot het einde van het betreffende vak, zoals in deel B voor de desbetreffende onderwijseenheid
is bepaald.
3. De examencommissie kan de beperkte geldigheidsduur van een tentamen of vrijstelling
verlengen, indien een student daarom gemotiveerd verzoekt. De examencommissie kan
besluiten de verlenging van de geldigheid slechts toe te staan nadat de verzoeker een
aanvullend tentamen van de desbetreffende stof met goed gevolg heeft afgelegd.
Artikel 4.9 Inzagerecht
1. Gedurende ten minste twintig werkdagen na de bekendmaking van de uitslag van een
schriftelijk tentamen krijgt de student op zijn verzoek inzage in zijn beoordeelde werk, de
gestelde vragen en opdrachten, alsmede zo mogelijk van de normen aan de hand waarvan de
beoordeling heeft plaatsgevonden.
2. De examencommissie kan bepalen dat de in het eerste lid bedoelde inzage of kennisneming
uitsluitend geschiedt op een bepaalde plaats en een bepaald tijdstip. De in de vorige volzin
bedoelde plaats en tijd worden bij het tentamen en op de website van de faculteit
bekendgemaakt.
10
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
3. Indien de student buiten zijn schuld verhinderd was op de in het tweede lid bedoelde plaats en
tijdstip te verschijnen, wordt hem een alternatieve mogelijkheid geboden.
4. Indien een student voornemens is beroep aan te tekenen tegen de wijze waarop zijn werk is
beoordeeld, kan hem op zijn verzoek een kopie van zijn beoordeelde werk worden verstrekt.
Artikel 4.10 Nabespreking
1. Indien een collectieve nabespreking is georganiseerd, vindt individuele nabespreking eerst
plaats indien de student bij de collectieve bespreking aanwezig is geweest of wanneer hem niet
kan worden verweten niet bij de collectieve bespreking aanwezig te zijn geweest.
2. De student die voldoet aan het vereiste in het eerste lid, kan aan de desbetreffende examinator
om een individuele nabespreking verzoeken. De nabespreking geschiedt op een door de
examinator te bepalen plaats en tijdstip.
Artikel 4.11 Masterexamen
1. De examencommissie stelt de uitslag en de datum van afstuderen vast, indien zij heeft
vastgesteld dat de student de tot de opleiding behorende onderwijseenheden met goed gevolg
heeft afgelegd.
2. Een getuigschrift kan slechts worden uitgereikt, nadat het College van Bestuur heeft verklaard
dat de student aan alle procedurele vereisten heeft voldaan, waaronder de betaling van het
collegegeld.
Artikel 4.12 Getuigschrift en verklaring
1. Ten bewijze dat het examen met goed gevolg is afgelegd, wordt door de examencommissie een
getuigschrift uitgereikt. Het model van het getuigschrift is vastgesteld door het College van
Bestuur. Aan het getuigschrift voegt de examencommissie een diplomasupplement toe dat
inzicht verschaft in de aard en de inhoud van de afgeronde opleiding. Het diplomasupplement is
gesteld in het Engels en voldoet aan het Europese format.
2. Degene die meer dan één tentamen met goed gevolg heeft afgelegd en aan wie geen
getuigschrift als bedoeld in het eerste lid kan worden uitgereikt, ontvangt desgevraagd een door
de desbetreffende examencommissie af te geven verklaring waarin in elk geval de tentamens
zijn vermeld die door hem met goed gevolg zijn afgelegd, met daarbij vermeld welke
onderwijseenheden dit betrof, het aantal EC dat daarmee is verkregen en wanneer de
tentamens zijn behaald.
3. De student kan onder opgave van redenen de examencommissie verzoeken nog niet over te
gaan tot uitreiking van het getuigschrift, tenzij hij het verzoek tot afgifte zelf heeft ingediend.
Artikel 4.13 Fraude en plagiaat
1. Het bepaalde in de Regels en Richtlijnen Examencommissie is onverkort van toepassing.
2. Bij de detectie van plagiaat in teksten kan gebruik worden gemaakt van elektronische
detectieprogramma’s. Met het aanleveren van de tekst geeft de student impliciet toestemming
tot het opnemen van de tekst in de database van het betreffende detectieprogramma.
5. Studiebegeleiding en studievoortgang
Artikel 5.1 Studievoortgangadministratie en studiebegeleiding
1. De decaan is verantwoordelijk voor een goede registratie van de studieresultaten van de
studenten in SAP/SLcM. Iedere student heeft na de registratie van de beoordeling van een
examenonderdeel via SAP/SLcM inzage in de uitslag van dat onderdeel en beschikt via VUnet
tevens over een overzicht van de behaalde resultaten.
2. Ingeschreven studenten kunnen aanspraak maken op studiebegeleiding. De vormen van
studiebegeleiding worden vermeld in deel B.
11
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Artikel 5.2 Aanpassingen ten behoeve van een student met een functiebeperking
1. Een student met een functiebeperking kan op een daartoe strekkend schriftelijk / digitaal
verzoek, in te dienen bij de studieadviseur, in aanmerking komen voor aanpassingen in het
onderwijs, de practica en tentamens. Deze aanpassingen worden zoveel mogelijk op hun
individuele functiebeperking afgestemd, maar mogen de kwaliteit of moeilijkheidsgraad van een
vak of een tentamen niet wijzigen. In alle gevallen zal de student moeten voldoen aan de
eindtermen van de opleiding.
2. Het in het eerste lid bedoelde verzoek wordt onderbouwd met een (recente) verklaring van een
arts of psycholoog. Zo nodig wordt een schatting vermeld van de mate waarin de
studievoortgang zou kunnen worden belemmerd.
3. Indien er sprake is van dyslexie, is de verklaring niet ouder dan twee jaar. De verklaring is
afkomstig van een BIG-, NIP- of NVO-geregistreerd testbureau.
4. Op verzoeken over aanpassingen van onderwijsorganisatie en -logistiek beslist de decaan of
namens deze de onderwijsdirecteur dan wel opleidingsdirecteur. Op verzoeken voor
aanpassingen die de tentaminering betreffen beslist de examencommissie.
5. Indien positief op een in het eerste lid bedoelde verzoek is beslist, maakt de student een
afspraak met de studieadviseur om te bespreken hoe de voorzieningen worden vormgegeven.
6. Een verzoek tot aanpassing wordt geweigerd indien toekenning ervan een buitenproportioneel
beslag legt op de organisatie of de middelen van de faculteit of universiteit.
Indien de beperking aanleiding geeft tot verlenging van de tijd waarbinnen het tentamen dient te
worden afgelegd, verstrekt de examencommissie een verklaring, waaruit het recht op die
verlenging blijkt.
7. Indien een beperking aanleiding is tot het treffen van andere voorzieningen, kan de
studieadviseur de nodige maatregelen initiëren.
8. In het besluit kan een beperkte geldigheid van de te treffen maatregelen worden bepaald.
6. Hardheidsclausule
In gevallen waarin de onderwijs- en examenregeling niet voorziet, en in gevallen waarin sprake is
van onevenredige benadeling of onbillijkheid van overwegende aard, beslist de decaan waaronder
de opleiding valt, tenzij het de bevoegdheid van de examencommissie betreft.
.
7. Overgangs- en slotbepalingen
Artikel 7.1 Wijziging en periodieke beoordeling deel A
1. Een wijziging van deel A van de onderwijs- en examenregeling wordt door de decaan
vastgesteld na advies van de desbetreffende opleidingscommissie. Het advies wordt in afschrift
verzonden aan het bevoegde medezeggenschapsorgaan.
2. Een wijziging van de onderwijs- en examenregeling behoeft de instemming van het bevoegde
medezeggenschapsorgaan op de onderdelen die niet de onderwerpen van artikel 7.13, tweede
lid onder a t/m g en v, alsmede het vierde lid WHW betreffen.
3. Een wijziging van de onderwijs- en examenregeling kan slechts betrekking hebben op een
lopend studiejaar, indien de belangen van de studenten daardoor aantoonbaar niet worden
geschaad.
Artikel 7.2 Overgangsbepalingen
Zie deel B, artikel 5.2.
12
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Artikel 7.3 Bekendmaking
1. De decaan draagt zorg voor een passende bekendmaking van deze regeling, alsmede van elke
wijziging daarvan.
2. De onderwijs- en examenregeling wordt geplaatst op de website van de faculteit en wordt
geacht te zijn opgenomen in de studiegids.
Artikel 7.4 Inwerkingtreding
Deel A van deze regeling treedt in werking met ingang van 1 september 2016.
Aldus vastgesteld door de decaan
: d.d. 1 september 2016
Advies Opleidingscommissie
Advies Ondernemingsraad
Instemming Studentenraad
: d.d. 27 mei 2016
: d.d. 14 juni 2016
: d.d. 2 juni 2016
13
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Deel B: opleidingsspecifiek deel
1. Algemeen
Artikel 1.1 Gegevens opleiding
1. De masteropleiding Tandheelkunde, CROHOnummer 66588, wordt in voltijdse vorm verzorgd,
en in het Nederlands uitgevoerd.
2. De opleiding heeft een omvang van 180 EC.
3. De omvang van de onderwijseenheden staan vermeld in het Onderwijs en examenprogramma
(deel C)
4. Deze opleiding wordt verzorgd binnen het samenwerkingsverband van de Faculteit
Tandheelkunde van de Universiteit van Amsterdam en de Faculteit Tandheelkunde van de Vrije
Universiteit, hierna te noemen ACTA.
Artikel 1.2 Instroommoment
De opleiding wordt aangeboden met ingang van het eerste semester van een studiejaar
(1 september) en met ingang van het tweede semester (1 februari). Voor elk van deze
instroommomenten geldt dat er sprake is van een studeerbaar onderwijsprogramma dat in de
nominale duur volledig afgerond kan worden.
2. Doelstellingen en eindtermen van de opleiding.
Artikel 2.1 Doelstelling opleiding
1. Met de opleiding wordt beoogd de student:
- voor te bereiden op de beroepsuitoefening als tandarts,
- gespecialiseerde kennis, vaardigheden en inzicht op het gebied van de tandheelkunde bij te
brengen, en
- voor te bereiden op de wetenschapsbeoefening op het gebied van tandheelkunde.
2. De opleiding bevordert voorts de academische vorming van de student, in het bijzonder met
betrekking tot:
- het zelfstandig wetenschappelijk denken en handelen;
- het wetenschappelijk communiceren in de Nederlandse en Engelse taal;
- het hanteren van vakwetenschappelijke kennis in een bredere c.q. wijsgerige en
maatschappelijke context.
3. De opleiding besteedt aandacht aan de persoonlijke ontplooiing van de student, bevordert zijn
maatschappelijke verantwoordelijkheidsbesef en de uitdrukkingsvaardigheid in het Nederlands.
Artikel 2.2 Eindtermen
Om het niveau vast te stellen waarop de student de domeinen aan het einde van de bachelorrespectievelijk de masteropleiding verworven dient te hebben, is onderscheid gemaakt in 6 niveaus
(waarvan de eerste vier betrekking hebben op de lerende student en de laatste twee alleen bereikt
kunnen worden na enige jaren praktijkervaring).
De competenties van het opleidingsprofiel van ACTA zijn gebaseerd op het Raamplan
Tandheelkunde 2008.
Niveau 1. Er heeft een eerste kennismaking met het vakgebied en zijn onderscheiden delen
plaatsgevonden.
Niveau 2. Het vakgebied en zijn onderscheiden delen zijn theoretisch aan de orde geweest. Een
eerste praktische (preklinische) toepassing kan aan de orde zijn geweest.
Niveau 3. Op afzonderlijke gebieden is er sprake van enige bekwaamheid maar zonder inzicht in
het totaal en zonder zelfstandig te kunnen werken.
Niveau 4. Er is inzicht in het totaal, dagelijkse problemen kunnen zelfstandig worden opgelost.
Niveau 5. Er is sprake van een aantal jaren praktijkervaring die is ondersteund met verdere
ontwikkeling van bekwaamheden o.a. door postacademische scholing.
14
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Niveau 6. Er is sprake van een grote ervaring in het vakgebied, een verstrekkend inzicht in de
dynamiek van het vakgebied en erkenning onder vakgenoten als bij uitstek deskundig.
Hieronder wordt per te onderscheiden domein allereerst een omschrijving van het domein
gegeven. Vervolgens wordt aangegeven welke competenties de student aan het einde van zijn
Bachelor-, respectievelijk Masteropleiding minimaal verworven dient te hebben en op welk niveau.
Het betreft hier competenties die elke student in de loop van de opleiding moet hebben verworven,
onafhankelijk van een eventueel gekozen profiel. Op deze wijze wordt tevens een kort,
overzichtelijk en samenhangend overzicht gepresenteerd van de minimumeisen die worden
gesteld aan inhoud en niveau van de zesjarige opleiding tandheelkunde.
De afgestudeerde van de opleiding heeft in ieder geval kennis en inzicht in het vakgebied
Tandheelkunde zoals beschreven in de zeven domeinen van het Raamplan Tandheelkunde 2008,
te weten:
DOMEIN I - HANTEREN VAN KLINISCH-TANDHEELKUNDIGE PROBLEMEN
Omschrijving van het domein:
De tandarts bezit de tandheelkundige kennis en vaardigheden die nodig zijn voor het inventariseren en
analyseren van klinische problemen, zodat beslissingen worden genomen die leiden tot het bereiken en
handhaven van een optimale mondgezondheid.
Hij is zich tevens bewust van zijn beperkingen daarin en bezit voldoende kennis en vaardigheden om
klinische beslissingen af te wegen tegen de achtergrond van de individuele medische en psychosociale
status van de patiënt.
Competenties Domein I
Hanteren van klinisch-tandheelkundige problemen
a) neemt een anamnese af, omvattende de klachten en
wensen van de patiënt, alsmede het fysiek en mentaal
functioneren en de relevante tandheelkundige, medische,
psychosociale en culturele achtergronden van de patiënt
b) integreert aspecten van algemene lichamelijke en
mentale gezondheid die van invloed zijn op de
mondgezondheid en de mondzorg, en neemt maatregelen
om schadelijke invloeden te voorkomen, dan wel te
beperken
c) voert lege artis intra- en extra-oraal onderzoek uit en legt
de bevindingen adequaat vast
d) herkent afwijkingen van het normale beeld van de
weefsels en functies van het oro-faciale gebied en
beoordeelt de mate van afwijking
e) kiest effectief en efficiënt aanvullend diagnostisch
onderzoek, voert deze uit, interpreteert de bevindingen
en legt deze adequaat vast
f) beoordeelt de algemene gezondheid van de patiënt,
waaronder het gebruik van geneesmiddelen, in relatie tot
de mondgezondheid en de te verlenen mondzorg en neemt
in voorkomende gevallen maatregelen om een
ongewenste interactie tussen algemene gezondheid en
tandheelkundige pathologie dan wel tandheelkundig
ingrijpen te voorkomen
Opleidingsprofiel Opleidingsprofiel
3-jarige
3-jarige
bacheloropleiding masteropleiding
ACTA
ACTA
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
15
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
g) herkent orale manifestaties van systeemziekten
h) herkent manifestaties van afwijkingen van botpathologie
met behulp van relevante diagnostische
hulpmiddelen
i) herkent factoren die wijzen op een risico op ontstaan en/of
progressie van oro-faciale ziekte of afwijking
j) past de methoden van diagnostisch redeneren toe om te
komen tot een (differentiaal) diagnose van (mogelijke)
afwijkingen in het oro-faciale gebied op grond van
klinische bevindingen, aanvullend diagnostisch
onderzoek kennis van ziekteverloop, predisponerende
factoren en epidemiologische gegevens
k) stelt samen met de patiënt een zorgplan op langere
termijn op, gebaseerd op de prognose van ontstaan en
verloop van ziekten en afwijkingen, waarin opgenomen de
frequentie van periodiek onderzoek, te monitoren
fenomenen, professionele preventie en eventueel te
verdelen taken binnen samenwerkingsverbanden
l) integreert de kennis van de verschillende relevante
disciplines om te komen tot een individueel, adequaat,
eventueel gefaseerd behandelingsplan en waar mogelijk
alternatieve behandelingsplannen, gebaseerd op de
gestelde diagnose en wensen en mogelijkheden en
beperkingen van de patiënt
Niveau 2
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
DOMEIN II - WETENSCHAPPELIJK DENKEN EN HANDELEN
Omschrijving van het domein:
De tandarts is bekend met de grondbeginselen van wetenschappelijk onderzoek en heeft actief
kennisgemaakt met de uitvoering daarvan. Hij beschikt over een gedegen wetenschappelijke
achtergrond en kan gezondheidsproblemen systematisch benaderen en oplossen. Hij beoordeelt
kritisch medische en tandheelkundige informatie.
Hij toetst zijn kennis en vaardigheden aan de stand van de wetenschap en bevordert de verbreding en
ontwikkeling van wetenschappelijke vakkennis. Hij ontwikkelt en onderhoudt zijn kennis en
vaardigheden door middel van persoonlijke bij- en nascholingsactiviteiten. Hij bevordert de
deskundigheid van zijn medewerkers.
Competenties Domein II
Wetenschappelijk denken en handelen
a) kent de grenzen van eigen kennen en kunnen en kan
hierop reflecteren
b) houdt de wetenschappelijk gefundeerde recente
inzichten met betrekking tot alle aspecten van de
mondzorg bij
c) past synthetische activiteiten toe op recente
wetenschappelijke inzichten en kan deze in een kader
plaatsen
d) past de principes van wetenschappelijke redeneren,
reflecteren en oordeelsvorming toe bij besluitvorming in
de te verlenen mondzorg en bij de beoordeling van
literatuur en andere informatiebronnen
16
Opleidingsprofiel
3--jarige
bacheloropleiding
ACTA
Opleidingsprofiel
3-jarige
masteropleiding
ACTA
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
e) evalueert systematisch ieder aspect van de eigen
beroepsuitoefening en neemt op grond daarvan
maatregelen om de eigen kennis en vaardigheden op
wetenschappelijk niveau te houden
f) integreert wetenschappelijk denken, handelen en het
doen van onderzoek in de klinische besluitvorming
volgens de principes van evidence based dentistry, best
practices en analyseert de effecten en resultaten van de
verleende mondzorg ten behoeve van
kwaliteitsbewaking en –bevordering en ontwikkelt
daarmee kennis en inzicht.
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
DOMEIN III - COMMUNICEREN EN SAMENWERKEN
Omschrijving van het domein:
De tandarts bouwt een effectieve en respectvolle behandelrelatie met patiënten op en verkrijgt door
goed te luisteren de relevante informatie. Deze informatie deelt en bespreekt hij met de patiënt en met
collegae en andere zorgverleners die bij het bereiken en handhaven van de mondgezondheid van de
patiënt zijn betrokken.
Binnen het tandheelkundig team is de tandarts in staat om in voorkomende gevallen als primus inter
pares bij de behandeling van de individuele patiënt op te treden.
Hij legt de bevindingen zodanig vast dat samenwerking en overdracht ongestoord kunnen plaatsvinden.
De tandarts overlegt doelmatig en met respect voor ieders competenties met collegae en andere
zorgverleners. Hij verwijst adequaat, vraagt doeltreffend en tijdig intercollegiaal consult en draagt zo bij
aan een doeltreffende interdisciplinaire samenwerking en ketenzorg.
Competenties Domein III
Communiceren en samenwerken
a) inventariseert met de patiënt en/of zijn wettelijke
vertegenwoordiger over zijn mondgezondheid met het
oog op wederzijdse verwerving van kennis en begrip
inzake wensen, mogelijkheden en verwachtingen
b) verstrekt alle informatie aan de patiënt en/of zijn wettelijke
vertegenwoordiger over de toestand van de
mondgezondheid, ondersteunt de patiënt bij de
besluitvorming met betrekking tot de keuzes van
preventieve en curatieve zorg en bij de keuze en
toepassing van maatregelen in de zelfzorg.
c) verkrijgt informed consent voor uit te voeren
behandelingen, gegeven de wettelijke kaders
d) geeft leiding aan/regisseert het zorgproces rondom de
individuele patiënt, door mondeling en schriftelijk te
communiceren met collegae en andere zorgverleners
over zaken die de mondgezondheid en mondzorg van
patiënten aangaan en past daarbij de beginselen van
effectieve en efficiënte samenwerking met collegae en
andere zorgverleners in de (mond)zorg toe, waaronder
taakdelegatie en (horizontale) verwijzing, en is
verantwoordelijk voor het inhoudelijk coördineren van
werkzaamheden
Opleidingsprofiel
3-jarige
bacheloropleiding
ACTA
Opleidingsprofiel
3-jarige
masteropleiding
ACTA
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
17
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
e) onderhandelt met betrokkenen, overbrugt eventuele
meningsverschillen en handelt zo nodig klachten af
f) evalueert en rapporteert over de resultaten van verleende
mondzorg in praktijk en regio
g) consulteert collegae en andere zorgverleners in de monden gezondheidszorg
Niveau 2
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 2
Niveau 4
DOMEIN IV - MAATSCHAPPELIJK HANDELEN
Omschrijving van het domein:
De tandarts kent en herkent de determinanten van mond(on)gezondheid. Hij bevordert de
mondgezondheid van patiënten en de gemeenschap als geheel en handelt volgens de relevante
wettelijke bepalingen en gedragsregels. Bij vermoeden van huiselijk geweld of verwaarlozing meldt hij
dit op adequate wijze aan de daartoe aangewezen instanties. Bij fouten, complicaties en klachten in de
mondzorg treedt hij adequaat op.
Competenties domein IV
Maatschappelijk handelen
a) herkent tekenen van fysiek en/of emotioneel misbruik en/of
verwaarlozing of andere externe factoren en schakelt de
daarvoor bestemde instanties in of neemt maatregelen ter
bestrijding van die invloed..
b) is in staat relevante wet- en regelgeving toe te passen op
de beroepsuitoefening en mondzorg
c) onderkent de sociale en economische ontwikkelingen en
analyseert de effecten daarvan op de mondzorg
d) past wetenschappelijk gefundeerde maatregelen toe
gericht op doelmatigheid aangaande alle aspecten van de
mondzorg, zowel aan individuen als aan groepen,
rekening houdend met beschikbare menskracht en
economische middelen ten behoeve van voorlichting en
informatie aan groepen uit de samenleving
e) bevordert in de samenleving de functie van de mondzorg
en de rol van de beroepsbeoefenaren daarin
18
Opleidingsprofiel
3-jarige
bacheloropleiding
ACTA
Opleidingsprofiel
3-jarige
masteropleiding
ACTA
Niveau 2
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 2
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 3
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
DOMEIN V - ORGANISEREN VAN ZORG
Omschrijving van het domein:
De tandarts organiseert het werk op zodanige wijze dat er een balans is tussen patiëntenzorg en zijn
persoonlijke ontwikkeling. De organisatie is zodanig dat de mondgezondheidszorg voor de patiënten
optimaal kan plaatsvinden en de risico’s voor de eigen gezondheid en die van de medewerkers
worden geminimaliseerd. Hij werkt doeltreffend en doelmatig en besteedt de beschikbare middelen
voor de patiëntenzorg op verantwoorde wijze.
Competenties domein V
Organiseren van zorg
a) past bedrijfskundige uitgangspunten toe voor een
effectieve en efficiënte opzet en organisatie van de
tandartspraktijk, met de daarbij behorende effectieve en
controleerbare financiële administratie, bedrijfsvoering
en ondernemersvaardigheden
b) voert een personeelsbeleid dat gericht is op
arbeidsvreugde en ontplooiing van de medewerkers,
gegeven wettelijke en andere arbeidsvoorwaardelijke
kaders
c) past de gebruikelijke vormen van informatietechnologie
en informatiemanagement toe
d) treft alle maatregelen inzake infectiebeheersing, milieuen stralingsbescherming binnen wettelijke kaders en
algemeen gehanteerde normen en leeft deze na
e) stelt binnen de eigen praktijkvoering richtlijnen en
protocollen op inzake behandeling en praktijkvoering,
evalueert deze tijdig en past ze waar nodig aan
f) handelt binnen en overeenkomstig de structuur,
organisatie en financiering van de Nederlandse
gezondheidszorg in het algemeen en de mondzorg in het
bijzonder alsmede de recente geschiedenis er van,
begrijpen, kunnen beschrijven en toepassen
g) legt de gegevens van patiënten doelmatig vast in een
dossier en beheert deze binnen de gegeven wettelijke
kaders
h) creëert voor zichzelf en zijn medewerkers een veilige
werkomgeving, daarbij rekening houdend met de
werkhouding, verlichting, de unit en het instrumentarium
i) neemt maatregelen voor zichzelf en zijn medewerkers
ter preventie van mentale belasting, stress en specifieke
beroepsziekten
j) beoordeelt de bekwaamheden van medewerkers in
verband met het opdragen van voorbehouden
handelingen
Opleidingsprofiel Opleidingsprofiel
3-jarige
3-jarige
bacheloropleiding masteropleiding
ACTA
ACTA
Niveau 1
Niveau 4
Niveau 1
Niveau 3
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 1
Niveau 4
Niveau 2
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 2
Niveau 4
19
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
DOMEIN VI - TANDHEELKUNDIG HANDELEN
Omschrijving van het domein:
De tandarts besluit op basis van een verantwoorde diagnostische afweging tot een tandheelkunde
interventie en bezit daartoe de tandheelkundigen technische kennis en vaardigheden. Hij is zich bewust
van zijn beperkingen daarin en is in staat, als hij zelf niet over de benodigde kennis en/of vaardigheden
beschikt, deze elders te (laten) verkrijgen.
Competenties Domein VI
Tandheelkundig handelen
a) voorkomt, dan wel handelt zodanig in medische
noodsituaties die zich al dan niet als gevolg van
tandheelkundig handelen in de praktijk voordoen, dat de
patiënt in een stabiele toestand komt en kan blijven totdat
adequate hulp beschikbaar is
b) verleent mondzorg aan specifieke groepen, zoals
extreem angstigen, gehandicapten, oudere, medisch
gecompromitteerde patiënten en patiënten met
psychiatrische aandoeningen
c) verleent mondzorg, inclusief curatieve zorg buiten de
praktijk, thuis of in een instelling voor gezondheidszorg
d) voert effectieve en efficiënte professionele preventie uit
en ondersteunt zelf- en/of mantelzorg
e) selecteert en schrijft geneesmiddelen voor in het kader
van te verlenen mondzorg
f) beoordeelt eerder gerestaureerde gebitselementen op
gezondheid, esthetiek en functie
g) behandelt aangetaste, beschadigde of in hun
ontwikkeling geremde gebitselementen
h) dient in voorkomende gevallen en waar nodig lokaal
anaesthesie toe, rekening houdend met beoogd effect en
mogelijke ongewenste bijwerkingen
i) behandelt ontstoken, geïnfecteerd dan wel necrotisch
pulpaweefsel
Opleidingsprofiel Opleidingsprofiel
3-jarige
3-jarige
bacheloropleiding masteropleiding
ACTA
ACTA
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 2
Niveau 3
Niveau 2
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 2
Niveau 4
j) extraheert gebitselementen en wortelresten
Niveau 1
Niveau 4
k) behandelt parodontale ontsteking en/of botafbraak
Niveau 3
Niveau 4
l) herstelt esthetische problemen van gebitselementen
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 3
Niveau 4
Niveau 1
Niveau 3
Niveau 1
Niveau 4
p) behandelt aandoeningen van de mucosale weefsels
Niveau 1
Niveau 3
q) behandelt trauma van het gebit en de alveole en
eenvoudige weke delenverwondingen van het
mondslijmvlies en de lippen
Niveau 1
Niveau 4
m) herstelt esthetiek en functie bij het ontbreken van alle of
een deel van de gebitselementen
n) voert dento-alveolaire en pre-prothetische/pre
implantologische ingrepen uit in niet-gecompliceerde
situaties
o) behandelt storingen van het mandibulaire
bewegingsapparaat
20
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
r) behandelt ontwikkelingsstoornissen van de oro-faciale
weefsels
s) behandelt ontstekingen en infecties van mucosa en
kaakbot van dentogene oorsprong
t) behandelt, met eenvoudige orthodontistische apparatuur,
dan wel verwijst, stoornissen in groei en ontwikkeling van
het kaakstelsel
Niveau 1
Niveau 3
Niveau 2
Niveau 4
Niveau 2
Niveau 3
u) verleent tandheelkundige noodhulp
Niveau 2
Niveau 4
v) maakt barrières die de mondgezondheid in de weg staan
zoals pijn, angst en schadelijk gedrag hanteerbaar of
neemt ze weg
Niveau 2
Niveau 4
DOMEIN VII - PROFESSIONALITEIT
Omschrijving van het domein:
Het domein Professionaliteit verbindt de zes genoemde onderscheiden domeinen met elkaar en
overkoepelt deze. De tandarts is in staat om in zijn dagelijks handelen deze competenties te integreren,
er verantwoordelijkheid voor te nemen en te verantwoorden. Deze drie kernbegrippen van
professionaliteit (integreren, verantwoordelijkheid nemen en verantwoording afleggen) worden
hieronder kort toegelicht.
Integreren competenties
De tandarts toont bekwaamheid en deskundigheid op het gebied van de verschillende competenties en
kan deze integreren. Hij kent de grenzen van de eigen competenties en handelt daarbinnen, voor het
overige verwijst of delegeert hij. Hij heeft kennis van protocollen, richtlijnen en standaarden, ontwikkelt
deze en past ze toe ten behoeve van de zorg voor de individuele patiënt.
Verantwoordelijkheid nemen
De tandarts handelt ethisch en toont respect voor de (integriteit) van de patiënt. Hij houdt rekening met
de persoonlijke omstandigheden van de individuele patiënt bij onderzoek, advies, behandeling en
begeleiding. Hij gaat zorgvuldig om met ‘kwetsbare’ groepen in de mondzorg en onderneemt actie om
goede mondzorg te leveren en de continuïteit hierin te garanderen. De tandarts toont een houding van
levenslang leren en kent de grenzen van de eigen belastbaarheid en die van zijn team. Hij deelt
verantwoordelijkheid met patiënten, beroepsgenoten en andere professionals in de mondzorg en werkt
met duidelijke afspraken over taken, verantwoordelijkheden en regie in de mondzorg. Het nemen en
afleggen van verantwoordelijkheid wordt gevangen in het begrip professioneel gedrag.
Verantwoording afleggen
De tandarts toont reflectieve vaardigheden en is zelfkritisch. Hij zorgt voor systematische organisatie
van de kwaliteit van de praktijk en legt verantwoording af aan de patiënt (informatieplicht, financiële
consequenties), binnen de beroepsgroep (deelname aan intercollegiale toetsing, kennis van
professionele standaard, aanspreken van collega’s die niet aan de professionele standaard voldoen),
binnen wetenschappelijke kaders (kritische wetenschappelijke probleemoplossende houding) en aan de
samenleving (zorgverzekeraars, overheid). De tandarts kent de grenzen van zijn professionele
autonomie.
Competenties Domein VII
Professionaliteit
Integreren van competenties, verantwoordelijkheid
nemen en verantwoording afleggen (reflectie)
Opleidingsprofiel
3-jarige
bacheloropleiding
ACTA
Niveau 4
Opleidingsprofiel
3-jarige
masteropleiding
ACTA
Niveau 4
21
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
3. Nadere toelatingseisen
Artikel 3.1 Toelatingseisen
1. Toelaatbaar tot de masteropleiding is degene die aantoont te beschikken over de vereisten van
het eindniveau Bachelor volgens het Raamplan Tandheelkunde 2008 (zie artikel 2.2). De hier
vermelde eisen aan kennis, inzicht en vaardigheden zijn op het niveau van een bachelorgraad,
behaald aan een instelling voor wetenschappelijk onderwijs.
2. Toegang tot de opleiding wordt gegeven aan de volgende personen:
I. Bezitters van een bachelor diploma tandheelkunde behaald aan ACTA uiterlijk twee jaar
voorafgaand aan de start van de masteropleiding.
II. Bezitters van een bachelor diploma tandheelkunde behaald aan een andere Nederlandse
universiteit, voor zover:
a. die universiteit dezelfde bachelor eindtermen hanteert;
b. het bachelor diploma is behaald uiterlijk twee jaar voorafgaand aan de start van de
masteropleiding;
c. de capaciteit van de opleiding het toestaat.
III. Bezitters van een buitenlands (maar binnen de Europese Unie behaald) bachelor diploma
tandheelkunde, met dien verstande dat:
a. de student moet kunnen aantonen dat hij de Nederlandse taal zodanig machtig is dat hij
in de Nederlandse gezondheidszorg kan functioneren. Hiertoe moet het staatsexamen
Nederlands als Tweede Taal, examen II (NT2 II), of de Interuniversitaire Toelatingstoets
(ITN), of de CNaVT (Certificaat Nederlands als Vreemde Taal) examens
PAT
en
PTHO, of door de universiteit aangewezen buitenlandse eindexamens, waarvan
Nederlands deel uitmaakte, met goed gevolg zijn afgelegd;
b. de examencommissie, na bestudering van de gevolgde opleiding, kan bepalen dat
additionele eisen worden gesteld;
c. de capaciteit van de opleiding het toestaat.
3. Of een belangstellende voldoet aan de toelatingseisen wordt onderzocht door de
toelatingscommissie.
4. In geval van aantoonbare onredelijkheid of onbillijkheid van overwegende aard kan door de
examencommissie van het vereiste van een behaald bachelor diploma voor een te bepalen
periode worden afgeweken
5. Aanvang van de opleiding is mogelijk met ingang van het eerste semester van een studiejaar
(‘september’) en met ingang van het tweede semester (‘februari’).
6. Bij aanvang van de opleiding dient gegadigde het bachelor programma dan wel het
schakelprogramma dat toegang geeft tot de opleiding volledig te hebben afgerond.
Artikel 3.2 Beperkte opleidingscapaciteit
De decaan maakt, indien noodzakelijk, voorafgaande aan het begin van het studiejaar de
maximale opleidingscapaciteit van de opleiding bekend.
Artikel 3.3 Uiterste termijn aanmelding
Een gegadigde dient via Studielink een verzoek in te worden toegelaten tot de opleiding.
Artikel 3.4 Taaleisen Nederlands bij Nederlandstalige masteropleidingen
De student die zijn vooropleiding niet in een Nederlandstalig land heeft genoten, toont aan dat hij
het Nederlands voldoende beheerst om het wetenschappelijk onderwijs met succes te kunnen
volgen.
Aan de eis kan worden voldaan door het met goed gevolg afleggen van één van de volgende
examens:
- het staatsexamen Nederlands Tweede Taal, examen II (NT2 II); of
- CNaVT (Certificaat Nederlands als Vreemde Taal) examens PAT and PTHO; of
- door de VU/UvA aangewezen buitenlandse examens, waarvan Nederlands deel uitmaakte.
22
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
4. Opbouw van het curriculum
Artikel 4.1 Samenstelling opleiding
De opleiding omvat verplichte onderwijseenheden.
Artikel 4.2 Verplichte onderwijseenheden zijn:
Studiejaar 2016/2017
MASTER 1
Objectcode
Module
T_AFWIJKKKSP
Afwijkingen van het kaakgewricht en speekselklieren
4
T_DIAGREHAB
Diagnostiek en rehabilitatie
4
T_FUNCTIEHER
Functieherstel met uitneembare voorzieningen
4
T_GROEIONTW
Groei en ontwikkeling
6
T_M1LEBKKLIN
Lijn evidence based tandheelkunde in de kliniek, MA1
12
T_M1LEBKKV
Lijn evidence based tandheelkunde in de kliniek, KV MA1
3
T_LFUNCVOOR
Lijn functieherstel met uitneembare voorzieningen
6
T_MONDKAAK
Mondziekten, kaakchirurgie en functionele anatomie
8
T_M1MTI II
Medische tandheelkundige interactie II, MA1
3
T_PIJNTRAUM
Pijn en trauma
4
T_M1PROFPORT
Professionaliteit en portfolio MA1
1
T_M1SPECPAGR
Specifieke patiëntengroepen, MA1
5
Studielast
60
MASTER 2
Objectcode
Module
T_LDIAGCAS
Lijn diagnostiek en casuïstiek
3
T_M2LEBKKV
Lijn evidence based tandheelkunde in de kliniek, KV MA2
3
T_LEBKKWS
Lijn evidence based tandheelkunde in de kliniek, KWS
4
T_M2LEBKOWP
Lijn evidence based tandheelkunde in de kliniek, OWP, MA2
23
T_M2LFICP
Lijn functieherstel mbv implantologie en chirurgische paro
10
T_LFORTHO
Lijn functieherstel mbv orthodontische behandeling
5
T_LPEDO
Lijn pedodontologie
3
T_LPRAKTIJK
Lijn praktijkmanagement
2
T_LSTAGES
Lijn stages
3
T_M2PROFPORT
Professionaliteit en portfolio MA2
2
T_M2VWS
Voorbereiding wetenschappelijke scholing, MA2
2
Studielast
60
MASTER 3
Objectcode
Module
T_M3ACGRPRAK
Lijn academische groepspraktijk
20
T_M3KLINPROF
Klinische profielen
7
T_M3PROFPORT
Lijn professionaliteit en portfolio
5
T_M3STRALB
Lijn stralingsbescherming
1
T_M3WETVDIEP
Wetenschappelijke verdieping
16
T_M3ZKHSTAGE
Ziekenhuisstage
11
Studielast
60
23
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Artikel 4.3 Volgordelijkheid tentamens en ingangseisen
1. Aan het onderwijs van het tweedejaars masterprogramma kan slechts worden deelgenomen
indien het onderwijs van alle onderdelen van het eerstejaars masterprogramma is gevolgd. Aan
het onderwijs van het derdejaars masterprogramma kan slechts worden deelgenomen indien
het onderwijs van alle onderdelen van het tweedejaars masterprogramma is gevolgd.
2. Afronding (met voldoende) van de eisen van de Ma1 lijn Evidence Based Tandheelkunde in de
Kliniek en de Ma2 lijn Evidence Based Tandheelkunde in de Kliniek, vormen een voorwaarde
voor toelating tot de Ma3 Lijn Academische Groepspraktijk. Studenten die nog niet hebben
voldaan aan deze Evidence Based Tandheelkunde in de Kliniek Ma1 en Ma2 eisen gaan al wel
deelnemen aan de Ma3 Lijn Academische Groepspraktijk teams. Pas wanneer aan al deze
Evidence Based Tandheelkunde in de Kliniek eisen (Ma1 en Ma2) is voldaan, start de officiёle
Ma3 Lijn Academische Groepspraktijk-termijn (32 weken – 2daagse LAG, of 16 weken 4daagse
LAG). Effectief betekent dit dat de student extra tijd in de Lijn Academische Groepspraktijk
doorbrengt gelijk aan de tijd die de student extra nodig heeft gehad om aan alle lijn Evidence
Based Tandheelkunde in de Kliniek eisen te voldoen.
3. In bijzondere gevallen kan de examencommissie op gemotiveerd verzoek van de student al dan
niet onder voorwaarden afwijken van de in de vorige leden genoemde volgorde.
Artikel 4.4 Deelname aan praktische oefening en werkgroepbijeenkomsten
1. In geval van een practicum is de student verplicht 100% van de practicumbijeenkomsten bij te
wonen. In geval de student minder dan 100% heeft bijgewoond dient het practicum opnieuw te
worden gevolgd, dan wel kan de examencommissie aanvullende opdracht(en) laten
verstrekken.
2. In geval van werkgroepbijeenkomsten is de student verplicht de werkgroepbijeenkomsten bij te
wonen conform de eisen in het Onderwijs en Examenprogramma. Ingeval de student minder
dan de vereiste bijeenkomsten heeft bijgewoond dient de werkgroep opnieuw te worden
gevolgd, dan wel kan de examencommissie aanvullende opdracht(en) laten verstrekken.
3. In bijzondere gevallen kan de examencommissie, op verzoek van de student, van deze
verplichting vrijstelling verlenen in geval het onderzoek naar en de beoordeling van de beoogde
vaardigheden naar haar oordeel ook kan plaatsvinden bij een geringer deelnamepercentage, al
dan niet onder oplegging van aanvullende eisen.
4. Bij deelname aan het klinisch practicum c.q. de patiënten behandeling in de onderwijspraktijk
dient de student de richtlijnen te volgen zoals omschreven in de richtlijnen voor de kliniek, die te
inden zijn op het Zorgnet.
5. Indien een student bij aanvang van de masteropleiding gedurende een periode van zes
maanden of langer geen patiënten heeft behandeld, dient hij, alvorens toegang tot de patiënten
behandeling wordt verkregen, een proeve van bekwaamheid (de OSCE-toets of een alternatief
programma) met voldoende resultaat af te leggen. Dispensatie hiervan kan bij de
examencommissie worden gevraagd.
24
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
6. Indien een student een aaneengesloten periode van zes maanden of meer niet heeft
deelgenomen aan het klinisch practicum c.q. de patiënten behandeling van een
onderwijsonderdeel, dan is de coördinator verplicht na te gaan of deze student (wederom) een
proeve van bekwaamheid (de OSCE-toets of een alternatief programma) dient af te leggen.
Indien de coördinator hiertoe besluit, dient de proeve van bekwaamheid met voldoende
resultaat te worden afgelegd, alvorens de student het practicum c.q. de patiënten behandeling
in de onderwijspraktijk kan hervatten.
Artikel 4.4a Toegang tot het onderwijs en voorrangsregels
1. Elke student dient zich voor niet-verplichte onderdelen van blokken aan te melden volgens de
op studieweb aangegeven procedure. Indien de aanmelding niet of niet tijdig heeft
plaatsgevonden, kan deelname aan het onderwijs worden geweigerd.
2. Elke student wordt voor de verplichte onderdelen van het onderwijs ingedeeld.
3. Toelating voor de cursussen met een beperkte capaciteit vindt plaats op basis van vooraf in
het Onderwijs- en examenprogramma vastgestelde en gepubliceerde toelatingscriteria en
voorrangsregels, met dien verstande dat voor de opleiding ingeschreven studenten voorrang
genieten bij de cursussen die behoren tot het verplichte deel van hun opleiding.
4. Een student kan, mits hij voldoet aan de in bijlage III genoemde voorwaarden voor inschrijving
voor het desbetreffende onderdeel, één maal deelnemen aan het onderwijs van een
praktische oefening.
5. Indien de student uiterlijk één week voor aanvang van het onderwijs de aanmelding voor het
onderwijs van een praktische oefening annuleert, behoudt hij het recht op deelname aan het
onderwijs van een praktische oefening voor het desbetreffende onderdeel.
6. De student kan worden uitgesloten van een praktische oefening als hij de verplichtingen van
de werkgroep die het onderwijs verzorgt, niet nakomt.
Artikel 4.5 Maximale vrijstelling
Maximaal 36 studiepunten van het onderwijsprogramma kunnen worden behaald op basis van
verleende vrijstellingen.
Artikel 4.6 Graad
Aan de student die het masterexamen met goed gevolg heeft afgelegd, wordt de graad Master of
Science verleend. De verleende graad wordt op het getuigschrift vermeld. In geval het een
gezamenlijke opleiding (‘joint degree’) betreft, wordt dat vermeld op het getuigschrift.
5. Overgangs- en slotbepalingen
Artikel 5.1 Wijziging en periodieke beoordeling deel B
1. Een wijziging van de onderwijs- en examenregeling van deel B wordt door de decaan
vastgesteld na advies van de desbetreffende opleidingscommissie. Het advies wordt in afschrift
verzonden aan het bevoegde medezeggenschapsorgaan.
2. Een wijziging van de onderwijs- en examenregeling behoeft de instemming van het bevoegde
medezeggenschapsorgaan op de onderdelen die niet de onderwerpen van artikel 7.13, tweede
lid onder a t/m g en v, alsmede het vierde lid WHW betreffen en de toelatingseisen tot de
masteropleiding.
3. Een wijziging van de onderwijs- en examenregeling kan slechts betrekking hebben op een
lopend studiejaar, indien de belangen van de studenten daardoor niet aantoonbaar worden
geschaad.
Artikel 5.2 Overgangsbepalingen
In afwijking van de vigerende onderwijs- en examenregeling geldt een overgangsbepaling voor
studenten die met de opleiding zijn begonnen onder een eerdere onderwijs- en examenregeling:
25
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Voor onderwijsonderdelen waaraan de student begonnen is in het tweede semester van het
studiejaar 2015-2016 en die doorlopen tot na 1 september 2016, gelden tot 1 februari 2017 de
bepalingen uit de Onderwijs- en Examenregeling 2015-2016 betreffende die onderwijsonderdelen.
Artikel 5.3 Bekendmaking
1. De decaan draagt zorg voor een passende bekendmaking van deze regeling, alsmede van elke
wijziging daarvan.
2. De onderwijs- en examenregeling wordt geplaatst op de website van de faculteit en wordt
geacht te zijn opgenomen in de studiegids.
Artikel 5.4 Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 september 2016.
Aldus vastgesteld door de decaan
: d.d. 1 september 2016
Advies Opleidingscommissie
Advies Ondernemingsraad
Instemming Studentenraad
: d.d. 27 mei 2016
: d.d. 14 juni 2016
: d.d. 2 juni 2016
26
Masteropleiding tandheelkunde studiejaar 2016 -2017
Onderwijs- en Examenprogramma
Masteropleiding Tandheelkunde
2016 – 2017
27
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
28
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Blok Afwijkingen van het kaakgewricht en speekselklieren
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
• Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
T_AFWIJKKKSP
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1
4.0
Nederlands
ACTA
mw. dr. C.M. Visscher
mw. dr. G. Aarab, M. Gilijamse, W Knibbe, dr. M. Koutris,
prof. dr. F. Lobbezoo, dr. L Smeele, mw. dr. C.M. Visscher,
P. Wetselaar, Gasten van Orale Kinesiologie
: Hoorcollege, Practicum, Werkgroep
Doel vak
I : c(3), d(3), e(3), j(3)
III : d(3)
VI : o(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
De meest voorkomende oorzaak van pijn in de orofaciale regio betreft een aandoening van de
dentoalveolaire structuren, gevolgd door pijnklachten uitgaande van de kauwspieren en
kaakgewrichten (temporomandibulaire dysfunctie- (TMD-)pijn. Daarnaast zijn er vele, meer zeldzame,
oorzaken van klachten in de orofaciale regio, zoals bijv. aandoeningen van de
speekselklieren. In dit blok leert u TMD-pijn te onderscheiden van andere pijn in het orofaciale gebied,
waaronder pijn uitgaande van de speekselklieren, en komen verschillende behandelopties aan bod
(zowel theoretisch als praktisch). Ook zullen functieproblemen van het kauwstelsel,
bewegingsstoornissen, gebitsslijtage en slaapstoornissen (met hun tandheelkundige consequenties)
aan bod komen.
Toetsvorm
Het blok wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is voldaan:
- Voldoende voor het tentamen (schriftelijk en/of digitaal)
- Deelgenomen aan de verplichte werkgroepen en practica
Literatuur
• BAART JA, WAAL I VAN DER (red). Mondziekten, kaak- en aangezichtschirurgie. Houten:Bohn
Stafleu van Loghum, 2008.
• NAEIJE M, LOBBEZOO F, VISSCHER CM (red). Orale Kinesiologie. Houten: Bohn Stafleu Van
Loghum, 2015.
• NAEIJE M, LOBBEZOO F, LOON LAJ VAN, SAVALLE WPM, ZAAG JAC. VAN DER,
HUDDLESTON SLATER JJR, MEULEN MJ VAN DER, VISSCHER CM. ACTA behandelprotocol
Craniomandibulaire Dysfunctie. (zie BlackBoard).
• de hand-outs van de colleges
Overige informatie
De stof uit het bachelor blok ‘Vorm en Functie’ dient als basiskennis voor het blok AKS en wordt als
bekend verondersteld.
Ter voorbereiding op het blok vindt u op BlackBoard een casus, waarmee u kennis kunt maken met
de Orale Kinesiologie. Tevens vindt u op BlackBoard de tekst "Behandelprotocol CMD-versie NL", die
bestudeerd dient te worden als voorbereiding op de werkgroepen en practica.
29
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Blok Diagnostiek en rehabilitatie
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
• Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
T_DIAGREHAB
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 2
4.0
Nederlands
ACTA
dr. R. Kuijs
A. Braun, prof.dr. B. Loos, dr. S.Bizzarro, dr. A.J.P. van Strijp,
prof. dr. D. Wismeyer, dr. R. Kuijs
: Hoorcollege, Werkgroep
Doel vak
I : a(4), d(4), e(4), i(4), j(4), l(4)
II : b(4), c(4), d(4), f(4)
III : a(4), b(4), d(4), g(3)
VI : f(4), g(4), i(4), k(4), l(4), m(4), n(2), t(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Tandheelkundige problematiek dient zich zelden aan in een zich tot één discipline beperkende
pathologie. Meestal komen verschillende ziektebeelden, soms met dezelfde etiologie, tegelijkertijd
voor.
Voordat de patient in aanmerking komt voor een rehabilitatie dient de ziekte wel onder controle te zijn.
Om goede afwegingen te maken voor de toekomst van het gebit dient wel rekening gehouden te
worden met
Rehabilitatie van het sterk gemutileerd gebit vereist derhalve veelal een multidisciplinaire aanpak. In
dit blok komt de geïntegreerde diagnostiek, indicatie en behandelplanning aan de orde. In dit kader
breidt de student zijn reeds eerder opgedane kennis op het terrein van de parodontologie en
functieherstel met vaste en uitneembare prothetische voorzieningen uit met de mogelijkheden die
implantaten, het orthodontisch verplaatsen van gemigreerde gebitselementen, alsmede pre- en
postchirurgische orthodontie bieden bij de behandeling van het gemutileerde gebit. Tevens wordt in
dit blok aandacht besteed aan het inschatten van de risico’s voor het ontstaan en de progressie van
cariës en parodontitis, en hoe hier met preventieve interventies op kan worden ingespeeld. Hetzelfde
geldt ten aanzien van de kwaliteit en prognose van endodontisch te behandelen en behandelde
gebitselementen en de wijze waarop deze worden gerestaureerd.
Als afgestudeerd tandarts kunt u met behulp van de competenties van dit blok, binnen de
beperkingen van de algemene praktijk, de problemen van patiënten met een gemutileerd gebit
diagnosticeren en, eventueel tezamen met andere (mond) zorgverleners, behandelen.
Toetsvorm
Tentamen met gesloten en/of open vragen.
Literatuur als bekend verondersteld
• FEJERSKOV O., KIDD E. Dental Caries. The disease and its clinical management. Blackwell
2008.
• LOVEREN C. VAN, WEIJDEN G.A. VAN DER, Preventieve tandheelkunde. Op weg naar een
doelmatige aanpak. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum, 2000.
• Ivoren Kruis. Advies Preventie van erosieve gebitsslijtage. 2008
• PENNING C., e.a. Cariëslaesies. Diagnose en behandeling. Houten: Prelum Uitgevers, 2007.
• THODEN VAN VELZEN S.K., WESSELINK P.R. (red.) Endodontologie. 3e druk, Houten: Bohn
Stafleu Van Loghum, 2010.
30
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
•
LINDHE J. e.a. Clinical Periodontology and Implant Dentistry. 5th edition, Blackwell Munksgaard,
2008.
Literatuur
Vakgebied parodontologie
• BEERTSEN W, QUIRYNEN M. STEENBERGHE D VAN, VELDEN U VAN DER. Parodontologie.
Houten: Bohn Stafleu Van Loghum, 2009.
Vakgebieden orale implantologie en prothetische tandheelkunde
• JOKSTAD A. Osseointegration and dental implants. Wiley-Blackwell, 2009.
• KANNO T, CARLSSON GE. A review of the shortened dental arch concept focusing on the work
by the Käyser/Nijmegen group. J Oral Rehabilitation, 2006;33(11):850-862.
• KLOET HJ, DE VAN PELT AWJ. Het dynamisch behandelconcept. Uit: Tandheelkundig jaar 1998
(red. Käyser AF et al.) Houten: Bohn Stafleu Van Loghum 1998.
• MEYER H, DE LANGE G. Prothetiek en orale implantologie. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum
• PJETURSSON BE, LANG NP. Prosthetic treatment planning on the basis of scientific evidence. J
Oral Rehabil 2008;(35)Supplement 1:72- 79.
• SCHAUB RMH. Het zorgplan; de basis voor de mondzorg. ACTA-QP, 2006.
• VAN DER ZAAG J, ROETERS J. Restauratieve beslissingen; een casus. ACTA QP
tandheelkunde 2013;9;36-43
• WISMEIJER D, BUSER D, BELSER U. ITI Treatment Guide Volume 4. Quintessence Publishing
Co, Ltd. 2010.
Vakgebied orthodontie
• GRABER T, VANARSDALL R. Orthodontics. Current principles and techniques. Third edition.
Mosby, 2000.
• PROFFIT WR, FIELDS HW. Contemporary Orthodontics. Second edition. Mosby. Sectie VIII:
Treatment for adults.
Overige informatie
De werkgroepen zijn niet verplicht. De besproken stof wordt wel getoetst.
In de werkgroepen worden multidisciplinaire cases besproken waarna centraal de in de groepen
uitgewerkte cases worden besproken met stafleden van de diverse secties.
31
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Blok Functieherstel met uitneembare voorzieningen
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_FUNCTIEHER
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1
4.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. D. Wismeyer
dr. C. Kleverlaan, F.R. Langhorst, mw. N. van Wagensveld
Hoorcollege
Doel vak
I : c(3), d(3), e(3)
VI : m(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
In dit blok komt het functieherstel door middel van uitneembare gebitsprotheses bij de (partieel)
edentate patiënt aan bod. De student leert de theoretische achtergronden die een rol spelen bij het
vervaardigen van volledige en partiële gebitsprotheses en krijgt inzicht in de beperkingen en de
problemen ten gevolge van het (moeten) dragen van gebitsprotheses. In de colleges materiaalkunde
wordt duidelijk gemaakt hoe de keuze, de verwerking en biocompatibiliteit van prothesematerialen
samenhangen met het klinisch functioneren van uitneembare protheses.
Toetsvorm
Tentamen met gesloten en/of open vragen
Literatuur
• ANDEL AG VAN. Handleiding frameprothese. ACTA 2013. Digitale uitgave op Blackboard.
• CREUGERS NHJ, WITTER DJ, BAAT C DE, KELTJENS HMAM. De partiële gebitsprothese.
Houten: Bohn Stafleu Van Loghum 2012. ISBN 9789031375752.
• JEPSOM NJA, WAAS MAJ VAN (Nederlandse redactie). De partiële prothese in theorie en
praktijk. Houten: Prelum Uitgevers 2008. ISBN 978 90 8562 021 1.
• KALK W. et al. (redactie). De volledige gebitsprothese in woord en beeld. Houten/Diegem: Bohn
Stafleu Van Loghum 2001. ISBN 90 313 2175 3
• KALK W. et al (redactie). De overkappingsprothese. Houten/Zaventem: Bohn Stafleu Van Loghum
2005. ISBN 90 313 1152 9
• MCCABE JF, WALLS AWG. Applied dental materials. Blackwell Science.
• WAAS MAJ. VAN, PARDOEN G, HARTMAN M, LIEM J. Tevredenheid met partiële
frameprothesen. ACTA QP 2007;3:31-36.
• Hand-outs van de colleges (via Blackboard).
32
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Blok Groei en ontwikkeling
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
:
:
:
:
:
:
:
T_GROEIONTW
semester 2
6.0
Nederlands
ACTA
K. van Westing
dr. A. Bakker, dr. G.E.J. Langenbach, dr. A.H.B. Schuurs, dr. W.E.R. Berkhout,
dr. C. Prahl, K. van Westing, N.C.W. van der Kaaij en Orthodontisten i.o.
• Lesmethode(n) : Hoorcollege, practicum en werkgroep
Doel vak
I : a(3), d(3), i(3), j (3), k(2)
II : a(3)
III : d(4), g(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
De opbouw van het onderwijs binnen dit blok is onderverdeeld in 4 hoofdonderwerpen:
1. Algemene groei: Voor de geboorte: wat houdt de zwangerschap in voor de (aanstaande) moeder.
Met welke veranderingen zal de tandarts rekening moeten houden. Na de geboorte: de groei en
ontwikkeling zowel geestelijk als lichamelijk.
2. Groei van het hoofd: Voor de geboorte: uit welke kieuwbogen ontstaat het hoofd en hoe
ontwikkelen de botten zich. Na de geboorte: hoe, waar en wanneer groeit het hoofd, hoe wordt dit
gedocumenteerd en gevolgd. Hoe past de gebitsontwikkeling daarin?
3. Afwijkende groei van het hoofd: Voor de geboorte: hoe ontstaan craniofaciale afwijkingen. Na de
geboorte: herkennen van aangeboren dan wel verworven afwijkende tandkaakontwikkelingen.
Welke mogelijkheden zijn er voor diagnostiek en behandeling?
4. Abnormale ontwikkelingen na de geboorte: Aan bod komen numerieke en morfologische
elementafwijkingen, structuurstoornissen van tandweefsels (incl. cement), cariës, erosie, resorptie,
gebitsveroudering, traumata en verkleuringen.
Toetsvorm
Het blok wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is voldaan:
- Voldoende voor het tentamen
- Deelgenomen aan de verplichte practica en werkgroepen.
Literatuur
• BERKOVITZ BKB, HOLLAND GR, MOXHAM BJ, Oral Anatomy, Histology,and Embryology, 3e
ed., Edinburgh, Mosby, 2002
• DONKELAAR HJ, TEN, LOHMAN AHM (red.), Klinische Anatomie en Embryologie, deel 2,
Maarssen, Elsevier gezondheidszorg, 2001
• GARANT P; Oral Cells and Tissues.
• GILSANZ V, RATIB O. Hand Bone Age: A Digital Atlas of Skeletal Maturity. Springer, 2005. ISBN
3-540-20951-4.
• JOHNSON DR, MOORE WJ, Anatomy for Dental Students. 3e ed.,Oxford,Oxford University
press,1996
• LARSEN WJ, Human Embryology, 3rd ed, New York, Churchill Livingstone, 2001
• MOORE KL, PERSAUD TVN, The Developing Human, 7th ed, Philadelphia, Saunders, 2003
• SADLER TW, Langman’s Medical Embryology, 9th ed, Philadelphia, Lippincott, Williams
and
Wilkins, 2004
33
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
•
•
•
•
•
•
•
•
SCHUURS, A.H.B, Pathology of the dental hard tissues, Wiley & Blackwell, 2012
WHAITES E. Radiography and radiology for dental care professionals, 2nd ed., Churchill
Livingstone/Elsevier, 2009. ISBN: 0702030406
Syllabus Hoofd-Hals Embryologie, ACTA 2006
Profitt, Contemporary orthodontics 5th edition 2013
Gebitsontwikkeling bij de mens - F.P.G.M. van der Linden ,september 2010 of nieuwer(ISBN:
9789031375318)
NTvT Select: Syndromen (ISBN 90 313 3876 1)
Syllabus orthodontische diagnostiek (zie Blackboard)
Collegedictaten
Overige informatie
Voor deelname aan de Ma2 Lijn Functieherstel met behulp van orthodontische behandeling verdient
het aanbeveling dat het blok Groei en ontwikkeling is gevolgd.
Alle werkgroepen in het blok Groei & Ontwikkeling zijn verplicht:
Wanneer niet is voldaan aan de verplichte onderwijsvormen binnen het blok Groei & Ontwikkeling, zal
het tijdens het tentamen behaalde resultaat niet eerder worden vrijgegeven totdat de deficiëntie is
opgeheven.
34
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Blok Medische tandheelkundige interactie II
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_M1MTI II
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 2
3.0
Nederlands
ACTA
mw. dr. D.E. van Diermen
mw. dr. D.E. van Diermen, Prof. dr. J.H. Ravesloot, drs. J. Tichelaar
Hoorcollege en Werkcollege
Doel vak
I : a(2), b(2), f(3), g(3)
III : a(4), b(3), c(3), d(3)
IV : a(2), b(3)
VI : a(4), e(3), h(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Dit blok is een voortzetting van de bachelorblokken De Zieke Mens en MTI en zal ziektebeelden
behandelen die nog niet in de bacheloropleiding aan bod gekomen zijn. De interacties van
geneesmiddelen met de mondgezondheid komen aan de orde.. Aan de hand van virtuele patiënten
zal de student zich bekwamen in het opstellen van behandelplannen voor Medisch
Gecompromitteerde Patiënten.
Toetsvorm
Het blok wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is voldaan:
- Voldoende voor het tentamen (digitaal)
- Alle patiëntendemo’s zijn gevolgd
Ter voorbereiding op werkcolleges en de patiëntendemonstraties kunnen er drie thema-opdrachten
worden gemaakt. Voldoende gemaakte en op tijd ingeleverde thema-opdrachten leveren per opdracht
maximaal 0,3 tentamenpunt op, in totaal kunnen maximaal 0,9 tentamenpunten gehaald worden.
Deze bonuspunten zijn alleen geldig bij de eerstvolgende tentamengelegenheid en vervallen daarna.
Recidivisten mogen de opdrachten ook maken en insturen per mail naar [email protected]
Literatuur
e
• BRAND, H.S., DIERMEN, D.E., MAKKES, P. (red), “Algemene Ziekteleer voor tandartsen”, 3
druk, 2012. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum.
• MARIEB, E.N., “Human Anatomy & Physiology”, 9e druk. Pearson Benjamin Cummings 2012
• NEAL, M.J., “ Medical Pharmacology at a glance” , 7th edition, Oxford, Blackwell Sciences, 2012.
• Recente relevante publicaties in wetenschappelijke tijdschriften.
• CVZ. Farmacotherapeutisch Kompas 2011 of 2012. Houten: Prelum Uitgevers, 2011.
35
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Overige informatie
Het digitale tentamen is gebaseerd op werkelijke casuïstiek van patiënten en vraagt zowel naar
fysiologische principes, klinische verschijnselen, geneesmiddelen en medisch-tandheelkundige
interacties van de behandelde ziektebeelden. Een PAK-toets is altijd onderdeel van het tentamen.
Voor studenten die in september 2014 of februari 2015 instromen in master 2 geldt een
overgangsregeling. Zie OER deel B, art 5.2
36
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Blok Mondziekten, kaakchirurgie en functionele anatomie
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
• Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
T_MONDKAAK
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1
8.0
Nederlands
ACTA
dr. M.D. Lagerweij
J.A. Baart, K.H. Karagozoglu, F.S. Kroon, dr. J.H. Koolstra,
dr. G.E.J. Langenbach, J. Nolte, prof. dr. E.A.J.M. Schulten,
prof. dr. L.E. Smeele, J.G. Tuk , dr J. de Visscher
: Hoorcolleges, practica, digitale oefentoetsen
Doel vak
I : d(3), g(3), i(3), j(3)
II : f(3)
VI : e(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
In dit blok wordt vooral de pathologie van weke delen en bot in en rond de mondholte bestudeerd.
Hierbij wordt aandacht besteed aan de verschijningsvormen, de etiologie, de diagnostiek en de
behandelingsmogelijkheden. In het blok wordt ook aandacht besteed aan de diagnostiek van veel
voorkomende en voor de tandarts relevante slijmvliesafwijkingen, afwijkende mondgewoonten,
dentogene ontstekingen, dentogene sinus max afwijkingen, extractieleer en hechten en het
voorkomen en behandelen van complicaties bij extracties. Bij het onderdeel oncologie gaat de
aandacht vooral uit naar de vroege diagnostiek en preventie van premaligne en maligne
aandoeningen in de mond en het hoofd-halsgebied, alsmede de verschillende
behandelmogelijkheden. Tevens wordt aandacht besteed aan aspecten van screening en de
algemene aspecten en gevolgen van radiotherapie en radiobiologie. Bij de onderdelen orale
pathologie en oral medicine worden de epidemiologie, de etiologie, de pathogenese, de klinische en,
waar van toepassing, röntgenologische en histopathologische aspecten van de gangbare afwijkingen
in en rond de mond behandeld met inbegrip van de differentiële diagnose, het natuurlijke beloop en
eventuele preventie en behandelingsvormen. Tevens wordt aandacht besteed aan orale bijwerkingen
van geneesmiddelen. Het anatomieonderwijs omvat een gedetailleerde behandeling van de organen
van het hoofd-halsgebied. De aandacht is daarbij vooral gericht op de structuren die de mondholte
omgeven. Tevens wordt in dit multidisciplinaire blok ingegaan op de samenhang tussen de
verschillende medische specialismen die zich bezig houden met de diagnostiek en behandeling van
afwijkingen in en rond de mondholte. Ook wordt in een van de thema’s aandacht besteed aan het
onderwerp ‘verwijzen of niet’. Als laatste komt ook forensische odontologie aan de orde.
Toetsvorm
Digitaal tentamen (gesloten boek) dat bestaat uit meerkeuzevragen en een aantal vragen naar
aanleiding van één of meer cases.
37
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Literatuur
• BAART JA, VAN DER WAAL I, Mondziekten, kaak-en aangezichtschirurgie Bohn Stafleu Van
Loghum, Houten, 2009
• SCHUNKE M, SCHULTE E, SCHUMACHER U (red). Anatomische atlas Prometheus Hoofd, hals
en neuroanatomie, 2e druk. Houten, Bohn Stafleu Van Loghum, 2010
• VRIES J DE, ROODENBURG JLN, WAAL I VD, BENDER W (red). Oncologie voor de
tandheelkundige praktijk. Van Gorcum, Assen, 2006. ISBN 90-232-4250-5/
978902342505
• Syllabus hoofd-hals Anatomie, ACTA 2005
• COO-programma’s Hoofd-hals anatomie, Kauwspieren en kaakgewricht, Zenuwvoorziening van
hoofd en hals
• Syllabus Forensische Tandheelkunde 2010
Overige informatie
Practica zijn niet verplicht, deelname op inschrijving.
38
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Blok Pijn en trauma
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docenten
• Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
T_PIJNTRAUM
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1
4.0
Nederlands
ACTA
dr. H. Shemesh
J.A. Baart, A.K. Braun, F. Dommering, L. Dubois, M. Koutris, B. Tulp,
mw. C.M. Visscher, C.J. Warnsinck
: Hoorcollege, Werkgroep
Doel vak
I : a(4), b(4), d(4), e(4), f(4), h(4), i(4), j(4), l(4)
III : b(4), c(4), d(3), f(3), g(3)
IV : a(4)
VI : a (4), d(4), e(4), f(4), g(4), h(4), i(3), j(3), o(3), q(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Het onderwijs van dit blok richt zich op onderzoek, diagnose en behandeling van pijn van (non)dentogene aard, craniomandibulaire dysfunctie en traumata van gebitselementen en het aangezicht.
De definitie van pijn wordt besproken in termen van acute en chronische pijn. Aan de orde komen
perifere en centrale mechanismen van pijntransmissie en -modulatie, alsmede pijn van preoperatieve, operatieve en postoperatieve oorsprong. Daarnaast worden ook non-farmacologische en
farmacologische vormen van pijnbeheersing en -bestrijding onderwezen.
Toetsvorm
Schriftelijk tentamen
Literatuur
• BAART, J.A. WAAL, VAN DER I., Mondziekten, kaak- en aangezichtschirurgie, Houten, Bohn
Stafleu Van Loghum 2009 ISBN 97890 3135321-7
• The International Classification of Headache Disorders, 3rd ed.-beta. Cephalalgia 2013; 33(9):
629-808.
de
• THODEN VAN VELZEN, S.K, WESSELINK PR (red.), "Endodontologie", 3 geheel herziene
druk.Houten: Bohn Stafleu Van Loghum 2010.
• Syllabus: Traumata van gebitselementen, Wesselink, P.R., ACTA 2012.
• NMT-Praktijkrichtlijn Tandletsel, NMT, Nieuwegein 2010.
• Orale kinesiologie: Temporomandibulaire disfuncties, bruxisme, gebitsattritie en slaapapneu
e
• M. NAEIJE, F. LOBBEZOO and C.M VISSCHER Bohn Stafleu Van Loghum 1 Druk 2014
• Pain Terms Part III. A Current List with Definitions and Notes on Usage. IASP 2011
• REUKERS, HAJ, VAN DAMME PhA Mondbeschermers: een lastige keuze. Ned Tijdsch.
Tandheelk 2007: 114: 242-247.
• WARNSINCK CJ, KOUTRIS M, SHEMESH H, LOBBEZOO F. Persisterende dentoalveolaire pijn
(PDAP). Ned Tijdschr Tandheelk 2015; 122: 95-100.
39
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Overige informatie
Uitvoerend coördinator: C.J. Warnsinck
Het onderwijs vindt plaats in de vorm van hoorcolleges en werkgroepen. De werkgroepen zijn
multidisciplinair en interactief.
40
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Blok Professionaliteit en portfolio
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
:
:
:
:
:
:
T_M1PROFPORT
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
1.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. C. van Loveren
Doel vak
I: a(3), b(3), c(3), d(3), e(3), f(3), g(3), h(3), i(3), j(3), k(3), l(3)
II: a(4), b(3), c(3), d(3), e(3), f(3)
III: a(4), b(3), c(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
De student legt de voortgang in zijn professionele ontwikkeling op de 7 competentie-domeinen van de
tandarts algemeen practicus vast in zijn portfolio. Hij doet dit middels schriftelijke reflectieverslagen en
verslagen van de bespreking over zijn ontwikkeling met de docent. Ook alle studieresultaten van de
Lijn EBK worden opgenomen in dit portfolio.
In het portfolio worden ook de resultaten van de Overalltoets (OAT) en deelname aan de
nabespreking hiervan vastgelegd. Bij de OAT krijgt de student een patiëntencasus voorgelegd met
daarbij een aantal (voornamelijk meerkeuze)vragen die beogen de student te toetsen op het
vermogen om adequaat een verband te leggen tussen een klinische situatie of een klinisch probleem
en de onderliggende theorie. De jaarlijkse OAT is een goede voorbereiding op de EBKeindpresentatie (Ma3), omdat daar vergelijkbare vragen worden gesteld. Een groot deel van de
vragen voor de OAT en de onderbouwing daarvan, wordt mogelijk in Ma2 en Ma3 door de studenten
zelf ontwikkeld. Het resultaat op de OAT levert de student inzicht in de eigen ontwikkeling in relatie tot
die van de medestudenten uit hetzelfde studiejaar en de overige studiejaren.
Toetsvorm
Dit blok kan worden afgerond als aan de volgende eisen is voldaan:
- Het portfolio is volledig ingevuld.
- De OAT is afgelegd en de nabespreking is gevolgd.
- Er staan geen meldingen open bij de Commissie Professioneel Gedrag.
Literatuur
Handleiding portfolio: https://portfolio.uva.nl/portal
Overige informatie
Aandachtspunten en beoordelingsformulieren aangaande Professioneel Gedrag zijn op Blackboard te
vinden. Andere informatie en handleidingen rondom het portfolio zijn ook in de betreffende
Blackboardcursus te vinden.
Ernstige overschrijdingen van professioneel gedrag zowel binnen als buiten de kliniek kunnen als
incident gemeld worden bij de Commissie Professioneel Gedrag (CPG). In samenspraak met de
student en de melder zal de CPG een traject opstellen om de overschrijding te corrigeren.
De melding wordt teniet gedaan indien het corrigerende traject afgelegd is naar tevredenheid van de
student, de melder en de CPG.
41
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Uitvoering incidentmelding PG
- Indien een docent voornemens is om een incident PG te melden dan vult hij het daartoe bestemde
formulier in. Dit formulier wordt mede ondertekend door de blok- of lijncoördinator en wordt door
de coördinator ingeleverd bij de CPG.
- De commissie PG stelt de student en de coördinator van de Lijn Professionaliteit en Portfolio
schriftelijk op de hoogte en nodigt de student uit voor een gesprek.
- De commissie PG voert een gesprek met de docent die het incident PG heeft gemeld.
- In samenspraak met de student en de melder zal de CPG een verbetertraject opstellen,
inhoudende een periode waarin, alsook een wijze waarop, de student kan laten zien over
voldoende PG te beschikken om alsnog een voldoende eindoordeel PG te behalen. Het
verbetertraject kan onder andere bestaan uit het volgen van remedial teaching of een
doorverwijzing naar externe hulpverlening. De melding wordt teniet gedaan als het verbetertraject
is afgelegd naar tevredenheid van de student, de melder en de CPG. De voldoende beoordeling
voor PG wordt gemeld bij de coördinator van de Lijn Professionaliteit en Portfolio.
- Aan het eind van Master 1, 2 en 3 gaat de coördinator van de lijn Professionaliteit en Portfolio na
of er meldingen PG open staan.
- Als de CPG van mening is dat het gedrag van de student dusdanig ernstig is dat het belang van
de patiënt, de beroepsgroep of ACTA in het geding is, dan wordt dit per ommegaande schriftelijk
aan de Examencommissie doorgegeven. In een dergelijk uitzonderlijk geval kan aan het College
van Bestuur worden voorgesteld de inschrijving van de student definitief te beëindigen.
Uitvoerend coördinator Portfolio: T. M. Monsma
Uitvoerend coördinator OAT: H.P. Wiegman
Uitvoerend coördinator PG: H. Bussink MSc
Gedetailleerde informatie over de Overalltoets is te vinden in de Blackboardcursus ‘Overalltoets 20162017’.
42
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Blok Specifieke patiëntengroepen
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
T_M1SPECPAGR
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 2
5.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. A. de Jongh
mw. D. Broers, mw. dr. K.J.M. de Jong, prof. dr. A. de Jongh, J. Oortwijn,
dr. T.R.V. Nys, S. de Vries,
: Hoorcollege, Werkgroepen, Practicum
Doel vak
I : a(3), a(4), b(3), b(4), d(4), e(3), f(3), h(4), i(3), j(4), k(3), k(4), l(4)
II : a(2), a(4), b(2)
III : a(3), a(4), b(3), c(3)
IV : a(2), d(2)
VI : a(3), b(2), d(3), g(1), h(3), j(2), v(2)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
In het blok ‘Specifieke patiëntengroepen’ staan patiëntencategorieën centraal die als afzonderlijke
groep kenmerkend zijn voor bepaalde tandheelkundige ziektebeelden of behandelingsproblematiek.
Zo komt onder andere de behandeling aan de orde die specifiek is bij moeilijk behandelbare kinderen,
zeer angstige volwassenen, mensen met psychiatrische ziektebeelden, ouderen, mensen met een
lichamelijke of verstandelijke beperking of geïnstitutionaliseerde patiënten. Er wordt geleerd
specifieke groepen patiënten te onderscheiden, er mee om te gaan en deze te behandelen, gericht op
gezondheidsbevordering en behandelingstoegankelijkheid. De bijzondere zorgcategorieën worden
tevens bestudeerd in het licht van het ethisch handelen van de tandarts. Daarnaast wordt, behalve
het benodigde theoretische kader, uitgebreid aandacht besteed aan casuïstiek, onder andere aan de
hand van videomateriaal van patiënten.
Binnen een serie practica vindt training in klinische vaardigheden plaats, waaronder het afnemen van
een psycho-sociale anamnese en het voeren van een diagnostisch gesprek met patiënten met
pathologische angst voor de tandheelkundige behandeling. In andere, parallel verlopende, groepen
wordt een aantal digitale cases van kinderen behandeld met als doel inzicht te verkrijgen in hoe
leeftijd en gedrag van een kind van invloed zijn op het tandheelkundig handelen.
Toetsvorm
Het blok wordt met een voldoende afgesloten wanneer aan de volgende eisen is voldaan:
- Alle verplichte Blackboard opdrachten zijn aan het eind van het blok en voorafgaande aan het
tentamen ingeleverd.
- Alle 3 dagdelen van het angstpracticum zijn gevolgd en de opdrachten uitgevoerd.
- Alle 4 dagdelen van het practicum/discussiebijeenkomsten van Kindertandheelkunde zijn gevolgd.
- Een voldoende resultaat voor het tentamen (open vragen) dat bestaat uit vragen over één of meer
casussen.
- Er is sprake van ‘professioneel gedrag’, in termen van positieve participatie tijdens de practica.
43
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Literatuur
• AMERONGEN VAN W.E. (red) et al., "Kindertandheelkunde 1", Houten: Bohn, Stafleu, van
Loghum 2009.
• AMERONGEN, W.E. VAN (red) et al. Kindertandheelkunde 2, Houten: Bohn, Stafleu, van Loghum
2013.
• Broers, D.L.M (2011). Mondzorg bij mensen met een beperking. Prelum Uitgevers: Houten [ISBN
978 90 8562 098 3].
• JONGH, A. DE (2004). ‘Lastige’ patiënten in de tandartspraktijk: over psychische problemen en de
gevolgen voor het behandelplan. Bohn Stafleu en van Loghum: Houten [ISBN 90313 4253].
• JONGH, A. DE (2012). Angst voor de tandheelkundige behandeling. Van Gorcum: Assen [ISBN
978 90 232 4785 2]
• LINDEN VAN F.P.G.M. "Gebitsontwikkeling bij de mens", Bohn, Stafleu, van Loghum 2010.
• NUY, M., GORDIJN, B., & TRUIN G.-J. De Prudente Tandarts, Uitgeverij SWP, Amsterdam 2002.
• Handouts en artikelen die in de studiehandleiding zijn aangegeven en van Blackboard zijn te
downloaden.
• Collegedictaat (inclusief de stof die tijdens de discussiebijeenkomsten besproken wordt)
Overige Informatie
Dit blok is bedoeld als voorbereiding op het klinisch practicum Pedodontologie binnen de Ma2 lijn
Pedodontologie.
44
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Lijn Evidence based tandheelkunde in de kliniek, KV MA1
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
• Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
T_M1LEBKKV
semester 1 en semester 2
3.0
Nederlands
ACTA
dr. A.R. Özok
S. Al-Ansari, mw. A. Baaij, dr. C. Boutsioukis, A.K. Braun,
mw. dr. D.E. van Diermen, T. Haverman, dr. A.R. Özok, W. Rademacher,
mw. B. Tulp, mw. dr. S.V. van der Waal
: Hoorcollege, Practicum, Werkgroep, Overig
Doel vak
I : a(3), b(3), c(4), d(3), e(3), f(3), g(3), h(3), i(3), j(3), l(3)
II : a(4), b(3), c(3), d(3), f(3)
III : a(4), b(3), c(3), e(2),
IV : a(3), c(2), e(3)
V : c(3), d(4), e(3), f(3)
VI : a(4), b(3), e(3), f(3), g(3), h(2), i(3),
VII: 4
Voor verklaring van de competenties zie OER, bijlage I.
Inhoud vak
De Lijn EBK, KV MA1 bestaat uit een tweetal onderdelen en dient ter voorbereiding voor specifieke
handelingen binnen de lijn EBK MA1 en de lijn EBK OWP MA2 en de LAG.
Het vak is opgedeeld in twee delen:
1. Klinische verdieping endodontologie
2. Klinische verdieping MTI (Medische Tandheelkundige Interactie)
1. Klinische verdieping endodontologie (KV-endo)
Het onderdeel Klinische verdieping Endodontologie bereidt de student voor op het zelfstandig kunnen
uitvoeren van wortelkanaalbehandelingen en bestaat uit werkbesprekingen en practica. Het
onderdeel wordt afgesloten met de niet-patiëntgebonden endotoets.
Na afloop van de KV-endo is de student:
- in staat om een diagnose van endodontische en periapicale afwijkingen op grond van klinische
bevindingen te stellen, een daarop gebaseerd endodontisch behandelplan te maken, en de risico’s
van de behandeling in te schatten;
- in staat om ontstoken, geïnfecteerd dan wel necrotisch pulpaweefsel te behandelen;
- in staat om de principes van evidence based tandheelkunde in de klinische en endodontologische
besluitvorming te integreren;
- zich bewust van de grenzen van het eigen kennen en kunnen en kan hij/zij hierop reflecteren.
2. Klinische verdieping MTI (KV-MTI)
Bij de klinische verdieping medisch tandheelkundige interactie wonen de studenten de dagelijkse
MTI-patiënten voorbesprekingen bij. Veel aandacht wordt besteed aan het afnemen van de medische
anamnese en aan mogelijke medisch-tandheelkundige interacties van patiënten die in de EBK door
Ma2 en Ma3 studenten worden behandeld.
45
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
In de 7 wekelijkse bijeenkomsten zullen de studenten in groepjes MTI-onderwerpen voorbereiden en
presenteren aan hun medestudenten. Hierbij is er aandacht voor MTI-aspecten, zoals effecten van
ziekten en geneesmiddelen op de mondgezondheid, allergieën voor tandheelkundige materialen en
het voorkómen van (acute) medische problemen tijdens of door de tandheelkundige behandeling.
In de laatste week van KV-MTI zal er een herhaling zijn van het reanimatiepracticum met AED en
zullen de acute medische situaties geoefend en getoetst worden met behulp van simulatiepatiënten.
De student zal na afloop van de KV-MTI
- in staat zijn de interacties tussen tandheelkunde en geneeskunde te herkennen en te
interpreteren, om zo een optimaal behandelplan te kunnen opstellen;
- kennis hebben opgedaan van de bijwerkingen van geneesmiddelen teneinde tandheelkundige
problemen te kunnen verklaren;
- kennis en vaardigheden hebben opgedaan met betrekking tot reanimatie en acute situaties,
alsmede gebruik van de medische noodkoffer.
Toetsvorm
De Lijn EBK, KV MA1 wordt met een voldoende afgerond als aan de volgende voorwaarden is
voldaan:
- De student heeft de Klinische verdieping Endodontologie gevolgd en de niet-patiëntgebonden
endotoets met voldoende resultaat afgerond;
- De student heeft alle verplichte onderdelen (voorbesprekingen, wekelijkse bijeenkomsten en
reanimatiepracticum) van de Klinische verdieping MTI gevolgd;
- Voor al deze onderdelen geldt een aanwezigheidsplicht.
Literatuur
e
• BRAND HS, VAN DIERMEN DE, MAKKERS PC. Algemene ziektenleer voor tandartsen, 3 druk.
Bohn Stafleu van van Loghum, Houten 2013.
• NEKOOFAR MH et al., (2006). The fundamental operating principles of electronic root canal length
measurement devices. Int Endod J, 39; 595-609.
• SLUIS, VAN DER et al., (2007). Passive ultrasonic irrigation of the root canal: a review of the
literature. Int Endod J, 40; 415-426.
• THODEN VAN VELZEN, S.K., WESSELINK, P.R. (red.) et al., (2010). Endodontologie. Houten /
Diegem: Bohn Stafleu Van Loghum 3e druk.
• WHITWORTH J (2005). Methods of filling root canals: principles and practices. Endod Topics, 12;
2-24.
Overige informatie
Een voldoende resultaat voor de niet-patiënt gebonden endotoets is voorwaarde voor het mogen
uitvoeren van wortelkanaalbehandelingen bij patiënten.
Coordinator KV Endo: Dr A.R. Özok
Coordinator KV MTI deel: Dr D.E. van Diermen
46
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Lijn Evidence based tandheelkunde in de kliniek, MA1
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_M1LEBKKLIN
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
12.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. J. Roeters
Tandartsdocenten
Hoorcollege, Practicum, Werkgroep, Portfoliobeheer, Overig
Doel vak
I : a(4), b(3), c(4), d(3), e(3), f(3), g( 2), h(3), i(3), j(3), k(3), l(3)
II : a(4), b(3), c(3), d(3), e(3), f(3)
III : a(4), b( 4),c( 4), d(3), e(2), g(3)
IV : a(2), b(3), c(2), d(3), e(3)
V : c(3), d(4), e(3), f(3), g(4), h(4), i(3)
VI : a(4), e(3), f( 4), g(3), h( 4), i(3), k(3), l(3), m(3), o( 2), q(2), s( 2), v( 2)
VII: 4
Voor verklaring van de competenties zie OER, bijlage I.
Inhoud vak
Doel van de Lijn Evidence based tandheelkunde in de kliniek, MA1 (Lijn EBK, MA1) is het toepassen
en integreren van tot dan toe binnen de bachelor opleiding opgedane kennis en vaardigheden bij
patiënten. De eerste twee weken van Master 1 worden gevuld met werkbesprekingen en preklinische
oefeningen die belangrijk zijn voor de patiënten behandeling. Het overige onderwijs vindt plaats in
een geïntegreerde setting, waarin de diagnostiek en indicatie/behandelingsplanning multidisciplinair
worden aangepakt. De student wordt voortdurend bevraagd over de actualiteit van zijn kennis en de
reikwijdte van de tandheelkundige wetenschap. Van de student wordt verwacht dat hij/zij kritisch
denkt, zichzelf voortdurend vragen stelt en hierop (wetenschappelijke) antwoorden formuleert.
In het onderwijs ligt de nadruk op een gestructureerde en zo nodig gefaseerde aanpak van de bij de
individuele patiënt voorkomende problematiek. Dit gebeurt binnen het kader van een
zorgdoel/zorgplan, opgesteld volgens de DIB-(Diagnose-Indicatie-Behandelplanning) systematiek.
Het zorgplan omvat de te ondernemen preventieve en curatieve activiteiten en geeft aan welke
zorgverleners bij de uitvoering van deze activiteiten betrokken zullen zijn. De studenten werken in
koppels onder begeleiding van een tandartsdocent. De koppels wisselen elkaar af als behandelaar en
assisterende en leren op een hygiënisch en ergonomisch verantwoorde wijze te werken.
De Lijn EBK, MA1 richt zich onder andere op:
• Het bereiken van de hierboven genoemde competentieniveaus.
• Het maken van zorg/behandelplannen (op het niveau DIB 2 en 3).
• Het zelfstandig verrichten van klinische handelingen op het op hem of haar afgestemde
competentieniveau.
47
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Toetsvorm
De Lijn EBK, MA1 wordt met een voldoende (cijfer) afgerond als aan de volgende voorwaarden is
voldaan:
- De student heeft binnen de EBK tandheelkundige zorg verleend en aan zorg gerelateerde taken
verricht gedurende alle ingeroosterde activiteiten. Een deelname van 100% van de volledig
ingeroosterde tijd is verplicht. Daarvan is 50% in de rol van hoofdbehandelaar en 50% als
assisterende. Tenminste 80% van deze tijd dient aan klinische patiëntenbehandeling te worden
besteed. Afwezigheid (om welke reden dan ook) dient gecompenseerd te worden in ingeroosterde
vakantiepractica;
- De entreetoets indirecte restauratie op de Simodont moet behaald zijn;
- De student heeft twee maal per jaar tijdens het voortgangsgesprek EBK met zijn tandartsdocent
zijn persoonlijke professionele ontwikkeling op de 7 competentiedomeinen van de tandarts
algemeen practicus besproken. Hij heeft zijn persoonlijke professionele ontwikkeling aangetoond
door middel van reflectie en zijn studieresultaten, die hij in zijn portfolio heeft opgenomen.
Literatuur
De literatuur, leerstof en klinische handleidingen behorende bij de onderwijsblokken van zowel de
bachelor- als de masteropleiding.
Overige informatie
Afronding (met voldoende) van de eisen genoemd bij Ma1 EBK en Ma2 EBK vormen een voorwaarde
voor toelating tot de Ma3 LAG. Studenten die nog niet hebben voldaan aan deze Ma1 EBK en Ma2
EBK eisen, gaan al wel deelnemen aan de LAG teams. Pas wanneer aan al deze eisen (Ma1 en
Ma2) is voldaan start de officiële LAG-termijn (aanwezigheidsplicht LAG). Effectief betekent dat de
student extra tijd in de LAG doorbrengt gelijk aan de tijd die de student extra nodig heeft gehad om
aan alle Ma1 EBK en Ma2 EBK eisen te voldoen.
Het verlenen van tandheelkundige zorg en verrichten van aan zorg gerelateerde taken houdt het
volgende in:
- Uitgangspunt is dat alle practica effectief en volledig worden benut, hetgeen betekent dat
bijvoorbeeld bij uitval van een patiënt de vrijgekomen tijd gebruikt wordt voor werken op fantoom of
om te oefenen op de Simodont, maar dit alleen na overleg met de begeleidende docent. Deze
verrichtingen op Simodont en fantoom binnen de tijd van de Ma1 EBK moeten worden
geregistreerd.
- Om de efficiëntie van de klinische patiëntenbehandeling te verhogen, kunnen timeslots worden
ingevoerd voor de diverse verrichtingen, waarbij rekening wordt gehouden met het vereiste
competentieniveau van de student.
Voor het werken op fantoom staan op blackboard geprogrammeerde instructies voor het vervaardigen
van o.a. directe composiet-fineerrestauraties. Een student moet tenminste 6 composietfineerrestauraties hebben gemaakt alvorens dergelijke restauraties bij patiënten ten uitvoer te mogen
brengen. Hetzelfde geldt voor de directe composiet-etsbrug waarvan er twee op fantoom met goed
resultaat moeten zijn vervaardigd.
Een voldoende resultaat voor de niet-patiënt gebonden klinische endotoets is voorwaarde voor het
mogen uitvoeren van wortelkanaalbehandelingen bij patiënten (zie de Lijn EBK, KV MA1).
Na het behalen van de niet-patiënt gebonden klinische endotoets dient de student in de gehele
periode Master 1 en Master 2 EBK ten minste drie kanalen endodontisch te hebben behandeld
(ongeacht het aantal behandelde elementen) bij (een) patiënt(en) op g of z-niveau.
De in de Lijn EBK OWP MA2 genoemde klinische cario-, paro en indirecte restauratietoetsen mogen
na toestemming van de docent(en) ook in de Lijn EBK, MA1 worden uitgevoerd.
48
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Een voldoende resultaat voor de Simodont entree-indirecte restauratie toets is een voorwaarde voor
het deelnemen aan de klinische indirecte restauratietoets en het mogen vervaardigen van kronen bij
patiënten.
In het uiterste geval, indien de student aantoonbaar niet in staat is geweest de klinische indirecte
restauratie te realiseren en te toetsen, worden aan het eind van Master 2 EBK, OWP twee
verschillende Simodont indirecte restauratie oefeningen en een niet-patiëntgebonden klinische
indirecte restauratietoets op fantoom als uittreed-toets afgenomen die met een voldoende dienen te
worden afgerond.
Als voorbereiding op de eindpresentatie (uitgevoerd binnen de Lijn LAG, Ma3) wordt geadviseerd
alvast op zoek te gaan naar een voor dat doel geschikte patiëntencasus.
Met betrekking tot de klinische paro toets, zoals genoemd in Lijn EBK OWP Ma2, wordt geadviseerd
alvast op zoek te gaan naar een geschikte paro patiënt.
Vrijwillig mag er worden deelgenomen aan een van de ingeroosterde KWS werkgroepen van MA2,
mits daartoe de groepsgrootte effectief blijft. Het volgen van de KWS door Ma1-studenten kan nooit
reden zijn om ander onderwijs te missen of te wisselen. In deze KWS kunnen studenten hun DIB3
plannen presenteren.
Chef de clinique: dr. J. Muris
Uitvoerend coördinator: dhr. T. Monsma
49
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma1 Lijn Functieherstel met uitneembare voorzieningen
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_LFUNCVOOR
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
6.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. D. Wismeyer
mw. N. van Wagensveld, F.R. Langhorst
Practicum, Werkbesprekingen
Doel vak
I : a(3), b(3), c(3), d(3), e(3), f(3)
VI : b(3), m(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Het doel van dit lijnonderwijs is het onder specialistische, intensieve begeleiding behandelen van een
volledig edentate patiënt evenals het preklinisch vervaardigen van een overkappingsprothese op
natuurlijke pijlers of op implantaten. Daarnaast leert de student een frameprothese te ontwerpen. Dit
laatstgenoemde onderwijs wordt deels via hand-on training gegeven (surveycursus) en deels via het
studieweb waarbij de student via discussielijsten feedback krijgt van de docent of van zijn
medestudenten op het door hem ontworpen frame.
Toetsvorm
De lijn wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is voldaan:
- Voldoende voor het preklinisch werkstuk VP.
- Voldoende voor de klinische VP.
- Voldoende voor het practicum overkappingsprothese (POP).
Het eindresultaat is het gemiddelde van de drie practicumonderdelen.
Literatuur
• Koopmans A.S.F. De vervaardiging van de preklinische volledige gebitsprothese. Handleiding
2010-2011.
• Koopmans A.S.F. Klinische handleiding voor de vervaardiging van een volledige gebitsprothese.
Handleiding 2010-2011.
• Kalk, W. et al. De overkappingsprothese op natuurlijke pijlerelementen en implantaten, Bohn
Stafleu Van Lochum, Houten/Zaventem 2005. ISBN 90 313 1152 9
• Kalk, W. et al. De volledige gebitsprothese in woord en beeld. Uitgangspunten voor diagnostiek en
behandeling van de edentate patiënt. Bohn Stafleu Van Lochum, Houten/Diegem 2001. ISBN 90
313 2175 3
• Andel, A.G. van. Handleiding frameprothese. ACTA 2013.
• Andel, A.G. van. Hand-outs college partiële prothetiek. Versie september 2012.
• Jepson N.J.A., Waas M.A.J. van (Nederlandse redactie). De partiële prothese in theorie en
praktijk. Houten: Prelum uitgevers 2008. ISBN 978-90-8562-021-1.
• Creugers NHJ, Witter DJ, Baat C de, Keltjens HMAM. De partiële gebitsprothese. Houten: Bohn
Stafleu Van Loghum 2012. ISBN 9789031375752.
50
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Overige informatie
Om binnen de lijn tot de klinische VP-stage te worden toegelaten, moet de student de preklinische VP
onderdelen met een voldoende hebben afgesloten. Zie de preklinische handleiding VP voor de criteria
waaraan moet zijn voldaan.
51
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Blok Voorbereiding wetenschappelijke scholing, MA2
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_M2VWS
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 of semester 2
2.0
Nederlands
ACTA
dr. T.J.M. van Steenbergen
dr. T.J.M. van Steenbergen, dr. A.J. van Wijk
Werkgroep, Hoorcollege
Doel vak
II: a(3), b(3), c(3), d(3), e(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
e
Dit blok is een voorbereiding op het blok Wetenschappelijke Verdieping in het 3 studiejaar van de
e
Masterfase. De student maakt in dit blok een keuze voor een onderwerp waaraan hij in het 3 jaar
wetenschappelijk onderzoek zal verrichten. Tevens maakt de student een onderzoeksopzet voor dit
onderzoek. Het blok bevat ook werkgroepen waarin zal worden geoefend met het vertalen van een
vraagstelling in een onderzoeksopzet.
Toetsvorm
Het blok wordt met een voldoende afgesloten wanneer aan de volgende eisen is voldaan:
- Actieve participatie in de werkgroepen.
- Een goedgekeurde paper (werkstuk/opdracht), waarin de onderzoekopzet wordt beschreven.
De eindbeoordeling vindt plaats op het niveau van onvoldoende of voldoende.
Literatuur
De gebruikte literatuur wordt door de student grotendeels zelf verzameld en wordt bepaald door het
gekozen onderwerp.
Overige informatie
Een voldoende resultaat voor dit blok is een toelatingseis voor de lijn Wetenschappelijke Verdieping
uit Master 3.
52
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Lijn Diagnostiek en casuïstiek
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_LDIAGCAS
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
3.0
Nederlands
ACTA
prof.dr. F.J.M. Roeters
docenten uit diverse klinische secties
Klinische les, Zelfstudie
Doel vak
I : a(4), b(4), c(4), d(4), e(4), f(4), g(4), h(4), i(4), j(4), k(4), l(4)
II : a(4), b(4), c(4), d(4), f(4)
III : a(4), b(4), c(4)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Tandheelkundige problematiek dient zich zelden aan in een zich tot één discipline beperkende
pathologie. Meestal komen verschillende ziektebeelden, soms met dezelfde etiologie, tegelijk voor bij
één en dezelfde patiënt. Zowel voor diagnostiek als voor behandeling wordt van de student vereist
dat deze de aanwezige problematiek in onderlinge samenhang kan herkennen en doorgronden.
In deze lijn wordt in een maandelijkse cyclus in een zogenaamd ‘Klinisch Forum’ door deskundigen uit
diverse klinische vakgebieden aan de hand van klinische casussen besproken hoe aan deze
vereisten kan worden voldaan, waar mogelijk onderbouwd met wetenschappelijke literatuur.
Ter bevordering van de interactie tussen de sprekers en de studenten wordt de casus (met ten minste
2 bijpassende artikelen) zo mogelijk ruim tevoren op Blackboard geplaatst. Van de studenten wordt
verwacht dat zij zich voorbereiden op het Klinisch Forum door bestudering van casus en artikelen.
Indien van tevoren beschikbaar dienen de studenten ook antwoorden te formuleren op een aantal
door de sprekers aangeleverde vragen. Tijdens het Klinisch Forum kunnen studenten worden
uitgenodigd/aangewezen hun antwoorden te presenteren en toe te lichten.
Een videoregistratie van ieder Klinisch Forum, de bijbehorende presentatie en ten minste één
wetenschappelijk artikel worden na afloop op Blackboard geplaatst ten behoeve van zelfstudie en het
maken van de verplichte toetsen.
Toetsvorm
De lijn wordt met een voldoende afgerond als aan de volgende eisen is voldaan:
- De student is aanwezig geweest bij alle Klinische Fora.
- De student heeft gemiddeld een voldoende behaald voor de digitale toetsen die na ieder Klinisch
Forum op Blackboard gemaakt kunnen worden.
Het eindcijfer wordt bepaald door het resultaat behaald bij de digitale deeltoetsen.
Indien de student niet bij alle Klinische Fora aanwezig is geweest, moet het aantal gemiste klinische
fora worden ingehaald in het volgende studiejaar.
53
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Literatuur
De bij de presentaties op Blackboard geplaatste literatuur.
De in de verschillende vakgebieden reeds onderwezen en bestudeerde literatuur wordt bekend
verondersteld.
Overige informatie
Het Klinisch Forum vindt plaats op alternerende weekdagen, telkens van 17.45 tot 18.45 uur.
Uitvoerend coördinator: H.P. Wiegman.
Deelname aan het Klinisch Forum is verplicht voor Ma2-studenten.
De in klinische problematiek geïnteresseerde Ma1-studenten en overige belangstellenden zijn van
harte welkom.
Uitvoerend coördinator: H. Wiegman
54
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Lijn Evidence based tandheelkunde in de kliniek, KV MA2
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_M2LEBKKV
Academisch jaar 2016 - 2017, semester 1 en semester 2
3.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. C. Kleverlaan
prof. dr. C. Kleverlaan, tandartsdocenten.
Practicum, Werkgroep, Hoorcollege, Portfoliobeheer.
Doel vak
I : a(4), b(3), c(4), d(4), e(4), f(4), g(3), h(3), i(3), j(4), k(4), l(4)
II : a(4), b(4), c(3), d(4), e(3), f(3)
III : a(4), b(4), c(4), d(4)
IV : a(3), b(3), c(3), d(3)
V : c(4), d(4), g(4)
VI : a(4), e(4), f(4), g(4), h(4), i(4), k(4), l(4), m(4), o(3), s(3), v(3)
VII : 4
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Het onderwijs binnen de Klinische Verdieping Ma2 Lijn EBK (Lijn EBK,KV MA2) richt zich op de
praktische en theoretische achtergronden van de restauratieve tandheelkunde in de volle breedte van
het woord. Er worden werkbesprekingen gegeven en preklinische oefeningen uitgevoerd, die
hoofdzakelijk betrekking hebben op de complexere restauratieve tandheelkunde.
De student
− zal ervaring opdoen met complexere restauratieve behandelingen;
− zal de diagnostiek, de indicatie en de behandelplanning (DIB) bij patiënten met
gemutileerde dentities/esthetische problemen adequaat weten te interpreteren.
Toetsvorm
De Lijn EBK, KV MA2 wordt met een voldoende afgerond als aan de volgende voorwaarden is
voldaan:
- De student heeft een voldoende beoordeling van de preklinische oefeningen.
Literatuur
Alle voorafgaande leerstof
Overige informatie
Een 100% deelname is verplicht. Afwezigheid (om welke reden dan ook) dient gecompenseerd te
worden in ingeroosterde vakantiepractica.
55
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Lijn Evidence based tandheelkunde in de kliniek, KWS
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_LEBKKWS
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
4.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. C. Kleverlaan
Tandartsdocenten, docenten van de secties
Werkgroepen, hoorcollege
Doel vak
I : a(4), b(4), d(4), e(4), f(4), g(4), h(4), i(4), j(4), k(4), l(4)
II : a(4), b(4), c(4), d(4), e(4), f(4)
III : a(4), b(4), c(4)
IV : a(3), b(3), c(3), d(3)
V : c(4), d(4), f(3), g(4)
VI : a(4), e(4), f(4)
VII: 4
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Het doel van de Ma2 Lijn Evidence based tandheelkunde in de kliniek, onderdeel Klinisch
Wetenschappelijke Scholing (Lijn EBK, KWS) is om de student te trainen in complexe klinische
besluitvorming gebaseerd op evidence (wetenschappelijk onderzoek). Tijdens de werkbesprekingen,
worden studenten aangezet tot kritisch nadenken en leert men op systematische wijze problemen op
te lossen. Daarbij wordt gebruik gemaakt van PICO-vragen (Problem, Intervention, Comparison,
Outcome) en het zoeken van antwoorden op die vragen in de tandheelkundige wetenschappelijke
literatuur. De nauwe samenwerking tussen de tandartsdocenten en de docenten van de
wetenschappelijke secties waarborgt dat de student voortdurend wordt bevraagd over de actualiteit
van zijn kennis en over de reikwijdte van de tandheelkundige wetenschap.
De student leert om op een steeds hoger niveau patiënten met een DIB 3, 4 of 5 te presenteren,
waarbij de koppeling naar wetenschap wordt gelegd middels de PICO systematiek. Daarnaast
worden er korte werkcolleges gegeven door docenten van de secties ter verdieping van reeds eerder
aangeboden stof.
Toetsvorm
De Ma2 Lijn EBK, KWS wordt met een voldoende afgerond als aan de volgende voorwaarden is
voldaan:
- De student heeft actief deelgenomen aan de werkbesprekingen. Een 100% deelname is verplicht.
Afwezigheid (in welke vorm dan ook) dient gecompenseerd te worden in ingeroosterde
vakantiepractica;
- De student dient binnen de Ma2 minimaal 3 patiënten met een DIB 3, 4 of 5 besproken te hebben
waarvoor een voldoende resultaat is behaald.
- De student dient met voldoende resultaat drie PICO-vragen te hebben geformuleerd, uitgewerkt en
gepresenteerd. De drie PICO-vragen dienen voort te komen uit de drie verschillende DIB
presentaties, daarmee wordt verbinding gelegd tussen de klinische casus en de wetenschap.
- Bovengenoemde studieresultaten dient de student opgenomen te hebben in het portfolio.
Literatuur
Alle voorafgaande leerstof. Daarnaast de literatuur die nodig is voor het oplossen van de PICOvragen.
56
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Lijn Evidence Based tandheelkunde in de Kliniek, OWP MA2
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_M2LEBKOWP
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en Semester 2
23.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. J. Roeters
Tandarts docenten
Practicum, Werkgroep, Hoorcollege, Overig
Doel vak
I : a(4), b(4), c(4), d(4), e(4), f(4), g(4), h(4), i(4), j(4), k(4), l(4)
II : a(4), b(4), c(4), d(4), e(4) f(3)
III : a(4), b(4), c(4), e(3), g(3)
IV : a(4), b(3), d(3), e(3)
V : c(3), d(4), e(3), f(4), g(4), h(4), i(4), j(3)
VI : a(4), e(4), f(4), g(4), h(4), i(4), j(2), k(4), l(4), m(4), n(3), o(3), q(3), s(4), u(3), v(4)
VII: 4
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Doel van de Lijn Evidence Based Tandheelkunde (Ma 2 Lijn EBK) is het toepassen en integreren van
tot dan toe opgedane kennis en vaardigheden bij patiënten. Dat vindt plaats in een geïntegreerde
setting, waarin de diagnostiek en indicatie/behandelingsplanning multidisciplinair worden aangepakt.
De student wordt voortdurend bevraagd over de actualiteit van zijn kennis en de reikwijdte van de
tandheelkundige wetenschap. Van de student wordt verwacht dat hij/zij kritisch denkt, zichzelf
voortdurend vragen stelt en hierop (wetenschappelijke) antwoorden formuleert.
In het onderwijs ligt de nadruk op een gestructureerde en zo nodig gefaseerde aanpak van de bij de
individuele patiënt voorkomende problematiek. Dit gebeurt binnen het kader van een
zorgdoel/zorgplan, opgesteld volgens de DIB-(Diagnose-Indicatie-Behandelplanning) systematiek.
Het zorgplan bepaalt de te ondernemen preventieve en curatieve activiteiten en geeft aan welke
zorgverleners bij de uitvoering van deze activiteiten betrokken zullen zijn. De studenten werken in
koppels onder begeleiding van een tandartsdocent ter bevordering van de mondzorg van de
patiënten.
Andere specifieke speerpunten binnen de EBK Master 2 zijn het verlenen van tandheelkundige eerste
hulp en het uitvoeren van intakes en periodiek mondonderzoek (polikliniek), het verlenen van
tandheelkundige zorg met een hogere mate van complexiteit en het toepassen van de Wet op de
Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO).
De Ma 2 lijn EBK richt zich onder andere op:
• Het bereiken van de hierboven genoemde competentieniveaus.
• Het benoemen van een zorgdoel, het maken van zorg/behandelplannen (op het niveau DIB 2, 3, 4
en 5).
• Het zelfstandig, de op hem of haar competentieniveau afgestemde, klinische handelingen
verrichten.
• Het vervullen van taken (intake en pijnklachten) op de polikliniek.
57
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Toetsvorm
De Lijn EBK, MA2 wordt met een voldoende afgerond als aan de volgende voorwaarden is voldaan:
- De student heeft tandheelkundige zorg verleend en aan zorg gerelateerde taken verricht binnen de
EBK, OWP Ma2 gedurende alle ingeroosterde activiteiten. Een 100% deelname van de volledig
ingeroosterde tijd is verplicht. Tenminste 80% van deze tijd dient aan klinische
patiëntenbehandeling te worden besteed. In uitzonderingsgevallen, uitsluitend in overleg met de
begeleidende docent, kan een worden ingevuld met patiënt-vervangende werkzaamheden op
Simodont en/of fantoom. Afwezigheid (met welke reden dan ook) dient gecompenseerd te worden
in ingeroosterde vakantiepractica;
- De student heeft twee maal per jaar tijdens het voortgangsgesprek EBK met zijn tandartsdocent
zijn persoonlijke professionele ontwikkeling op de 7 competentiedomeinen van de tandarts
algemeen practicus besproken. Hij heeft zijn persoonlijke professionele ontwikkeling aangetoond
door middel van reflectie en zijn studieresultaten, die hij in zijn portfolio heeft opgenomen. Het EBK
eindgesprek wordt met een voldoende afgesloten wanneer de professionele ontwikkeling van de
student naar het oordeel van de student en de klinisch docent als voldoende beoordeeld wordt op
(onderdelen van) het niveau van beginnend professional.
- De student heeft:
a. de cariologie toets behaald;
b. de paro-toets (een initiële parodontale behandeling bij een patiënt) gehaald (de herbeoordeling
na 3 maanden mag eventueel plaatsvinden in master 3); zie het paro-toets protocol.
c. de Simodont entree-indirecte restauratietoets behaald.
d. de klinische indirecte restauratietoets bij een patiënt behaald;
e. ten minste drie kanalen endodontisch behandeld bij (een) patiënt(en) op niveau g of z;
- De student heeft de verrichtingen op Simodont en fantoom binnen de tijd van de EBK
geregistreerd. Om de efficiëntie van de klinische patiëntenbehandeling te verhogen, kunnen
timeslots worden ingevoerd voor de diverse verrichtingen, waarbij rekening wordt gehouden met
het vereiste competentieniveau van de student.
Literatuur
De literatuur, leerstof en klinische handleidingen behorende bij de onderwijsblokken van zowel de
bachelor- als de masteropleiding.
Overige informatie
Afronding (met voldoende) van de eisen genoemd bij MA1 EBK en Ma2 EBK vormen een voorwaarde
voor toelating tot de Ma3 LAG. Studenten die nog niet hebben voldaan aan deze Ma1 EBK en Ma2
EBK eisen, gaan al wel deelnemen aan de LAG teams. Pas wanneer aan al deze eisen (Ma1 en
Ma2) is voldaan start de officiële LAG-termijn (aanwezigheidsplicht LAG). Effectief betekent dat de
student extra tijd in de LAG doorbrengt gelijk aan de tijd die de student extra nodig heeft gehad om
aan alle Ma1 EBK en Ma2 EBK eisen te voldoen.
Het verlenen van tandheelkundige zorg en verrichten van aan zorg gerelateerde taken houdt het
volgende in:
- Uitgangspunt is dat alle practica effectief en volledig worden benut.
- Het vervullen van politaken volgens rooster voor 100%.
Een voldoende resultaat voor de niet-patiënt gebonden klinische endotoets is voorwaarde voor het
mogen uitvoeren van wortelkanaalbehandelingen bij patiënten (zie de Lijn EBK, KV MA1).
In het uiterste geval, indien de student aantoonbaar niet in staat is geweest de klinische indirecte
restauratie bij een patiënt te realiseren en te toetsen, worden aan het eind van Ma2 EBK twee
verschillende Simodont indirecte restauratieoefeningen en een niet-patiëntgebonden klinische
58
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
indirecte restauratietoets op fantoom als uittreed-toets afgenomen, die met een voldoende dienen te
worden afgerond.
In het uiterste geval, indien de student aantoonbaar niet in staat is geweest de klinische
parobehandeling (klinische parotoets) te realiseren, wordt aan het eind van Ma2 EBK een nietpatiëntgebonden parotoets als uittreed-toets afgenomen, die met een voldoende resultaat moet
worden afgerond.
Chef de clinique: dr. J. Muris
Uitvoerend coördinator: dhr. T. Brinckman
59
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Lijn Functieherstel met behulp van implantologie en chirurgische
parodontologie
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_M2LFICP
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
10.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. D. Wismeyer
prof. dr. B. Loos, mw. prof. dr. J. Klein Nulend, prof. dr. D. Wismeyer
hoorcollege, practicum, werkgroep
Doel vak
I : e(4), k(4), l(4)
II : a(4)
III : c(4), d(4)
VI : m(4), n(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
De lijn leert de student welke mogelijkheden de orale implantologie voor de (bijna) afgestudeerde
tandarts biedt en geeft inzicht in de voordelen en beperkingen van deze behandeloptie. Daartoe
komen de basisprincipes van implanteren aan de orde zoals diagnostiek en indicatie, genezing en
inheling, esthetiek en implantaatsystemen, als ook verschillende behandelsituaties en verschillende
soorten suprastructuren met behandelprocedures. De student doet preklinische oefeningen wat
betreft de chirurgie. Verder doet hij preklinische oefeningen om de specifieke vaardigheden te leren
betreffende het maken van afdrukken van implantaten. De student dient bij de EBK patiënten die hij
behandelt te assisteren tijdens het plaatsen van implantaten.
Toetsvorm
De lijn wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is voldaan:
- de student een voldoende resultaat voor het tentamen (open/gesloten vragen) heeft behaald;
- de student heeft deelgenomen aan alle werkgroepen;
- de student geslaagd is voor de preklinische toets ‘het afdrukken van implantaten’;
- de student voor minstens één (EBK-OWP) patiënt de diagnostiek, indicatie en behandelingsplanning van één of meer implantaten heeft uitgevoerd
- de student is aanwezig geweest bij het plaatsen van het implantaat of de implantaten
- de student heeft bij een eigen of een andere (EBK-OWP) patiënt implantaten afgedrukt ten
behoeve van de te vervaardigen suprastructuur en heeft deze ook geplaatst en heeft hiervoor een
voldoende behaald;
- een goedgekeurd verslag van deze klinische implantologiestage is toegevoegd aan het portfolio;
- de student een halve dag stage heeft gelopen bij de paro-polikliniek en hiervan een goedgekeurd
verslag heeft toegevoegd aan het portfolio;
- de student heeft geassisteerd bij een door een medewerker van de afdeling Parodontologie
uitgevoerde flapoperatie.
60
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Literatuur
Vakgebied implantologie
• AVOORT PGGL VAN DER. Nazorg bij implantaten Houten: AccreDidact, 2014
• BEERTSEN W. et al. Parodontologie. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum 2009.
• BROGGINI N, BUSER D, COCHRAN DL. Glossary of oral and maxillofacial implants.
Quintessence Publisching Co, Ltd., 2009.
• FEINE JS, CARLSSON GE. Implant overdentures. Quintessence Publisching Co, Ltd. 2003.
• GOODACRE CJ. Clinical complications of osseointegrated implants. J. Prosthet Dent
2003;90:121-132
• JOKSTAD A. Osseointegration and dental implants. Wiley-Blackwell, 2009.
• LANGHORST FR. Afdrukken van implantaten. Amsterdam: ACTA, 2014
• LINDHE J. Clinical periodontology and implant dentistry. John Wiley and Sons:5th revised edition,
2008.
• MEIJER H, DE LANGE G. Prothetiek en orale implantologie. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum
2007. Naslagwerk
• PJETURSSON BE, LANG NP. Prosthetic treatment planning on the basis of scientific evidence. J
Oral Rehabil 2008; (35) Supplement 1:72-79.
• WISMEIJER D, BUSER D, BELSER U. ITI treatment Guide Volume 1 Implant Therapy is the
Esthetic Zone. Quintessence Publishing Co, Ltd. 2010.
• WISMEIJER D, BUSER D, BELSER U. ITI treatment Guide Volume 2 Loading protocols in
Implant Dentistry. Quintessence Publishing Co,Ltd. 2010
• WISMEIJER D, BUSER D, BELSER U. ITI treatment Guide Volume 4 Loading protocols in
Implant Dentistry: Edentulous patient. Quintessence Publishing Co,Ltd. 2010
• WISMEIJER D, BUSER D, BELSER U. ITI treatment Guide Volume 7 Sinus Floor Elevation
Procedure Quintessence Publishing Co, Ltd. 2010
• WISMEIJER D. FIJNHEER C. De chirurgische fase met behulp van het Straumann Dental Implant
System. Amsterdam: ACTA, 2014.
• WISMEIJER D. FIJNHEER C. Guided surgery met behulp van het Straumann Dental Implant
System. Amsterdam: ACTA 2014.
• WISMEIJER D, FIJNHEER C, Langhorst FR. Het vervaardigen van een boormal. Amsterdam:
ACTA, 2013.
• WISMEIJER D, LANGHORST FR. Handleiding voor het plaatsen van een suprastructuur op
Straumann implantaten. Amsterdam: ACTA, 2014.
Vakgebied orale celbiologie
• TADJOEDIN ES et al. Histological observations on biopsies harvested following sinus Floor
elevation using a bioactive glass material of narrow size range. Clinical Oral Implants Research
2000;334-344.
• TERHEYDEN H, LANG NP, Bierbaum S, Stadlinger B. Osseointegration – communication of cells.
Clin Oral Impl Res 2012;23:1127-1135. (met 3D-animatie op dvd Cell-to-Cell).
• ZERBO IR et al. Localisation of osteogenic and osteoclastic cells in porous beta-tricalcium
phosphate particles used for human maxillary sinus floor elevation. Biomaterials 2005;12:14451451.
Vakgebied parodontologie
• BEERTSEN W. et al. Parodontologie: Houten, Bohn Stafleu van Loghum, 2009.
• KALDAHL WB, KALKWARF KL, PATIL KD, MOLVAR MP, DYER JK. Long-term evaluation of
periodontal therapy: I. Response to 4 therapeutic modalities. J Periodontol. 1996 Feb;67(2):93102.
• QUIRYNEN M, ABARCA M, ASSCHE N VAN, NEVINS M, STEENBERGHE D VAN. Impact of
supportive periodontal therapy and implant surface roughness on implant outcome in patients with
a history of periodontitis. Journal of Clinical Periodontology 2007;34:805–815.
61
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
62
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Lijn Functieherstel met behulp van orthodontische behandeling
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
• Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
T_LFORTHO
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
5.0
Nederlands
ACTA
K. van Westing
J.C. Baart, mw. dr. A. Bos, prof. dr. E. Hakman, mw. M.L. Koning,
dr. G.J.C. Kramer, dr. R.B. Kuitert, mw. dr. C. Prahl,
prof. dr. D.B. Tuinzing, K. van Westing, N.C.W. van der Kaaij, dr. N.M.B.K.
Willems, prof. dr. A. Zentner, Orthodontisten i.o.
: Hoorcollege, Werkgroep, Practica
Doel vak
I : a(4), c(3), d(3), e(3), i(4), j(4), k(3), l(3)
II : a(4)
III : g(4)
VI : f(4), l(2), r(2), t(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Centraal in deze lijn staat het geven van inzicht in de mogelijkheden die orthodontie biedt bij
functieherstel, esthetische problemen en profielcorrecties. Het maken van een individueel en
adequaat zorgplan wordt gebaseerd op de prognose van ontstaan en verloop van de afwijking.
Daarnaast maakt de student kennis met eenvoudige orthodontische handelingen (brackets principes,
retentieprotocollen, orthodontische noodhulp etc.). De behandelplanning van afwijkingen die door
middel van orthodontie behandeld kunnen worden komt aan de orde. Om een behandelplan te
begrijpen moet de student op de hoogte zijn van de verschillende behandelmogelijkheden. Denk
hierbij aan uitneembare en vaste apparatuur eventueel in combinatie met osteotomie, implantologie
en prothetische voorzieningen. Ook de psychosomatische implicaties van de behandeling zullen aan
de orde komen, alsmede gedragsaspecten bij therapietrouw (compliance).
Toetsvorm
De lijn wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is voldaan:
- schriftelijk tentamen met voldoende resultaat (gedeeltelijk meerkeuze vragen en gedeeltelijk open
vragen).
- deelname aan de verplichte practica en werkcolleges.
Literatuur
• BAART, J.A. et al, ‘’Kaakchirurgie’’. Houten: Bohn Stafleu Van Loghum 1998
• Profitt, Contemporary orthodontics 5th edition 2013
• Gebitsontwikkeling bij de mens - F.P.G.M. van der Linden ,september 2010 of nieuwer (ISBN:
9789031375318)
• Selectie van wetenschappelijk literatuur; beschikbaar via Blackboard i.c. docent
• Aanvullingen op bovenstaande literatuur worden zo spoedig mogelijk op Blackboard gezet.
63
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Overige informatie
Er wordt vanuit gegaan dat de student voldoende kennis beheerst van Orthodontie, opgedaan in
voorgaande onderwijsjaren. Voor deelname aan de Lijn Functieherstel met behulp van orthodontische
behandeling verdient het aanbeveling dat het Ma1 Blok Groei en ontwikkeling reeds is gevolgd. De
werkgroepen Orthodontie en het practicum kliniek is verplicht onderwijs.
64
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Lijn Pedodontologie
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
• Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
T_LPEDO
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 of semester 2
3.0
Nederlands
ACTA
mw. Dr. K.J.M. de Jong
mw. T. Brethouwer, mw. F. Duvekot, mw. D. Hesse, mw. A. Schmeitink,
mw. D. van Woersem
en kindertandartsen in opleiding
: Werkgroep, Practicum
Doel vak
I : a(4), b(4), c(4), d(4), e(4), f(4), j(4), k(4)
II : a(4), c(4), d(4), f(4)
III : a(4), b(4), c(4), d(4), f(4), g(4)
V : c(4), d(4), g(4), h(4)
VI : a(4), b(3), d(4), f(4), g(4), h(4), j(4), q(4), t(3), u(4), v(4)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Het doel van het lijnonderwijs is dat de student leert zelfstandig kinderen te behandelen met aandacht
voor preventie en behandelbaarheid en dat de student leert een volledig behandelplan op te stellen,
te onderbouwen en uit te voeren. Daartoe dient de student zich te trainen in gedragsbeïnvloeding en
sociale en klinische vaardigheden.
Door nauwe samenwerking met studenten mondzorgkunde van de Hogeschool InHolland leert de
student om te gaan met taakdelegatie.
Het onderwijs bestaat uit preklinische oefeningen ter voorbereiding op de patiëntenbehandeling en uit
het behandelen van patiënten in de leeftijdscategorie van vier tot veertien jaar met uitloop tot achttien
jaar.
Bij afwezigheid van patiënten en om vaardigheden verder te trainen, kunnen preklinische oefeningen
worden ingelast, kan geoefend worden met papieren patiënten of kan bij kindertandartsen (in
opleiding) worden geassisteerd op de stafkliniek pedodontologie.
De student werkt zo veel mogelijk met een assistent, in ieder geval bij curatieve (be)handelingen.
Deze assistent kan een medestudent zijn of een student mondzorgkunde.
Toetsvorm
De lijn wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is voldaan:
- Schriftelijk tentamen met voldoende resultaat. Hierin wordt de student getoetst op het uitvoeren
van een juiste diagnostiek en het opstellen van een zorgplan op de korte en de lange termijn bij
een papieren patiënt.
- Verplichte aanwezigheid zowel bij de werk-, voor- en nabesprekingen als bij het (pre)klinisch
practicum.
- Mondelinge presentaties. De student presenteert tijdens de werkgroepen in een koppel een
onderwerp uit de kindertandheelkunde en een casus uit het klinisch practicum.
- Portfolio. De student toont in zijn digitaal portfolio aan dat hij alle onderdelen van de lijn heeft
doorlopen en dat hij de beoogde competenties van de lijn heeft behaald.
65
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Literatuur
•
•
•
•
•
•
•
AMERONGEN WE VAN, MARTENS LC, STEL G, VEERKAMP JSJ. Kindertandheelkunde deel 1.
Houten/Diemen: Bohn Stafleu van Loghum; 2009.
AMERONGEN WE VAN, MARTENS LC, STEL G, VEERKAMP JSJ. Kindertandheelkunde deel 2.
Houten/Diemen: Bohn Stafleu van Loghum; 2013.
FEJERSKOV O, NYVAD B, KIDD EAM, editors. Dental caries: the disease and its clinical\
rd
management. 3 ed. Wiley Blackwell; 2015.
LINDEN FPGM VAN DER. Gebitsontwikkeling bij de mens. Houten/Diemen: Bohn Stafleu van
Loghum 2014.
STRIJP, AJP VAN, AMERONGEN, JP VAN, KLOET HJ DE, LOVEREN C. Cariëslaesies:
e
Diagnose en behandeling. 6 editie. Prelum Uitgevers; 2015.
Studiehandleiding Lijn Pedodontologie 2015-2016
Studentenhandleiding Digitaal Portfolio Lijn Pedodontologie 2015-2016
Overige informatie
Doorstroomeis binnen de lijn:
De student dient het preklinisch practicum met een voldoende te hebben afgerond voordat hij/zij deel
kan nemen aan de patiënten behandeling binnen het klinisch practicum.
Dagelijkse coördinator: mw. T. Brethouwer
66
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Lijn Praktijkmanagement
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_LPRAKTIJK
Academisch jaar 2016 -2017
2.0
Nederlands
ACTA
dr. J. den Dekker
dr. J. den Dekker, dr. T.R.V. Nys (sectie ethiek UvA), mw. R. de Raat (UU)
Hoorcollege
Doel vak
II : a(3)
III : b(3), c(3), d(3)
IV : b(3), c(3), e(3)
V : a(3), b(3), e(3), f(3), g(3), j(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Het doel van deze lijn is de voorbereiding op de praktijkuitoefening vanuit sociaal-tandheelkundige
invalshoek. Aan de orde komen de beroepsontwikkeling, de organisatie van de (mond)zorg,
medisch/tandheelkundige ethiek, wetgeving, verzekering en financiering, praktijkvoering
(taakverdeling en bevoegdheid), kwaliteit, klachtbehandeling, toezicht en doelmatigheid van zorg.
Toetsvorm
Schriftelijk tentamen met open en/of meerkeuzevragen vragen. Driekwart van de punten kan worden
behaald uit vragen over sociaal-tandheelkundige onderwerpen, een kwart uit vragen over ethische
onderwerpen.
Literatuur
th
• BEAUCHAMP T, CHILDRESS J. Principals of Biomedical Ethics (4 edition). New York: Oxford
University Press, 1994.
• DEKKER J DEN. Sociale tandheelkunde in de praktijk. Houten: Prelum, 2016.
• Door de docenten uitgereikte teksten.
Overige informatie
Dit onderwijs wordt alleen in het eerste semester ‘live’ aangeboden. Studenten zijn in het tweede
semester aangewezen op het studieweb voor de video-opnamen.
67
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Lijn Stages
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_LSTAGES
Academisch jaar 2016 - 2017
3.0
Nederlands
ACTA
mw. dr. M.A. Klaassen
mw. dr. M.A. Klaassen
Werkgroep, Overig, Hoorcollege
Doel vak
I : b(4), i(4)
III : a(4), b(4), d(3), g(4)
IV : d(4), e(3)
VI : b(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Doel van deze lijn is om inzicht te krijgen in en kennis te maken met de bijzondere tandheelkunde
buiten de tandheelkundige praktijk en met de maatschappelijke verantwoordelijkheid die de tandarts
heeft. Tevens maakt de student kennis met het werk van een tandtechnisch laboratorium (TTL). De
lijn “Stages” borduurt voort op het theoretische Ma1 blok “Specifieke patiëntengroepen”. Specifieke
patiëntengroepen zijn bijvoorbeeld ouderen, mensen met een lichamelijke en/of verstandelijke
beperking, gedetineerden.
Het onderwijs zal bestaan uit een externe stage bij een specifieke patiëntengroep, of een korte
buitenlandstage (in overleg met de coördinator) en een bezoek aan een TTL. In een werkgroep heeft
men de gelegenheid een presentatie van zijn/haar stage te doen.
Toetsvorm
De lijn wordt met een voldoende afgerond als aan de volgende eisen is voldaan:
1. Inleveren van een compleet dossier met daarin:
− sollicitatiebrief
− stagewerkplan
− stageovereenkomst
− stageverslag
− eindbeoordelingsformulier van de stage bij de specifieke patiëntengroep
− TTLverslag
2. Presentatie van de stage
Literatuur
Afhankelijk van de stageplek dient de student zich theoretisch voor te bereiden.
Overige informatie
De externe stage dient zelf geregeld te worden, hiervoor moet tijdig een sollicitatiebrief worden
gestuurd naar de instelling van uw keuze. ACTA heeft een aantal stageplekken waarop moet worden
gesolliciteerd. Op eigen initiatief een instelling zoeken is dus nodig om gegarandeerd een stageplek
te hebben. De lijst met stageplekken kunt u inzien bij de secretaresse.
68
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma2 Professionaliteit en portfolio MA2
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
:
:
:
:
:
:
T_M2PROFPORT
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
2.0
Nederlands
ACTA
prof. dr. C. van Loveren
Doel vak
I : a(4), b(4), c(4), d(4), e(4), f(4), g(3), h(4), i(4), j(4), k(4), l(4)
II : a(4), b(4), c(4), d(4), e(4), f(4)
III : a(4), b(4), c(4)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
De student legt de voortgang in zijn professionele ontwikkeling op de 7 competentiedomeinen van de
tandarts algemeen practicus vast in zijn portfolio. Hij doet dit middels schriftelijke reflectieverslagen en
verslagen van de bespreking over zijn ontwikkeling met de docent. Bij de Overalltoets (OAT) krijgt de
student een patiëntencasus voorgelegd met daarbij een aantal (voornamelijk meerkeuze)vragen die
beogen de student te toetsen op het vermogen om adequaat een verband te leggen tussen een
klinische situatie of een klinisch probleem en de onderliggende theorie. De jaarlijkse OAT is een
goede voorbereiding op de EBK-eindpresentatie (uitgevoerd tijdens de Lijn LAG Ma3), omdat daar
vergelijkbare vragen worden gesteld. Een groot deel van de vragen voor de OAT en de onderbouwing
daarvan, wordt in Ma2 en Ma3 door de studenten zelf ontwikkeld. Het resultaat op de OAT levert de
student inzicht in de eigen ontwikkeling in relatie tot die van de medestudenten uit hetzelfde studiejaar
en de overige studiejaren.
Toetsvorm
Dit blok kan worden afgerond als aan de volgende eisen is voldaan:
- Het portfolio is volledig ingevuld.
- De OAT is afgelegd en de nabespreking is gevolgd.
- Er staan geen meldingen open bij de Commissie Professioneel Gedrag.
Literatuur
Handleiding portfolio: https://portfolio.uva.nl/portal
Overige informatie
Aandachtspunten en beoordelingsformulieren aangaande Professioneel Gedrag zijn op Blackboard te
vinden. Andere informatie en handleidingen rondom het portfolio zijn ook in de betreffende
Blackboardcursus te vinden.
Ernstige overschrijdingen van professioneel gedrag zowel binnen als buiten de kliniek kunnen als
incident gemeld worden bij de Commissie Professioneel Gedrag (CPG). In samenspraak met de
student en de melder zal de CPG een traject opstellen om de overschrijding te corrigeren. De melding
wordt teniet gedaan indien het corrigerende traject afgelegd is naar tevredenheid van de student, de
melder en de CPG.
69
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Uitvoering incidentmelding PG
- Indien een docent voornemens is om een incident PG te melden dan vult hij het daartoe bestemde
formulier in. Dit formulier wordt mede ondertekend door de blok- of lijncoördinator en wordt door
de coördinator ingeleverd bij de CPG.
- De commissie PG stelt de student en de coördinator van de Lijn Professionaliteit en Portfolio
schriftelijk op de hoogte en nodigt de student uit voor een gesprek.
- De commissie PG voert een gesprek met de docent die het incident PG heeft gemeld.
- In samenspraak met de student en de melder zal de CPG een verbetertraject opstellen,
inhoudende een periode waarin, alsook een wijze waarop, de student kan laten zien over
voldoende PG te beschikken om alsnog een voldoende eindoordeel PG te behalen. Het
verbetertraject kan onder andere bestaan uit het volgen van remedial teaching of een
doorverwijzing naar externe hulpverlening. De melding wordt teniet gedaan als het verbetertraject
is afgelegd naar tevredenheid van de student, de melder en de CPG. De voldoende beoordeling
voor PG wordt gemeld bij de coördinator van de Lijn Professionaliteit en Portfolio.
- Aan het eind van Master 1, 2 en 3 gaat de coördinator van de lijn Professionaliteit en Portfolio na
of er meldingen PG open staan.
- Als de CPG van mening is dat het gedrag van de student dusdanig ernstig is dat het belang van
de patiënt, de beroepsgroep of ACTA in het geding is, dan wordt dit per ommegaande schriftelijk
aan de Examencommissie doorgegeven. In een dergelijk uitzonderlijk geval kan aan het College
van Bestuur worden voorgesteld de inschrijving van de student definitief te beëindigen.
Uitvoerend coördinator Portfolio_EBK: T. M. Monsma
Uitvoerend coördinator OAT: H.P. Wiegman
Uitvoerend coördinator PG: H. Bussink MSc
Gedetailleerde informatie over de Overalltoets is te vinden in de Blackboardcursus ‘Overalltoets 20162017’.
70
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma3 Blok Klinische profielen
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docenten
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
T_M3KLINPROF
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
7.0
Nederlands
ACTA
dr. A. Rollman
dr. R.C. Hoogeveen, mw. dr. K.J.M. de Jong, prof. dr. A. de Jongh,
prof. dr. C. Kleverlaan, dr. G.J.C. Kramer, dr. M.D. Lagerweij,
C.J. Warnsinck, W. Wesemael, P. Wetselaar, prof. dr. D. Wismeyer
: Practicum, Werkgroep
Doel vak
I : a(4), b(4), c(4), d(4), e(4), f(4), g(4), h(4), i(4), j(4), k(4), l(4)
II : a(4), b(4), d(4), e(4), f(4)
III : a(4), b(4), c(4), d(4)
VI : a(4), b(3), c(3), d-m(4), n(3), o(4), p(3), q(4), r(3), s(4), t(3), u(4), v(4)
De competenties in dit domein verschillen per profiel (zie “Inhoud vak”)
VII
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
In het blok “Klinische profielen” maakt de student verder kennis met een klinisch deelgebied van de
tandheelkunde. Het gekozen profiel bereidt de student voor op een mogelijke keuze voor een
tandheelkundige differentiatie of specialisatie. De student kan een keuze maken uit de volgende
profielen, die allen een eigen profielcoördinator hebben (zie hierboven; “Docenten”):
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
•
Profiel “Bijzondere Zorggroepen” (Combi-profiel)
Profiel “Endodontologie”
Profiel “Kindertandheelkunde”
Profiel “Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie AMC”
Profiel “Mondziekten, Kaak- en Aangezichtschirurgie VUmc”
Profiel “Orale Implantologie”
Profiel “Orale Kinesiologie”
Profiel “Orale Radiologie”
Profiel “Orthodontie”
Profiel “Parodontologie”
Profiel “Restauratieve Tandheelkunde-MTI
Daarnaast kan een student er voor kiezen om het Klinisch profiel buiten ACTA of in het buitenland te
volgen. Daartoe zoekt de student contact met een van de profielcoördinatoren, teneinde de
vakinhoudelijke begeleiding vanuit ACTA te waarborgen.
Voor ieder profiel is een korte beschrijving beschikbaar, waarin achtereenvolgens aan bod komen: de
gegevens van de profielcoördinator, een korte beschrijving van de inhoud van het profiel, de
leerdoelen, de instroommogelijkheden en -momenten, en de dagen/dagdelen waarop het profiel wordt
aangeboden. In totaal dient de student 192 uren in detail te verantwoorden, waarvan er maximaal 40
aan zelfstudie mogen worden besteed. Bovendien maakt de student een verslag van de
werkzaamheden waar zelfreflectie deel van uitmaakt. Hierbij wordt onder andere aangegeven of de
leerdoelen zijn gehaald. Bij aanvang van het blok maakt de student afspraken met de begeleider en
de medebegeleider en legt deze schriftelijk vast. Aan het einde van het blok wordt de student door
71
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
beide begeleiders beoordeeld, waarbij naast de urenverantwoording en het verslag ook het profiel als
geheel wordt beoordeeld. De punten die bij die beoordeling aan bod komen staan op het
beoordelingsformulier. In de studiehandleiding is na te lezen hoe het eindcijfer tot stand komt.
Toetsvorm
De volgende onderdelen worden getoetst: het profiel als geheel, de urenverantwoording en het
verslag. Het verslag bevat een zelfreflectie, waarin de student onder andere wordt gevraagd om aan
te geven in hoeverre en hoe de profiel-specifieke leerdoelen zijn gehaald. Uit die beschrijving blijkt
tevens het individueel behaalde beheersingsniveau.
Literatuur
Per profiel wordt de student profiel-specifieke literatuur aangeboden die helpt bij het verdiepen van
het inzicht van de student. Deze literatuur zal vooral recente wetenschappelijke publicaties behelzen.
Overige informatie
Alle blokken en lijnen uit Master 1 en 2 moeten zijn doorlopen.
72
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma3 Blok Ziekenhuisstage
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
:
:
:
:
:
:
T_M3ZKHSTAGE
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
11.0
Nederlands
ACTA
dr. M.D. Lagerweij
Doel vak
I : a(4), b(4), c(4), d(4), f(4), g(4), h(4), i(4), j(4)
II : b(4)
VI : e(4), h(4), j(4), n(3), p(3), s(4).
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
De ziekenhuisstage richt zich op patiënten met problemen op het gebied van mondziekten, kaak- en
aangezichtschirurgie. De student leert:
- de patiënt systematisch te onderzoeken
- het probleem te omschrijven
- behandelingsvoorstellen te doen
- (eenvoudige) behandelingen zelf uit te voeren of
- de patiënt voor consult en/of behandeling te verwijzen.
Daarnaast leert de student voorlichting te geven over kaakchirurgische ingrepen en over de te
verwachten nabezwaren en het eindresultaat. Tevens vormt de student zich een beeld omtrent de
samenwerking en taakverdeling tussen tandarts en kaakchirurg.
De stage wordt gedurende 4 weken gevolgd in VUmc (VU medisch centrum) of AMC (Amsterdams
medisch centrum) en vervolgens gedurende 4 weken in MCA (medisch centrum Alkmaar), SG
(Spaarne gasthuis te Haarlem), LUMC (Leids universitair medisch centrum), Erasmus mc (medisch
centrum) te Rotterdam of UMCU (universitair medisch centrum Utrecht).
Toetsvorm
De student wordt beoordeeld op de volgende punten:
- verloop van de stage: aanpak van de verschillende werkzaamheden, gedrag, inzet en opstelling;
de omgang met patiënten en staf, communicatieve vaardigheden e.d.; toepassing van kennis van
de mondziekten en kaakchirurgie, orale pathologie, en algemene ziekteleer.
- een portfolio met tenminste 4 KPF (Korte Praktijk Feedback), 2 OSAT (Objective Structured
Assessment of Technical skills) en 1 PICO presentatie.
- extractie van ten minste 10 gebitselementen.
- 5 korte digitale toetsen.
- een zelfde portfolio m.b.t. de externe klinieken (4 KPF, 2 OSAT en 1 PICO).
Het verloop van de stage en de casuspresentaties worden door de staf van beide locaties
beoordeeld. Voor elk van de afzonderlijke onderdelen moet ten minste een 6.0 worden behaald.
Aangezien tijdens een stage veel geleerd wordt, zal de student zich tijdens de interne en vervolgens
externe stage zich meestal verbeteren. Indien er tijdens de interne stage aandachtspunten zijn welke
verbeterd moeten worden, wordt de beoordeling van de externe stage op deze aandachtspunten met
extra nadruk beoordeeld. Het overall oordeel kan dan alsnog voldoende zijn. Indien er
aandachtspunten zijn zullen deze met de student en de externe stage plaats gecommuniceerd
worden.
73
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Indien het verloop van de stage en/of de casus/ PICO presentaties na 4 en/ of 8 weken als
onvoldoende wordt/worden beoordeeld, dan zal een deel van de stage of de gehele stage opnieuw
moeten worden gevolgd of door middel van een gerichte opdracht/ presentatie. De duur,
samenstelling en locatie hiervan wordt door de coördinator bepaald in overleg met de interne en/of
externe stage begeleiders.
Literatuur
• BAART JA, VAN DER WAAL I, Mondziekten, kaak-en aangezichtschirurgie, Bohn Stafleu Van
Loghum, Houten, 2009
• BAART JA, BRAND HS, Lokale anesthesie in de tandheelkunde, Bohn Stafleu Van Loghum,
de
Houten, 2 herziene druk 2013
• Studiehandleidingencoassistenten,2015-2016, inclusief instructies op BlackBoard
Vereiste voorkennis
U hebt zich voorbereid op de stage MKA door vóóraf de volgende literatuur te bestuderen:
Zie literatuur.
Overige informatie
Studiehandleidingen, docenten en overige informatie is te vinden op BlackBoard.
Beslist grondig doornemen. Deze informatie wordt als bekend verondersteld.
74
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma3 Lijn Academische groepspraktijk
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docent(en)
Lesmethoden
:
:
:
:
:
:
:
:
T_M3ACGRPRAK
Academisch jaar 2016 - 2017, semester 1 en semester 2
20.0
Nederlands
ACTA
Prof. dr. J. Roeters
Tandartsdocenten, dr. J. den Dekker
Practicum, werkbesprekingen, werkgroepen, zelfstudie,
portfoliobeheer
Doel vak
I : a-g(4), i-l(4)
II : a-f(4)
III : a-f(4)
IV : a-e(4)
V : a-j(4)
VI : a(4), b(4), d-v(4)
VII : a (4)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Binnen het onderwijs van de Lijn Academische groepspraktijk (LAG) ligt het zwaartepunt op het
zelfstandig leren werken, het communiceren met de patiënt, het samenwerken met verschillende
zorgverleners, het verrichten van managementtaken en op het tonen van professioneel gedrag.
Het onderwijs in de LAG wordt aangeboden in de vorm van een gecontroleerde algemene praktijk. Dit
e
houdt in dat de 3 jaar Master studenten in een team samenwerken met studenten van de opleiding
mondzorgkunde (OMZ), onder begeleiding van tandartsdocenten en OMZ docenten. Dit team is
gezamenlijk verantwoordelijk voor de zorg van een groep patiënten. Iedere student bekwaamt zich in
verschillende taken. In de rol van teamleider is men verantwoordelijk voor de organisatie binnen het
team, de verdeling van de zorg-gerelateerde taken tussen de zorgverleners en de kwaliteitsbewaking
van de geleverde zorg.
De student leert op deze wijze samen te werken met anderen, verantwoordelijkheden te nemen en te
delen en leiding te geven. De student ontwikkelt zich zo tot een tandheelkundige professional.
Op basis van de in voorgaande jaren opgedane kennis en vaardigheden (competenties) verleent de
student op een gestructureerde wijze zorg aan patiënten met tandheelkundige problematiek van
allerlei aard. In een voor de individuele patiënt opgesteld zorgplan staan de gewenste preventieve en
curatieve activiteiten en deze bepalen welke zorgverleners betrokken zijn bij de uitvoering van het
plan. De patiëntenzorg binnen de LAG omvat naast het verlenen van tandheelkundige zorg aan het
bestaande patiëntenbestand ook de pijnklachtenopvang, de intake van nieuwe patiënten en het
behandelen van bijzondere zorggroepen waaronder kinderen. Op deze wijze bereidt de student zich
voor op de zelfstandige beroepsuitoefening.
Aan de hand van casuspresentaties en PICO-vragen bekwaamt de student zich verder in het
wetenschappelijk beargumenteerd klinisch handelen. Daarbij komen ook facetten van professioneel
handelen aan bod zoals ethisch redeneren, communicatieve- en onderzoeks-vaardigheden, kritisch
reflecteren op eigen handelen en het nemen van maatschappelijke verantwoordelijkheid.
Praktijkmanagement vormt een onderdeel van de LAG.
75
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Hierbij wordt aandacht besteed aan het verder ontwikkelen van professioneel gedrag bij de student.
Onder andere beroepsethiek, personeelsmanagement (HRM), kwaliteit van de zorg en
maatschappelijk handelen komen aan de orde.
Toetsvorm
De lijn wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is voldaan:
- De student heeft tandheelkundige zorg verleend en zorg gerelateerde taken verricht binnen de
LAG gedurende alle ingeroosterde activiteiten. Een 100% deelname is verplicht. Tenminste 80%
van deze tijd dient aan klinische patiënten behandeling te worden besteed. Daarvan is 50% in de
rol van hoofdbehandelaar en 50% als assisterende. Afwezigheid (met welke reden dan ook) dient
ingehaald te worden in ingeroosterde vakantiepractica.
- De verrichtingen op Simodont en fantoom binnen de tijd van de EBK moeten worden
geregistreerd. Om de efficiëntie van de klinische patiëntenbehandeling te verhogen, kunnen
timeslots worden ingevoerd voor de diverse verrichtingen, waarbij rekening wordt gehouden met
het vereiste competentieniveau van de student.
- Voldoende verslaglegging gedaan hebben in het portfolio van: de verleende zorg, de
casuspresentaties, voortgangsgesprekken en de 360° feedback met behulp van Korte Klinische
Beoordelingen;
- De student heeft tweemaal per jaar tijdens het voortgangsgesprek Ma3 LAG met zijn
tandartsdocent zijn persoonlijke professionele ontwikkeling op de 7 competentiedomeinen van de
tandarts algemeen practicus besproken. De student heeft diens persoonlijke professionele
ontwikkeling aangetoond door middel van reflectie en zijn studieresultaten, die in het portfolio zijn
opgenomen. Het portfolio eindgesprek dient met een voldoende afgesloten te worden. Dit is het
geval wanneer de professionele ontwikkeling van de student naar het oordeel van twee klinisch
docenten als voldoende beoordeeld wordt op het niveau van beginnend professional.
- De student heeft de eindpresentatie (voorheen EBK-eindpresentatie) met goed gevolg afgerond.
- Het met een voldoende afgesloten hebben van de Objective Structured Clinical Examination
(OSCE);
- Het met een voldoende afgesloten hebben van de 4 opdrachten van Praktijkmanagement.
Literatuur
• BEAUCHAMP T, CHILDRESS J. Principles of Biomedical ethica. Oxford University Press, 2008.
• DEKKER J. DEN. Mondzorg in sociaal perspectief. Tweede, herziene uitgave. Houten: Bohn
Stafleu Van Loghum, 2012.
• DIEBELS M, BLANKEMEIJER R. In- en uitstroom in 100 vragen. Kluwer, 2007.
• OZAR DT, SOKOL DJ. Dental ethics at chairside: professional principles and practical
applications. Georgetown University Press, 2002.
• Door de docenten uitgereikte teksten.
• De literatuur en leerstof behorende bij de onderwijsblokken van zowel de bachelor- als de
masteropleiding. Daarnaast zoekt de student zelf de literatuur nodig voor het oplossen van de
PICO-vragen.
Overige informatie
Afronding (met voldoende) van de eisen genoemd bij Ma1 EBK en Ma2 EBK vormen een voorwaarde
voor toelating tot de Ma3 LAG. Studenten die nog niet hebben voldaan aan deze Ma1 EBK en Ma2
EBK eisen, gaan al wel deelnemen aan de LAG teams. Pas wanneer aan al deze eisen (Ma1 en
Ma2) is voldaan start de officiële LAG-termijn (aanwezigheidsplicht LAG, te weten 32 weken - 2
dagen, of 16 weken - 4 dagen). Effectief betekent dat de student extra tijd in de LAG doorbrengt gelijk
aan de tijd die de student extra nodig heeft gehad om aan alle Ma1 EBK en Ma2 EBK eisen te
voldoen.
Alle blokken en lijnen uit Master 1 en 2 moeten zijn doorlopen.
76
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Het verlenen van tandheelkundige zorg en verrichten van aan zorg gerelateerde taken houdt in dat
alle practica effectief en volledig worden benut. Deelname aan de lijn Ma3 LAG-teams start in
september en februari; de officiële LAG-termijn start pas wanneer aan alle Ma1 EBK en Ma2 EBK
eisen is voldaan.
Chef de clinique: dr. J. Muris
Uitvoerend coördinator: mw. K. Kouwenberg
77
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma3 Lijn Professionaliteit en portfolio
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
:
:
:
:
:
:
T_M3PROFPORT
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
5.0
Nederlands
ACTA
prof.dr. C. van Loveren
Doel vak
I: a(4), b(4), c(4), d(4), e(4), f(4), g(4), h(4), i(4), j(4), k(4), l(4)
II: a(4), b(4), c(4), d(4), e(4), f(4)
III: a(4), b(4), c(4)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
De student legt de voortgang in zijn professionele ontwikkeling op de 7 competentie-domeinen van de
tandarts algemeen practicus vast in zijn portfolio. Hij doet dit middels schriftelijke reflectieverslagen en
verslagen van de bespreking over zijn ontwikkeling met de docent.
De student doet verslag in het portfolio van de verleende zorg binnen de LAG, van de
casuspresentaties, van de maandelijkse voortgangsgesprekken, van de 360° feedback met behulp
van Korte Klinische Beoordelingen.
Ernstige overschrijdingen van professioneel gedrag zowel binnen als buiten de kliniek kunnen als
incident gemeld worden bij de Commissie Professioneel Gedrag (CPG). Doorgaans zal dit gebeuren
via tussenkomst van een blok- of lijncoördinator. In samenspraak met de student en de melder zal de
CPG een traject opstellen om de overschrijding te corrigeren. De melding wordt teniet gedaan indien
het corrigerende traject afgelegd is naar tevredenheid van de student, de melder en de CPG.
De invulling en verantwoording van de Vrije studieruimte (extracurriculaire activiteiten) worden ook in
het portfolio vastgelegd. Tijdens Master 3 moet de student ten minste 100 studielasturen besteden
aan extracurriculaire activiteiten. Dit kunnen allerlei activiteiten zijn op academisch leer-, werk-, of
denkniveau zoals een student-assistentschap om zich te verdiepen in bepaalde aspecten van de
tandheelkunde, een studieonderdeel volgen bij een andere faculteit, een voordracht houden bij een
wetenschappelijke bijeenkomst, congresbezoek, etc. Binnen 1 maand na aanvang van Master 3 moet
de student zijn plannen ter goedkeuring voorleggen aan de blokcoördinator. Dit plan beschrijft ten
minste de inhoud van de activiteiten en de wijze waarop uitvoering ervan getoetst wordt. Aan het eind
van Master 3 moet de student bewijs leveren dat hij de vrije studieruimte conform het ingediende plan
heeft uitgevoerd en een reflectieverslag inleveren waarin hij beschrijft wat hij geleerd heeft tijdens
deze activiteiten.
Daarnaast maakt de Overalltoets (OAT) deel uit van deze lijn.
Naar aanleiding van een patiëntencasus krijgt de student in de OAT een aantal (voornamelijk
meerkeuze)vragen voorgelegd die beogen het vermogen van de student te toetsen om adequaat een
verbinding te leggen tussen (de oorzaken van) een klinische situatie of een klinisch probleem en de
onderliggende theorie.
Hiermee vormt het jaarlijks maken van de OAT niet alleen een stimulans om dit soort vragen te stellen
en te beantwoorden tijdens het klinisch onderwijs. Een groot deel van de vragen voor de OAT en de
onderbouwing daarvan, wordt in Ma2 en Ma3 door de studenten zelf ontwikkeld.
Het jaarlijks maken van de OAT levert de student daarnaast inzicht in de studievoortgang, gerelateerd
aan die van de medestudenten uit hetzelfde studiejaar en de overige studiejaren.
78
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Toetsvorm
De lijn professionaliteit en portfolio wordt afgesloten aan het einde van Master 3 wanneer aan de
hand van het portfolio blijkt dat:
- Het portfolio volledig is ingevuld.
- De student de invulling en verantwoording (reflectie) van de vrije studieruimte (extracurriculaire
activiteiten) heeft vastgelegd in het portfolio.
- De OAT met een voldoende resultaat is afgerond.
- Er geen meldingen Professioneel gedrag openstaan.
Literatuur
Handleiding portfolio: https://portfolio.uva.nl/portal
Overige informatie
Aandachtspunten en beoordelingsformulieren aangaande Professioneel Gedrag zijn op Blackboard te
vinden. Andere informatie en handleidingen rondom het portfolio zijn ook in de betreffende
Blackboardcursus te vinden.
Ernstige overschrijdingen van professioneel gedrag zowel binnen als buiten de kliniek kunnen als
incident gemeld worden bij de Commissie Professioneel Gedrag (CPG). In samenspraak met de
student en de melder zal de CPG een traject opstellen om de overschrijding te corrigeren. De melding
wordt teniet gedaan indien het corrigerende traject afgelegd is naar tevredenheid van de student, de
melder en de CPG.
Uitvoering incidentmelding PG
- Indien een docent voornemens is om een incident PG te melden dan vult hij het daartoe bestemde
formulier in. Dit formulier wordt mede ondertekend door de blok- of lijncoördinator en wordt door
de coördinator ingeleverd bij de CPG.
- De commissie PG stelt de student en de coördinator van de Lijn Professionaliteit en Portfolio
schriftelijk op de hoogte en nodigt de student uit voor een gesprek.
- De commissie PG voert een gesprek met de docent die het incident PG heeft gemeld.
- In samenspraak met de student en de melder zal de CPG een verbetertraject opstellen,
inhoudende een periode waarin, alsook een wijze waarop, de student kan laten zien over
voldoende PG te beschikken om alsnog een voldoende eindoordeel PG te behalen. Het
verbetertraject kan onder andere bestaan uit het volgen van remedial teaching of een
doorverwijzing naar externe hulpverlening. De melding wordt teniet gedaan als het verbetertraject
is afgelegd naar tevredenheid van de student, de melder en de CPG. De voldoende beoordeling
voor PG wordt gemeld bij de coördinator van de Lijn Professionaliteit en Portfolio.
- Aan het eind van Master 1, 2 en 3 gaat de coördinator van de lijn Professionaliteit en Portfolio na
of er meldingen PG open staan.
- Als de CPG van mening is dat het gedrag van de student dusdanig ernstig is dat het belang van
de patiënt, de beroepsgroep of ACTA in het geding is, dan wordt dit per ommegaande schriftelijk
aan de Examencommissie doorgegeven. In een dergelijk uitzonderlijk geval kan aan het College
van Bestuur worden voorgesteld de inschrijving van de student definitief te beëindigen.
Uitvoerend coördinator portfolio: T. M. Monsma
Uitvoerend coördinator OAT: H.P. Wiegman
Uitvoerend coördinator PG: H. Bussink MSc
Mailadres met betrekking tot de Vrije Studieruimte: [email protected]
Gedetailleerde informatie over de Overalltoets is te vinden in de Blackboardcursus ‘Overalltoets 20162017’.
79
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma3 Lijn Stralingsbescherming
•
•
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
Docenten
Lesmethode(n)
:
:
:
:
:
:
:
:
T_M3STRALB
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 of semester 2
1.0
Nederlands
ACTA
dr. W.E.R. Berkhout
dr. W.E.R. Berkhout, dr. G.C.H. Sanderink
Hoorcollege, Werkgroep
Doel vak
I : e(4), h(4)
IV : b(4)
V : e(4), i(4), j(4)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
De tandarts is in het kader van zijn/haar werkzaamheden met ioniserende straling verplicht kennis te
hebben over het gebruik van en bescherming tegen (röntgen)straling. In deze lijn wordt aandacht
besteed aan het risico dat het werken met straling met zich meebrengt, de biologische effecten en de
bescherming daartegen van patiënt, tandheelkundig personeel en de omgeving. De werking van het
röntgentoestel en de invloed van de belichtingsparameters op de dosis voor patiënt en omgeving
komen aan bod, alsmede de werkingsprincipes van röntgendetectoren en hun invloed op de dosis en
de kwaliteit van het diagnostisch beeld. Het samenstellen van een stralingsrisicoanalyse voor de
tandartspraktijk is een belangrijk onderdeel van het onderwijs in de lijn.
Stralingsbescherming in de tandheelkunde betekent ook het diagnostisch optimaal gebruik maken
van straling. De kwaliteit van de indicatiestelling van röntgenopnamen, de opnametechniek en de
diagnostiek worden in een individuele opdracht behandeld.
Toetsvorm
De lijn wordt met een voldoende afgesloten als aan de volgende eisen is voldaan:
- een voldoende resultaat voor het tentamen (open en multiple choice vragen);
- verplichte aanwezigheid bij de werkgroepen, incl. opdracht bespreking individuele opnamen;
- de opdrachten zijn voorafgaand aan de werkgroepen ingeleverd;
Literatuur
• STELT, P.F. VAN DER et al. (red.); Tandheelkundige radiologie. Houten: Bohn Stafleu Van
Loghum 1997. (wordt digitaal beschikbaar gesteld)
• Practicumhandleiding Stralingsbescherming. Syllabus ACTA, 2006.
• Door de docenten uitgereikte teksten.
Overige informatie
Deze opleiding voldoet aan de eindtermen Stralingshygiëne voor Tandartsen en is erkend door het
ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (Regeling van de Minister van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid van 2 december 2013, 2013-0000167945, betreffende de erkenning van
opleidingen voor deskundigen op het gebied van radioactieve stoffen en toestellen).
80
Masteropleiding tandheelkunde 2016-2017
Ma3 Lijn Wetenschappelijke verdieping
•
•
•
•
•
•
Vakcode
Periode
Credits
Voertaal
Faculteit
Coördinator
:
:
:
:
:
:
T_M3WETVDIEP
Academisch jaar 2016 – 2017, semester 1 en semester 2
16.0
Nederlands / Engels
ACTA
dr. T.J.M. van Steenbergen
Doel vak
II : a(3), b(3), c(3), d(3), e(3), f(3)
III : f(3)
Voor verklaring van de competenties zie OER, deel B, art. 2.2.
Inhoud vak
Dit blok is bedoeld om studenten een wetenschappelijk onderzoek te laten doen in een deel van de
tandheelkunde, dan wel een gerelateerd bio- medisch vakgebied. Door niet alleen over onderzoek te
lezen, maar ook door het zelf uitvoeren ervan wordt een kritische wetenschappelijke houding
bevorderd. Dit is o.a. van belang om nieuwe ontwikkelingen in het klinisch handelen goed te kunnen
beoordelen. Het blok bestaat uit een onderzoekstage. In deze onderzoekstage doet de student een
eigen (deel) onderzoek of verricht een uitgebreide literatuurstudie.
Toetsvorm
Het blok wordt afgesloten met een scriptie (masterthesis). De beoordeling geschiedt op basis van de
wijze van uitvoering van het project (40%), de scriptie (40%) en de eindpresentatie (20%). Elk van
deze drie onderdelen dient met een voldoende afgesloten te worden.
Literatuur
De gebruikte literatuur wordt door de student grotendeels zelf verzameld en wordt bepaald door het
gekozen project.
Vereiste voorkennis
Ingangseis voor deze lijn is dat het blok Voorbereiding wetenschappelijke scholing, MA2 met een
voldoende afgerond moet zijn.
Overige informatie
Gedurende het blok maakt de student zoveel mogelijk deel uit van de afdeling/sectie van waaruit het
project wordt begeleid. Aan het eind van het blok presenteert iedere student de uitkomsten van
zijn/haar project en beschrijft de resultaten van het onderzoek in een scriptie.
81
Download