Ruimere mogelijkheden voor herziening in strafzaken

advertisement
DD-NR 0808-916
Regelingen en voorzieningen
CODE 6.5.2.324
verwachte wijzigingen
Ruimere mogelijkheden voor herziening in strafzaken
bronnen
persbericht ministerie van Justitie d.d. 15.7.2008; www.justitie.nl
Het wordt mogelijk om afgesloten strafzaken sneller te herzien. Ook is in meer gevallen nader feitelijk
onderzoek mogelijk. Daarbij kan inbreng van deskundigen beter worden benut en de motivering van het
herzieningsverzoek worden versterkt. Dat maakt een revisieraad in de herzieningsprocedure overbodig.
Verder kan een verdachte die eerder is vrijgesproken, voor hetzelfde misdrijf alsnog worden veroordeeld.
Een en ander blijkt uit een wetsvoorstel van minister Hirsch Ballin van Justitie dat vandaag voor advies
naar verschillende instanties is gestuurd.
Herziening ten voordele van de veroordeelde
De voorstellen van de bewindsman vergroten de ruimte om fouten te herstellen en rekening te houden
met nieuwe wetenschappelijke ontwikkelingen. Ze verbeteren de rechtsbescherming van personen die
ten onrechte zijn veroordeeld. De maatregelen komen tegemoet aan de kritiek dat de huidige eisen voor
een herzieningsverzoek te hoog zijn. De herzieningsprocedure ‘nieuwe stijl’ behoudt het karakter van een
buitengewoon rechtsmiddel. Het wetsvoorstel volgt op verschillende verbeterprogramma’s van het
openbaar ministerie en de rechterlijke macht om onjuiste veroordelingen zo veel mogelijk te voorkomen,
zoals het programma ‘versterking van opsporing en vervolging’ naar aanleiding van de Schiedammer
Parkmoord en het project ter verbetering van de motivering van (straf)vonnissen.
De huidige herzieningsregeling is verouderd en wordt door de rechtspraktijk als te beperkt ervaren,
vooral door de definitie van het begrip novum als grond voor herziening van een strafzaak. In de
rechtspraak wordt op dit moment alleen een novum aanwezig geacht als sprake is van een nieuwe
feitelijke omstandigheid waarvan de rechter niet op de hoogte was bij de behandeling van de strafzaak.
Daardoor leiden gewijzigde inzichten van deskundigen zelden tot herziening. Dit is lastig omdat rechters,
mede door de ontwikkeling van nieuwe technieken, afhankelijker zijn geworden van de expertise van
deskundigen. De laatste jaren zijn opvattingen van deskundigen onhoudbaar gebleken nadat een
strafzaak onherroepelijk was geworden.
Toelating – onder omstandigheden - van nieuw deskundigenbewijs zal in de toekomst eerder leiden tot
toewijzen van een herzieningsaanvraag. Maar een veranderd oordeel van een deskundige is geen novum
an sich. Het moet gaan om een nieuw feit of bewijsmiddel. Bovendien moet het zó sterk zijn dat het
‘ernstige vermoeden’ ontstaat dat de rechter tot een ander oordeel zou zijn gekomen als hij daarvan op
de zitting had geweten. Deze voorwaarden voorkomen dat een zaak speelbal wordt van twijfelende of
twistende deskundigen. Zolang er geen nieuwe gegevens zijn, ligt heropening niet voor de hand.
Uitbreiding mogelijkheden voor onderzoek
Verder komen er meer mogelijkheden voor nader feitelijk onderzoek. Een veroordeelde kan daar groot
belang bij hebben. Een ten onrechte veroordeelde beschikt niet altijd over de middelen om zijn onschuld
aan te tonen. Straks krijgen veroordeelden de kans aanvullend onderzoek aan te vragen bij de
procureur-generaal bij de Hoge Raad ter voorbereiding van een herzieningsaanvraag. Veelal gaat het om
zaken met ernstige twijfel over de juistheid van de veroordeling, en waar nog onvoldoende materiaal
beschikbaar is om te kunnen beoordelen of de herzieningsaanvraag gegrond is.
De procureur-generaal is - onder bepaalde voorwaarden - verplicht zo’n verzoek toe te wijzen. Zo moet
de onderzoeksaanvraag noodzakelijk zijn en voldoende gemotiveerd, maar er moet ook sprake zijn van
een gevangenisstraf van twaalf jaar of meer.
1
CODE 6.5.2.324
Regelingen en voorzieningen
DD-NR 0808-916
Deze begrensde onderzoeksplicht voorkomt overbelasting van het strafrechtelijke apparaat. Het is beter
nader onderzoek zoveel mogelijk te reserveren voor ernstige gevallen dan veel verzoeken toe te wijzen
en deze door tijdgebrek oppervlakkig af te wikkelen.
Bovendien zijn ernstige strafzaken, vanwege hun emotionele lading en psychologische druk, gevoelig
voor fenomenen als tunnelvisie en de wens een zaak snel op te lossen. Daarom is juist bij deze zaken
diepgaander onderzoek wenselijk. Bij minder ernstige zaken kan de veroordeelde rechtstreeks een
herzieningsverzoek indienen en daarbij vragen om nader onderzoek. Weliswaar is de procureur-generaal
in die gevallen niet verplicht tot onderzoek, maar hij kan daartoe wel besluiten.
Bij toewijzing van een verzoek kan de procureur-generaal ambtshalve of op verzoek van de raadsman
van de verdachte een adviescommissie en een onderzoeksteam inschakelen. De adviescommissie, waarin
zowel juristen als (forensische) deskundigen zitten, gaat na of aanvullend onderzoek noodzakelijk is en
brengt advies uit over de vraagstelling van het onderzoek. Ze is vergelijkbaar met de toetsingscommissie
van de huidige CEAS (Commissie Evaluatie Afgesloten Strafzaken). Besluit de procureur-generaal
(zelfstandig of na uitkomst van de adviescommissie) tot nader onderzoek, dan kan hij een
onderzoeksteam samenstellen van politiemensen, eventueel aangevuld met externe deskundigen of leden
van het openbaar ministerie. Een verzoek tot herziening moet wel binnen een redelijke termijn worden
gedaan omdat de samenleving als geheel belang heeft bij afronding van een zaak. Voor een
herzieningsprocedure is bijstand van een raadsman verplicht.
De voorgestelde regeling maakt de huidige CEAS overbodig. Hetzelfde geldt voor de instelling van een
revisieraad. Ook voorkomt de regeling dat verschillende instanties in één zaak uiteenlopende uitspraken
doen over een herzieningsgrond. De Hoge Raad blijft dus herzieningsrechter. Dit hoogste rechtscollege is
bij uitstek de instantie met de juridische expertise om een herzieningsverzoek goed te beoordelen.
Daarbij gaat het niet alleen om de waardering van technisch bewijs of van getuigenverklaringen, maar
ook om – soms ingewikkelde – juridische vragen.
Herziening ten nadele van de (vrijgesproken) veroordeelde
Naast de bestaande herziening ten voordele komt er in het Nederlandse rechtsstelsel ook een herziening
ten nadele. Vrijgesproken verdachten kunnen voor hetzelfde misdrijf alsnog worden veroordeeld. Door
DNA-onderzoek kan bijvoorbeeld in een zogenoemde ‘cold case’ een eerder gegeven vrijspraak
omstreden raken. Voor slachtoffers en nabestaanden is het moeilijk te aanvaarden als er in zo’n geval
geen straf zou volgen, terwijl zeer belastend bewijsmateriaal is opgedoken. Internationale verdragen
staan herziening ten nadele toe, maar zo’n regeling kent wel bezwaren. Zo mag het geen herkansing zijn
voor het openbaar ministerie bij zaken die het minder goed en zorgvuldig heeft voorbereid. Ook kunnen
verwachtingen worden gewekt die achteraf niet waargemaakt worden omdat de kans op veroordeling niet
groot genoeg is. Bovendien moet aan een strafproces eens een einde komen. Toch weegt bij ernstige
misdrijven het belang van de samenleving zwaarder, aldus de minister. Een herziening ten nadele wordt
daarom in twee gevallen mogelijk. Er is sprake geweest van een ernstige procedurele onregelmatigheid
waardoor de vrijspraak op losse schroeven komt te staan (de rechter is bijvoorbeeld misleid door een
getuige die meineed heeft gepleegd). Of er is sprake van zeer sterk nieuw bewijs tegen de gewezen
verdachte dat tijdens de berechting de rechter niet bekend was, en tot een veroordeling zou hebben
geleid (novum).
Vanwege de bezwaren is gekozen voor een beperkte regeling. Herziening ten nadele kan - op grond van
een novum - alleen bij zeer zware misdrijven waarop levenslange gevangenisstraf staat. Bij procedurele
onregelmatigheden is in ruimere mate een herziening ten nadele mogelijk. Verjaarde delicten komen niet
in aanmerking. De nieuwe maatregel voorkomt dat gewezen verdachten na een onherroepelijke
vrijspraak of ontslag van alle rechtsvervolging keer op keer worden blootgesteld aan zogeheten ‘fishing
expeditions’. Daarom is voorafgaande toestemming nodig van het College van procureurs-generaal, en
zal de rechter-commissaris een machtiging voor nader onderzoek moeten geven. Als de
herzieningsaanvraag gegrond is, volgt een geheel nieuw proces in twee feitelijke instanties.
Meer informatie
www.justitie.nl/ruimere-mogelijkheden-voor-herziening-in-strafzaken
Wet hervorming herzieningsregeling: wetsvoorstel; Memorie van Toelichting; Factsheet Nieuwe
Herzieningsregeling (14-07-2008)
2
Download