Wat doe je bij een terugval naar oud gedrag?

advertisement
NOODPLAN
Wat te doen als je terugvalt in oud gedrag? Hoe kom je daar weer uit en hoe voorkom je dat je een volgende keer in deze valkuil
trapt? Terugkijkend kun je zien op welke momenten je van je pad bent geraakt en in oud gedrag verviel. Kijk in je dagboek wat er
aan zo’n terugval vooraf ging. Meestal zie je een opbouw van verschillende opeenvolgende situaties die je gevoelig maakten om in
je valkuil te stappen. Het kan ook één aanleiding zijn. Dit zijn de uitlokkers waardoor je in je valkuil terecht kunt komen. Let op de
volgende uitlokkers:

Negatieve emoties, zoals verdriet, boosheid, down-gevoelens, onzekerheid, angst

Mislukkingen

Positieve emoties en behaalde successen, zoals blijdschap, trots, gelukkig voelen

Conflicten of relatieproblemen

Stressvolle werk- of schoolsituaties

Vakanties

Grote veranderingen in de leefsituatie, zoals scheiding, overlijden, verhuizing, verandering van studie of beroep

Schokkende gebeurtenissen

Onevenwichtige dagstructuur, zoals verandering van dag-nacht-ritme of wegvallen van een routine

Gezondheid en ziekte

Financiële problemen
Inventariseer wat bij jou vroege voortekenen zijn!
Vroege voortekenen kunnen gedachten, gevoelens, gedragingen en lichamelijke signalen zijn die je waarschuwen voor een
terugval. Kruis in onderstaande lijst aan wat voor jou waarschuwingstekens zijn en vul het aan:
X
Gedachten
X
Gevoelens
Ik vergelijk mezelf met andere mensen
Ik voel me gejaagd
Ik denk negatief over mezelf
Ik voel me neerslachtig
Ik denk dat andere mensen mij raar/vervelend/… vinden.
Ik voel me minderwaardig
X
Gedrag
X
Lichaam
Ik trek me terug
Ik ben snel moe
Ik spreek niet/minder af met vrienden/vriendinnen
Ik heb pijntjes en klachten
Ik trek me terug in het gezin
Mijn ademhaling zit hoog
Ik neem teveel hooi op mijn vork
Ik voel spanningen
Stressvolle werksituaties
Ik cijfer mezelf weg
Identificeer de uitlokker plus het voorteken en neem actie
Als je voor jezelf op papier hebt gezet voor welke uitlokkers je gevoelig bent en op welke symptomen of gedragingen je moet letten,
weet je bij welke voortekenen je actie onderneemt. Uitgangspunten hierbij zijn:
Om welke uitlokker(s) gaat het?
Wat is het voorteken/wat zijn de voortekenen tot een terugval?
1
2
3
4
5
6
7
8
Maak per voorteken een plan en zet voor elk voorteken een actie op de lijst.
Voorteken
Plan
1
2
3
4
5
Voor de voortekenen van je gedachten ga je naar oefeningen van hoofdstuk KIES en onderzoek je jouw gedachten.
Voor de voortekenen van je gevoelens ga je naar de oefeningen van het hoofdstuk EMOTIEMANAGEMENT om in contact te komen
met je gevoelens en te luisteren wat ze je willen vertellen.
Voor de voortekenen in je gedrag ga je naar hoofdstuk UITVOEREN om je acties te structureren. Maak gebruik van triggers om
gewenst gedrag uit te voeren:
1. Hang je doelenbord op een plek waar je het regelmatig ziet, zet een wekkertje, laat iemand anders de trigger voor je zijn
door af te spreken
2. Koppel de triggers aan het doelgedrag (op het moment dat je negatieve gedachten hebt, zoek je afleiding of je pakt pen en
papier en schrijft op wat er in je hoofd afspeelt)
3. Zorg dat triggers plaatsvinden op het moment dat je gemotiveerd bent en het gedrag kunt uitvoeren (je bent op dat
moment in de gelegenheid om je gedachten op te schrijven of afleiding te zoeken).
De timing van de trigger is erg belangrijk
Ik gebruik de volgende triggers
Op dag/tijdstip/momenten dat ik
Betrek je omgeving erbij door te vertellen op welke voortekenen mensen kunnen letten. Mensen die mij kunnen helpen:
Maak afspraken met je omgeving hoe ze jou het beste kunnen ondersteunen. Afspraken die ik maak:
Download