handboek-brainfingers

advertisement
Handboek Workshop
BRAINFINGERS
Minor Active Ageing
Versie: 1.0
Docent: Inge Loghe
Datum: 19-09-2016
Studenten:
Gijs Lemans
Marloes de Korte
Merel Tax
Monique van Falier
2084289
2072374
2086652
2080395
I
Inhoud
1.
Inleiding................................................................................................................................................... 1
2.
Plan van aanpak ...................................................................................................................................... 3
3.
4.
2.1
Groepsleden, opleiding en taakverdeling....................................................................................... 3
2.2.
Persoonlijke leerdoelen .................................................................................................................. 3
2.3
Drie mogelijke onderwerpen + definitieve keuze .......................................................................... 4
2.4
Afbakening ...................................................................................................................................... 4
2.5
Koppeling met de Minor Active Ageing .......................................................................................... 6
2.6
Doel workshop ................................................................................................................................ 6
2.7
Contactpersonen ............................................................................................................................ 7
2.8
Verwachtingen................................................................................................................................ 7
Workshop ................................................................................................................................................ 8
3.1
Toelichting keuze workshop ........................................................................................................... 8
3.2
Mediabericht(en) ............................................................................................................................ 8
3.3
Beschrijving werkvorm ................................................................................................................... 9
3.4
Programma workshop .................................................................................................................... 9
Procesbeschrijving ................................................................................................................................ 10
4.1
Samenwerking .............................................................................................................................. 10
4.2
De persoonlijke leerdoelen........................................................................................................... 11
4.3
Planning ........................................................................................................................................ 12
5. Inhoud workshop ...................................................................................................................................... 13
6.
5.1
Dwarslaesie .................................................................................................................................. 13
5.2
Locked- in Syndroom .................................................................................................................... 14
5.3
Hoe werkt EEG? ............................................................................................................................ 14
5.4
Wat is Brainfingers........................................................................................................................ 15
5.5
Verdere mogelijkheden met EEG technologie. ............................................................................ 16
Discussie ................................................................................................................................................ 17
Literatuur....................................................................................................................................................... 18
II
1. Inleiding
Mieke van Oss heeft in 2015 een gastcollege gegeven aan de studenten verpleegkunde van Avans
Hoge school. Monique en Marloes, leden van de workshopgroep, waren hierbij aanwezig. Mieke van
Oss valt in 2005 uit haar hangmat en komt zodanig terecht waardoor ze een hoge dwarslaesie
oploopt. Ze is vanaf haar schouders verlamd, ze kan enkel nog haar hoofd bewegen en spreken.
Mieke draagt, zoals ze zelf zegt, een ‘Hindoe stip’. De stip is vergelijkbaar met een muis waar ze mee
op de monitor, die op haar rolstoel is bevestigd, kan aansturen. Hierdoor kan zij alsnog zelfstandig
handelingen uitvoeren, zoals de gordijnen en deuren open doen. Mieke is recent nog op hart van
Nederland geweest, hier vertelt zij over haar huidige situatie. Mieke krijgt vijf dagen in de week
huishoudelijke hulp, maar de hulp mag haar geen drinken aanbieden. Hier moet ze speciaal de
verpleegkundige voor bellen. (“Gehandicapte Mieke moet zorg bellen voor glas water”, z.j.)
De groepsleden van de workshop vonden de situatie van Mieke erg boeiend en zijn literatuur gaan
zoeken over hulpmiddelen zoals de ‘Hindoe stip’ van Mieke. Het apparaat Brainfingers werd
gevonden. Volgens A. Olijslager wordt de Brainfingers veelal toegepast bij patiënten met een hoge
dwarslaesie of het Locked- in Syndroom. Echter was er in deze combinatie niet veer literatuur en
beeldmateriaal te vinden. Wel was er beeldmateriaal te vinden over Chris. Chris is een jonge man
met een hersenverlamming die droomt over een muziek carrière. Door het apparaat Brainfingers kan
hij zijn droom werkelijkheid maken.
Naar aanleiding van de bovenstaande informatie zal het apparaat Brainfingers deze workshop
centraal staan. Brainfingers is een redelijk nieuwe techniek die gebruikt wordt bij ziektebeelden zoals
een hoge dwarslaesie en het Locked-in Syndroom. Het apparaat is aangesloten aan bijvoorbeeld een
tablet en wordt aangestuurd door middel van hersengolven en minimale spierbewegingen in het
aangezicht. “Brainfingers”(2011).
Een dwarslaesie is een beschadiging van het ruggenmerg. De ruggenmerg is onderdeel van het
centrale zenuwstelsel. In het ruggenmerg zitten zenuwen, die vanuit het ruggenmerg naar het gehele
lichaam toe lopen. De zenuwen gebruiken prikkels om gevoel waar te nemen en bewegingen aan te
sturen. Bij een dwarslaesie kunnen de zenuwen hun prikkels niet doorgeven naar de rest van het
lichaam. Vanaf de plaats van beschadiging kan men geheel of gedeeltelijk verlamd raken.
“Dwarslaesie”(2011).
Bij het ziektebeeld Locked-in Syndroom is de patiënt als ware ‘opgesloten’ in het eigen lichaam. De
patiënt kan niet meer communiceren of bewegen door volledige verlamming. Deze verlamming is
zodanig dat de patiënt ook niet met het hoofd kan bewegen. De oorzaak van het Locked-in Syndroom
is een infarct in de hersenstam. Hierdoor kunnen de hersenen geen signaal meer sturen naar het
ruggenmerg. Hersenletsel (z.j.)
De workshopgroep bestaat uit vier groepsleden, Monique van Falier, Gijs Lemans, Marloes de Korte
en Merel Tax. Marloes en Monique studeren Verpleegkunde. Gijs en Merel studeren
Gezondheidszorg Technologie. De workshop zal aan de studenten van de minor Active Ageing
gegeven worden. Het doel achter deze workshop is dat de studenten na deze workshop een
basiskennis bezitten van het apparaat Brainfingers, zodat ze deze kennis in de toekomst toe kunnen
passen.
Als eerst zal in hoofdstuk 2 het plan van aanpak beschreven worden. In dit hoofdstuk staat onder
andere de persoonlijke leerdoelen, de afbakening, doel van de workshop en de doelstellingen
beschreven. In hoofdstuk 3 wordt de workshop verder toegelicht en de werkvorm beschreven. In
hoofdstuk 4 wordt beschreven hoe de samenwerking is gegaan tijdens de innoverende opdracht.
Ieder groepslid heeft hier over een korte reflectie geschreven. Daarnaast wordt in hoofdstuk 4 ook
1
de planning weergegeven. In hoofdstuk 5 wordt het apparaat Brainfingers toegelicht en worden er
ziektebeelden uitgelegd zoals Dwarslaesie en het Locked-in Syndroom. Tot slot wordt er in hoofdstuk
6 de discussie punten weergegeven en volgt de literatuurlijst.
2
2.
Plan van aanpak
2.1
Groepsleden, opleiding en taakverdeling
Groepsleden
Gijs Lemans
Opleiding
Gezondheidstechnologie
Marloes de Korte
Merel Tax
Monique van Falier
Verpleegkunde
Gezondheidstechnologie
Verpleegkunde
Functie
Contactpersoon van het bedrijf,
voorzitter
Kwaliteitscontrole handboek
Spellingscontrole handboek
Notulist
2.2.
Persoonlijke leerdoelen
Marloes
1. In periode 1 geef ik samen met mijn groep een workshop aan de klas. Ik vind het lastig om
rustig te spreken voor een grote groep. Ook vind ik het lastig om duidelijk te articuleren en
geen dialect te spreken. Tijdens de periode wil ik voornamelijk duidelijk en rustig kunnen
spreken tegenover de groep. ik wil dit leerdoel graag meten door feedback te vragen aan de
groep aan de hand van een zelf gemaakte beoordelingslijst. Hiermee wil ik toetsen hoe de
klas mij vond spreken en of ik die informatie aan hen heb over kunnen brengen.
2. In periode 1 geef ik samen met mijn groep een workshop aan de klas. Hierbij maak ik samen
met mijn groep een handleiding m.b.t. de workshop. Ik vind het lastig om correcte spelling en
zinsopbouw aan te leveren. Ik vraag mijn medestudenten of zij mijn stukken na willen lezen
en hier feedback op willen geven.
Merel
1. Tijdens de workshop wil ik rustiger praten en niet gelijk onrustig overkomen. Omdat ik
tijdens een presentatie altijd onrustig overkom, wil ik graag tijdens de workshop in week 7
zorgen dat het woord onrustig in mijn feedback niet voorkomt.
2. Tijdens periode 1 wil ik een fijn en goed verlopen groepsproces hebben. daarnaast wil ik
gedurende de voorbereiding en workshop zelf een goede samenwerking binnen de groep
hebben, door aan het einde van de periode een goed cijfer terug te krijgen.
Gijs
1. Binnen deze 7 weken wil ik ervoor zorgen dat ik tijdens de workshop overtuigend kan
presenteren. Dit wil ik toetsen door de studenten te vragen of ze de presentatie overtuigend
vonden in een feedbackformulier.
2. Ook zou ik graag iedereen gedurende 35 minuten graag geïnteresseerd houden. Om dit
meetbaar te maken zal in het feedbackformulier gevraagd worden naar de interesses over de
workshop.
Monique
1. Tijdens het presenteren van een workshop wil ik zelfverzekerd voor een grote groep staan.
Het presenteren doe ik samen met 3 medestudenten. Ik wil dit toetsen doordat mijn
klas/leraar feedback geeft op mijn houding/gedrag. Dit persoonlijk leerdoel vindt plaats in
week 8 van periode
2. Aan het einde van periode 1, heb ik mijn deel van de handboek op tijd af en is het met goede
zinsopbouw en spelling gemaakt. Het maken van een handboek doe ik samen met 3
medestudenten. Ik vraag feedback aan mijn medestudenten en vraag of zij af en toe willen
meekijken of mijn zinsopbouw en spelling goed is. Ook geven mijn medestudenten feedback
op mijn gemaakte stukken.
3
2.3
Drie mogelijke onderwerpen + definitieve keuze
1. Brainfingers
2. Tinybots
3. Beeldbellen in de thuiszorg
Brainfingers
Wanneer mensen ouder worden kan het zijn dat praten en bewegen onmogelijk wordt. Brainfingers
is een systeem wat hersengolven en minimale bewegingen in het aangezicht gebruikt voor
communicatie. De activiteiten worden uitgelezen door een band met sensoren dat men om het
hoofd moet dragen. Met het gebruik van Brainfingers is het mogelijk een computer te besturen door
letters of pictogrammen te selecteren. Ook is het mogelijk een actie aan een hersensignaal te
koppelen.
Tinybots
De Tinybots is een kleine robot voor dementerenden en hun mantelzorgers. De Tinybots, ook wel
Tessa genaamd, helpt de dementerenden met de dagelijkse gang van zaken. Tessa herinnerd de
dementerenden aan afspraken, suggesties en kan persoonlijke muziek afspelen. Tessa is als waren
een geheugensteun voor dementerenden. Op deze manier kunnen de dementerenden langer
zelfstandig blijven wonen. Dit laatste wordt tijdens de Minor Active Ageing behandeld.
Beeldbellen
Ouderen blijven steeds langer thuis wonen. Via beeldbellen kan er contact zijn tussen bijvoorbeeld
de persoon met dementie en de mantelzorg en bijvoorbeeld de casemanager dementie, waarbij
degenen die contact hebben zowel te horen als te zien zijn.
2.4
Afbakening
Brainfingers kan door kinderen, volwassenen en ouderen worden gebruikt. Brainfingers wordt
toegepast bij meerdere ziektebeelden, zoals een hoge dwarslaesie, Locked-in Syndroom of een CVA.
Bij het ziektebeeld CVA wordt Brainfingers alleen toegepast als men te maken heeft met afasie in
combinatie met uitvalsverschijnselen / verlamming.
Brainfingers is geschikt voor mensen die cognitief nog goed functioneren, maar niet meer de
willekeurige motoriek kunnen aansturen. Brainfingers is niet geschikt voor mensen die
cognitief niet meer goed functioneren, bijvoorbeeld mensen met dementie, en ook niet voor
mensen die lijden aan spasmen. Door de plots hevige bewegingen en hersengolven bij spasmen kan
de Brainfingers de hersengolven en spierspanningen niet meer lezen.
4
Casus dwarslaesie.
Henk is een gezonde man van 49 jaar en woont samen met zijn vrouw (45 jaar) en twee dochters (18
en 20 jaar) in een vrijstaand huis.
Henk en zijn vrouw werken beide fulltime, zijn dochters studeren en wonen momenteel op kamers.
Henk gaat vier keer per week hardlopen in het park. Tot begin dit jaar. Tijdens zijn rek en strek
oefeningen op een bankje in het park, valt Henk van het bankje. Door de val komt Henk erg
ongelukkig terecht op zijn hoofd. Henk voelt zijn armen en benen niet meer en kan erg moeizaam om
hulp roepen. Op dat moment denkt Henk dat zijn lichaam in shock is door de onverwachte val.
Henk wordt opgenomen in het ziekenhuis, hij heeft een tetraplegie vanaf C-4. Dat wil zeggen dat hij
verlamd is vanaf cervicaal 4, dit is vanaf de nek. Hierdoor zijn de tussenrib- en buikspieren volledig
verlamd, waardoor hij extra moeite moet doen om te kunnen ademen. Dit is zeer vermoeiend.
Doordat de ademhaling moeizaam verloopt, heeft Henk nauwelijks puf om naast de ademhaling te
praten.
Na zijn ziekenhuis opname wordt Henk overgeplaatst naar het revalidatiecentrum.
Hier heeft hij 8 maanden gerevalideerd en is hier net na de zomervakantie uit ontslagen.
Het huis is in de tijd verbouwt en er is een aangepaste badkamer en slaapkamer op de beneden
verdieping geplaatst.
Henk is afhankelijk van andere en heeft veel hulp nodig. In de ochtend en avond ontvangt Henk hulp
van de thuiszorg, maar overdag zorgt zijn vrouw voor hem. Echter moet zijn vrouw langs de zorg voor
haar man ook nog werken. Zijn dochters studeren op dit moment in een andere stad en kunnen niet
dagelijks voor hem zorgen.
Henk vindt het verschrikkelijk dat hij zo afhankelijk is van andere, hij zou graag zelf iets kunnen doen,
al is het maar iets kleins zoals de TV aanzetten…
5
2.5
Koppeling met de Minor Active Ageing
In de minor Active Ageing wordt voornamelijk het thema gezond ouder worden behandeld.
Men spreekt tegenwoordig steeds meer van vergrijzing en daarnaast worden de mensen steeds
ouder. Maar doordat de mensen steeds ouder worden, hebben zij ook meer kans op verschillende
ziektebeelden en aandoeningen. Een van deze ziektebeelden kan bijvoorbeeld een spierziekte of een
herseninfarct zijn, met eventuele gevolgen zoals spraakgebrek en verlamming. Door deze
beperkingen zullen er nieuwe technieken moeten worden ontwikkeld zodat iemand alsnog kan
communiceren en op zijn manier zelfstandig kan handelen.
Brainfingers is een technologie speciaal ontwikkeld om te kunnen communiceren en bepaalde
handelingen alsnog te kunnen uitvoeren.
2.6
Doel workshop
In deze workshop wil men de studenten van de minor Active Ageing kennis laten maken met
Brainfingers. Het achterliggende doel is dat de studenten een basiskennis bezitten van het apparaat
Brainfingers, zodat ze deze in de toekomst toe kunnen passen.
Men wil dit doen aan de hand van een bijpassende casus, beeldmateriaal en een demonstratie. De
workshopgroep heeft besloten om een groepslid het apparaat Brainfingers te laten presenteren. Er is
hiervoor gekozen omdat het behoorlijk wat tijd kost om het apparaat Brainfingers op een persoon in
te stellen. De workshopgroep heeft een bezoek gebracht aan het bedrijf van Brainfingers en hier is de
Brainfingers ingesteld op een specifiek lid van de groep. De workshopgroep heeft hier voor gekozen
in verband met de tijd voor de workshop en om de workshop zo soepel mogelijk te laten verlopen.
Het groepslid demonstreert het apparaat Brainfingers aan de hand van de eerder besproken casus en
krijgen de studenten een goed beeld hoe dit zich in de praktijk afspeelt.
6
2.7
Contactpersonen
Commap – communicatie apparatuur BV
Postbus 490
5400 AL Uden
Nederland
Tel: (0413) 28 70 52
E-mail: [email protected]
KvK: 320 499 38
AGB nr: 760 84 975
Aanspreekpunt
Herman Visser
[email protected]
0413 -28 70 52
www.commap.nl
Cursus coach
An Olijslagers
[email protected]
0413 -28 70 52
www.commap.nl
Stagiaire
Joep Snijders
[email protected]
+31 6 30708331
2.8
Verwachtingen









Er wordt van ieder groepslid verwacht dat hij/zij betrokken zijn bij het maken en inleveren
van stukken in het handboek. Er wordt voldoende inzet verwacht.
Er wordt bij iedere bijeenkomst opgeschreven wie/wat gaat doen zodat er geen
miscommunicaties voorkomen.
Na elke bijeenkomst worden er afspraken gemaakt.
Er wordt goed gecommuniceerd via Whatsapp.
Bij ziekte dient het project lid dit te melden aan de projectleden via Whatsapp.
Wanneer er onduidelijkheden/vragen zijn over het maken van het handboek, moet dit gelijk
gevraagd worden om fouten te beperken.
Afwezigheid zonder te vermelden is niet acceptabel, hier wordt men op aangesproken.
Niet op komen dagen zonder geldige reden is niet acceptabel, hier wordt men op
aangesproken. Wanneer dit drie keer gebeurd een gesprek de groep en de docent.
Na tweemaal het niet tijdig inleveren van stukken krijgt men een waarschuwing. Na driemaal
een gesprek met de groep en de docent.
7
3.
Workshop
3.1
Toelichting keuze workshop
De eerste keus voor de workshop was Tinybots. Helaas waren er niet veel media berichten en
wetenschappelijke artikelen te vinden over de Tinybots. Daarnaast is er geprobeerd om het bedrijf te
benaderen die de Tinybots heeft ontwikkeld, maar de robot kon niet uitgeleend worden. Dit maakte
het lastig om dan een goede workshop te geven over de Tinybots. Een aantal dagen later is er
opnieuw een mail verstuurd naar het bedrijf of de workshopgroep naar het bedrijf toe kon komen,
om een video van de Tinybots te maken. Ook dit kon helaas niet doorgaan, het prototype van de
Tinybots was nog niet volledig af. Wel werd er door het bedrijf videomateriaal van de website
aangeboden. De workshopgroep vond alleen videomateriaal van de website niet voldoende.
Vervolgens kwam: ‘Brainfingers’ aan het licht. Brainfingers is een nieuwe innovatie die al in gebruik
is. Er zijn meerdere mediaberichten en wetenschappelijke artikelen over te vinden. Het bedrijf is
benaderd en er zijn mogelijkheden tot het bezoeken van het bedrijf. Daarnaast is het mogelijk een
presentatie te krijgen over de werking van het product en het voor een aantal weken te lenen. Als
workshopgroep is daarom de voorkeur voor de workshop aan Brainfingers gegeven.
3.2
Mediabericht(en)
Uit recent onderzoek (MacAulauy, 2012) blijkt dat Brainfingers ook gecombineerd kan worden met
het bespelen van een instrument. Er is een bericht geplaatst in BBC News, over de tiener Chris
Jacquin. Chris droomt van een muziek carrière. Chris is al een volleerd componist, maar kan dit niet in
de praktijk uitvoeren. Chris heeft namelijk een hersenverlamming. Hierdoor is hij niet in staat om een
muziek instrument vast te houden en te bespelen. Hierdoor kan Chris niet spelen in een band, of
orkest en zijn muziek examen in de praktijk niet uitvoeren.
Chris heeft sinds kort een speciale hoofdband, Brainfingers, deze reageert op klikken en bewegingen
in zijn kaak, deze is hier speciaal op aangepast en ingesteld. Hierdoor kan hij zelf noten bespelen op
een muzikale score op een computer. De manier waarop Chris zijn instrumenten bespeeld is geldig
verklaart, waardoor hij nu deel kan nemen aan verplichte presentaties.
Chris mag in de zomer van 2012 in opdracht van de Culturele Olympiade een groep met jonge
Schotse muzikanten spelen. Dit alles zou niet zijn gebeurd zonder de hulp van Brainfingers.
Adam Berr, coördinator van Brainfingers, laat weten dat er een prodcut op de markt is gekomen dat
alles wat je hersenen wensen ook gebeuren. Dit kan namelijk met Brainfingers. Deze nieuwe
technologie zorgt ervoor dat mensen die niet kunnen communiceren het nu wel kunnen via hun
hersenen. Adam Motos, 20 jaar oud, lijdt aan spinale musculaire atrofie of SMA kan niets met zijn
handen en zijn spraakmogelijkheid is slecht. Maar Motos droomt ervan om zijn HBO-diploma te
kunnen behalen. En hoopt via Brainfingers dit te kunnen doen, namelijk door via delen van zijn
gezicht aan te geven wat er op het computer scherm moet komen te staan. Uit recent onderzoek
(“Harnessing brainpower”, 2008) blijkt dat Brainfingers het wel mogelijk zou kunnen maken om zijn
HBO-diploma te kunnen behalen.
8
3.3
Beschrijving werkvorm
De workshop zal als volgt worden vormgegeven. De workshop zal door de leden van de
workshopgroep worden gepresenteerd aan de studenten van de minor Active Ageing.
De workshop wordt geopend door middel van een casus. In de casus wordt een ziektebeeld
benoemd, deze wordt na de casus verder toegelicht. Daarna wordt er een passende oplossing
benoemd, het apparaat Brainfingers. Na aanleiding van deze oplossing wordt er interactie met de
klas gezocht, met de vraag of iemand al bekend is met Brainfingers. Hier op volgt uitleg van het
apparaat. Na aanleiding van deze informatie wordt er opnieuw interactie met de klas gezocht door
vragen te stellen over verschillende ziektebeelden. Zij moeten dan beantwoorden of Brainfingers
toegepast kan worden bij het ziektebeeld.
Door middel van videomateriaal, dat is opgenomen in het bedrijf, wordt er een beeld aan de
studenten gegeven over het gebruik van Brainfingers. Vervolgens wordt het apparaat
gedemonstreerd door een van de groepsleden aan de studenten. Na deze demonstratie wordt de
workshop afgerond door middel van de vooraf besproken casus. Op het einde van de workshop is er
nog ruimte voor de studenten om vragen te stellen rondom de workshop.
3.4
Programma workshop
Activiteit
Casus voorleggen
Uitleg ziektebeeld casus
Passende oplossing  Brainfingers!
Iemand bekend met Brainfingers?
Interactie klas.
Uitleg: Wat is Brainfingers? / EEG
Andere voorbeelden van ziektebeelden
waarvoor Brainfingers gebruikt kan
worden.
Interactie klas.
Wie zou het niet kunnen gebruiken?
Interactie klas.
Demonstratie Brainfingers
Afronding workshop
Vragen vanuit de klas?
Tijd
5 minuten
5 minuten
1 minuten
2 minuten
6 minuten
3 minuten
3 minuten
10 minuten
1 minuten
5 minuten
Totaal: 40 minuten
9
4.
Procesbeschrijving
In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe de samenwerking tijdens de innoverende opdracht is
verlopen. Om een goed beeld te schetsen wordt er door ieder groepslid beschreven hoe hij of zij de
samenwerking heeft ervaren.
Daarnaast worden ook de leerdoelen gereflecteerd, deze worden later mee genomen omdat
de leerdoelen van de workshopleden zijn gebaseerd op de presentatie.
4.1
Samenwerking
In deze paragraaf wordt beschreven hoe ieder groepslid de samenwerking binnen de groep heeft
ervaren.
Hoe vond Gijs de samenwerking gaan?
Naar mijn mening is de samenwerking redelijk goed verlopen. Op het begin van de workshop hebben
we wat taken verdeeld en afspraken gemaakt. Door de afspraken verliep de samenwerking redelijk.
Een vervelend punt was dan wel dat Merel zich niet altijd aan de afspraken gehouden heeft. Zo heeft
zij heel wat uurtjes gemist om gezamenlijk aan het project te werken. Daarnaast is het haar ook niet
gelukt alle deadlines te behalen. Hier is ze regelmatig op aangesproken. Dit zal voor een volgend
project een heel verbeterpunt kunnen zijn. Verdere samenwerking en afspraken zijn goed verlopen.
Hoe vond Merel de samenwerking gaan?
Naar mijn mening is de samenwerking slecht gegaan. Hierin ben ik zeker een grote factor geweest,
omdat ik er niet veel ben geweest door mijn gezondheidsproblemen. Hierdoor heb ik een aantal
deadlines niet gehaald en slecht gecommuniceerd. Dit heb ik de laatste weken opgepakt, om toch
een goed handboek af te kunnen leveren. Dit puntje is erg belangrijk de samenwerking en ik vind het
vervelend voor de rest dat het zo is gegaan.
Hoe vond Marloes de samenwerking gaan?
De samenwerking is naar mijn beleving redelijk verlopen. De eerste week zijn we als projectgroep
goed van start gegaan. Het onderwerp was gekozen en er was een begin gemaakt met het plan van
aanpak. In week twee kwam hier snel veranderding in. Wegens omstandigheden die in 3.1 zijn
toegelicht zijn we veranderd van onderwerp.
De taken voor het handboek waren verdeeld, een deadline werd hiervoor afgesproken en genoteerd
in de notulen. Monique, Gijs en ik hadden iedere week de toebehorende taken op de afgesproken
deadline ingeleverd. Helaas hielt Merel zich niet aan deze deadlines.
Tijdens de workshoplessen waren we voornamelijk met drie aanwezig in plaats van vier. Dit vond ik
zelf onhandig omdat er zo geen goede communicatie plaats vond tussen alle vier de groepsleden. In
week 6 hebben Gijs, Monique en ik heb bedrijf van Brainfingers bezocht, dit vond ik een leuke
ervaring en het bezoek was erg goed verlopen. Merel was hier helaas niet bij wegens ziekte. In week
7 voelde ik dat ik wat gestrest werd. Ik wilde het handboek graag afronden maar miste alsnog de
toegewezen stukken van Merel. Samen met de twee overige groepsleden hebben we toen alsnog
een deel van de toegewezen stukken van Merel gemaakt. Uiteindelijk heeft Merel de stukken alsnog
ingeleverd en hebben we de stukken die wij ook hadden gemaakt samengevoegd tot een geheel. De
laatste dag dat we alle samen zijn gekomen vond ik de samenwerking zeer goed verlopen. De
communicatie was erg goed en we vulde elkaar op de juiste punten aan. Ondanks sommige
tegenslagen heeft ieder groepslid erg zijn best gedaan om een goed handboek en workshop op te
leveren.
10
Hoe vond Monique de samenwerking gaan?
We begonnen goed aan ons plan van aanpak en hadden snel afspraken gemaakt. Ook hadden we een
Whatsapp groep aangemaakt waar wij veel in hebben gecommuniceerd. Dat was prettig. Toch was
het vanaf week één rommelig. Dit kwam omdat wij van onderwerp zijn veranderd. Tinybots vonden
wij een leuk onderwerp, maar zoals in 3.1 toelichting workshop staat beschreven, hebben wij ons
onderwerp moeten veranderen vanwege te weinige informatie. Vanaf week 3 zijn we weer goed
begonnen aan onze opdracht. Het plan van aanpak en het begin van ons handboek kreeg vorming.
Gijs, Marloes en ik hadden onze taken vanaf week 3 af en hielden dit dan ook steeds netjes bij, Merel
deed dit niet altijd. Ook is Merel maar twee keer aanwezig geweest, verder niet, vanwege ziekte of
andere omstandigheden. Het was jammer dat ze er niet altijd bij kon zijn, ze mistte zo een hoop.
Gelukkig brachten wij haar met Whatsapp zodat ze alsnog op de hoogte was.
In week 6 gingen wij naar het bedrijf voor informatie. Omdat Merel ziek was, was zij hier niet bij
aanwezig. Het was leuk om naar dat bedrijf toe te mogen en uitleg over Brainfingers te krijgen. Na de
bijeenkomsten van de workshop werden er notulen gemaakt, zodat iedereen wist wat zijn of haar
taak was om verder te gaan. Merel liep wat uit met haar taken. Ze moest de inleiding, afbakening en
mediaberichten schrijven in week 4, maar tot en met week 7 stond er niks in het handboek. Dat was
niet fijn. Doordat alles zo laat compleet was, kreeg ik wel een beetje stress op het eind.
In week 7 wilden wij uiteindelijk het handboek compleet hebben, maar we mistten Merels stukken
nog. Samen met Gijs en Marloes hebben wij zoveel mogelijk het handboek afgemaakt. Onder andere
de afbakening en inleiding. Hierbij hebben we uiteindelijk Merels stukken aan toegevoegd. Op de
laatste dag hebben we goed met z’n vieren het kunnen afsluiten, waar uiteindelijk naar onze mening
een goed handboek is neergezet. Tevens hebben wij een presentatie gemaakt en gaan wij
Brainfingers goed neerzetten in de klas.
Ik heb prettig samengewerkt met mijn workshopgroepje. Iedereen deed goed zijn best. De gemaakte
stukken keken we van elkaar na, wat ik als prettig heb ervaren. Ook gaven we elkaar tips en tops
tijdens de uitwerking van de opdracht.
4.2
De persoonlijke leerdoelen
In deze paragraaf wordt er beschreven of ieder zijn of haar persoonlijke leerdoelen heeft behaald.
Omdat dit nog niet gereflecteerd kan worden, is dit nog niet uitgeschreven. Dit wordt later alsnog
toegevoegd en apart verstuurd. Dit is overlegt met Eveline de Smidt.
11
4.3
Planning
De workshop bestond totaal uit 8 weken. Om de workshop op tijd af te hebben, is er gebruik
gemaakt van een planningsschema. De planning geeft een duidelijk overzicht van de taken die zijn
vernomen. Daarnaast staat er in deze planning de aan-, en afwezigheid van de groepsleden
beschreven.
Planning
Week
Week 1
29 aug.- 4 sep.
Afwezig: Week 2
5 sep. – 11 sep.
Afwezig: -
Taak










Week 3
12 sep – 18 sep


Afwezig:
Merel, Marloes
Week 4
19 sep. – 25 sep.



Afwezig:
Merel
Week 5
26 sep. – 2 okt.
Afwezig:
Merel
Week 6
3 okt – 9 okt
Afwezig:
Monique
Afwezig bezoek bedrijf:
Merel
Week 7
10 okt. – 16 okt.
Afwezig: Week 8 (17 okt – 23 okt)
Kennis gemaakt met de workshopgroep.
Brainstormen over het onderwerp.
Afbakenen onderwerp.
Afspraken gemaakt met de groep.
Literatuur zoeken over het onderwerp Tinybots
Pitch gehouden over het onderwerp Tinybots.
Bedrijf Tinybots benaderd.
Veranderd van onderwerp. Tinybots  Brainfingers.
Literatuur zoeken over brainfingers. Zowel mediaberichten
als wetenschappelijke artikelen.
Start plan van aanpak gemaakt.


Pitch gehouden over het onderwerp Brainfingers
Iedere student zoekt bronnen/artikelen over het onderwerp
brainfingers en werkt deze uit.
Plan van aanpak afgerond.
Start handboek gemaakt.
Samen met Inge Loghe gekeken naar het handboek en
feedback terug gekregen.
Handboek verder uitgewerkt.
Opdrachten onderling verdeeld.



Casus beschreven
Taken verdeeld
Handboek verder uitgewerkt



Handboek verder uitgewerkt
Bezoek gebracht aan het bedrijf Heservis. Hier een uitleg en
demonstratie gekregen over het apparaat Brainfingers.
Het apparaat Brainfingers zelf uitgeprobeerd.






Handboek definitief maken
Het programma brainfingers geïnstalleerd op eigen laptop
Presentatie gemaakt
Presentatie geoefend
14 okt handboek inleveren definitief voor 09.00u
17 okt workshop toets moment
12
5. Inhoud workshop
In dit hoofdstuk worden de onderwerpen uit de workshop nader toegelicht.
5.1
Dwarslaesie
Een dwarslaesie is een beschadiging van het ruggenmerg. Het ruggenmerg is onderdeel van het
centrale zenuwstelsel. In het ruggenmerg zitten zenuwen, die vanuit het ruggenmerg naar het gehele
lichaam toe lopen. De zenuwen gebruiken prikkels om gevoel waar te nemen en bewegingen aan te
sturen. Bij een dwarslaesie kunnen de zenuwen hun prikkels niet doorgeven naar de rest van het
lichaam. Vanaf de plaats van beschadiging kan men geheel of gedeeltelijk verlamd raken.
Gezondheidsplein (2011, 1 januari). Dwarslaesie. Geraadpleegd op 17 september 2016, van
Een dwarslaesie kan worden veroorzaakt door een trauma, druk door een tumor, een
ontstekingsproces, ziekten zoals MS of een hernia, of door bot / kraakbeenuitsteeksels van
omliggende wervels op het ruggenmerg.
Jagt-Voogtsgeerd, T., De Ru, V.J. (2008).
Er zijn verschillende vormen van een dwarslaesie. Men spreekt van een complete dwarslaesie als de
zenuwen in het ruggenmerg geheel zijn beschadigd en niet meer zullen genezen. Als men een
incomplete dwarslaesie heeft, is het ruggenmerg gedeeltelijk beschadigd. Men kan dan nog wel
bepaalde functies gebruiken.
Daarnaast wordt er ook verschil gemaakt tussen een hoge- en een lage dwarslaesie. Bij een hoge
dwarslaesie zit de beschadiging in de boven rug of nek en kan alles wat zich onder de nek bevindt
verlamd raken. Bij een lage dwarslaesie zit de beschadiging onder in de rug en is vaak alles vanaf de
onderrug verlamd. Hoe hoger de laesie, hoe meer zenuwen de prikkels niet meer kunnen doorgeven
naar de rest van het lichaam, wat de beperking dus groter maakt.
De symptomen van een dwarslaesie zijn afhankelijk van de plek van beschadiging in het ruggenmerg.
Hoe hoger de dwarslaesie, hoe meer uitvalsverschijnselen / verlamming.
In sommige gevallen kan de dwarslaesie zo hoog zitten, dat men niet meer kan spreken en enkel nog
maar met de ogen kan bewegen.
Men kan beheersing verliezen over de volgende lichamelijke functies:
- Blaas en darmspieren, wat leidt tot incontinentie en het risico op urineweginfecties
verhoogd.
- Pijnklachten
- Spasmen
- Doorligplekken, wat leidt tot decubitus.
- Als man kan men last krijgen van erectiestoornissen. De zenuwverbinding tussen de
hersenen en penis is dan verbroken.
Nogmaals, de klachten zijn afhankelijk van de plek van de laesie.
Koppeling Brainfingers en dwarslaesie.
In de vorige hoofdstukken staat beschreven dat Brainfingers is ontwikkeld voor mensen die beperkt
zijn in het bewegen van de ledenmaten en hierdoor bijvoorbeeld geen schakelaar kunnen besturen.
Brainfingers is dus een ideale uitkomst voor mensen met voornamelijk een hoge dwarslaesie omdat
zij niet meer in staat zijn om een apparaat te besturen met ledenmaten. Daarnaast is het ook een
uitkomst voor mensen met een hoge dwarslaesie die nauwelijks of beperkt kunnen spreken. Met
Brainfingers kun je namelijk ook communiceren. Op deze manier kan iemand met een dwarslaesie
alsnog communiceren met anderen en zelf bijvoorbeeld de TV aanzetten of de gordijnen open doen.
13
5.2
Locked- in Syndroom
Het Locked-in Syndroom (LIS) wordt ook wel het cerebromedullospinaal disconnectie syndroom
genoemd. Het is een ziekte waarbij de patiënt opgesloten zit in zijn of haar eigen lichaam. De patiënt
functioneert cognitief goed, daarnaast is de patiënt alsnog bewust van zijn gehoor, zicht, reuk en
smaak. Echter kan de patiënt helemaal niet bewegen en niet communiceren via spraak. De
ledematen, de romp, het gelaat en de spieren het slikken en de spraak reguleren zijn geheel verlamd.
Ondanks de verlamming voelt de patiënt alsnog pijn, warmte, koud en aanrakingen. (Söderholm et
al.,2003)
De oorzaak van LIS is een herseninfarct. In de hersenstam zit een propje wat de signalen die vanuit
de hersenen naar het ruggenmerg wordt gestuurd verhinderd. Ook kunnen de ziektebeelden ALS of
MS een veroorzaker zijn.
Er zijn drie varianten van het Locked- in Syndroom.
1. Klassieke LIS. De patiënt is volledig verlamd en kan verbaal niet communiceren.
Communicatie kan enkel via oogbewegingen.
2. Incomplete LIS. Ook hier is de patiënt volledig verlamd en niet in staat verbaal te
communiceren. Bij deze vorm is er sprake van meer restanten motoriek dan alleen de
oogbewegingen.
3. Complete LIS. Hierbij is de patiënt volledig bewust van zijn omgeving. Echter is de patiënt bij
deze vorm totaal verlamd. De patiënt kan zelfs de ogen en oogleden niet meer bewegen.
Hersenletsel (z.j.)
In het ziektebeeld van LIS kan verbetering optreden. Vaak gebeurd dit in het eerste jaar, maar dit is
niet bij iedereen zo. Er zijn hulpmiddelen zoals spraakgenerators, en toetsenborden die aan tablets
zijn gekoppeld, maar geen van deze hulpmiddelen zijn specifiek gericht op LIS. Brainfingers zou een
ideaal hulpmiddel zijn voor patiënten met LIS omdat deze werkt via hersengolven en kleine
spierbewegingen in het aangezicht. Hersenletsel (z.j.)
5.3
Hoe werkt EEG?
Wanneer mensen denken aan EEG wordt er vaak gedacht aan het uitlezen van gedachten. Dit is een
geheel foute beredenering van EEG technologie. EEG technologie maakt gebruik van hersengolven.
Hersengolven die hiervoor gebruikt worden zijn; de alfa, beta, delta, theta, gamma en SRM golven.
De hersengolven hebben verschillende frequenties. Het is te vergelijken met de frequenties van
muziektonen. Zo heeft elk type hersengolf een eigen frequentie met daarbij horende triggers/acties.
In tabel 5.1 is een opsomming gemaakt van de verschillende hersengolven met hierbij weergegeven
frequenties en enkele triggers.
Hersengolf
Alfa
Frequentie
8 tot 13 Hz
Beta
18 tot 48 Hz
Delta
1 tot 2 Hz
Theta
3 tot 8 Hz
Gamma
38 tot 42 Hz
Triggers
• Oogzenuw,
• Ontspanning
• Angst
• Stress
• Empathie
• Intuïtie
• Meditatie
• Emotionele creativiteit
• Verhoogde staat van bewustzijn
14
SRM
12 tot 16 Hz
• Sensomotorisch bewustzijn
• Fysieke rust
Voor het uitlezen van deze golven wordt dus gebruik gemaakt van EEG apparatuur. De apparatuur
werkt door middel van verschillende elektroden die tegen het hoofd gedrukt zitten. Dit kan door
middel van een soort van badmuts of en band om het hoofd. Het grote verschil tussen EEG voor
consumenten en voor ziekenhuizen zit vooral in het aanbrengen van de elektroden. Bij de
ziekenhuizen wordt een gel gebruikt die de ruis zou moeten onderdrukken. De elektroden bij
consumenten worden “droog” aangebracht. Een ander verschil is dat er bij consumenten alleen de
belangrijke signalen opgevangen worden en niet zoals bij ziekenhuizen alle zichtbare signalen. De
elektroden kunnen op verschillende plaatsen op het hoofd geplakt worden, dit is afhankelijk van wat
men wil meten. Zo spelen verschillende hersengebieden mee. Alle handelingen worden via
verschillende hersengebieden aangestuurd.
Een voorbeeld van een goedwerkend signaal is de werking van de ogen. Wanneer men de ogen sluit
treed er een goed waarneembaar alfa signaal op. Nog een goed waarneembaar signaal is de werking
van spieren. Wanneer men een spierbeweging wil maken treed er een grote activiteit op binnen de
meting met EEG.
5.4
Wat is Brainfingers
Brainfingers is een communicatie systeem dat wordt toegepast bij ziektebeelden zoals ALS,
dwarslaesie, herseninfarcten of het Locked-In syndroom. Het systeem wordt aangestuurd door
minimale bewegingen van de aangezichtspieren en/of door hersengolven.
De 5 hersensignalen zijn: Muscle (activering aangezichtsspieren), Glance (oogbewegingen) en de
hersensignalen alfa, beta en teta.
Bij Brainfingers hoeven de handen dus niet te worden gebruikt. De activiteiten worden uitgelezen
door een band met sensoren dat men om het hoofd moet dragen. De Brainfingers is gekoppeld aan
een kastje, wat lijkt op een kleine computer. Dit kastje kan via de signalen die de brainfingers op pikt,
letters of pictogrammen aangeven. Via dit kastje kan er dus gecommuniceerd worden. In 2016
onderzocht Lisabeth tijdens haar opleiding EEG technologie.
Brainfingers is al door tien mensen in gebruik genomen. Mensen die dit in gebruik hebben zijn veelal
mensen met het Locked-In syndroom. Personen die dit product in gebruik hebben geven volgens A.
Olijslagers, aan dat het product na verloop van tijd zeker gemakkelijk wordt in bediening. Wel kan de
bedrading als vervelend ervaren worden. Verder zou het product erg storingsgevoelig zijn. Toch
wordt die storingsgevoeligheid per nieuwe generatie producten verbeterd. Er is door A. Olijslagers
niet benoemd wat de levensduur van het apparaat Brainfingers is. Het kan zijn dat het apparaat
opnieuw op de patiënt moet worden ingesteld. Het ziektebeeld van de patiënt kan namelijk
veranderen. Brainfingers wordt door de meeste verzekeringen bij een geldige indicatie vergoed. (A.
Olijslagers, persoonlijke communicatie, 6 oktober 2016)
15
5.5
Verdere mogelijkheden met EEG technologie.
Naast de bovengenoemde mogelijkheden gericht op Brainfingers biedt EEG nog vele andere
verschillende toepassingen die gebruikt kunnen worden door de consument zelf. In een recente
studie met betrekking tot EEG (Lisabeth, 2016) wordt aangegeven dat men verwacht, dat EEG geen
gangbare technologie is onder consumenten. Toch zijn er verschillende bedrijven die zich op de
consumentenmarkt storten met EEG toepassingen.
Lisabeth, geeft in het artikel aan dat de meest toepassingen onderverdeeld kunnen worden in één
van deze vier categorieën:
•Gezondheidszorg,
•Ergonomie,
•Entertainment,
•Marktonderzoek.
In dit artikel zullen alleen de eerste twee categorieën besproken worden.
Gezondheidszorg
De gezondheidszorg is dan ook wel het platform waar EEG ontstaan is. Hierdoor zijn veel van de
toepassingen omtrent EEG dan ook wel medisch gericht. Door de commercialisatie van deze
technieken is het tegenwoordig ook mogelijk om toepassingen aan te schaffen voor thuisgebruik.
(Lisabeth, 2016)
Tegenwoordig is men al zo ver dat het mogelijk is om bijvoorbeeld ‘sleep tracking’ toe te passen. Het
gaat hierbij om een product dat door middel van elektroden gekleefd op het hoofd hersensignalen
uitleest. Tijdens de slaap zal de EEG verschillende resultaten uitlezen. Het is bijvoorbeeld mogelijk om
de REM slaap of diepe slaap te detecteren. Nog een optie is het onderzoeken van slaapproblemen.
Aldus Lisabeth.
Ergonomie
Een van de toepassingen op ergonomisch gebied is de MindWalker. Met deze toepassing wil men
een oplossing bieden aan mensen met een lichamelijke beperking. De Mindwalker is een exoskelet
dat mensen met bijvoorbeeld een verlamming opnieuw laat lopen. Het exoskelet wordt aangestuurd
doormiddel van EEG. Om personen te trainen heeft het projectteam van de MindWalker een virtual
reality trainingsprogramma gemaakt. Op deze manier kan men door op verschillende manieren te
denken het exoskelet aansturen. (Davies,2013).
Een andere toepassing op het gebied ergonomie is het besturen van een rolstoel. In een artikel van
Griffiths, S. (2016) is een experiment beschreven waarbij apen een rolstoel besturen doormiddel van
een EEG. Bij de apen werden de EEG elektroden ingepland in de hersenen. Dit met de reden dat de
resultaten dan veel gedetailleerder zijn.
De apen werden in rolstoelen geplaatst en geobserveerd zonder dat de rolstoel daadwerkelijk ging
rijden. Door de resultaten van de EEG uit te lezen kregen onderzoekers de kans om de BMI te
instaleren. Vervolgens zijn de hersensignalen geprogrammeerd tot digitale stuursignalen waarmee
de rolstoel vervolgens aangestuurd kon worden. Door steeds handelingen te herhalen was het
mogelijk de rolstoel beter af te stemmen en de aap om te leren gaan met het systeem.
Het uiteindelijke doel van het onderzoek is natuurlijk een systeem te ontwikkelen voor mensen met
bepaalde aandoeningen. De focus lag op de aandoening ALS. Aldus Griffiths, S. (2016)
16
6.
Discussie
De innovatie opdracht is opgesteld aan de hand van de aspecten die staan beschreven op
Blackboard. Om te beginnen zijn de leden van de workshopgroep informatie gaan verzamelen
omtrent het onderwerp Brainfingers. Er is flink gebrainstormd, waardoor de groepsleden eind week
twee pas een definitief onderwerp hadden. Om informatie te verzamelen zijn er zowel
Nederlandstalige als Engelstalige artikelen gebruikt. Echter was er niet voldoende informatie te
vinden uit de Nederlandse artikelen. Er zijn weinig tot geen wetenschappelijke artikelen te vinden
over de specifieke werking van Brainfingers daarom is er gekeken naar soort gelijke instrumenten
met gebruik van EEG technologie. Omdat er geen RCT’s gevonden zijn is het lastig om de juiste
informatie te verschaffen.
17
Literatuur
Gehandicapte Mieke moet zorg bellen voor glas water [Persbericht]. (z.j.). Geraadpleegd van
http://www.hartvannederland.nl/nederland/noord-brabant/2016/gehandicapte-mieke-moet-zorgbellen-voor-glas-water/
Brainfingers. (2011). Geraadpleegd van http://brainfingers.nl/
Hersenletsel. (z.j.). Locked-in syndroom / LIS. Geraadpleegd van http://www.hersenletseluitleg.nl/oorzaken-ziektenbeelden/locked-in-syndroom-lis
MacAulay, J. (2012, 3 april). Brainfingers system allows disabled musician to play. BBC News, p. 1.
Geraadpleegd van http://www.bbc.com/news/uk-scotland-edinburgh-east-fife-17583426
Harnessing brainpower [Persbericht]. (2008, 9 november). Geraadpleegd van
http://ottawa.ctvnews.ca/harnessing-brainpower-1.341337
Jagt-Voogtsgeerd, T., De Ru, V.J. (2008). Verpleegkundig vademecum. Bohn Stafleu van Loghum.
Söderholm, S., Meinander, M., & Alaranta, H. (2003, maart). Communicatiemethoden bij het ‘lockedin syndrome’. Geraadpleegd van
http://link.springer.com.ezproxy.avans.nl/article/10.1007/BF03062977
Overige literatuur en wetenschappelijke artikelen:
Wei, L., & Hu, H. (2010). Intelligent Robotics and Applications. Geraadpleegd van
http://link.springer.com/chapter/10.1007%2F978-3-642-16587-0_60
Newman, E. G., Jenkins, M. D., & Schwartz, S. J. (1998, 1 december). Hands-free, portable computer
and system [Wetenschappelijk artikel]. Geraadpleegd van
https://www.google.com/patents/US5844824
Ho, C. K., & Sasaki, M. (2005, 7 juli). Mental tasks discrimination by neural networks with wavelet
transform [Wetenschappelijk artikel]. Geraadpleegd van
http://link.springer.com.ezproxy.avans.nl/article/10.1007/s00542-005-0561-1
Doherty, E., Bloor, C., & Cockton, G. (2009, 29 januari). CyberPsychology & Behavior
[Wetenschappelijk artikel]. Geraadpleegd van
http://online.liebertpub.com/doi/abs/10.1089/cpb.1999.2.249
Rakamaric, L. (z.j.). OCZ NIA Neural Actuator review - Brain waves [Artikel]. Geraadpleegd van
SupportBeurs. (2016, 24 mei).
Brainfingers Communicatie en computerbediening zonder te bewegen. Geraadpleegd van
https://www.supportbeurs.nl/producten/brainfingers-communicatie-en-computerbediening-zonderte-bewegen
Davies, C. (2013). MindWalker brain-controlled exoskeleton puts the paralyzed on their feet.
SlashGear, (z.j.), pp. 1. Verkregen op 15 september 2016 van
http://www.slashgear.com/mindwalker-brain-controlled-exoskeleton-puts-the-paralyzed-on-theirfeet-04284889/
Griffiths, S. (2016). Monkeys are taught to “drive” wheelchairs using just their THOUGHTS. Daily Mail
Online. (z.j.), pp. 1. Verkregen op 15 september 2016 van
http://www.dailymail.co.uk/sciencetech/article-3474790/Monkeys-taught-drive-wheelchairs-usingjust-THOUGHTS-Primates-use-electrodes-brain-control-device.html
18
Download