Questions Requiring Response Required Documentation I.A: When

advertisement
Questions Requiring Response
I.A:
1.
2.
3.
4.
5.
I.B:
When was this task force initiated?
How often does it meet?
How are ideas and input from patients/residents incorporated into the work plans of this task force?
Do members of the medical staff participate on this task force? If no, describe efforts to expand medical
staff representation on this task force.
How are committee members prepared and oriented to the role they will play?
Required Documentation
A.
Copies of minutes from the task force’s
last three meetings.
B. A current task force membership list,
which includes each member’s name,
title, and department/role. Identify
which staff are non-supervisory and
which are supervisory, and which
members are patients/residents/family
members.
1. Wanneer is deze regiegroep ingesteld?
2. Hoe vaak komt zij bijeen?
3. Op welke wijze worden ideeën en input van cliënten gebruikt bij de plannen van deze
regiegroep?
4. Zitten er ook behandelaars c.q. medisch specialisten in deze regiegroep? Zo niet, beschrijf
dan de pogingen die jullie ondernemen om de behandelaars c.q. medisch specialisten erin
op te nemen.
5. Hoe worden de leden van de regiegroep voorbereid op de rol die zij gaan spelen?
A. Kopieën van de verslagen van de
laatste 3 bijeenkomsten
B. De huidige deelnemerslijst van de
regiegroep: naam, titel, functie en
afdeling/taak van elke deelnemer.
Geef ook aan of een persoon een
leidinggevende functie heeft en
welke van de leden cliënten of
naasten zijn.
6.
7.
C.
8.
What is the coordinator’s name and job title?
Approximately how many hours per week does this person spend on person-centered tasks and
responsibilities?
Summarize the person-centered activities coordinated by the contact person within the last twelve months.
Coordinator’s job description
6. Wat is de naam en formele functie van de coördinator?
C. Functiebeschrijving van de
7. Geef aan hoeveel uur per week deze persoon besteedt aan taken en verantwoordelijkheden
coördinator.
m.b.t. mensgerichte zorg.
8. Geef een overzicht van de mensgerichte activiteiten die in de afgelopen 12 maanden door
de coördinator zijn gecoördineerd.
I.C:
9.
How is information on person-centered care efforts shared with your governing body (e.g. highest authority
that has governance responsibility) on an ongoing basis?
10. How do you communicate information about person-centered care with patients/residents and their family
members?
11. As changes occur in the organization (e.g., board, senior leaders, coordinator), what are your plans for
D. A copy of your person-centered care
dashboard, or other reporting
mechanism regularly updated to
monitor implementation progress and
related outcomes
maintaining and transferring knowledge about your person-centered philosophy of care?
12. What clinical, operational and financial metrics do you monitor to gauge progress in person-centered care
implementation? With whom do you share this information? With the leadership team? With employees?
With the governing body? With the patient/resident advisory council or equivalent? Others?
13. How have you aligned person-centered care initiatives with your organization’s current strategic and/or
operational plan?
E.
9. Hoe wordt informatie over de inspanningen op het gebied van mensgerichte zorg
stelselmatig gedeeld met de bestuurder (het hoogste bestuurlijke orgaan)?
10. Hoe communiceert u over mensgerichte zorg met cliënten en hun naasten?
11. Als er iets verandert in uw organisatie (bijvoorbeeld samenstelling bestuur, hoger
management, coördinator) hoe zorgt u er dan voor dat de kennis over de mensgerichte
zorgfilosofie wordt behouden en overgedragen?
12. Welke klinische (zorg), operationele en financiële gegevens neemt u in ogenschouw om de
voortgang van de implementatie van mensgerichte zorg te meten? Met wie deelt u die
informatie? Met het MT? Met de medewerkers? Met de bestuurder? Met de cliëntenraad of
equivalent? Met anderen?
13. Hoe zorgt u ervoor dat de mensgerichte zorginitiatieven en de huidige strategische en
operationele plannen van de organisatie op elkaar zijn afgestemd?
D. Een kopie van het dashboard of
alternatief waarop u de
ontwikkelingen bijhoudt en de
voortgang en resultaten zichtbaar
maakt
E. Een kopie van het huidige
strategische en/of operationele
plan van de organisatie (dan wel
een samenvatting van de
uitvoering ervan)
I.D: 14. Do you have a patient/resident or community advisory council in place?

If yes, when was it established? How often does it meet? How are the participants recruited and
selected? Who serves as the consistent link between the council and the governing body (i.e.
regularly participates in meetings of both groups)? Is this person a staff or external community
member? Provide at least 2 specific examples of ways the council’s input helped to drive ongoing
improvement efforts.
 If no, what other formalized mechanism is in place to obtain regular input from patients/residents
and community members? Provide at least 2 specific examples of ways the input obtained through
this system has helped to drive ongoing improvement efforts.
15. What linkages exist between the patient/resident/community advisory council (or equivalent) and the
multi-disciplinary task force that oversees implementation of person-centered care?
16. Do current and/or former patients/residents currently serve as active members on teams in place to
address specific patient-/resident-centered initiatives? If yes, summarize patients’/residents’ involvement
on these teams. If no, describe efforts to expand patient/resident representation on these teams.
14. Heeft u een goed werkende cliëntenraad en/of lokale adviesraden?

Zo ja, wanneer is/zijn deze opgericht? Hoe vaak komt hij/komen zij bijeen? Hoe worden
leden geworven en geselecteerd? Wie is de vaste contactpersoon tussen deze raad/raden
en het bestuur (bijvoorbeeld degene die in beide colleges aan vergaderingen deelneemt)?
A copy of your organization’s current
strategic and/or operational plan (or
the executive summary)
F. Agendas and minutes from the last
two meetings of the
patient/resident/ community
advisory council (or equivalent).
F. Agenda’s en notulen van de twee
laatste bijeenkomsten van de
cliëntenraad (of equivalent).
Is deze persoon een medewerker of iemand van buiten? Geef ten minste twee specifieke
voorbeelden van wijzen waarop de input van de raad heeft geholpen om voortdurende
verbeteringen door te voeren.

Zo niet, welke andere systematische methodes zijn er om regelmatig input van cliënten en
mensen uit de zorggemeenschap te verkrijgen? Geef ten minste twee specifieke
voorbeelden van wijzen waarop deze input geholpen heeft om voortdurende verbeteringen
door te voeren.
15. Welke verbinding bestaat er tussen de cliëntenraad (of equivalent) en de
multidisciplinaire regiegroep die toeziet op de implementatie van cliëntgerichte zorg?
16. Zitten huidige of voormalige cliënten als actieve leden in teams die zich bezighouden met
specifieke mensgerichte initiatieven? Zo ja, geef een korte beschrijving van de
betrokkenheid van de cliënten in deze teams. Zo niet, beschrijf dan de wijze waarop u
probeert om de vertegenwoordiging van cliënten binnen deze teams te vergroten.
I.E:
17. How are leaders new to the organization ingrained in its culture of person-centered care?
18. How are leaders within the organization held accountable for exhibiting behaviors that reflect the values of
person-centered culture change, specifically their effectiveness in communicating a vision, inspiring others,
promoting positive morale and engaging others in organizational culture change?
19. What opportunities, formal and/or informal, exist for leaders to interact with frontline staff, including staff
working at night and on weekends?
20. What opportunities, formal and/or informal, exist for leaders to interact with patients/residents and
families?
G.
A list of any supervisory or leadership
training conducted over the past two
years.
17. Hoe worden nieuwe leiders in de organisatie ingeburgerd in haar mensgerichte
zorgcultuur?
18. Hoe worden de leiders in de organisatie verantwoordelijk gehouden voor hun
voorbeeldgedrag m.b.t. mensgerichte zorg; met name hun doeltreffendheid in het
communiceren van de visie, het inspireren van anderen, het bevorderen van een positieve
moraal en het betrekken van anderen bij de verandering van de organisatiecultuur?
19. Welke mogelijkheden, formeel en/of informeel, bestaan er voor leiders tot interactie met
medewerkers, inclusief personeel dat in de avond- en nachtdienst zit?
20. Welke mogelijkheden, formeel en/of informeel, bestaan er voor leiders tot interactie met
cliënten en naasten?
G. Een lijst van trainingen die de
afgelopen twee jaar op het gebied
van leiderschap zijn gehouden.
Questions Requiring Response
II.A:
1.
Describe your staff retreat process (length, agenda, location, facilitators, frequency, and participation rates), and if you do
not hold 8-hour retreats, describe how you engage employees and educate them about person-centered care perspectives,
sensitize them to the patient/resident experience and support changes in attitude and culture that move the organization
toward a more holistic approach to care.
2. What percentage of staff has completed retreats or the equivalent to-date? (If it is 85% or less, please describe your plan
to provide retreats for the remaining staff.)
3. Are you continuing to offer staff retreats to all new employees?
4. Are volunteers invited to participate in retreats or an alternative program specific to person-centered care?
5. Do non-employed members of your medical staff participate in staff retreats or other person-centered initiatives?
1. Beschrijf het proces voor trainingsbijeenkomsten (of equivalent). Noem in ieder geval duur, agenda,
locatie, naam en functie van de trainers, frequentie en deelnamepercentage.
Als u geen 8 uur durende trainingsbijeenkomsten (of equivalent) aanbiedt, beschrijf dan hoe
medewerkers worden betrokken en opgeleid om mensgerichte zorg zich eigen te maken (belang van
de cliëntervaring; attitude- en gedragsveranderingen en de cultuur die de organisatie doet bewegen
naar een meer holistische benadering van zorg).
2. Welk percentage van de medewerkers heeft tot op heden aan trainingsbijeenkomsten (of equivalent)
deelgenomen? (Als het percentage medewerkers minder dan 85% bedraagt, beschrijf dan hoe de
organisatie van plan is trainingsbijeenkomsten (of equivalent) voor de rest van de medewerkers te
organiseren).
Required Documentation
6. Retreat agenda/curriculum
H. Agenda en programma van
trainingsbijeenkomsten.
3. Biedt u deze bijeenkomsten aan alle nieuwe medewerkers aan, ook in de toekomst?
4. Nemen vrijwilligers deel aan trainingsbijeenkomsten of alternatieven voor mensgerichte zorg?
5. Nemen behandelaars/artsen die niet in dienst zijn van uw organisatie deel aan dergelijke
bijeenkomsten of andere mensgerichte initiatieven?
Zo niet, hoe zorgt u dat ook zij op de hoogte zijn van en kunnen werken volgens uw visie en aanpak op
gebied van mensgerichte zorg?
II.B:
7.
8.
9.
10.
11.
12.
13.
14.
Beyond retreats, describe educational opportunities offered to employees to routinely reinforce person-centered care
concepts, practices and behaviors.
Do you offer second-level or ongoing staff retreats? If yes, please describe.
Please describe any additional educational opportunities offered to your employees that reinforce person-centered
concepts, practices, and behaviors and build competence among staff to address the evolving needs of the community.
What teams are currently in place to address person-centered initiatives and what is the function of each?
How is frontline, non-supervisory staff supported in participating in these teams?
How are ideas and input from patients/residents incorporated into the work plans for these teams?
Do members of the medical staff participate as active members on these teams? If yes, summarize their involvement on
these teams. If no, describe efforts to expand medical staff representation on these teams.
How is the work of these teams communicated organization-wide?
15. A list of each of your initiative
teams, along with member names
and job titles and/or role (e.g.
patient/resident, family member).
Please indicate how long each team
has been active and how often they
meet.
6. Beschrijf welke permanente scholingsmogelijkheden er -naast de trainingsbijeenkomsten onder II.Azijn voor medewerkers om de mensgerichte zorgconcepten, praktijken en gedragingen te verdiepen.
7. Biedt u second-level of vervolgtrainingen aan? Zo ja, geef hier een beschrijving van.
8. Beschrijf elke aanvullende trainings- of scholingsmogelijkheid die u aan de medewerkers aanbiedt om
mensgerichte concepten, praktijken en gedragingen te verbeteren en hun competenties te vergroten
om aan te kunnen sluiten op de veranderende behoeften van de zorggemeenschap.
9. Welke teams zijn op dit moment actief bezig met mensgerichte initiatieven en wat is de functie van
I. Een lijst van elk
initiatiefteam met de namen
van leden, functies of rol
(bijvoorbeeld cliënt of
naaste). Geef aan sinds
wanneer elk team actief is
en hoe vaak ze bijeenkomen.
elk team?
10. Hoe worden niet-leidinggevende medewerkers met cliëntencontacten betrokken bij deze teams?
11. Hoe worden ideeën en input van cliënten in de werkplannen van deze teams meegenomen?
12. Nemen behandelaars (ook die niet in dienst zijn van de organisatie) actief deel aan deze teams? Zo ja,
II.C:
geef dan een korte beschrijving van hun betrokkenheid bij deze teams. Zo niet, beschrijf dan hoe
getracht wordt deelname van behandelaars in deze teams te vergroten.
13. Hoe wordt het werk van deze teams organisatiebreed gecommuniceerd?
16. How are new employees oriented to the organization’s culture of person-centered care upon hire and how are they
sensitized to the perspective of patients/residents as part of their orientation to the organization?
17. How are members of the medical staff oriented to the organization’s culture of person-centered care?
18. Continuing Care Applicant Question: How are residents and family members involved in the new employee orientation
program?
19. A copy of your new employee and
new volunteer orientation
agenda(s), indicating where and
how person-centered concepts,
initiatives and expectations are
shared with staff and volunteers
20. Continuing Care Applicant
Requirement: A copy of your new
resident/family orientation
agenda, indicating where and how
resident-centered concepts,
initiatives and expectations are
shared with new residents and
their families
14. Hoe worden nieuwe medewerkers bij hun indiensttreding in staat gesteld zich te oriënteren op de
mensgerichte zorgcultuur van de organisatie en hoe wordt het belang van het cliëntenperspectief in
het inwerkprogramma meegenomen?
15. Hoe worden behandelaars in staat gesteld zich te oriënteren op de mensgerichte zorgcultuur van de
organisatie?
16. Voor langdurige zorg: Hoe worden bewoners en hun naasten betrokken bij het inwerkprogramma van
nieuwe medewerkers?
II.D:
J. Een kopie van het
inwerkprogramma c.q.
agenda voor nieuwe
medewerkers en nieuwe
vrijwilligers, waaruit blijkt
waar en hoe mensgerichte
concepten, initiatieven en
verwachtingen worden
gedeeld met medewerkers en
vrijwilligers
K. Langdurige zorg:
Een kopie van het
programma c.q. agenda voor
de oriëntatie van nieuwe
bewoners/naasten, waaruit
blijkt waar en hoe
bewonersgerichte concepten,
initiatieven en verwachtingen
worden gedeeld met nieuwe
bewoners en hun naasten
21. Describe your care delivery or work design model.
22. How does this approach ensure that staff who works most closely with patients/residents is given a voice in how care is
delivered?
23. Provide at least one specific example of how staff has personalized the care experience for one patient/resident.
None.
17. Beschrijf de wijze waarop u de zorg levert c.q. uw werkplannen
In de meeste situaties is er na een intake een zorgovereenkomst, waarin over en weer rechten en plichten
vastgelegd worden. Deze wordt vertaald naar een zorgplan en een wijze waarop de uitwisseling van
informatie (noodzakelijk om de overeenkomst uit te voeren) plaatsvindt.
18. Hoe verzekert deze aanpak dat medewerkers die het meest nauw met de cliënten werken, zeggenschap
hebben in hoe de zorg wordt verleend?
19. Geef ten minste één specifiek voorbeeld van hoe medewerkers de zorgervaring voor een cliënt een
persoonlijke noot hebben gegeven.
geen
II.E:
II.F:
II.G:
24. Describe the support services available to staff.
25. How did you ensure that staff priorities informed the development of these support services?
26. Describe the spaces available for staff to decompress between patients/cases.
None.
20 Beschrijf de secundaire en tertiaire arbeidsvoorwaarden voor medewerkers.
Zaken als maaltijden, kinderopvang, kortingspasjes, persoonlijke faciliteiten.
21 Hoe heeft u ervoor gezorgd dat deze voorwaarden (mede) gebaseerd zijn op de prioriteiten van
medewerkers?
22 Beschrijf hoe gezorgd wordt voor voldoende tijd en ruimte (zowel letterlijk als figuurlijk) voor
medewerkers om tussen de contactmomenten te ontspannen of even afstand te nemen.
Geen
23 Provide examples of how the organization’s commitment to person-centered care is reflected in job descriptions and
performance evaluation tools and processes.
24 Describe processes in place for holding members of the medical staff accountable for behaviors consistent with the
organization’s culture of person-centered care.
None.
27. Geef voorbeelden van hoe de organisatie haar commitment voor mensgerichte zorg zichtbaar maakt in
functiebeschrijvingen en in evaluaties van hun prestaties op dit gebied.
28. Beschrijf hoe u behandelaars aanspreekt op hun verantwoordelijkheid om zich conform de
mensgerichte cultuur van de organisatie te gedragen.
geen
25 Describe how staff is recognized and rewarded.
26 What opportunities are there for patients/residents and family members to recognize staff?
27 In continuing care settings, describe how residents and family members are recognized for their contributions to the
continuing care community.
None.
29. Beschrijf hoe medewerkers worden gewaardeerd en beloond.
30. Welke mogelijkheden zijn er voor cliënten en hun naasten om medewerkers te waarderen?
31. Langdurige zorg: Beschrijf hoe cliënten en naasten worden gewaardeerd voor hun bijdrage aan de
zorggemeenschap.
Geen
II.H:
II.I:
28 Describe the approaches employed by the organization to keep all staff informed of organizational priorities.
29 What mechanisms are in place for staff, patients/residents and family members to voice their ideas and suggestions for
improvement?
30 Describe the processes in place to provide support to staff affected by an adverse event.
31 Describe the organization’s approach for disclosing unanticipated outcomes to patients/residents (and family members as
appropriate).
32 Is this approach to disclosure formalized in a policy?
33 How is staff educated about this approach to disclosure?
34 Describe processes in place for encouraging patients/residents and families to communicate with staff about concerns
related to their safety and/or care.
35 How are these processes for communicating concerns communicated to patients/residents and family members?
32. If available, a copy of the
organization’s disclosure policy.
33. Beschrijf uw aanpak om alle medewerkers op de hoogte te houden van organisatorische prioriteiten.
34. Welke manieren zijn er voor medewerkers, vrijwilligers, cliënten en naasten om hun ideeën en
suggesties voor verbetering kenbaar te maken?
35. Beschrijf hoe de organisatie de medewerkers ondersteunt bij tegenvallers.
36. Beschrijf hoe de organisatie onvoorziene zaken aan cliënten (en, indien van toepassing, hun naasten)
overbrengt.
37. Is deze aanpak geformaliseerd in een (gedrags)richtlijn?
38. Hoe worden medewerkers opgeleid om onvoorziene zaken over te dragen?
39. Beschrijf welk proces wordt gehanteerd om cliënten en naasten aan te moedigen om met medewerkers
te communiceren over hun zorgen inzake veiligheid en/of zorg.
40. Hoe wordt dit proces (aanmoedigen om zorgen te uiten) gecommuniceerd met cliënten en naasten?
L. Indien beschikbaar, een kopie
van het beleid inzake het
ontsluiten van informatie.
36 Describe changes that have been made to administrative processes (including billing, as applicable) to better meet the
needs of patients/residents and families.
37 How were these changes informed by the perspectives of patients/residents and family members?
None.
36. Beschrijf de wijzigingen die zijn aangebracht in de administratieve procedures (inclusief facturering,
voor zover van toepassing) teneinde beter te kunnen voldoen aan de behoeften van cliënten en
naasten.
37. Op welke wijze is het perspectief van cliënten en naasten hierbij gebruikt?
Geen.
II.J:
II.K:
II.L:.
38 Provide at least two specific examples of how the organization’s focus on safety is balanced with being supportive of
patient/resident empowerment, independence and dignity.
39 What processes are in place for staff to provide education to patients/residents on the implications of choices that may
pose a safety or health risk?
None.
38. Geef ten minste twee voorbeelden van hoe een evenwicht wordt gevonden tussen de aandacht voor
veiligheid binnen de organisatie en ondersteuning van cliëntbehoeften op het gebied van
zelfbeschikking, onafhankelijkheid en waardigheid.
39. Welke processen zijn er voor medewerkers om cliënten voor te lichten over de gevolgen van de keuzes
die een risico kunnen vormen voor hun veiligheid of gezondheid?
Geen
40 Describe mechanisms integrated into hand-off processes that facilitate caregivers’ having the information they need to
enhance continuity of care shift-to-shift, setting-to-setting, and episode-to-episode.
41 Describe opportunities for patient/resident and family involvement in shift-to-shift communications. (Examples include
conducting change of shift report at the bedside and reviewing a patient’s/resident’s bio as part of the hand-off process.)
42 Describe how your organization works with other healthcare providers in your area to enhance continuity of care during
transitions of care.
None.
40. Beschrijf de overdrachtsprocessen die zorgverleners in staat stellen om te beschikken over informatie
om de continuïteit van zorg bij dienstwisseling, locatiewisseling en in de tijd te borgen.
41. Beschrijf de mogelijkheden voor cliënten en naasten om deel te nemen aan zo’n overdracht
(Voorbeelden hiervan zijn: overdracht aan bed; gezamenlijk doornemen van de cliëntenstatus, het
zorgplan of equivalent).
42. Beschrijf hoe uw organisatie met andere zorgverleners samenwerkt om de continuïteit van zorg bij
zorgoverdrachten te verbeteren.
Geen
43 What changes have been introduced to the organization’s approach to care planning and care plan documentation to more
actively engage patients/residents and family in the care planning process?
None.
43. Welke veranderingen zijn doorgevoerd bij de planning van de zorg en de vastlegging daarvan om
cliënten en hun naasten hier meer bij te betrekken?
Geen.
II.M: 44 Describe how the professional development and advancement of staff is supported.
44. Beschrijf hoe de professionele ontwikkeling en groei van medewerkers wordt ondersteund.
None.
Geen
II.N.
45 Describe any retreat or community-building experiences for residents that assist with internalizing resident-centered care
concepts and enhance residents’ sensitivity to the needs of the entire community. How often are such retreats (or an
equivalent) held?
46 How are residents and family members involved in the new employee hiring and orientation?
47 Describe opportunities for celebrating residents’ life milestones and personal achievements. How often do such
celebrations occur? How are they personalized?
48 Describe any programs, rituals or ceremonies that have been established to promote a sense of inclusion and
connectedness with the community. Indicate how often each is held.
49 Describe the move-in process for new residents, with specific emphasis on ways the process is managed to maximize
connections within the community.
M. Agenda/curriculum for resident
retreats (or an equivalent).
45. Beschrijf de bijeenkomsten (training, familiebijeenkomst e.d.) die u organiseert voor cliënten en die
helpen om cliëntgerichte zorgconcepten te internaliseren en het gemeenschapsgevoel te vergroten.
Hoe vaak worden zulke bijeenkomsten gehouden?
46. Hoe worden cliënten en hun naasten betrokken bij de aanstelling en het inwerken van nieuwe
medewerkers?
47. Beschrijf de mogelijkheden voor het vieren van mijlpalen en persoonlijke prestaties van cliënten. Hoe
vaak vinden zulke festiviteiten plaats? Hoe wordt er een persoonlijk karakter aan gegeven?
48. Beschrijf eventuele programma’s, rituelen en/of ceremonies die zijn ingesteld om een gevoel van
betrokkenheid en verbondenheid met de leefgemeenschap te bevorderen en eenzaamheid tegen te
gaan. Geef aan hoe vaak elk programma, elk ritueel of elke ceremonie wordt gehouden.
49. Beschrijf hoe de introductie van nieuwe bewoners is geregeld, met daarbij in het bijzonder aandacht
voor het proces dat wordt gehanteerd om hun verbinding met de leefgemeenschap te maximaliseren.
M. Agenda/curriculum voor deze
bijeenkomsten (of een
equivalent).
Questions Requiring Response
III.A:
1.
2.
3.
Describe the different ways (mechanisms and processes) that a patient’s/resident’s up-to-date personal health information (including
information on the diagnosis and plan of care) may be shared with him or her.
Describe the process for sharing the active medical record and plan of care (or an equivalent) with patients/residents while they are
being treated.
How are patients/residents informed that they may see their active medical record or plan of care (or an equivalent) while they are
Required Documentation
N.
A copy of the organization’s policy
related to sharing timely clinical
information with patients/residents
Questions Requiring Response
4.
5.
6.
7.
8.
Required Documentation
being treated?
How is staff educated about the organization’s policy related to sharing clinical information with patients/residents?
Are there any laws or regulations in your country that limit patients/residents from seeing their current medical records while they
are being treated? If yes, provide a comprehensive overview of the law or regulations and the specific restrictions that limit
patient/resident access to their current personal health information. How has the organization maximized patient/resident access to
their timely personal health information within the constraints of this law?
Besides the medical record and care plan (or an equivalent), describe other health information and educational resources available to
patients/residents, families and/or staff.
What efforts have been made to ensure that these health information and educational resources meet users’ needs, including varying
literacy levels and diverse languages and cultures?
Describe the processes for providing patients/residents instructions to prepare them for their next level of care. What processes are
in place for assessing their comprehension of these instructions?
1. Beschrijf de verschillende manieren (methodes en processen) waarmee bijgewerkte persoonlijke
N. Een kopie van het beleid om
informatie van een cliënt over zijn of haar gezondheid met hem of haar wordt gedeeld (inclusief
tijdig klinische en zorg
informatie over de diagnose en het zorgplan (of equivalent)).
informatie te delen met
2. Beschrijf de processen waarmee het medisch dossier en/of zorgplan (of equivalent) met cliënten wordt
cliënten
gedeeld tijdens hun behandel-/ verblijfperiode.
3. Hoe worden cliënten ervan op de hoogte gesteld dat zij inzage mogen hebben in hun dossier of zorgplan
(of equivalent) tijdens hun behandel-/ verblijfperiode?
4. Hoe worden medewerkers bekendgemaakt met het beleid van de organisatie betreffende het delen
van klinische informatie met cliënten?
5. Zijn er wetten of regelingen in uw land die cliënten belemmeren inzage te hebben in hun huidige
medisch dossier, zorgplan of equivalent terwijl zij onder behandeling of in zorg zijn?
Zo ja, geef dan een uitvoerig overzicht van de wet- of regelgeving en de specifieke beperkingen die de
cliënt belemmert toegang te hebben tot zijn of haar huidige persoonlijke gezondheidsinformatie. Hoe
heeft de organisatie ervoor gezorgd dat de cliënt binnen de beperkingen van de wet zoveel mogelijk
toegang heeft tot zijn of haar persoonlijke gezondheidsinformatie?
6. Beschrijf welke andere informatie en kennisbronnen betreffende gezondheid voor cliënten, hun
naasten en/of medewerkers er zijn naast het medisch dossier en/of het zorgplan (of equivalent).
7. Hoe wordt ervoor gezorgd dat deze informatie betreffende gezondheid en deze leerzame bronnen aan
de behoeften van de gebruikers tegemoetkomen, rekening houdend met bijvoorbeeld uiteenlopende
cognitieve vaardigheden, laaggeletterdheid, en verschillende talen en culturen?
8. Beschrijf de processen waarmee cliënten geholpen worden zich voor te bereiden op hun volgende
N.
Questions Requiring Response
zorgniveau (overplaatsing, opname, thuis(zorg)). Welke procedures zijn er om vast te stellen in
hoeverre deze instructies ook begrepen worden?
IIIB:
III.C:
Required Documentation
9.
What tools are provided to patients/residents and families to support them in managing their medical information and coordinating
their medical care among multiple physicians?
10. What other processes are in place to support patients/residents and families in managing their medical information and coordinating
their medical care among multiple physicians?
11. How does the organization support families’ participation in preparing the patient/resident for their next level of care?
None.
9. Welke middelen krijgen cliënten en naasten om hen te helpen bij het beheer van medische en/of
zorginformatie en de coördinatie van hun medische en/of verpleegkundige zorg onder verschillende
zorgverleners?
10. Welke andere processen (naast middelen) zijn er om cliënten en naasten te ondersteunen bij het
managen van medische en/of verpleegkundige informatie en de coördinatie van hun medische en/of
verpleegkundige zorg onder verschillende zorgverleners?
Hoe kunnen cliënten dit overzien en (met hulp) de regie zo veel mogelijk zelf behouden?
11. Hoe ondersteunt de organisatie de deelname van naasten bij het voorbereiden van de cliënt op het
volgende zorgniveau?
12. Describe the process for providing patients/residents with discharge/ transition instructions.
13. What processes are in place for assessing patients’/residents’ comprehension of these instructions? (E.g. Teach Back, Ask Me 3, etc.)
14. How does the organization support families’ participation in the discharge/transition process?
Geen
O.
P.
Op welke manier(en) worden cliënten voorzien van de juiste ontslag-/overdrachtsinformatie?
Op welke manier(en) wordt vastgesteld of cliënten deze instructies begrepen hebben? (Voorbeeld:
feedback, laten herhalen e.d.)
14. Hoe helpt de organisatie de naasten om te participeren bij dit ontslag-/overdrachtsproces?
12.
13.
Samples of documents integrated into
care processes to support the
discharge/transition process.
Acute Care Applicant Requirement:
Please provide your hospital-wide 30day readmission rate for the last 12
months
O. Voorbeelden van documenten
die tijdens het zorgproces
worden gebruikt om het
ontslag-/transitieproces te
ondersteunen.
P. Acute zorg: het relatieve
aandeel heropnames binnen
30 dagen na ontslag van de
laatste 12 maanden.
Questions Requiring Response
IV.A:
1.
How long has 24-hour person-directed family presence been in place at your organization?
Required Documentation
Q.
A copy of the visitation/family
2.
3.
4.
5.
IV.B:
.
IV.C:.
How is this policy communicated to patients/residents and families?
Other than the exceptions noted in the criterion, are there any areas/units and/or occasions (for example, change of shift) in which
person-directed family presence is not in place? If yes, describe.
What education and support is provided to staff to support them in managing person-directed family presence?
Describe the protocols for informing family about any restrictions to their presence and/or involvement in their loved one’s care.
presence policy.
1. Sinds wanneer kunnen cliënten al gedurende 24 uur door hen gewenst bezoek ontvangen in uw
organisatie?
2. Hoe wordt dit beleid aan cliënten en naasten gecommuniceerd?
3.
Zijn er behalve de uitzonderingen die in het criterium worden genoemd andere plekken/afdelingen
en/of gelegenheden (bijvoorbeeld wisseling van dienst) waarbij cliëntgestuurde bezoektijden niet
plaatsvinden? Zo ja, geef hier dan een beschrijving van.
4. Welke training en ondersteuning krijgen medewerkers om hen te helpen bij het regelen van cliënt
gestuurde bezoektijden?
5. Geef een beschrijving van de protocollen die u heeft om naasten te informeren over beperkingen van hun
bezoekmogelijkheden en/of hun betrokkenheid bij de zorg voor hun dierbare.
Q. De bezoek- en participatie
regeling
6.
Describe the organization’s approach to family involvement in patient/resident care. Provide specific examples of ways family is
encouraged to participate in the emotional, spiritual and physical care and support of the patient/resident.
7. How is this approach to family involvement actively promoted to patients/residents and family members?
8. Is this approach formalized in a policy?
9. Besides lifting restrictions on visiting hours, describe other ways the organization actively supports the presence of family.
10. Describe the availability of kitchens, pantries, and lounges for families and visitors.
R.
6. Beschrijf de aanpak van de organisatie ten aanzien van naastenparticipatie bij de zorg voor de cliënt.
Geef specifieke voorbeelden van manieren waarop naasten wordt aangemoedigd deel te nemen aan de
emotionele, geestelijke en fysieke zorg voor de cliënt.
7. Hoe wordt deze aanpak ten aanzien van naastenparticipatie actief bevorderd bij cliënten en naasten?
8. Is deze aanpak formeel vastgelegd in een beleidslijn?
9. Zijn er naast het wegnemen van beperkingen m.b.t. bezoektijden nog andere manieren waarop de
organisatie de aanwezigheid van naasten stimuleert?
10. Geef een beschrijving van de beschikbare keukens, pantry’s en zitruimtes voor naasten en bezoekers.
R. Indien beschikbaar: een
kopie van het beleid inzake
naastenparticipatie
11. Describe processes in place for encouraging patients/residents and families to communicate with staff about concerns related to their
safety and/or care.
12. How are these processes for communicating concerns communicated to patients/residents and family members?
None.
11. Op welke manier(en) moedigt de organisatie cliënten en naasten aan om hun zorgen over veiligheid en
Geen.
A copy of the family involvement
policy, if available.
de geboden zorg met medewerkers te communiceren?
12. Hoe worden deze processen met de cliënten en naasten gecommuniceerd?
Questions Requiring Response
V.A:
1.
2.
3.
4.
Provide examples of ways that the organization’s approach to meals and dining has become less institutionalized and more personalized.
Describe ways that you are able to accommodate patients’/residents’ personal preferences and routines as it relates to their meals.
Address, at a minimum, meal choices and meal times.
What efforts have been made to ensure that patients/residents, visitors and staff have access to healthy, nourishing foods 24-hours a day?
Be sure to address the food available to staff who work overnight and on weekends.
Describe the mechanisms in place that allow for personalization of the dining experience for patients/residents with dietary restrictions.
How are patients’/residents’ cultural norms around food and mealtimes accommodated?
5.
1. Geef voorbeelden van manieren die de organisatie toepast om maaltijden en de maaltijdbeleving minder
institutioneel en meer persoonlijk te maken.
2. Beschrijf de manieren waarop u tegemoet kunt komen aan de voorkeuren en dagelijkse gewoonten van
cliënten met betrekking tot hun maaltijden; geef hierbij minimaal de keuzeopties en etenstijden aan.
3. Wat heeft de organisatie gedaan om zich ervan te verzekeren dat cliënten, bezoekers en medewerkers 24
uur per dag toegang hebben tot gezond en voedzaam eten? Vermeld hierbij ook de beschikbaarheid van
voedsel voor medewerkers met nacht- en weekenddiensten.
4. Beschrijf uw aanpak om de maaltijdbeleving van cliënten met dieetbeperking persoonlijk te maken.
5. Hoe komt u tegemoet aan culturele diversiteit van cliënten met betrekking tot hun voeding en
maaltijden?
V.B:
6.
Required Documentation
None.
Geen
Describe ways that patients/residents participate in meal planning, on an individual basis (for example, selecting their meal and meal
time) and at an organizational level (for example, patient/resident input into menu development).
In continuing care and behavioral health settings, describe the dining environment. How does the dining environment support
independence and socialization during meal times?
None.
6. Beschrijf de wijze waarop cliënten betrokken worden bij de planning van hun maaltijden; enerzijds op
individuele basis (bijvoorbeeld keuzeopties m.b.t. samenstelling en tijden van de maaltijd) en anderzijds
op organisatieniveau (bijvoorbeeld de input van cliënten gebruiken om menu’s te ontwikkelen)
7. Bij langdurige zorg en psychiatrie: beschrijf de omgeving waar de maaltijden genuttigd kunnen worden.
Hoe draagt die omgeving bij aan zowel de zelfstandigheid als de socialisatie tijdens de maaltijden?
Geen
7.
Questions Requiring Response
VI.A:
1.
2.
3.
4.
VI.B:
VI.C:
How have the evidence-based principles of healing health care design been integrated into the design of your space? Provide
specific examples.
What processes or resources do you use when planning a design or renovation project to ensure that healing health care
design principles are applied?
During your most recent design or renovation project, how did you involve users of the space (patients/residents, staff) in the
design process?
Have you conducted a post-occupancy assessment as part of your evidence-based design process? If yes, please
share any results.
Required Documentation
None.
1. Hoe zijn de bewezen (evidence based) principes van de helende omgeving in het ontwerp van
uw ruimte verwerkt? Geef specifieke voorbeelden.
2. Welke processen of middelen gebruikt u wanneer u een nieuwbouw- of renovatieproject plant
om zeker te stellen dat de principes van de helende omgeving toegepast worden?
3. Hoe hebt u tijdens uw meest recente bouwontwerp of renovatie de gebruikers van die ruimte
(cliënten, medewerkers) hierbij betrokken?
4. Hebt u een gebruikersevaluatie gedaan als onderdeel van het evidence-based ontwerpproces?
Zo ja, dan graag een overzicht van de resultaten.
Geen.
5.
During your most recent design or renovation project, how did you involve users of the space (patients/residents, staff) in
the design process?
None.
5.
Hoe heeft u de gebruikers van de ruimte (cliënten, medewerkers) tijdens uw meest recente
nieuwbouw of renovatieproject bij het ontwerpproces betrokken?
Geen
6.
Describe opportunities for patients/residents to make choices or maintain control over their physical environment. Address
at a minimum:
o Lighting
o Access to daylight
o Sounds
o Temperature
o Privacy
What efforts have been made to maintain a pleasant smelling environment?
Describe the organization’s approach to overhead paging.
For continuing care settings, describe opportunities for residents to personalize their living environment.
None.
7.
8.
9.
VI.D:
Questions Requiring Response
6. Beschrijf hoe cliënten keuzes kunnen maken of controle hebben over hun omgeving. Noem in
ieder geval:
 Verlichting
 Toegang tot daglicht
 Geluiden
 Temperatuur
 Privacy
7. Wat wordt eraan gedaan om de omgeving aangenaam te laten ruiken?
8. Beschrijf de aanpak van de organisatie ten aanzien van boodschappen via intercom/semafoon.
9. Langdurige zorg: beschrijf hoe cliënten een persoonlijke noot aan hun omgeving kunnen geven
of hun persoonlijke voorkeuren kunnen verwerken in hun omgeving.
Required Documentation
Geen
10. Provide specific examples of how symbolic and real barriers have been removed from patient/resident care settings.
11. Describe the characteristics of your nurses’ stations that promote open communication and human interactions.
12. Describe your quiet, healing spaces, gardens, staff respite areas, family lounges, unit-based kitchens/pantries, and/or
libraries.
13. How is the availability of these spaces communicated to patients/residents and families?
14. If applicable, how is the organization integrating new technologies to support a person-centered culture? Examples include
technology that promotes effective communication, partnership with caregivers, continuity of care, family involvement and
quality of life.
None.
10. Geef specifieke voorbeelden van hoe symbolische en werkelijke barrières voor de
cliënt uit de zorgomgeving zijn verwijderd.
11. Beschrijf de kenmerken van de werkplekken van de verpleegkundigen die open
communicatie en menselijke interactie bevorderen.
12. Beschrijf uw stilteruimte(s), tuinen, ontspanningsruimtes voor medewerkers,
familiekamers, keukens op de afdeling en/of bibliotheken.
13. Hoe wordt de beschikbaarheid van deze ruimtes aan cliënten en naasten
gecommuniceerd?
14. Voor zover van toepassing, hoe integreert de organisatie nieuwe en menswaardige
technologieën om een mensgerichte cultuur te ondersteunen? Voorbeelden hiervan
zijn o.a. technologie die doeltreffende communicatie bevordert, contacten met
Geen
Questions Requiring Response
Required Documentation
zorgverleners, continuïteit van zorg, naastenparticipatie, en de kwaliteit van het leven.
VI.E:
15. Do patients/residents and visitors become lost easily in your building or on your campus? If yes, how do you address this?
16. Describe ways that patients/residents have been involved in the development and/or evaluation of your navigation plan.
None.
Geen
15. Kunnen cliënten en bezoekers de weg in uw gebouw en/of terrein snel en gemakkelijk vinden? Hoe helpt u
hen hierbij?
16. Beschrijf manieren waarop cliënten betrokken zijn in de ontwikkeling en/of evaluatie van uw
navigatieplan (bewegwijzering; routing).
VI.F
VI.G:
17. Describe accommodations to promote barrier-free and convenient access to and within your building.
18. Describe the availability of parking, including valet parking and/or shuttle services, if available.
None.
17. Beschrijf welke stappen u heeft ondernomen om te bevorderen dat de toegang tot uw gebouw
vrij van obstakels en gemakkelijk/prettig is.
18. Beschrijf de aanwezigheid van parkeerplaatsen, inclusief valet parking en/of shuttlediensten,
voor zover aanwezig.
Geen.
19. Describe environmental features that facilitate private conversations. Examples include arrangement of chairs in waiting
areas, availability of private consultation rooms, bedside registration in Emergency Departments, and design of registration
areas that promote privacy.
20. Describe any cultural norms around privacy that have influenced patient/resident care in your organization.
21. Describe environmental features that provide for patient/resident dignity and modesty. Address, at a minimum, common
areas, patient/resident rooms and bathrooms.
None.
19. Beschrijf de omgevingskenmerken die privégesprekken mogelijk maken. Voorbeelden daarvan
zijn o.a. opstelling van stoelen in wachtkamers, lounges, of restaurant, de beschikbaarheid van
spreekkamers, registratie aan het bed en open/gesloten balies
20. Beschrijf mogelijke culturele normen rond privacy die de cliëntenzorg in uw organisatie
hebben beïnvloed.
21. Beschrijf omgevingskenmerken die de cliënt waardigheid en waarde helpen behouden. Noem
in ieder geval gemeenschappelijke ruimtes, cliëntenkamers, toiletten en badkamers.
Geen.
Questions Requiring Response
VI.H:
22. During your most recent construction and/or renovation project(s), were any sustainable or “green” approaches adopted? If
yes, describe.
23. Describe any environmentally-friendly practices that have been incorporated into facility maintenance and upkeep.
Examples may include use of green cleaning products, equipment and lighting choices that decrease mercury, copper, etc.
content and specification of products or materials free of contaminant ingredients like formaldehyde or polyvinyl chloride.
24. Is the organization LEED or Energy Star certified?
25. Are there active recycling and waste reduction programs in place?
Required Documentation
None.
22. Is er tijdens (een) recent(e) bouw- en/of renovatieproject(en), gekozen voor duurzame of “groene” Geen
oplossingen? Zo ja, geef daar dan een beschrijving van.
23. Beschrijf alle milieuvriendelijke praktijken die worden toegepast bij het onderhoud van de
instelling. Voorbeelden daarvan zijn: ecologische reinigingsproducten, materialen en
verlichting die het gebruik van kwik, koper enz. verminderen, producten of materialen die vrij
zijn van verontreinigende stoffen zoals formaldehyde of pvc.
24. Heeft de organisatie een “groen” label?
25. Zijn er actieve programma’s om recycling te bevorderen en verspilling tegen te gaan?
VI.I:
VI.J:
26. Describe healing spaces in your building(s) or on your campus that provide patients/residents/staff with access to nature.
None.
26. Beschrijf de plekken en/of ruimtes in uw gebouw(en) en/of op uw terrein waar cliënten en
medewerkers toegang tot de natuur krijgen.
Geen.
27. What type of lighting is provided in the corridors? Overhead fluorescent? Indirect?
28. Does staff have task lighting at their work areas to perform their duties appropriately? Are there low-level lights in
patient/resident rooms for staff to check on them at night?
29. Can patients/residents control the lighting in their room for reading, visiting with family, etc.?
30. Can the corridor lights be dimmed or controlled for lower levels during quiet time and at night?
None.
27. Wat voor soort verlichting is er in de gangen? TL-plafondlampen? Indirect?
28. Hebben medewerkers aangepaste verlichting op hun werkplek om hun taken naar behoren uit
te kunnen voeren? Is er gedempt licht in de cliëntenkamers voor als medewerkers ‘s nachts
binnenkomen?
29. Kunnen cliënten de verlichting in hun eigen kamer zelf regelen om te kunnen lezen, voor
bezoek, etc.?
30. Kan de verlichting in de gangen ‘s nachts en als het stiller is worden gedimd of geregeld, zodat
overlast geminimaliseerd wordt?
Geen.
Questions Requiring Response
VI.K:
VI.L
None.
31. Beschrijf uw protocollen voor het verminderen van beperkende maatregelen, interventies
onder dwang en het ondersteunen van helende interventies die de kwaliteit van het leven
bevorderen.
Geen.
32. Describe design features in common spaces that satisfy patients’/residents’ needs for both privacy and social interaction.
None.
32. Beschrijf de kenmerken in de algemene ruimtes die zowel aan de cliëntbehoefte aan privacy
voldoen als aan sociale interactie.
Geen.
Questions Requiring Response
VII.A:
Required Documentation
31. Describe your protocols for reducing coercive intervention and supporting healing interventions that promote quality of life.
1.
2.
3.
4.
5.
6.
7.
Describe ways that this concept of sustaining a meaningful life for patients/residents that is consistent with their physical
and mental state and length of stay has been brought to life within your organization.
Describe ways in which the organization supports patients’/ residents’ personal, intellectual and professional growth.
Describe the arts and entertainment programming in place for patients/residents and visitors. Include how long each has
been in active practice.
Describe how the organization has investigated patients’/ residents’ interests related to arts and entertainment
programming and how those perspectives have guided the development of the activities or arts and entertainment
program.
Describe how staff is engaged in carrying out the menu of arts and entertainment programming.
Describe opportunities for family involvement in the activities offered.
For continuing care settings, describe opportunities for intergenerational interaction.
For continuing care settings, describe the transportation options available to residents.
.
8.
1. Beschrijf de manier(en) waarop de organisatie cliënten helpt een duurzaam en betekenisvol
leven te laten behouden dat aansluit op hun fysieke en mentale toestand en de verblijfsduur.
2. Beschrijf de manier(en) waarop u de persoonlijke, mentale en de
deskundigheidsontwikkeling van cliënten ondersteunt.
3. Beschrijf het kunst-, entertainment- en ontspanningsaanbod voor cliënten en bezoekers.
Noem ook hoe lang elke activiteit of faciliteit al wordt aangeboden.
4. Beschrijf hoe de organisatie de interesses van cliënten op het gebied van kunst en
ontspanning heeft onderzocht en hoe de daaruit verworven inzichten zijn gebruikt bij de
ontwikkeling van het kunst-, entertainment- en ontspanningsaanbod.
5. Beschrijf hoe medewerkers betrokken zijn bij de uitvoering van het kunst- en
ontspanningsaanbod.
6. Beschrijf de mogelijkheden voor naastenparticipatie bij de geboden activiteiten.
Required Documentation
None.
Geen.
Questions Requiring Response
7. Langdurige zorg: beschrijf de mogelijkheid voor interactie tussen verschillende generaties.
8. Langdurige zorg: beschrijf welke mogelijkheden er beschikbaar zijn voor cliëntenvervoer.
Questions Requiring Response
1.
2.
3.
4.
VIII.
A:.
5.
Describe how the spiritual needs of patients/residents, family and staff are ascertained and addressed in your organization.
Describe the sacred spaces on-site for patient/resident, family and staff use.
Describe how you have investigated and documented the special needs of your diverse community members, including staff.
What resources and/or training opportunities are available to support staff in understanding and accommodating
patients’/residents’ and families’ different cultural norms and traditions related to health and healing?
Provide examples of specific accommodations that have been made to integrate patients’/residents’ cultural beliefs/norms
into their care and treatment.
1. Beschrijf hoe de geestelijke behoeften van cliënten, naasten en medewerkers worden
geïnventariseerd en behartigd in uw organisatie.
2. Beschrijf de spirituele ruimtes die in de instelling beschikbaar zijn voor cliënten, naasten en
medewerkers.
3. Beschrijf hoe u de speciale behoeften van de diverse leden van de leef-/zorggemeenschap,
inclusief de betrokken medewerkers, heeft onderzocht en vastgelegd.
4. Welke middelen en/of trainingsmogelijkheden zijn er om medewerkers te ondersteunen bij
het begrijpen en plaatsen van de verschillende culturele normen en tradities op het gebied van
gezondheid, herstel en genezing, maar ook rondom levenseinde van cliënten en naasten?
5. Geef voorbeelden van manieren hoe de culturele normen en tradities van cliënten in hun zorg
en behandeling zijn opgenomen.
Questions Requiring Response
IX.A:
1.
Describe how complementary/integrative therapies have been integrated into the way care is provided within your
organization. Describe the healing modalities available to patients/residents and include how long each has been in active
practice.
2. Describe how you have determined the needs and interests of your patients/residents who wish to have access to
complementary/integrative healing modalities. Include how this is done at an organizational level as well as at an individual
level.
1. Beschrijf hoe aanvullende/integratieve therapieën en zorg zijn geïntegreerd in de manier
waarop zorg binnen uw organisatie wordt verstrekt. Beschrijf welk aanbod de cliënten ter
Required Documentation
Required Documentation
None.
Geen
Required Documentation
None.
Geen.
Questions Requiring Response
Required Documentation
beschikking staat en vermeld hoe lang elke therapie of zorgvorm al actief wordt toegepast.
2. Beschrijf hoe u de behoeften en interesses van uw cliënten inzake hun wens om
aanvullende/integratieve zorgsoorten tot hun beschikking te hebben, hebt vastgesteld. Geef
hierbij ook aan hoe u dit op zowel individueel als op organisatieniveau geregeld hebt.
Integratief is het evenwicht tussen lichaam en geest in de aanpak.
IX.B:
3.
4.
5.
6.
7.
3.
4.
5.
6.
7.
IX.C
8.
9.
IX.D.
Describe the organization’s approach to supporting patients/residents in chronic disease management.
Describe patients’/residents’ access to wellness and health management opportunities and services.
When appropriate, how does the organization facilitate and encourage physical activity within and around its building(s) and
campus?
Describe how caregivers assess patient/resident/family member abilities to self-manage their care needs.
Continuing Care Applicant Question: Describe residents’ access to wellness and health management opportunities and services.
Beschrijf de wijze waarop de organisatie cliënten steunt bij het managen van hun chronische
ziekte(s) en/of aandoening(en).
Beschrijf in hoeverre en op welke wijze u cliënten de mogelijkheid biedt om tijdens hun
behandeling gebruik te maken van diensten op het gebied van gezondheid en welzijn.
Hoe stimuleert en faciliteert de organisatie lichamelijke beweging binnen en buiten de leef/zorgomgeving, mits in overeenstemming met de fysieke mogelijkheden van de cliënt?
Beschrijf hoe zorgverleners vaststellen in hoeverre cliënten en/of hun naasten in staat zijn om
hun zorgbehoeften zelf te managen?
Langdurige zorg: geef een overzicht van de mogelijkheden en diensten die bewoners krijgen om
tijdens hun verblijf toegang te krijgen tot wellness en gezondheidsmanagement.
How is caring touch provided to patients/residents, family and staff? (Examples of caring touch include massage, healing touch,
therapeutic touch and Reiki.)
Describe any additional efforts undertaken to promote gentleness in the daily care provided to patients/residents.
None.
Geen
None.
8. Hoe wordt zorgzame aanraking in de praktijk gebracht bij cliënten, naasten en medewerkers?
Voorbeelden van liefdevolle aanraking zijn massage, healing touch, therapeutic touch en Reiki.
9. Beschrijf overige inspanningen die u levert om de dagelijkse zorg voor de cliënten zo
aangenaam mogelijk te maken (bijvoorbeeld contact met huisdieren).
Geen
10. What practices around death and dying are in place to support holistic and dignified end-of-life care? Include practices to
support the patient/resident at end-of-life, as well as practices and rituals that support both families and staff (and in
continuing care settings, other residents) through grief and loss.
None.
10. Welke processen rond dood en sterven zijn er om holistische en waardige zorg aan het eind van
het leven te bieden? Noem processen om de cliënt aan het eind van zijn of haar leven te steunen
en ook praktijken en rituelen die zowel naasten als medewerkers (en bij langdurige zorg ook
Geen
Questions Requiring Response
andere cliënten) ondersteunen bij de omgang met rouw, verdriet en verlies.
Required Documentation
Questions Requiring Response
X.A:
X.B:
1.
Required Documentation
None.
Provide specific examples of how the organization is contributing to the health of its external community.
Describe how you have assessed, determined, and are meeting the public health needs and interests of your community.
2.
1. Geef specifieke voorbeelden van hoe de organisatie bijdraagt aan de gezondheid van haar
externe leefomgeving.
2. Beschrijf hoe u hebt onderzocht en vastgesteld wat de algemene gezondheidsbehoeften en
interesses zijn van uw zorg- en leefgemeenschap en in welke mate u daaraan voldoet.
3.
Geen
Describe how your organization works with other healthcare providers in your service area to enhance person-centered
approaches to care across the continuum of care.
None.
3. Beschrijf hoe uw organisatie samenwerkt met andere zorgaanbieders binnen uw werkgebied om
de mensgerichte zorgbenadering in de hele zorgketen te verbeteren.
Geen
X.C
4.
None.
XI.A:
1.
Describe the move-in process for new residents, with specific emphasis on innovations to emphasize relationship-building.
4. Beschrijf het inhuizings- c.q. opnameproces voor nieuwe bewoners, met specifieke nadruk op
innovatieve vormen om relaties op te bouwen.
Questions Requiring Response
2.
3.
4.
Indicate the instrument used to measure each of the following, and how often the data for each is
collected:
o Quality of Care
o Patient/Resident Safety
o Patient/Resident Experience
o Staff Experience
Provide examples of how quality of care data and patient/resident safety data has been used to
enhance quality and safety practices within the organization.
Provide examples of how patient/resident experience survey data has been used to improve the
patient/resident experience.
Provide examples of how employee opinion survey data has been used to improve the employee
experience.
Geen
Required Documentation
S.
If available, summary results of your most recent 12 months of
performance on appropriate quality and patient/resident safety
measures, with comparisons to available benchmarks. (Use
national benchmarks wherever available.)
T. If available, annualized summary results of the most recent 2
years of patient/resident experience data, with comparisons to
available benchmarks. (Use national benchmarks wherever
available.)
U. If available, annualized summary results of the most recent 3
years of employee experience data, with comparisons to
available benchmarks.
V. If available, summary results of the most recent physician
experience survey data, with comparisons to available
benchmarks. (Use national benchmarks wherever available.)
W. Data on organizational vacancy and turnover rates for the past
3 years.
Questions Requiring Response
1. Noem het instrument dat gebruikt wordt om elk van de volgende zaken te
meten en geef aan hoe vaak de gegevens daarover worden verzameld:
 Kwaliteit van zorg
 Cliëntveiligheid
 Cliëntervaring
 Ervaring van de medewerkers
2. Geef voorbeelden van hoe de data over kwaliteit van zorg en cliëntveiligheid
zijn gebruikt om de processen inzake kwaliteit en veiligheid binnen de
organisatie te verbeteren.
3. Geef voorbeelden van hoe de gegevens uit enquêtes en focusgroepen over de
cliëntervaring zijn gebruikt om de cliëntervaring te verbeteren.
4. Geef voorbeelden van hoe de gegevens uit enquêtes over de mening van de
medewerkers zijn gebruikt om de ervaring van de medewerkers te
verbeteren.
Bench uit focusgroepen: indicatief en in samenhang met contextinformatie te
hanteren:
XI.B:
De scores op de Planetree focusgroepen voor de eerste 8 componenten, de
effecttoets en de ambitie toets zijn:

Voor cliënten in een ziekenhuis minimaal 75% gemiddeld 8 of hoger en
nergens gemiddeld lager dan 7.

Voor medewerkers (inclusief (para)medisch specialisten en leiding) in
een ziekenhuis minimaal 75% gemiddeld 7,5 of hoger en nergens
gemiddeld lager dan 7.

Voor cliënten in een zorgcentrum, thuiszorg of gezondheidscentrum
minimaal 75% gemiddeld 8,5 of hoger en nergens gemiddeld lager dan 7.

Voor medewerkers (inclusief (para)medisch specialisten en leiding) in
een zorgcentrum, thuiszorg of gezondheidscentrum minimaal 75%
gemiddeld 8 of hoger en nergens gemiddeld lager dan 7.
De inhoudelijke uitspraken zijn consistent met en ondersteunen de scores.
5. What venues are used to publicly report performance data related to clinical quality?
6. What venues are used to publicly report performance data related to service excellence?
5. Hoe maakt u de prestatiegegevens over klinische -/zorgkwaliteit openbaar
Required Documentation
S. Voor zover aanwezig, beknopte resultaten van
uw metingen inzake kwaliteit en cliëntveiligheid
van de meest recente 12 maanden, met
vergelijkingen met beschikbare benchmarks.
(Gebruik voor zover aanwezig landelijke
benchmarks.)
T. Voor zover aanwezig, beknopte jaarresultaten
van de gegevens over cliëntervaring van de
meest recente 2 jaar, met vergelijkingen met
beschikbare benchmarks. (Gebruik voor zover
aanwezig landelijke benchmarks.)
U. Voor zover aanwezig, beknopte jaarresultaten
van de gegevens over de ervaring van
medewerkers van de afgelopen 3 jaar;
vergeleken met beschikbare benchmarks.
V. Voor zover aanwezig beknopte resultaten van de
meest recente gegevens uit enquêtes over de
ervaring van behandelaars; vergeleken met
beschikbare benchmarks. (Gebruik voor zover
aanwezig landelijke benchmarks.)
W. Gegevens over vacatures en verloop binnen de
organisatie van de afgelopen 3 jaar.
None.
Geen.
Questions Requiring Response
beschikbaar?
6. Hoe maakt u de prestatiegegevens over de kwaliteit van uw dienstverlening
(service excellence) openbaar beschikbaar?
XI.C:
Required Documentation
7.
What orchestrated methodology does your organization currently use to regularly gather meaningful
information from patients/residents, family members and employees about their experiences with
your organization? (An example is focus groups.)
8. If focus groups are regularly conducted with patients/residents, family members and employees:
o Are they facilitated by an independent vendor?
o When were they last completed? (Provide dates and number of patient/resident/family and the
dates and number of employee focus groups held.)
o How were the findings shared and with whom?
o Provide at least one example of how findings from the most recent patient/resident/family focus
group(s) were used to drive changes in the organization.
o Provide at least one example of how findings from the most recent employee focus group(s) have
been used to drive improvements in the workplace culture.
9. What orchestrated methodology does your organization currently use to regularly gather meaningful
information from physicians? (An example is focus groups.)
10. How have these findings been used to drive ongoing improvement efforts?
X.
A summary report on the findings of your most recent focus
groups with patients/residents, family members, staff and
physicians, or an equivalent.
7. Welke goed georganiseerde methode (naast die genoemd onder XIA vraag 1)
gebruikt uw organisatie op het moment om betekenisvolle informatie van
cliënten, naasten en medewerkers te verkrijgen over hun ervaringen met uw
organisatie? (Zoals bijvoorbeeld focusgroepen)?
8. Als er regelmatig focusgroepen worden georganiseerd met cliënten, naasten
en medewerkers:
 Worden ze geleid door een onafhankelijke gespreksleider?
 Wanneer zijn ze voor het laatst gehouden? (Geef data en aantal
focusgroepen die voor cliënten/naasten en medewerkers zijn gehouden.)
 Hoe worden de bevindingen gedeeld en met wie?
 Geef ten minste één voorbeeld van hoe de bevindingen van de meest
recente focusgroep(en) voor cliënten/naasten gebruikt zijn om
veranderingen door te voeren.
 Geef ten minste één voorbeeld van hoe de bevindingen van de meest
X. Een beknopt verslag van de bevindingen van uw
meest recente focusgroepen of equivalent met
cliënten, vrijwilligers, naasten, medewerkers (zorg,
ondersteunend en leiding) en behandelaars.
Questions Requiring Response
recente focusgroep(en) voor medewerkers gebruikt zijn om de
werkcultuur te verbeteren.
9. Welke goed georganiseerde methode gebruikt uw organisatie op het moment
om betekenisvolle informatie van behandelaars te verkrijgen over hun
ervaringen met uw organisatie? (Een voorbeeld is focusgroepen)
10. Hoe zijn deze bevindingen gebruikt om voortdurende verbeteringen door te
voeren?
XI.D:
11. What processes are implemented to solicit information from staff about your culture of safety?
12. When was your most recent safety culture survey and how was it conducted? When do you next
anticipate administering a safety culture survey?
13. How do you use the information obtained from staff to enhance safety?
14. Provide current available data on Hospital Acquired Conditions, Healthcare Associated Infections and
Surgical Complications.
15. Provide summary results of your most recent safety culture survey, if available.
Required Documentation
None.
11. Welke processen zijn doorgevoerd om informatie van de medewerkers te
Geen
verwerven inzake de veiligheidscultuur?
12. Wanneer is uw meest recente onderzoek inzake de veiligheidscultuur
gehouden en hoe was dat opgezet? Wanneer is het volgende onderzoek
gepland?
13. Hoe gebruikt u de informatie van de medewerkers om de veiligheid te
vergroten?
14. Geef recent beschikbare data inzake de formele veiligheidseisen die aan de
organisatie gesteld worden; zoals infecties en chirurgische complicaties,
doorliggen, incontinentie
15. Geef een overzicht van de uitkomsten van uw meest recente onderzoek inzake
de veiligheidscultuur.
XI.E:
16. How is performance improvement information communicated to staff? To patients/residents? To the
external community?
Y.
16. Hoe wordt informatie over performanceverbeteringen met de medewerkers
gecommuniceerd? En hoe met cliënten? En hoe met de maatschappij?
Y. Beleid/procedure om alle informatie over
performanceverbeteringen te delen met
stakeholders, inclusief minimaal feedback uit
Policy/Procedure for sharing multi-method performance
improvement information with all stakeholders, inclusive of, at
a minimum, focus group feedback, satisfaction surveys, and
quality outcomes.
Questions Requiring Response
Required Documentation
focusgroepen, tevredenheidsonderzoeken en
kwaliteitsonderzoek.
Download
Random flashcards
Create flashcards