Nieuwsbrief november 2016

advertisement
NIEUWSBRIEF NOVEMBER
Voeding Paard, deel 1
“Een goed rantsoen in vijf stappen”
Stap 1. Kijk naar je paard
Kijk naar zijn gedrag: zoekt hij eten, hoe kauwt hij, maakt hij proppen, heeft hij stal ondeugden, eet
hij gulzig, is het een nerveus of rustig paard.
Kijk verder ook naar zijn lichaam. Glimt
jouw paard, Is ze drachtig, te dik of te
mager. Bepaal de body condition score
van jouw paard.
De voedingsbehoefte van je paard is van
vele factoren afhankelijk. Bijvoorbeeld
van het gewicht, ras, leeftijd, geslacht,
karakter, genetische factoren,
hoeveelheid beweging en seizoen.
De voedingsbehoefte van je paard wordt
berekend in droge stof. Dat wil zeggen dat
er gerekend wordt met het product
zonder het water dat het bevat. Het
product zonder het water is dus de
hoeveelheid droge stof (DS).
De onderhoudsbehoefte van een paard is
globaal 1-1,5% hoeveelheid droge stof van het lichaamsgewicht per 24 uur.
Als we als voorbeeld een paard van 500 kg nemen dan zou deze 0,01-0,015 x 500 kg = 5 – 7,5 kg
droge stof per 24 uur mogen eten. Dit komt overeen met 1-1,5 kg droge stof per 100 kg paard per 24
uur. Maar hoeveel kg hooi/voordroogkuil is dat dan?
Stap 2. Ruwvoer als basis nemen
Het paard eet van nature het grootste deel van de dag steeds
kleine beetjes ruwvoer Dit moeten we zoveel mogelijk
proberen na te streven.
Daarom moet het rantsoen zeker voor de helft bestaan uit
ruwvoer.
Er zijn meerdere soorten ruwvoer:
 Hooi
Dit is lang gedroogd gras. Let op: hooi van een jaar oud bevat een zeer laag gehalte Vit E en
selenium! Een paard kan overgevoelig zijn voor het stof en schimmelsporen in het hooi en dat kan
een hoestprikkel veroorzaken. Als je het hooi nat maakt, spoelen het stof en de schimmelsporen
weg. Het hooi moet minimaal 30 minuten en maximaal 12 uur onder water staan en voer het nat.
Denk erom dat als het hooi langer in het water ligt een deel van de voedingsstoffen verloren gaat en
dat sommige suikers en eiwitten oplossen in het water.
Het droge stof gehalte van hooi is 85%.
Om een paard van 500 kg zijn onderhoudsbehoefte van 7,5 kg DS te geven moet het:
Kg hooi: (7,5/0,85)= 8,8 kg hooi per 24 uur eten.
 Voordroogkuil
Dit is licht gedroogd gras en is daarna luchtdicht verpakt om het te beschermen tegen
verzuring, schimmel en broei. Een open pak is ca. een week goed houden en bij koud weer
langer. Kuil is minder stoffig dan hooi!
Het droge stof gehalte van voordroogkuil is gemiddeld 65%. Je moet hiervan dus meer voeren
om aan de onderhoudsbehoefte van het paard te voldoen, namelijk:
Kg kuilgras = 7,5/0,65= 11,5 kg voordroogkuil per 24 uur.
 Kuil
Kuilgras met een vochtgehalte van 60-80% is minder
geschikt voor paarden omdat het vaak te zuur is, te
rijk is en omdat je er enorm veel van moet geven om
het paard aan zijn onderhoudsbehoefte te voldoen,
namelijk:
Kg kuilgras: 7,5/0,3 = 25 kg per 24 uur.
 Gras
Een paard kan 4,5 kg gras per uur eten. Omdat het gras een zeer laag droge stof gehalte heeft moet
het paard er ook erg veel van eten, namelijk: 7,5/0,15 = 50 kg gras per 24 uur. Dit betekent dat hij
zeker wel 11 uur moet grazen.
 Stro
Stro heeft een hoog DS gehalte, nl 89%. Het is een echte bezighouder en bevat weinig
voedingswaarde. Te grote opname van stro kan verstopping veroorzaken. Er is een kans op
allergische reacties veroorzaakt door stof en schimmels (hoesten) in het stro. Voor paarden
en pony's die niet zoveel energie nodig hebben of snel last hebben van hoef- of
spierbevangenheid kan stro een gedeelte van het rantsoen vervangen.
Basisvragen over ruwvoer
• Hoe vaak? Regelmatig, liever niet langer dan 6-8 uur laten vasten ivm maagzweren
en stal ondeugden. Geef bij de laatste voerbeurt dan ook genoeg voor de nacht.
• Hoeveel? Reken onderhoudsbehoefte uit voor type ruwvoer, kijk naar BCS, Weeg het
ruwvoer, Gebruik evt. een graasmasker/slowfeeder of voer juist wat bij.
• Hoe? Vanaf de grond voor gezonde luchtwegen, beenwerk en gebit.
Ruwvoer analyse
De kwaliteit van ruwvoer, zowel van hooi als kuilgras, kan enorm variëren. Het analyseren van
ruwvoer geeft inzicht in de energievoorziening, eiwitvoorziening, suikergehalte, structuur en
mineralen in het ruwvoer. Vervolgens kan het soort en de hoeveelheid krachtvoer en supplementen
hierop aangepast worden, zodat je zeker weet dat je paard alle voedingsstoffen krijgt die hij nodig
heeft om de prestaties te leveren die van hem gevraagd worden.
Geef nooit minder dan 50% ruwvoer. Er wordt vanuit gegaan dat een paard op "onderhoudsvoer"
geen krachtvoer nodig heeft. Als er geen krachtvoer wordt gegeven, geef dan wel een likblok.
Ruwvoer bevat een wisselende hoeveelheid sporenelementen waardoor je een likblok aan het dieet
moet toevoegen.
Download