De donkere middeleeuwen

advertisement
De donkere
middeleeuwen
Inleiding
De middeleeuwen worden ook wel de donkere eeuwen genoemd. Waarom
waren ze donker? Er was natuurlijk geen elektriciteit. Maar bij de Romeinen
was ook geen elektriciteit. Waarom heten de middeleeuwen nou donker en de
Romeinse tijd niet?
Ontdek met deze zoektocht waarom de middeleeuwen donker genoemd
worden en huiver...
Wees blij dat je in de 21e eeuw leeft of zou je er wel eens een kijkje willen
nemen?
Veel plezier bij het dwalen door de middeleeuwen
De ridder
Een ridder was in de __________________ een bereden en bepantserde soldaat
(________ ) Ridders behoorden tot de adellijke klasse en voor niet-adellijke mannen was het
vrijwel onmogelijk de ridderslag te ontvangen. In de hoge en late middeleeuwen werden de
concepten van ridderlijkheid en adel steeds meer met elkaar vervlochten.
Vechten
Het werk van de ridder was het vechten met andere ridders.
Ze bleven daardoor vaak heel lang weg, soms wel jaren. Ze
moesten voor hun baas, die toen een __________ genoemd werd,
vechten in oorlogen. Ook vochten ridders hun eigen twisten
uit. Als je namelijk een heel machtige ridder was, kon je altijd
wel een reden vinden om ruzie te maken. Als je bijvoorbeeld
een stuk land van iemand wilde inpikken, dan ging je met hem
vechten, de ridder die het gevecht won, mocht het stuk land
dan hebben. De manier waarop je iemand kon uitdagen was
door hem je handschoen toe te werpen. Daarmee daagde je
hem uit tot een ______________.
Je probeerde natuurlijk altijd een gevecht te winnen, maar om
goed te leren vechten, moest je wel oefenen. Dat werd gedaan
door middel van een __________ of een ___________. Dan speelden
twee legertjes van ridders oorlogje om het vechten niet te
verleren. Als je door een andere ridder uit het zadel gestoten
werd, moest je aan de tegenstander een prijs betalen.
Het was niet de bedoeling dat er iemand gedood werd,
vandaar dat er ook spelregels waren en de ridders met een
stompe ____________ (een lange stok) vochten. Maar het
gebeurde vaak dat als twee vijanden elkaar in de ring
tegenkwamen er wel gedood werd. Ook had je de kans om met
je paard te verongelukken.
Gevechtsuitrusting
Een _______________ is de kleding die een ridder aan heeft
tijdens zijn gevecht. In de loop van de riddertijd is deze
kleding steeds ingewikkelder geworden. Oorspronkelijk hadden
de ridders een _____________ aan. Dat was een soort uniform
van allemaal ijzeren of koperen ringetjes. Daarbij hoorde een
zogenaamde _________________ van hetzelfde materiaal die als
een soort capuchon over het hoofd heen kwam. Omdat men het
hoofd als het meest kwetsbare lichaamsdeel ging beschouwen,
werd daar in de loop van de tijd een betere bescherming voor
bedacht. Direct op het hoofd kreeg de ridder een muts met een
zachte vulling. Daaroverheen werd de kapoetsmuts (de
capuchon) gezet.
Daar bovenop werd een ijzeren beschermkapje gezet en een
viltmuts werd de vierde laag. Tenslotte kreeg de ridder ook
nog een ijzeren helm (zie plaatje) over dit alles heen. In de
helm zat een kijkgat, dat het vizier werd genoemd. Dat kijkgat
kon gesloten worden. De ridder had ook een lans. Die lans was
wel 3 meter lang. Het zwaard van de ridder was ook heel
belangrijk en persoonlijk. Ook in vredestijd hadden ze het
zwaard altijd bij zich.
Omdat een ridder heel zwaar was als hij zijn hele
gevechtsuitrusting aan had, moest hij op zijn paard gehesen
worden. Als hij van zijn paard gestoten was, lag hij hulpeloos
op de grond totdat er een eind aan zijn leven gemaakt werd, of
hij als buit werd weggevoerd.
Wapenteken
Al die ijzeren vechtjassen te paard leken erg op elkaar. Het
werd moeilijk om in de strijd vriend van vijand te
onderscheiden. Men ging daarom zoeken naar een
________________. Daarom bedacht men het ___________. Zo
herkende iedereen elkaar. Het wapenteken werd overal
opgezet. Bijvoorbeeld op het schild van een ridder. Over de
wapenuitrusting werd vaak een mantel gedragen om de
kostbare wapenuitrusting te beschermen tegen weer en wind.
Op die mantel werd het wapenteken door vrouwen
geborduurd. Op de ___________, een soort vlaggetje, stond ook
het wapenteken.
Opvoeden van een ridderzoon
De hele opvoeding van een ridderzoon was gericht op het
vechten te paard. Zijn leven kunnen we indelen in drie keer
zeven jaar. In de eerste zeven jaar speelde hij riddertje. Soms
moest hij mee op een tocht met zijn vader. Hij sliep dan in de
paardestal.
Als hij zeven jaar was dan werd hij een ___________, dit
betekende dat de ridderzoon bij een bevriend ridder of vorst
ging wonen. Hij leerde daar om te gaan met een zwaard, lans
en schild, heel goed paardrijden en hij oefende zwemmen,
boogschieten en schermen. Van de kasteelvrouwe leerde hij hoe
hij gasten moest ontvangen op het kasteel en hoe hij die gasten
lekker eten kon geven.
Na zijn periode als page ging de ridderzoon
als _______________ werken. Dat kon alleen als hij heel ijverig
was geweest als page. Hij was een soort "assistent" van de
ridder en diende de heer persoonlijk. Als taken had hij onder
andere het dragen van het schild en de lans van de heer. Niet
alleen op het slagveld, maar ook thuis op de burcht stond de
schildknaap steeds voor zijn heer klaar. Hij bediende hem zelfs
aan tafel en speelde met zijn heer het ingewikkelde schaakspel
gedurende de lange winteravonden.
Als de schildknaap 21 werd, was hij eindelijk toe aan
de ______________. De hofgeestelijke zegende het zwaard van de
nieuwe ridder. Daarna werd hij door zijn heer met de platte
kant van het zwaard op zijn schouder of rug geslagen. In het
begin van de riddertijd was dit een eenvoudige plechtigheid.
Later groeide dit uit tot een grote godsdienstige plechtigheid.
HOE LEEFDEN RIDDERS?
Eten op het kasteel
Op het Middeleeuwse kasteel was --------------- het hoofdgerecht.
Omdat de Rooms Katholieke kerk veel vleesloze vastendagen
(op die dagen werd geen vlees gegeten) voorschreef werd er ook
veel ------------ gegeten. Het vlees was afkomstig van koeien,
schapen, ganzen of eenden, maar als er gejaagd was, werd er
ook wel ree of everzwijn gegeten. Op het vlees te bewaren in de
winter, want dan was er weinig te jagen, werd het vlees
gerookt en in vaten ingezouten. De vis werd uit de slotgracht
of uit naburige slootjes gehaald. Groente werd er toen niet
gegeten. Oorspronkelijk at men twee keer per dag een maaltijd
met vlees of vis. Zo rond 8 uur 's morgens en rond 3 uur 's
middags. Deze tijden werden steeds later, en uiteindelijk ging
men een ontbijt nemen 's ochtends.
Op het kasteel mocht je ------------------------------, dus moest je je
handen wassen voor het eten. Dit werd gedaan door een
knecht, hij goot water over je handen, maar of je handen er
echt schoon van werden? Ridders hadden geen nette manieren,
iedereen gooide de restjes vlees met bot op de grond, die door
honden afgekloven werden. De honden dienden ook als servet
voor vieze handen.
Trouw aan de vorst en God
Een van de eerste beloftes die de ridder
maakte was "-------------------------". Hij zwoer
dat hij de vorst zou bijstaan met --------------------------------. Dit betekende dat hij hem
moest helpen met het besturen van het
land (raad) en hij moest voor hem vechten
(daad) persoonlijk, gepantserd en te
paard. Behalve trouw moest de ridder
ook ----------------- zijn. Zó dapper dat hij de
dood niet vreesde, dit was de belangrijkste
ridderdeugd.
De kerk wilde daarnaast nog dat de
ridder op kwam voor iedereen die zwak was. Dit betekende
bijvoorbeeld dat hij voor weduwen, wezen en armen moest
zorgen. De kerk vond het ook belangrijk dat ridders tegen "-------------------------" (mensen die niet in God geloofden) vochten. Zo
zijn ook de kruistochten ontstaan.
Kasteelvrouwe
Alles wat er nodig was aan eten en kleren op
het kasteel werd verbouwd en gemaakt door
mensen van het kasteel. Alles wat er op het
kasteel werd binnengebracht door de
knechten, moest grotendeels beheerd worden door de
kasteelvrouwe. Zij moest de ----------------- onder haar knechten en
meiden. Ze moest ook nog de dagelijkse maaltijden van alle
kasteelbewoners organiseren en zorg dragen voor hun kleren.
Dit waren haar dagelijkse bezigheden. De kasteelvrouwe
moest ook voor de -------------------------------- zorgen. Ze moest
eveneens de -----------------------------------------------------.
Ze zat meestal op haar eigen kamers in een zijvleugel van het
kasteel zogenaamde ------------------------. Ze hoorde niet in de grote
zaal bij de kasteelheer. Het huwelijk tussen de kasteelheer en
de kasteelvrouwe werd meestal al besproken als ze nog
kinderen waren. Op hun twaalfde verloofden ze zich. Het
huwelijk had meestal als reden erfenissen bij elkaar te
brengen. Of ze van elkaar hielden was niet belangrijk.
HET KASTEEL
Wat is een burcht of kasteel?
Een burcht is letterlijk een plaats om je te ---------------- voor je
vijand. Dit was meestal een terein waarop een gebouw stond
en waaromheen een gracht en een wal lagen. Dit versterkte
huis was een toevluchtsoord voor omwonenden en je kon je er
in terug trekken bij een gevecht. Oorspronkelijk kon ---------------de koning toestemming geven voor het bouwen van een
versterkt huis.
Hoe zagen oude kastelen eruit?
Een oud kasteel heette een --------------. Een donjon stond meestal
op een kruispunt van belangrijke handelswegen of langs een
druk bevaren water. Men zocht een stukje grond uit en
daaromheen werd een gracht gegraven. De grond uit de
gracht werd gebruikt om langs de binnenzijde van de gracht
een wal op te werpen. Daar kwam nog een ------------------ (rij
puntige palen) langs te staan. Midden op dit stukje grond werd
de donjon van hout gebouwd.
Het huis was gebouwd om de vijand buiten de deur te houden.
Doordat er in het woonvertrek alleen smalle venstergaten
zonder glas waren, was het erg donker in dit vertrek. Om kou
buiten te sluiten moest men de luiken dichtdoen, dan kwam er
helemaal geen licht meer binnen. In plaats van meubels
werden er kisten gebruikt. De kisten gebruikten ze als
bergplaats en als zitplaats.
Soorten kastelen
Er waren verschillende soorten kastelen. Onder andere
het waterkasteel en het veertiende-eeuwse kasteel. Deze
kastelen waren helemaal van steen gebouwd, dit in
tegenstelling tot de donjons.
De voet van de toren van het waterkasteel stond in de gracht.
Dit had meerdere voordelen. De vijand kon nu niet over de
gracht heen zonder dat het opgemerkt werd. Bovendien kon
men hun uitwerpselen in de gracht lozen. Je kan je voorstellen
dat zo'n gracht niet lekker was om in te zwemmen. Ook het
terein buiten de kasteelgracht werd versterkt. Er kwamen een
muur en een gracht omheen. Dit heette een ---------------------.
In de veertiende eeuw kwam de binnenplaats in de mode. Zo
ontstond het veertiende eeuws kasteel. Dit kasteel bestond uit
drie delen: de --------------------, de -------------------- en de ------------------. De
hoofdburcht was een langwerpig of vierkant gebouw rond een
binnenplaats met de voet in een gracht. De binnenhof was
omgeven door een gracht en een muur, en was een
zogenaamde voorburcht voorzien van talrijke
verdedigingswerkjes. De buitenhof was eveneens omsloten door
een muur en een gracht. Het omvatte de boerderij met alle
mogelijke bijgebouwen.
Hoe kon een ridder zo'n kasteel betalen?
De ridder beschermde boeren tegen benden die rovend en
moordend door het land trokken. Voor deze bescherming
betaalden de boeren ---------------. Ze gaven een deel van hun
opbrengst van hun boerenbedrijf aan de kasteelheer. Ook hefte
de kasteelheer ---------------. Ieder schip dat langs het kasteel voer
moest een deel van zijn vracht afstaan om door te kunnen
varen. Ook iedere rijke koopman die de weg gebruikte langs de
ridderburcht moest betalen. Op deze manier kreeg de
kasteelheer geld om zijn kasteel te bouwen en te onderhouden.
Ridders verliezen de macht
Na 1300 hebben de ridders langzamerhand de macht verloren.
Hier waren 5 belangrijke oorzaken voor.
1. De burgers die door de ridders beschermd werden konden
voor zichzelf zorgen door de industrialisatie. Er ontstonden
echte steden. De gewone mensen wisten zichzelf te redden
doordat ze echt ----------------------- konden verdienen, dat plaats
maakte voor de ruilhandel.
2. Een andere oorzaak is dat de horigen goederen aan steden
begonnen te leveren. Zo konden ze sparen en het land van hun
heer met geld afkopen. Ze werden --------------------.
3. Na 1300 ging de rijker wordende burgerij aan de vorst ------------------------------ betalen. De vorst kon nu een leger huren. Hij had
de ridders (die vroeger voor zijn leger zorgden) niet meer
nodig.
4. Er kwamen betere wapens waardoor de burgers zichzelf
konden verdedigen. Bijvoorbeeld een hellebaard, dit was een
lans van 4 meter lang met aan het eind een zware bijl, een
punt om te steken en een haak om de ruiter uit zijn zadel te
trekken. In elke stad ontstond een schutterij.
5. Bij dit alles kwam ook nog de uitvinding van het ------------------. Je kan je zelf wel bedenken wat dat teweegbracht. Er
kwamen kanonnen.
Andere bezigheden
De lagere ridders gingen in de stad wonen en handel drijven.
Anderen gingen naar het hof om de kasteelheer te dienen. Zo
ontstond de hofadel. Ze hadden geen echte taak meer. Ze
hoefden alleen hun heer te vergezellen. Dikwijls werd de
bestuurstaak (die ze vroeger al hadden) hun volledige werk. In
de 80-jarige oorlog werden ze stadhouders.
Kruistochten
Wat is een kruistocht?
De paus maakte van de oorlog tegen de Turken iets bijzonders. Het zou een 'Heilige Oorlog'
zijn. Dat is een oorlog die God zelf wilde. De deelnemers kregen bepaalde voorrechten.
Wanneer ze meehielpen Jeruzalem te bevrijden, zouden ze een aflaat krijgen. Dat
betekende dat zij na hun dood minder lang voor hun zonden hoefden te boeten. De kerk
beloofde ook de bezittingen van een kruisvaarders te beschermen zolang deze afwezig was.
De kruisvaarders moesten bij hun vertrek een plechtige gelofte afleggen. Ze moesten
beloven dat ze in opdracht van de paus de heidenen en de ketters zouden bestrijden.
Wanneer men de heidenen bestreed zonder toestemming van de paus, gold dat niet als een
echte kruistocht. Er waren dan geen voorrechten aan verbonden. Men kon er zelfs voor
gestraft worden. Kruistochten hoefden niet alleen naar Palestina te gaan. Middeleeuwers
beschouwden elke oorlog onder pauselijk bevel tegen heidenen en ketters als een kruistocht.
Toch waren de kruistochten naar Palestina wel de belangrijkste. Tussen de 11de en
13de eeuw werden meerdere kruistochten gehouden, maar eigenlijk was alleen de Eerste
Kruistocht echt een geslaagde operatie.
Waarom gingen er zoveel mensen op kruistocht?
De kruistochten gingen gepaard met veel gewelddadigheid en wreedheden. Ondanks dat het
een gevaarlijke tocht was, waarbij veel mensen de dood vonden, gingen bij iedere kruistocht
toch weer duizenden mensen mee. Deze mensen hoopten natuurlijk Jeruzalem te bevrijden,
maar er waren nog meerdere redenen waarom men kon besluiten de kruisvaartgelofte af te
leggen:
De paus beloofde deze mensen dat al hun zonden zouden worden vergeven. Ze kregen als
ze dood zouden gaan een plekje in de hemel en zouden niet meer gestraft worden voor hun
slechte daden.
Ook hoefden deze mensen geen belasting meer te betalen wanneer ze terugkwamen van
hun kruistocht.
Veel van de mensen die mee op kruistocht gingen hadden thuis weinig te
verliezen, omdat ze het daar als horige werkten en dus geen prettig leven hadden. Ze
leefden meestal in simpele hutten met één kamer, waarin het hele gezin moesten leven.
In de Middeleeuwen waren er veel lijfeigenen, dat waren een soort slaven. Zijn zouden als ze
op kruistocht gingen, vrij mens worden. Ridders en edelen waren belust op avontuur en
hoopten in de strijd roem en eer te behalen.
Wanneer waren de kruistochten?
Tussen de 11de en 13de eeuw werden meerdere kruistochten gehouden. Een paar
belangrijkste waren:
1096 Eerste kruistocht
1147 Tweede kruistocht
1189 Derde kruistcht
1204 Vierde kruistocht
1212 Kinderkruistocht
De gevolgen van de kruistochten.
De bedoelingen van de kruisvaarders met een kruistocht liepen nogal uiteen. Er waren echt
christenen die in opstand wilden komen tegen het geweld dat andere christenen werd
aangedaan. Er was heel wat moed voor nodig om alles achter te laten en in een voettocht
naar een compleet vreemd land te trekken met alle gevaren van dien. Enkel en alleen uit
liefde voor Christus en het christendom.
Maar er waren ook genoeg kruisvaarders die hun eigen voordeel probeerden te behalen met
de kruistochten. Zo waren er bandieten bij die door het afleggen van de kruisgelofte
probeerden hun straf te ontlopen. Ridders, keizers en koningen probeerden door de
kruistochten hun macht te vergroten of veel eer te behalen.
Tijdens de kruistochten werden er heel veel mensen in bloedige gevechten vermoord en
werd er veel vernield en geplunderd
De gevolgen van de kruistochten liepen ook nogal uiteen. Er waren slechte gevolgen door de
2 eeuwen strijd. Zo kwam er een sterke toename van de godsdienst onverdraagzaamheid
tussen christenen en moslims, christenen en joden en zelf tussen christenen onderling. Nu
nog is er in het Midden-Oosten een religieuze strijd gaande tussen moslims en christenen.
Aan de andere kant waren er voor Europa ook gunstige gevolgen van de kruistochten.
De landen in West-Europa hadden namelijk kennis gemaakt met een hoge oosterse
beschaving. De moslims waren goed ontwikkeld in wiskunde, natuurkunde, sterrenkunde,
geneeskunde en op vele andere gebieden. Daar hebben de Europeanen veel van geleerd.
Er ontstond een levendige scheepvaart en een bloeiende handel rond de Middellandse Zee.
Vooral Italiaanse steden, zoals Venetië en Genua, profiteerden daarvan.
Het Westen leerde nieuwe producten kennen als specerijen (peper, kruidnagelen e.d.),
suiker, katoen en zijde.
Na de kruistochten moesten de Europeanen een andere handelsroute zoeken naar Azië om
daar specerijen, zijde, ivoor, kostbare metalen en edelstenen te halen. De moslims lieten hun
niet meer langs Constantinopel. De Europeanen moesten dus een route over zee zoeken.
Dit leidde in de 15e en 16e eeuw tot van Portugese, Spaanse (Columbus), Franse, Engelse
en Nederlandse zeelieden. Deze ontdekkingsreizen zorgden ervoor dat 'de wereld werd
ontdekt' en dat alle landen in kaart gebracht konden worden. De ontdekkingsreizigers
maakten daarbij handig gebruik van de overgenomen kennis van de moslims, op het gebied
van bijvoorbeeld hygiëne en aardrijkskunde.
Maar er werd ook handel gedreven met de moslim
landen. Europese kooplieden importeerden specerijen, medicijnen, juwelen, parfums,
vruchten, suiker en andere waren. In ruil daarvoor kregen de moslims graan, hout en
paarden uit Europa. Ook profiteerden de moslims van de stroom pelgrims naar Heilige
Plaatsen. Daarbij werden veel souvenirs gekocht en daar verdienden de moslims aan.
De heksenvervolgingen speelden zich af in de 15de 16de en 17de eeuw. Een heks
was in het volksgeloof een ___________ die in contact treedt met boze machten,
en van deze bepaalde krachten ontvangt waarmee zij mensen en dieren kan
betoveren of schade kan aanbrengen. Het geloof aan heksen komt in de gehele
wereld en in alle tijden voor en wordt in alle wereldgodsdiensten aangetroffen.
In het _______________ volksgeloof hield dat in dat heksen in verbinding
stonden met de ___________. Als men van iemand zei dat zij het ________ zou
dragen, betekende dat, dat zij een Heks was. Vroeger dachten de mensen dat
heksen met hun ogen ellende konden veroorzaken. Vandaar het boze oog. Toch
waren het ______________ mensen die werden verdacht en vermoord.
Schuldigen
Vrouwen werden er meestal van beschuldigd om een heks te zijn. De redenen die
mensen vaak aandroegen waren, oogsten die mislukten, door geheimzinnige
ziektes stierven vele mensen, anderen kwamen om door honger of gewoon
door ellende. Ze moesten iemand de schuld geven. Dat was nog geen ramp voor
de vrouwen. Maar achteraf werd er gezegd dat de duivel in vrouwen zou kruipen.
Ze moesten iemand de schuld geven en dat was de duivel. De duivel
kroop alleen in vrouwen want die zouden niet deugen.
Roermond
In Roermond zou een opperheks wonen, dat dacht men toen, de vrouw heette
Trijntje van Sittard. Ze zou haar 12-jarige dochter de duivelskunsten geleerd
hebben. Toen het meisje met haar vriendinnen op straat aan het spelen was, liet ze
aan haar vriendinnen haar duivelkunsten zien. Ze zou spijkers, spelden, stenen
en naalden spugen tegelijk. Ze werd naar de rechtbank gebracht. Ze wilden
weten van wie ze dat had geleerd. Ze zou toen hebben gezegd “daarachter staat
een rode man ik mag van hem niks zeggen". Die rode man zou de duivel zijn.
Maar toen de rechtbank met zware straffen dreigde heeft ze toegegeven dat ze
het van haar moeder had geleerd. Trijntje van Sittard werd vastgenomen en
zwaar gestraft. Uiteindelijk gaf Trijntje toe dat ze al 24 jaar aan hekserij deed.
Natuurlijk is dat niet echt gebeurd maar vroeger geloofde men in zulke
verhalen. De mensen wilden een eind aan alle ellende maken dus geloofden ze
het verhaal.
Een eind aan de heksenprocessen
Toen er een einde kwam aan de heksenprocessen verdween echter niet het
geloof in het bestaan van heksen. Tot diep in de 18de eeuw lieten van hekserij en
___________ verdachten zich in een heksenwaag, o.a. te Oudewater en
Schoonhoven, wegen om hun onschuld aan te tonen door het feit dat hun
gewicht in overeenstemming was met de afmetingen van hun lichaam.
Heksensabbat
De heksen kwamen samen op een kerkhof of
op een open plek in het bos. Dit gebeurde
altijd op een donkere nacht als er geen maan
scheen. Ze maakten dan muziek en ze
dansten hand in hand rond. Er werd ook veel
gedronken. Als de bijeenkomst voorbij was
keerden ze gillend terug op hun bezems.
Vliegen op een bezemsteel
En dan verzonnen ze er ook nog bij dat ze
konden vliegen op een __________. Daarom
wordt nu de heks vaak voorgesteld met een
bezem. Een heks wordt ook vaak afgebeeld met een _________. De mensen
zeiden dat de kat de beste ______________ van de duivel was. De mensen dachten
dat een kat je huisgeest kon zien.
Heksenkringen
De op weiden en grasvelden wel voorkomende kringvormige plekken waar óf
geen gras groeit óf weelderiger gras dan er omheen, heten in de volksmond
heksen(k)ringen en zouden ontstaan zijn doordat heksen hier in de maneschijn
hadden gedanst.
Heksenjacht
Pausen schreven brieven naar gelovigen. In die brieven stond hoe men kon
helpen de heksen uit te roeien (__________). Er werd een boek geschreven door
2 Duitse paters het boek heette de “De heksenhamer”. In het boek werd
beschreven hoe je heksen kon herkennen. Ook beschreven zij in hun boek hoe
je heksen kon straffen en hoe je ze kon vangen. Pas als alle heksen weg waren
kwam er een einde aan alle ellende. In veel Europese landen begon er een
heksenjacht. Je kon zonder het te bewijzen iemand van hekserij beschuldigen.
De personen die beschuldigd werden mochten niet weten door wie ze werden
aangeklaagd of waarvan ze werden beschuldigd. Iemand die je kon verdedigen
kregen ze meestal niet en als er toch iemand was die je wilde verdedigen werd die
persoon meestal ook schuldig verklaard. Oude vrouwtjes werden meestal
beschuldigd. Later werden er ook meisjes van 25 jaar beschuldigd en daarna ging
het zelfs over op kinderen van 9 jaar en jonger. Daarna bedachten de mannen
iets dat als bewijs kon dienen.
De Waterproef
Er was een manier waarop ze konden bewijzen dat iemand een heks was, dat was
de waterproef. De rechterduim werd dan vastgebonden met de linkerteen en de
linkerduim werd vastgebonden met de rechterteen. Zo werd ze het water in
gegooid. Kwam de vrouw weer terug boven water, was ze een heks. Bleef ze
onder, spijtig voor haar, maar dan was ze geen heks.
De Heksenwaag
Er bestond ook nog een heksenwaag. Dat was een
grote weegschaal waarop de vrouw dan plaats kon
nemen. Mensen schatten dan het gewicht van de
vrouw en als ze evenveel woog als ze eruit zag, was
ze geen heks. Want de mensen zeiden heksen
wegen niks, want ze kunnen door de lucht vliegen
met een bezemsteel en dan kan je onmogelijk
zwaar zijn. Als de vrouw zich had laten wegen kreeg
ze een certificaat met de zegel van de stad en de
handtekening van de gemeentesecretaris. Een bekende heksenwaag staat in het
Zuid-Hollandse stadje Oudewater. Je kan je er nu nog steeds laten wegen tegen
een kleine vergoeding en dan krijg je achteraf een certificaat waarin staat dat je
geen heks bent. Het certificaat krijg je natuurlijk niet als je niets weegt.
Verdachte vrouwen konden pas veroordeeld worden als ze bekenden.
De zwarte dood
De meest verwoestende epidemie in de geschiedenis, de Zwarte Dood, woedde in drie werelddelen en
doodde miljoenen mensen. De Zwarte Dood liep diepe sporen na in het leven van de mensen uit de
middeleeuwen. Tot in de ____ eeuw bleef de ziekte bestaan.
De verspreiding van de plaag
Vroeger werd de Zwarte Dood aangeduid met de ______ of 'de ___________. In 1330 breidde deze
besmettelijke ziekte zich vanuit de Gobi-woestijn uit, doodde duizenden mensen in China en India en verspreidde
zich langs de handelroutes van Centraal-Azië naar het Midden-Oosten en Noord-Afrika.
Een geschiedenisschrijver vertelt dat India was ontvolkt, dat Mesopotamië, Syrië en Armenië waren bedolven
onder lijken en dat de Koerden in wanhoop hun toevlucht in de bergen zochten. Vrijwel zeker waren het Italiaanse
schepen die de pest naar Europa brachten en de ziekte ongewild verspreidden via hun drukke handelsroutes
rondom de Middellandse Zee.
De eerste besmette
Een van de eerste bekend geworden gevallen van pest deed zich voor in __________ 1347 in de haven van
Messina op _________, waar een vloot uit Genua aanmeerde met aan boord zieken en stervenden. Toen de
havenautoriteiten in de gaten kregen wat er aan boord aan de hand was, stuurden ze de vloot weg. Het was
echter al te laat. Binnen een paar dagen had de _________________ ziekte zich verspreid over het eiland Sicilië
en was overgewaaid naar het vasteland van Italië. Van hieruit woekerde de plaag voort in heel Europa. In
September 1348 bereikte de Zwarte Dood Engeland, richtte verwoestingen aan in Scandinavië en veegde een
kleine Noorse nederzetting op een verafgelegen eiland bij Groenland van de kaart.
Op deze middeleeuwse prent is duidelijk te zien dat men in die tijd niet wist
hoe de ziekte zich verspreidde. Deze __________ bezoekt zijn patiënten. Het onderschrift zegt: Hoe de dood te
verslaan in Rome door beschermende kleding,1656 In de snavel zitten __________ om _____________.
Einde van de wereld
De verschrikkingen van de pest zijn beschreven door een Italiaanse schrijver, die zijn vijf kinderen aan de ziekte
had verloren. 'Besmette mensen sterven bijna onmiddelijk. Er ontstaan builen op hun lichaam in oksels, hals en
lies. En ze vallen om terwijl ze met je praten. Vaders verlaten hun kinderen, vrouwen hun mannen en de ene
broer verlaat de andere; de ziekte lijkt zich te verspreiden door iemands adem en door iemands blik. En zo
stierven vele mensen.
Niemand wilde ze begraven, niet voor geld en ook niet uit vriendschap. Familieleden brachten hun doden naar
sloten en lieten ze daarin achter zonder kerkdienst en zonder priester. Op veel plaatsen werden grote kuilen
gegraven die werden volgegooid met de lichamen van talloze doden. Mensen stierven bij honderden, dag en
nacht. Er stierven zoveel mensen dat men dacht dat het einde van de wereld was gekomen'
Stad en platteland
Dezelfde omstandigheden, de wanhoop en de paniek heersten overal in Europa. Het leven in de steden was in
die tijd moeilijk. In de overvolle straten was het onmogelijk andere mensen te ontlopen, en de honderden doden
begraven was een probleem. Veel rijke mensen ontvluchtten daarom de stad. Het verhaal Decamerone van de
beroemde schrijver Boccaccio gaat over een groep mannen en vrouwen die zichzelf hebben opgesloten in een
villa. Zij vertellen elkaar verhalen om de tijd te doden, terwijl ze afwachten tot de 'grote plaag' voorbij is.
In werkelijkheid waren de mensen op het platteland er net zo slecht aan toe. De Zwarte Dood leek niet te
stoppen. Hoewel, vreemd genoeg, het aantal doden van plaats tot plaats sterk wisselde. Een 'gelukkige' stad
verloor misschien maar 10% van haar inwoners, terwijl in een afgelegen dorpje het percentage tot 60 kon
oplopen. Dit onvoorspelbare element maakte de pest alleen maar angstaanjagender.
Builenpest
Wat geen middeleeuwse dokter wist, was dat er drie verschillende vormen van de Zwarte Dood woedden. Eén
besmettelijke vorm infecteerde _________ en ___________ en werd overgebracht door mensen. Deze zeer
dodelijke vorm was minder algemeen dan de builenpest, die werd overgebracht door vlooien die leefden op
____________. De beten van een besmette ________ veroorzaakten builen zo groot als een ei in hals, lies en
oksels. Als gevolg van inwendige bloedingen verkleurden de builen tot een paarsachtig zwart.
Er bestond geen middel of voorzorgsmaatregelen tegen alle vormen van de Zwarte Dood. Wanneer een zieke
bijvoorbeeld afgezonderd werd gehouden, hield het de vlooien en ratten niet tegen. Ratten en vlooien vormden in
de middeleeuwse steden een deel van het leven. ____________ zoals wij die kennen, was in de middeleeuwen
ongewoon. Mensen reageerden op verschillende manieren op de ziekte. Sommigen besloten zich eens goed uit
te leven nu het nog kon, anderen wasten en ontsmetten zichzelf in de hoop zo aan de ziekte te ontsnappen.
Velen dachten dat de plaag een _____________ was. Ze wilden Gods genade afsmeken door boete te doen. De
Zwarte Dood was eind 1351 uitgewoed. Een derde van de wereld was gestorven, zei de middeleeuwse
geschiedschrijver Froissart. Onderzoekers denken dat hij wat Europa betreft daarin gelijk had. De sporen die de
Zwarte Dood naliet waren diep.
Herleving van de plaag
Als de plaag voorgoed weggebleven was, dan had Europa zich waarschijnlijk snel hersteld. Maar de Zwarte
Dood kwam terug in 1361 en in 1369 en bleef daarna tot het einde van de ____________ eeuw om de zoveel
jaar terugkeren. De ziekte sloeg echter nooit meer zo hard toe als de eerste keer. Het resultaat was dat het
bevolkingsaantal laag bleef. Dit had vele gevolgen, die echter niet allemaal even slecht waren. Het bleek
bijvoorbeeld veel eenvoudiger een kleiner aantal mensen te voeden. Het beperkte aantal beschikbare
arbeidskrachten had tot resultaat dat de lonen werden verhoogd. De rente die geheven werd op landbezit ging
omlaag door de overvloed aan land. In Nederland en ook in andere delen van West-Europa verdween het
lijfeigenschap door het tekort aan arbeiders. Het was de middeleeuwse lijfeigene verboden het land waarop hij
werkte te verlaten, maar nu was hij in staat zijn vrijheid op te eisen. Werd hem die geweigerd dan kon hij
weglopen en ergens anders werk vinden . Landeigenaren die arbeiders te kort kwamen, voelden zich niet meer
verplicht een weggelopen lijfeigene terug te sturen naar zijn systeem van de middeleeuwen.
De ontwikkeling van Europa in de ____________ eeuw werd mogelijk toen de pest minder vaak de kop opstak.
Ook toen werd de ziekte nog gevreesd. Daar kwam pas een eind aan in de 18e eeuw.
Gezondheid(zorg)
In het Midden-Oosten en europa waren er veel problemen over
veroorzaakten ziektes de ronde.
Er waren mensen die vertrouwden op zelfgemaakte kruiden mengsels .
Andere baden voor een goede gezondheid en gingen op een speciale tocht
wel pelgrims tocht genoemd. Sommige geleerden meenden dat
gezondheid te maken had van de bewegingen van de maan en de
planeten. De meeste dokters wel bekend als geneesheren in het MiddenOosten vertrouwden echter op een meer wetenschappelijke benadering.
Ze bestudeerde de werking van het lichaam soms door doden open te
snijden.
Hygiëne en gezondheid
In de middeleeuwen nam men het niet zo serieus met de hygiëne. Ze
maakten zich niet zo druk over vuil dat er was en vieze luchtjes die
daar hingen. De wc. was een soort gat waar je op moest gaan zitten.
Dit gat kwam uit op de gracht of een beerput (dit is een put waarin alle
menselijke uitwerpselen opgevangen werden.) Zo rond de 15e eeuw
werd dit gelukkig wel wat luxer, want echt fris en hygiënisch was het
niet. Als wc-papier gebruikte men repen linnen en de vloer werd
bestrooid met lekker geurende kruiden. Een heet bad was alleen voor de
allerrijksten. Dit kwam omdat ze natuurlijk moeilijk aan warm water
kon komen. Daar ging heel wat aan vooraf. Hout moest het water
verwarmen. Linnen werd gebruikt om de binnen kant van het bad mee
te bekleden. Om het water een lekker geurtje te geven deed men badolie
in het water. Voor dit alles moest geld betaald worden. Het geld dat
betaald moest worden was evenveel als het bedrag waar een arbeider
een hele week voor moest werken. In die tijd zaten overal ratten, in de
kelder en keuken bij het eten en in de stallen. Deze ratten aten van het
eten en verspreiden op deze manier allerlei ziekten.
Bronnen
https://sites.google.com/a/webkwestie.nl/de-donkere-middeleeuwen/opdracht/vikingen
https://portal.skipov.nl/onderwijsprojecten/Wereldorientatie/Middeleeuwen/Middeleeuwenwiki/G
ezondheidszorg.aspx
http://www.xead.nl/2-de-zwarte-dood
http://www.iselinge.nl/Scholenplein/pabolessen/01022dheksen/geschiedenis.htm
http://www.iselinge.nl/Scholenplein/pabolessen/0405d2amiddeleeuwen/kruistochten.htm
Download