Misverstanden wegruimen met de Dag van het Kasteel

advertisement
I N Z I C H T I N N AT U U R
Misverstanden wegruimen
met de Dag van het Kasteel
Kastelen en buitenplaatsen kijken. Dat kan op
Tweede Pinksterdag, maandag 5 juni. In Overijssel
ondersteunt het Baron en Baronesse van Hemert
tot Dingshof-Coldeweij Fonds van SBNL de Dag
van het Kasteel met 5.000 euro.
V
oor de tiende keer zetten meer dan 100 kastelen en
buitenplaatsen hun deuren open voor het publiek. Dat
is hard nodig, zegt Janneke van Dijk, projectleider van de
Dag van het Kasteel: ‘Bij een kasteel of buitenplaats denken
mensen vaak aan het Muiderslot of kasteel De Haar in
Haarzuilens en nog een paar anderen, maar er is zoveel meer.
Wie weet dat er in Nederland nu nog maar liefst 1.000 kastelen en buitenplaatsen zijn? En dat de helft particulier bezit is,
vaak al generaties lang in de familie.’
Rijk bezit, duur beheer
Nog een misverstand dat de medewerkster van de Nederlandse
Kastelenstichting (NKS) wil wegwerken: ‘Menigeen heeft het
beeld dat de eigenaar van een kasteel of buitenplaats rijk is, in
een prachtig huis woont en wordt ondersteund met subsidie.
Dat beeld klopt niet. Het is eerder omgekeerd. Natuurlijk is
het een rijk bezit, dat je hier mag wonen, maar veel particuliere
eigenaren moeten vermogen en inkomsten opofferen om hun
goed te exploiteren en te beheren.’
Dat is geen sinecure. Er wordt ingeteerd. Om dat te illustreren,
noemt Janneke van Dijk de heftige reactie die vanuit de hoek
van de kasteel-, buitenplaats- en landgoedeigenaren kwam,
toen de overheid het mes wilde zetten in een aantal belastingvoordelen.
‘Gelukkig is dat teruggedraaid, maar het geeft wel een tendens
aan. Er hoeft maar weinig te gebeuren en de eigenaren kunnen
het beheer niet meer opbrengen.’
De Dag van de het Kasteel brengt die zorg voor het financiële
Buitenplaats Spijkerbosch bij Olst
aspect onder de aandacht, maar dat is niet het belangrijkste
oogmerk. Veel meer gaat het om de betekenis van de kastelen
en buitenplaatsen voor de maatschappij en voor de eigenaren.
‘Ze zeggen iets over onze identiteit. Hier komen we vandaan.
Ze vertellen het verhaal van onze historie. Ze zorgen voor een
mooier en een meer divers landschap. Ze zijn nu nog nadrukkelijk in dit landschap aanwezig. En het zijn herkenningspunten net als de kerktorens. Die kerken staan vaak op plekken in de nabijheid of die een relatie hebben met het kasteel’,
verduidelijkt Van Dijk.
Als voorbeeld geeft ze ook Overijssel waar kastelen, landgoederen en buitenplaatsen tien procent van de provincie omvatten.
‘Het zijn de kroonjuwelen van de provincie.’
Baron en Baronesse van Hemert
tot Dingshof-Coldeweij Fonds
Maatschappij profiteert
Dat besef is er lang niet altijd, zoals er ook nauwelijks een idee
is over de maatschappelijke betekenis. Die is er wel degelijk,
beklemtoont ze. Dan gaat het om woongenot – niets mooiers
dan uitkijken op een kasteel, of wonen op of bij een landgoed
–, werkgelegenheid, een gezonde omgeving, welzijn en culturele entiteit. De Nederlandse Kastelenstichting, kenniscentrum
voor kasteel en buitenplaats, drukte dat in geld uit in een
onderzoek onder 300 particuliere kastelen en buitenplaatsen.
De eigenaren legden per jaar in totaal 21 miljoen euro op tafel
om hun goed te exploiteren. De overheid deed er nog een tien
miljoen bij. Omgerekend leverde het de ‘maatschappij’ 69
miljoen euro aan voordeel op, terwijl de kastelen en buitenplaatsen er gemiddeld 12.000 euro aan overhielden. Een deel
zat in de min, een deel in de plus.
I N Z I C H T I N N AT U U R
Kasteel, landgoed en
buitenplaats
Kasteel, buitenplaats, landgoed, havezate, spieker, borg,
wat is het nu? Een kasteel, burcht of borg is de versterkte
vesting met slotgracht, waar een edelman de scepter
zwaaide. De heer en zijn familie, maar ook de horigen en
boeren konden achter de muren schuilen tegen de vijand.
Uit die kastelen ontwikkelden zich havezaten: vroegere
kastelen of woonhuizen van leden van de Ridderschap. Uit
die havezaten, die na 1795 hun staatsrechtelijke betekenis verloren, ontstonden weer buitenplaatsen, waar de
vroegere bewoners, maar ook nieuwe rijke burgers zich
nestelden. Datzelfde gebeurde met spiekers, van oudsher
middeleeuwse graanopslagen, waaruit landhuizen ontstonden. Er werden ook nieuwe buitenplaatsen aangelegd,
vooral rond 1900 door industriëlen. Wanneer aan een buitenplaats, kasteel of ander bouwwerk een productiebos of
landbouwgrond is verbonden is sprake van een landgoed.
Vorig jaar is daarvoor in Overijssel een
brochure gemaakt onder de titel ‘Er zit
meer achter’, speciaal om uit te reiken
bij de Dag van het Kasteel. Dit jaar gebeurt dat landelijk om die maatschappelijke betekenis nog eens te benadrukken.
Het ensemble
‘Rondom kasteel en buitenplaats’ is het
thema van dit jaar. ‘Vaak wordt alleen
naar het gebouw gekeken, maar er is
zoveel meer, dat tot een kasteel, buitenplaats of landgoed behoort’, legt Van
Dijk uit. Ze spreekt van een ensemble. Dan gaat het bijvoorbeeld om de
slotgracht met ophaalbrug, de tuin, het
jachtveld, de oranjerie en het koetshuis,
een majestueuze beuken- of eikenlaan,
een duiventil, een theekoepel of een
visvijver.
Er is een keur aan activiteiten om de
bezoekers met dat alles kennis te laten
maken. Dat varieert van een enthousiaste rondleiding door de eigenaar tot een
speurtocht en van theater tot proeven
van producten.
Overigens is bij de meeste particuliere
huizen en kastelen niet het woongedeelte van de bewoners te bezichtigen.
Dat betekent meestal dat het huis niet
is opengesteld, maar wel een ander deel
van het bezit of van de gebouwen.
Experiment in Overijssel
In Overijssel is vorig jaar een experiment
opgezet om deelnemers bij elkaar in de
buurt te laten samenwerken. Door zulke
clusters te vormen kunnen bezoekers
van het ene naar het andere kasteel of
De Colckhof is een van de
deelnemende kastelen
buitenplaats hoppen. Het voorkomt dat
de eigenaren met grote groepen bezoekers tegelijk worden geconfronteerd. Dat
houdt het overzichtelijk.
Komende editie wordt deze aanpak ook
in Groningen en Utrecht wordt toegepast. Het is de ook bedoeling dat er
een nieuwe cluster in Twente komt van
buitenplaatsen indertijd aangelegd door
vooral textielfabrikanten.
100.000 bezoekers
De bijdrage van 5.000 euro van het
Baron en Baronesse van Hemert tot
Dingshof-Coldeweij Fonds voor de
dag in Overijssel gaat vooral naar het
samenstellen van brochures, die het een
en ander over het deelnemende kasteel
of buitenplaats vertellen. Daarnaast gaat
er geld naar speciale activiteiten zoals
het theater van de Tuin der Lusten.
Vorig jaar trok de dag 75.000 bezoekers,
waarvan 5.000 in Overijssel. Janneke
van Dijk laat zich niet verleiden tot een
voorspelling voor dit jaar, al hoopt ze
natuurlijk dat de stijgende lijn doorzet
richting de 100.000 bezoekers. Veel
belangrijker vindt ze het dat het aantal
deelnemende kastelen en buitenplaatsen
in tien jaar tijd gestaag is gegroeid naar
nu meer dan 100.
Ga voor informatie over openingstijden,
eventuele entreegelden, rondleidingen,
speciale activiteiten en dergelijke naar
www.dagvanhetkasteel.nl.
Deelnemers in
Overijssel tot nu toe
VECHTDAL
Kasteel Rechteren
Landgoed Vilsteren
Buitenplaats de Horte
Buitenplaats Den Alerdinck
Landgoed Huis de Colckhof
Havezate Den Berg
SALLAND
Landgoed De Gelder
Kasteel De Haere
Huis Nieuw Rande
Buitenplaats Spijkerbosch
Landgoed Zorgvliet
Kasteel Het Nijenhuis
TWENTE
Havezate Nijenhuis
Havezate De Bellinckhof
Singraven
Havezate Warmelo
Kasteel Weldam
Burg Hohes Haus (DE)
Tekst: Hans Siemes
Foto’s: Organisatie Dag van het Kasteel
LENTE
11
Download