Participatieve Duurzame wijken 2014

advertisement
PROJECTOPROEP
PARTICIPATIEVE DUURZAME WIJKEN
2014
GEDETAILLEERDE MODALITEITEN
P.1 OP 5 – MODALITEITEN 2014
PARTICIPATIEVE DUURZAME WIJKEN
VOORSTELLING VAN DE PROJECTOPROEP
Wijkcomposten, projecten rond zachte mobiliteit, recyclage, duurzame ontwikkeling, project rond sociale
economie, repair café, ... Overal in het Brussels Gewest komen burgers, verenigingen, handelaars, enz. in
actie om hun wijk aangenamer te maken om in te wonen, meer oog te laten hebben voor het milieu en meer
solidair te maken. Samen helpen ze van Brussel een duurzamere stad te maken.
Sinds 2008 wil de jaarlijkse projectoproep "Participatieve Duurzame wijken" bewonersgroepen die de
duurzaamheid van hun wijk willen versterken,ondersteunen en begeleiden in het kader van een burgerlijke
en collectieve aanpak.
1. Wat is dat, een "Participatieve Duurzame wijk"?
Op dit ogenblik telt het Brussels Gewest een dertigtal participatieve duurzame wijken.
Elke wijk heeft zijn eigen dynamiek, maar allemaal trachten ze, op het niveau van hun eigen grondgebied,
meerdere uitdagingen aan te gaan: de hoeveelheid afval doen afnemen, de biodiversiteit beschermen, de
druk van de auto's verminderen, een gezondere voeding promoten, zich de openbare ruimten opnieuw toeeigenen, ...
De "Participatieve Duurzame wijken" bestaan over het algemeen uit een kern van enkele personen die ook
wel de "stuurgroep" wordt genoemd. Deze vormt de motor van de dynamiek: het is deze groep die de
eerste definities van het project bepaalt en die centraal staat bij de collectieve uitwerking van de acties. Het
zijn ook deze personen die waken over de gestage vordering van het proces en zijn coherentie in
samenwerking met alle overige betrokken actoren (partners, werkgroepen, gemeente, ...).
De collectieve dimensie geldt dan ook als centraal gegeven van de projectoproep "Participatieve Duurzame
wijken". Het project van een duurzame wijk moet immers tegemoetkomen aan de belangen van de
bewoners en de gebruikers van zijn perimeter en moet de mobilisering van de bewoners en lokale actoren
rond gemeenschappelijke initiatieven bevorderen.
2. Tot wie richt deze projectoproep zich?
De projectoproep richt zich in de eerste plaats weliswaar tot de burgers, maar daarnaast ook tot de private
en publieke actoren van een wijk: handelaars, bedrijfsleiders, scholen, collectieve voorzieningen (culturele,
sportieve, vrijetijdsactiviteiten, …), verenigingsnetwerken, … De samenwerking met één of meerdere
publieke partners, zoals de betroffen gemeenten, een sociale huisvestingsmaatschappij, het OCMW, enz.,
wordt sterk aanbevolen.
De projectoproep richt zich tot alle wijken van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest - ook de wijken die al
tijdens eerdere edities geselecteerd werden - met uitzondering van de participatieve duurzame wijken die
van een steun genieten in het kader van de projectoproep 2013-15.
Opmerking: er bestaan nog andere, al dan niet door Leefmilieu Brussel gelanceerde thematische
projectoproepen (collectieve moestuinen, collectieve composten, duurzame voeding, …). Informeer u dus
om de oproep te identificeren, die het beste met uw project overeenstemt.
Op de website van de participatieve duurzame wijken vindt u een lijst van lopende
projectoproepen:http://www.participatieveduurzamewijken.be/toolkit/andere-subsidies
3. Hoe verloopt de projectoproep "Participatieve Duurzame wijken" in de
praktijk?
De projectoproep telt 4 fasen en strekt zich uit over een tijdsspanne van 24 maanden:
-
Fase 1 "Indiening en selectie van de kandidaturen" (mei 2014): de wijken dienen hun
kandidatuur in op basis van een intentienota en worden door Leefmilieu Brussel geselecteerd;
-
Fase 2 "Voorbereiding van de projecten" (juni 2014 - december 2014): met de steun van een
coach en experts mobiliseren de stuurgroepen bewoners en gebruikers van hun wijk met het oog
op de gezamenlijke opstelling van een roadmap met daarin de acties en projecten die ze tegen juni
2016willen realiseren;
-
Fase 3 "Selectie van de projecten" (februari 2015): selectie van de projecten die kunnen
genieten van een financiële steun en/of van expertises op basis van een participatief budget (zie
hieronder);
-
Fase 4 "Realisatie van de projecten" (februari 2015 - juni 2016): uitvoering van de projecten met
de steun van een coach.
Het participatieve budget
Het participatieve budget bestaat in het gezamenlijk beslissen over de toewijzing van een deel van het
beschikbare budget aan de wijken alsook over de werkingsregels. De verdeling van het budget gebeurt op
basis van prioriteiten en criteria die in de Vergadering werden bepaald. Aan deze Vergadering mogen alle
participatieve duurzame wijken van alle edities deelnemen.
De criteria en modaliteiten worden elk jaar ook herzien en kunnen dus evolueren.
4. Begeleiding en ondersteuning
De wijken worden begeleid gedurende een termijn van 24 maanden. De intensiteit van de aldus geboden
begeleiding zal daarbij variëren in functie van het eigen tempo en de sleutelmomenten van de
projectoproep.

Coaching, van de uitwerking van de projecten tot aan hun verwezenlijking
Gedurende de hele looptijd van de projectoproep geniet elke wijk de steun van een "coach" die een
methodologische en praktische ondersteuning biedt bij de uitwerking van de projecten.
De aldus geboden begeleiding beoogt een versterking van het vermogen van de duurzame wijken om hun
projecten te realiseren: hulp bij het mobiliseren van de wijk en het uitwerken van de projecten in lijn met de
specificiteit van de wijk, ondersteuning van de structurering van de groep, terbeschikkingstelling van
animatie- en mobiliseringshulpmiddelen, begeleiding van de participatieve processen, vervulling van de rol
van tussenpersoon bij de contacten met de lokale overheden of partners, voor zover nodig, en
ondersteuning van de organisatie van verschillende activiteiten en de communicatie binnen de wijk.
Verder heeft de begeleiding ook tot doel om kennisnetwerken te ontwikkelen en de verschillende actoren en
belanghebbende partijen van het project zowel binnen eenzelfde wijk als tussen wijken met elkaar in
contact te brengen.
BELANGRIJK: de intensiteit van de begeleiding varieert in functie van het aantal wijken dat wordt
ondersteund en de behoeften die door de wijken worden uitgedrukt.

Technische expertise
Zowel in de fase van de voorbereiding als in die van de verwezenlijking van de projecten kan de wijk ook
een beroep doen op experts in specifieke domeinen, zoals water, biodiversiteit, duurzame voeding,
P.3 OP 5 – MODALITEITEN 2014
PARTICIPATIEVE DUURZAME WIJKEN
stedenbouw, communicatie, ... Dit binnen de perken van het beschikbare budget en op basis van een
verdeling tussen de wijken.

Financiële steun: tot 15.000 euro voor investeringen
Tijdens fase 4 "Realisatie van de projecten" kunnen de wijken, afgezien van de steun van de coach, ook
een financiële steun genieten, die tot 15.000 euro per wijk kan gaan en die bestemd is voor de financiering
van investeringen (aankoop van materiaal, huur, ruwbouwwerken, …).
Verder beschikt elke wijk tevens over een klein budget - waarvan het bedrag bepaald wordt in functie van
het aantal weerhouden wijken - om eventuele uitgaven te financieren, die verband houden met de
activiteiten die een uitbreiding van de mobilisering beogen en waarmee het project kenbaar gemaakt kan
worden (flyers, huur van klein materieel, ...), of om bepaalde kosten te betalen, die eigen zijn aan de
formulering van de projecten (aanvraag van kadastrale legger, fotokopieën, ...).

Interwijkdynamiek
De interwijkdynamiek berust hoofdzakelijk op regelmatige ontmoetingen tussen de verschillende
participatieve duurzame wijken. Deze "interwijkontmoetingen" vormen de gelegenheid bij uitstek om de
respectieve projecten te ontdekken en kennis en praktijken uit te wisselen met het oog op een versterking
van de projecten en de dynamiek van elke wijk. In functie van de behoeften en verwachtingen van de wijken
kunnen er tijdens deze bijeenkomsten specifieke thema's worden aangesneden.
Hoewel deze "interwijkontmoetingen" (in totaal 5 of 6) niet verplicht zijn, is het aanwezig zijn op deze
bijeenkomsten niettemin ten stelligste gewenst.
5. Doelstellingen het 'Participatief budget”
De ene wijk is de andere niet. Daarom probeert Leefmilieu Brussel de wijken op een afgestemde en
flexibele manier te ondersteunen om zich zo goed mogelijk aan te passen aan de specificiteiten van de
wijken en de plaatselijke dynamiek. Daarnaast is het ook de bedoeling om zoveel mogelijk initiatieven te
ondersteunen binnen de grenzen van de beschikbare middelen zonder dat de middelen en krachten al te
sterk verspreid raken.
Om dat te bewerkstelligen, laat de projectoproep 'Participatieve Duurzame Wijken' zich inspireren door de
werking van een participatief budget en wordt er een participatief proces gelanceerd voor het verdelen van
de hulpmiddelen.
Deze manier van werken betekent voor de burgers en andere actoren van de duurzame wijken een kans
om te participeren in de besluitvorming over de bestemming van de beschikbare middelen.
Hoe zal dat in de praktijk gaan?
Er worden verschillende structuren voorzien, opdat elke buurtbewoner en andere betroffen lokale actoren
hierbij betrokken zou kunnen worden.
a. De Vergadering van de Duurzame wijken
De Vergadering staat open voor iedereen, buurtbewoners, partners, gebruikers, oude wijklaureaten, ...
Ze komt één à twee keer per jaar samen.
Ze heeft als opdracht om:

de gerealiseerde projecten te beoordelen aan het einde van elke projectoproep;

de ontvankelijkheidscriteria van de wijkprojecten en de werkingswijze van het participatieve
budget (prioriteiten/criteria) te herzien en vast te leggen;

bepaalde modaliteiten van de projectoproep ter discussie te stellen;
b. De indiening van projecten
Het projectformulier per wijk (roadmap) zal voor de realisatie van elk project de benodigde
investeringsmiddelen en technische kennis aangeven. De middelen zullen op realistische wijze bepaald
moeten worden, met een uitgesproken voorkeur voor soberheid, valorisatie van het bestaande,
recuperatie, doeltreffendheid en duurzaamheid van investeringen.
De begeleiding biedt in deze een technische ondersteuning aan om een project te helpen preciseren
en/of de behoeften in termen van investering en technische expertise te bepalen.
c. De Raad van de Duurzame wijken
De Raad van de Duurzame wijken komt één à twee keer per jaar samen. Hij is samengesteld uit
burgers, vertegenwoordigers van het bestuur, de overheid en onafhankelijke deskundigen.
Samen analyseren ze de projecten en stellen ze een voorstel tot verdeling van de beschikbare
middelen op over alle wijken waarvan de projecten ontvankelijk werden verklaard. Hiervoor grijpt het
Comité terug naar de criteria die door de Vergadering werden vastgelegd. Op grond hiervan kent
Leefmilieu Brussel de wijken dan middelen toe.
Sommige projecten die door de wijken werden ingediend, zullen dus volledig ondersteund worden,
andere maar gedeeltelijk en nog andere helemaal niet.
6. De collectieveactie
De projectoproep Duurzame wijken stelt zichzelf ecologische, sociale en economische doelstellingen
voorop, maar legt daarbij de nadruk op de collectieve dimensie van de acties en dat niet alleen op
wijkniveau, maar ook op het niveau van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest.
Waarom deze benadrukking van de collectieve dimensie en een participatief proces?
o
Wel, de huidige ecologische, sociale en economische uitdagingen belangen vandaag de hele
planeet aan en maken ons bewust van haar beperkingen. De oplossing kan dan ook niet individueel
zijn, maar moet collectief gevonden worden, ook al blijven individuele gedragswijzigingen
noodzakelijk.
o
Het participatieve proces geldt in dit opzicht als een bron van duurzaamheid. Het betrekt immers
alle actoren van een bepaald grondgebied bij de zaak en maakt een werk van collectieve toeeigening alsook de zoektocht naar een gezamenlijke en mobiliserende horizon mogelijk met het oog
op de verwezenlijking van gedeelde waarden en de implementatie van een gemeenschappelijk
constructieproces.
o
De participatieve democratie zorgt voor een versterkt en permanent forum waar personen die dat
anders misschien niet zouden kunnen door hun sociale posities of persoonlijke gewoonten, het
woord kunnen nemen, meningen kunnen formuleren en beslissingen mee kunnen vormgeven.
o
De toetreding van zoveel mogelijk mensen tot dit forum laat eveneens toe om de duurzaamheid en
de stabiliteit van de actie te versterken, doordat deze kan rekenen op de steun en energie van een
groter aantal personen. Dat leidttevenstotinnovatie en creativiteit.
o
Collectieve actie is voorts ook een leerproces van de democratie (of het politieke leven) dat met
beperkte hulpmiddelen tot keuzes kan leiden, die oog hebben voor het gemeenschappelijk belang;
zo zal een groep burgers niet buiten de noodzakelijke confrontatie van de eigen
voorstellen/zienswijzen met de gemeenschap kunnen om deze te valideren of zodanig te
heroriënteren dat ze met het algemeen belang stroken.
o
De collectieve actie vergroot ook de dimensie van de persoon. Deze wordt actor, beslist, innoveert
en neemt risico's, zij het binnen een collectiviteit. Dat omvat voor deze persoon een vorming, een
leerproces, responsabilisering, wederzijdse luisterbereidheid en solidariteit.
P.5 OP 5 – MODALITEITEN 2014
PARTICIPATIEVE DUURZAME WIJKEN
o
Deze fora voor discussie, uitwerking en collectieve beslissingen zijn daarnaast tevens kansen voor
projecthouders om zich voor te stellen, zich open te stellen en zichzelf te ontmoeten. Aangezien ze
openstaan voor iederen, zorgen ze voor momenten van betrokkenheid van nieuwe personen, van
uitwisseling en van mobilisering. Vandaar het belang van een gezellige sfeer om anderen zin te
geven om hieraan deel te nemen.
Deze collectieve en participatieve dimensie kan op verschillende manieren en op verschillende momenten
van het duurzame wijkproject zijn beslag krijgen, al naargelang de gewoonten en capaciteiten van elke
buurtbewoner.
Het staat elke wijk daarbij vrij om op zoek te gaan naar die vormen die het beste bij haar passen om deze
participatieve momenten voor zichzelf te bepalen (wandelingen, bijeenkomsten, enz.) en een agenda en
aangepast tempo vast te leggen.
Dat neemt echter niet weg dat o.a. voor de ondertekening van het charter de duurzame wijken er zich toe
verbinden om werk te maken van deze collectieve dimensie en om deze fora te creëren, die leiden tot het
uitgebreid delen van beslissingen, zowel op diagnosevlak als met betrekking tot de keuze van de projecten,
hun implementatie en hun evaluatie.
En dit alles, terwijl er tegelijkertijd op toegezien wordt dat de collectieve dimensie geen individuele
initiatieven of initiatieven die in kleine groep worden ondernomen, belemmert.
7. De verbintenissen van de begunstigden
De algemene verbintenissen van de verschillende partijen zijn opgenomen in het charter dat bij de lancering
van de weerhouden wijken wordt ondertekend.
Concreet verbindt de stuurgroep er zich toe om:
-
-
-
-
de realisatietermijnen van de projecten te respecteren, zoals deze in het projectformulier werden
voorgesteld;
de verbintenissen na te komen, die aangegaan werden in het Charter van de Duurzame wijken;
optimaal gebruik te maken van de middelen die hen ter beschikking worden gesteld (methodologische
begeleiding, expertises, financiële middelen);
de begeleiding te informeren over en haar goedkeuring te vragen in verband met elke belangrijke
wijziging van het initiële project: verandering van de verantwoordelijke van het project, van de
realisatiedatums, van verschillende leden van de groep, aanpassing van het budget, ...);
het totale bedrag van de als investering toegekende steun terug te betalen, mocht het project niet
gerealiseerd zijn binnen de toegekende termijnen - behoudens akkoord van het bestuur - (of van het
niet-gebruikte saldo, mochten ze erin geslaagd zijn om naast het voorziene budget nog andere
financiële middelen vast te krijgen of besparingen door te voeren); als een project op onvoorziene wijze
eindigt, de eventueel verworven uitrustingen ter beschikking te stellen van de andere duurzame wijken;
de verhalende en financiële (tussentijdse en eind)rapporten in te dienen, waarin het gebruik van de
toegekende middelen met bewijsstukken en ad hoc facturen wordt gerechtvaardigd, met inbegrip van
bankdocumenten die de betaling van voormelde facturen bevestigen;
collectief hun project te evalueren;
kennis en knowhow uit te wisselen met andere wijken en andere vergelijkbare initiatieven;
ermee in te stemmen dat hun project zichtbaar wordt gemaakt aan de hand van foto's, publicaties,
video's, enz. om andere wijken te informeren over de bestaande dynamiek en hen op hun beurt tot actie
aan te sporen.
8. Ontvankelijkheidscriteria van de kandidaturen
Om ontvankelijk te zijn, moeten de kandidaturen de volgende elementen omvatten:

De contactgegevens van de leden van de stuurgroep. Deze moet minstens uit 5 personen
bestaan, waarvan minimum de helft in de wijk moet wonen en niet tot dezelfde familie mag
behoren. Er is geen enkele ervaring vereist en elke groep start met haar eigen "voorgeschiedenis".
We vestigen hier wel de aandacht op het feit dat deze personen zich op een duurzame manier
moeten kunnen engageren - indien mogelijk, tijdens de hele begeleidingsperiode alsook daarna en blijk moeten kunnen geven van een zekere beschikbaarheid, in het bijzonder voor de 5
"interwijkontmoetingen" en de vergaderingen die 's avonds of tijdens het weekend belegd worden.

De intentienota van de stuurgroep (1 pagina – vgl. formulier), ondertekend door alle leden van de
stuurgroep, waarin o.a. de beweegredenen van de groep alsook haar eventuele plannen vermeld
worden;

Een kaart (van het type Google map)die de actieperimeter van de duurzame wijk weergeeft.
Deze perimeter dient zich absoluut op het grondgebied van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest te
bevinden en zich uit te strekken over een deel van dit grondgebied dat groter is dan een huizenblok
of een groep woningen. Al naargelang de dichtheid aan bewoners en gebouwen stemt dit overeen
met ca. 3 à 4 huizenblokken tot een maximum van een twintigtal aangrenzende huizenblokken, met
inbegrip van publieke of ontmoetingsruimten (pleinen, groene ruimten, ...). De perimeter wordt
eveneens gekozen in functie van het vermogen van de groep om acties te ondernemen binnen
deze oppervlakte;

Ondersteuning van de kandidatuur door 10 personen/partners – buiten de stuurgroep - die
echter wel een band hebben met de wijk, die hun motivering in enkele lijnen verwoorden en die het
dossier mee ondertekenen op basis van de intentienota.
Opgelet:

Voor zover mogelijk ondersteunt de projectoproep de denkoefeningen van wijken over projecten die
aanzetten tot debat. Als uw project daarentegen echter voornamelijk is opgebouwd rond een zeker
verzet tegen een gemeentelijk of gewestelijk project, dan behouden het bestuur van Leefmilieu
Brussel en het Voogdijkabinet zich het recht voor om na te gaan of het project in kwestie wel
ondersteund kan worden.

Het aantal weerhouden wijken zal afhangen van de begeleidingscapaciteiten. Daarbij zal echter wel
voorrang gegeven worden aan wijken die nog nooit enige steun genoten in het kader van de
projectoproep "Participatieve Duurzame wijken".
CONTACT
Een algemeen nummer
0800/85 286
Leefmilieu Brussel
Lison Hellebaut
Tel.: 02 775 77 87
E-mail : [email protected]
MEER INFORMATIE
-
Website LB: www.leefmilieubrussel.be/duurzamewijken
Website van de DW: http://www.participatieveduurzamewijken.be
P.7 OP 5 – MODALITEITEN 2014
PARTICIPATIEVE DUURZAME WIJKEN
Download