2017 - ISK De toekomst

advertisement
Schoolgids
2017
Voorwoord
Voor u ligt de schoolgids 2017 van de Internationale Schakelklassen De Toekomst (ISK) te Gorinchem.
In december 2015 is er in Gorinchem een noodopvang, inmiddels een AZC, ingericht voor
vluchtelingen. Onder de vluchtelingen zijn veel kinderen. Sinds februari 2016 geven wij onderwijs aan
deze kinderen in de leeftijdsgroep van 4 t/m 17 jaar, waarbij de nadruk ligt op het aanleren van de
Nederlandse taal. Twee maanden daarna, na een vraag komend vanuit de onderwijsbesturen, biedt
onze school ook onderwijs aan kinderen die hier zijn komen wonen, maar de Nederlandse taal niet
beheersen. De ISK De Toekomst is met een enthousiast team van coördinatoren, ISK docenten,
onderwijsassistenten en toename van het aantal leerlingen in 2017 uitgegroeid tot een waardige ISKschool waar wij trots op zijn.
In deze gids informeren wij u over onze school. U treft inhoudelijke zaken aan maar ook praktische
zaken. De intake en aanmelding van de leerlingen verloopt via SWV Pasvorm. Zie hiervoor ook onze
site: http://www.isk-gorinchem-de-toekomst.nl
We hopen dat u onze schoolgids met plezier zult lezen en dat wij erin zullen slagen u een goed beeld
te geven van waar wij als ISK voor staan. De naam geeft het in elk geval al aan: we willen ervoor
zorgen dat de leerlingen goed vooruit kunnen komen in onze maatschappij en een prima TOEKOMST
tegemoet gaan.
Het team ISK De Toekomst
Maart 2017
1
Inhoudsopgave
1.
1.2
1.3
2.
2.1
2.2
2.3
2.4
2.5
2.6
3.
3.1
3.2
3.3
3.4
3.5
3.6
3.6
3.7
3.9
4.
4.1
4.2
4.3
5.
5.1
5.2
5.3
5.4
5.5.
6.
6.1
6.2
6.3
6.4
6.5
6.6
7.
7.1
7.2
7.3
8.
8.1
8.2
Onze school
Onze missie
Onze kernwaarden
Aanmelding, intake en uitstroomprofielen
Aanmelding
Intake
Uitstroomprofielen
Toetsing
Wijziging profiel
Uitstroom
Onderwijstijd
Lestijden
Lessentabel
Methoden
Huiswerk
Vrijwilligers binnen onze school
Gymnastiek en zwemles
Keuzeproject CREA-vakken
Bijzondere activiteiten
Schoolvakanties 2017
Zorgstructuur ISK De Toekomst
Zorgniveau 1
Zorgniveau 2
Zorgniveau 3
Afspraken en leefregels
Afspraken
Leefregels
Ontruimingsoefening
Klachtenregeling
Vertrouwensinspecteur
Schorsing en verwijdering
Algemeen
Schorsing / Bevoegdheid
Omstandigheden die kunnen leiden tot schorsing
Schorsingsprocedure
Voornemen tot verwijdering
Definitieve verwijdering
Financiële regelingen
Schoolkosten
Vrijwilliger ouderbijdrage
Verzekeringen
Contactgegevens
Team
Adressen en telefoonnummers
2
3
3
3
5
5
5
6
7
8
8
9
9
9
9
10
10
10
11
12
12
13
13
14
16
18
18
19
20
20
21
22
22
22
23
23
24
25
26
26
26
26
27
27
28
1. Onze school
1.1 Onze missie:
ISK De Toekomst biedt betekenisvol NT2-onderwijs in een uitdagende internationaal georiënteerde
leeromgeving voor leerlingen van 12 tot 18 jaar die geen of weinig Nederlands spreken en die zich
voorbereiden op een toekomst in de Nederlandse samenleving.
Onze school is een voorziening voor voortgezet onderwijs, biedt volledig dagonderwijs en heeft een
regionale functie. De voornaamste taak is het doorschakelen van de anderstalige leerlingen naar het
Nederlandstalige onderwijs. Naast het zo snel mogelijk aanleren van de Nederlandse taal speelt
burgerschapsonderwijs een belangrijke rol.
De ISK kent grote verschillen in voorkennis, (school)ervaring en vaardigheden van leerlingen. Het
leertraject duurt, afhankelijk van de resultaten van de leerling, maximaal twee jaar, waarna de
leerling in overleg met ouders/verzorgers wordt doorverwezen naar een reguliere school in de regio.
1.2 Onze kernwaarden:
De ISK is een leeromgeving. Als school willen wij graag uitdagend onderwijs bieden in een
leeromgeving waar grenzen worden verlegd en waar werelden dichter bij elkaar komen
 door het bieden van uitdagend NT2-onderwijs, burgerschap en overige vakken zoals rekenen
en creatieve vakken;
 door docenten die vaardig zijn in het aansturen van divers samengestelde groepen;
 door het toepassen van activerende werkvormen om de leerlingen zo betekenisvol mogelijk
het onderwijs te laten ervaren;
 door heldere streefdoelen per niveau na te streven;
 door het bieden van gedifferentieerd onderwijs;
 door de leerlingen op hun eigen niveau te laten werken, met de mogelijkheid tot doorstroom
naar een hoger niveau;
 door resultaatgericht werken; dat eisen we van onze docenten en dat vragen we ook van
onze leerlingen; we zijn trots op elk bereikt resultaat!
3
De ISK is ook een leefomgeving. Naast het werken aan een goede aansluiting met het
vervolgonderwijs moet er ook een goede aansluiting zijn met de nieuwe leefomgeving waarin de
leerlingen ervaringen opdoen. Wij besteden aandacht aan:
 de diversiteit van onze leerlingen, waarbij we elkaars normen en waarden respecteren;
hierbij benadrukken we de gelijkheid van seksen;
 gewoonten en gebruiken en de achtergrond daarvan;
 omgangsvormen en uiterlijke verzorging;
 maatschappelijke structuren;
 culturele ontmoeting en respect, tot uitdrukking komend in de viering van Kerst, Pasen, Sint
Nicolaas, Koningsdag en Bevrijdingsdag.
Op basis van onze missie en onze kernwaarden zien wij graag onze leerlingen
 als uniek: zij hebben behoefte aan geborgenheid, waardering en eerlijkheid;
 als leergierig: zij willen dingen weten om zelfvertrouwen op te bouwen en mee willen doen;
 als sociaal lerend: ook ander gedrag kan een alternatief kan zijn om je doel te bereiken;
 als verantwoordelijk, waardoor ze leren dat elke keuze, elk gedrag, gevolgen heeft voor jezelf
en voor anderen en dat je dat ook moet kunnen verantwoorden.
Wij verwachten van ouders en leerlingen dat zij ons als personeel ook benaderen zoals wij hen
benaderen en behandelen.
4
2. Aanmelding, intake en uitstroomprofielen
ISK De Toekomst is voor leerplichtige anderstalige leerlingen, jongens en meisjes, van elke
nationaliteit, ouder dan 11 jaar en 2 maanden. Leerlingen kunnen het hele jaar worden aangemeld.
De aanmeldingen verlopen via SWV VO Pasvorm.
Samenwerkingsverband VO Pasvorm, Passend Onderwijs Gorinchem e.o.
Telefoon
: 0183-660641
Contactpersoon
: Jenneke Lannoye | SWVPasvorm
Email
: [email protected]
Postadres
Postbus 456
4200 AL Gorinchem
Bezoekadres
Herman de Ruyterstraat 30
4206 ZM Gorinchem
2.1 Aanmelding
Bij aanmelding moeten de volgende documenten verplicht worden aangeleverd:



een uittreksel uit de gemeentelijke basisadministratie (GBA) met daarop de datum van
vestiging in Nederland (hier moet u specifiek om vragen bij de gemeente);
een kopie van een geldig identiteitsbewijs (paspoort) van de ouders/voogd;
een kopie van een geldig identiteitsbewijs (paspoort) van de leerling (inclusief vermelding
BSN).
Zodra de leerling is aangemeld bij Pasvorm krijg u een uitnodiging voor een intake op school.
2.2 Intake
De coördinator maakt een afspraak met u en bespreekt met u wat u aan documenten moet
meebrengen.
Bij de afspraak dient altijd de leerling zelf aanwezig te zijn. Als u zelf geen Nederlands spreekt, kunt u
het beste iemand meebrengen die kan vertalen voor u. Als dat niet mogelijk is, moet er voor een tolk
gezorgd worden. U kunt hiervoor informeren bij uw gemeente.
Als een aangemelde leerling al een andere school in Nederland heeft bezocht, kan een toets van zijn
of haar kennis van het Nederlands tot de procedure behoren. Sommige leerlingen van wie geen
schoolresultaten bekend zijn, worden tijdens de intake getoetst op hun kennis van het Nederlands.
Als de leerling wordt aangenomen, breekt de instroomfase aan waarin de mentor en zorgcoördinator
door observatie en toetsing een voorlopig profiel en leerroute vast kunnen stellen. Het profiel kan
daarna nog worden gewijzigd.
Na enige tijd wordt een voorlopig uitstroomprofiel vastgesteld. In dit profiel proberen we zo goed
mogelijk te voorspellen welke onderwijsrichting na de ISK het beste bij de leerling past en hoeveel
tijd de leerling op de ISK nodig heeft om de overstap naar een regulier onderwijstraject te maken.
Vervolgens worden de leerlingen geplaatst in een uitstroomgroep van gemiddeld 15 leerlingen.
5
2.3 Uitstroomprofielen
De ISK De Toekomst hanteert de volgende uitstroomprofielen van het LOWAN:
 Instapgroep analfabeten
 Route 1 Uitstroomprofiel praktijkonderwijs, vso 12-16 jaar
 Route 1* Uitstroomprofiel (begeleid) werk, inburgering 16+)
 Route 2 Uitstroomprofiel vmbo basis 12-16 jaar
 Route 2* Uitstroomprofielen mbo entrée en mbo 2 16+
 Route 3 Uitstroomprofielen vmbo kader/gl/t en havo/vwo 12-16 jaar
 Route 3* Uitstroomprofielen mbo 3 en mbo 4/vavo/hbo 16+
Iedere leerroute bestaat uit twee fasen:
1. Basisinstroomfase: tussen- en eindtoetsen volgens Europees Referentiekader
2. Schakeluitstroomfase tussentoetsen volgens Europees Referentiekader, eindtoetsen volgens
Referentiekader Taal en Rekenen
De ISK-groepen zijn als volgt samengesteld:
1. Groep Analfabeten: het streefdoel is het leren begrijpen en spreken van de Nederlandse taal.
Door- en uitstroom afhankelijk van resultaten naar volgende ISK-groep. Na één of twee jaar
ISK doorstroom naar praktijkonderwijs, vso, mbo entree, (begeleid) werk, of inburgering.
2. Groep Geen Nederlands: de leerling schakelt afhankelijk van zijn/haar vorderingen en
resultaten ingeplande TOA toetsen naar de volgende ISK-groep.
3. Groep VO: het streefdoel is A2 (F1) om na één of twee jaar ISK naar het praktijkonderwijs,
vso, vmbo basis, kader, of gl/t te gaan.
4. Groep MBO: het streefdoel is A2 (F1), 2F, 3F om na één of twee jaar ISK naar mbo entree, 2,
3,4, havo, of vwo te gaan.
6
2.4 Toetsing
De ISK De Toekomst werkt met de methodeonafhankelijke toetsen, die digitaal worden aangeleverd
door het bureau ICE, een door het ministerie van OCW gecertificeerde instelling. Voor diverse
uitstroomprofielen zijn er toetsen en stappenplannen ontwikkeld. Met de methodeonafhankelijke
toetsen uit de TOA kan worden getoetst op welk niveau de leerling de Nederlandse taal en rekenen
beheerst. Voor Engels gebruiken we de normen van het CEFR (Common European Framework of
Reference).
Twee keer per jaar worden alle uitstroomleerlingen getoetst op hun kennis van het Nederlands,
studievaardigheid en rekenen. Leerlingen in de instroom- en tussenfase die door hun mentor worden
aangemeld voor toetsing, worden met dezelfde TOA-toetsen getoetst.
Vergelijking niveaus Europees Referentiekader en Referentiekader Taal en Rekenen
Ontwikkelscore TOA-toetsen
0-40
40-60
60-80
80-100
100-120
120-140
Europees Referentiekader
< A1
A1
A2
B1
B2
C1
1F
2F
3F
4F
Referentiekader
rekenen
Taal
en
OF
7
2.5 Wijziging profiel
De resultaten van alle toetsen worden door het docententeam besproken en getoetst aan het
individuele leerlingenprofiel. De eindresultaten van de leerling kunnen aanleiding geven de leerling
te laten veranderen van leerroute/uitstroomprofiel. Wijziging van het profiel van een leerling
gebeurt altijd in overleg met alle docenten die les geven aan de betreffende leerling. Dit overleg kan
plaatsvinden in de vorm van een rapportenvergadering of tijdens het zorgoverleg. Het profiel,
evenals de overwegingen m.b.t. het veranderen van het profiel, wordt besproken met de leerlingen,
ouders, begeleiding en/of voogden.
Wijzigingscriteria:
 de NT2-toets of andere leerstofonafhankelijke toets (hetzij klassikaal, hetzij individueel);
 leerstofgebonden toetsing;
 verblijfsduur op de ISK;
 studiehouding;
 motivatie;
 leervorderingen
 mate van progressie in relatie met het profiel
 aanwezigheidsgraad (absentie);
 sociale indicatie.
2.6 Uitstroom
De uitstroom kan in principe op elk tijdstip gedurende het schooljaar plaatsvinden, maar gebeurt in
hoofdzaak aan het einde ervan. De ISK kent geen diplomering, maar zowel docenten, ouders als
leerlingen hebben grote behoefte aan een tastbare afsluiting in de vorm van een getuigschrift.
Tijdens het afscheid krijgen de leerlingen die uitstromen officieel een getuigschrift uitgereikt. Daarbij
krijgen de leerlingen een cijferlijst (het rapport).
8
3. Onderwijstijd
3.1 Lestijden
De lessen beginnen iedere schooldag om 8.30 uur. Op maandag, dinsdag en donderdag en vrijdag
eindigen ze om 14.30 uur. Op woensdag eindigen de lessen om 12.30 uur.
1e les
2e les
3e les
Pauze
4e les
5e les
Pauze
6e les
7e les
08.30 - 09.15 uur
09.15 - 10.00 uur
10.00 - 10.45 uur
10.45 - 11.00 uur
11.00 - 11.45 uur
11.45 - 12.30 uur
12.30 - 13.00 uur
13.00 - 13.45 uur
13.45 - 14.30 uur
3.2 Lessentabel
De invulling van aantal lesuren kan per groep verschillend zijn, de startgroep (instroomgroep)
bijvoorbeeld heeft meer Nederlands en start nog niet met Engels. 33 x 45 minuten is 26,25 klokuur
per week. Er wordt gewerkt in blokuren. De totale onderwijstijd bedraagt 990 uur uitgaande van 40
weken.
vak
NT2
mentorles
Engels
wiskunde/Rekenen
verzorging
inburgering
crea-vakken
sport
totaal
instroomfase
16
2
0
4
2
3
4
2
33
uitstroomfase
16
1
2
4
2
3
3
2
33
3.3 Methoden
Op de ISK wordt gebruik gemaakt van verschillende methoden voor NT2-onderwijs. Leerlingen in de
analfabetengroep en niet-Nederlands-lezengroepen gebruiken 743 en Horen, Zien en Schrijven.
De NT2-methode voor de andere groepen is Zebra en voor het hogere niveau Code Plus 2 en 3. De
leerlingen werken ook op laptops. Daardoor kunnen alle methoden ondersteund worden door de
digitale methode Junior Einstein en NT2-taalmenu die meer mogelijkheden voor maatwerk en
differentiatie bieden. Voor Begrijpend Lezen worden het programma Nieuwsbegrip op het digibord
en de methode Veilig Leren Lezen gebruikt.
De reken- en wiskundelessen bestaan uit de methode Start Rekenen 1F/2F voor (aanvankelijk)
rekenen, de digitale methoden Junior Einstein en Bettermarks. Het methodemateriaal wordt
aangevuld met door docenten verzamelde en zelf ontwikkelde materialen.
9
3.4 Huiswerk
De docent geeft geregeld huiswerk mee aan de leerlingen. Van de leerlingen wordt verwacht dat zij
het huiswerk mee naar huis nemen en zich aan de gemaakte huiswerkafspraken houden. Het
huiswerk kan bestaan uit het leren van een woorddictee, extra werkbladen voor het oefenen van de
werkwoorden, of het maken van een presentatie of een verslag. De leerling kan een
cijfer/beoordeling krijgen, die door de docent in het leerlingenadministratiesysteem SOMtoday
wordt geplaatst.
3.5 Vrijwilligers binnen onze school
De ISK De Toekomst maakt dankbaar gebruik van flexibele, initiatiefrijke, ondernemende en
zelfstandige vrijwilligers. Zij ondersteunen onze school in het uitvoeren van taken in functie van:
conciërge, begeleider van een leesgroep, extra hulp bij schoolprojecten of op een andere manier van
school/lesondersteuning.
3.6 Gymnastiek en zwemles


Gymles vindt plaats in een gymzaal, buiten school gelegen. De lessen worden gegeven door
een gediplomeerde docent.
Elke groep, zowel de meisjes als jongens, krijgt gemengd zwemles in het Caribabad in
Gorinchem. Het doel is dat alle leerlingen een zwemdiploma halen.
10
De leerlingen gaan op eigen gelegenheid lopend of per fiets naar de sport- en zwemlessen toe. De
kleedkamers bij het sporten en zwemmen zijn niet afgesloten. Kleine kostbaarheden als mobiele
telefoons, horloges en sieraden kunnen in bewaring worden gegeven bij de sportdocent/docent.
Voor andere materialen zijn leerlingen zelf verantwoordelijk.
3.7 Keuzeproject CREA-vakken
Op de vrijdagmiddag krijgen de leerlingen een mogelijkheid om te kiezen uit diverse activiteiten:
 drama
 tekenen
 muziek
 dans
 textiele werkvormen
 koken
 dammen
 houtbewerking
Deze lessen worden gegeven door de docenten en onderwijsassistenten, met ondersteuning van
vrijwilligers.
11
3.8 Bijzondere activiteiten
Het doel van deze activiteiten is tweeledig.
1. De leerlingen plezier te verschaffen en daardoor een gevoel van geborgenheid en veiligheid te
geven.
2. De leerlingen kennis te laten maken met aspecten van de Nederlandse samenleving die buiten de
dagelijkse schoolzaken vallen.
Op de ISK zitten leerlingen die afkomstig zijn uit allerlei verschillende landen. Op school wordt
daarom veel aandacht besteed aan elkaars culturele achtergrond. Daarnaast willen we de leerlingen
kennis laten maken met cultuur in brede zin. Een aantal malen per jaar worden er culturele
activiteiten georganiseerd. Voorbeelden van deze activiteiten zijn: bioscoopbezoek,
muziekvoorstelling, dansvoorstelling, museumbezoek en themamiddagen. In de lessen zal eveneens
aan culturele aspecten aandacht worden besteed.
3.9 Schoolvakanties 2017
Kerstvakantie
Voorjaarsvakantie
Goede Vrijdag en Pasen
Meivakantie
Hemelvaart
Tweede Pinksterdag
Zomervakantie
26-12 t/m 06-01
27-02 t/m 03-03
14-04 t/m 17-04
24-04 t/m 05-05
25-05 t/m 26-05
05-06
10-07 t/m 18-08
12
4. Zorgstructuur ISK De Toekomst
Onze school ziet leerlingenzorg als een uiterst belangrijk onderdeel van de taak waar ze voor staat,
belangrijk voor het onderwijs zelf, maar ook belangrijk voor het welbevinden en de algehele vorming
van de leerlingen. Die leerlingenzorg wil de school realiseren door middel van een goed werkend
systeem van leerlingbegeleiding. In dit systeem speelt de mentor een centrale rol. In de volgende
paragrafen worden dit en de overige aspecten van deze begeleiding nader uitgewerkt.
De leerlingenzorg op onze school bestaat uit drie niveaus van ondersteuning van eenvoudige
ondersteuning naar meer ondersteuning:
zorgniveau 1
•Het normale klassikaal onderwijs.
•Waar hebben de leerlingen in de groep behoefte
aan?
•Leerlingbespreking en interne leerlingbeleiding
o.l.v. zorgcoördinator.
zorgniveau 2
•Er wordt een extern onderzoek of begeleiding
aangevraagd door zorgcoördinator.
•Gespecialiseerde (externe) medewerkers
(indien nodig).
zorgniveau 3
•Als er meer voor het kind geregeld moet worden.
•Als er zwaardere beperkingen zijn.
•Verwijzing naar bijvoorbeeld het Speciaal
onderwijs.
4.1 Zorgniveau 1



Mentor: de mentor is de spil in de begeleiding. Zijn/haar taak is de leerling individueel en in
klassenverband te begeleiden bij de studie en de vorming. De mentor stelt zich actief op in
het onderhouden van een goede samenwerking met ouder(s)/verzorger(s), team,
coördinator en directie.
Docent: op didactisch gebied zorgt de docent voor voldoende differentiatie in de klas. De
docent schept daarnaast een pedagogisch klimaat waarin veiligheid, geborgenheid en
acceptatie belangrijk zijn. Ook de ouders/verzorgers wordt nadrukkelijk aangeraden eerst
met de mentor/docent contact op te nemen als zij vragen hebben over het wel en wee van
hun kind op school.
Onderwijsassistent: ondersteunt de docent in het bovenstaande.
De organisatie:
 Mentoroverleg tussen de mentor/docent, teamcoördinator en zorgcoördinator. ledere groep
wordt één keer per zes weken besproken op het gebied van vorderingen, sociaal-emotioneel
functioneren, gedrag en inzet. In de uitstroomgroepen wordt daarnaast gesproken over het
uitstroomadvies.
 Teamoverleg inclusief leerlingbespreking: de teamcoördinator, zorgcoördinator en
mentoren/docenten bespreken de inhoudelijke en organisatorische aspecten die van belang
zijn om een klas goed te laten functioneren. Deze bijeenkomsten worden door de mentor
georganiseerd en vinden plaats op afroep.
13



De oudercontacten: bij de intake van de leerling dient zijn of haar wettelijke
vertegenwoordiger, ouder(s), verzorger of voogd aanwezig te zijn. Verder is er binnen drie
maanden na de aanvang contact met de ouders m.b.t. het uitstroomprofiel en het
functioneren van de leerling op school. Daarnaast vindt er aan het eind van het schooljaar
nog een gesprek plaats met ouders.
In het tweede schooljaar is er minimaal twee keer per jaar een overleg met ouders m.b.t. tot
het functioneren en welbevinden van de leerling.
Tussentijds kan er altijd contact worden opgenomen met ouders en docenten mocht dat
nodig zijn.
Hoe wij de leerling systematisch volgen:
 Alle leerlingen worden gevolgd in ons leerlingvolgsysteem (SOMtoday). Hierin worden de
vorderingen op didactisch, cognitief en sociaal-emotioneel gebied geregistreerd en gevolgd.
Daarnaast wordt de absentie en het te laat komen van leerlingen nauwkeurig vastgelegd.
 Leerlingen met extra ondersteuning en leerlingen met een LWOO/PRO-beschikking worden
extra gevolgd door middel van een individueel uitstroomperspectief. Dit is een
werkinstrument voor alle betrokkenen en daarin worden specifieke leerdoelen en
gedragsdoelen per leerling geformuleerd en geëvalueerd.
 Alle leerlingen krijgen twee keer per jaar een rapport met daarop de cijfers per vak en een
rapportage van de gemaakte leerstofonafhankelijke toetsen. In maart ontvangen zij een
gedragsrapport. Leerlingen werken aan vaardigheden als samenwerken, sociale redzaamheid
en ontwikkeling van talenten.
 Leerlingen die langer dan een jaar in Nederland zijn worden bovendien op IQ getest door
middel van een niet-talige intelligentietest (WNVNL).
4.2 Zorgniveau 2
Gespecialiseerde (externe) medewerkers (indien nodig):
 Zorgcoördinatie:
De zorgcoördinator is de centrale persoon in het geheel van de ondersteuningsstructuur.
Deze zorgt ervoor dat afspraken met leerlingen, ouders en docenten met betrekking tot extra
ondersteuning worden nagekomen. Zo kan er via de zorgcoördinator contact worden gelegd
met interne en externe ondersteuners. Ook is de zorgcoördinator de voorzitter van het
intern ondersteuningsteam en van het extern ondersteuningsteam.
14




Logopedie
Wanneer leerlingen logopedische problemen hebben, kunnen zij daarvoor via de huisarts
therapie krijgen bij de logopedist. Logopedie richt zich met name op het verbeteren van de
verstaanbaarheid, de taalvaardigheid en het verminderen van spreekangst. Leerlingen
kunnen, afhankelijk van hun probleem, in aanmerking komen voor individuele lessen,
groepslessen, of een combinatie hiervan.
Schoolmaatschappelijk werk (SMW)
De schoolmaatschappelijk werker behartigt voor de leerlingen de maatschappelijke
belangen. Bijvoorbeeld vragen en problemen op het terrein van studiekosten of thuissituatie.
Hij/zij geeft ondersteuning bij sociaal-emotionele problemen van leerlingen door deel te
nemen aan het intern ondersteuningsteam, het extern ondersteuningsteam en gesprekken
met mentoren/docenten. Bovendien verzorgt de schoolmaatschappelijk werkster de sociale
vaardigheidstraining. SMW is in verband met transitie ondergebracht bij de Gemeente
Waalwijk.
Individuele trajectbegeleiding (ITB)
De doelstelling van de ITB'ers is om de leerling zo goed mogelijk voor te bereiden op de
overstap van de ISK naar een andere vorm van onderwijs/werk. Alle uitstroomgroepen
krijgen les in beroepenoriëntatie. Daarnaast worden leerlingen individueel begeleid.
Vertrouwenspersoon
Bij het samenwerken van mensen kunnen wel eens beslissingen worden genomen en
handelingen worden verricht of juist worden nagelaten die aanleiding zijn voor een klacht.
De vertrouwenspersoon functioneert als aanspreekpunt bij vermoedens van, of klachten met
betrekking tot, grensoverschrijdend gedrag.
Welke ondersteuning kan de locatie aanbieden?
1. Sociale vaardigheidstraining (SOVA): training voor leerlingen die sociaal onhandig, onzeker of
weinig weerbaar zijn.
2. Cultureel en creatief projectprogramma: de leerlingen krijgen wekelijks creatieve lessen
waardoor zij worden uitgedaagd om diverse (sociale) vaardigheden te ontwikkelen, zoals
motorisch vermogen, zelfreflectie, ritmegevoel en samenwerking.
Samenwerking met ketenpartners
De school heeft contact met gemeenten, samenwerkingsverbanden, ACT (Adviescommissie
Toelaatbaarheid), externe zorgaanbieders en scholen in de regio.
De organisatie
Voordat een leerling op school komt:
 Het hele jaar door kunnen leerlingen geplaatst worden. Na de intake wordt de leerling
besproken door de mentoren. Zij besluiten of leerlingen geplaatst kunnen worden en in
welke leerfase.
Als de leerling al op school zit:
 Wanneer bij leerlingbegeleidingsbesprekingen blijkt dat een leerling extra ondersteuning
nodig heeft, zorgt de mentor/zorgcoördinator dat de ondersteuningsvraag terechtkomt bij
de betreffende zorgaanbieder. De aanpak en evaluatie van de ondersteuning worden
vastgelegd in het leerlingvolgsysteem en het individuele uitstroomprofiel. Wanneer de
leerling vastloopt in zijn/haar leerproces door bijvoorbeeld sociaal-emotionele problemen
en/of een zorgelijke thuissituatie, wordt dit besproken in het team. Wanneer de hulp van de
mentor ontoereikend is, wordt de leerling vervolgens besproken in het externe
ondersteuningsteam via de directie.
15

Als een kind medische beperkingen heeft, moet altijd met de school besproken worden of de
school in staat is de nodige medische handelingen te verrichten en/of welke faciliteiten er
nodig zijn.
4.3 Zorgniveau 3
Het zorggesprek vindt plaats op onze locatie en wordt gevoerd door de intaker met de leerling en de
ouder(s)/verzorger(s). Wanneer blijkt dat de leerling zwaardere beperkingen heeft, wordt door de
mentoren besloten of deze leerling plaatsbaar is. Aangezien wij de eerste opvang verzorgen voor
anderstalige leerlingen komen leerlingen meestal binnen zonder indicatie en/of dossier.
Wanneer er wel een indicatie is, zijn de volgende leerlingen bij ons plaatsbaar:
cluster 2: leerlingen die slechthorend zijn;
cluster 3: leerlingen met lichte lichamelijke handicaps;
cluster 4: afhankelijk van de diagnose wordt in de plaatsingscommissie besloten of ons personeel en
onze onderwijsinrichting voldoende toegerust zijn voor de betreffende leerling.
Daarvoor moet worden voldaan aan de volgende voorwaarden:
 de leerling is mobiel en in staat om de algemene dagelijkse zelf te verrichten;
 de mate van verzorging en/of (medische) behandeling kost niet zoveel tijd dat het leerproces
wordt verstoord;
 de leerling moet kunnen omgaan met drukke ruimtes tijdens de pauzes en leswisselingen;
 de leerling moet zich kunnen conformeren aan de gangbare regels en omgangsvormen;
 de leerling mag de rust en de veiligheid binnen de school niet verstoren;
 de leerling kan omgaan met uitgestelde aandacht;
 de leerling verstoort niet het leerproces van medeleerlingen.
De organisatie
Voordat de leerling met een zwaardere beperking op school zit:
indien beschikbaar wordt het onderwijskundig rapport en het leerlingdossier van de voorgaande
school opgevraagd. Deze gegevens dienen, samen met de intakegegevens, als basis voor de
mentorbespreking. Vaak is er geen onderwijskundig rapport en moet eigen onderzoek plaatsvinden.
Als een leerling al op school zit:
de leerlingen met een indicatie die geplaatst worden, krijgen een individueel uitstroomprofiel.
Wanneer tijdens de schoolloopbaan blijkt dat de leerling extra ondersteuning nodig heeft, worden de
stappen gevolgd zoals die staan beschreven bij extra ondersteuningsniveau. Wanneer de hulp van
ACT wordt ingeschakeld volgen zij de volgende werkwijze.
 Bij meer complexe vragen en problemen wordt de leerling vanuit het team aangemeld en
besproken in de ACT. De mentor wordt op de hoogte gebracht van het feit dat de leerling zal
worden besproken. De notulen kan de mentor in het leerlingvolgsysteem teruglezen.
 Tijdens het intakegesprek wordt standaard toestemming aan de ouder(s)/verzorger(s)
gevraagd om hun zoon/dochter bij problemen in het team en ACT te bespreken.
 Namens de school is mogelijk de schoolmaatschappelijk werker of een andere
gekwalificeerde functionaris vertegenwoordigd.
 Externe partners zijn Leerplichtzaken, GGD en gemeente.
 De gemaakte afspraken worden vastgelegd in de notulen en in het leerlingvolgsysteem.
16
Als de leerling niet verder kan:
Wanneer de ernst van de problematiek het ondersteuningsaanbod van de school overstijgt, wordt de
leerling aangemeld bij de ACT. Totdat de ACT een advies (bijvoorbeeld speciaal onderwijs) uitbrengt,
kan de school de volgende maatregelen nemen.
 De leerling blijft het reguliere onderwijsprogramma volgen.
 Een aangepast onderwijsprogramma in tijd en/of aanbod.
 De toegang tot de school ontzeggen (in overleg met Onderwijsinspectie).
Organisatie van uitplaatsing
De ouder(s)/verzorger(s) worden tijdens het hele proces op de hoogte gehouden door de
zorgcoördinator of mentor. De coördinator onderhoudt de contacten met de ACT en leerplichtzaken
om de uitplaatsing te regelen. De directie meldt de uitplaatsing bij de Onderwijsinspectie.
Communicatie met ouders
De ouder(s)/verzorger(s) worden betrokken bij de voortgang en het welbevinden van hun kind. De
mentor nodigt hen drie keer per jaar uit voor een gesprek naar aanleiding van kennismaking en
rapportages. Ook tussentijds zal de mentor contact opnemen met de ouder(s)/verzorger(s) wanneer
er problemen zijn.
Contact bij een leerling met een LWOO/PRO-beschikking
Voor leerlingen met een LWOO/PRO-beschikking worden specifieke leerdoelen per leerling
geformuleerd en geëvalueerd.
Contact bij een leerling met een arrangement:
Leerlingen met een arrangement worden extra gevolgd door middel van een individueel OPP dat
door de mentor wordt gemaakt en ondertekend wordt door de leerling en zijn/haar
ouder(s)/verzorger(s). Het OPP is een werkinstrument voor alle betrokkenen en daarin worden
specifieke leerdoelen per leerling geformuleerd en geëvalueerd.
Melding in het externe OT
Tijdens het intakegesprek wordt standaard toestemming aan de ouder(s)/verzorger(s) gevraagd om
hun zoon/dochter bij problemen in het team te bespreken. Plaatsing op de school van aanmelding is
niet altijd mogelijk. De school streeft ernaar dat alle leerlingen geplaatst kunnen worden op de
school van aanmelding. Echter, niet altijd past de leerling bij de school van aanmelding. De school
zoekt dan samen met de ouders een beter passende school.
Er zijn vijf redenen voor doorverwijzing naar een andere school.
1. De school kan niet voldoen aan de te specifieke ondersteuningsvraag.
2. Een teveel aan kinderen met ondersteuningsvragen kan de ondersteuningskracht van de
school te boven gaan.
3. Het kind voldoet niet aan het niveau van de school.
4. De school heeft niet de fysieke ruimte om zoveel leerlingen op te vangen.
5. De leeftijd van de leerling.
17
5. Afspraken en leefregels
Op de ISK de Toekomst hechten wij er heel veel waarde aan om in een prettige en plezierige sfeer
met elkaar om te gaan. Dit geldt voor leerlingen, docenten, directie en overig personeel. Zowel voor
de veiligheid als voor het welbevinden van leerlingen en alle personeelsleden is het noodzakelijk dat
iedereen zich houdt aan de normale omgangsnormen. Vanuit dat oogpunt zijn onze leefregels
opgesteld. Op deze wijze zijn wij samen verantwoordelijk voor een prettige sfeer op onze school. De
belangrijkste regel die wij op onze school hanteren is: "Iedereen heeft respect voor iedereen". Bij het
schenden van deze regel worden er altijd passende maatregelen genomen.
5.1 Afspraken
1. Stalling van fietsen en bromfietsen
(Brom)fietsen worden direct na aankomst gestald in de daarvoor bestemde ruimte en op slot gezet.
Bij het hek van de fiets/brommer afstappen.
2. Toegang school
Onbevoegden mogen niet op het schoolterrein of in het schoolgebouw komen. Bezoekers melden
zich altijd eerst bij de conciërge.
3. Garderobe
Jassen e.d. mogen niet meegenomen worden in de lokalen.
4. Ziekte
Bij ziekte van een leerling(e) bellen de ouders of verzorgers de eerste dag, liefst vóór 9.00 uur, de
school. Bij doktersbezoek informeren de ouders of verzorgers de school. Wanneer een leerling(e) om
redenen van ziekte naar huis wil, meldt hij/zij zich bij de docent.
5. Verzuim
Wanneer een leerling(e) om een bepaalde reden enkele lessen moet verzuimen, dient hij/zij dit
ruimschoots van tevoren schriftelijk aan te vragen bij de docent. Bij verzoek om verlof voor één dag
of meer is de coördinator degene die daarvoor toestemming moet geven. Dit geldt ook voor
bijzondere feestdagen zoals het Offerfeest, het Suikerfeest, Chinees Nieuwjaar, Afghaans Nieuwjaar
etc. Bij verlof aanvragen voor een periode langer dan 9 dagen moet ook Leerplichtzaken
toestemming geven.
6. Op tijd zijn
Vanzelfsprekend wordt van iedere leerling(e) verwacht dat hij/zij op tijd in elke les aanwezig is. Voor
de beginlessen geldt: zorg ervoor steeds op tijd op school te zijn, dat wil zeggen zo'n 10 minuten voor
het begin van de eerste les. Na de bel moeten de docent en de leerling bij het lokaal aanwezig zijn,
zodat de les op tijd kan beginnen.
7. Te laat komen/absentie
Als een leerling(e) te laat komt, meldt hij/zij zich de onderwijsassistente in de kantine. Het te laat
komen wordt geregistreerd in het absentiesysteem in SOMtoday. Hetzelfde gebeurt met absentie.
Bij geconstateerde ongeoorloofde absentie doet de docent telefonisch of schriftelijk melding aan het
huisadres van de leerling. Bij ongeoorloofde absentie wordt Leerplichtzaken ingeschakeld. Ook als
een leerling vaak te laat komt, wordt Leerplichtzaken ingeschakeld. De leerling die regelmatig te laat
komt of ongeoorloofd absent is, kan rekenen op straf van de docent. Ongeoorloofde absentie kan
uitmonden in een officiële waarschuwing, schorsing of zelfs verwijdering.
Als een leerling regelmatig ziek gemeld wordt, kan de leerling worden doorverwezen naar de
schoolartsen/of de leerplichtambtenaar. Als de leerling of ouder weigert naar de schoolarts te gaan
wordt deze doorverwezen naar de leerplichtambtenaar.
8. Aansprakelijkheid
De school aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor beschadiging of zoekraken van kleding,
brillen, geld, horloges, fietsen, scooters e.d.
18
5.2 Leefregels
1. Gebruik gebouw
Het schoolgebouw willen we graag zo gebruiken dat het er voor allen prettig verblijven is. Daarom
hechten wij veel waarde aan goede afspraken over hoe we met elkaar omgaan, wat wel en niet mag
en waar de verantwoordelijkheid ligt.
2. Klaslokaal
De leerlingen mogen het klaslokaal in nadat de docent daar toestemming voor heeft gegeven. In de
klas zijn geen jassen en petten toegestaan. Bij elk lokaal is een kapstok, waar je je jas kunt ophangen.
Zonder toestemming van de docent mag je niet eten of drinken in een klaslokaal. In de klas is het
gebruik van kauwgom niet toegestaan.
3. Pauzes
Houd de ingang (hal) vrij; dat voorkomt opstoppingen. In de pauze verblijven leerlingen in het
speellokaal of op het schoolplein. Leerlingen gaan bij het horen van de bel na de pauze naar de klas.
Tijdens en na schooltijd mogen leerlingen, met uitzondering van gym, zwemles of een project, het
schoolterrein niet verlaten, tenzij hier uitdrukkelijk door de school toestemming voor is gegeven. We
willen geen overlast voor buurtbewoners veroorzaken en een goede buur voor onze omgeving zijn.
4. Speellokaal
In het speellokaal staan diverse speeltafels opgesteld, zoals een pingpongtafel en een voetbaltafel.
Van belang is dat we hier zorgzaam mee omgaan en dat we rekening met elkaar houden. Maak van
tevoren in het speellokaal goede afspraken wie mag spelen en wanneer.
5. Schade
Schade aan een lokaal, speelattribuut of meubilair moet altijd zo snel mogelijk doorgegeven worden
aan de conciërge. Als opzettelijk schade toegebracht wordt aan ruimtes in het gebouw, meubilair of
andere schooleigendommen, zullen ouders/voogden aansprakelijk gesteld worden.
6. Diefstal
Bij diefstal doen we aangifte bij de politie.
7. Schoolplein
Eten en drinken mag je op het schoolplein en in de centrale hal. Afval moet in de vuilnisbak. In de
pauze mag je een bal lenen om te voetballen. Vraag dit aan de pleinwacht.
8. Roken
In verband met veiligheid, gezondheid en hygiëne mag in het schoolgebouw en op het terrein niet
gerookt worden. Uitzonderingen zijn die leerlingen die een pas hebben gekregen. Hiervoor is de
aangewezen plek bij de boom op het schoolplein en de brandtrap voor docenten.
9. Mobiele telefoon/smartphone
In verband met het verstoren van de lessen en de rust in de school is het gebruik van de mobiele
telefoon binnen de lokalen niet toegestaan, tenzij de docent toestemming geeft tot gebruik. De
telefoon moet anders op 'uit' staan.
10. Toilet
Om de lessen zo min mogelijk te verstoren wordt er tijdens de lessen in principe niet naar het toilet
gegaan.
11. Schoolspullen
Elke leerling(e) zorgt ervoor dat hij/zij voor elke les de spullen bij zich heeft die daarvoor nodig zijn.
Leerlingen mogen alleen in de werkboeken schrijven.
12. Kopieerapparaat en printers
Leerlingen mogen niet zelfstandig, zonder toezicht, kopiëren of printen.
13. Overige regels
Bij gebruik van verbaal en/of fysiek geweld van leerlingen tegen personeelsleden wordt altijd tot
schorsing voor onbepaalde tijd overgegaan. Ook bij het gebruik van alcohol of andere drugs volgt
schorsing dan wel verwijdering. Bij het dealen van drugs volgt altijd onmiddellijke verwijdering van
school. Zie ook verderop in deze schoolgids.
19
5.3 Ontruimingsoefening
Op de ISK wordt jaarlijks een ontruimingsoefening georganiseerd onder leiding van het hoofd
bedrijfshulpverlening.
5.4 Klachtenregeling
Waar mensen samen werken, gaan soms dingen mis. Als ouder kunt u ontevreden zijn over het
rooster en de planning van lestijden, over de wijze waarop uw kind begeleid, beoordeeld of bestraft
wordt, over schoonmaakwerkzaamheden, over communicatie vanuit de school, enzovoort.
Onze school is ook een veilige school waar ouders hun kinderen met een gerust hart aan kunnen
toevertrouwen. Het is vanzelfsprekend dat leerlingen zich veilig en prettig moeten voelen op school.
Ze moeten zich beschermd weten tegen allerlei zaken die hun veiligheid in gevaar brengen. Dat
beperkt zich niet tot pesterijen, maar heeft ook te maken met discriminatie, agressie, geweld en
seksuele intimidatie. Een veilig schoolklimaat voor leerlingen betekent ook dat belangrijke
schoolbeslissingen die het kind betreffen niet alleen zorgvuldig worden voorbereid, maar tevens als
acceptabel en rechtvaardig worden ervaren.
Omdat er sprake is van een open sfeer op onze school, kunnen eventuele problemen of geschillen
direct worden besproken met leerkrachten en de schoolleiding/directie. De meeste klachten over de
dagelijkse gang van zaken in de school zullen in onderling overleg tussen ouders, leerling, personeel
en schoolleiding weggenomen worden. We nodigen u van harte uit bij ontevredenheid, de leerkracht
en de schoolleiding aan te spreken. Er wordt dan alles aan gedaan om met elkaar te komen tot een
oplossing voor het probleem of het geschil. In de meeste gevallen lukt dit.
In het geval dat deze gesprekken niet leiden tot acceptabele oplossingen voor het geschil, bestaat de
mogelijkheid om een andere weg te volgen. We komen dan in situaties waardoor er een klacht
ontstaat, zodat er maatregelen getroffen moeten worden. We komen dan in het klachtentraject.
Traject van de afhandeling van de klacht binnen de school/binnen de stichting (intern)
1. U gaat met uw klacht allereerst naar de leerkracht. Als de klacht wordt opgelost en zowel u als de
leerkracht hebben daar een tevreden gevoel bij, dan is dat alleen maar winst.
2. Als u niet tevreden bent, of u kunt de klacht niet samen oplossen, dan kunt u (evenals de
leerkracht) de klacht voorleggen aan de directeur van de school. De directeur zal doorgaans een
overleg organiseren tussen klager en betrokkene met als doel de klacht af te handelen en te komen
tot een oplossing.
3. Mochten voorgaande stappen ook niet leiden tot een voor partijen aanvaardbare oplossing van de
klacht, dan bestaat de mogelijkheid de klacht voor te leggen aan of in te dienen bij het bevoegd
gezag van de school, de directeur-bestuurder onze Stichting, de heer drs. B.J.J. Kollmer Merwe Donk
10 4207 XB Gorinchem T: 0183 650 440 E: [email protected]
U kunt zich in dit interne traject laten begeleiden door de contactpersoon van de school, Jenneke
Lannoye. De schoolcontactpersoon is het loket en de wegwijzer bij klachten. De
schoolcontactpersoon is geen bemiddelaar.
Tevens bestaat de mogelijkheid om via de schoolcontactpersoon in gesprek te komen met de externe
vertrouwenspersoon, mw. mr. P. Smaal. In dit stadium is het ook mogelijk dat u via het stafbureau
direct in contact komt met de externe vertrouwenspersoon, telefoon 0183 - 650470. Dit gebeurt als
gesprekken met leerkrachten, schoolleiding, directie of bestuur niets hebben opgeleverd. De externe
vertrouwenspersoon is niet verbonden aan de school of aan de stichting en kan geheel
onbevooroordeeld handelen. De vertrouwenspersoon zal met de klager beoordelen of teruggegaan
moet worden naar het normale traject, eventueel met de externe vertrouwenspersoon als
20
bemiddelaar. Men heeft er dan vertrouwen in dat door bemiddeling een oplossing kan worden
bereikt. Lijkt dat geen begaanbare weg, dan bestaat de mogelijkheid om het externe klachtentraject
in te gaan via de Landelijke Klachtencommissie Onderwijs.
Traject van de afhandeling van de klacht via de Landelijke Klachtencommissie Onderwijs (extern)
Als het interne traject niets heeft opgeleverd kan de klager zijn klacht indienen bij de Landelijke
Klachtencommissie Onderwijs (LKC). De externe vertrouwenspersoon begeleidt de klager desgewenst
bij de verdere procedure en verleent desgewenst bijstand. Een klacht dient binnen een jaar na een
voorval, een gedraging of een beslissing te worden ingediend. De LKC onderzoekt de klacht en
beoordeelt (na een hoorzitting) of de klacht gegrond is. De LKC treedt op als adviescollege voor het
bevoegd gezag en brengt ten slotte advies uit aan het bevoegd gezag waarin zij doorgaans
aanbevelingen opneemt. Op die manier wil zij voorkomen dat een dergelijke situatie zich herhaalt en
wil zij bijdragen aan de kwaliteit van het onderwijs.
Het reglement van de LKC vindt u op de website van Stichting OVO (www.stichtingovo.nl) en op de
website van de LKC (www.onderwijsgeschillen.nl). Het reglement ligt ook ter inzage en u kunt het
opvragen bij de schoolcontactpersoon.
Klachtenregeling Stichting OVO Voor de scholen van Stichting OVO is een klachtenregeling
vastgesteld, “Klachtenregeling Stichting OVO”. Deze klachtenregeling vindt u op de website van
Stichting OVO (www.stichtingovo.nl) en ligt ter inzage of kunt u opvragen bij de
schoolcontactpersoon.
5.5 Vertrouwensinspecteur
Bij de Inspectie van het Onderwijs werkt een klein team van vertrouwensinspecteurs. Ouders,
leerlingen, docenten en besturen kunnen de vertrouwensinspecteur benaderen wanneer zich in of
rond de school problemen voordoen op het gebied van seksuele intimidatie en seksueel misbruik,
lichamelijk geweld, grove pesterijen, extremisme en radicalisering. Ernstige klachten die vallen
binnen deze categorieën kunnen worden voorgelegd aan de vertrouwensinspecteur. Deze zal
adviseren en informeren. Zo nodig kan de vertrouwensinspecteur ook begeleiden in het traject naar
het indienen van een formele klacht of het doen van aangifte.
De vertrouwensinspecteur is tijdens kantooruren bereikbaar op: 0900 - 111 3 111 (lokaal tarief).
21
6. Schorsing en verwijdering
6.1 Algemeen
Verschillende maatregelen:
Er gelden regels ten aanzien van de gang van zaken binnen de school. Deze regels zijn vastgelegd.
Maar er zijn ook regels af te leiden uit algemene waarden en normen. Tegen handelingen of
gedragingen van leerlingen in strijd met deze regels, kunnen maatregelen worden getroffen. Dat
kunnen de volgende maatregelen zijn:






een waarschuwing;
een taakstraf;
het ontzeggen van de toegang tot (een gedeelte van) de onderwijsactiviteit of tot bepaalde
activiteiten gedurende bepaalde tijd;
gemiste onderwijstijd inhalen;
(interne of externe) schorsing, aantal dagen door schoolleiding te bepalen;
inzetten verwijderingsprocedure (door middel van voornemen tot verwijdering en besluit tot
verwijdering).
De te nemen maatregel is afhankelijk van de omstandigheden. Hierbij wordt gekeken naar de aard
van het feit en de zwaarte van de maatregel. Deze afweging wordt altijd bekendgemaakt aan de
desbetreffende leerling en zijn ouders/verzorgers.
Aangifte bij politie
Indien noodzakelijk wordt de politie ingelicht, of wordt er aangifte gedaan. Als er sprake is van
geweld, wordt de politie altijd ingelicht. Als een leerling de toegang tot de school wordt ontzegd,
moet dit eveneens bij de politie worden gemeld.
Zorgvuldigheid, documentatie en dossiervorming
Als er maatregelen getroffen worden, is er altijd sprake van dwang. Hierbij is zorgvuldig handelen
noodzakelijk, zowel vanuit maatschappelijk als juridisch oogpunt. De Toekomst neemt daarom
zorgvuldigheid rondom communicatie met betrokkenen in acht en draagt zorg voor accurate
documentatie en dossiervorming.
Specifieke regels
Schorsing en het voornemen tot verwijdering zijn zware maatregelen, die veel impact kunnen
hebben; voor het nemen van deze maatregelen gelden daarom specifieke regels.
6.2 Schorsing / Bevoegdheid
De bevoegdheid om een leerling te kunnen schorsen ligt wettelijk gezien bij het bevoegd gezag,
stichting OVO, afhankelijk van waar de leerling formeel is geregistreerd. Deze bevoegdheid is
gedelegeerd aan de coördinator.
Algemeen:
 De coördinator kan een leerling met opgave van reden voor een periode schorsen.
 Schorsing is een maatregel die wordt toegepast wanneer de omstandigheden zodanig ernstig
zijn dat het tijdelijk verwijderen uit de onderwijsomgeving noodzakelijk is, of nadat is
gebleken dat andere maatregelen niet het beoogde effect sorteren. Zie de voorbeelden zoals
hieronder genoemd.
22


Onder schorsing wordt verstaan dat het een leerling niet is toegestaan (delen van) het
reguliere onderwijsprogramma te volgen.
Er bestaan twee vormen van schorsing, interne en externe schorsing. Bij interne schorsing
bevindt de leerling zich binnen het schoolgebouw, bij externe schorsing bevindt de leerling
zich buiten het schoolgebouw, de leerling mag zich dan niet in de school, op het schoolplein
of in de directe omgeving van de school begeven.
De coördinator neemt maatregelen waardoor de voortgang van het leerproces van de geschorste
leerling zo goed als mogelijk gecontinueerd kan worden.
Na de schorsingsperiode moet de leerling weer tot het onderwijs worden toegelaten.
De leerling kan pas weer worden geschorst als deze zich opnieuw niet aan de regels heeft gehouden.
6.3 Omstandigheden die kunnen leiden tot schorsing
Een schorsingsbesluit kan worden genomen in geval van
 herhaalde les-/ordeverstoring;
 wangedrag tegenover medewerkers en medeleerlingen (al dan niet via sociale media), zoals:
- ernstige beledigingen;
- seksuele intimidatie;
- racisme;
- vernieling van eigendommen;
- bedreiging;
- geweldpleging;
 diefstal, beroving, afpersing;
 gebruiken (of onder invloed zijn) van alcohol of drugs tijdens schoolactiviteiten;
 dealen in drugs of gestolen goederen;
 in het bezit hebben van wapens;
 in het bezit hebben van vuurwerk;
 overige niet genoemde handelingen die in het maatschappelijk verkeer niet worden
geaccepteerd.
Ook buiten schooltijd, dus niet afhankelijk van het lesrooster van de individuele leerling, kan het
gedrag van leerlingen aanleiding geven tot het treffen van disciplinaire/corrigerende
schoolmaatregelen. Dit geldt ook voor gedragingen (aangaande medeleerlingen) op het internet.
6.4 Schorsingsprocedure
1. Het besluit tot schorsing wordt genomen door de coördinator. Indien mogelijk neemt de
coördinator dit besluit nadat betrokkenen zijn gehoord.
2. Het schorsingsbesluit wordt door de coördinator zo spoedig mogelijk aan de leerling en de
ouders/verzorgers bekendgemaakt. Het besluit wordt ook schriftelijk bevestigd.
3. Het besluit vermeldt:
 de reden van schorsing;
 de periode waarvoor geschorst wordt;
 welke opdrachten de leerling moet uitvoeren;
 dat leerling en ouders/verzorgers uitgenodigd worden voor een gesprek;
 informatie over de bezwaarprocedure;
 de naam en handtekening van de coördinator.
4. Als dit aan de orde is, wordt in het besluit vermeld dat een voornemen tot verwijdering overwogen
wordt (bijvoorbeeld na herhaalde schorsing of een zeer ernstig incident).
23
5. Een kopie van de schorsingsbrief wordt bewaard in het leerlingendossier en wordt in afschrift
gezonden aan:
 de directeur en het College van Bestuur van stichting OVO, afhankelijk van waar de leerling
formeel geregistreerd staat;
 de leerplichtambtenaar (bij schorsing langer dan 1 dag).
6. De onderwijsinspectie wordt over een schorsing langer dan 1 dag geïnformeerd via het digitale
meldingsformulier. Een melding van een schorsing kan aanleiding zijn voor de inspectie om meer
informatie bij de teamleider in te winnen.
7. De betrokken leerling wordt weer toegelaten nadat een gesprek met de leerling en/of
ouders/verzorgers op bevredigende wijze heeft plaatsgevonden.
Het doel van het gesprek is om de ouders/verzorgers en/of leerling te horen en afspraken te maken
op basis waarvan weer begonnen kan worden met deelname aan de reguliere onderwijsactiviteiten.
Uitgangspunt is dat de coördinator vertrouwen moet hebben in hervatting van deelname aan de
reguliere onderwijsactiviteiten. Van het gesprek wordt een verslag gemaakt. Wanneer het gesprek
niet binnen de termijn gerealiseerd kan worden, heeft dit geen invloed op de schorsingsperiode.
Bezwaar
In afwijking van de algemene klachtenregeling kan bij een schorsingsbesluit op de volgende manier
bezwaar worden gemaakt:
 de ouders/verzorgers hebben de mogelijkheid binnen vijf werkdagen na ontvangst van het
besluit van de coördinator tegen de schorsing schriftelijk bezwaar te maken;
 de coördinator beslist binnen vijf werkdagen na ontvangst van het bezwaarschrift;
 indiening van een bezwaarschrift heeft in principe geen opschortende werking. De leerling
kan dus gedurende de behandeling van het bezwaarschrift de toegang tot het onderwijs
ontzegd blijven worden voor de maximale schorsingsperiode.
6.5 Voornemen tot verwijdering
Bevoegdheid:
De bevoegdheid om te besluiten tot het voornemen tot verwijdering ligt wettelijk gezien bij ‘het
bevoegd gezag’, stichting OVO. Omdat het hier om een zware maatregel gaat, overlegt de
coördinator altijd vooraf met het bestuur voordat het voornemen tot verwijdering wordt genomen.
Omstandigheden die kunnen leiden tot het voornemen tot verwijdering
Een voornemen tot verwijdering kan worden geformuleerd in het geval van:
1. Herhaalde schorsing;
2. Zeer ernstig of herhaaldelijk wangedrag;
3. De leerling door zijn wangedrag een ernstige bedreiging vormt voor de orde, rust en veiligheid op
school of het gevoel van veiligheid op school heeft aangetast.
Procedure
1. Als de coördinator van mening is dat de situatie zodanig is dat een voornemen tot verwijdering
onvermijdelijk is, bespreekt hij dit met het College van Bestuur.
2. Als de coördinator op grond van het bovenstaande besluit tot het voornemen tot verwijdering,
wordt dit door de directeur schriftelijk aan de leerling en de ouders/verzorgers kenbaar gemaakt.
24
3. Het voorgenomen besluit vermeldt:
- de reden van het voornemen tot verwijdering;
- datum van ingang van de voorgenomen verwijdering;
- dat er feitelijk sprake is van schorsing gedurende de procedure van verwijdering;
- een vermelding van de doormelding van het voornemen tot verwijdering naar de diverse instanties;
- naam en handtekening van de coördinator.
Een kopie van het voorgenomen besluit wordt bewaard in het leerlingendossier en een afschrift
wordt gezonden aan: het College van Bestuur; de leerplichtambtenaar; de onderwijsinspectie.
4. Bij een voornemen tot verwijdering volgt altijd overleg met de onderwijsinspectie. Het voornemen
tot verwijdering kan pas na overleg met de inspecteur uitgevoerd worden. De inspecteur toetst
vervolgens procedureel.
5. ISK De Toekomst verplicht zich zich in te spannen om zo snel mogelijk te komen tot plaatsing
elders.
6. Als plaatsing elders niet lukt, wordt in overleg met de leerplichtambtenaar een vervolgtraject
bepaald.
6.6 Definitieve verwijdering
In het voortgezet onderwijs wordt het besluit tot definitieve verwijdering verzonden wanneer het
bevoegd gezag een andere school bereid heeft gevonden de leerling toe te laten. Tot die tijd heeft de
school het recht de leerling niet toe te laten tot de school dan wel tot de reguliere
onderwijsactiviteiten. Wel heeft de school hierbij de plicht een alternatief onderwijsprogramma aan
te bieden.
Bezwaar
De leerling en ouders/verzorgers kunnen, in afwijking van de algemene klachtenregeling van de
Toekomst, tegen een verwijderingsbesluit op de volgende manier bezwaar maken:



de ouders/verzorgers hebben de mogelijkheid binnen 6 weken na ontvangst van het besluit
van de directeur tegen de verwijdering schriftelijk bezwaar te maken bij stichting OVO;
het College van Bestuur beslist binnen vier weken na ontvangst van het bezwaarschrift, maar
niet eerder dan nadat de leerling en ouders/verzorgers in de gelegenheid zijn gesteld, te
worden gehoord en zij kennis hebben kunnen nemen van de op die besluiten betrekking
hebbende adviezen of rapporten;
indiening van een bezwaarschrift heeft geen opschortende werking. De leerling kan dus
gedurende de behandeling van het bezwaarschrift de toegang tot de school ontzegd blijven
worden.
25
7. Financiële regelingen
7.1 Schoolkosten
De ISK stelt op school gratis een aantal leermiddelen aan de leerlingen ter beschikking. Dit
lesmateriaal wordt weer ingeleverd als de leerling naar een andere vorm van onderwijs gaat. Bij
verlies of ernstige schade wordt de volledige prijs bij de leerling en zijn/haar ouders/voogd in
rekening gebracht. Het betreft:
 laptops
 leerboeken
 werkboeken
 eigen lesmateriaal van de school
 bijbehorende cd’s en/of dvd’s
 licentiekosten voor digitaal lesmateriaal
Ondersteunende leermaterialen vallen niet onder gratis lesmateriaal en worden door de leerlingen
zelf aangeschaft. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om:
 agenda’s
 rekenmachine
 sportkleding
 zwemkleding
ledere leerling is verantwoordelijk voor zijn eigen boeken en werkmateriaal. De leerlingen dienen
beschadigingen tegen te gaan.
7.2 Vrijwillige ouderbijdrage
ISK De Toekomst brengt voor het schooljaar 2016-2017 een vrijwillige bijdrage in rekening van € 68,per kind.
7.3 Verzekeringen
De school heeft een collectieve ongevallenverzekering voor alle leerlingen afgesloten, waarbij de
risico’s tijdens de schooluren bij evenementen die door de school zijn georganiseerd, zoals
werkweken, voorstellingen, zwemmen, etc., zijn gedekt. De dekking geldt gedurende de
schoolactiviteiten, alsmede gedurende één uur hiervoor of hierna, of zoveel langer als het
rechtstreeks komen naar en het gaan van genoemde schoolactiviteiten vergt.
Het bestuur en het personeel van de school zijn verzekerd tegen wettelijke aansprakelijkheid. Dit
betekent niet dat men elke schade die de leerling heeft opgelopen op de school kan verhalen; de
W.A.-verzekering betaalt alleen uit als de school (bestuur-personeel) wettelijk aansprakelijk is; de
school moet duidelijk fouten hebben gemaakt. De meeste voorkomende schade is die aan brillen
tijdens de gymnastieklessen. Het is uitgesloten dat deze schade kan worden verhaald op de school,
tenzij er duidelijk sprake is van aanwijsbare schuld bij de docenten en/of de school. Brillen, horloges
e.d. kunnen eventueel bij de docent in bewaring worden gegeven, waarbij op voorhand geen
aansprakelijkheid aanvaard wordt in geval van schade of vermissing!
De ongevallenverzekering betreft alleen de persoon van de leerling, niet de kleren/spullen (bijv.
telefoon, pasjes etc.) Het betreft bij deze verzekering louter letselschade en geen materiële
vergoedingen ingeval van schade. De dekking geldt ook voor de vrijwilligers. Een formulier voor het
melden van schade i.v.m. een ongeval is bij de administratie van de school verkrijgbaar.
26
8. Contactgegevens
Schoollocatie:
ISK De Toekomst
Stalkaarsen 3
4205 PG Gorinchem
Telefoon: 06 12870285
8.1 Team
Locatiemanagement ISK De Toekomst:
Coördinator: Ruud van Rijn
E-mail: [email protected]
Telefoon: 06-10052469
Zorgcoördinatoren:
Jenneke Lannoy
Willy Koolwijk
Leerlingbegeleiding
Judith Moret
Mentoren/docenten:
Josephine den Boef
Nathalie van der Bom
Gilda den Breejen
Inge Hoogeslag
Jeroen van der Jagt
Janneke Kierkels
Marion Kramer
Paulien Passe
Karin Schreuder
Jorgos Tentzerakis
Onderwijsassistenten:
Puck van Rensen
Brahim el Moussati
Elis Qazi
Magda Bereket
27
8.2 Adressen en telefoonnummers
Administratie
De leerlingadministratie in ondergebracht bij stichting OVO. Er is een convenant getekend door de
VO- besturen komend vanuit Gorinchem.
Stichting OVO heeft zich aangesloten bij:
Landelijke Klachtencommissie onderwijs (LKC)
Postbus 85191
3508 AD Utrecht.
Telefoon: 030 – 2809590
E-mail: [email protected].
Website: www.onderwijsgeschillen.nl
Samenwerkingsverband VO Pasvorm, Passend Onderwijs Gorinchem e.o.:
Postadres:
Postbus 456
4200 AL Gorinchem
Bezoekadres:
Herman de Ruyterstraat 30
4206 ZM Gorinchem
Inspectie van het onderwijs:
Vertrouwensinspecteur is tijdens kantooruren bereikbaar op:
0900 - 111 3 111 (lokaal tarief)
Leerplichtambtenaar:
Marloes Sheek
[email protected]
078-7708506
28
Download