aanvullende beleidslijn over afhaalpunten en

advertisement
Voorstel aan Burgemeester en Wethouders
Voorblad
A.T. Bokkers
(036) 54484043
Verseon
16 september 2014
Pagina 1/8
Parafen:
Onderwerp
Toezegging inzake afhaalpunten en kringloopwinkels
Portefeuillehouder
Programma
Economische Ontwikkeling
M. Pol, 26 sept. 2014
Portefeuillehouder(s)
M. Pol
Soort Stuk
Bespreekstuk
1. In te stemmen met het toestaan van afhaalpunten op
bedrijventerreinen, met uitzondering van De Vaart
en Buitenvaart;
2. In te stemmen met het toestaan van
kringloopwinkels op binnenstedelijke en modern
gemengde bedrijventerreinen;
3. De raad te informeren door middel van een
raadsbrief en daarmee te voldoen aan de toezegging
van 13 februari 2014.
Voorgesteld besluit
Openbaarmaking besluit
Embargo tot:
Directeur
Bestuurlijke Planning
Richtdatum in college
30 september 2014
Richtdatum in carrousel en raad
n.v.t.
Dienstcontroller
Bestuurlijke Besluitvorming
Behandeld in collegevergadering op
G. Blom, 23 sept. 2014
30 september 2014
b/a F. van Kempen, 22 sept. 2014
Behandeld in Politieke markt op
Raadsbesluit op
Bijlagen
Raadsbrief
Concerntoetser
M. Reeuwijk, 25 sept. 2014
Voorstel aan Burgemeester en Wethouders
Verseon
Toelichting
16 september 2014
Pagina 2/8
Aanleiding
De raad heeft op 6 maart jl. ingestemd met de beleidskeuzes van de
“Detailhandelsvisie Almere 2014”. In het raadsvoorstel is aangekondigd dat op
twee punten zou worden teruggekomen, namelijk afhaalpunten en
kringloopwinkels. Bovendien is tijdens de behandeling van de Detailhandelsvisie
aan de raad toegezegd dat de raad zou worden geïnformeerd over hoe de gemeente
wil omgaan met kringloopwinkels.
De essentie van dit voorstel is dat zowel afhaalpunten als kringloopwinkels mogelijk
gemaakt worden in Almere. In het algemeen kan namelijk gesteld worden dat deze
beide vormen van bedrijvigheid, die beiden gelieerd zijn aan detailhandel,
aansluiten op nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen en behoeften vanuit de
consument en marktpartijen.
Alternatieven en voorgestelde keuze
T.a.v. Afhaalpunten:
1. Het alternatief is geen afhaalpunten toe te staan op (delen van bepaalde)
bedrijventerreinen, maar alleen op locaties waar detailhandel toegestaan is.
Almere mist daarmee de aansluiting bij een snel opkomende e-commerceontwikkeling welke voorziet in een duidelijke maatschappelijke
consumentenbehoefte.
T.a.v. Kringloopwinkels:
2. Het alternatief is kringloopwinkels als reguliere detailhandel te beschouwen
(dan is het niet mogelijk deze te vestigen op de bedrijventerreinen). De
bestaande kringloopwinkels zullen dan geconsolideerd worden
(uitsterfconstructie indien de functie wordt opgeheven) en er worden geen
nieuwe locaties voor kringloopwinkels toestaan.
Voorgestelde keuzen:
In te stemmen met het mogelijk maken, onder voorwaarden, van afhaalpunten op
bedrijventerreinen, met uitzondering van De Vaart en Buitenvaart.
Toelichting op beslispunten
In te stemmen met het toestaan van kringloopwinkels op binnenstedelijke en
modern gemengde bedrijventerreinen.
Detailhandelsvisie Almere 2014
In de Detailhandelsvisie Almere 2014 is opgenomen dat dagelijkse detailhandel is
toegestaan in of aan buurt-, wijk- en stadsdeelcentra, in het stadscentrum en in
een aantal solitaire supermarkten. Niet-dagelijkse detailhandel wordt
geconcentreerd in het stadscentrum en de stadsdeelcentra en deze wordt daarbuiten
zoveel mogelijk beperkt. Op de bedrijventerreinen is geen detailhandel toegestaan.
Uitzonderingen zijn mogelijkheden voor beperkt kleinschalige detailhandel op een
deelterrein van Markerkant, in de bedrijfswoningen op bedrijventerreinen met een
maximum van 25 m² winkelvloeroppervlak (w.v.o.) en de ondergeschikte
detailhandel, mits gelieerd aan productie van goederen. Perifere detailhandel
(PDV) is beperkt toegestaan op enkele bedrijventerreinen. Ook op basis van de
Gemeentelijke VestigingsVisie 2010, GVV, is detailhandel niet toegestaan op
bedrijventerreinen.
Afhaalpunten
1. In te stemmen met het toestaan van afhaalpunten op bedrijventerreinen,
met uitzondering van De Vaart en Buitenvaart.
Inleiding
In de Detailhandelsvisie is beleid en zijn definities opgenomen voor de drie
onderscheiden vormen van e-commerce, namelijk webwinkels, internetwinkels en
afhaalpunten. In de beleidskeuze met betrekking tot afhaalpunten is bepaald: “de
vestiging van pure afhaalpunten (“pick-up-points”) onder voorwaarden mogelijk
maken op bedrijventerreinen en hiervoor de definitie van afhaalpunten aanpassen”.
Op 6 mei jl. is er in dit kader een marktconsultatie gehouden over afhaalpunten.
Op basis van de Detailhandelsvisie Almere 2014 worden afhaalpunten bij voorkeur
zo veel als mogelijk geïntegreerd in de bestaande winkelstructuur.
Afhaalpunten in of nabij de winkels/winkelcentra (de zogenoemde “instore’
afhaalpunten) zijn gekoppeld aan bestaande winkels in winkelgebieden en
versterken daarmee de bestaande detailhandelsstructuur.
Daarnaast bestaan er “pure” afhaalpunten (“stand alone” afhaalpunten/pick-uppoints), waarbij de goederen alleen kunnen worden afgehaald, er geen sprake is van
een showroom en er geen extra aankopen kunnen worden gedaan. Afhaalpunten
worden in de Detailhandelsvisie Almere 2014 niet langer als detailhandel gezien,
maar als een bedrijfsfunctie (logistiek). Een afhaalpunt wordt in de
detailhandelsvisie daarom gedefinieerd als “een locatie waar de consument
uitsluitend via internet bestelde goederen kan afhalen of retourneren, en waar
uitsluitend logistiek en opslag van bestelde goederen gedurende een korte periode
plaatsvindt en waarbij geen sprake is van uitstalling ten verkoop en/of overige
activiteiten”. Deze definitie heeft nadrukkelijk niet op het oog een situatie waarbij er
sprake zou kunnen zijn van een geringe afstand tussen de afhaallocatie en de locatie
waar het bedrijf/magazijn/showroom op hetzelfde bedrijventerrein zich bevindt en
waar de goederen zijn gekocht, zodanig dat er in wezen nog steeds sprake is van een
directe relatie in de zin van een functioneel-ruimtelijke eenheid. Een puur
afhaalpunt op een bedrijventerrein zoals in deze visie bedoeld is, is namelijk een
geheel losstaande vestiging die geen directe relatie heeft met detailhandel of
bedrijfsactiviteiten in de nabije omgeving c.q. een vestiging op het bedrijventerrein.
Aanvoer van artikelen naar het afhaalpunt vindt in de regel plaats vanuit
distributiecentra en alleen nadat ze besteld zijn.
Een wezenlijk aspect bij pure afhaalpunten is dat goederen die niet vooraf via
internet besteld zijn, ook niet kunnen worden afgehaald. Het is dus niet mogelijk
om ter plekke, naast de eerder geplaatste bestelling, aanvullende goederen te kopen,
omdat die niet aanwezig zijn. Bij afhaalpunten kan wel sprake zijn van fysiek
klantcontact, maar deze vorm is uitsluitend bedoeld om van tevoren bestelde
goederen af te halen of eventueel te retourneren. Afhaalpunten zijn niet te
vergelijken met detailhandel in de klassieke zin van het woord, maar meer te
beoordelen als een logistieke oplossing voor de “laatste kilometer”.
Het afhaalpunt voorziet in een consumentenbehoefte. De koper hoeft niet op
gezette tijden thuis te zijn om de producten in ontvangst te nemen. De verkoper
kan lagere bezorgkosten in rekening brengen omdat de logistieke kosten dalen; de
‘laatste kilometer’ wordt feitelijk door de consument afgelegd, in plaats van door de
verkoper. Zo lijken afhaalpunten vooralsnog de beste logistieke oplossing voor het
groeiende aantal online detailhandelsbestedingen en de grote stroom goederen die
daarop volgt.
Ondanks het feit dat afhaalpunten in winkelgebieden kunnen worden opgezet,
bestaat er ook vanuit de markt behoefte, zo blijkt onder meer uit de gehouden
marktconsultatie, om pure afhaalpunten ook buiten de winkelgebieden kansen te
bieden.
Doordat pure afhaalpunten ook als een (logistiek) bedrijf gezien kunnen worden,
dus niet als een gangbare winkelfunctie, ontstaat de mogelijkheid om deze te
realiseren op locaties buiten de bestaande winkelstructuur. Dit zijn daarmee dan
nieuwe vestigingspunten op solitaire locaties, dat wil zeggen, deze maken geen
onderdeel uit van een winkelgebied, maar bevinden zich met name op
bedrijventerreinen.
Aanbieders van afhaalpunten gaven aan, naast afhaalpunten in winkelgebieden,
behoefte te hebben aan kavels van ongeveer 1.500 m² grond waarop een
afhaalvoorziening van circa 500 m² kon worden gebouwd. Maar ook bestaande
bouw is mogelijk.
De voorkeur van marktpartijen gaat uit naar locaties nabij de op- en afritten van de
rijkswegen A6 en A27 en in de nabijheid van de hoofdontsluitingswegen zoals
Hogering/Buitenring en Tussenring. Op dergelijke locaties kunnen geïnteresseerde
marktpartijen zowel de inwoners van Almere als langskomende consumenten
(bijvoorbeeld forensen) bedienen.
Mede op basis van deze informatie wordt voorgesteld buiten de bedrijventerreinen
geen locaties aan te wijzen voor afhaalpunten, dus geen locaties binnen de openbare
groenstructuur langs bijvoorbeeld hoofdontsluitingswegen.
In de woonwijken is onder voorwaarden bij elke woning 25 m²
winkelvloeroppervlak mogelijk, hier is afhalen sowieso dan ook mogelijk. Van pure
afhaalpunten zal in de woonwijk geen sprake zijn aangezien daarvoor de fysieke
ruimte te klein zal zijn en ook het concept an sich van Pick-Up-Points zich niet
leent voor vestiging in een woonwijk.
In beginsel worden afhaalpunten toegestaan op bedrijventerreinen. Uitzondering
wordt gemaakt voor de agrarische bedrijventerreinen zoals Buitenvaart en
industriële bedrijventerreinen zoals De Vaart. Deze laatste twee typen terreinen
komen niet in aanmerking voor afhaalpunten, zoals ook al in bijlage 4 van de
Detailhandelsvisie Almere 2014 is opgenomen. Deze terreinen lenen zich er qua
aard van de bedrijvigheid niet voor om een consumentengericht afhaalpunt te
vestigen. De Buitenvaart is primair bestemd voor glastuinbouw (zoals ook in het
Startdocument Buitenvaart in aanloop naar het bestemmingsplan is vastgelegd) en
de Vaart is een industrieel bedrijventerrein met vestigingsmogelijkheden voor
bedrijven in de hogere milieucategorieën.
Voorwaarden voor vestiging van een puur afhaalpunt op de genoemde typen
bedrijventerreinen zijn:
- voldoende parkeerplaatsen en ruimte voor laden, lossen en manoeuvreren
dienen op eigen terrein te worden gerealiseerd;
- de locatie van het afhaalpunt dient goed ontsloten te zijn: een directe en
korte aansluiting op de hoofdwegenstructuur;
- geen showroom/uitstalling ten verkoop van artikelen;
- geen verkoop van andere artikelen dan de af te halen, reeds bestelde
artikelen;
- geen ondergeschikte detailhandel is toegestaan, zoals bedoeld bij bedrijven
(en beroep- bedrijf aan huis).
Met deze insteek wordt feitelijk gekozen voor een passief beleid, d.w.z., er worden
kaders gesteld waaraan een afhaalpunt moet voldoen en vervolgens dient elk
initiatief op zijn eigen verdiensten beoordeeld te worden. Met name op grond van
de hierboven genoemde voorwaarden van vestiging dient een en ander doorvertaald
te worden in de betreffende bestemmingsplannen. Dit zal in veel gevallen maatwerk
zijn en kan ook betekenen dat er (binnenstedelijke) bedrijventerreinen zijn waar
geen “afhaalpunt” mogelijk wordt gemaakt.
Hoe bestemmingsplantechnisch regelen?
Uit oogpunt van bescherming van de winkelgebieden is een goede borging in
bestemmingsplannen en handhaving nodig. Dit om te voorkomen dat de komst van
een afhaalpunt de deur open zet voor vestiging van detailhandel op nietdetailhandelsbestemmingen.
Voor sommige bedrijventerreinen kan conform het bestemmingsplan al onder de
noemer van “Bedrijf” een logistieke dienstverlener, i.c. een afhaalpunt, gevestigd
worden.
De standaarddefinitie in bestemmingsplannen voor de functie Bedrijf luidt: “een
onderneming waarbij het accent ligt op het vervaardigen, bewerken, installeren en
verhandelen van goederen, waaronder detailhandel als ondergeschikte
bedrijfsactiviteit. Onder bedrijf wordt ook verstaan: bezorgservice, webwinkel,
afhaalpunt en andere vergelijkbare bedrijven”.
(Afhankelijk van het type bedrijventerrein kan deze definitie aangepast worden,
bijvoorbeeld door bij bedrijventerreinen waar geen afhaalpunt gewenst is, de term
afhaalpunt eruit te halen).
Waar dit niet zodanig is verwoord kan een specifieke bestemming van afhaalpunt
opgenomen worden (afhaalpunt volgens de definitie uit de Detailhandelsvisie
Almere 2014).
Kringloopwinkels
2. In te stemmen met het toestaan van kringloopwinkels op binnenstedelijke
en modern gemengde bedrijventerreinen.
Inleiding
Volgens de Detailhandelsvisie is detailhandel toegestaan op locaties met
detailhandelsbestemming. Kringloopwinkels vestigen zich in de praktijk echter
eerder op bedrijventerreinen vanwege het volumineuze karakter en de relatief lage
huurprijs dan in winkelcentra. Er zijn in Almere drie kringloopwinkels gevestigd,
een op De Steiger, een op Markerkant (beiden modern gemengde, reguliere
bedrijventerreinen) en een op Frezersplaats (een binnenstedelijk bedrijventerrein).
De kringloopwinkel op Poldervlak is begin 2014 afgebrand.
Tot op heden bestaat er geen specifiek beleid voor kringloopwinkels in Almere. De
Detailhandelsnota uit 2004 ging niet in op deze branche, evenals de
Detailhandelsvisies Almere 2012 en 2014. Volgens jurisprudentie worden de
activiteiten van kringloopwinkels als detailhandel beschouwd.
Achtergronden
Algemene kenmerken van een gangbare kringloopwinkel:
- Een kringloopwinkel is meestal een bedrijf/stichting waar de activiteiten
bestaan uit het inzamelen, selecteren, sorteren en repareren van
tweedehands goederen die vervolgens weer ter verkoop worden
aangeboden. Deels dus bedrijfsmatige activiteiten en voor een groot deel
detailhandel. Bovendien vervullen ze hiermee een maatschappelijke functie.
- Het voorziet in de behoeften van met name mensen met een smalle beurs.
Het assortiment is zeer breed: onder meer kleding, servies, boeken,
huishoudelijke apparatuur, meubels, wit- en bruingoed.
- Door de bedrijfsmatige component (inzamelen, selecteren en repareren van
goederen vereist een werkplaatsfunctie) zijn veel kringloopwinkels in
Nederland gevestigd op bedrijventerreinen. Door de combinatie van
inzamelruimte, opslag en detailhandel passen deze voorzieningen fysiekruimtelijk vaak niet in een winkelcentrum of stadscentrum. Soms is de rand
van een stadscentrum wel geschikt.
- Een kringloopwinkel kent een verkeersaantrekkende werking van bezoekers
en aanvoer van goederen door particulieren.
- Een kringloopwinkel heeft geen directe (negatieve) effecten op de
bestaande centra doordat het een eigen specifieke dynamiek en assortiment
heeft.
Volgens de Branchevereniging Kringloopbedrijven Nederland (BKN) zijn binnen
haar werkingssfeer kringloopbedrijven als volgt gedefinieerd:
Kringloopbedrijven zijn bedrijven die zich bezighouden met:
- inzameling van herbruikbaar (grof) huishoudelijk “afval” dat “om niet”
wordt verkregen;
- verkoop van om niet verkregen (grof) huishoudelijk “afval”, waarbij
vermindering van negatieve effecten op het milieu wordt nagestreefd;
- het creëren van werkgelegenheid voor mensen met een afstand tot de
reguliere arbeidsmarkt (dit aspect is dan wel geen ruimtelijk criterium,
maar is wel een wezenlijk aspect van een kringloopwinkel en kan daarom in
de toelichting van het bestemmingsplan opgenomen worden).
Het Hoofdbedrijfschap voor de Detailhandel (HBD) kenmerkt deze branche wel als
winkels, maar ziet ook dat deze veelal toegestaan worden op PDV locaties vanwege:
- minder goed passend in een regulier stadscentrum of wijkwinkelcentrum;
- magazijn- en werkplaatsfunctie
- lagere m² prijzen mede in samenhang met de sociale doelstelling.
Kringloopwinkels passen binnen de duurzaamheidsgedachte van de Almere
Principles en voorzien in een consumentenbehoefte. Het is daarom wenselijk dat er
kringloopbedrijven als voorziening in de stad aanwezig zijn.
Een kringloopwinkel is deels reguliere detailhandel, zij het alleen in tweedehands
goederen, deels PDV (volumineus), deels het uitoefenen van bedrijfsmatige
activiteiten, zoals het inzamelen, sorteren en eventueel repareren van (in de regel
door particulieren) aangevoerde, afgedankte goederen. Een kringloopwinkel
verschilt van een gewone tweedehandswinkel doordat deze goederen “om niet”
worden aangeleverd. Ook wordt er gewerkt vanuit sociale en ideële doelstellingen
en werken er mensen met een achterstand op de arbeidsmarkt. Van belang is dat er
een wezenlijk onderscheid gemaakt wordt met een gewone winkel die tweedehands
goederen verkoopt. Een kringloopwinkel is namelijk een verbijzondering van
reguliere detailhandel, het is een integraal ketenconcept dat gezien haar aard te
onderscheiden is van een gewone tweedehandswinkel.
De definitie van een kringloopwinkel wordt als volgt voorgesteld:
“Een kringloopwinkel is een vestiging welke bedrijfsmatige activiteiten en
detailhandelsactiviteiten verricht, bestaande uit de inzameling “om niet” van een
breed assortiment van tweedehands goederen van overwegend particulieren, de
eventuele reparatie daarvan en verkoop van deze goederen (waaronder
volumineuze) aan hoofdzakelijk particulieren”.
In vergelijking met de definitie zoals die is opgenomen in de Detailhandelsvisie
Almere 2014 zijn de termen ‘breed assortiment’ en ‘om niet’ toegevoegd, mede om
het verschil te benadrukken met een ‘gewone’ tweedehandswinkel. Deze specifieke
definitie dient in de bestemmingsplanregels te worden opgenomen, de functie
'kringloopwinkel' in de doeleindenomschrijving van de betreffende bestemming.
Door de brede opzet van deze specifieke bedrijfstak is het wenselijk dat hiervoor
ook ruimte wordt geboden buiten de winkelcentra. Mede vanuit deze gedachte is
het daarom gewenst dat kringloopwinkels een uitzondering vormen op de regel dat
detailhandel niet op bedrijventerreinen gevestigd kan worden. Vanuit overwegingen
van ruimtelijke kwaliteit zal een dergelijke voorziening op een bedrijventerrein geen
ontwrichtende effecten veroorzaken richting winkelgebieden. De genoemde
specifieke definitie, een eigen begripsbepaling op met name de bedrijventerreinen,
is nodig om te voorkomen dat, indien een kringloopwinkel daar beëindigd wordt, er
zich eventueel reguliere detailhandel in het pand gaat vestigen.
Typen bedrijventerreinen
Wat de typen bedrijventerreinen betreft waar kringloopwinkels zich kunnen vestigen
ligt het voor de hand dat deze beperkt worden tot die bedrijventerreinen die voor
consumenten goed bereikbaar zijn en die relatief dicht bij een woonwijk liggen.
Daarnaast komen die bedrijventerreinen in aanmerking waar de bedrijven qua aard
van de bedrijfsactiviteiten niet onnodig belemmerd worden in hun bedrijfsvoering
met de eventuele komst van een kringloopwinkel. Kringloopwinkels moeten geen
negatieve ruimtelijke effecten veroorzaken op de bedrijfsomgeving waar deze
gevestigd zijn. Daarom komen de binnenstedelijke en modern gemengde
bedrijventerreinen (zoals in de GVV van 2010 genoemd) hier voor in aanmerking,
dus niet de agrarische, zoals Buitenvaart (specifiek glastuinbouw), niet de
industriële, zoals De Vaart (relatief hoge milieucategorieën) en niet de logistieke
(relatief veel vrachtwagenverkeer)zoals Stichtsekant, Hollandsekant en
Sallandsekant. Uiteindelijk is een kringloopwinkel ook een vorm van een
publieksvoorziening, welke “in het zicht” van een woonwijk gesitueerd dient te zijn.
Vanzelfsprekend dient elke vestiging fysiek en verkeerskundig ingepast te worden,
waaronder parkeren, laden, lossen en manoeuvreren op eigen terrein.
3. De raad informeren door middel van een raadsbrief.
Aangezien het een uitwerking betreft van de Detailhandelsvisie Almere 2014 kan
volstaan worden met een raadsbrief.
Afstemming
-
Beleidskader
-
Financiele afstemming
n.v.t.
-
Juridische afstemming
n.v.t.
-
Andere afstemming
- De afdelingen Ruimte & Wonen en VTH stemmen in met dit voorstel.
-
Detailhandelsvisie Almere 2014
-
Gemeentelijke Visie op het Vestigingsbeleid (GVV), 2010
Overleg
Resultaat intern overleg
Resultaat extern overleg
Communicatie
-
Interne communicatie
-
Externe communicatie
Vervolgprocedure
-
Verzending raadsbrief
-
De strekking van dit voorstel kan verwerkt worden in de bestemmingsplannen
voor zover relevant.
Voorstel aan Burgemeester en Wethouders
Besluit
Verseon
16 september 2014
Pagina 8/8
Vergaderdatum
30 september 2014
Besluit conform voorstel
B en W besluit
1. In te stemmen met het toestaan van afhaalpunten op bedrijventerreinen, met
uitzondering van De Vaart en Buitenvaart;
2. In te stemmen met het toestaan van kringloopwinkels op binnenstedelijke en modern
gemengde bedrijventerreinen;
3. De raad te informeren door middel van een raadsbrief en daarmee te voldoen aan de
toezegging van 13 februari 2014.
Opmerkingen/acties (inclusief termijn en verantwoordelijke persoon)
Download