Aanstellingsbeleid

advertisement
Aanstellingsbeleid
inclusief sollicitatiecode.
Datum:
Auteur:
Status:
7 december 2010
PZ / Coralien Franken
concept
Notitie bestemd voor
Bestuur
Route:
Bespreken in stafoverleg
Bespreken in MT-overleg
Bespreken en voorgenomen besluitvorming
Toezending
in bestuur aan medezeggenschapsorganen
Bespreking in GMR
Definitieve vaststelling
Publicatie
Kenmerk:
Versie:
13 januari 2011
27 januari 2011
03
Versiehistorie
Versie Datum
Omschrijving
01.
02
03
Concept PZ/OSG
Coralien Franken
Concept PZ / versie 050309
Coralien Franken
Concept aanpassing Sollicitatiecode Coralien Franken
in Aanstellingsbeleid ten behoeve
van GMR en Bestuur
19-02-2009
04-03-2009
07-12-2010
Auteur
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
1
Aanstellingsbeleid
inclusief sollicitatiecode
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
2
Inhoudsopgave
1.
Inleiding ..................................................................................................................................... 4
2.
2.1
2.2
2.3
Benoemingsvolgorde ............................................................................................................... 5
Toelichting benoemingsvolgorde O2A5 ............................................................................... 6
Ontheffing voorrangsbenoemingen bij ontslaguitkeringsgerechtigde
ex- werknemers (Eigen Wachtgelders) ................................................................................ 13
Stroomschema voor het opvullen van een vacature.......................................................... 14
3.
Sollicitatiecode conform CAO-PO........................................................................................ 15
4.
4.1
4.2.
Benoemingsprocedures ......................................................................................................... 16
Benoemingsprocedure bij benoemingsverplichtingen op grond van CAO-PO
Bijlage IE, nummer 1 tot en met 7 ........................................................................................ 16
Benoemingsprocedure in het kader van Mobiliteitsbeleid .............................................. 16
5.
5.1
5.2
5.3
Wervingsprocedures .............................................................................................................. 17
Functieprofiel en Personeelsadvertentie ............................................................................. 17
Interne werving ...................................................................................................................... 17
Externe werving ...................................................................................................................... 17
6.
6.1
6.2
6.3
6.4
Selectieprocedures .................................................................................................................. 18
Op schoolniveau voor leraar en onderwijsondersteunend personeel ............................ 18
Op schoolniveau voor directie .............................................................................................. 19
Op bovenschoolsniveau voor onderwijsondersteunend personeel en directie ............. 21
Op bestuursbureau voor onderwijsondersteunend personeel ......................................... 21
Bijlage 1
Bijlage 2
Bijlage 3
Bijlage 4
CAO-PO 2009 Bijlage IE Benoemingsvolgorde of aanstellingsvolgorde ........... 22
Afkortingenlijst ........................................................................................................... 23
Sollicitatiecode conform CAO-PO............................................................................ 24
Toelichting sollicitatiecode ........................................................................................ 27
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
3
1.
Inleiding
Waar geeft deze notitie antwoord op?
Concreet wordt ingegaan op de vraag: “ hoe moet ik als directeur handelen bij het ontstaan
van een vacature op mijn school?” Met welke verplichtingen moet ik als directeur rekening
houden en op welke wijze geeft O2A5 vorm aan de werving en selectie voor de invulling
van de vacature.
Benoemingsvolgorde
Alvorens een vacature open te stellen, zal een aantal stappen moeten worden doorlopen.
Zijn er bijvoorbeeld verplichtingen aan voormalige en/of huidige personeelsleden?
Is er wellicht een personeelslid binnen O2A5 die vrijwillig wil overstappen naar een andere
school? Het is dan van belang dat binnen O2A5 hier uniform mee wordt omgegaan. Om die
reden is een benoemingsvolgorde vastgesteld die in deze notitie verder wordt uitgewerkt.
De volgorde is gebaseerd op wettelijke bepalingen en eigen beleid. Indien de wettelijke
bepalingen niet worden nageleefd, kan dit bekostigingssancties opleveren.
Onderscheid naar niveau bij werving- en selectie
Binnen het primair onderwijs zijn er drie functiecategorieën te onderscheiden, zijnde
- directie,
- leraar en
- onderwijsondersteunend personeel.
Binnen O2A5 zijn er de volgende niveaus:
- schoolniveau,
- bovenschoolsniveau en
- bestuursbureau.
De benoemingsprocedures worden per niveau en functiecategorie vastgesteld:
- op schoolniveau voor leraar, onderwijsondersteunend personeel en directie,
- op bovenschoolsniveau voor onderwijsondersteunend personeel en directie (ICT
medewerkers, leden managementteam) en
- op bestuursbureau voor onderwijsondersteunend personeel.
Medezeggenschap
Op grond van het Reglement voor de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad O2A5
heeft de personeelsgeleding van de GMR instemmingbevoegdheid bij de vaststelling van een
regeling op het gebied van aanstellings- en ontslagbeleid (artikel 17, lid p). Na instemming
van het bestuur en de PGMR volgt vaststelling van de notitie Aanstellingsbeleid.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
4
2.
Benoemingsvolgorde
Bij de vervulling van een vacature is het uiteindelijk aan het bestuur om te bepalen wie
benoemd wordt. Het bestuur van O2A5 heeft dit gemandateerd aan de algemeen directeur
en in het Management Statuut vastgelegd.
Door de sociale partners is in de CAO PO voor bepaalde categorieën werknemers een
voorrangspositie gewaarborgd. Dit is vastgesteld in de Benoemingsvolgorde in bijlage IE van
de CAO PO 2009 (zie ook bijlage I). De werkgevers binnen het onderwijs zijn verplicht om
bij het ontstaan van vacatureruimte in de reguliere formatie, de ontstane vacature eerst aan
te bieden aan deze werknemers. Worden deze zg. benoemingsverplichtingen niet in acht
genomen, dan volgt subsidieverlies zijnde een vermindering van de bekostiging.
(benoemingsvolgorde O2A5 nr. 1 t/m 7, zie pagina 5 e.v.)
Naast de wettelijke benoemingsverplichtingen zijn voor werknemers die in opeenvolgende
dienstverbanden al langer in tijdelijke dienst werkzaam zijn, arbeidsvoorwaardelijke
verplichtingen vastgelegd in artikel 4.5 van de CAO-PO.
(benoemingsvolgorde O2A5 nr. 8 en nr. 10A, zie pagina 8 en 9)
Op grond van het Mobiliteitsbeleid biedt O2A5 haar werknemers de mogelijkheid van
mobiliteit binnen de stichting.
(benoemingsvolgorde O2A5 nr. 9, zie pagina 9)
Om recht te doen aan werknemers waaraan verplichtingen zijn ontstaan en anderzijds
loopbaanperspectief te bieden aan bestaand en nieuw personeel is het van belang om een
duidelijke benoemingsvolgorde binnen O2A5 vast te stellen.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
5
2.1
Toelichting benoemingsvolgorde O2A5
Bij de vraag of sprake is van vacatureruimte en bij het aanbieden van vacatures hanteert
O2A5 bij de invulling daarvan de volgende volgorde:
1.
Werknemers die voor minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn verklaard door het
UWV waarbij aanpassing van het dienstverband nodig is.
Bij een personeelslid met een arbeidsongeschiktheid van minder dan 35% is er sprake van
een benoemingsverplichting van het bevoegd gezag. De wet Werk en Inkomen naar
arbeidsvermogen (WIA) voorziet niet in enige uitkering voor deze groep. De betrokkene die
door UWV in het kader van de uitvoering van de WIA minder dan 35% arbeidsongeschikt
wordt verklaard, wordt na afloop van de loondoorbetalingstermijn van 2 jaar, niet ontslagen
uit zijn dienstbetrekking op grond van arbeidsongeschiktheid, tenzij sprake is van een
zwaarwegend dienstbelang (bv. ernstige financiële problemen). Bij voortzetting van het
dienstverband maken werkgever en werknemer afspraken over de inhoud van de functie en
de daarbij behorende beloning.
Indien de werknemer na herbeoordeling een hogere restverdiencapaciteit (lagere
arbeidsongeschiktheidsklasse) toegekend krijgt door UWV, wordt door de werkgever een
uitbreiding van het aantal arbeidsuren aangeboden aan de werknemer (tenzij zwaarwegend
dienstbelang).
Indien deze situatie voor een werknemer van toepassing is, zal door het betreffende MT-lid
en de directeur naar een oplossing op-maat gezocht worden. Op het moment dat
vacatureruimte ontstaat op de eigen school van de werknemer, maken het MT-lid en
directeur met de werknemer afspraken over inhoud van de functie en daarbij behorende
beloning. O2A5 behoudt zich het recht voor om een oplossing op-maat buiten de eigen
school, op stichtingsniveau te realiseren.
2.
Werknemers wiens functie in het rddf is geplaatst.
De werkgever die kiest voor de regeling ontslagbeleid, hanteert een afvloeiingsregeling voor
plaatsing in het risicodragend deel van de formatie (rddf) en ontslag om formatieve redenen
van werknemers met een dienstverband voor onbepaalde tijd. Werknemers wiens functie in
het rddf is geplaatst, hebben een aparte positie in de benoemingsvolgorde.
Dit lid is als zodanig niet van toepassing binnen O2A5.
O2A5 heeft gekozen voor werkgelegenheidsbeleid en biedt een werkgelegenheidsgarantie
voor drie jaar, welke jaarlijks bij het bestuursformatieplan opnieuw voor drie jaar van
toepassing wordt verklaard. Als gevolg daarvan wordt er geen afvloeiingslijst gehanteerd
en worden geen functies van werknemers in het rddf geplaatst.
3.
Eigen wachtgelders (artikel 138, tweede lid WPO).
Artikel 138 WPO Wet op het primair onderwijs
Aftrekposten bekostiging
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
6
1. Op de bekostiging van de uitgaven voor het personeel worden in mindering gebracht de salarissen,
toelagen, uitkeringen of andere bijdragen waarop aanspraak wordt gemaakt door personeel dat is
benoemd met voorbijgaan van personeel dat een gelijksoortige functie uitoefent of heeft uitgeoefend aan
een school van het bevoegd gezag, voor zover laatstbedoeld personeel
a.
b.
gebruik maakt van een krachtens artikel 33, tweede lid, vastgestelde regeling voor
onvrijwillige taakvermindering, of
voor zover zich geen geval voordoet als bedoeld onder a, in het genot is van wachtgeld
of van een andere ontslaguitkering en direct aan die ontslaguitkering voorafgaand langer
dan een jaar onafgebroken in dienst is geweest van het bevoegd gezag.
Voor de toepassing van de eerste volzin wordt, indien het betreft openbaar onderwijs, onder «school van
het bevoegd gezag» verstaan elke binnen de desbetreffende gemeente gelegen school, met uitzondering
van de binnen die gemeente gelegen nevenvestigingen waarvan de hoofdvestiging in een andere
gemeente is gelegen.
2. Op de bekostiging van de uitgaven voor het personeel worden eveneens in mindering gebracht de
salarissen, toelagen, uitkeringen of andere bijdragen waarop aanspraak wordt gemaakt door personeel
dat langer dan 1 jaar anders dan wegens vervanging onafgebroken, met een onderbreking van een week
of minder, dan wel met een of meer onderbrekingen gedurende een schoolvakantie, in een gelijksoortige
functie in tijdelijke dienst verbonden is geweest aan een school van het bevoegd gezag.
De termijn van 1 jaar kan ingeval van een of meer ziekteperioden van langer dan 4 weken met deze
ziekteperioden worden verlengd.
Het betreft hier de herbenoemingsplicht bij “Ontslaguitkeringsgerechtigde ex-werknemer”,
bekend onder de term eigen wachtgelders. Hiervan is sprake:
 indien gedurende 1 jaar en 1 dag direct voorafgaand aan de ingangsdatum van de
uitkering de werknemer onafgebroken in dienst is geweest bij O2A5, voorzover de
werknemer in het genot is van een ontslaguitkering;
 een werknemer met een vaste aanstelling die gedurende een bepaalde periode
(ongeacht de lengte!) een tijdelijke uitbreiding heeft gehad, voorzover de werknemer
een ontslaguitkering ontvangt over de uren waarmee de betrekkingsomvang zijn
verminderd.
Bij het Participatiefonds kan op eigen verzoek een overzicht van uitkeringsgerechtigde exwerknemers (eigen wachtgelders) worden opgevraagd. O2A5 zal dit overzicht opvragen.
Bij het ontstaan van vacatureruimte, zal de vacature aan deze ex-werknemers worden
aangeboden. Bij de benoemingsprocedures leest u op welke wijze dit verloopt.
In het kader van toekomstige verplichtingen is het van belang ook zg. “potentiële” eigen
wachtgelders in beeld te brengen. Hiervan is sprake:
 een werknemer die langer dan een jaar onafgebroken werkzaam is bij het bestuur en
die op grond van het leerlingenverloop op of na 1 februari ontslagen is;
 een werknemer die langer dan een jaar onafgebroken werkzaam is bij het bestuur en
ontslag zal worden aangezegd, op grond waarvan recht op een ontslaguitkering zou
kunnen ontstaan per 1 augustus daaropvolgend.
Er ontstaan pas verplichtingen op het moment dat de ontslaguitkering voor rekening komt
van O2A5. Bij beëindiging van aanstellingen op basis van vervanging komt de uitkering
normaliter voor rekening van het Vervangingsfonds en is er derhalve geen sprake van een
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
7
eigen wachtgelder. Bij krapte op de arbeidsmarkt zal de werknemer eerder een andere
betrekking gevonden hebben en een uitkeringsaanvraag niet snel aan de orde zijn.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
8
De directeur en het betreffende MT-lid zullen bij de jaarlijkse formatie besprekingen in beeld
brengen welke medewerkers een tijdelijke aanstelling van een periode van 1 jaar naderen. Bij
onvoldoende functioneren dient dit vastgelegd te zijn in een beoordelingsgesprek conform
de Gesprekkencyclus O2A5, aangezien de eigen wachtgelder dan niet bij voorrang
aangesteld hoeft te worden.
Zie artikel 2.2 Ontheffing voorrangsbenoemingen bij ontslaguitkeringsgerechtigde exwerknemers (Eigen wachtgelders).
4.
Werknemers aangesteld voor bepaalde tijd bij wijze van proef
(artikel 4.3 CAO-PO).
Artikel 4.3 CAO-PO.
Aanstelling bij wijze van proef. Een aanstelling voor bepaalde tijd kan plaatsvinden bij wijze van proef,
met uitzicht op een aanstelling voor onbepaalde tijd. De duur van deze aanstelling bedraagt ten hoogste
twaalf maanden. In zeer bijzondere gevallen kan deze periode met ten hoogste twaalf maanden worden
verlengd.
Bedoeld worden werknemers die op grond van artikel 4.3 CAO-PO bij eerste indiensttreding
een tijdelijke aanstelling hebben bij wijze van proef met uitzicht op een vaste aanstelling.
Betrokken leerkrachten worden op de hoogte gesteld van de vacature op een van de
scholen binnen O2A5, waarbij de leerkracht zelf beslist of hij/zij op de vacature wenst te
solliciteren.
5.
Deeltijders (artikel 2.5 CAO-PO).
Artikel 2.5 lid 3 CAO-PO.
De werkgever biedt vrijkomende vacatureruimte bij voorrang aan aan werknemers met een
deeltijdbetrekking en een dienstverband voor onbepaalde tijd, tenzij voorrangsbepalingen zich hiertegen
verzetten of de bevindingen van een beoordeling dit ongewenst doen zijn.
Werknemers met een deeltijdbetrekking als bedoeld in artikel 2.5 CAO-PO komen ook bij
voorrang in aanmerking, tenzij een beoordeling dit niet zou rechtvaardigen.
Indien een vacature ontstaat zal de directeur alleen de deeltijders op de eigen school
informeren en bij voorrang de gelegenheid bieden op de vacature te solliciteren.
6.
Werknemers die het compensatieverlof willen sparen ten behoeve van spaarverlof
(artikel 2.1 lid 8 CAO-PO).
Artikel 2.1 lid 8 CAO-PO
Op grond van de regeling spaarverlof kan het compensatieverlof later dan in het desbetreffende
schooljaar worden opgenomen.
Werknemers die willen deelnemen aan de regeling spaarverlof komen ook bij voorrang in
aanmerking voor vacatures binnen O2A5. Zij willen immers geen 2 uur compensatieverlof
per week, maar deze uren werken en zo het compensatieverlof sparen conform de regeling
spaarverlof.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
9
Ontstaat er vacatureruimte dan zal de directeur de werknemer binnen de eigen school, die
gebruik wil maken van de spaarverlofregeling in staat stellen om de twee uur
compensatieverlof te gaan werken.
7.
Werknemers die meer gewerkte uren willen compenseren in salaris
(artikel 2.1 lid 9 CAO-PO).
Artikel 2.1 lid 9 CAO-PO
Indien een werknemer geen gebruik maakt van het recht genoemd in het zevende lid, heeft de
werknemer het recht jaarlijks maximaal 131 uren boven de algemene arbeidsduur te werken, tenzij het
dienstbelang zich hiertegen verzet en/of dit recht leidt tot verdringing van werkgelegenheid. Deze meer
gewerkte uren worden gecompenseerd in salaris.
Tenzij het dienstbelang zich hiertegen verzet en/of dit leidt tot verdringing van de
werkgelegenheid kan een werknemer het jaarlijkse recht op compensatieverlof laten
uitbetalen in salaris. Dit leidt tot een hogere werktijdfactor. Compensatie in salaris mag
slechts toegekend worden voor maximaal de duur van één schooljaar, waarna hierover
opnieuw een besluit genomen wordt.
Ontstaat er vacatureruimte dan zal de directeur de werknemer binnen de eigen school, die
het compensatieverlof in dit schooljaar in salaris uitbetaald wil krijgen de gelegenheid
bieden voor een hogere werktijdfactor in het betreffende schooljaar
8.
Werknemers met opeenvolgende dienstverbanden, 36 maanden regeling
(artikel 4.5 lid 1 CAO-PO).
Artikel 4.5 lid 1 CAO-PO
Vanaf de dag dat tussen dezelfde werkgever en werknemer aanstellingen voor bepaalde tijd elkaar met
tussenpozen van niet meer dan drie maanden hebben opgevolgd en een periode van 36 maanden, deze
tussenpozen inbegrepen, hebben overschreden, geldt met ingang van die dag de laatste aanstelling als
een aanstelling voor onbepaalde tijd. De voorgaande volzin is van toepassing op de aanstellingen
genoemd in artikel 4.4.
Artikel 4.4 CAO-PO
Een aanstelling voor bepaalde tijd kan in de overige gevallen plaatsvinden:
a. bij vervanging van een tijdelijk afwezige werknemer, telkens voor ten hoogste twaalf maanden;
b. als voorziening in een tijdelijke vacature, telkens voor ten hoogste twaalf maanden;
c. als de werknemer uitsluitend is belast met werkzaamheden in het kader van contractactiviteiten, of
uitsluitend een dergelijke werknemer vervangt;
d. als de werknemer uitsluitend is belast met werkzaamheden in het kader van projecten waarvoor
additionele gelden ter beschikking zijn gesteld, of uitsluitend een dergelijke werknemer vervangt.
Artikel 4.5 CAO-PO geeft aan dat vanaf de dag dat tussen de werkgever en werknemer
aanstellingen voor bepaalde tijd elkaar (incl. tussenpozen van minder dan 3 maanden)
hebben opgevolgd en een periode van 36 maanden hebben overschreden, geldt met ingang
van die dag de laatste aanstelling als een aanstelling voor onbepaalde tijd.
Dat wil zeggen dat een werknemer in het onderwijs, in het kader van de 36-maanden
regeling, bij een voortzetting van de dienstbetrekking na 36-maanden een dienstbetrekking
voor onbepaalde tijd krijgt. Hierbij is de termijn van 36-maanden bepalend ongeacht het feit
of er sprake is van vacatureruimte.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
10
Op het moment dat de periode van 36-maanden wordt overschreden, wordt de betrokken
werknemer voor onbepaalde tijd aangesteld. Op het moment dat er vacatureruimte
ontstaat, zal de directeur eerst de betrokken werknemer opnemen in de reguliere formatie
en vervolgens bepalen of en hoeveel vacatureruimte er nog resteert.
De directeur en het betreffende MT-lid zullen bij de jaarlijkse formatie besprekingen in
beeld brengen welke medewerkers de termijn van 36-maanden naderen.
De directeur houdt met alle werknemers functionerings- en beoordelingsgesprekken
conform de gesprekkencyclus binnen O2A5. Als gevolg hiervan zal de aanstelling voor
onbepaalde tijd de werknemer als voldoende dan wel goed functionerend beoordeeld
moeten zijn tijdens de jaarlijkse gesprekken.
9.
Werknemers op grond van mobiliteitsbeleid.
Vast personeel dat op één van de andere scholen binnen O2A5 wil gaan werken, kan dit
kenbaar maken in het kader van het mobiliteitsbeleid.
10
Interne kandidaten; interne werving.
Werknemers met een vast of een tijdelijk dienstverband bij O2A5 en werknemers met een
tijdelijk dienst verband in het kader van vervanging bij O2A5.
10A.
Interne kandidaten, zijnde werknemers met een dienstverband of opeenvolgende
dienstverbanden op grond van vervanging die totaal 12 maanden heeft cq. hebben
geduurd (artikel 4.5 lid 3 CAO-PO).
Artikel 4.5 CAO-PO Opeenvolgende dienstverbanden
3. In afwijking van het eerste lid geldt dat indien een aanstelling of opvolgende aanstellingen op grond van
vervanging totaal 12 maanden heeft c.q. hebben geduurd en nadien door een aanstelling of aanstellingen wordt c.q.
worden voortgezet zonder dat van vervanging sprake is, geschiedt dit voor onbepaalde tijd, voor zover het een
aanstelling betreft in dezelfde functie.
Artikel 4.5 lid 3 CAO-PO houdt in dat als een werknemer aaneengesloten een periode van
totaal 12 maanden in een vervangingsbetrekking heeft gewerkt, en de aanstelling wordt
voorgezet zonder dat van vervanging sprake is, de aanstelling geschiedt voor onbepaalde
tijd. Voortzetting in een tijdelijke aanstelling in het kader van vervanging is wel mogelijk
(dan komt t.z.t. de bovengenoemde 36-maanden regeling in beeld). Voortzetting in een
aanstelling anders dan vervanging wordt direct een vaste aanstelling, de voorgaande 12
maanden wordt dan gezien als tijdelijke aanstelling bij wijze van proef.
De directeur en het betreffende MT-lid zullen bij de jaarlijkse formatie besprekingen in
beeld brengen welke medewerkers inmiddels 12 maanden in een vervangingsbetrekking
werkzaam zijn. De directeur houdt met alle werknemers functionerings- en
beoordelingsgesprekken conform de gesprekkencyclus binnen O2A5. Als gevolg hiervan
zal op het moment van voortzetting van de aanstelling anders dan in vervanging, de
werknemer als voldoende dan wel goed functionerend beoordeeld zijn.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
11
Indien er een werknemer 12 maanden in dienst is in een vervangingsbetrekking en deze
werknemer is positief beoordeeld dan ligt het voor de hand dat deze leerkracht in
aanmerking komt voor de ontstane vacature. Dit is echter geen verplichting, maar een
“kan-bepaling”.
Om de directeur de gelegenheid te bieden een bredere selectie te houden voor de vacature,
hebben deze werknemers geen voorrang, maar kunnen zij deelnemen aan de interne
werving.
11.
Externe kandidaten; externe werving.
Externe kandidaten met een bevoegdheid voor het primair onderwijs.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
12
2.2
Ontheffing voorrangsbenoemingen bij ontslaguitkeringsgerechtigde exwerknemers (Eigen Wachtgelders)
In een aantal situaties ontstaat een automatische ontheffing om eigen wachtgelders bij
voorrang aan te stellen:
 Indien sprake is van een uitkeringsrecht (WW rechthebbenden) van minder dan 8 uur
(bij vakleerkrachten en onderwijs ondersteunend personeel minder dan 1 uur), is de
werkgever niet verplicht de betreffende eigen wachtgelder aan te stellen. De omvang
van de vacature doet in dit geval niet ter zake.
 Ontstaat er een vacature van 8 uur of minder (bij vakleerkrachten en onderwijs
ondersteunend personeel 1 uur of minder) , dan kan in eerste instantie de functie
worden toegekend aan een personeelslid dat uitbreiding wenst.
de genoemde 8 uur respectievelijk 1 uur komt overeen met een benoemingsomvang met een
werktijdfactor 0,1929 (8*40/1659), respectievelijk 0,0241 (1*40/1659).




onbekwaamheid of ongeschiktheid van de ontslaguitkeringsgerechtigde exwerknemer voor de door hem uitgeoefende functie anders dan op grond van ziels- of
lichaamsgebreken; *
een onherroepelijk geworden vonnis waarbij een ontslaguitkeringsgerechtigde exwerknemer is veroordeeld tot vrijheidsstraf wegens een misdrijf;
ontslag of ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens een van de volgende
gewichtige redenen indien, met het oog op de belangen van de instelling en van het
onderwijs, de mogelijkheid van benoeming in een vacature redelijkerwijs uitgesloten
moet worden geacht:
 onverenigbaarheid van karakters
 onherstelbaar verstoorde werkrelatie
 onoplosbare verschillen van inzicht omtrent de wijze waarop de taken van de
ontslaguitkeringsgerechtigde ex werknemer moeten worden uitgevoerd
 ziekte of arbeidsongeschiktheid die ten minste 24 maanden heeft geduurd en
waarbij UWV heeft bepaald dat het gaat om volledige arbeidsongeschiktheid
of gedeeltelijke arbeidongeschiktheid dat duurzaam van aard is;
gedwongen meeverhuizen met de partner.
* De directeuren binnen O2A5 voeren met grote nauwkeurigheid de gesprekkencyclus uit.
Met als voornaamste doel het optimaliseren van zowel het functioneren van de individuele
werknemer als van de organisatie van de instelling.
In het geval een directeur beoordeelt dat de werknemer niet voldoende functioneert, wordt
dit besproken in het functioneringsgesprek en vastgelegd in het formulier Functioneringsgesprek. Dit dient zorgvuldig vastgelegd te zijn, aangezien dit dient als ontheffingsgrond
voor de eigen wachtgeldregeling. O2A5 is, indien ontheffingsgrond in de administratie
aanwezig is, niet verplicht om de betrokken werknemer als eigen wachtgelder bij voorrang
te benoemen bij een vacature.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
13
2.3
Stroomschema voor het opvullen van een vacature
Het opvullen van de vacature
vindt plaats na overleg met het
MT lid
Is de vacature voor 8 uur of
minder?
Nr. 1 benoemingsvolgorde
ja
aanbieden
aanbieden
ja
ja
Is er een WIA’er die 35% of
minder arbeidsongeschikt is?
Nr. 1 benoemingsvolgorde
nee
Is er, om versnippering tegen te
gaan een parttimer die
uitbreiding van uren wenst?
Nr. 5/ 6/ 7 benoemingsvolgorde
nee
Is er een WIA’er die 35% of
minder arbeidsongeschikt is?
Nr. 1 benoemingsvolgorde
Is er een eigen wachtgelder of
een potentiële eigen wachtgelder
voor 8 uur of meer?
Nr. 3 benoemingsvolgorde
aanbieden
aanbieden
Wettelijke
benoemingsverplichting
Arbeidsvoorwaardelijke
verplichtingen
Is er een personeelslid die
benoemd is voor bepaalde tijd bij
wijze van proef?
Nr. 4 benoemingsvolgorde
Is er een deeltijder die
uitbreiding wenst van het aantal
uren?
Nr. 5 benoemingsvolgorde
Is er een medewerker die wil
deelnemen aan de regeling
spaarverlof?
Nr. 6 benoemingsvolgorde
Is er een medewerker die het
compensatieverlof wil werken?
Nr. 7 benoemingsvolgorde
Is er een medewerker met
aanstellingen voor bepaalde tijd
(met tussenpozen van minder
dan 3 maanden) die een totale
periode van 36 maanden hebben
overschreden?
Nr. 8 benoemingsvolgorde
Is er medewerker die (vrijwillig)
kan worden overgeplaatst op
grond van mobiliteit?
Nr. 9 benoemingsvolgorde
aanbieden
Eigen beleid
aanbieden
aanbieden
aanbieden
aanbieden
aanbieden
Wanneer er geen personeelsleden
Is er een medewerker met
meer zijn die onder de
(opeenvolgende) aanstellingen
instroomtoets vallen, is er sprake
o.b.v. vervanging die in totaal 12
van vrije benoemingen
maanden heeft geduurd?
Nr. 10 en 11
Nr 10A benoemingsvolgorde
benoemingsvolgorde
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode
– versie 3 - december 2010
14
3.
Sollicitatiecode conform CAO-PO
In de CAO-PO is een Sollicitatiecode opgenomen die u aantreft in bijlage 3 van deze notitie.
Het bestuur van O2A5 heeft de CAO-PO van toepassing verklaard voor alle medewerkers in
dienst bij Stichting O2A5. De Sollicitatiecode wordt als onderdeel van het Aanstellingsbeleid
O2A5 vastgesteld.
Met de Sollicitatiecode is een regeling vastgesteld die zoveel mogelijk garanties biedt voor de
(rechts-)positie van de sollicitant. Tegelijkertijd biedt het de werkgever voldoende ruimte tot
praktisch handelen binnen de gehele procedure.
De benoemingsprocedures en de wervings- en selectieprocedures binnen O2A5 zijn een
aanvulling op de Sollicitatiecode.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
15
4.
Benoemingsprocedures
Indien er vacatureruimte ontstaat binnen de reguliere formatie, hanteert O2A5 bij het
aanbieden van vacatures de volgorde zoals in hoofdstuk 2 is toegelicht. De volgende
benoemingsprocedures worden beschreven bij functies op schoolniveau.
4.1
Benoemingsprocedure bij benoemingsverplichtingen op grond van CAO-PO
Bijlage IE, nummer 1 tot en met 7
Indien er een vacature ontstaat binnen O2A5, komen eerst de werknemers in aanmerking die
op de benoemingsvolgorde nummer 1 tot en met 7 voorkomen. O2A5 spant zich in om de
ontstane verplichtingen aan werknemers per schooljaar adequaat in beeld te brengen.
De volgende procedure dient doorlopen te worden:
1. Indien er sprake is van benoemingsverplichting(en), dan informeert de directeur de
medezeggenschapsraad hierover.
2. De kandida(a)t(en) die voorkomen op de Benoemingsvolgorde wordt de vacature
schriftelijk aangeboden. Indien betrokken kandidaat niet voor de vacature in
aanmerking wil komen, wordt dit door de kandidaat schriftelijk aan O2A5 bevestigd.
3. Met de kandidaten die overgaan tot een sollicitatie wordt de selectieprocedure
gevolgd.
4. De benoemingsadviescommissie dient te komen tot een advies ten aanzien van
geschiktheid cq benoeming van de betrokken kandida(a)t(en).
5. De beslissing ten aanzien van benoeming blijft altijd voorbehouden aan de algemeen
directeur (Management statuut, art. 3.1 lid o). Bij afwijking van het gegeven advies
van de benoemingsadviescommissie zal de algemeen directeur dit gemotiveerd
meedelen aan de benoemingsadviescommissie.
4.2.
Benoemingsprocedure in het kader van Mobiliteitsbeleid
Jaarlijks kunnen medewerkers in dienst van O2A5 zich, middels het indienen van een
mobiliteitsformulier, aanmelden voor mobiliteit binnen de stichting. Deze werknemers
worden opgenomen op de mobiliteitslijst.
Indien er een vacature ontstaat en er zijn geen benoemingsverplichtingen als genoemd in de
benoemingsvolgorde nummer 1 tot en met 8, dan treedt de volgende fase in werking:
1. De op de mobiliteitslijst genoemde werknemers ontvangen een afschrift van de
vacature. De medewerkers krijgen de gelegenheid om binnen een termijn van 1 week
(met voorrang) te solliciteren op de aangeboden vacature.
2. Met de werknemers die overgaan tot een sollicitatie wordt de selectieprocedure
gevolgd.
3. De benoemingsadviescommissie dient te komen tot een gemotiveerd positief dan wel
negatief advies ten aanzien van geschiktheid cq de benoeming van de betrokken
kandida(a)t(en).
Zijn er geen werknemers op de mobiliteitslijst die overgaan tot solliciteren of komen deze
werknemers niet in aanmerking voor de functie dan gaat O2A5 over tot het openstellen voor
de vacature. De werknemer die heeft gesolliciteerd maar niet is aangesteld, blijft gewoon op
de mobiliteitslijst staan, tenzij de werknemer aangeeft niet langer op de mobiliteitslijst
geregistreerd te willen staan.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
16
5.
Wervingsprocedures
Indien de benoemingsprocedures bij verplichtingen en in het kader van mobiliteit niet
resulteert in de invulling van de vacature, wordt de vacature opengesteld. De volgorde van
werving is in eerste instantie interne werving. Leidt dit niet tot een benoeming dan volgt
externe werving.
5.1
Functieprofiel en Personeelsadvertentie
De directeur stelt in overleg met het MT-lid de personeelsadvertentie op waarin relevante
informatie wordt verstrekt met betrekking tot de functie en functievervulling. De directeur
baseert zich op het functieprofiel dat is opgesteld door de benoemingsadviescommissie.
Bij een vacature op directieniveau wordt het functieprofiel samengesteld door het MT, na
overleg met het team en de medezeggenschapsraad, met de benoemingsadviescommissie.
De algemeen directeur stelt de profielschets vast. Op basis van de profielschets stelt het MT
lid de personeelsadvertentie op. In de advertentie wordt opgenomen dat een selectief- of
ontwikkelassessment en/of psychologisch onderzoek onderdeel uitmaakt van de
sollicitatieprocedure
5.2
Interne werving
Bij interne werving staat de vacature open voor:
- werknemers met een vast of een tijdelijk dienstverband binnen O2A5;
- werknemers met een tijdelijk dienstverband in het kader van vervanging.
De personeelsadvertentie wordt op de volgende wijze intern bekend gemaakt:
- de vacature wordt digitaal verstrekt aan alle directeuren binnen O2A5, de
directeuren maken de vacature bekend bij de teamleden op de eigen school;
- de vacature wordt bekend gemaakt op de site www.o2a5.nl met de
vermelding “interne vacature”.
5.3
Externe werving
Bij externe werving staat de vacature open voor:
- externe kandidaten met bevoegdheid voor het primair onderwijs.
De personeelsadvertentie wordt op de volgende wijze extern bekend gemaakt:
- de vacature wordt bekend gemaakt op de site www.o2a5.nl met de
vermelding “externe vacature”;
- de directeur bepaalt in overleg met het MT-lid overige publicaties, zoals de
website van PiO personeel, de onderwijsvacaturebank, of plaatsing van een
advertentie in lokale of regionale bladen.
Bij een vacature op directieniveau bepaalt het MT-lid in overleg met de algemeen directeur
via welke media de personeelsadvertentie wordt gepubliceerd.
In principe kiest O2A5 ervoor om pas te starten met externe werving nadat de
selectieprocedure na interne werving is afgerond. De directeur kan in overleg met het MT-lid
ervoor kiezen om de interne werving en externe werving tegelijkertijd te starten. Hierbij
dient in de advertentie te worden opgenomen dat tegelijkertijd de vacature opengesteld
wordt voor interne en externe kandidaten en dat bij gelijke geschiktheid de interne
kandidaat voorkeur geniet.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
17
6.
Selectieprocedures
Bij de selectieprocedure wordt de sollicitatiecode in acht genomen. Binnen O2A5 zijn
daarnaast een aantal specifieke afspraken gemaakt om in het geval van een vacature tot een
zorgvuldige selectie van een kandidaat te komen. Deze selectieprocedure wordt vastgesteld
op schoolniveau en op bovenschoolsniveau.
6.1
Op schoolniveau voor leraar en onderwijsondersteunend personeel
Benoemingsadviescommissie
Doel is dat de sollicitant en bepaalde geledingen binnen de school tijdens de
selectieprocedure met elkaar kennis maken. De directeur stelt een benoemingsadviescommissie in. De directeur maakt in ieder geval deel uit van de benoemingsadviescommissie
en is voorzitter. Het ligt voor de hand dat in ieder geval één of meerdere toekomstige
collega’s deelnemen. Formeel heeft de MR hierin geen rol, wel kan overwogen worden om
een ouder uit de oudergeleding van de medezeggenschapsraad te laten deelnemen. Een
benoemingsadviescommissie heeft tenminste drie en ten hoogste vijf leden.
Ingeval het een vacature betreft voor een leerkracht basisonderwijs LB stelt de directeur een
benoemingsadviescommissie in, in principe bestaande uit de directeur en een collegadirecteur of een MT-lid. De directeur mag, na instemming van het MT-lid, een collega
leerkracht uit het eigen team laten deelnemen in plaats van een collega-directeur.
Ingeval het een vacature betreft voor een intern begeleider LC stelt de directeur een
benoemingsadviescommissie in, in principe bestaande uit de directeur en een MT-lid in
verband met de bovenschoolse zwaarte van de functie.
Taak benoemingsadviescommissie
De benoemingsadviescommissie verricht haar taak in vertrouwelijkheid en zonder last en
ruggespraak. De commissie stelt een gemotiveerd advies voor de benoeming op en
rapporteert aan het MT-lid. Elk lid van de commissie is gerechtigd afzonderlijk advies uit te
brengen.
Functieprofiel
De directeur stelt, desgewenst na overleg met team, in overleg met de
benoemingsadviescommissie het functieprofiel op.
Sollicitatiegesprekken
Na de selectie van de sollicitatiebrieven door de benoemingsadviescommissie wordt het MT
lid door de directeur geïnformeerd welke sollicitanten door de benoemingsadviescommissie
voor een gesprek worden uitgenodigd. De directeur regelt in overleg met het MT lid de
aspecten die van belang zijn voor de goede gang van zaken rond het eerste en eventueel
tweede gesprek. De benoemingsadviescommissie bepaalt welke sollicitanten voor een
tweede gesprek worden uitgenodigd.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
18
Referenties
Bij kandidaten die serieus in aanmerking komen voor de vacature worden referenties
ingewonnen. De directeur gaat over tot het inwinnen van referenties, na overleg met het MT
lid en na instemming van de betrokken sollicitant.
Schoolbezoek
De beoogde kandidaat krijgt de mogelijkheid een schoolbezoek af te leggen waardoor een
informele kennismaking met de school en het team mogelijk is.
Werkbezoek
Een delegatie van minimaal twee personen van de benoemingsadviescommissie kan een
werkbezoek aan kandidaten afleggen. Dit kan alleen met instemming van de sollicitant.
Nadat de sollicitant heeft ingestemd, vraagt de directeur toestemming aan de betrokken
werkgever.
Selectie en benoeming
Op voordracht van de directeur met bijvoeging van het advies van de benoemingsadviescommissie, neemt het MT lid na overleg met de algemeen directeur een besluit over de
benoeming van de voorgedragen kandidaat.
6.2
Op schoolniveau voor directie
Benoemingsadviescommissie
Doel is dat de sollicitant en bepaalde geledingen binnen de school en het managementteam
tijdens de selectieprocedure met elkaar kennis maken. Het MT lid stelt een benoemingsadviescommissie in. Het MT lid maakt deel uit van de benoemingsadviescommissie en is
voorzitter. Verder bestaat de benoemingsadviescommissie uit de adjunct directeur of het
teamlid die als plaatsvervangend directeur optreedt bij afwezigheid van de directeur
(uitgezonderd de interim directeur van O2A5). De medezeggenschapsraad heeft bij de
benoeming van directie een adviesbevoegdheid (art. 22 lid g) en maakt deel uit van de
benoemingsadviescommissie met één lid van de personeelsgeleding en één lid van de
oudergeleding.
Taak benoemingsadviescommissie
De benoemingsadviescommissie verricht haar taak in vertrouwelijkheid en zonder last en
ruggespraak. De commissie stelt een gemotiveerd advies voor de benoeming op en
rapporteert aan de algemeen directeur. Elk lid van de commissie is gerechtigd afzonderlijk
advies uit te brengen. Een benoemingsadviescommissie heeft tenminste drie en ten hoogste
vijf leden.
Functieprofiel
Het lid van het managementteam van O2A5 stelt, na overleg met het team en de
medezeggenschapsraad, met de benoemingscommissie een conceptprofielschets op en brengt
deze ter kennis aan de algemeen directeur. De algemeen directeur stelt de profielschets vast,
rekening houdend met het advies van de benoemingsadviescommissie.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
19
Sollicitatiegesprekken
Na de selectie van de sollicitatiebrieven door de benoemingsadviescommissie wordt de
algemeen directeur door het MT lid geïnformeerd welke sollicitanten door de
benoemingsadviescommissie voor een gesprek worden uitgenodigd. Het MT lid regelt de
aspecten die van belang zijn voor de goede gang van zaken rond het eerste en eventueel
tweede gesprek. De benoemingsadviescommissie bepaalt welke sollicitanten voor een
tweede gesprek worden uitgenodigd.
Referenties
Van de sollicitanten die deelnemen aan de tweede ronde, worden referenties ingewonnen.
Het MT lid gaat over tot het inwinnen van referenties, na overleg met de algemeen directeur
en na instemming van de betrokken sollicitanten.
Schoolbezoek
De beoogde kandidaat krijgt de mogelijkheid een schoolbezoek af te leggen waardoor een
informele kennismaking met de school en het team mogelijk is.
Werkbezoek
Een delegatie van minimaal twee personen van de benoemingsadviescommissie kan indien
gewenst een werkbezoek afleggen aan één of meer voor de tweede ronde opgeroepen
sollicitanten. Dit kan alleen met instemming van de sollicitant. Nadat de sollicitant heeft
ingestemd, vraagt het MT lid toestemming aan de betrokken werkgever.
Selectie en voordracht
Het MT lid formuleert een voordracht tot benoeming aan de algemeen directeur, met
inachtneming van de adviezen van de benoemingsadviescommissie.
Psychologisch en/of enig ander onderzoek
De beoogde kandidaat neemt deel aan een selectief- of ontwikkelassessment en/of
psychologisch onderzoek.
Afrondend gesprek met algemeen directeur
Er vindt een het afrondend gesprek plaats tussen de beoogd kandidaat, lid van het
managementteam en de algemeen directeur.
Benoeming
De algemeen directeur zorgt, na het afrondend gesprek met de beoogd kandidaat, voor de
voordracht en de benoeming naar het bestuur. Het bestuur benoemt de voorgedragen
kandidaat.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
20
6.3
Op bovenschoolsniveau voor onderwijsondersteunend personeel en directie
Op bovenschoolsniveau kunnen er vacatures ontstaan voor onderwijsondersteunend
personeel, zijnde functies op het gebied van ICT en leden managementteam.
Openstelling van vacatures voor functies op bovenschoolsniveau valt onder de
beslissingsbevoegdheid van de algemeen directeur. Indien wordt overgegaan tot invulling
van de vacature wordt de wervings- en selectieprocedure van deze notitie gevolgd.
In het kader van de compactheid van de notitie verwijzen wij naar de selectieprocedure zoals
deze voorgaand is omschreven bij artikel 6.2. De algemeen directeur stel een benoemingsadviescommissie samen. De algemeen directeur stelt met de benoemingsadviescommissie
een conceptprofielschets op. Als basis dienen hiervoor de bestaande functieomschrijvingen
zoals opgenomen in het Functieboek O2A5.
6.4
Op bestuursbureau voor onderwijsondersteunend personeel
Openstelling van vacatures voor functies op het bestuursbureau valt onder de
beslissingsbevoegdheid van de algemeen directeur. Indien wordt overgegaan tot invulling
van de vacature wordt de werving- en selectieprocedure van deze notitie gevolgd.
In het kader van de compactheid van de notitie verwijzen wij naar de selectieprocedure zoals
deze voorgaand is omschreven bij artikel 6.2. De algemeen directeur stel een benoemingsadviescommissie samen. De algemeen directeur stelt, na overleg met de medewerkers van
het bestuursbureau en het managementteam, met de benoemingsadviescommissie een
conceptprofielschets op. Als basis dienen hiervoor de bestaande functieomschrijvingen zoals
opgenomen in het Functieboek O2A5.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
21
Bijlage 1
CAO-PO 2009 Bijlage IE Benoemingsvolgorde of aanstellingsvolgorde
Bij de vraag of er sprake is van vacatureruimte en bij het aanbieden van vacatures hanteert
de werkgever de onderstaande volgorde:
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
werknemers die voor minder dan 35% arbeidsongeschikt zijn verklaard door UWV
waarbij aanpassing van het dienstverband nodig is;
werknemers wiens functie in het rddf is geplaatst; *
eigen wachtgelders in de zin van artikel 138, tweede lid WPO respectievelijk artikel
132, tweede lid, WEC (Aftrekposten bekostiging);
werknemers benoemd voor bepaalde tijd op grond van artikel 3.3 en aangesteld op
grond van artikel 4.3 van deze CAO;
deeltijders als bedoeld in artikel 2.5 van deze CAO;
werknemers die het compensatieverlof willen sparen ten behoeve van spaarverlof
(artikel 2.1, achtste lid, van deze CAO);
werknemers die meer gewerkte uren willen compenseren in salaris (art. 2.1, negende
lid, van deze CAO).
* O2A5 heeft gekozen voor werkgelegenheidsbeleid, als gevolg daarvan worden
werknemers niet in het rddf geplaatst en is dit lid als zodanig niet van toepassing.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
22
Bijlage 2
UWV
WIA
CFI
Afkortingenlijst
Uitvoeringsinstituut Werknemers Verzekeringen
Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen
Centrale financiële instellingen
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
23
Bijlage 3
Sollicitatiecode conform CAO-PO
Het bestuur van het Openbaar Onderwijs Alblasserwaard Vijfheerenlanden (O2A5)
BESLUIT:
vast te stellen de navolgende “Sollicitatiecode Openbaar Onderwijs Alblasserwaard
Vijfheerenlanden” (O2A5)
Sollicitatiecode behorend bij artikel 11.8 van de CAO -PO
1.
Bekendmaking van de vacature
De werkgever draagt er zorg voor dat de met betrekking tot de functie en
functievervulling relevante informatie wordt verstrekt.
2.
Bevestiging ontvangst sollicitatie
1. Binnen veertien dagen na ontvangst van de sollicitatie ontvangt de sollicitant een
bevestiging van ontvangst.
2. In de bevestiging van ontvangst is tevens een globaal overzicht van de
sollicitatieprocedure opgenomen, alsmede een termijn waarop de sollicitant nadere
berichten kan ontvangen.
3.
Vertrouwelijke behandeling gegevens
Gegevens die de sollicitant in zijn sollicitatie verstrekt zijn vertrouwelijk. De verspreiding
van die gegevens wordt dan ook beperkt tot de direct bij de selectie betrokken personen.
4.
Selectie op grond van schriftelijke sollicitaties
1. De selectie van kandidaten geschiedt op grond van bekendgemaakte functie-eisen.
2. Het stellen van functie-eisen mag niet tot gevolg hebben dat bij de selectie
ongerechtvaardigd onderscheid wordt gemaakt.
3. De sollicitant die voor een gesprek wordt uitgenodigd, wordt geïnformeerd over de
verwachte tijdsduur van de procedure.
4. De sollicitant die niet voor een gesprek wordt uitgenodigd ontvangt daarvan schriftelijk
bericht binnen veertien dagen na het nemen van de beslissing. Daarbij mag de termijn
genoemd in de ontvangstbevestiging niet overschreden worden.
5. Gegevens van afgewezen kandidaten worden vernietigd of teruggezonden.
6. Indien er op korte termijn een andere vacature ontstaat, waarvoor de sollicitant in
aanmerking zou kunnen komen, blijven de gegevens ter beschikking van het bevoegd
gezag, indien de betrokken sollicitant daarvoor desgevraagd uitdrukkelijk en schriftelijk
toestemming heeft gegeven.
5.
Uitnodiging voor een gesprek
Sollicitanten die voor een gesprek worden uitgenodigd ontvangen bij de uitnodiging de
voor de functie en functievervulling relevante informatie, benevens een exemplaar van
de sollicitatiecode.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
24
6.
Sollicitatiegesprek
1. Vertegenwoordigers van geledingen die voor de functie en functievervulling relevant
zijn, worden betrokken bij de sollicitatieprocedure. Deze nemen dan ook deel aan de
sollicitatiegesprekken.
2. Uitsluitend voor de functie en functievervulling relevante informatie vormt het
onderwerp van gesprek. Tijdens het gesprek krijgen beide partijen voldoende ruimte
voor het uitwisselen van de benodigde informatie.
3. Tijdens het sollicitatiegesprek worden aan de sollicitant geen vragen over zijn/haar
gezondheid of ziekteverzuim in het verleden gesteld.
4. Contacten tussen de verschillende kandidaten worden vermeden. Er wordt geen gesprek
met meerdere kandidaten tegelijk gevoerd.
5. Bij de laatste selectieronde moet, op verzoek van de sollicitant, mededeling worden
gedaan over het aantal overgebleven kandidaten.
7.
Referenten
1. Slechts bij serieus in aanmerking komende kandidaten wordt overgegaan tot het
inwinnen van referenties. Referenties worden alleen ingewonnen indien de sollicitant
daarmee instemt. De gevraagde informatie moet direct verband houden met de te
vervullen vacature. Geen informatie zal worden gevraagd die een inbreuk op de
persoonlijke levenssfeer van de sollicitant betekent.
2. De over de sollicitant verkregen informatie wordt vertrouwelijk behandeld. Deze wordt
alleen met instemming van de referent aan de sollicitant meegedeeld.
8.
Werkbezoek
1. Een werkbezoek aan de sollicitant in zijn huidige functie kan alleen met instemming van
de sollicitant en op het moment dat de sollicitant heeft aangegeven. Na verkregen
instemming van de sollicitant wordt toestemming gevraagd aan de betrokken
werkgever.
2. De sollicitant wordt desgewenst in staat gesteld de school/instelling tijdens een werkdag
te bezoeken.
9.
Psychologisch en/of enig ander onderzoek
1. De werkgever kan slechts overgaan tot een psychologisch en/of enig ander onderzoek,
indien in de advertentie is aangegeven dat dit onderzoek deel kan uitmaken van de
sollicitatieprocedure.
2. De werkgever maakt met de onderzoeker afspraken over de zorgvuldigheidseisen die
aan het onderzoek worden gesteld.
3. In ieder geval worden de volgende afspraken gemaakt:
- de resultaten van het onderzoek worden door de onderzoeker aan de kandidaat ter
inzage gegeven en met hem besproken, alvorens gerapporteerd wordt. Rapportage blijft
achterwege, indien de sollicitant daarvoor geen toestemming geeft of besluit niet verder
deel te nemen aan de procedure;
- de onderzoeker rapporteert de conclusies van het onderzoek, alsmede die informatie
die redelijkerwijs noodzakelijk is voor een juiste interpretatie van die conclusies.
4. Zonder toestemming van de sollicitant wordt niet gerapporteerd aan andere instellingen
of personen dan die bij de selectie zijn betrokken.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
25
10.
Beëindiging procedure door de sollicitant
Indien de sollicitant te kennen geeft om hem/haar moverende redenen de sollicitatie in te
trekken, wordt de door de sollicitant verstrekte en over de sollicitant verkregen
informatie teruggezonden of vernietigd. Artikel 4, vijfde lid is van overeenkomstige
toepassing.
11.
Afronding procedure
1. De kandidaten met wie een gesprek is gevoerd en die niet voor de functie in aanmerking
komen, ontvangen schriftelijk bericht van de afwijzing, binnen veertien dagen na de
daartoe genomen beslissing. Aan de laatst overgebleven niet benoemde sollicitant(en)
wordt tevens aangegeven dat de bereidheid bestaat de redenen desgewenst mondeling
nader toe te lichten.
2. De door de afgewezen kandidaten verstrekte en over de afgewezen kandidaten
verkregen informatie wordt teruggezonden of vernietigd. Artikel 4, vijfde lid is van
overeenkomstige toepassing.
3. Bij de aanbieding van de functie aan de daartoe geselecteerde kandidaat worden alle
zaken die van belang zijn, ook gedane toezeggingen, schriftelijk vastgelegd.
4. Zodra aan de gangbare formele vereisten is voldaan ontvangt de geselecteerde kandidaat
een akte van benoeming c.q. aanstelling, de daarbij behorende overige voorwaarden en
alle andere benodigde stukken.
12.
Kosten
1. Alle sollicitanten krijgen de gemaakte reiskosten op basis van de kosten openbaar
vervoer vergoed.
2. Kosten voor een in het kader van de sollicitatieprocedure door de werkgever
geëntameerd onderzoek komen geheel voor rekening van de werkgever.
13.
Klachten over de navolging van de sollicitatiecode
Een sollicitant die van oordeel is dat tijdens de sollicitatieprocedure de sollicitatiecode
niet behoorlijk is nagevolgd, kan hierover schriftelijk een klacht indienen bij het bevoegd
gezag dat alsdan de medezeggenschapsraad onmiddellijk over deze klacht zal
informeren.
14.
Toelichting
De toelichting op artikelen van deze sollicitatiecode maakt integraal onderdeel uit van de
code.
15.
Slotbepaling.
Deze code kan worden aangehaald als Sollicitatiecode Openbaar Onderwijs
Alblasserwaard Vijfheerenlanden” (O2A5) 1 mei 1999.
Aldus vastgesteld door het bestuur van het openbaar onderwijs Alblasserwaard
Vijfheerenlanden” (O2A5) in zijn openbare vergadering van ……………
de secretaris,
A. Stouten
de voorzitter,
B.A.M. van Gool
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
26
Bijlage 4
Toelichting sollicitatiecode
Algemeen
Uit de Nota van Toelichting bij het besluit van 30 juni 1988 (Stb 1988, 318) blijkt dat de
wetgever met de verplichting tot het vaststellen van een sollicitatiecode beoogd heeft de
rechtspositie van de sollicitant te verbeteren. Gekozen wordt daarom voor een regeling die
enerzijds zoveel mogelijk garanties biedt voor de positie van de sollicitant doch anderzijds
de werkgever voldoende ruimte biedt tot praktisch handelen binnen de gehele procedure.
De gedragsregels zijn zoveel mogelijk afgestemd op de algemeen gangbare volgorde van
gebeurtenissen binnen de sollicitatieprocedure.
Artikel 1
De werkgever is gehouden om een vacature op zo duidelijk mogelijke wijze naar buiten te
brengen. Om te kunnen bepalen of hij/zij al dan niet op een vacature zal reflecteren, dient de
sollicitant optimaal over de functie en functievervulling geïnformeerd te zijn. In het
navolgende wordt aangegeven wat onder het begrip "relevante informatie" kan worden
verstaan:
a. met betrekking tot de werkgever:
- aantal (soorten) scholen/instellingen van de werkgever;
- naam, adres en plaats van vestiging van de betreffende school/instelling;
- identiteit en/of onderwijskundige inrichting;
- onderwijssoort en/of bijzondere omstandigheden van de school/instelling.
b. met betrekking tot de vacature:
- naam en omschrijving van de functie;
- functie-eisen;
- omvang van de functie;
- benoeming voor bepaalde of onbepaalde tijd;
- salarisindicatie;
- naam en telefoonnummer van de persoon die nadere inlichtingen over de vacature
verstrekt.
c. met betrekking tot de procedure:
- sollicitatietermijn;
- wijze van inzenden van de sollicitatie;
- eisen waaraan de sollicitatie moet voldoen;
- termijn waarbinnen de sollicitant een ontvangstbevestiging zal worden toegezonden.
alsmede (indien van toepassing):
d. met betrekking tot de vacature:
- bijzondere arbeidsvoorwaarden en/of rechtspositie;
- voorkeur voor een bepaalde groep sollicitanten (zoals vrouwen, etnische
minderheidsgroepen en arbeidsgehandicapten),
- een en ander met inachtneming van wettelijke bepalingen;
- andere bijzondere omstandigheden.
e. met betrekking tot de procedure:
- de vermelding dat een psychologisch en/of enig ander onderzoek deel kan uitmaken
van de procedure.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
27
Artikel 4, tweede lid
Artikel 1 van de Algemene Wet Gelijke Behandeling (Stb. 1994, 230) kent de begrippen direct
en indirect onderscheid. Direct onderscheid wordt als volgt gedefinieerd: onderscheid tussen
personen op grond van godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht,
nationaliteit, hetero- of homoseksuele gerichtheid of burgerlijke
staat. Onder indirect onderscheid wordt verstaan: onderscheid op grond van andere
hoedanigheden of gedragingen, dat direct onderscheid tot gevolg heeft. Op grond van artikel
5 van genoemde wet is het maken van onderscheid verboden bij (onder andere) de
aanbieding van een betrekking en de behandeling bij de vervulling van een
openstaande betrekking.
Artikel 7 van deze wet laat aan een instelling van bijzonder onderwijs de vrijheid om bij de
toelating en ten aanzien van de deelname aan het onderwijs eisen te stellen, die gelet op het
doel van de instelling nodig zijn voor de verwezenlijking van haar grondslag, waarbij deze
eisen niet mogen leiden tot onderscheid op grond van het enkele feit van
politieke gezindheid, ras, geslacht, nationaliteit, hetero- of homoseksuele gerichtheid of
burgerlijke staat.
Artikel 4, zesde lid
Het kan voorkomen, dat een sollicitant niet in aanmerking komt voor de functie waarnaar
hij/zij heeft gesolliciteerd, terwijl hij/zij, bijvoorbeeld op grond van zijn/haar bevoegdheden,
wel in aanmerking zou kunnen komen voor een op korte termijn te verwachten vacature.
Het zesde lid van dit artikel biedt de werkgever de mogelijkheid om in zo'n geval met
toestemming van de sollicitant de sollicitatie te beschouwen als een sollicitatie naar de te
verwachten vacature. Mocht tegen de verwachtingen in blijken dat er op korte termijn geen
vacature ontstaat, dan stelt het bevoegd gezag de sollicitant daar zo snel mogelijk van op de
hoogte. Vervolgens dient de sollicitant als een afgewezen kandidaat beschouwd te worden.
De door hem/haar verstrekte gegevens worden dan, conform het derde lid van dit artikel,
vernietigd of teruggezonden.
Artikel 5
Onder het begrip "de voor de functie en functievervulling relevante informatie" wordt
verstaan:
- nadere informatie over de school/instelling;
- een voorbeeld van de aan de school/instelling gehanteerde akte van benoeming/ akte
van aanstelling met bijlagen;
- statuten, schoolreglement en medezeggenschapsreglement;
- de klachtenregeling;
- sollicitatiecode;
- inlichtingen over de procedure die gevolgd wordt voordat tot benoeming of
aanstelling wordt overgegaan; duur van het gesprek;
- wie de gesprekspartners zijn.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
28
Artikel 6, eerste lid
Het onderhavige artikel heeft ten doel dat de sollicitant en (vertegenwoordigers van)
bepaalde geledingen binnen de school/instelling tijdens de procedure met elkaar kennis
maken. Het ligt voor de hand dat in ieder geval één of meerdere van de toekomstige collega's
bij de procedure betrokken worden. Overwogen zou kunnen worden ook een
vertegenwoordiger van de ouders te raadplegen. Het moet niet uitgesloten worden geacht
dat aan een school/instelling een vaste benoemingsadvies-/sollicitatiecommissie wordt
ingesteld. Als bij de sollicitatieprocedure een commissie wordt betrokken, lijkt het echter
wenselijker de samenstelling ervan te laten afhangen van de aard van de te vervullen
vacature. Een benoemingsadvies-/sollicitatiecommissie heeft tenminste drie en ten hoogste
vijf leden en rapporteert aan de werkgever. Het is voor een sollicitant van belang om te
weten welke waarde aan de rapportage van de commissie moet worden
gehecht. Aan de sollicitant wordt meegedeeld dat er sprake kan zijn van rapportage waarna
de werkgever uiteindelijk beslist dan wel dat er sprake is van een bindende voordracht. In
dat laatste geval neemt de benoemingsadvies- /sollicitatiecommissie weliswaar niet de
formele, maar wel de feitelijke beslissing wie er in de vacature benoemd of aangesteld zal
worden.
Artikel 6, tweede lid
Naast de status van de benoemingsadvies-/sollicitatiecommissie moet in het sollicitatiegesprek ook de toekomstverwachtingvan de school (ontwikkeling leerlingenaantal,
eventuele fusieplannen) aan de orde komen. Tijdens het sollicitatiegesprek kunnen vragen
aan de orde gesteld worden die verband houden met de beoordeling van de bekwaamheid
en de geschiktheid van de sollicitant. Bij vragen omtrent de geschiktheid kan ook aan de
orde komen de houding van de werknemer ten aanzien van de grondslag en het doel van de
rechtspersoon, evenals de eisen die worden gesteld ten aanzien van het gedrag, gezien de
grondslag en het doel van de rechtspersoon.
Het spreekt verder voor zich dat de voor de functie en de functievervulling relevante
informatie met de functie en de functievervulling verbonden moet zijn. Deze informatie kan
geen betrekking hebben op gedragingen in de persoonlijke levenssfeer; onverminderd de
mogelijkheid de eisen ten aanzien van deze gedragingen aan de orde te stellen in
het kader van de grondslag en het doel van de rechtspersoon.
Artikel 6, derde lid
Aan een sollicitant mogen geen vragen over diens gezondheidstoestand gesteld worden. Dit
mag ook niet indirect, door bijvoorbeeld aan referenten te vragen hoe de medische toestand
is van een sollicitant of hoe het ziekteverzuim is. Als de werkgever, gesteund door zijn Arbodienst, geen bijzondere medische functie-eisen kan formuleren, mag de sollicitant niet
worden gekeurd. Onder medische geschiktheid voor de functie wordt begrepen de
bescherming van de gezondheid en veiligheid van de potentiële werknemer en van derden
bij de uitvoering van de desbetreffende arbeid. In principe kan er van worden uitgegaan dat
er voor een functie in het primair onderwijs geen bijzondere eisen op het punt van medische
geschiktheid gelden. Dit neemt niet weg dat er functies zijn waaraan mogelijk bepaalde
lichamelijke eisen gesteld worden. Gedacht kan worden aan bijvoorbeeld de functie van
conciërge of van fysiotherapeut. Maar ook de functie van klassenassistent of leraar van
meervoudig gehandicapte kinderen kan als bijzondere medische eis met zich meebrengen
dat deze functionarissen moeten kunnen bukken en tillen.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
29
Artikel 7, tweede lid
Hoewel in artikel 3 al is geregeld dat informatie over de sollicitant vertrouwelijk behandeld
dient te worden, is hetjuist met betrekking tot het inwinnen en verkrijgen van informatie van
belang opnieuw een bepaling omtrent vertrouwelijkheid
op te nemen. Het bepaalde in artikel 3 is er met name op gericht dat informatie over de
sollicitantenniet buiten de kring van personen betrokken bij de sollicitatieprocedure
beschikbaar is.
Artikel 9, tweede lid
Het Nederlands Instituut voor Psychologen heeft in 1988 een aantal Richtlijnen voor
ontwikkeling en gebruik vanpsychologische tests en studietoetsen gepubliceerd. Een groot
aantal psychologen hanteert deze richtlijnen. Het verdient daarom aanbeveling dat de
opdrachtgever tot de test kennisneemt van deze richtlijnen.
Artikel 9, derde lid
Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen de conclusies van het onderzoek en de
onderzoeksresultaten. De sollicitant heeft er belang bij volledig op de hoogte te worden
gesteld van de resultaten van het onderzoek. Degenen die bij de sollicitatieprocedure
betrokken zijn, hebben daarbij in het algemeen veel minder belang: zij zijn in beginsel slechts
geïnteresseerd in het antwoord op de vraag of de betrokken sollicitant op grond van het
verrichte onderzoek al dan niet geschikt moet worden geacht voor het vervullen van de
functie. Onder omstandigheden kan de nafnemer van de test het echter tot zijn
verantwoordelijkheid vinden behoren om ook (een gedeelte van) de onderzoeksresultaten
ter beschikking te stellen, namelijk indien deze bij de interpretatie van de resultaten niet
kunnen worden gemist.
Artikel 11, vierde lid
Onder gangbare formele eisen wordt onder meer verstaan:
a. a de sollicitant dient kopieën van voor de functie vereiste diploma's en akten alsmede
eventuele getuigschriften uit vorige betrekkingen toe te zenden;
b. de sollicitant dient een verklaring omtrent het gedrag (als bedoeld in artikel 5.1 van het
Besluit bekwaamheidseisen onderwijspersoneel, Stb. 2005, 460 en de artikelen 3.1, vijfde lid
en 4.1, vierde lid van deze CAO) toe te zenden;
c. de sollicitant dient een schriftelijke verklaring af te geven waaruit blijkt dat de
benoeming/aanstelling wordt aanvaard.
Aanstellingsbeleid O2A5 inclusief sollicitatiecode – versie 3 - december 2010
30
Download